CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel In stelling voor de nieuwe Jeugdwet (21.75)

Raadsvergadering 14 december 2021, gemeente RhedenBij agendapunt: Rapport Rekenkamercommissie ‘In stelling voor de nieuwe jeugdwet’ (21.75)1.125 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

21.75

Raadsvoorstel portefeuillehouder

begrotingsprogramma

2 Welzijn griffievoorstel

bijlage(n) ter inzage

19 november 2021

2

rol raad

soort document

Ter besluitvorming

Raadsvoorstel en -besluit

informatieavond

agendapunt

30 november 2021 raadsvergadering

agendapunt

14 december 2021 onderwerp

In stelling voor de nieuwe Jeugdwet.

INHOUD VOORSTEL De aanbevelingen in het rapport ‘In stelling voor de nieuwe Jeugdwet’ overnemen. 1 Waartoe is het voorstel gedaan? Naar aanleiding van evaluaties, vijf jaar na invoering van de Jeugdwet, constateert het Kabinet dat aanpassingen van het jeugdstelsel nodig zijn om te kunnen borgen dat weinig voorkomende, specialistische zorg voor jeugdigen snel kan worden ingezet en beschikbaar blijft. Zorg die door zorgaanbieders op regionale en bovenregionale schaal wordt aangeboden. Daarvoor is het volgens het Kabinet noodzakelijk dat gemeenten samenwerken en hun gezamenlijk opdrachtgeverschap versterken voor de organisatie van de specialistische jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering (zorg voor jeugdigen). Hiertoe is het conceptwetsvoorstel Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen opgesteld, die delen van de Jeugdwet wijzigt. Het is niet zeker wanneer het conceptwetsvoorstel bij de Kamer wordt ingediend. Het kabinet wil dat de wetswijziging begin 2023 in werking treedt. 2 Wat is de aanleiding? Hoewel de inwerkingtreding van de wet nog ver weg lijkt, geeft het gemeenten, en specifiek gemeenteraden, juist nu nog voldoende tijd om zich hierop voor te bereiden en de raad de mogelijkheid te bieden in de kaderstelling een proactieve rol te vervullen. Met name in relatie tot de regionale en bovenregionale samenwerking.

Zeker ook omdat Jeugdzorg, zo is in het verleden gebleken, een thema is met een grote maatschappelijke en financiële impact. Daarnaast wordt dit onderdeel inclusief de totstandkoming van regiovisies al opgepakt in VNG verband. Vanuit dit perspectief heeft de Rekenkamercommissie besloten om onderzoek te doen naar de wijze waarop de gemeenteraad van Rheden kan anticiperen op de komst van de Wet zorg voor jeugd voor wat betreft het eerste doel: Het verstevigen van haar opdrachtgeverschap voor de organisatie van de specialistische jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering door regionale samenwerking. Dit is een atypisch onderzoek. Terwijl de meeste onderzoeken van Rekenkamercommissies in den lande terugblikken op het gevoerde beleid, heeft de Rekenkamercommissie van Rheden er in dit onderzoek voor gekozen om vooruit te blikken op de komst van de nieuwe wet. Met als doel om vooraf een advies mee te geven aan de gemeenteraad. pagina

1

ons kenmerk

21.75V

21.75

3 Wat is het bestaand beleid c.q. kader? Conceptwetsvoorstel Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen. 4 Wat willen wij bereiken? Het doel van dit onderzoek is tweeledig namelijk om de gemeenteraad inzicht te geven: • In de consequenties die de nieuwe wet voor de gemeente Rheden heeft op het gebied van (boven)regionale samenwerking in de jeugdzorg. • Op welke wijze de gemeenteraad zich hierop kan voorbereiden en daarmee ten aanzien van dit thema een proactieve rol in de kaderstelling kan oppakken. De centrale vraag die de commissie zich heeft gesteld is: Hoe kan de gemeenteraad van Rheden doelmatig en doeltreffend anticiperen op de wijzigingen in de regionale en bovenregionale samenwerking als benoemd in het wetsvoorstel ‘Zorg voor jeugd’? De centrale onderzoeksvraag is uitgewerkt in de volgende deelvragen.

