CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefbrief 2026 De Connectie

Raadsvergadering 22 april 2025, gemeente RhedenBij agendapunt: Perspectiefbrief De Connectie 20264.034 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

« oe Connectie Aan de raden van de gemeenten Arnhem, Renkum en Rheden

Datum

: 25-02-2025

Contactpersoon

: Diderick Holtland

Telefoonnummer

: 06-11238318

Onderwerp: Perspectiefbrief 2026

Geachte raadsleden, Hierbij ontvangt u de Perspectiefbrief 2026 van De Connectie. In deze brief leest u over de belangrijkste ontwikkelingen die wij de komende jaren verwachten. De grootste ontwikkeling die op dit moment op De Connectie zelf af komt is de mogelijke omvorming naar een enkelvoudige centrumregeling als onderdeel van de gemeente Arnhem. Indien deze ontwikkeling doorgang vindt zal dit veel vragen van De Connectie in 2025 en 2026. Niet alleen moet de omvorming voorbereid en uitgevoerd worden maar ook de reguliere dienstverlening blijft in deze jaren doorgaan. Voor sommige ontwikkelingen heeft het de voorkeur een definitieve keus over het construct van De Connectie af te wachten. Ondanks de beperkte capaciteit en de nog te maken keuzes over het construct schetsen we in deze briefde belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van bedrijfsvoering. Dit omdat deze ontwikkelingen, ongeacht de omvorming, op onze organisaties afgaan komen en we uw raden de gelegenheid willen geven zich op deze ontwikkelingen voor te bereiden.

Het doel is om de perspectiefbrief in uw gemeenten op hetzelfde moment te kunnen behandelen als de kadernota's van de gemeenten zelf. Zo kan verbinding worden gemaakt met de gemeentelijke opgaven en ontstaat er ruimte voor het maken van integrale afwegingen tijdens het opstellen van de gemeentelijke begroting. De gemeenten en De Connectie hebben samen opgetrokken bij de totstandkoming van deze perspectiefbrief, alsof het een onderdeel is van de kadernota's van de gemeenten.

Perspectiefbrief of Perspectiefnota ? U ontvangt van ons een perspectiefbrief en geen perspectiefnota of kadernota. De reden hiervoor is dat het financiële gevolg van de verwachte ontwikkelingen voor een groot deel afhankelijk is van de overwegingen en keuzes die uw raden maken. Deze perspectiefbrief neemt u mee in de uitgangspunten voor de begroting, en actualiseert de toekomstige ontwikkelingen en de gevolgen hiervan voor het meerjarenperspectief. Met het vaststellen van deze brief wordt nog geen besluit genomen over het uitvoering geven aan de geschetste ontwikkelingen. Dit gebeurt als onderdeel van de beleidsdocumenten van de gemeenten.

1

I Uitgangspunten voor de begroting Voor de begroting zijn de volgende uitgangspunten van toepassing: we passen de loonkostenbudgetten aan op basis van de reële loonkostenontwikkeling op grond van cao-afspraken en premieontwikkelingen. Voor het begroten van de effecten van (autonome) prijsontwikkelingen gebruiken we de prijsindexatie voor de materiële overheidsconsumptie. De raming hiervan vindt u in de Macro Economische Verkenning (MEV) en in het Centraal Economisch Plan (CEP).

Kostenbeheersing De ontwikkeling naar outputsturing en -bekostiging1 kan een belangrijk hulpmiddel zijn bij het verkrijgen van inzicht in, en het sturen op, afnamevolumes door gemeenten en hiermee op het kostenniveau van de bedrijfsvoering. De colleges van uw gemeenten hebben de intentie uitgesproken vanaf 2026 te gaan werken volgens het kostprijsmodel waarbij de instandhoudingskosten niet doorgerekend worden aan Rheden en Renkum. In 2025 wordt met dit kostprijsmodel proefgedraaid om het model te valideren en waar nodig bij te stellen. Daarnaast kan het nog niet benutte harmonisatiepotentieel door de gemeenten worden gebruikt om de kosten voor de bedrijfsvoering beheersbaar te houden. In de praktijk blijkt dat nog niet alle mogelijkheden volledig zijn benut en dat gemeenten -waar sprake is van een standaard- hier nog regelmatig van afwijken. Aan de ene kant bieden niet-geharmoniseerde oplossingen misschien meer flexibiliteit, maar aan de andere kant brengen deze dan weer uitdagingen met zich mee in het beheer hiervan. Het is noodzakelijk om zorgvuldig af te wegen welke aanpak het meest geschikt is en daarbij ook rekening te houden met de specifieke behoeften en doelstellingen van de verschillende organisaties.

