CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit Afvalstoffenverordening (22.81).pdf

Raadsvergadering 29 november 2022, gemeente RhedenBij agendapunt: Afvalstoffenverordening Rheden (22.81)6.541 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

22.81

gemeente Rheden

Raadsvergadering 29 november2022 Agendapunt12 DR

Raadsbesluit De raad van de gemeente Rheden; gelezen het voorstelvan burgemeester en wethouders van 4 oktober2022; gelet opde artikelen 10.23, eerste lid, 10.24, tweede lid, 10.25 en 10.26, eerste lid, van de Wet milieubeheer en artikel 3.5, eerste lid, van de Wet dieren en artikel 2, eerste lid, van het Besluit gescheiden inzamelinghuishoudelijke afvalstoffen; overwegende dat op basis van de geldende Inspraakverordening gemeente Rheden deze verordeningin conceptvooreenieder ter inzage heeft gelegen en er geen inspraakreacties zijn binnengekomenbij gemeente Rheden; besluit:

vast te stellen: de Afvalstoffenverordening Rheden Hoofdstuk1 Algemeen Artikel 1 Definities

In deze verordeningen de daaropberustende bepalingenwordt verstaanonder: - inzamelmiddel: voorde inzamelingvan afvalstoffenbestemd hulp- of bewaarmiddel, ten behoeve van een huishouden; - inzamelplaats:daartoeopgrond van artikel 5 aangewezenplaats; - inzamelvoorziening: voorde inzamelingvan afvalstoffenbestemd(e) bewaarmiddel of -plaatsten behoeve van meerdere huishoudens; - perceel: perceel waargeregeld huishoudelijke afvalstoffenkunnenontstaan. Artikel 2 Doelstelling

De toepassingvan deze verordeningis gericht opde bescherming van het milieu, met inbegripvan een doelmatig beheer van afvalstoffen. Hoofdstuk2 Huishoudelijkeafvalstoffen Artikel3 Aanwijzing vande inzameldienst

1

Burgemeester en wethouders wijzen de inzameldienstaandie is belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen.

2

Aan de aanwijzingkunnenvoorschriften worden verbondenen beperkingenworden gesteld. Paragraaf4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positievefictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

3 Burgemeester en wethouders kunnennadere regels stellen over de wijze waaropde inzameldiensthuishoudelijke afvalstoffeninzamelt.

pagina 1

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november 2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Artikel4 Reguleringvanandereinzamelaars

1

Het is vooranderendan de inzameldienstverboden huishoudelijke afvalstoffenin te zamelen, tenzij de inzamelaar: a daartoeis aangewezendoorburgemeester en wethouders; b bij nadere regels van burgemeester en wethouders van het verbod is vrijgesteld; of c verplicht is tot inname,bedoeld in artikel 9.5.2, derde lid, aanhef en onderdeel b, of vierde lid, van de Wet milieubeheer.

2

Op de aanwijzingvan een inzamelaar,bedoeld in het eerste lid, ondera, is artikel 3, tweede lid, van overeenkomstigetoepassing.

Artikel5 Aanwijzing van inzamelplaats

Burgemeester en wethouders dragen zorg voorten minste ééndaartoeter beschikking gestelde plaatswaar in voldoendemate gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen,met inbegrip van grof huishoudelijk afval, achter te laten. Artikel6 Algemeneverboden

Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen: a ter inzamelingaante bieden aaneen anderdan de inzameldienstof een inzamelaarals bedoeld in artikel 4, eerste lid; b over te dragen aaneen anderdan een inzamelaarals bedoeld in artikel 4, eerste lid; of c achter te laten opeen andere plaatsdan de inzamelplaats,bedoeld in artikel 5. Artikel7 Gescheiden afvalinzameling

1

Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelenvan huishoudelijke afvalstoffendie afzonderlijkdoorde inzameldienstworden ingezameld, over de frequentie van de inzamelingvan elk van deze bestanddelen, en over de locatiesvan deze inzamelingbij of nabij elk perceel.

2

In ieder geval de volgende bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffenworden afzonderlijkingezameld: - bioafval; - oud papierenkarton(OPK); - kunststofverpakkingsmateriaal, metalenverpakkingen,drankkartons (PMD); - glas; - klein chemisch afval (KCA); - textiel en schoenen; - (afgedankte)elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) (voorheen wit -en bruingoed); - bouw- en sloopafval(bsa); - verduurzaamdhout; - grof tuinafval; - asbest en asbesthoudend afval; - grof huishoudelijk afval (goedzooien rotzooi); - huishoudelijk restafval - banden - oud ijzer en metaal

3 Bioafvalwordt ingezameld met restafval opde Zutphensestraatweg5 te Velp, in de Middelwaard, de Beimerwaard en de Fraterwaard.

pagina 2

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

)

Agendapunt12 DR Artikel8 Gescheiden aanbieding

1

Het is verboden de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen,bedoeld in artikel 7, anders dan afzonderlijk: a ter inzamelingaante bieden; b achter te laten opeen inzamelplaats als bedoeld in artikel 5.

2

In afwijkingvan het eerste lid is het verboden de bestanddelenvan huishoudelijke afvalstoffenwaarvoorgeen gescheiden inzamelinggeldt als bedoeld in artikel 7 anders aante bieden dan afzonderlijkof gezamenlijkmet de bestanddelenvan huishoudelijke afvalstoffengenoemd in artikel 7, derde lid.

3 Burgemeester en wethouders kunnennadere regels stellen. Deze regels kunnenvoor categorieënvan gevallen of personeneen vrijstelling inhoudenvan het verbod, bedoeld in het eerste lid. Artikel9 Tijdstip vanaanbieding

Het is verboden huishoudelijke afvalstoffenter inzamelingaante bieden anders dan opde doorburgemeester en wethouders daartoebepaaldedag en tijden. Deze kunnenvoor verschillende bestanddelenverschillend worden vastgesteld. Artikel 10Wijze en plaatsvanaanbieding

1

Het is verboden huishoudelijke afvalstoffenter inzamelingaante bieden anders dan in overeenstemmingmet de doorburgemeester en wethouders te stellen regels over het gebruik van: a inzamelmiddelenvoorhet aanbiedenter inzamelingbij een perceel; b inzamelvoorzieningen voorhet aanbiedenter inzamelingnabij een perceel.

2

Het is verboden om een inzamelmiddel na afloopvan de bepaaldedag en tijden, bedoeld in artikel 9, buiten een perceel te laten staan.

3 Burgemeester en wethouders kunnennadere regels stellen voorcategorieënvan percelen. Deze regels kunneneen vrijstelling van het verbod inhouden. Hoofdstuk3 Bedrijfsafvalstoffen Artikel 11 Inzamelingbedrijfsafvalstoffen door inzameldienst

Burgemeester en wethouders kunnenbestanddelenvan bedrijfsafvalstoffenaanwijzendie worden ingezameld doorde inzameldienstdie is aangewezenopgrond van artikel 3, in gevallen waarinde voordeze inzamelingkrachtens de Verordeningafvalstoffenheffingen reinigingsrechten Rheden verschuldigde heffing is voldaan. Artikel 12 Aanbiedingter inzamelingvan bedrijfsafvalstoffen

Het is verboden anders dan in overeenstemmingmet artikel 11 bedrijfsafvalstoffenter inzamelingdoorde inzameldienstaante bieden of over te dragen.

pagina 3

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november 2022

gemeente Rheden

j

Agendapunt12 DR Artikel 13 Regelingvaninzamelingvanbedrijfsafvalstoffen

1

Het is verboden bedrijfsafvalstoffenter inzamelingaante bieden anders dan in overeenstemmingmet de doorburgemeester en wethouders te stellen regels over de dagen, tijden, wijzen en plaatsenvan inzamelingvan de krachtens artikel 11 aangewezen bedrijfsafvalstoffen.

