Ontwerpraadsbesluit verordening rekenkamer (23.72)
Tekst van het document
23.72 Raadsvergadering 28 november 2023 Agendapunt GR
Raadsbesluit De raad van de gemeente Rheden; gelezen het voorstel van de griffie d.d. 23 oktober 2023; gelet op de artikelen 81k en 149 van de Gemeentewet;
besluit:
vast te stellen de Verordening gemeentelijke rekenkamer gemeente Rheden 2024
Artikel 1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - college: college van burgemeester en wethouders; - rekenkamer: gemeentelijke rekenkamer als bedoeld in artikel 81a van de Gemeentewet; - voorzitter: voorzitter van de rekenkamer. Artikel 2 Rekenkamer 1 Er is een rekenkamer. 2 De rekenkamer bestaat uit 3 leden, waaronder een voorzitter. Artikel 3 Klankbordgroep 1 Er is een klankbordgroep voor de rekenkamer. 2 De klankbordgroep bestaat uit 3 raadsleden en/of raadsvolgers die door de raad worden benoemd voor de duur van de zittingsperiode van de gemeenteraad. 3 De klankbordgroep heeft tot taak de rekenkamer te voorzien van input, reflectie en advies over de werkzaamheden van de rekenkamer. 4 De rekenkamer en de klankbordgroep overleggen regelmatig. De frequentie en invulling van de gezamenlijke vergaderingen wordt in overleg bepaald. Artikel 4 Herbenoeming De leden van de rekenkamer, waaronder de voorzitter, kunnen maximaal 1 keer voor een periode van zes jaar worden herbenoemd. Artikel 5 Ambtelijke ondersteuning 1 De rekenkamer heeft een ambtelijk secretaris. 2 Burgemeester en wethouders wijzen de ambtelijk secretaris aan, alsmede ook een of meer plaatsvervangers, op voordracht van de voorzitter van de rekenkamer.
pagina
1
ons kenmerk
23.72B
23.72 Raadsvergadering 28 november 2023 Agendapunt GR
Artikel 6 Budget De voorzitter van de rekenkamer is bevoegd binnen zijn budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer. Artikel 7 Vergoeding 1 De leden van de rekenkamer ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. 2 De vergoeding bedraagt voor de voorzitter 35% en voor de gewone leden 30% van de vergoeding voor raadsleden. 3 De leden van de rekenkamer ontvangen daarnaast een vergoeding voor hun reiskosten. Dit is maximaal de belastingvrije kilometervergoeding. Kosten van openbaar vervoer worden geheel vergoed. 4 Als het onderzoek in eigen beheer wordt uitgevoerd, dan ontvangt het lid van de rekenkamer een uurvergoeding. Dit gebeurt op basis van een vooraf door de rekenkamer vastgesteld Plan van Aanpak met een begroting van de benodigde uren. De uurvergoeding bedraagt € 75,00. Dit bedrag wordt vanaf 2025 jaarlijks geïndexeerd op basis van de loonindexcijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Artikel 8 Monitoring aanbevelingen De griffie verstrekt de raad jaarlijks voor 1 maart een overzicht van de aan de raad gedane voorstellen van de rekenkamer welke door de raad zijn overgenomen en door de raad zelf moeten worden uitgevoerd, vergezeld van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven.
Artikel 9 Slotbepalingen 1 De Verordening op de Rekenkamercommissie, vastgesteld op 25 januari 2011, wordt ingetrokken. 2 Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2024. 3 Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke rekenkamer gemeente Rheden 2024. Arnhem, 28 november 2023 De raad voornoemd,
voorzitter.
griffier.
pagina
2
ons kenmerk
23.72B
23.72 Raadsvergadering 28 november 2023 Agendapunt GR
Toelichting Algemeen De verordening is gebaseerd op de modelverordening van de VNG en is een aanvulling op hetgeen in de Gemeentewet is opgenomen over de gemeentelijke rekenkamer. Zie de tekst van de Gemeentewet, zoals op 1 januari 2023 gewijzigd door de Wet versterking decentrale rekenkamers, hoofdstukken IVa (De rekenkamer) en XIa (De bevoegdheid van de rekenkamer). De raad moet een onafhankelijke rekenkamer instellen. Zie artikel 81a van de Gemeentewet. Deze verplichting geldt vanaf 1 januari 2023, met een overgangstermijn van een jaar, dus uiterlijk 1 januari 2024 moet de raad een rekenkamer hebben ingesteld. Daarnaast moet de raad op grond van artikel 81k van de Gemeentewet een verordening opstellen voor een vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de rekenkamer en een tegemoetkoming in hun kosten. Voorts mag de raad op grond van artikel 149 van de Gemeentewet aanvullende regels stellen in het belang van de gemeente en met inachtneming van de wet. De rekenkamer moet een reglement van orde voor haar werkzaamheden vaststellen (artikel 81i van de Gemeentewet). Artikelsgewijs Enkel die bepalingen die verdere toelichting behoeven, worden hieronder nader toegelicht. Artikel 2. Rekenkamer In het eerste lid stelt de raad de rekenkamer in. Dit is een wettelijke verplichting (artikel 81a van de Gemeentewet). Artikel 3.