Afgelopen jaar is De Connectie door de gemeenten niet volledig gecompenseerd voor loon- en prijsstijgingen. De compensatie was gemaximaliseerd op 3,5%. Om ervoor te zorgen dat De Connectie hierdoor geen structureel begrotingstekort heeft zijn er keuzes in de dienstverlening gemaakt door de gemeenten en bespaart De Connectie op haar eigen bedrijfsvoering. Gezien de financiële onzekerheden waar de gemeenten mee te maken hebben houdt De Connectie rekening met het scenario dat we niet volledig gecompenseerd worden voor loon- en prijsstijgingen door de gemeenten. Dit levert - mogelijk een nieuw begrotingstekort op. Als dit zich voordoet denkt De Connectie mee met de gemeenten hoe via nieuwe keuzes in de dienstverlening dit begrotingstekort kan worden opgevangen. De Connectie heeft begrip voor de financiële situatie bij de gemeenten. Tegelijkertijd lezen we in deze perspectiefbrief noodzakelijke en wenselijke aanpassingen in de bedrijfsvoering naar aanleiding van autonome (wettelijke) ontwikkelingen. Het is van belang hier een balans in te vinden. Daarom blijven we hier over in gesprek met de gemeenten. II Actuele en toekomstige ontwikkelingen We nemen u in deze perspectiefbrief graag op hoofdlijnen mee in een aantal ontwikkelingen die wij nu en in de nabije toekomst zien en die de bedrijfsvoering en hiermee de dienstverlening van De Connectie raken.

1 Sturen en bekostigen op basis van resultaat (i.c. geleverde producten en diensten)

2

1. Omvorming naar enkelvoudige centrumregeling De colleges van de deelnemende gemeenten hebben de intentie uitgesproken om de huidige samenwerkingsvorm van De Connectie om te zetten. Dat zou moeten gaan van een bedrijfsvoeringsorganisatie in het kader van de WGR (Wet gemeenschappelijke regelingen) met gedeeld eigenaarschap naar een enkelvoudige centrumregeling met de gemeente Arnhem als gastheer en de gemeenten Renkum en Rheden als gast. Daarmee wordt de samenwerkingsvorm 'lichter' gemaakt, met een verschuiving van zeggenschap (en risico) naar één gemeente. Volgens de huidige regeling moet een omvormingsplan worden opgesteld door een onafhankelijke derde partij (Artikel 27) bij het ontbinden van de huidige regeling. Het plan zal in 2025 moeten worden uitgevoerd en moet nauw aansluiten bij het uitvoeren van het zogenaamde 'invlechtingsplan' dat de gemeente Arnhem opstelt. Ook wordt er een overkoepelende businesscase opgesteld voor alle betrokken partijen: De Connectie, de drie gemeenten, en derden. Penvoerder van deze businesscase is de gemeente Arnhem maar Rheden, Renkum en De Connectie schrijven mee. In het voorjaar van 2025 worden deze documenten voorgelegd aan de gemeenteraden van de drie gemeenten. Wanneer zij hier mee in stemmen kan er gevolg worden gegeven aan deze intentie.

Om de leesbaarheid van deze paragraaf te verhogen gaan we er in onderstaande van uit dat zij deze keus maken. De rest van de brief gaat over inhoudelijke ontwikkelingen op het gebied van bedrijfsvoering en deze inhoudelijke ontwikkelingen blijven onveranderd ongeacht de keuzes die gemaakt worden over het bestuurlijk construct van De Connectie.

