CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

GEANONIMISEERD Bijlage I Nota van Zienswijzen bp Rheden-Haveland 2019 (21.54)

Raadsvergadering 23 november 2021, gemeente RhedenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Rheden Haveland 201915.736 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De mate van verkeersaantrekkende werking hangt af van de specifieke functie en de omvang. De genoemde functies zijn niet rechtstreeks toegestaan. Hiervoor zal een afwijkingsprocedure moeten worden gevolgd. In de planregels zijn als criteria onder meer opgenomen dat er geen onevenredige aantasting mag plaatsvinden van de verkeersveiligheid en de milieusituatie. Conclusie: de zienswijze is geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen.

a. De woning Veerweg 37 wordt niet als woning bestemd en niet meegenomen met het verlenen van hogere grenswaarden. Indiener verzoekt de gemeente de woning wel als zodanig mee te nemen in het bestemmingsplan. Zeker in tijden van woningnood zou de uitsterfregeling heroverwogen moeten worden. b. Onze huizen staan er al meer dan een eeuw, een rustiek stuk Rheden. Indiener verzoekt dit te omarmen. c. De industrie is belangrijk, maar de technologische ontwikkeling in deze sector staat ook niet stil. Afbeelding perceel Veerweg 37 (rood omcirkeld) in ontwerpbestemmingsplan

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente A, b en c: Indien er zich planologische mogelijkheden voordoen om ter plekke het gezoneerde industrieterrein op te heffen dan worden deze kansen uiteraard bekeken en zal een nieuw bestemmingsplan/omgevingsplan worden gemaakt. Hierbij worden dan ook weer de belangen van de wooneigenaren betrokken.

d. Indiener schrikt ervan dat de hele straat wordt gebombardeerd tot industrieterrein.

d: De woning aan de Veerstraat 37 ligt in het geldende bestemmingsplan, net als het daarvoor geldende bestemmingsplan op het (gezoneerde) industrieterrein. Met het voorliggende bestemmingsplan wordt het gezoneerde industrieterrein kleiner gemaakt.

e. Omdat transportbedrijf Janssen weg is vanwege een faillissement moet er een herberekening van de geluidwaarden worden vastgesteld.

e: De geluidsruimte van het industrieterrein wordt voor alle bedrijven gezamenlijk bepaald door de 50 dB(A) zone en de in het verleden vastgestelde MTG punten. De zone en de MTG punten kunnen akoestisch worden opgevuld tot deze waarden. Voor een deel is deze akoestische ruimten opgevuld door bestaande bedrijven. Bij het vertrek van een bedrijf blijft er nog steeds een planologische mogelijkheid voor een nieuw bedrijf. Ook de akoestische ruimte blijft in stand door de geluidszone en de MTG punten. Het is dus niet zo dat bij een vertrek van een bedrijf deze ruimte planologisch vervalt en de zone wordt verkleind en de MTG punten worden verlaagd.

f.

f: Zie 27 onder h en k.

Een geluidwal van 5 meter is ook een optie. In de plannen staat dat er tot een 10 meter hoge loods gebouwd mag worden. Dan is een 5 meter hoge geluidwal dus ook een eventuele optie. g. Denk aan de burgers van nu en die van de toekomst. Zorg dat het dorp niet leegloopt omdat er geen huizen zijn voor de jongeren.

g: De gemeente heeft te maken met een afweging van belangen en het nemen van een goed ruimtelijk besluit. Het voorgenomen besluit past, gelet op het bovenstaande, bij de uitgangspunten bij het bestemmingsplan. De gemeente kan de woningen op het gezoneerde

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente industrieterrein niet zomaar een woonbestemming geven. Het gebruik als woning kan wel worden voortgezet. Conclusie: de zienswijze is geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen.

25

Het bedrijf Cato Composites B.V. verzoekt om aanpassing van het bestemmingsplan zodat de gehele hal 41 zoals weergegeven op de afbeelding onder milieucategorie 3 valt.

In het bestaande plan valt een deel van deze hal onder milieucategorie 2. Het bedrijf wil in de herfst van 2020 deze hal betrekken en zal daarin de SBI-activiteiten 2221, 2229 en 7112 uitvoeren alsook lichte metaalbewerkings- en werkplaatsactiviteiten. Deze laatste activiteiten zullen met name in deze hoek plaatsvinden. Deze werkzaamheden vallen niet onder de productieactiviteiten maar zijn aanmaak en onderhoudsgericht.