2

Burgemeester en wethouders kunnennadere regels stellen voorhet aanbiedenof overdragenvan bedrijfsafvalstoffen.Deze regels kunnenmede worden vastgesteld voor anderendan de inzameldienst.Deze regels kunneneen vrijstelling van het verbod inhouden.

Hoofdstuk4 Zwerfafvalen overige Artikel 14Dumpingsverbod

1

Het is verboden zonderontheffing van burgemeester en wethouders, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloedingvan het milieu te veroorzaken,dooreen afvalstof,een stof of een voorwerpopof in de bodem te brengen, te storten,te houden, achter te laten of anderszinsdaar te plaatsen.

2

Het eerste lid is niet van toepassingop: a het aanbieden,overdragenof achterlaten van huishoudelijke afvalstoffenof bedrijfsafvalstoffenin overeenstemmingmet deze verordening; b het composterenvan huishoudelijk groente-,fruit- of tuinafvalop het perceel waardit is ontstaan; c het laden, lossen of vervoerenvan afvalstoffen,met inbegripvan daarbij niet te vermijden plaatsingvan afvalstoffen,stoffenof voorwerpenop de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d handelingendie zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, de Waterwet of het Besluit bodemkwaliteit.

3 Indien de overtreder van dit artikel onbekendis, wordt de persoontot wie de aangetroffen afvalstof,stof ofvoorwerpkan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel. Artikel 15Zwerfafvalin de openbareruimte

1

Het is verboden huishoudelijke afvalstoffenvan beperkte omvangen gewicht die zijn ontstaan buiten een perceel, achter te laten in de openbareruimte, anders dan in daartoe bestemde afvalbakkenof andere middelen ter inzamelingvan deze afvalstoffen.

2

Reclamedrukwerk, ander promotiemateriaal en de verpakkingdaarvan,die in weerwil van het eerste lid in de openbareruimte wordt weggeworpenof achtergelaten, wordt terstond opgeruimddoordegene die het in de betreffende omgevingonderhet publiek verspreidde.

3 Het is verboden zwerfafval te veroorzakendoorter inzamelinggereedstaandeafvalstoffen of inzamelmiddelente doorzoekenof te verspreiden, te stoten,te schoppen,omver te werpenof doordeze anderszinste behandelen.

pagina 4

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Artikel 15aOngeadresseerd drukwerk

1

In dit artikel wordt verstaanonder: - huis-aan-huisblad: ongeadresseerdblad dat met een vaste frequentiegratis huis-aanhuis wordt verspreid in een geografisch beperkt gebied, waarvantenminste20% van de inhoud bestaat uit informatieover en nieuwsuit het eigen verspreidingsgebied, niet zijnde reclame; - ongeadresseerdreclamedrukwerk: reclamedrukwerk of proefmonstersvan producten die gratis huis-aan-huisworden verspreid zondervermelding van naam,adres of postbusen woonplaats van de ontvanger,niet zijnde: a een huis-aan-huisbladof andere informatieover werkzaamheden of activiteitenin de buurtdie voorde bewoners of gebruikers van een woning,bedrijf of woonschip in die buurtvan belang zijn om te weten; b drukwerk van vrijwilligers of niet-commerciëleorganisaties.

2

Een huis-aan-huisbladmag worden bezorgd bij een perceel, tenzij de bewonerof gebruiker expliciet kenbaarheeft gemaaktgeen prijs te stellen op het ontvangen ervan.

3 Ongeadresseerd reclamedrukwerk mag uitsluitendworden bezorgd bij een perceel als de ervan. bewonerof gebruiker kenbaarheeft gemaakt prijs te stellen op het ontvangen Artikel 16Zwerfafvalrondom inrichtingen

1

Degene die een inrichting drijft waareet- of drinkwarenworden verkocht die ter plaatse kunnenworden genuttigd, draagt zorg voorde aanwezigheid in of nabij de inrichting van een steeds voorgebruik doorhet publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbakof soortgelijkmiddel voorhet houden van afval.

2

Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaakals nodig etenswaren,verpakkingen, afval of andere materialen,die kennelijkuit de inrichting afkomstig zijn of voorde inrichting zijn bestemd, binneneen straal van ten minste 25 meter van de inrichting.

3 De vorige leden gelden niet voorsituatieswaarinwordt voorziendoorhet Activiteitenbesluitmilieubeheer. Artikel 17 Afvalen verontreinigingop de weg

1

Het is verboden een weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994, te verontreinigenof het milieu nadelig te beïnvloedendoorafvalstoffen,stoffenof voorwerpente laden, te lossen ofte vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten.

2

Degene die in strijd met het eerste lid de weg verontreinigtof het milieu nadelig beïnvloedt, of diens opdrachtgever, zorgt terstond na de beëindigingvan de werkzaamheden van die dag voorhet reinigenvan de weg, of zoveel eerder als nodig is om de veiligheid van het verkeer of de bescherming van het wegdek te verzekeren.

Artikel 18 Geenopslagvanafvalin de open lucht

Het is verboden afvalstoffenopeen voorhet publiekwaarneembareplaatsin de openlucht en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer opte slaanof opgeslagente hebben, anders dan door het in overeenstemmingmet paragraaf 2 van deze verordeningaanbieden,achterlaten of overdragenvan huishoudelijke afvalstoffen.

pagina 5

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Artikel 19 Ontdoen vanautowrakken

Het is verboden zich te ontdoenvan een autowrakdat afkomstig is van een perceel, anders dan doorafgifte aaneen inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken. Hoofdstuk4a Kadavers vangezelschapsdieren Artikel 19aKadavers vangezelschapsdieren

1

Voorde toepassingvan dit artikel wordt ondergezelschapsdier verstaan:een dier dat de mens in of rond het huis houdt en verzorgt, niet zijnde een hobby- of landbouwhuisdier.

2

Burgemeester en wethouders kunneneen ondernemeraanwijzendie belast is met de inzamelingvan kadavers van gezelschapsdieren.