Een belangrijk uitgangspunt bij de omvorming is het begrip "as is". Dit betekent dat het uitgangspunt is dat de taken, het personeel, de organisatie en alle overige boedel van De Connectie geheel en ongedeeld door de gemeente Arnhem worden overgenomen. De voorbereiding om van een zelfstandige bedrijfsvoeringsorganisatie over te gaan naar een centrumconstructie binnen de gemeente Arnhem zal het gehele jaar 2025 een grote inspanning van alle afdelingen van De Connectie vragen. Deze grote inspanning vraagt ons ook om goede afwegingen te maken in de inzet van capaciteit in 2025. De Connectie is in basis een uitvoeringsorganisatie. De verwachting is dat er niet overal voldoende capaciteit is om naast het continueren van de dienstverlening een significante bijdrage te leveren aan het omvormings- en invlechtingsproces. Dit wordt onderdeel van businesscase, omvormings- en invlechtingsplan. De eerste prioriteit is het open houden van de winkel in 2025. Daarnaast is het belangrijk om waar mogelijk in te blijven zetten op het doorontwikkelen van de dienstverlening en het (blijven) doen van noodzakelijke en wenselijke aanpassingen in de bedrijfsvoering naar aanleiding van autonome (wettelijke) ontwikkelingen. Dit mede omdat de dienstverlening in de nieuwe situatie één op één (as is) wordt doorgezet.

Het heeft voor sommige ontwikkelingen de voorkeur om te wachten tot er een definitieve keuze gemaakt is over of en hoe de constructie van De Connectie wordt aangepast. Om hierin de juiste afweging te maken blijven we, waar nodig, in gesprek met de gemeenten.

3

2. Digitale dienstverlening In de huidige Regionale Informatievisie en -strategie zijn de technologische trends en trends op het gebied van informatievoorziening uitgewerkt. We zien de trend dat inwoners en bedrijven technologie steeds sneller omarmen en gebruiken. Bovendien verwachten zij ook steeds meer van gemeenten op het gebied van digitale dienstverlening. Men wil bijvoorbeeld op elk moment zaken kunnen doen met de gemeente en verwacht daarom ook dat gemeenten deze mogelijkheid bieden. Digitale dienstverlening heeft gevolgen voor de manier waarop gemeenten producten en diensten aanbieden. Op de beleidsterreinen Burgerzaken en Werk & Inkomen zien we bijvoorbeeld de komende jaren een flinke toename van e-dienstverlening. Door de toename van e-dienstverlening groeit de afhankelijkheid van de ICT-infrastructuur. Daarmee neemt ook het belang van een betrouwbare ICTinfrastructuur verder toe.

Binnen de gemeenten staat digitalisering van de dienstverlening hoog op de agenda. Er zijn inmiddels diverse programma's en projecten om hier uitvoering aan te geven. Al deze initiatieven hebben dezelfde doelstelling: het verbeteren van de digitale dienstverlening en de (digitale) informatiehuishouding. De effecten van het digitaliseren van de dienstverlening op de bedrijfsvoering hangt af van de gekozen oplossingen.

Op het gebied van archivering neemt het analoge (fysieke) archief af en het digitale archief toe. Als digitaal archiefbeheer meer de norm wordt, verschuift de aandacht steeds meer naar het uitvoeren van kwaliteitscontroles, met andere woorden, van operationeel naar tactisch informatiebeheer. In 2024 is gestart met kwaliteitsverbeteringen op het gebied van informatiebeheer om die transitie van operationeel naar tactisch informatiebeheer mogelijk te maken. In 2025 en verder wordt deze transitie verder ondersteund door de inzet van kwaliteitsmedewerkers die een brug slaan tussen de vakafdelingen en informatiebeheer. Een centraal Document Management System - Record Management Application (DMS-RMA) kan in grote mate bijdragen aan verregaand geharmoniseerd archiefbeheer (in systemen en processen). Om een programma van eisen op te kunnen stellen voor de aanbesteding van het DMS-RMA is een regionale visie informatiebeheer opgesteld. In 2025 wordt het programma van eisen opgesteld. Hierna volgt de aanbesteding. De nog te maken keuzes over het centraal DMS-RMA bepalen het uiteindelijke kostenniveau.