Het bedrijf is sinds 2016 op Business Park Havelandseweg gevestigd. In het ontwerpbestemmingsplan is het bedrijf gelet op de toen bekende situatie (activiteiten in combinatie met de locatie binnen Business Park Havelandseweg) specifiek bestemd. Vanwege de bedrijfsactiviteiten is het bedrijf ingedeeld in een bedrijfscategorie. Wij gaan bij de oorspronkelijke activiteiten uit van bedrijfscategorie is SBI-code 22.21, vanwege omschrijving van die bedrijfscategorie “vervaardigen van platen, folie, buizen en profielen van kunststof”. De VNG-uitgave Bedrijven en milieuzonering geeft aan welke richtafstanden aangehouden moeten worden tot een rustige woonwijk of een gemengd gebied. Op grond van deze richtafstanden bij deze bedrijfscategorie past het bedrijf niet in de milieucategorie die bij recht is toegestaan op de locatie waar het gevestigd is. Dit geldt ook voor de hal die het bedrijf in de zienswijze aangeeft te willen gebruiken in combinatie met de daar beoogde en inmiddels gerealiseerde bedrijfsactiviteiten. Zonder onderzoek op relevante milieuaspecten kan dit niet positief worden bestemd in het bestemmingsplan. Dit gebruik kan mogelijk wel worden toegestaan als het bedrijf een aanvraag omgevingsvergunning voor afwijking van het bestemmingsplan doet en een melding milieu. Conclusie: de zienswijze is geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen.

Volg Korte weergave zienswijze nr 27 a. Indieners zijn eigenaar/bewoner van de woning Havelandseweg 47. De woning valt, volgens indieners, sinds 1967, onder het overgangsrecht, maar overgang waartoe weet niemand. Er is nog nooit een gemeenteambtenaar wezen kijken, terwijl het probleem is veroorzaakt door de gemeente. De lakse houding heeft veel stress en onzekerheid gegeven. Indieners hebben erg lang moeten wachten op dit bestemmingsplan en weer ligt de terinzagetermijn in de vakantieperiode, dat had toch makkelijk voorkomen kunnen worden.

Beantwoording door de gemeente a.

Afbeelding: perceel van indieners (blauw omcirkel) in ontwerp bestemmingsplan. Met het voorliggend bestemmingsplan wordt geprobeerd om rekening houdend met het belang van het bedrijventerrein, een zo goed mogelijke regeling te treffen voor de woningen die in het vorige bestemmingsplan onder het algemeen overgangsrecht viel en daarvoor ook niet als (burger)woningen bestemd waren. Verwezen wordt naar de algemene inleiding. De terinzagetermijn van het ontwerpbestemmingsplan was 11 juni tot en met 22 juli 2020. Dit viel buiten de bouwvakvakantie echter wel gedurende anderhalve week binnen de schoolvakantie. Gelet op de voortgang en de eerdere mogelijkheid van inspraak, waardoor een

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente ieder kennis kon hebben van de beoogde insteek van de gemeente, is ervoor gekozen het ontwerp niet na de vakantie ter inzage te leggen.

b. Indieners hebben geen moeite met de aanduiding ‘wonen op industrieterrein’, wel met de uitsterfclausule. Indieners vragen zich af welk doel wordt gediend. Aan de huidige situatie verandert er qua woon- en leefmilieu niets, ook in de komende 20 jaar niet. Indieners voelen zich tweederangs burger en weten niet waaraan ze dat verdiend hebben.

b en c: De gemeente moet een belangenafweging doen in het bestemmingsplan zoals aangegeven in de algemene inleiding van de zienswijzennota. Het klopt dat er een woningtekort is. Een deel van de woningen wordt echter nu positief bestemd en bij de overige woningen kan het gebruik van de woningen worden voortgezet tenzij de woning wordt gesloopt (anders dan vanwege een calamiteit).

c. Het huidige woningtekort in Nederland ligt op ca. 300.000 en over 10 jaar op circa 3 miljoen. De gemeente kan beter iedere woning koesteren, ook al belemmert dat wellicht een paar herrieschoppers op het industrieterrein. d. Uit de geluidsrapporten en dergelijke blijkt een misverstand: in de avond- en nachturen zou het een komen en gaan zijn van vrachtauto’s. Sinds het faillissement van Jansen en Zonen komt er nauwelijks nog vrachtverkeer door de straat. In de bijlage Woningen op Industrieterrein Haveland blijkt hoe dat komt. (zie volgende twee punten).

d: De geluidsruimte van het industrieterrein wordt voor alle bedrijven gezamenlijk bepaald door de 50 dB(A) zone en de in het verleden vastgestelde MTG punten (Maximaal toelaatbare geluidbelasting). De zone en de MTG punten kunnen akoestisch worden opgevuld tot deze waarden. Voor een deel is deze akoestische ruimten opgevuld door bestaande bedrijven. Bij het vertrek van een bedrijf blijft er nog steeds een planologische mogelijkheid voor een nieuw bedrijf. Ook de akoestische ruimte blijft in stand door de geluidszone en de MTG punten. Het is dus niet zo dat bij een vertrek van een bedrijf deze ruimte planologisch vervalt en de zone wordt verkleind en de MTG punten worden verlaagd.

e. DGMR baseert zich voor de geluidsbronnen van de Eimers Logistiek op een rapport van Tildeman, gemaakt voor de firma Jansen, rapport 04.179.01 d.d. 27-1-2005. Rapport is echter niet eens in het bezit van DGMR en toch vinden ze het LAmax en VAW erg relevant

e: In het vigerende bestemmingsplan Rheden-Oost was op deze locatie een transportbedrijf toegestaan, dat paste in de milieuzonering. In het nieuwe bestemmingsplan ‘Rheden – Haveland 2019’ zijn op deze locatie bedrijfsactiviteiten toegestaan, waarbij voor een deel van het kavel

Volg nr

Korte weergave zienswijze

f.