1 Wat zijn de hoofdlijnen van het wetsvoorstel ‘Verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen’? 2 Wat zijn de implicaties voor de gemeente in algemene zin en specifiek in relatie tot regionale en bovenregionale samenwerking? 3 Op welke wijze kan de gemeenteraad hierop doelmatig en doeltreffend anticiperen? 5 Wat gaan wij ervoor doen? Naar aanleiding van het uitgevoerde onderzoek worden door de Rekenkamercommissie de volgende conclusies getrokken: 1 In het conceptwetsvoorstel legt het Kabinet op het gebied van (boven)regionale samenwerking een tweetal verplichtingen op aan gemeenten: de verplichting tot het opstellen van een regiovisie en de verplichting tot regionale inkoop en verantwoording. 2 De gemeenteraad en het college hebben momenteel nog onvoldoende zicht op de mogelijkheden om op het conceptwetsvoorstel te anticiperen. 3 De betrokkenheid van de gemeenteraad van Rheden bij de totstandkoming van de regionale visie is vooralsnog beperkt tot informeren, terwijl de deelnemers aan de werkbijeenkomst (raadsleden en raadsvolgers) aangeven bij het hele traject betrokken te willen worden. Inmiddels bestaat het voornemen om in het najaar een digitale bijeenkomst voor de gemeenteraad te organiseren. Het is nog niet duidelijk welk niveau van participatie (informeren of meer) hierbij wordt nagestreefd.

4 Ten aanzien van de MGR Sociaal Domein heeft de gemeenteraad diverse instrumenten in handen om zijn controlerende rol op te pakken. Deze mogelijkheden worden bij de inwerkingtreding van de nieuwe wet Gemeenschappelijke regeling alleen maar groter. Tijdens het onderzoek hebben wij niet kunnen vaststellen dat de gemeenteraad intensief en actief gebruikmaakt van de mogelijkheden die hij heeft om die afstand te verkleinen. 5 Er ligt nog een onbenutte kans voor zowel de gemeenteraad als het college om samen zowel lokaal als regionaal op te trekken om kwalitatief betere inkoop van zorg te kunnen garanderen (proces) wat uiteindelijk gaat leiden tot het leveren van juiste en betere zorg aan de (toekomstige) jeugdigen.

pagina

2

ons kenmerk

21.75V

21.75

Op basis van deze conclusies doet de Rekenkamercommissie een aantal aanbevelingen aan zowel de gemeenteraad/college van burgemeester en wethouders als specifiek aan de gemeenteraad: 1 Gemeenteraad/college: a Verdiep u als gemeenteraad en het college in het nieuwe conceptwetsvoorstel en in de mogelijkheden om vanuit ieders rollen hierop te anticiperen. b Houd elkaar scherp op elkaars rollen, lokaal maar ook in regionaal verband 2 Gemeenteraad: a Geef en vraag duidelijkheid aan het college over uw betrokkenheid bij de visievorming. b Versterk uw controlerende rol ten aanzien van de MGR Sociaal Domein. c Houd uw vinger aan de pols over voortgang van de regiovisie en de uitvoering aan het beleidsplan Jeugd inclusief regiovisie. Voor een nadere onderbouwing van deze aanbevelingen wordt verwezen naar paragraaf 3.2 van het onderzoeksrapport. 6 Wat gaat het kosten? Geen. 7 Wat zijn de risico’s? Niet van toepassing. 8 Wat is het draagvlak voor dit voorstel? Het onderzoeksrapport is voor bestuurlijk wederhoor voorgelegd aan het college van burgemeester en wethouders. In deze reactie geeft het college aan zich te herkennen in het rapport en dat zij blij is met de gegeven handvatten en de aanbevelingen voor het over grote deel overneemt. Het college ziet de meerwaarde van het betrekken van de gemeenteraden en draagt dit ook uit.

Wat betreft het college is het juist logisch om wel te kiezen voor de integrale benadering van Jeugd en Beschermd Wonen. De bestuurlijke reactie is integraal opgenomen in paragraaf 4 van het rapport. In een nawoord van de Rekenkamercommissie in paragraaf 5 wordt op onderdelen nog ingegaan op deze bestuurlijke reactie. 9 Hoe en met wie wordt er gecommuniceerd? Niet van toepassing. 10 Wordt er een evaluatie uitgevoerd? Niet van toepassing. De Steeg, 19 november 2021 J.P.M. Leenders, plv. griffier.

pagina

3

ons kenmerk

21.75V

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=ae9fe90e-f86a-433b-8e2b-8d21d151c4a7