De overgang naar meer digitale dienstverlening heeft over het algemeen eerst een tijdelijk kostenverhogend effect. Denk bijvoorbeeld aan de extra capaciteit die nodig is voor deze overgang. Er zijn ook kostenverhogende effecten die een blijvend karakter hebben. Dit zijn bijvoorbeeld kosten als gevolg van de toenemende eisen op het gebied van connectiviteit, beschikbaarheid informatieveiligheid en privacy. 3. Cloud computing Een belangrijke ontwikkeling is de beweging naar Cloud computing. Bij Cloud computing zijn hardware, software en gegevens steeds meer via het internet beschikbaar. Er zijn dan geen lokaal geïnstalleerde oplossingen meer nodig. Wij zien dat de meeste softwareleveranciers al bezig zijn hun informatiesystemen om te bouwen met het idee dat ze ergens de komende jaren deze alleen nog maar via de Cloud beschikbaar hoeven te stellen. Het gevolg daarvan is dat het aantal lokale installaties zal gaan afnemen. De beweging naar de Cloud geeft vakafdelingen de mogelijkheid om het digitaliseren te

4

versnellen, geeft ze extra flexibiliteit en biedt mogelijkheden om sneller te kunnen innoveren zodat ze tijdig en op een passende manier kunnen reageren op veranderingen. Een aanvullend voordeel van werken in de Cloud is de verminderde vatbaarheid voor ICT-storingen. Het is van belang om de gevolgen van de ontwikkelingen op het gebied van Cloud computing goed in beeld te houden, om hier vroegtijdig op te kunnen sturen. De ICT-organisatie krijgt, als gevolg van de beweging naar de Cloud, te maken met een verschuiving van haar aandachtsgebied. Deze gaat van lokaal beheer naar het beheer van Cloud services. Hierdoor ontstaan nieuwe uitdagingen op het gebied van informatieveiligheid en het volgen van de hieraan gerelateerde wet- en regelgeving. Cloud computing vraagt ook om andere kennis en vaardigheden van het personeel om effectief met Cloud technologieën om te gaan.

Een Cloudstrategie, als onderdeel van de strategische IV-agenda, is van belang om de doelstellingen van de gemeenten goed te kunnen blijven ondersteunen. In 2024 is de Regionale Informatievisie en -strategie opgezet en in 2025 zal deze geformaliseerd worden. In 2024 is het bestaande IT-landschap uitgebreid met de noodzakelijke voorzieningen om de beweging naar de Cloud voor de gemeente goed te kunnen faciliteren en is er kennis en kunde opgebouwd om hierin met de gemeente mee te kunnen bewegen. De komende jaren zal deze ontwikkeling van technologie en noodzakelijke kennis en kunde verder gaan. In 2024 hebben we stappen gezet voor de bestaande Back-up en Restore omgeving, in 2025 en verder gaan we door met deze beweging en worden de eigen Datacenters en de serversystemen in het beeld van de Cloud ontwikkelingen opnieuw aanbesteed. De ontwikkeling van Cloud computing leidt ook tot verschuivingen in de manier waarop kosten zijn opgebouwd. Lokale oplossingen leiden namelijk vaak tot investeringen en kapitaalslasten. Cloud oplossingen brengen juist operationele kosten met zich mee, zoals licentiekosten. Ook moet rekening worden gehouden met het feit dat kosten van implementatie en ingebruikstelling niet meer kunnen worden 'mee-geïnvesteerd' bij de aanschaf van een applicatie. Dit betekent dat deze kosten ineens ten laste van de exploitatie komen.

Het is verstandig om hiervoor te reserveren.

4. Artificiële intelligentie Een trend die benoemd wordt in de regionale informatievisie en strategie is generatieve Al2. De toepassing van kunstmatige intelligentie bij (big) data-analyses biedt kansen om maatschappelijke opgaven te helpen oplossen. Kunstmatige intelligentie is informatietechnologie die in meer of mindere mate zelfstandig beslissingen neemt of handelingen uitvoert op basis van vooraf geanalyseerde data. Kenmerk van Al-systemen is dat zij een zekere autonomie hebben. Belangrijk is dat dit altijd binnen de kaders van een organisatie gebeurd en altijd in samenwerking met mensen. Ondersteunend aan mensen, niet in plaats van mensen en op een ethische manier. Het is belangrijk, dat er een overkoepelend beleid komt over hoe om te gaan met deze ontwikkeling en op welke wijze we dit binnen de organisaties inzetten. We zetten de beleidsontwikkelingen hier op voort.