Beantwoording door de gemeente

(M2014.0623.00.R001, bijlage 1 overzicht akoestische informatie bedrijven). Dit maakt het rapport tamelijk ongeloofwaardig.

maximaal categorie 2, een deel categorie 3.1 en een deel categorie 3.2 is toegestaan. Het bedrijf valt onder milieucategorie 2 aangezien het aspect geluid wordt geregeld met de zonering industrielawaai In het verleden is op deze locatie transportbedrijf Jansen en Zonen actief geweest, daarna Eimers Logistiek. Het uitgangspunt voor het geluidsonderzoek met invulling van een logistiek bedrijf op dit kavel is een representatieve invulling van de maximale planologische mogelijkheden. Het geluidsmodel dat in het verleden voor Jansen en Zonen is opgesteld bevat alle benodigde gegevens die voor de uitvoering van het geluidsonderzoek nodig zijn. Zekerheidshalve is gecontroleerd of de invoergegevens van het rekenmodel overeenkomen met hetgeen beschreven is in het bijbehorende akoestische rapport dat voor Transportbedrijf Jansen en Zonen is opgesteld. Dit is het geval.

In tabel 3 (rapport Woningen op industrieterrein) worden de verkeersbewegingen ook nog eens verdubbeld. Wie hier komt kijken kan zien dat de vrachtwagens bij Eimers geparkeerd worden en de volgende dag vertrekken. De verdubbeling is dus onjuist.

f: Zie antwoord op de vorige vraag. Voor de afweging of de voor het onderzoek relevante woningen een woonbestemming kunnen krijgen, vindt toetsing plaats van de langtijdgemiddeld beoordelingsniveaus van alle bedrijven op het industrieterrein en de maximale geluidsniveaus die deze bedrijven (kunnen) veroorzaken. De equivalente geluidsniveaus vanwege verkeersaantrekkende werking maken geen onderdeel uit van deze afweging. Voor een gezoneerd industrieterrein vindt de afweging over de aanvaardbaarheid van het geluid vanwege verkeersaantrekkende werking plaats bij vaststelling van het bestemmingsplan en niet in het kader van vergunningverlening of meldingen van individuele bedrijven. Dit is de reden dat de equivalente geluidsniveaus vanwege verkeersaantrekkende werking in het geluidsonderzoek separaat inzichtelijk zijn gemaakt. In het onderzoek is uitgegaan dat voertuigen die de bedrijven bezoeken op dezelfde dag aan kunnen komen rijden en weer kunnen vertrekken.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente Dit leidt per voertuig tot twee bewegingen. Dit geeft een goed beeld van het effect van de verkeersaantrekkende werking vanwege het industrieterrein, zeker binnen de planologische mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt. Voor de gestelde werkwijze bij Eimers Logistiek betekent deze aanpak wellicht een overschatting van het totale aantal voertuigen. Als de huidige verkeersbewegingen van Eimers als uitgangspunten worden gehanteerd, resulteert dat langs de ontsluitingsroute van Eimers Logistiek tot beperkt lagere geluidsniveaus (circa 1 dB) dan de waarden opgenomen in tabel 6 van het geluidsonderzoek. Dit leidt niet tot andere conclusies van het geluidsonderzoek.

g. De Veerweg heeft als bestemming WE maar het is de ontsluiting van 6 woningen en een transportbedrijf. Recent voor veel geld herbestraat met gekleurde klinkers (dus geen bedrijfsterreinen grijs) en voorzien van nieuwe riolering. De bestemming WE in het kader van flexibiliteit is volkomen onduidelijk, het blijft altijd een weg en is dat al honderden jaren. Welke flexibiliteit wordt hier bedoeld? Nog meer onttrekking aan de openbaarheid zoals destijds bij de familie Jansen?

g: De Veerweg loopt aan de Havelandseweg een stuk door naar het oosten en dit deel heeft inderdaad een ontsluitingsfunctie voor woningen en een bedrijf. In het oude bestemmingsplan maakt het onderdeel uit van een groter bestemmingsvlak met de bestemming Werken. Er is geen voornemen om de weg aan de openbaarheid te onttrekken. De weg zal een verkeersbestemming krijgen. Het bestemmingsplan zal op dit punt gewijzigd worden vastgesteld.

h. Het totale oppervlak met de bestemming is ook bouwvlak. Dus ook de Veerweg. De voortuinen en ontsluitingen van Veerweg 39 en 41 grenzen aan dat bouwvlak. Daar mag 6 m hoog gebouwd worden. Dit is geen ruimtelijke ordening maar ruimtelijk onzin. Accepteer het bestaan van de Veerweg en geef het de juiste bestemming.

