CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB amendement A1 en mote M6

Raadsvergadering 28 oktober 2025, gemeente RhedenBij agendapunt: Raadsinformatiebrief voortgang sociale basis1.373 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF

Onderwerp

amendement A1 en Motie M6

Datum

27 mei 2025

Thema programmabegroting

Sociale basis

Portefeuillehouder

Gea Hofstede

Zaaknummer

Kennis te nemen van Graag informeren wij u over de uitvoering van amendement A1 en motie M6. Bij de behandeling van de Kadernota 2025 heeft uw raad besloten om het totaal van de autonome ontwikkelingen en ombuigingen vast te stellen. Zoals vastgelegd in het amendement “Gezamenlijk naar een solide toekomst” (A1), is de opdracht gegeven om de onderbouwing van de thema’s – waaronder de sociale basis – te herijken. In de begroting 2025 is vervolgens vastgesteld dat de structurele subsidies voor de sociale basis met 25% worden gekort en de incidentele subsidies worden beëindigd. Dit alles met het oog op een financieel gezonde toekomst. Tegelijkertijd gaf u met amendement A1 de richting mee: - Versterk de rol van organisaties, vrijwilligers en verenigingen; - Stimuleer samenwerking en samenhang; - Zorg dat de sociale basis ook met minder middelen overeind blijft. Onderdeel van dit amendement is het aangenomen amendement ‘Samenwerken aan een sterke sociale basis’ die wij in deze raadsinformatiebrief hebben betrokken. Hiernaast heeft u op 5 november 2024 tijdens de behandeling van de programmabegroting 2025 motie M6 ‘Dorpshuizen en tussenvoorzieningen nader bekeken’ aangenomen met een opdracht aan het college om de dorpshuizennota 2018 te toetsen aan de actuele stand van zaken.

De dorpshuizen zijn als laagdrempelige ontmoetings- en ontspanningsplek onlosmakelijk verbonden met, en onderdeel van de sociale basis. We behandelen daarom de motie M6 in samenhang met amendement A1 in deze raadsinformatiebrief.

Kernboodschap 1. Amendement A1 Sociale Basis – Herijking en aanpak Het proces augustus 2024-april 2025 Van augustus 2024 tot en met april 2025 hebben wij intensieve gesprekken gevoerd met inwoners, maatschappelijke partners en vrijwilligers. De opkomst was groot en de betrokkenheid hoog. Er is breed meegedacht over hoe we – ondanks de bezuinigingen – de sociale basis kunnen behouden en versterken. Het vertrekpunt van deze gesprekken was het financieel kader van de programmabegroting 2025, gecombineerd met het beleidsmatige kader uit het Koersdocument Sociaal Domein en de kennis van organisaties zelf. De criteria Op verzoek van de gesubsidieerde partners is in maart 2025 een eerste voorstel opgesteld voor een gedifferentieerde lijst met ombuigingen per organisatie. Deze lijst is opgesteld op basis van de volgende richtlijnen: - Inhoudelijk: focus op kwetsbare inwoners, jeugd en ouderen (Koersdocument sociaal domein); - Organisatorisch: kritisch kijken naar organisatievormen, samenwerking en spreiding (gesprekken met organisaties, overzicht van de gesubsidieerde partners en vastgesteld beleid); Financieel: de met de programmabegroting vastgestelde raadsopdracht met verlaging van 25% op het totaal aan subsidies; De lijst is gedeeld met onze gesprekspartners en is het startpunt om consequenties van ombuigingen voor de organisaties in beeld te brengen.

De uitkomsten hiervan leiden tot een voorstel om ombuigingen per organisatie te effectueren vanaf 2026. 1

RAADSINFORMATIEBRIEF

Vervolg proces We hebben een eerste stap gezet richting een toekomstbestendige sociale basis met het door uw gemeenteraad vastgestelde financieel kader en de opdracht uit amendement A1. Met de uitkomst van de gesprekken is er een richting om meer samenhang en verbinding te realiseren tussen partijen en activiteiten in de sociale basis. Een uitkomst is dat partijen elkaar meer hebben leren kennen en gebruik kunnen maken van elkaars vraag en aanbod in ruimte, mensen en middelen. Wij kiezen voor maatwerk per organisatie in plaats van een generieke maatregel omdat elke organisatie uniek is en andere middelen nodig heft om haar inzet te geven (mensen, middelen, ruimte). We zetten in op samenwerking, het delen van middelen (waaronder fondsenwerving), ruimte, mensen en het versterken van onderlinge relaties. Daarbij onderzoeken we ook of regelgeving vernieuwingen belemmert en passen we die waar mogelijk aan. We blijven de komende periode in gesprek, zowel per dorp als per organisatie. Zo werken we toe naar afspraken die bijdragen aan een sterke sociale basis en aan het behalen van de bezuinigingstaakstelling. We kijken hierbij naar de onderlinge relaties tussen organisaties en hoe keuzes in samenhang en samenwerking uitpakken en wat de consequenties van ombuigingen zijn voor de gesubsidieerde partners.