2 Systemen die zelf 'leren' door een grote hoeveelheid data te analyseren en patronen te herkennen

5

5. Informatieveiligheid In de Regionale Informatievisie en -strategie is al opgemerkt dat je nooit kunt spreken van informatieveiligheid of privacy die op orde is. De toenemende complexiteit, de groeiende hoeveelheid data en de toename van bedreigingen vragen voortdurend om een actieve houding ten aanzien van informatieveiligheid. Bovendien stelt de wetgever steeds verdergaande eisen aan informatieveiligheid. Om de informatieveiligheid te vergroten is een driejarig programmaplan opgesteld door de gemeente Arnhem en De Connectie. De gemeenten Renkum en Rheden nemen op onderdelen deel. Het programma bestaat onder andere uit projecten voor Bewustwording, Identity & Access Management (IAM)3 en Business continuity management (BCM)4.

Voor de financiële gevolgen van dit programma moet verschil worden gemaakt tussen de kosten voor het uitvoeren van het programma enerzijds én de (soms structurele) kosten die volgen uit de noodzakelijke interventies die uit het programma naar voren komen anderzijds. Voorde kosten van de uitvoering van het programma zijn middelen gereserveerd. Dit geldt in belangrijke mate niet voor de noodzakelijk interventies die nog uit het programma volgen. Op dit moment verwachten we extra kosten voor aanpassingen in het IT-landschap als gevolg van toenemende eisen op het gebied van informatieveiligheid. Denk bijvoorbeeld aan Identity & Acces Management en Disaster recovery and back-up5. De afdeling ICT moet nog verder professionaliseren en uitbreiden als gevolg van de noodzakelijk benodigde specifieke proces- en securityrollen. Het gaat hierbij zowel om kennis en kunde als om het aanpassen van werkprocessen. Over de structurele uitbreiding die nodig is om de uitkomsten en interventies uit het programma structureel te borgen zijn wij in gesprek met de gemeente Arnhem.

6. Kwaliteit en klanttevredenheid Om de dienstverlening aan de gemeenten verder te verbeteren, is het belangrijk om transparant te zijn over de geleverde kwaliteit van de dienstverlening én om aan de klanten te vragen hoe zij de dienstverlening beleven. Het objectief meetbaar maken van de dienstverlening gebeurt op basis van vastgestelde Kritische Prestatie Indicatoren (KPI's). De mate waarin de dienstverlening voldoet aan de gestelde KPI's geeft een beeld van de kwaliteit van de interne bedrijfsvoering en de geleverde diensten aan de gemeenten.

In 2024 is een klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. De uitkomsten hiervan zijn gepresenteerd aan de gemeenten. De resultaten van de KPI's en het klanttevredenheidsonderzoek geven ons handvatten om verbeteringen door te voeren in de dienstverlening of de dienstverleningsafspraken.

7. Huisvesting Na de gemeente Rheden staan ook de gemeenten Arnhem, Renkum, en De Connectie voor enkele grote huisvestingsopgaven. De gemeente Arnhem heeft een programma van eisen voor haar eigen huisvesting afgerond. Er is nu zicht op wat er (minimaal) nodig is voor de huisvesting, bijvoorbeeld de benodigde ruimte. De komende jaren gaat duidelijk worden op welke wijze hier invulling aan gegeven gaat worden. Intussen oriënteert de gemeente Arnhem zich op het verbeteren van de huisvesting in het Stadskantoor en een tijdelijke inpassing van werkplekken en functies uit het Stadhuis. Dit laatste houdt verband met 3 Het regelen dat de juiste mensen en entiteiten (bijvoorbeeld organisaties, instanties of afdelingen) het juiste toegangsniveau hebben tot netwerken, databases en applicaties. 4 Het management dat nodig is om na een ramp of niet-verwachte gebeurtenis, producten of diensten te kunnen blijven leveren op aanvaardbare, vooraf vastgestelde niveaus. 5 Het herstel van (toegang tot) applicaties en gegevens na een storing

6

de mogelijke uitbreiding van het Stadhuis. De Connectie volgt de gemeente Arnhem in haar keuzes over huisvesting. De Connectie is onderdeel van het programma van eisen van de gemeente Arnhem.