h: De maximale bouwhoogte voor gebouwen in het bestemmingsvlak/bouwvlak dat direct grens aan het perceel van Veerweg 39, te weten het perceel van Veerweg 37, is 8 meter. Op grond van het geldende bestemmingsplan geldt hier dezelfde maximale bouwhoogte. Het vast te stellen bestemmingsplan bevat echter ook een nadere eisenregeling (artikel 3.3.). Dit geeft burgemeester en wethouders de bevoegdheid om op grond van o.a. de milieusituatie of het straat- en bebouwingsbeeld kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmetingen van de bebouwing. Dus de locatie en hoogte van bebouwing kunnen daarmee worden afgestemd op de omgeving.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente

i.

Geluid aan onze gevel Welke gevel? Woning van indiener is een voormalige boerderij uit het midden van de 19e eeuw. De toenmalige deel is ooit verbouwd tot kerkzaal en later tot werkplaats. Tussen het woongedeelte en de erfgrens met de Meteoor zit in totaal circa 11 meter werkplaats. Dit gegeven is nooit ter plekke bekeken en ook nooit in de modellen meegenomen. Deze gegevens staat op de bouwvergunning.

i: In de Wet geluidhinder is een gevel gedefinieerd als ‘bouwkundige constructie die een ruimte in een woning of gebouw scheidt van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak’. De hoogst toelaatbare geluidbelasting vanwege een industrieterrein, wordt zoals aangegeven in artikel 44, ter plaatse van de gevel bepaald. Het pand aan de Havelandseweg 47 heeft op basis van het vigerende bestemmingsplan een bedrijfsbestemming. Voor de beoordeling of voor dit pand een woonbestemming kan worden vastgesteld, was in het geluidsonderzoek uitgegaan van toetsing aan alle gevels van het gebouw, ongeacht het huidige gebruik. Dit is gedaan omdat aan alle zijden van de woning industriële activiteiten plaatsvinden en de daaraan grenzende gevels een relevante geluidbelasting ondervinden. Er is daarna ook gekeken hoe een eventueel benodigde geluidwerende voorziening eruit zou zien rekening houdend met een gebruik zonder verblijfsfunctie aan de zijde van de Meteoor. Ook dan is een, weliswaar kortere, geluidwerende voorziening van 5 meter hoog benodigd.

j.

Er is berekend dat een geluidsscherm 5 m hoog en 25 m lang nodig zou zijn vanwege vermeende piekgeluiden. In de memo ‘Woningen en geluidhinder’ wordt gesteld dat geluidsschermen buiten beschouwing zijn gelaten. Vreemd omdat DGMR ze wel berekend heeft. Waarom kan er bij de bewoners van de Dorpsstraat 10 met een simpel scherm van 2 m hoog worden volstaan terwijl het bij ons 5 m hoog zou moeten zijn. Dat zijn nog die vrachtwagens uit 2005.

j: De mogelijkheid van geluidsschermen zijn wel onderzocht, zie ook bij de volgende punten. De geluidbelasting bij het desbetreffende adres is anders dan bij de Dorpsstraat 10A en 10B. Ze verder onder punt u. .

k. Hoezo is 5 meter hoog stedenbouwkundig niet inpasbaar? Onze loods is al 4 m hoog op de erfscheiding en de toegestane bouwhoogte in het bouwvlak is 6 m.

k: Een geluidsscherm van 5 m wordt ruimtelijk niet wenselijk geacht vanwege de hoogte. Een dergelijke geluidwerende voorziening op de perceelsafscheiding, ook nog in de nabijheid van de Veerweg, past stedenbouwkundig niet. Voor wat betreft de toegestane bouwhoogte: zie beantwoording onder h.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente

l.

Indieners vermoeden dat met een eenvoudig geluidsscherm van pakweg 3 m hoog alle problemen zijn opgelost. Indieners verwijzen naar punt h. De kosten kunnen geboekt worden als planschade. Maar dat speelt pas op het moment dat bij herbouwen van het huis in plaats van bij uitsterven.

l: Een geluidsscherm van 3 meter volstaat niet. Hier is, blijkt uit het onderzoek van DGMR, een geluidsscherm van 5 m benodigd (mogelijk in combinatie met beperking van gebruik als verblijfsruimte van de bijgebouwen aan de zijde van De Meteoor).

m. In de Staat van Bedrijfsactiviteiten zouden de categorieën 1 stap terug gebracht worden omdat geluid geen issue is. Bij veel functies wordt echter een veel grote afschaling gemaakt. Zie SBI-2008 132, 139, 143, 2562, 46722, 4673, 46735, 4677, 466, 493, 494, 5221, 8425, en de installaties 17, 18, 19, 24 en 25.