3 Uiterlijk opde eerste werkdag die volgt opde dag waarophet gezelschapsdier dood is aangetroffen, geeft de houder van het kadaver dit af. 4 Tot het tijdstip van afgifte bewaart de houder het kadaver zodanigdat er geen vermenging is met ander materiaal. 5 Het tweede tot en met vierde lid is niet van toepassingop het kadaver dat wordt begraven opeen terrein dat ter beschikking staatvan de houder van het kadaver of dat uiterlijk de eerste werkdag na overlijden wordt afgegeven aaneen ondernemerdie is erkend op grond van artikel 24, eerste lid, onderb, c of d, van de Verordening 1069/2009/EG. 6 Van ingezamelde kadavers wordt aangiftegedaanbij Rendac Son B.V. De kadavers worden bewaard en overgedragenaanRendac Son B.V. in overeenstemmingmet het bepaaldebij of krachtens artikel 3.1 van de Wet dieren. Hoofdstuk5 Handhavingen toezicht Artikel20 Strafbarefeiten

Overtreding van het bij of krachtens de artikelen 4, 6, 8 tot en met 10 en 12 tot en met 19(a) bepaaldeen de daarbij gegeven voorschriften en beperkingen,is een strafbaarfeit als bedoeld in artikel la, onderdeel 3, van de Wet op de economische delicten. Artikel 21 Toezichthouders

Met het toezicht opde nalevingvan het bepaaldebij of krachtens deze verordeningzijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingenomgevingsrecht doorburgemeester en wethouders aangewezenambtenaren.

pagina 6

onskenmerk 22.81B

22.81

gemeente Rheden

Raadsvergadering 29 november2022 Agendapunt12 DR Hoofdstuk6 Overgangs-en slotbepalingen Artikel22

Wijzigingen alsgevolgvande Omgevingsweten overgangsrecht

Op het tijdstip waaropde Omgevingswet in werking treedt, wordt deze verordeninggewijzigd als volgt: a in artikel 14, tweede lid, onderd, wordt 'Waterwet' vervangendoor'Omgevingswet'; b in artikel 16 vervallende aanduiding'1.' voorhet eerste lid, en het tweede en derde lid; c in artikel 18 vervalt 'en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer' en na het slot van het artikel wordt toegevoegd 'Het verbod geldt niet als voorde opslagvan afvalstoffeneen omgevingsvergunning is afgegeven.'; d in artikel 19 wordt 'anders dan doorafgifte aaneen inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken' vervangendoor'anders dan doorafgifte aande houder van een omgevingsvergunning voorhet demonterenvan autowrakken of wrakken van tweewielige motorvoertuigen'; e in artikel 21 wordt na 'Wet algemene bepalingenomgevingsrecht' ingevoegd 'of artikel 18.6 van de Omgevingswet'. Artikel 23 Intrekkingoude verordening

De Afvalstoffenverordening2012

van de gemeente Rheden wordt ingetrokken.

Artikel 24 Inwerkingtredingen citeertitel

1

Deze verordeningtreedt in werking opde dag na bekendmaking.

2

Vanafde dag na inwerkingtredingvan deze verordeninggeldt een overgangsperiode van drie maandenvoordatartikel 15a van deze verordeningin werking treedt.

3 Deze verordeningwordt aangehaaldals AfvalstoffenverordeningRheden.

pagina 7

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november 2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Artikelsgewijze toelichting 1 Inleiding

De Afvalstoffenverordeningdient het belang van de bescherming van het milieu, met inbegrip van een doelmatig afvalstoffen beheer. Het belang daarvanneemt toe omdat tegenwoordiganders naarafval wordt gekeken dan in het verleden. Afval wordt steeds meer benaderd als grondstof.In een meer circulaireeconomieis afval van waarde. Dat betekent duurzaamomgaanmet natuurlijkehulpbronnen,zuinigerzijn opgrondstoffen,voorwerpen langeren opnieuwgebruiken en optimalerereststromen.Afvalscheiding en inzamelingis daarbij van wezenlijk belang. Welke bestanddelen van het afval gescheiden dienen te worden veranderd. Nieuwe technieken maken bijvoorbeeld de scheiding van kunststofmogelijk. Gemeentenwerken mee in het Uitvoeringsprogramma VANG - Huishoudelijk Afval om te komentot minder huishoudelijk afval en tot het beschikbaar krijgen van meer waardevolle grondstoffenvan de juiste kwaliteit. Deze verordeningmoderniseertde regels van de gemeente op dit terrein. Grondslagen De verordeninggeeft uitvoeringaande verplichting van artikel 10.23 van de Wet milieubeheer (hierna: Wm), waarinde raad wordt opgedragenom in het belang van de bescherming van het milieu een Afvalstoffenverordening vast te stellen.

De regels over het zwerfafval houden verband met de regels van de Algemene PlaatselijkeVerordening(APV) voorde openbareruimte maarzijn vanwegede samenhangmet het onderwerpvan de Afvalstoffenverordening opgenomen in deze verordening.De artikelen 10.24, tweede lid, 10.25 en 10.26, eerste lid, van de Wm bevatten voorschriften waaraande Afvalstoffenverordening moet voldoen. De opnamevan paragraaf 4a inzakede inzamelingvan kadavers van gezelschapsdieren heeft als grondslagartikel 3.5, eerste lid, van de Wet dieren. Artikel 2, eerste lid, van het Besluit gescheiden inzamelinghuishoudelijke afvalstoffen (hierna: Besluit GIHA) biedt een grondslagvoorhet niet gescheiden inzamelenvan bioafval of kunststoffen,metaal en glas. Deze grondslagis gebruikt voorartikel 7, derde lid. 2 Hoofdlijnen vande Afvalstoffenverordening

Scheiden van afvalstromenbegint bij huishoudens (huishoudelijke afvalstoffen)en bedrijven (kantoor-,winkel- en dienstensector(hierna: KWD-sector)) waardie afvalstoffenontstaanof waardie in de openbareruimte terechtkomen. De Afvalstoffenverordeningbevat regels over huishoudelijk afval, bedrijfsafval en afval in de openbareruimte (en kadavers van gezelschapsdieren). Huishoudelijke afvalstoffen Wat betreft huishoudelijke afvalstoffenheeft het gemeentebestuurde wettelijke taakom te zorgenvoorde inzamelingvan huishoudelijke afvalstoffendoormiddel van de inzameldienst die daartoe(bij OF krachtens) deze verordeningis aangewezen.Bij de uitvoeringvan deze taakwordt de gemeente in de praktijkin toenemendemate ondersteunddoorhet initiatief van andere inzamelaarszoals scholen, ideële instellingenof anderendie bijvoorbeeld papier, glas of andere bestanddelenvan het huishoudelijk afval verzamelen voorinzameling. Deze verordeningregelt de aanwijzingvan de inzameldiensten van andere inzamelaarsen bepaaltwelke bestanddelen gescheiden moetenworden aangebodenen dus ookgescheiden moetenworden ingezameld.

pagina 8

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november 2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Gescheiden inzameling vanhuishoudelijk afval Scheiden van de volgende bestanddelenvan huishoudelijk afval is opgrond van artikel 1 van het Besluit GIHA de norm: a bioafval; b papier; c metaal; d kunststof; e glas; f textiel (treedt in werking met ingangvan 1 januari2025); g gevaarlijkeafvalstoffen(treedt in werking met ingangvan 1 januari2025); h afgedankteelektrische en elektronische apparatuur. De Afvalstoffenverordeninggeeft uitvoeringaande opdracht van artikel 3 van het Besluit GIHA om de verordeningaante passenom te voldoenaande artikelen 1 en 2 van het Besluit GIHA. In de notavan toelichting bij het Besluit GIHA wordt verwezen naarhet Landelijk afvalbeheerplan(hierna: LAP). Daarinstaat, met namevoorbioafval,uitgebreid toegelicht in welke gevallenvan de uitzonderingopde plicht tot gescheiden inzamelingvan de in artikel 1 van het Besluit GIHA genoemde huishoudelijke afvalstoffen,gebruik kan worden gemaakt. Als een uitzonderingvoorgescheiden inzamelingwordt opgenomen in de Afvalstoffenverordening, dient de gemeente met enige regelmaatde rechtmatigheid van deze bepaling(en)te bezien. Deze beoordelingvindt opzijn minst elke keer plaatsop het momentdat in het LAP opdit puntnieuweinzichten en beleid worden opgenomen. Met ingangvan 1 januari2025 treden de onderdelenf en g van artikel 1 van het Besluit GIHA in werking.