De gemeente Renkum heeft besloten het huidige gemeentehuis niet te renoveren maar om elders (tijdelijke) huisvesting te zoeken. De Gemeente Rheden heeft haar nieuwe gemeentehuis in gebruik genomen. Bij de ontwikkeling van al deze ver- en nieuwbouwplannen zetten we volop in op het al omarmde concept van tijd- en plaats onafhankelijk werken. Hierdoor vindt een verschuiving plaats in wat nodig is op kantoor en thuis.

Het is van belang om de blijvende effecten van het afnemend aantal te faciliteren kantoorwerkplekken, als gevolg van de afnemende flexfactor6, in beeld te hebben. In de markt zien we dat er een andere ruimtebehoefte, met andere voorzieningen, ontstaat. De dienstverlening van De Connectie zullen we op deze veranderende behoefte moeten aanpassen. Het is van belang om inzicht te krijgen in gemeentelijke huisvestingsplannen en de bijbehorende tijdslijnen, zodat De Connectie haar dienstverlening daarop kan laten aansluiten, de middelen hiervoor kan plannen en om eventuele knelpunten op tijd te signaleren. Binnen de begroting van De Connectie is geen dekking voor de incidentele (project-)kosten volgend uit de verhuisbewegingen. Hierbij valt te denken aan de kosten voor het projectmanagement, maar ook van afbouw, opslag, verhuizing en herinrichting. Het kostenniveau op langere termijn is afhankelijk van de nog te maken keuzes van de gemeenten en De Connectie, bijvoorbeeld ten aanzien van de flexfactor, de gewenste faciliteiten voor thuiswerkplekken en het gewenste kantoorgebruik. Dan pas kan inzichtelijk worden gemaakt of het huidige budget voldoende is voor de invulling van de toekomstige voorzieningen.

8. Woondeal 2.0 De Woondeal 2.0 is een samenwerkingsagenda voor de woningbouwopgave in de regio ArnhemNijmegen. De reden voor deze Woondeal is het hoge woningtekort in onze regio. Door het tekort zijn de woonopgaven bovengemiddeld en staat de uitvoering onder druk. De samenwerkingsagenda, vooral op het gebied van de feitelijke planning van de realisatie van woningen, heeft gevolgen voor de producten basisregistraties en belastingen.

De basisregistraties zijn ingericht om jaarlijks een gemiddelde areaalontwikkeling7 te kunnen verwerken. Dit aantal mutaties verdubbelt jaarlijks op basis van de eerdergenoemde Woondeal. De benodigde menskracht is bij nieuwbouw vooral eenmalig bij team Basisregistraties, maar wel arbeidsintensief. Voor team Belastingen geldt dat het aantal te waarderen en te belasten objecten (gebouwen) blijvend toeneemt. Om een goede heffing en inning van gemeentelijke belastingen te kunnen garanderen is dan ook blijvend meer inzet nodig. Samen met de gemeenten volgen we de feitelijke planning van realisatie van woningen uit de Woondeal 2.0 actief. De uitbreiding van het areaal brengt eenmalige én blijvende kosten met zich mee. Wanneer hier sprake van is en in welke mate, is afhankelijk van het tempo waarin de regio de afspraken uit Woondeal 2.0 weet uit te voeren. Er is geen dekking binnen de begroting van De Connectie voor

6 Het aantal werkplekken per fte (voltijdse functie) 7 Ontwikkelingen binnen het (verspreidings-) gebied

7

areaaluitbreidingen. De kosten die we moeten maken als gevolg van areaaluitbreidingen brengen we aanvullend bij de gemeenten in rekening. 9. Acceptatie WOZ-waarde Al langer is er sprake van een stijging van het aantal WOZ-bezwaren. De Rijksoverheid heeft ingegrepen op de te vergoeden kosten voor bezwaarprocedures, maar daarmee is de oorzaak nog niet weggenomen. Het waarderingsproces transparant maken en hier laagdrempelig en interactief over communiceren, kan de acceptie van de WOZ-waarde bevorderen.

Met ingang van 2025 willen we inwoners de mogelijkheid bieden om zogenaamde 'voormeldingen' te doen. Hiervoor is het besluitvormingsproces gestart. In een voormelding worden inwoners uitgenodigd om, voorafgaande aan de waardering, kenmerken van de woning te beoordelen. Deze kenmerken worden gebruikt voor het bepalen van de WOZ-waarde. Hiermee proberen we te bereiken dat de uitkomst van de waardering wordt begrepen en geaccepteerd. De verwachting is desondanks dat ook structureel het aantal bezwaren nog steeds hoger blijft dan het normale peil. Naar verwachting is er uitbreiding van formatie nodig.