m: Zoals ook verwoord in de toelichting van het bestemmingsplan zijn de richtafstanden uit de VNG uitgave Bedrijven en milieuzonering één afstandsstap verlaagd omdat er sprake is van een gemengd gebied. Het milieuaspect geluid vervalt in deze lijst omdat er sprake is van een gezoneerd industrieterrein waarvoor een normenkader geldt.

n. Zo mag een met meer dan 400 kg NH3 gevulde koelinstallatie zomaar binnen 10m van een woning staan. Is dat besproken met de veiligheidsregio? Ook wordt de deur open gezet voor het parkeren van koelwagens. Heel fijn, juist als het mooi weer is en iedereen zijn ramen open heeft ’s nachts staan die dingen maximaal te loeien. Iedere onderbouwing voor deze functieverruiming ontbreekt.

n: Zie onder m. Aangezien de woningen liggen op het gezoneerde industrieterrein zijn er inderdaad hoge geluidswaarden mogelijk. Voor deze woningen zijn de geluidsnormen voor bedrijven uit de Wet milieubeheer niet van toepassing met uitzondering van vermijdbaar geluid. Dit is ook de reden dat de gemeente hier een uitsterfconstructie heeft opgenomen.

o. Herrieschopper GE is destijds met veel tamtam gekomen. Korte tijd later waren ze weer vertrokken, weer met veel (protest-) lawaai. De vergunning is ingetrokken maar toch wil de gemeente die geluidsruimte beschikbaar houden. Onduidelijk is wat de invloed van deze bizarre wens op het geluidsmodel is. Zijn niet veel problemen opgelost als er definitief geen nieuwe gasturbinetester komt?

o: In het geluidsmodel van het bestemmingsplan is uitgegaan van de vergunde geluidsruimte van de omliggende bedrijven, dus ook van GE. Aangezien de testvoorziening voor gasturbines niet vergund is, is de geluidsemissie van de testvoorziening van de gasturbines niet opgenomen in het geluidsmodel van het bestemmingsplan.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente

p. In ieder geval kan dan ook de hoge druk gasleiding worden afgesloten, een stuk veiliger voor iedereen. Waarom zit dat niet in een uitsterfregeling?

p: Zolang de gasleiding er is, zal deze bestemd moeten worden. Het onder het overgangsrecht brengen van de gasleiding heeft geen zin, temeer omdat een zone rondom de gasleiding opgenomen moet worden in het bestemmingsplan vanwege de externe veiligheid.

q. De geluidsmetingen van september 2016 geven waarden aan die tientallen dB’s lager liggen dan in de geluidmodellen. Dat die modellen niet kunnen kloppen roepen we al jaren.

q: Zoals ook verwoord in de toelichting van het bestemmingsplan is het doel van de geluidmetingen om een indruk te krijgen van de geluidsbelasting bij een aantal de woningen die nu nog geen woonbestemming hebben. Deze metingen zijn een extra onderbouwing voor de gemaakte keuzen in het bestemmingsplan. Er zijn landelijke regels op welke wijze geluid van industrieterrein berekend moet worden. Hierbij kan er inderdaad een verschil zijn tussen de resultaten van metingen en berekenen.

r.

Wat is de toegevoegde waarde van de Memo actualisatie bedrijventerrein Haveland? Grote stappen gauw thuis. Volgens de opstellers wordt het hele gebied ingenomen door slechts twee bedrijven. Ga eens kijken, dan vind je ook nog Scholten, B-Tham, Eimers en, bijna vergeten, ook nog een heleboel huizen.

r: De memo is opgesteld om vanuit het algemeen economisch beleid van de gemeente te komen tot specifiek economisch beleid voor het bedrijventerrein Haveland. Hierbij wordt verwezen naar de inhoud van de memo.

s. Bodemverontreiniging Veerweg 21-25. Ex Ariens, x Jansen, nu Eimers. Ernstig, niet urgent. Dat was 10 jaar geleden ook al zo. Gaat dat vanzelf weg? En het grondwater dan? Naast het perceel wordt gewoond. Blijft die verontreiniging op zijn plek?

s: De bodemverontreiniging die Veerweg 21-23 betreft, is inderdaad beoordeeld als ernstig. Er zal hier ooit een aanvullend bodemonderzoek, mogelijk gevolgd door een sanering, moeten plaatsvinden. De verontreiniging is echter, gezien het huidige gebruik van het terrein, niet urgent. De verontreiniging in de grond gaat niet zelf weg, maar verspreidt zich ook niet. Dit betekent dat de eigenaar zelf mag bepalen wanneer het vervolg plaatsvindt. Dit is in ieder geval aan de orde als de eigenaar gaat verbouwen of als het gebruik zodanig wijzigt dat het bestemmingsplan moet worden aangepast.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente Er is ook sprake van een lichte verontreiniging van het grondwater. Deze kan zich in theorie wel verspreiden. Deze gaat dan zuidwestelijk richting IJssel. Dit zal echter niet heel snel gaan en zal ook niet erg ver komen omdat het slechts om een lichte verontreiniging gaat.

t.