Op grond daarvanmoetentextiel en gevaarlijke afvalstoffenook gescheiden worden ingezameld. De verordeninghoeft, met het oog opde voorziene inwerkingtredingvan deze onderdelenvan het Besluit GIHA niet aangepast te worden. Bedrijfsafvaistoffen Wat betreft bedrijfsafvaistoffenis de afvalscheiding doorKWD-sector binnende gemeente van belang. De inzamelingvan bedrijfsafval kan plaatsvindendoorde inzameldienstmaar ookdooranderen.Het beheer van bedrijfsafvaistoffenis in belangrijke mate op Rijksniveau geregeld doorde Wm en daaropgebaseerde centraleregelgeving. Deze verordeningbevat enkele aanvullenderegels voorde inzamelingdoorde inzameldienstof de wijze van aanbiedingvan bedrijfsafvaistoffenin de openbareruimte. Afval in deopenbare ruimte Wat betreft het afval in de openbareruimte is het voorkomenvan zwerfafval van belang. Zwerfafval ontstaatniet alleen doorillegale dumpingen bewuste ontdoening(weggooienof achterlaten) maarkan ookontstaanuit huishoudelijk afval, bijvoorbeeld als dat verkeerd is aangebodenof als ter inzamelinggereedstaand huishoudelijk afvai is doorzocht of omgeschopt, verwaaid of aangevretendoordieren. Zwerfafval komt ookin de openbare ruimte terecht via het publiek rondomwinkels, eet- en drinkgelegenheden, evenementenof reclame- en promotiecampagnes. De verordeningbevat regels voorhet bestrijden van zwerfafval.

Kadaversvangezelschapsdieren De Afvalstoffenverordeninggeeft eveneensuitvoeringaande verplichting van artikel 3.5 van de Wet dieren om regels opte nemenover het aangeven,ophalen,overdragenvan kadavers van gezelschapsdieren (zie paragraaf 4a).

pagina 9

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR 3 Wettelijkebegrippen

In het belang van de eenvoudmaaktdeze verordeningslechts in beperkte mate gebruik van begripsbepalingen.Ten eerste zijn geen definities van begrippengegeven als deze begrippen al opgrond van artikel 1.1 van de Wm zijn gedefinieerd. Deze begrippengelden al onverkort voorde toepassingvan deze verordening.Er zijn daaromniet opnieuwdefinities in de verordeningopgenomen. Voorbeeldenvan in de wet gedefinieerde begrippendie ookin deze verordeningworden gebruikt zijn afvalstoffen, huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen . Het begrip inzameling is doorde Wm gedefinieerd en daaromzonderbegripsbepaling opgenomen in deze verordening.Artikel 1.1 van de Wm verstaatonderinzameling: verzameling van afvalstoffen,met inbegripvan de voorlopigesorteringen de voorlopige opslagvan afvalstoffen,om deze daarnate vervoeren naareen afvalverwerkingsinstallatie. Dit begrip is letterlijk overgenomenvan de Kaderrichtlijn afvalstoffen.Inzamelingis het begin van het afvalstoffenbeheer. Onder afvalstoffenbeheerverstaatde richtlijn immers: inzameling,vervoer, nuttigetoepassingen verwijdering van afvalstoffen,met inbegripvan het toezicht opdie handelingenen de nazorgvoorde stortplaatsenna sluitingen met inbegrip van activiteitenvan handelaarsof makelaars.

Wat betreft de huishoudelijke afvalstoffenregelt deze verordening,enerzijds, dat de inzamelingslechts kan geschieden dooraangewezeninzameldiensten.Anderzijds regelt de verordeningdat deze afvalstoffenslechts mogenworden overgedragenof aangebodenter inzamelingaandeze inzameldienstof overdragenaaninzamelaars,of achterlaten opeen daartoeter beschikking gestelde plek. Inzamelingdoorof het aanbiedenter inzamelingaan anderendan deze personenis verboden. De verordeningregelt eveneensopwelke wijze de aanbiedingplaatsdient te vinden. Er zijn regels over gescheiden inzamelingvan afzonderlijkebestanddelen van afval zoals groente-,fruit- en tuinafval(hierna: bioafval)of papieren karton,over de middelen waarmeedat dient te gebeuren. In onderstaandschema is de terminologievan artikel 10.24 van de Wm en artikel 1.1 van de Wm dus als volgt gebruikt ten aanzienvan de huishoudelijke afvalstoffen: De gebruikervaneen perceel

De inzameldienst of inzamelaar

Overdragen (aaneen inzamelaar) Ter inzamelingaanbieden(al dan niet via inzamelmiddelenof inzamelvoorzieningen) Achterlaten opeen ter beschikking gestelde plaats

Innemen (dooreen inzamelaar) Inzameling(via de betreffende middelen of voorzieningen) doorde inzameldienst Inzamelplaats

De begrippeninzameldienst en inzamelaar behoeven geen zelfstandige definitie nu uit artikelen 3 en 4 genoegzaamvolgt om wie het gaat. Andere begrippenkwamen in de verordeningzo weinig voordat, een definitie overbodig was en in de artikeltekst zelf uitsluitselkon worden gegeven. Een voorbeeld is het begrip wegin artikel 17. 4 Verhouding met anderhoger recht

Verwerkingvanpersoonsgegevens De gemeente verwerkt persoonsgegevens ondermeer voorde inzamelingen verwerking van huishoudelijk afval. De inzamelingen verwerking van huishoudelijk afval is een publieke taak, die verwerking van persoonsgegevens noodzakelijkmaakt. De grondslagvoor verwerking van de persoonsgegevens is artikel 6, eerste lid, ondere, van de Algemene verordeninggegevensbescherming (2016/679/EU). De gemeente heefteen privacyverklaring opgesteld voorde verwerking van persoonsgegevens.Deze is te vinden via Privacy - gemeente Rheden .

pagina 10

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Omgevingswet Met de inwerkingtredingvan de Omgevingswet (hierna: Ow) kunnende gemeentelijke regels, die betrekking hebben opde fysieke leefomgeving,opgenomen worden in het omgevingsplan.Regels die opgenomen worden in het omgevingsplan, zullen in deze Afvalstoffenverordeningvervallen. Voorzwerfafval (artikel 16) is een bepalingopgenomen in het tijdelijk deel van het omgevingsplan.Die bepalingwordt om die reden aangepast op het momentdat de Ow in werking treedt (zie artikel 22). 5 Nadereregels

