Raadsvoorstel Bijlage 1 Herstelnotitie
Tekst van het document
Herstelnotitie Behorende bij het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan “Landelijk Gebied, locatie langs de spoorlijn tussen Biljoen en Zutphensestraatweg 5b” (NL.IMRO. 0275.BPLG54-VA02). Inleiding Op 16 april 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een tussenuitspraak gedaan in de zaak met zaaknummer 202404656/1/R4, betreffende het bestemmingsplan “Landelijk Gebied, locatie langs de spoorlijn tussen Biljoen en Zutphensestraatweg 5b”. In deze tussenuitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan een gebrek bevat met betrekking tot de regeling van de verharding van de erftoegangsweg. De Afdeling heeft de gemeenteraad op grond van artikel 8:51d Awb de gelegenheid geboden om binnen een termijn van 16 weken het geconstateerde gebrek te herstellen. Deze herstelnotitie beschrijft op welke wijze de raad invulling geeft aan de opdracht en hoe het plan daartoe is aangepast. Aard van het gebrek Uit de tussenuitspraak volgt dat het plan, voor wat betreft de regeling voor het type oppervlakteverharding van de erftoegangsweg, aanpassing behoeft. De Afdeling heeft geoordeeld dat de planregeling een onnodige beperking bevat. Door het aanpassen, aanvullen en verwijderen van de desbetreffende bepalingen kan het gebrek worden hersteld.
Wijze van herstel Om het in de tussenuitspraak geconstateerde gebrek te herstellen, is de planregeling aangepast. Concreet zijn artikelen 5.1, onder a en 5.3.1 van de regels zodanig gewijzigd/verwijderd dat de beperking tot uitsluitend halfverharding is vervallen. Daarnaast zijn er begripsbepalingen toegevoegd.
Regels Artikel 1 Begrippen Toevoegen: 1.23 gesloten verharding Een oppervlakteverharding dat is opgebouwd uit materiaal dat na het aanbrengen een solide geheel vormt, zoals beton, uitgezonderd asfalt; en 1.24 halfverharding Een oppervlakteverharding bestaande uit gebonden of ongebonden, onsamenhangend materiaal dat meer draagkracht biedt dan de originele grond, zoals grind, gebroken puin en gebroken natuursteen; en 1.29 open verharding Een oppervlakteverharding in losse elementen, zoals klinkers of grasbetontegels;
Artikel 5 Verkeer Lid 5.1 sub a was: “De voor ‘Verkeer’ aangewezen gronden zijn bestemd voor erftoegangswegen in halfverharding.” Lid 5.1 sub a wordt: “De voor ‘Verkeer’ aangewezen gronden zijn bestemd voor erftoegangswegen in halfverharding en/of in open verharding en/of in gesloten verharding” 5.3.1 Strijdig gebruik verwijderen.
De aanpassing betreft uitsluitend een wijziging in de planregels. De verbeelding en de toelichting zijn ongewijzigd gebleven. Toelichting op het herstel Met het herstel wordt een onnodige beperking in de bestemmingsregels weggenomen. De bestemming Verkeer biedt nu planologische ruimte voor diverse typen oppervlakteverharding, waaronder volledige verharding. De toetsing of de materialisering van een opnieuw aan te leggen weg passend is binnen het Rijksmonument zal plaatsvinden in de fase van aanvraag omgevingsvergunning. Voor aanpassing van een Rijksmonument is een omgevingsvergunning nodig waarbij een toets op monumentale waarden plaatsvindt. Er zal dan ook een initiatief moeten komen dat recht doet aan de planologische en de monumentale kaders. Bij een verzoek om omgevingsvergunning voor de aanleg van een nieuwe weg zal de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit geconsulteerd worden. Zij beoordeelt de materialisering van de nieuwe weg in relatie tot het Rijksbeschermd landgoed Biljoen. De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit, alsook de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, hebben reeds aangegeven dat zij onder enige voorwaarden kunnen instemmen met een betonpad met grasbetonblokken aan weerszijden. Met dit voorstel wordt er geen bepaalde uitvoering van de nieuwe weg afgedwongen en wordt het bestaande puinpad gelegaliseerd.
De financiële haalbaarheid is niet in het geding, want meerdere uitvoeringen van de erftoegangsweg worden planologisch mogelijk en procespartijen hebben allen een positieve grondhouding om bij te dragen aan de aanleg van een betonpad. De wijziging is daarmee toereikend om het plan op dit punt in stand te kunnen laten. Slot Met bovenstaande aanpassing van de planregels is het in de tussenuitspraak geconstateerde gebrek hersteld.