Klepperende vorken van de Meteoor heftrucks kunnen eenvoudig voorkomen worden. Belangrijkste oorzaak: achterstallig onderhoud terreinverharding Meteoor. De Meteoor zou daar wat voor kunnen ontwikkelen en de gemeente zou in de handhavingssfeer wat kunnen doen. Verder kunnen de heftrucks worden voorzien van rubber buffers. In de Amsterdamse havens is het achteruitrij gepiep opgelost, misschien ook een idee voor hier. Dieselmotoren op heftrucks, hoe lang nog, dat probleem lost zichzelf een keer op met de brandstofcel.

t: Door ontwikkelingen bij heftrucks kan geluidsreductie worden behaald. Bij de vervanging van materieel wordt gekeken of er milieuwinst kan worden geboekt. De huidige dieselheftrucks worden op termijn vervangen door stillere elektrische heftrucks. Dit gaat dan zorgen voor lagere langtijdgemiddelde en maximale geluidsemissies. Hierdoor nemen in de toekomst de voornamelijk piekniveaus bij de omliggende woningen af.

u. Voor langzaam verkeer op bedrijfsterrein heeft Peutz een nieuwe norm opgesteld (Geluid, maart 2019). Dit staat niet in het DGMR verhaal.

u: In het akoestisch onderzoek van het bestemmingsplan is uitgegaan van de vergunde rechten van de bedrijven. Daarom is bij het akoestisch onderzoek voor het bestemmingsplan ook uitgegaan van de akoestische onderzoeken die horen bij de vergunde rechten. Bij de woning Havelandseweg 47 wordt een groot deel van het geluid veroorzaakt door het laden van de betonproducten met de zelflader van de vrachtwagen. Deze zelfladers zijn echter niet veel stiller geworden in de afgelopen jaren. Hierdoor is de feitelijk optredende geluidshinder slechts beperkt afgenomen.

v. De Meteoor is volgens de milieuvergunning gehouden een groenstrook te hebben rondom het terrein. Voor een groot deel is daar ook prima in voorzien. In eerdere bestemmingsplannen stond dit groen ook getekend. Dit zou weer opgenomen moeten worden, al was het maar om de CO2 uitstoot van de vorkheftrucs te compenseren. w. Het overgrote deel van de Havelandseweg heeft een woonvergunning. Dat is destijds opgelost met een simpele “sanering”. De huizen hebben

v: Groenbestemming: zie beantwoording zienswijze 3 onder f.

w:

Volg nr

Korte weergave zienswijze niet eens suskasten of muurdempers. Een koninklijk besluit was destijds genoeg om dit te vergunnen. De werkelijke gang van zaken is een van de best bewaarde geheimen in de ruimtelijke ordening geschiedenis van Rheden. Het zou de gemeente sieren hier na al die jaren openheid van zaken over te geven.

Beantwoording door de gemeente In 1982 is in de Wet geluidhinder de verplichting opgenomen om een zone rondom een industrieterrein vast te stellen. Bij KB van 22 juni 1993 is van Rijkswege het gezoneerde industrieterrein en de geluidzone van het industrieterrein vastgesteld. De woning aan de Havelandseweg 47 lag toen op het gezoneerde industrieterrein. De woningen aan de Havelandseweg 52 t/m 88 lagen in de zone van het industrieterrein. Voor woningen in de zone is een saneringsprogramma uitgevoerd. Woningen op een industrieterreinen kwamen niet in aanmerking voor dit saneringsprogramma.

x. Bovenstaande is tekenend voor het hele bestemmingsplan. Het grootste deel van het gebied wordt gevuld met functies die niet in het plankader passen en zijn speciaal vergund. Vrijwel alle woningen zitten in vreemde wettelijke constructies.

x: Waar mogelijk wil de gemeente aan woningen die nu nog op het gezoneerde industrieterrein liggen met het nieuwe bestemmingsplan een woonbestemming toekennen, tenzij daarmee de rechten van de bedrijven worden aangetast. Voor de overige woningen op het gezoneerde industrieterrein wordt een zaakgebonden overgangsrecht ingesteld. Een andere constructie past de gemeente niet toe in het voorliggende bestemmingsplan.

Conclusie: de zienswijze is aanleiding het bestemmingsplan aan te passen in die zin dat aan de Veerweg een bestemming Verkeer zal worden toegekend. 31

