CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Watertakenplan Olburgen 2023-2027 (versie Rheden) (22.93)

Raadsvergadering 20 december 2022, gemeente RhedenBij agendapunt: Watertakenplan Olburgen 2023-2027 (22.93)3.248 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

22.93

Raadsvoorstel portefeuillehouder

begrotingsprogramma

draagt bij aan Global Goal(s)

T.A.F.A. Klomberg

Leefomgeving

6 en 13

b en w-vergadering

agendapunt

bijlage(n) ter inzage

18 oktober 2022

13

1 Watertakenplan Olburgen 2023-2027 (versie Rheden) 2 Bouwsteen WTPO visie 3 Bouwsteen WTPO regels

rol raad

soort document

Ter kennisneming en besluitvorming

Raadsvoorstel en -besluit

voorbereidende vergadering

Agendapunt

6 december 2022 raadsvergadering

Agendapunt

20 december 2022 onderwerp

Watertakenplan Olburgen 2023-2027 (versie Rheden). INHOUD VOORSTEL 1 Vaststellen van het Watertakenplan Olburgen 2023-2027 (versie Rheden), ‘variant 1’ ten behoeve van het programma en kostendekkingsplan; 2 kennisnemen van de bouwstenen ‘visie en regels’ van het Watertakenplan Olburgen 2023-2027 (versie Rheden), welke na inwerkingtreding van de Omgevingswet kunnen worden opgenomen in de omgevingsvisie en het omgevingsplan; 3 onder de ontbindende voorwaarde van inwerkingtreding van de Omgevingswet de looptijd van het vigerende Watertakenplan Olburgen 2018-2022 maximaal tot 31 december 2027 te verlengen voor die onderdelen die: a niet zijn opgenomen in het WTPO 2023-2027; b niet strijdig zijn met het WTPO 2023-2027; en c niet strijdig zijn met gemeentelijke verordeningen op het gebied van waterbeheer, die na 1 januari 2018 zijn vastgesteld. Zolang de Omgevingswet nog niet in werking is getreden, wordt met het nieuwe WTPO 2023-2027 grotendeels voldaan -echter niet volledig- aan de GRP-planverplichting uit de Wet milieubeheer, zoals toegelicht in dit voorstel onder punt 7. risico’s (blz. 5) en in het WTPO hoofdstuk ‘Opzet’ (blz. 4, gevoegd in de bijlage). 1 Waartoe is het voorstel gedaan? Het hebben van een actueel gemeentelijk rioleringsplan (GRP)/Watertakenplan (WTPO) is een wettelijke verplichting op grond van de Wet milieubeheer (Wm).

2 Wat is de aanleiding? Het huidige Watertakenplan Olburgen en de daaraan gekoppelde kosten hebben een looptijd tot en met 2022, waardoor actualisatie nodig is. Tussentijds bent u als raad door middel van de ‘Startnotitie actualisatie Watertakenplan 2023-2027’ (raadsvergadering 31 mei 2022) geïnformeerd en betrokken. Hierbij heeft u aandachtpunten meegegeven voor het verdere proces die zijn verwerkt in dit plan.

pagina

1

ons kenmerk

22.93V

22.93

3 Wat is het bestaand beleid c.q. kader? In een GRP geeft een gemeente aan hoe ze op korte en lange termijn invulling geeft aan de gemeentelijke zorgplichten rond (afval)water. De Wet milieubeheer en de Waterwet verplichten waterschap en gemeenten af te stemmen over de uitwerking van dit plan. Het landelijke beleid wordt met name gevormd door de Wet milieubeheer en de Waterwet. Een ander belangrijk wettelijk kader is de Gemeentewet, op basis waarvan de kosten van het rioolbeheer aan inwoners worden doorbelast, in de vorm van de rioolheffing. De wettelijke verplichting op grond van de Wet milieubeheer geldt tot aan de invoering van de Omgevingswet. Wanneer de Omgevingswet (naar verwachting 1 juli 2023) in werking treedt, worden vele wetten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zoals de Wet milieubeheer en de Waterwet, geïntegreerd. Dit houdt in dat de wettelijke planverplichting van het GRP komt te vervallen en niet terugkomt als verplicht programma. Artikel 3.14 van de Omgevingswet geeft de gemeente echter wel de mogelijkheid een (onverplicht) gemeentelijk rioleringsprogramma vast te stellen. De verwachting is dat veel gemeenten een rioleringprogramma opstellen, aangezien dit de onderbouwing is van de rioolheffing.