Klankbordgroep Rekenkamers hebben in de praktijk soms behoefte om informatie in te winnen bij een afvaardiging van de raad. Voor vragen als wat leeft er binnen de raad en hoe is de organisatie van de raad geregeld. De raad kan een klankbordgroep instellen die fungeert als het aanspreekpunt voor de rekenkamer. De raad kan zelf het aantal leden en de taken van de klankbordgroep bepalen, maar is niet verplicht een klankbordgroep in te stellen. Hij kan het bijvoorbeeld ook aan de rekenkamer overlaten. Artikel 4 Herbenoeming De leden van de rekenkamer worden door de raad benoemd en kunnen door de raad ook worden herbenoemd (artikel 81c, eerste en vierde lid, van de Gemeentewet). De benoemingstermijn is wettelijk op zes jaar vastgesteld. Een te korte benoemingsperiode kan de onafhankelijkheid in gevaar brengen, omdat de vraag ‘word ik wel herbenoemd’ dan al te snel weer wordt gevoeld. Voordeel van deze termijn is ook dat over benoeming en herbenoeming in het gewone geval steeds door twee verschillend samengestelde raden wordt beslist. Voorts draagt het feit dat benoeming plaatsvindt na overleg met de rekenkamer ertoe bij dat de leden primair op grond van deskundigheid worden benoemd (artikel 81c, vijfde lid). In de praktijk zal na verloop van tijd door tussentijds aftreden vanzelf de situatie ontstaan dat niet steeds de gehele rekenkamer opnieuw moet worden benoemd.
Dit komt de continuïteit en de onafhankelijkheid van de rekenkamer ten goede. Zie Kamerstukken 27 751, nr. 3, p. 68.
pagina
3
ons kenmerk
23.72B
23.72 Raadsvergadering 28 november 2023 Agendapunt GR
Artikel 5. Ambtelijke ondersteuning In de Gemeentewet is geregeld dat burgemeester en wethouders op voordracht van de voorzitter of het enige lid van de rekenkamer besluit tot het aangaan van arbeidsovereenkomsten met zoveel ambtenaren van de rekenkamer als nodig zijn voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden (artikel 81j, tweede lid). De ambtenaren die werkzaamheden verrichten voor de rekenkamer, verrichten niet tevens werkzaamheden voor een ander orgaan van de gemeente, met uitzondering van de op de griffie werkzame ambtenaren (artikel 81j, derde lid). Dit betekent dat griffiemedewerkers deels voor de griffie en deels voor de rekenkamer kunnen werken. Vanwege de onafhankelijke positie van de rekenkamer zijn de ambtenaren, inclusief dus de griffiemedewerkers, voor werkzaamheden voor de rekenkamer uitsluitend verantwoording schuldig aan de rekenkamer (artikel 81j, vierde lid). Dit artikel voorziet in het benoemen van een secretaris en plaatsvervangend secretaris(sen) voor de rekenkamer. Artikel 6. Budget De raad moet de rekenkamer de nodige middelen ter beschikking stellen voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden (artikel 81j van de Gemeentewet). Dit omvat de totale kosten van de rekenkamer en alle overige kosten voor de uitvoering van de taken. Artikel 7.
Vergoeding De leden van de rekenkamer ontvangen een bij verordening van de raad vastgestelde vergoeding voor hun werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten (artikel 81k van de Gemeentewet). In deze verordening is uitgegaan van een vaste vergoeding, gebaseerd op een percentage van de raadsvergoeding, te weten 35% van deze vergoeding voor de voorzitter en 30% van deze vergoeding voor de gewone leden. Deze vergoeding is bedoeld voor alle werkzaamheden van de leden, waaronder begrepen de deelname aan vergaderingen en de voorbereiding hiervan (denk aan het opstellen van startnotities, plannen van aanpak en normenkaders), selecteren en begeleiden van onderzoeksbureaus, het houden van startgesprekken voor uit te voeren onderzoeken, bezoeken aan fracties en (raads)vergaderingen, een periodiek gesprek met de burgemeester/gemeentesecretaris en deelname van de voorzitter in het audit comité. Deze vaste vergoeding geldt niet voor de uren die de leden van de rekenkamer besteden aan het doen van eigen onderzoek. Daarvoor geldt een uurvergoeding van € 75,- die vanaf 2025 jaarlijks wordt geïndexeerd. Artikel 8.
Monitoring aanbevelingen Volgens artikel 185a van de Gemeentewet moet het college jaarlijks aan de raad een overzicht sturen van de aan het college gedane voorstellen van de rekenkamer, vergezeld van zijn standpunt daaromtrent en van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven. Niet alle voorstellen, of meestal aanbevelingen genoemd, zijn voor wat betreft de uitvoering de verantwoordelijkheid van het college. Er zijn ook aanbevelingen die de raad zelf moet uitvoeren. Om een zo compleet mogelijk beeld te krijgen van de status van alle aanbevelingen uit de rekenkamerrapporten, kan de raad ervoor kiezen om de griffie jaarlijks ook een overzicht op te laten stellen met de status van de aanbevelingen die aan de raad zijn gericht, door de raad zijn overgenomen en door de raad zelf moeten worden uitgevoerd. Dit kan de raad helpen om een overzicht te behouden van de overgenomen aanbevelingen en de status hiervan.
pagina
4
ons kenmerk
23.72B
23.72 Raadsvergadering 28 november 2023 Agendapunt GR
Artikel 9. Slotbepalingen Dit artikel behoeft geen toelichting.
pagina
5
ons kenmerk
23.72B