Vivare is eigenaar van 20 woningen aan de Havelandseweg (28 tot en met 50bis). Het gaat om sociale huurwoningen. Ter behoud van de rechtspositie van Vivare maakt Vivare bezwaar tegen al de onderdelen van het ontwerp-bestemmingsplan die gevolgen kunnen hebben voor de Vivare-woningen en voor de positie van de huurders en van Vivare als eigenaar. In ieder geval de volgende punten.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente

a. Beoogde wijziging van het gebruik niet haalbaar gebleken. De woningen zijn in het bestemmingsplan van 2009 niet voorzien van een juridisch-planologische regeling. De gemeente erkent dat dit tot rechtsonzekerheid leidt en dat deze situatie niet kan voortduren en dat er een permanente oplossing moet worden gevonden. De gemeente heeft daarvoor 10 jaar de tijd gehad. De oplossing die het ontwerp bestemmingsplan biedt is geen permanente oplossing. Deze oplossing is erop gericht op het toekomstig laten verdwijnen van de woningen en beoogt zelfs een actieve stimulans te geven om deze woonfunctie te laten verdwijnen. De Vivare woningen staan er al circa 70 jaar legaal en zijn al die tijd bewoond geweest. Het behoort tot de zorgplicht van de gemeente om bewoners hier zekerheid en juridisch-planologische bescherming te geven. De enige manier om een permanente oplossing te kiezen is om de woningen te bestemmen als woningen, al dan niet met aanvullende geluidswerende maatregelen. Het zo lang in stand houden van deze onvolwaardige bestemming voor de Vivare-woningen getuigt niet van goede ruimtelijke ordening.

a: De duplexwoningen waren vroeger bezit van Thomassen International. In 1991 heeft Thomassen deze woningen verkocht aan de gemeente. Bij de verkoop was het bekend dat deze duplexwoningen waren wegbestemd. In 1993 is de Stichting Volkshuisvestiging gemeente Rheden opgericht en het gemeentelijke woningbedrijf opgeheven. Alle activa en passiva van het gemeentelijke woningbedrijf (waaronder de duplexwoningen zijn overgedragen aan de Stichting). In 2000/2001 heeft er een fusie plaatsgevonden waardoor Vivare is ontstaan. Bij de totstandkoming van het bestemmingsplan ‘Rheden-Oost’ is er overleg geweest met Vivare over deze situatie. De woningen zijn toen nogmaals onder het overgangsrecht gebracht, maar er zijn geen concrete vervolgstappen afgesproken. Ook ter voorbereiding voor dit nieuwe bestemmingsplan ‘RhedenHaveland 2019’ is er regelmatig overleg geweest met Vivare over de in het verleden ontstaande situatie waarbij nu gestreefd wordt naar een passende oplossing. Van een actieve stimulans van de gemeente om de woonfunctie te laten verdwijnen is geen sprake. Het zaakgebonden overgangsrecht houdt hier in dat het gebruik als wonen kan worden voortgezet totdat de woningen worden gesloopt.

Als sloop aan de orde is, zou het niet van goede ruimtelijke ordening getuigen om nieuwbouw van woningen mogelijk te maken op dit gezoneerde industrieterrein gelet op het algemeen belang van het industrieterrein.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente

b. Beoogde wijziging van het gebruik ook in de komende periode niet haalbaar. Het is niet aannemelijk dat de Vivare-woningen binnen afzienbare termijn vanzelf onbruikbaar worden. Vivare is in staat en moet de komende decennia in staat worden geacht de woningen behoorlijk te onderhouden en in stand te houden. Ook zal er altijd een markt zijn voor goedkope woningen. Er is geen gerechtvaardigde verwachting dat de woonfunctie op enig moment spontaan ophoudt. Het daadwerkelijk “uitsterven” van de woonfunctie is daarmee niet haalbaar en zeker niet binnen de komende planperiode. De kans dat in de tussentijd dat er in de tussentijd lawaaimakende bedrijven hier zullen verdwijnen of dat er voordien andere technische oplossingen voor het geluidsprobleem voorhanden zijn, is vele malen groter. Vivare bestrijdt dat de gekozen regeling het beëindigen van de woonfunctie stimuleert. Het enige waar de regeling aan bijdraagt is rechtsonzekerheid en beperkte bescherming van de bewoners. Daarom getuigt het van een onevenredige afweging tussen belang van enerzijds de gemeente bij het in stand houden van het bedrijventerrein voor ‘grote lawaaimakers’ versus het belang van bewoners bij bescherming tegen te hoge geluidswaarden en/of andere hinder. Deze regeling is in strijd met de eisen van goede ruimtelijke ordening.

Alleen al hierom vraagt Vivare de gemeente om een permanente oplossing te kiezen waarbij de Vivare-woningen een volwaardige woonbestemming krijgen met de bijbehorende bescherming van de bewoners, al of niet in combinatie met aanvullende geluidsbeperkende maatregelen.

b: Het “uitsterven” van de woonfunctie binnen een bepaalde termijn is niet het doel van de gemeente. Een zaakgebonden overgangsrecht is gezien de ligging op het gezoneerde industrieterrein de beste oplossing. Het onderhouden en in stand houden van de woningen is mogelijk onder de bestemming. Het zaakgebonden overgangsrecht houdt hier in dat als een woning wordt gesloopt, er niet weer gewoond mag worden. Het bestemmingsplan biedt ook (beperkt) bouwmogelijkheden. Indien er zich op termijn planologische mogelijkheden voordoen om het gezoneerde industrieterrein op te heffen dan worden deze kansen uiteraard bekeken en zal een nieuw bestemmingsplan/omgevingsplan worden gemaakt Hierbij worden dan ook weer de belangen van de wooneigenaren en huurders betrokken.