4 Wat willen wij bereiken? Met het WTPO geven wij invulling aan: - de gemeentelijke zorgplicht (Wet milieubeheer en Waterwet) op gebied van hemelwater, grondwater en afvoer van afvalwater; - klimaatadaptatie op gebied van wateroverlast, hitte en biodiversiteit (meekoppelkansen); - praktische uitvoering aan de samenwerking met onze waterpartners in de gehele waterketen. Deze samenwerking is cruciaal aangezien de gevolgen van klimaatverandering niet ophouden bij de gemeentegrens. En omdat effectieve oplossingen vragen om input vanuit zowel riolering, inrichting en beheer van de openbare ruimte. Ten aanzien van bovengenoemde en het Coalitieakkoord ‘Groener, socialer, dichterbij’ (2022-2026) geeft variant 1 invulling aan de daarin geformuleerde doelstellingen en ambities. Variant 1 geeft -naast de zorgplichten- volledige invulling aan de doelstelling om het risico op wateroverlast te beperken, in combinatie met de opgaven hitte- en droogtestress, biodiversiteit en duurzaamheid. De nu bekende wateroverlastlocaties zijn in deze variant opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Daarnaast is gekozen voor minder risico ten aanzien van lekkages en instorten van de riolering.

Door het hanteren van een kortere afschrijvingstermijn en noodzakelijke vervanging/renovatie van de riolering, wordt vervuiling van bodem/grondwater beperkt, kapitaalvernietiging voorkomen en wordt een veilige leefomgeving gewaarborgd.

pagina

2

ons kenmerk

22.93V

22.93

Hoe variant 1 zich verhoudt tot de huidige situatie (variant 3) is in onderstaande tabel weergegeven: Maatregel

Voldoen aan de noodzakelijke 3 km vervanging/ renovatie van het rioolstelsel In de projecten waar de riolering wordt vervangen of gerenoveerd, worden klimaatadaptieve maatregelen genomen (gescheiden stelsel, minder verharding en meer groen, afkoppelen, toename biodiversiteit e.d.) De nu bekende wateroverlastlocaties worden aangepakt (projecten) zoals weergegeven in het Systeem Stedelijk Water (SSW).

Variant 1

Ambitie Variant 2

Ja, 4 km vervanging/ renovatie Ja

Ja, 3,25 km vervanging/ renovatie Beperkt

Ja, binnen een termijn van 6 jaar

Ja, binnen een termijn van 8 jaar

Variant 3 Huidig Nee, 2,5 km vervanging/ renovatie Vrijwel niet

Nee

In de tabel is een tussenvariant 2 opgenomen waarin een invulling gegeven kan worden aan de noodzakelijke vervanging/renovatie van 3 km riool. Deze variant geeft daarentegen slechts beperkt invulling aan de opgave om de risico’s en de gevolgen met betrekking tot klimaatverandering aan te pakken. Hiermee wordt niet tegemoetgekomen aan de doelstellingen uit het coalitieakkoord. Zie ook de nadere uitleg hierover onder punt 6. Ten aanzien van Global Goals: 6. Schoon drinkwater en goede voorzieningen: toegang tot duurzaam beheer van water en sanitatie voor iedereen. 13. Klimaatverandering aanpakken: integrale aanpak van de fysieke leefomgeving (openbare ruimte) om deze toekomstbestendig en aantrekkelijk inrichten. Dit om de gevolgen van klimaatverandering tegen te gaan (wateroverlast, hitte, droogte en biodiversiteit). 5 Wat gaan wij ervoor doen? WTPO als bouwstenen Omgevingswet De stijl van dit WTPO 2023-2027 is anders dan van een regulier WTPO. Het is een werkdocument, waarvan teksten/bouwstenen (later) verwerkt kunnen worden in de gemeente brede Omgevingsvisie en het omgevingsplan, afgestemd op de Omgevingswet. In het proces is afstemming geweest met het team van de omgevingsvisie en -plan. In samenwerking met het Waterteam Olburgen is onderstaande opzet gehanteerd (startnotitie actualisatie WTPO (22.15), raadsvergadering d.d.