Uitvoeringsbesluit vanhetcollegevanburgemeester en wethouders De Afvalstoffenverordening delegeert de bevoegdheid tot het stellen van regels over de volgendeonderwerpenaanhet college van burgemeester en wethouders (hierna: het college): • Nadere regels over de wijze van inzamelenvan huishoudelijke afvalstoffen(artikel 3, derde lid). • Nadere regels over vrijstelling voorcategorieënpersonenen organisatiesals inzamelaars (artikel 4, eerste lid). • Regels over afzonderlijkebestanddelen (geclausuleerd),frequentieen locatievan inzameling(artikel 7). • Regels over het gebruik van inzamelmiddelenen inzamelvoorzieningen (artikel 10, derde lid). • Regeling van inzamelingvan bedrijfsafvalstoffen(artikel 13, tweede lid). Daarnaastis sprakevan nadere besluitvormingdoorhet college die strikt genomengeen algemeen verbindende voorschriften inhoudt maardie samen met de hiervoor genoemde regels opgenomen kan worden in het uitvoeringsbesluitvan het college. Deze besluitvorming gaatover: • De aanwijzingvan de inzameldienst(artikel 3). • De dagen en tijden waaropde inzamelingvan huishoudelijke afvalstoffenplaatsvindt (artikel 9). • De aanwijzingvan toezichthoudende ambtenaren(artikel 21). De aanwijzingvan de specifieke locatiesvan inzamelvoorzieningen kan ookopgenomen worden in het uitvoeringsbesluit. Artikelsgewijs

Enkel die bepalingendie verdere toelichting behoeven zijn hieronder nadertoegelicht. Artikel 1 Definities

De begrippeninzamelmiddel, inzamelplaats en inzamelvoorziening zijn opgenomen om deze van elkaarte onderscheiden. Een inzamelmiddel is bestemd vooreen enkel huishouden en is bijvoorbeeld een huisvuilzak, minicontainer, afvalemmer, kca-box of big bag. Een inzamelplaatsis aangewezenopgrond van artikel 5. Meestal wordt de inzamelplaats gemeentelijke afvaldepot,brengdepotof mllieustraatgenoemd. Een inzamelvoorziening is bestemd voormeerdere huishoudens. Een inzamelvoorziening is bijvoorbeeld een (ondergrondse)verzamelcontainer, wijkcontainerof brengdepot. Uit artikel 10 wordt duidelijk dat inzamelmiddelengebruikt worden voorhet aanbiedenter inzamelingbij een perceel en inzamelvoorzieningen voorhet aanbiedennabij een perceel. Het begrip perceelis omwille van de leesbaarheid opgenomen met een vaste toevoegingdie bij het gebruik van dit begrip in de verordeningtelkens moet worden meegelezen. Het gaat immers telkens om percelen waarhuishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan.

pagina 11

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Deze toevoegingis opgenomen in verband met de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wm, waarinsprake is van de zorg van de gemeente voorde inzamelingvan huishoudelijke afvalstoffen'bij elk binnenhaar grondgebied gelegen perceel waarzodanigeafvalstoffen geregeld kunnenontstaan'. Wat onderperceel moet worden verstaankan niet goed op het niveauvan deze verordeningworden vastgesteld. Ingevolgehet arrest van de Hoge Raad van 18 september 1991, nr. 27597, BNB 1991/333, is een perceel een plaatswaar huishoudelijke afvalstoffengeregeld binneneen particulierehuishouding kunnenontstaan. Slechts dan is geen sprakevan een perceel, indien het gaatom een gedeelte van een onroerende(of roerende) zaak dat blijkens indeling en inrichting niet is bestemd voorhet voeren van een particulierehuishouding waaringeregeld huishoudelijke afvalstoffenkunnen ontstaan.Dit zal telkens naarde feiten en het spraakgebruikbepaald moetenworden. Ingevolgehet arrest van de Hoge Raad van 10 juli 2015 (ECLI:NL:HR:2015:1773) kon ook een woonruimtein een zorgcentrumeen particulierehuishouding zijn waargeregeld huishoudelijke afvalstoffenkunnenontstaan(zie voorde feiten Gerechtshof Den Haag 19 augustus2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:2862). Artikel 2 Doelstelling

In dit artikel is het met de verordeningte dienen doel vermeld. Deze volgt uit de wettelijke grondslagvan de verordening.De toepassingvan bevoegdheden op basis vandeze verordeningzullenderhalve telkens in dat kader moeten plaatsvinden. Doelmatig afvalstoffenbeheeris onderdeel van de bescherming van het milieu. Het begrip afvalstoffenbeheeris gedefinieerd in de Kaderrichtlijn afvalstoffenals: 'inzameling,vervoer, nuttigetoepassingen verwijdering van afvalstoffen,met inbegrip van het toezicht opdie handelingenen de nazorgvoorde stortplaatsen na sluitingen met inbegripvan activiteiten van handelaarsof makelaars'. Artikel3 Aanwijzing vande inzameldienst

In het eerste lid geeft de raad aanhet college de opdracht om een ondernemingaante wijzen, die met de inzamelingvan huishoudelijke afvalstoffenis belast. De zorg voordeze inzamelingberust ingevolgede artikelen 10.21 en 10.22 van de Wm opde raad en het college. De aangewezeninzameldienstzal aandie zorg praktische uitvoeringgeven. In het derde lid wordt een grondslaggegeven om nadere regels te stellen over de wijze waaropde inzameldiensthuishoudelijke afvalstoffeninzamelt. Redenen van algemeen belang van milieu en gezondheid die met de aanwijzingvan inzameldienstenzijn gemoeid, dwingen ertoe geen regeling opte nemenvoorhet van rechtswege nemenvan aanwijzingsbesluiten in gevallen waarinniet tijdig opeen daartoe strekkende aanvraagzou worden beslist. De regeling van paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is daaromniet vantoepassing.Zo nodig kunnenbij het aanwijzingsbesluitbeperkingenof voorschriften worden verbondenaande inzamelingvan huishoudelijke afvalstoffen.Het ligt in de rede dat dit alleen aande orde is wanneerer ten aanzienvan de aante wijzen instantiebijzondere voorschriften of beperkingenmoeten gelden. Artikel4 Reguleringvanandereinzamelaars

Dit artikel regelt de mate waarinhet vooranderendan de inzameldienstmogelijk is huishoudelijke afvalstoffenin te zamelen. In beginsel is dit verboden. Er zijn echter drie categorieënvan andere inzamelaarsdan de inzameldienst,die bepaaldebestanddelenvan huishoudelijke afvalstoffenmogen inzamelen.Ten eerste als een inzamelaaris aangewezen. Het gaatdan om een beschikking, waaraanopgrond van het tweede lid voorschriften en beperkingenkunnenworden verbonden.Een aanwijzingwordt niet van rechtswege verleend als sprakezou zijn van niet tijdig beslissen. Ten tweede kan het college bepaaldepersonen of organisatiesvrijstellen bij nadere regels. In het eerste lid, onder b, is mogelijk gemaakt dat er met generieke vrijstellingen kan worden gewerkt voorbijvoorbeeld scholen die papier inzamelenof voorandere organisatiesof personendie bestanddelen huishoudelijke afvalstoffeninzamelenals inzamelaar. pagina 12

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Ten derde zijn er producenten van bijvoorbeeld witgoed voorwie opgrond van de Wm in algemene maatregelenvan bestuurverplichtingen bestaantot innamevan afgedankte producten.Het gaatdan om de producentenverantwoordelijkheid. Vanzelfsprekendkan daarvoorgeen verbod gelden. De aanwijzingvan inzamelaarsverschilt quakaraktervan de aanwijzingvan de inzameldienst.Het gaat bij de inzamelaarsom personenof organisaties die om verschillende redenen behulpzaam willen zijn bij de taakom huishoudelijk afval in te zamelen. Deze aanwijzingheeft -anders dan de aanwijzingvan de inzameldienst-het karaktervan een vergunningen gaat niet gepaardmet een uitvoeringsplicht. Artikel 5 Aanwijzing vaninzamelplaats