10. Overige wettelijke ontwikkelingen Tussen nu en 2026 krijgen gemeenten te maken met 13 nieuwe wetten op het gebied van digitalisering. Deze maken deel uit van de Digital Decade. Digital Decade is een Europees programma dat als gids dient voor digitale doelstellingen die de Europese Unie wil halen in 2030. De wetten en regels hebben te maken met informatieveiligheid, privacy, data(uitwisseling), kunstmatige intelligentie, elektronische identificatie en het gebruik van luchttransport in bewoonde gebieden.

Er wordt gewerkt aan een nieuwe archiefwet. De Tweede Kamer behandelt het wetsvoorstel voor de Archiefwet in het eerste kwartaal 2025. Dit betekent dat de wet naar verwachting niet eerder in werking kan treden dan met ingang van 1 januari 2027, mogelijk schuift dit naar achteren in de tijd. De wijzigingen die deze wet met zich meebrengen hebben ook impact op de dienstverlening van De Connectie. De meeste impact hebben de verkorting van de overbrengingstermijn (de tijd die organisaties hebben om informatie die blijvend bewaard moet worden naar een archiefbewaarplaats te brengen) van 20 naar 10 jaar en de toevoeging risicobenadering voor het beheer van documenten.

De wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties is in 2026 ingegaan. Vanaf 2025 heeft de belastingdienst aangekondigd deze wet actief te gaan controleren, daarvoor gebeurde dat nog niet. De verhoogde controle door de Belastingdienst op de Wet DBA benadrukken het belang van transparante en goed gedocumenteerde arbeidsrelaties. Dit vraagt ook in 2025 om een gezamenlijke inspanning van De Connectie en de gemeenten om risico's te beperken en financiële consequenties te vermijden.

Onderdelen van deze en andere toekomstige wetgeving hebben effect op de gemeenten en beïnvloeden zo dus ook de dienstverlening van De Connectie. Veel wettelijke ontwikkelingen raken daarbij de informatiehuishouding van onze organisaties. ICT-systemen en de kwaliteit van het informatiebeheer krijgen een steeds grotere rol in overheidsdienstverlening. Blijvende investeringen zijn nodig om de bedrijfsvoering aan te laten sluiten bij alle wettelijke ontwikkelingen die op ons afkomen. Niet alleen op het gebied van kennis en vaardigheden van medewerkers, maar ook in de onderliggende bedrijfsprocessen, structuren en systemen.

8

III Gevolgen voor het meerjarenperspectief De besluitvorming over de kadernota's van de gemeenten gebeurt als De Connectie haar ontwerp Meerjarenprogrammabegroting (MJPB) 2026-2029 al heeft aangeboden aan de raden (voor 1 mei 2025). De primitieve begroting8 van De Connectie is daarom beleidsarm. De begroting ontstaat vanuit de algemene uitgangpunten voor loon- en prijsontwikkelingen, ontwikkelingen in de lopende jaar met een blijvende doorwerking naar het opvolgende jaar en door (wettelijke) autonome ontwikkelingen die als onontkoombaar moeten worden gezien. Wij verzoeken uw gemeenteraden om rekening te houden met de perspectiefbrief van De Connectie bij de behandeling van de gemeentelijke kadernota's en bij de daaropvolgende gemeentelijke MJPB. Dit geldt voor de beleidsmatige keuzes, de programmering en bekostiging ten aanzien van ontwikkelingen uit de perspectiefbrief bij de gemeenten zelf. Maar ook voor het gemeentelijke aandeel in activiteiten en kosten die De Connectie als uitvoeringsorganisatie maakt. We verwerken deze laatste categorie vervolgens met de eerstvolgende begrotingswijziging van de primitieve MJPB van De Connectie.

Wij vertrouwen u hiermee voor dit moment voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet,

Namens het bestuur van De Connectie, T.A.F.A. Klomberg, voorzitter

8 De basisbegroting zoals deze is vastgesteld door het bestuur

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=7c46c1c3-bbe7-419b-adbf-9100631e1108