31-05-2022): 1 visie: bouwsteen ter verwerking in de gemeentelijke Omgevingsvisie; Integrale afwegingen, inspraak conform de verordening en vaststelling door de raad worden omvat in het gemeente-brede proces van de omgevingsvisie. 2 regels/plan: bouwsteen ter verwerking in de Omgevingsplannen; Integrale afwegingen, inspraak conform de verordening en vaststelling door de Raad worden omvat in het gemeente-brede proces van het omgevingsplan. 3 programma riolering en water voor de periode vanaf 2023 en het kostendekkingsplan voor de delen die uit de rioolheffing worden betaald. Het kostendekkingsplan is een apart document en bepaalt tezamen met het programma de benodigde rioolheffing. Besluitvorming over de bouwstenen vindt, zoals aangegeven, plaats na inwerkingtreding van de Omgevingswet en in afstemming met het team van de omgevingsvisie en -plan. De input wordt meegenomen als bouwsteen bij het opstellen van de omgevingsvisie en plannen. Gelet op deze aanpak is het WPTO 2023-2027 niet in de inspraak gebracht. pagina

3

ons kenmerk

22.93V

22.93

Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DRPA) Op landelijk niveau is er het Deltaprogramma waarin de rijksoverheid inzet op bescherming tegen overstromingen, voorbereiding op de extremen van het weer en beschikbaarheid van voldoende zoetwater. Onderdeel van het jaarlijkse Deltaprogramma is het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA). Hierin staat hoe gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk het proces van ruimtelijke adaptatie willen versnellen en intensiveren. Daarvoor zijn zeven ambities in dit deltaplan opgenomen, zie afbeelding. Het deltaplan geeft aan welke doelen de partijen nastreven, hoe ze daaraan gaan werken en hoe ze de resultaten in beeld brengen. Bij het deltaplan hoort een actieplan met concrete acties en maatregelen. De overheden werken met elkaar samen in 45 werkregio’s. In het WTPO is aangegeven hoe wij omgaan met klimaatadaptie; zowel voor wateroverlast als hitte, droogte en biodiversiteit. Om het proces te versnellen en intensiveren zijn maatregelen opgenomen in het programma en het kostendekkingsplan. Hierbij wordt geadviseerd om variant 1 vast te stellen. De mate waarin de versnelling en intensivering mogelijk en haalbaar is, is mede afhankelijk van de ambitie. Dit wordt onder punt 6. ‘Financiele consequenties’ in verschillende varianten nader toegelicht.

Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021-2027 Het doel van deze tijdelijke regeling (Staatscourant nr. 53322, 19 oktober 2020) is door middel van het verstrekken van specifieke uitkeringen, decentrale overheden in staat te stellen tot het versneld uitvoeren van kosteneffectieve maatregelen en voorzieningen die bijdragen aan het voorkomen of beperken van wateroverlast of het beperken van de gevolgen van droogte of overstromingen in hun werkregio. Gemeente Rheden werkt samen met de gemeenten Arnhem en Rozendaal, de waterschappen Rijn en IJssel en Rivierenland en de provincie Gelderland in de werkregio Veluwezoom. De ambities en maatregelen zoals opgenomen in het WTPO programma zijn: • aanpak water(overlast)opgave (investeringen), bijvoorbeeld het uitvoeren van maatregelen om het risico op schade in geval van water op straat situaties te verminderen; • uitvoeren van vervangings- en renovatiemaatregelen (regulier beheer en onderhoud); • afkoppelen, door aanleg van gescheiden stelsels wordt vuil water van hemelwater gescheiden. • uitvoeren van klimaatadaptieve maatregelen, inclusief meekoppelkansen benutten (groen, biodiversiteit en hitte) en; • blijvend inzetten op communicatie, bewustwording en samenwerking; Voor de volledige teksten van het WTPO en de bouwstenen visie en regels, wordt verwezen naar de bijlage.

pagina

4

ons kenmerk

22.93V

22.93

6 Wat zijn de financiële consequenties? In het WTPO 2023-2027 programma en kostendekkingsplan is onder andere gekeken naar het hanteren van een kortere afschrijvingstermijn van de riolering en/of het hanteren van verschillende afschrijvingstermijnen van onderdelen binnen de riolering, bijvoorbeeld voor klimaatadaptieve maatregelen. Aangezien de ambitie vanuit het WTPO een stijging in de rioolheffing met zich meebrengt (vanaf 2024) zijn er twee varianten uitgewerkt los van de huidige situatie (variant 3). Zie hiervoor onderstaande tabel: Maatregel