Op deze plaatswordt afzonderlijkgeregeld dat opten minste een plaatsookbuiten kantooruren of in het weekend (in voldoendemate dus) gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffenachter te laten. Hiertoe is het gemeentebestuurverplicht in verband met de in artikel 7 geboden mogelijkheid om niet telkens per week en bij elk perceel in te zamelen. Ingevolgeartikel 10.26, tweede lid, van de Wm is dit verplicht. Het gaat hier om een daartoeter beschikking gestelde plaats,waaralle bestanddelenvan huishoudelijke afvalstoffenkunnenworden achtergelaten. Artikel6 Algemeneverboden

Dit artikel regelt dat het aanbieden,overdragenof achterlaten van huishoudelijke afvalstoffenalleen mag geschieden via de kanalendie daarvoorin de artikelen4 en 5 zijn aangewezen.Dit verbod is de keerzijde van de bij of krachtens die artikelen tot de inzameldiensten andere inzamelaarsgerichte gebod om het afval in te zamelen en het in artikel 4, eerste lid, opgenomen verbod vooranderenom afval in te zamelen. Artikel 7 Gescheiden afvalinzameling

Dit artikel regelt welke bestanddelenvan huishoudelijke afvalstoffenafzonderlijkmoeten worden ingezameld, met welke frequentieen opwelke locatie. Deze locatie kan zijn bij elk perceel, nabij elk perceel of een van deze met uitzonderingvan bepaaldegebieden van de gemeente. Het Besluit GIHA bevat ookvoorschriften over de gescheiden inzamelingvan afvalstoffen. Deze verordeningvult de verplichting tot gescheiden inzamelingaandoor naderte bepalen welke bestanddelen gescheiden worden ingezameld. Deze verordeningmaakteen fijnmazigeronderscheid dan artikel 1 van het Besluit GIHA, dat voorschrijft dat 'ten minste' bepaaldebestanddelengescheiden worden ingezameld. De raad kan volgensartikel 10.21, vierde lid, van de Wm besluiten tot het afzonderlijkinzamelenvan andere bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen.De raad kan tevens een onderscheid maken binnende genoemde bestanddelen. Artikel 10.21 van de Wm schrijft voordat het gemeentebestuur,al dan niet samen met het gemeentebestuurvan andere gemeenten, ervoorzorgt dat ten minste eenmaalper week de huishoudelijke afvalstoffenworden ingezameld bij elk binnenhaar grondgebied gelegen perceel waarzodanigeafvalstoffengeregeld kunnenontstaan.Grove huishoudelijke afvalstoffenzijn daarvanuitgezonderd.

De raad kan volgensartikel 10.21, vierde lid, van de Wm besluiten tot het afzonderlijk inzamelenvan andere bestanddelenvan huishoudelijke afvalstoffen. Op grond van artikel 10.26 van de Wm kan de raad in het belang van een doelmatig beheer van huishoudelijke afvalstoffenbij de Afvalstoffenverordening afwijken: a van de inzamelingbij elk perceel (bepaald mag worden nabijelk perceel); b van de frequentievan eenmaalper week (bepaald mag worden met welke regelmaat bij de verordening); c van de inzamelingin het gehele grondgebied (bepaald mag worden dat in een gedeelte van het grondgebied geenhuishoudelijke afvalstoffenworden ingezameld); Artikel 2, eerste lid, van het Besluit GIHA bepaaltverder dat ondervoorwaardenvoorde volgende bestanddelen afgezien kan worden van de gescheiden inzamelingvoor: d bioafval(wanneergescheiden inzamelingtechnisch niet mogelijk is of buitensporigduur); e metaal, kunststofof glas (als de kwaliteit voorhergebruik of recycling gelijk blijft). pagina 13

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november 2022

gemeente Rheden

)

Agendapunt12 DR Het regelen van de frequentieen locatievan de inzamelingwordt in beginsel overgelatenaan het college. De raad bepaaltwel welke bestanddelen in ieder geval afzonderlijkingezameld dienen te worden. Dit is ondermeer van belang omdat artikel 8 aanburgers het verbod oplegtom die bestanddelenongescheiden ter inzamelingaante bieden. Artikel8 Gescheiden aanbieding

Dit artikel regelt de keerzijde van artikel 7. Wat gescheiden moet worden ingezameld, moet ookgescheiden worden aangeboden.Voorde bestanddelen die niet gescheiden worden ingezameld, geldt dat het tweede lid regelt dat niet-afzonderlijkeaanbiedingis toegestaan. Artikel9 Tijdstip vanaanbieding

De tijdstippenvoorde inzamelingvan huishoudelijk afval worden doorhet college bepaald. Het gaat hier om een besluit van algemenestrekking, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift. Het besluit is daaromvatbaarvoorbezwaar en beroep. Artikel 10Wijze en plaatsvanaanbieding

Er is een onderscheid tussen inzamelmiddelenen inzamelvoorzieningen. Inzamelmiddelendienen het ter inzamelingaanbiedendooreen huishouden, zoalseen minicontainer, afvalemmer, plasticafvalzak.Inzamelvoorzieningen, dienen het collectief ter inzamelingaanbiedendoormeerdere huishoudens, zoals een verzamelcontainer of een wijkcontainer,voorhet inzamelendaarvan.Op grond van dit artikel kunneninzamelmiddelen worden voorgeschreven. Ook kunnenhier regels worden gesteld over het gebruik van inzamelvoorzieningen. De regels over het gebruik van de inzamelmiddelenen inzamelvoorzieningen zijn in beginsel algemeen verbindende voorschriften. Het college kan in deze regels ookconcreetlocatiesaanwijzenvoorde inzamelvoorzieningen. Een dergelijk onderdeel vande regels is geen algemeen verbindend voorschrift dus daartegenstaat bezwaar en beroepopen. Het tweede lid bevat een verbod om de inzamelmiddelenbuiten het perceel te laten staanna afloopde bepaaldedag en tijden. Gebruikers van een perceel zijn gehouden de inzamelmiddelenbinnenhet perceel te bewaren. Het verbod geldt ookvoorafval dat opde ophaaldagis buitengezet, maarom wat voorreden dan ook, niet is opgehaald.