Het in beeld brengen van de consequenties van ombuigingen komt de komende periode aan de orde. Het uitgangspunt is en blijft een sociale basis in stand houden die gericht is op de kwaliteit van onze samenleving. Amendement ‘Samenwerken aan een sterke sociale basis Tijdens de behandeling van de programmabegroting 2025 is met het aangenomen amendement ‘Samenwerken aan een sterke sociale basis’ een budget van 200k gereserveerd voor de transformatie bij de maatschappelijke organisaties: 100k in 2025 en 100K in 2026. Dit budget zetten we in om organisaties, vrijwilligers en verenigingen die zich inzetten voor bestaanszekerheid, welzijn, cultuur en sport te versterken en om meer samenhang, samenwerking en focus in hun activiteiten te realiseren. Dit tijdelijke budget is bedoeld voor het vergroten van de maatschappelijk impact van de verenigingen en maatschappelijke organisaties om te zorgen dat: 1. Samenhang en samenwerking in de sociale basis wordt bevorderd; 2. Structurele kosten worden verlaagd; 3. Verenigingen en maatschappelijke organisaties meer en andere opbrengsten kunnen genereren met hun plannen.

We zetten met het oog op deze doelstellingen, een 'Innovatiefonds slimmer en goedkoper samenwerken in de sociale basis' op met de volgende uitgangspunten: • Verenigingen en maatschappelijke organisaties ontwikkelen ideeën in het licht van bovengenoemde doelstellingen en vragen daarvoor budget uit het fonds aan. • Bij een aanvraag moeten meerdere verenigingen en maatschappelijke organisaties betrokken zijn. • Een koppeling van welzijn aan sport & bewegen en/of welzijn aan culturele activiteiten moet onderdeel zijn van de aanvraag. • In een toekenning houden we rekening met een evenwichtige verdeling van het budget over de verschillende dorpen en kernen. • Benodigd budget voor het gebruik of instandhouding van activiteitenruimtes valt buiten de aanvraag. Deze uitgangspunten werken we uit in een praktisch reglement met input uit de gesprekken in dorpen en met organisaties. We bespreken daar ook hoe we de bekendheid van het fonds kunnen vergroten en op welke wijze we objectief tot een beoordeling van de aanvraag kunnen komen.

2. Motie M6 – Dorpshuizen en tussenvoorzieningen Op 5 november 2024 heeft uw raad motie M6 aangenomen, waarin opdracht is gegeven te toetsen of de Dorpshuizennota uit 2018 geactualiseerd dient te worden. Deze nota is gebaseerd op het uitgangspunt dat er tien dorpshuizen in onze gemeente gesubsidieerd worden, waarbij subsidie wordt verstrekt op basis van de kosten om de deur open te doen (vastgoed en servicekosten). De subsidie is dus niet gericht op de activiteiten zijn geen formeel criterium, maar ontmoeting en toegankelijkheid vormen de kern van de dorpshuizen. De dorpshuizen zijn immers een onlosmakelijk deel van de sociale basis zoals u ook in Amendement A1 aangeeft. 2

RAADSINFORMATIEBRIEF

Motie M6 vraagt om: - Heldere, meetbare criteria voor subsidieverlening; - Verduidelijking van verwachtingen ten aanzien van inzet en doelgroepen; - Een analyse in samenspraak met dorpshuizen en tussenvoorzieningen. We onderschrijven de noodzaak tot actualisatie van het beleid, zeker als keuzes leiden tot het aanpassen van uitgangspunten uit de dorpshuizennota, zoals het aantal dorpshuizen en het inzetten van subsidie om de deur open te doen ten behoeve van ontmoeting en ontspanning. Indien keuzes gemaakt worden, dan kan actualisering op verschillende manieren: een geactualiseerde dorpshuizennota, een geactualiseerde subsidieregeling en/of een nota maatschappelijk vastgoed. Aan gepaste criteria en voorwaarden worden uiteindelijk opgesteld op basis van het Koersdocument sociaal domein en onze financiële polsstok. Gezien de complexiteit van de voorzieningen (verschillende vormen van vastgoed en verschillende inzet per dorpshuis) en de recente participatietrajecten en de nog voort te zetten gesprekken met subsidiepartners, stellen wij een gefaseerde aanpak voor: - Fase 1 (2025): Verkenning met vertegenwoordigers van dorpshuizen en tussenvoorzieningen, gericht op actualisatie van definities, inzicht in verschillen en effecten van mogelijke bezuinigingen. - Fase 2 (eerste helft 2026): Ontwikkeling van beleidsvoorstellen met meetbare subsidiekaders en verwachtingen per dorpskern.

- Fase 3 (tweede helft 2026): Aanbieden van de geactualiseerde nota aan uw raad, inclusief financiële en sociale impactanalyse. Deze aanpak waarborgt zorgvuldigheid, participatie en uitvoerbaarheid.

Vervolg We zijn hoopvol gestemd. Er zijn al veel waardevolle gesprekken gevoerd en goede initiatieven ontstaan voor verbinding en samenhang. Tegelijkertijd blijven we alert op de risico’s van stapeling van ombuigingen. We blijven in gesprek met partners en inwoners om te komen tot een toekomstbestendige sociale basis die recht doet aan de kracht van onze samenleving en om maximaal draagvlak te bereiken.

Bijlagen 1. 2.

Bijlage 1 amendement A1 Bijlage 2 Motie M6

Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Rheden,

Carol van Eert, burgemeester

Bart Drewes, gemeentesecretaris

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=e4ebd866-1e65-48b6-a0bd-9b79099be867