Ja

Ambitie Variant Variant 3 - Huidig 2 Ja Nee, blijft 80 jaar

5,66%

4,81%

3,49%

Ja

Ja

Wordt aan gewerkt (2022)

Variant 1 Afschrijvingstermijn bijstellen van 80 naar 60 jaar Rioolheffingstijging (gem. per jaar/ per inwoner) Aanvullend capaciteit (FTE)

Aanvulling op tabellen onder punt 4 en 6 Klimaatadaptieve maatregelen In de huidige ambitie (variant 3) kunnen klimaatadaptieve maatregelen in projecten meegenomen worden wanneer het ontwerpkeuzes in het proces betreffen en de uitvoeringskosten (nagenoeg) gelijk zijn. Ontwerpkeuzes in het proces zijn bijvoorbeeld trottoirband-openingen om hemelwater oppervlakkig af te wateren in de berm, uitvoeren van een ‘hol’-profiel (V-profilering) van de rijweg in plaats van traditioneel ‘tonrond’ (tijdelijke waterberging tussen de banden) of inritten niet in elementverharding ‘dichtstraten’ maar grasbetonstenen toepassen. In variant 1 en 2 zijn meer mogelijkheden om robuustere/technische maatregelen te realiseren (zoals aanleg gescheiden stelsel of infiltratieriool) aangezien (meer) financiële middelen zijn opgenomen. Daarnaast is er een verschil in de aan te pakken wateroverlastlocaties. Variant 1 is het meest optimaal om adaptatiemaatregelen versneld uit te voeren, al geplande maatregelen uit te breiden met een adaptatiecomponent of nieuwe adaptatiemaatregelen op te pakken. Daarnaast zijn alle nu bekende wateroverlastlocaties opgenomen in het programma, terwijl variant 2 minder locaties bevat. Rioolheffing Ten aanzien van de rioolheffing stijging is Rheden niet uniek: de stijging heeft naast klimaatmaatregelen als oorzaak de stijging van alle kosten zoals grondstoffen, lonen en energie.

Daarbij valt te vermelden dat ook bij de gemeente Bronckhorst en Doesburg de rioolheffing zal stijgen, waarbij klimaatmaatregelen mede oorzaak zijn. Omdat wateroverlast en verdroging steeds meer maatregelen vragen in de publieke ruimte, heeft de VNG de nieuwe ‘Modelverordening Riool- en Waterzorgheffing uitgebracht. Meer percelen worden in de heffing betrokken, want van de maatregelen in de publieke ruimte heeft iedereen profijt. Bijvoorbeeld cultuurgronden en natuurterreinen dragen nu veelal nog niet bij in de kosten van de gemeentelijke watertaken. De modelverordening kent een differentiatie in de tariefstelling om rekening te houden met de verschillen tussen percelen. De Modelverordening Riool- en Waterzorgheffing vervangt de oude Modelverordening Rioolheffing (tevens benoemd in de startnotitie actualisatie WTPO (22.15), raadsvergadering d.d. 31 mei 2022). Ten aanzien van de vervanging van de modelverordening ‘Rioolheffing’ naar Modelverordening ‘Riool- en Waterzorgheffing’, wordt voorgesteld deze te implementeren in 2024, zodat in 2023 een zorgvuldige communicatie en belangenafweging plaats kan vinden naar nieuwe belastingplichtigen. pagina

5

ons kenmerk

22.93V

22.93

Voorstel vanuit college: variant 1 Bij het vaststellen van variant 1 investeren wij in de planperiode 2023-2027: Investering Rioolvervanging Projecten voortkomend uit SSW Overige projecten o.a. steenbreek