Het derde lid bevat een grondslagvoornadere regels over de wijze van gebruik van inzamelmiddelenen inzamelvoorzieningen voorcategorieënvan percelen.Te denken valt aaneen onderscheid dat gemaakt kan worden tussen hoogbouwen laagbouw.De regels kunneneen vrijstelling van het verbod in het eerste lid of het verbod in het tweede lid inhouden.Deze vrijstelling blijkt dan uit de nadere regels van het college. Artikel 11 Inzamelingbedrijfsafvalstoffen door inzameldienst

De inzameldienstkan ookbepaaldebestanddelenvan bedrijfsafvalstoffeninzamelen. Anders dan bij huishoudelijke afvalstoffengeldt voorbedrijfsafvalstoffenechter geen zorgplicht voorde gemeente. Inzamelingvan bedrijfsafvalstoffendoorde inzameldienstis daaromeen daarvante onderscheiden activiteit waarbij de inzameldiensttegen vergoeding afval inzamelt bij bedrijven. In de praktijkgaat het daarbij veelal om afval uit de KWD-sector of bouw- en sloopafval(voorzover dit niet wordt gerekend tot het huishoudelijk afval). Artikel 12 Aanbiedingter inzamelingvanbedrijfsafvalstoffen

Alleen die bedrijven die betalen voorde gemeentelijke inzamelvoorzieningen mogen hun bedrijfsafvalstoffenaanbiedenaande inzameldienst.

pagina 14

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR Artikel 13 Regelingvaninzamelingvan bedrijfsafvalstoffen

Het college kan, net als bij huishoudelijke afvalstoffen,regels stellen over de wijze waarop de bedrijfsafvalstoffenter inzamelingmoetenworden aangeboden.De basis voorhet stellen van regels over de inzamelingvan bedrijfsafvalstoffenkan worden gevondenin artikel 10.23, derde lid, van de Wm. De memorie van toelichting zegt hierover: 'Ten aanzienvan de inzamelingvan bedrijfsafvalstoffenof gevaarlijke afvalstoffenmogen ookin het belang van de bescherming van het milieuregels worden gesteld. Blijkens het derde lid mogendeze regels geen vergunningstelselinhouden. Dit is krachtens artikel 10.48 van de Wm voorbehoudenaande minister. Vanzelfsprekendmogende gemeenten hun bevoegdheid evenmin benuttenter bevoordelingvan de eigen inzameldiensten ten nadele van andere aanbiedersopde markt.' (Kamerstukken26 638, nr. 3, blz. 48.) Het is dus mogelijk om in het belang van het milieu bepaaldedagen te kunnenaanwijzenwaaropbedrijfsafvalstoffen mogenworden ingezameld. Bijvoorbeeld ter beperking of voorkomingvan geluidhinder of aanzuigendewerking of om ritten zoveel mogelijk te combineren.Dit artikel kan met name van belang zijn voorde inzamelingvan bedrijfsafvalstoffenin een (historisch) centrum. Uiteraard kunnendeze regels gelden vooralle betrokken inzamelaarsdie bedrijfsafvalstoffen ophalen. Artikel 14 Dumpingsverbod

Dit artikel heeft primaireen milieubeschermende functieen beoogtde gemeenteneen instrumente geven om illegale dumpingen,voorzover geen hogere wet- of regelgeving van toepassingis, of het ontstaan van zwerfafval tegen te gaan.Uiteraard zal in een aantal gevallen het brengen van stoffenopof in de bodem zodanigkunnengebeuren dat een hogere wet, zoalsde Wet bodembescherming, de Waterwet of het Besluit bodemkwaliteit van toepassingis. In het eerste lid worden bewust de termen stofen voorwerpgebruikt en niet alleen de term afvalstof,omdat niet altijd duidelijk is of de desbetreffende stoffen of voorwerpenafvalstoffenzijn. Artikel 10.25, ondera, van de Wm is de grondslagvoorhet opnemenvan een dergelijk artikel in de Afvalstoffenverordening. Artikel 15Zwerfafvalin de openbareruimte

Op grond van artikel 10.25, ondera en b, van de Wm kunnengemeentenin de Afvalstoffenverordening de zwerfafvalproblematiek regelen. Er is sprakevan facultatief medebewind. Gemeenten hebben hiertoe de bevoegdheid, maargeen wettelijke plicht. Het eerste lid gaatover straatafval.Dat is afval dat onderweg ontstaat,buiten een perceel, dat niet als zwerfafval opstraatof in het plantsoen terecht dient te komenen waarvoor afvalbakkenof voorzieningen zijn om zich daarvanter plekke te ontdoen(voorzover van beperkte omvangen gewicht). Klein chemisch afval is uitdrukkelijkuitgeslotenvan de omschrijving. Dit afval dient in alle gevallen via de daartoeopgezetteinzamelstructuur te worden verwijderd. Het gaat hier per definitie om afvalstoffendie 'buiten een perceel ontstaan'.Een huishoudelijke afvalstof,ontstaan opof binnenhet perceel, moet worden aangebodenvolgensde bepalingenuit paragraaf 2. In het derde lid behoeft het begrip zwerfafvalzelf geen verdere definitie. Uit de redactie blijkt dat van zwerfafval sprake is wanneerter inzamelinggereedstaandafval wordt verspreid, omgestotenof omgeschopt, enz. De redactie brengt ookmee dat doorzoekenop een manierdie geen zwerfafval veroorzaakt,bijvoorbeeld doormorgensterrenof stadsjutters, niet onderhet verbod valt. Artikel 15aOngeadresseerd drukwerk

Artikel 15a heeft als doel om de verspreiding van ongewenstdrukwerk, en daarmee uiteindelijkafval, te voorkomen.De grondslagvoordit artikel is artikel 10.23 van de Wm. In het eerste lid zijn de definities opgenomen met het onderscheid tussen ongeadresseerd reclamedrukwerkvoorcommerciëledoeleindenen huis-aan-huisbladenof drukwerk van niet commerciëleorganisaties,waaronderookpolitiekepartijen.

pagina

15

ons kenmerk

22.81B

22.81

gemeente Rheden

Raadsvergadering 29 november 2022 Agendapunt12 DR

Met ongeadresseerdreclamedrukwerk wordt in deze verordeningbedoeld al het reclamedrukwerk dat zonderadres wordt aangeboden.Onder deze definitie vallen alle aanduidingen zondertoevoegingvan een feitelijk adres, zoals bijvoorbeeld 'aande bewoners van dit pandof gebouw'. De gemeente kiest voordit onderscheid omdat huis-aan-huisbladenen pamfletteneen belangrijke functievervullenvooronder meer de nieuwsverspreidingop lokaalniveauen de socialecohesie in de buurt. Daarbij hebben deze bladen een lage frequentie. In het tweede lid is bepaalddat huis-aan-huisbladenbezorgd mogenworden bij een perceel (een woning,bedrijf of woonschip),tenzij de ontvangeronmiskenbaar duidelijk heeft gemaaktdeze bladen niet te willen ontvangen.Met de komst van nee-nee-,ja-ja-en nee-jabrievenbusstickers kunnenbewoners hun voorkeurten aanzienvan de ontvangstvan commercieel reclamedrukwerk en/ofde huis-aan-huisbladenkenbaarmaken (zie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25 februari 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:1528). Tabel 1: Overzichtwanneerbezorging gewenstis en dus mag geschieden Overzichtstickers Ongeadresseerd Ongeadresseerde huis-; reclamedrukwerk gewenst huisbladengewenst

ja-ja sticker

Ja

Ja

geen sticker of nee-ja sticker

Nee

Ja

nee-neesticker

Nee

Nee

In het derde lid is bepaalddat de gemeente bezorging van ongeadresseerdreclamedrukwerk uitsluitendtoestaatals de ontvangendebewonerof gebruiker van een perceel (een woning, bedrijf of woonschip)onmiskenbaar -met een ja-jasticker- duidelijk heeft gemaaktdat hij het ongeadresseerdereclamedrukwerkwil ontvangen.Daarbij gaat het niet alleen om de bezorging maarookom het laten bezorgen. De adverteerders dienen zich ookaandit zogenoemdeopt-insysteem te houden (zie Gerechtshof Amsterdam 24 september 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:3423). Artikel 16Zwerfafvalrondom inrichtingen