Bedrag € 34.000.000,00 € 15.000.000,00 € 2.200.000,00

Afschrijvingstermijn 60 jaar 15, 30 en 60 jaar 15 jaar

In de planperiode 2023-2027 wordt geïnvesteerd in vernieuwing van de infrastructuur (vervanging en renovaties), het aanpakken van wateroverlastrisico’s, verbeteren van functioneren en het duurzaam en klimaatbestendig maken van de afvalwaterketen. De details van het investeringsprogramma zijn opgenomen in het Systeemoverzicht Stedelijk Water (wateroverlastlocaties), de projectenlijst en het kostendekkingsplan. Voor alle 3 de varianten geldt dat wij een 100% kostendekking hanteren, de lastendruk voor inwoners zoveel mogelijk beperken en uitbreiding van capaciteit benodigd is. Ook is in de berekeningen meegenomen dat de voorziening in 10 jaar volledig wordt benut. 7 Wat zijn de risico’s? Uitstel inwerkingtreding omgevingswet Nu de Omgevingswet weer is uitgesteld (naar verwachting 1 juli 2023), geldt nog steeds de wettelijke planverplichting op grond van de Wet milieubeheer (Wm). De planperiode van het vigerende WTPO loopt af per 1 januari 2023. Het WTPO 2023-2027 is opgezet met oog op de Omgevingswet, waardoor gewerkt is aan de bouwstenen ‘visie en regels’ (werkdocumenten). Gemeenten en waterschap houden de zorgtaken voor water, riolering en zuivering. Beleid en plannen blijven nodig, maar hoeven onder de omgevingswet niet meer apart vastgesteld te worden. Dit wordt onderdeel van de ‘nieuwe documenten’ van de Omgevingswet.

Voor gemeenten zijn dat de omgevingsvisie, het omgevingsplan en de programma’s. Wanneer het nieuwe WTPO 2023-2027 wordt vastgesteld, dan missen wij een paar onderdelen. Dit omdat niet alle verplichte onderdelen van de huidige wetgeving -zoals in een conventioneel GRP- zijn opgenomen. Dit betreft bijvoorbeeld overzicht voorzieningen, vervangingsjaren, maar dus ook beleid (visie) en plannen (regels). Derhalve wordt voorgesteld om in dat geval de looptijd van het vigerende WPTO 2018-2022 te verlengen tot het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet. Als de wet naar verwachting op 1 juli 2023 van kracht is, dan treedt de ontbindende voorwaarde van het verlengingsbesluit in en is het nieuwe WPTO van kracht. De onderdelen programma en het kostendekkingsplan worden wel opnieuw vastgesteld, aangezien de planperiode en de gekoppelde kosten hiervoor eind 2022 aflopen. Deze onderdelen vallen niet onder de verlenging van het vigerende WTPO 2018-2022. Voor verdere toelichting wordt verwezen naar de bijlage, WTPO 2023-2027, hoofdstuk ‘Opzet’ (blz. 4). Klimaatadaptieve maatregelen Klimaatadaptieve maatregelen beperken de gevolgen van de weersextremen, zoals wateroverlast of hittestress.

Bij hittestress leveren maatregelen zoals het verminderen van verharding, meer groen & schaduw en een andere toepassing van materialen (zowel in kleur als in samenstelling) een bijdrage aan verminderen van opwarming van de leefomgeving en daarmee het risico op hittestress. Een voorbeeld is wanneer asfalt vervangen wordt naar elementverharding. Op warme dagen kan de gevoelstemperatuur door (veel) steen en asfalt op sommige plekken erg hoog worden. De temperatuur van asfalt kan op warme dagen de vijftig graden passeren.

pagina

6

ons kenmerk

22.93V

22.93

Dit komt door de zwarte kleur van de bitumen in het asfalt die zonlicht absorberen. Wanneer asfalt wordt vervangen naar elementverharding vindt er door de lichtere kleur minder opwarming en afgifte van warmte plaats (reflectie van zonlicht). Daarnaast kan hemelwater direct in de bodem zakken door de aanwezigheid van voegen tussen de stenen. Dit beperkt het risico op droogtestress en draagt bij aan een vitale(re) bodem. Wanneer klimaatadaptieve maatregelen beperkter (variant 2) of vrijwel niet (variant 3) worden toegepast, is het risico op wateroverlast, droogte- en/of hittestress groter. Hittestress heeft vervolgens een negatieve invloed op de volksgezondheid. De wateroverlastlocaties (SSW) worden bij variant 3 nauwelijks tot niet aangepakt. Bij variant 2 is dit beperkt, omdat vaker de afweging gemaakt moet worden wat waar wel of niet kan en in welke gradatie (maatwerk). Gevolg is een hoger risico op schades bij extreme weersomstandigheden. Definiëring ‘hinder, overlast en schade’ is toegelicht in het WTPO-programma, zie hiervoor de bijlage. Capaciteit Bij varianten 1 en 2 is aanvullende capaciteit (1,5 fte of 0,5fte) benodigd ten opzichte van de huidige situatie. Daarnaast staan in de huidige situatie ook nog een aantal vacatures open, dit vanwege de krapte op de arbiedsmark aan uitvoerend personeel.

Wanneer geen uitbreiding van capaciteit wordt behaald, stagneren projecten en moeten toekomstige projecten worden uitgesteld. Onvoorziene omstandigheden In algemene zin kan worden gesteld dat bij realisatietrajecten (op onderdelen) ongepland versnelling of verdieping nodig is en projecten langer kunnen duren dan dat wij nu inschatten. Dat vraagt om het herzien van prioriteiten of het opschalen van capaciteit. Daarmee samenhangend kunnen doelstellingen/ambities mogelijk niet behaald worden als hiervoor geen middelen vanuit de gemeentelijke organisatie beschikbaar zijn. Andere mogelijke factoren kunnen zijn participatie, bezuinigingen, onvoorziene omstandigheden, krapte op de arbeidsmarkt en/of veranderende wetgeving of beleidskaders kunnen leiden tot bijstelling van de ambities en/of de maatregelen. Financiële risico’s Bij elke begrotingsopstelling wordt de rekenrente berekend. Deze rekenrente wordt o.a. gebruikt voor de bepaling van het onderdeel rentelasten van de totale kapitaallasten voor de kredieten. Jaarlijks kan deze rekenrente fluctueren. Dit is mede afhankelijk van de investeringen en de financiering die de gemeente gaat doen in de toekomst. Bij een stijging van deze rekenrente zullen de kapitaallasten ook stijgen en zullen er meer kosten doorberekend gaan worden aan de rioolheffing, omdat deze kostendekkend moet zijn.

Kleine stijgingen van de rekenrente kunnen opgevangen worden door de aanwezige reserve riolering. Bij grote stijgingen kan het zijn dat deze reserve niet toereikend is en waardoor de mogelijkheid bestaat dat de rioolheffing zal gaan stijgen. 8 Wat is het draagvlak voor dit voorstel? De gemeente heeft een aantal watertaken (zorgplichten). Hoe de gemeente deze taken uitvoert of denkt uit te voeren staat in het WTPO, wat een wettelijke planverplichting betreft (tot aan de invoering van de omgevingswet). Het WTPO is geactualiseerd in samenwerking met andere partners in de waterketen, namelijk met gemeente Bronckhorst, Doesburg en Waterschap Rijn en IJssel (Waterteam Olburgen), evenals het vigerende WTPO. In de totstandkoming van het WTPO is gewerkt met een kern- en adviesgroep met daarin ambtenaren uit de verschillende deelnemende organisaties, vanuit verschillende vakinhoudelijke disciplines. Daarnaast is gedurende het proces twee maal een stuurgroep bijeen geweest, bestaande uit alle bestuurders van de deelnemende partners.

pagina

7

ons kenmerk

22.93V

22.93

9 Hoe en met wie wordt er gecommuniceerd? Over de maatregelen volgend uit dit plan wordt in de ontwerp- en uitvoeringsfase gecommuniceerd met de betreffende stakeholders (bijvoorbeeld inwoners, ondernemers, woningcoorperaties, (belangen)vereningingen). Daarnaast wordt zo veel mogelijk aangesloten op de communicatiestrategie- en activiteiten van de Rhedense Klimaataanpak en beleidsplannen. De actualisatie van het WTPO wordt door middel van een (gezamenlijk) persbericht gecommuniceerd. 10 Wordt er een evaluatie uitgevoerd? Twee keer per jaar wordt de raad geïnformeerd over stand van zaken van de grote projecten d.m.v. factsheets, waaronder die van het WTPO. De voortgang van de uitvoering van de gezamenlijke maatregelen uit het watertakenplan worden besproken in het Afvalwaterteam Olburgen. Het Afvalwaterteam neemt dit op in haar jaarplannen en rapporteert hierover jaarlijks aan de deelnemende waterpartners. Velp, 18 oktober 2022 Burgemeester en wethouders van Rheden, Carol van Eert, burgemeester. Nadja Renkema, secretaris.

pagina

8

ons kenmerk

22.93V

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=409ab436-dc86-4d20-aeeb-4c0c4ca45157