Dit sluit aanbij artikel 2.13 van het Activiteitenbesluit milieubeheer, maar heeft het meer toegespitstop de problematiekvan zwerfafval en wijkt daaromopeen aantalpuntenvan dat artikel af. Dit is een toegestaneaanvulling van het Activiteitenbesluitmilieubeheer. Na inwerkingtredingvan de Ow vervalt het Activiteitenbesluit Milieubeheer. De in het tweede lid van dit artikel geregelde materie is dan opgenomen in het tijdelijke deel van het omgevingsplan. In artikel 22 is om die reden een wijziging van dit artikel opgenomen, die in werking treedt als de Ow in werking treedt. Artikel17 Afvalen verontreinigingop de weg

Het gaat in dit artikel met nameover laden, lossen en vervoeren. Het artikel bevat een gebod om de veroorzaakteverontreinigingopte ruimen. Mocht aandit gebod geen gehoor gegeven worden, dan is sprakevan een overtreding die strafbaaris gesteld opgrond van artikel 20. Daarnaastis er de mogelijkheid om doormiddel van bestuursdwangtot opruiming te dwingen. Dit kan inhoudendat de gemeente de verontreinigingzelf opruimten de kosten daarvooropde overtreder verhaalt. Artikel 18 Geenopslagvanafvalin de open lucht

Kern van dit artikel is opslagvan huishoudelijke afvalstoffen,het gaat niet op het bewaren van afvalstoffenvooraanbiedingtijdens de eerstvolgende inzamelingdaarvan. Waarneembaar gaat in de eerste plaatsom zicht. Daarnaastkan sprakezijn van reukoverlast. pagina 16

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

j

Agendapunt12 DR Artikel 19 Ontdoen vanautowrakken

In dit artikel is de afgifte van autowrakken doorhuishoudens geregeld. Op grond van artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken(hierna: BBA) moetengemeenten in hun Afvalstoffenverordening bepalendat een autowrak,zijnde een huishoudelijk afvalstof,slechts mag worden afgegeven aanautodemontagebedrijven, garages en autoschadeherstelbedrijven of aaneen persoondie in een ander land dan Nederland is gevestigd (onderstrikte voorwaarden).Op grond van artikel 7 van het BBA worden autowrakken, afkomstigvan huishoudens uitdrukkelijkuitgezonderdvan de gemeentelijke zorgplicht voorde inzamelingvan huishoudelijk afval. Artikel 19aKadavers vangezelschapsdieren

Dit artikel betreft de inzamelingvan kadavers van gezelschapsdieren. Het eerste lid regelt wat ondergezelschapsdier moet worden verstaan.Tot de gezelschapsdieren worden gerekend ondermeer honden, katten, knaagdieren,kooi-en volièredieren,duiven en vissen. Konijnen,kippen,kalkoenen,kwartels, parelhoenders,eenden, ganzenen fazantenbehoren eveneenstot deze categorie indien er geen commerciëleopbrengstaanverbondenis, zoals de (commerciële) productievan vlees, wol, pels, eieren, pluimenof huiden. Het artikel heeft geen betrekking op hobby- en landbouwhuisdierenzoals runderen,paarden,schapen, (dwerg)geiten, hangbuikzwijnen,varkensen herten. De gemeente draagt zorg voorde verwerking en verwijdering van kadavers van gezelschapsdieren. De kadavers zijn een bijzondere vorm van afvalstoffen,die opgrond van de Wet dieren nadere regeling behoeven. De grondslagvoordeze nadere regeling is deels gelegen in artikel 10.23 van de Wet milieubeheer, en voorhet overige in artikel 3.5 van de Wet dieren. De Wet dieren verplicht de gemeente diegene aante wijzen die met de inzamelingvan kadavers is belast (tweede lid). Deze draagt dan zorg voorde overdracht van de kadavers van gezelschapsdieren aanRendac Son B.V. Deze verwerker is doorde minister van Landbouw,Natuuren Voedselkwaliteit aangewezenopgrond van artikel 3.3, eerste lid, van de Wet dieren.

In het tweede tot en met vierde lid zijn de verantwoordelijkhedenen plichten van de houder van een kadavervan een gezelschapsdier opgenomen.De houder (meestal de eigenaar)is ervoorverantwoordelijkdat het kadaver wordt verwijderd. Op grond van de Wet dieren kan de houder het dier opeigen terrein begraven, of afgeven aaneen van de erkende dierencrematoriaof dierenbegraafplaatsen. In dat geval gelden de bepalingenin het vierde lid niet voorde houder opgrond van het zesde lid. Als de houder van die mogelijkheid geen gebruik maakt, dan moet de houder het kadaver afgeven aandegene die de inzamelingdaarvandoet. Deze afgifte vindt plaatsuiterlijk opde eerste werkdag nadatde houder het overlijden heeft geconstateerd.Tot het momentvan afgifte wordt het kadaverzodanigbewaard dat er geen vermenging met ander materiaalkan plaatsvinden(vijfde lidj. Artikel 21 Toezichthouders

Deze systematiek volgt uit artikel 18.1a van de Wm en artikel 5.10, derde lid, ondera, van de Wet algemene bepalingenomgevingsrecht (hierna: Wabo). Artikel22 Wijzigingen alsgevolgvande Omgevingswet en overgangsrecht

De inwerkingtredingvan de Ow is voorzienop 1 januari2023. Hierbij worden tevens wijzigingen in de Wm aangebrachtdie van invloed zijn opdeze verordening. In artikel 14, tweede lid, onderd, zijn wetten opgenomen die voorranghebben op het verbod, genoemd in het eerste lid van dat artikel. Op grond van hoofdstuk 3 van de Aanvullingswetbodem Omgevingswet blijft aande Wet bodembescherming en het Besluit bodemkwaliteit enige werking toekomen.In het onderdeel moet 'Waterwet' vervallen en 'Omgevingswet' worden toegevoegd.

pagina 17

onskenmerk 22.81B

22.81

Raadsvergadering 29 november2022

gemeente Rheden

Agendapunt12 DR als Voorde materie geregeld in artikel 16, tweede lid, geldt dat deze is opgenomen onderdeel van de zogenoemdebruidsschat (artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet) die een onderdeel uitmaaktvan het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente (artikel 22.53 in paragraaf 22.3.3 Zwerfafval van de bruidsschat behorende bij het InvoeringsbesluitOmgevingswet). Het tweede en derde lid kunnenom die reden vervallen. De verplichting om vooreen afvalbakzorg te dragen, bedoeld in het eerste lid, blijft wel bestaan. Voorde artikelen 18 en 19 houdt de inwerkingtredingvan de Ow in dat het begrip inrichting in de Wm vervalt. Dat vergt een beperkte aanpassing in deze verordening. Voorartikel 21 geldt dat toezichthouders aangewezenkunnenworden opgrond van artikel 18.6 van de Ow. De Wabo vervalt weliswaar, maarop het momentvan de inwerkingtreding van de Ow zijn niet meteen alle toezichthouders die opgrond van die wet zijn aangewezen opnieuwaangewezen.De verwijzing naarde Wabo kan dus blijven staan.

pagina 18

onskenmerk 22.81B

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=cc0b5c21-1191-4cce-a51b-49114014a218