c. Beoogde wijziging van het gebruik achterhaald. De gemeente heeft ruimschoots gelegenheid gehad om te onderzoeken in hoeverre het nodig is om rond de Vivare-woningen de vestiging van grote lawaaimakers mogelijk te (blijven) maken. Sindsdien is niet gebleken dat nieuwe lawaaimakers er zich willen vestiging. GE en Thomassen Machining hebben hun bedrijfsactiviteiten juist gestaakt. Er

c: De geluidsruimte van het industrieterrein wordt voor alle bedrijven gezamenlijk bepaald door de 50 dB(A) zone en de in het verleden vastgestelde zogenaamde MTG punten. De zone en de MTG punten kunnen akoestisch worden opgevuld tot deze waarden. Bij het vertrek van een bedrijf blijft er nog steeds een planologische mogelijkheid voor

In het akoestisch onderzoek is ook onderzocht met wat voor geluidwerende voorzieningen een positieve bestemming mogelijk zou zijn, gelet op hiervoor gehanteerde uitgangspunten. Bij de Vivarewoningen zijn de ruimtelijke effecten dusdanig dat die niet wenselijk zijn.

Volg nr

Korte weergave zienswijze is geen enkel concreet zicht op terugkeer van soortgelijke lawaaimakers. De gemeente jaagt een achterhaald concept na, waardoor de bewoners van de Vivare-woningen gedurende een te lange en onbepaalde tijd in onzekerheid moeten blijven en aan te hoge geluidswaarden worden blootgesteld.

Beantwoording door de gemeente een nieuw bedrijf. Ook de akoestische ruimte blijft in stand door de geluidszone en de MTG punten. Het is dus niet zo dat bij een vertrek van een bedrijf deze ruimte planologisch vervalt en de zone wordt verkleind en de MTG punten worden verlaagd. Het opheffen van een bestaande geluidzone kan alleen door het wijzigen van het bestemmingsplan in combinatie met het opheffen van het gezoneerde industrieterrein ter plaatse. Het opheffen van een vastgestelde geluidszone kan bovendien alleen maar plaatsvinden als er zich op het bedrijventerrein geen grote lawaaimakers meer mogen vestigen en er geen grote lawaaimakers meer aanwezig zijn op het terrein. Haveland is het enige industrieterrein in de gemeente waar bedrijven zich kunnen vestigen die over het algemeen meer geluid produceren. Voor een deel van Haveland geldt daarenboven nog dat dit een riviergebonden bedrijventerrein is. Dat is een type bedrijventerrein dat in regionaal verband schaars is. Daarnaast is het bedrijventerrein van belang voor de werkgelegenheid. Het bovenstaande geldt zeker ook voor het deel van het bedrijventerrein waar de Vivare-woningen liggen. Het huidig ruimtelijk beleid van de gemeente gaat uit van behoud van het bedrijventerrein. De gemeente kan ook niet zomaar planologische rechten wegnemen van bedrijven.

Dat kan alleen als er sprake is van een goede ruimtelijke ordening en met een afweging van diverse belangen. Ook kan de gemeente dan te maken krijgen met planschade. Aangezien de woningen liggen op het gezoneerde industrieterrein zijn er inderdaad hoge geluidswaarden mogelijk. Voor deze woningen zijn de geluidsnormen voor bedrijven uit de Wet milieubeheer niet van toepassing met uitzondering van vermijdbaar geluid. Dit is ook de reden

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente dat de gemeente hier een zaakgebonden overgangsrecht heeft opgenomen.

d. Er is geen noodzaak om de Vivare-woningen niet te beschermen. Uitgangspunt dient te zijn dat bestaand legaal gebruik van uit het oogpunt van rechtszekerheid in het algemeen dienovereenkomstig moet worden bestemd. Dit wordt bevestigd door de structuurvisie, die streeft naar behoud van de woonfunctie. Ook een uitsterfregeling dient te worden getoetst aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening. De gemeente heeft onvoldoende onderzocht of aan een positieve bestemming vanuit het oogpunt van goede ruimtelijke ordening zodanig zwaarwegende nadelen kleven dat het belang van voortzetting van dat gebruik dient te wijken.

d: Het huidige gebruik kan worden voortgezet. Bij sloop mogen de woningen niet worden herbouwd vanwege de ligging op het gezoneerde industrieterrein. Een positieve bestemming is gelet op het akoestisch onderzoek niet mogelijk vanwege overschrijving van de geluidnormen, en de anders benodigde geluidsschermen hebben een dusdanige impact dat die stedenbouwkundig niet wenselijk zijn. Maar het gebruik kan wel worden voortgezet onder het zaakgebonden overgangsrecht.

e. De gemeente moet meer oog hebben voor het (algemeen) belang bij behoud van de sociale huurwoningen. In de plantoelichting is hieraan geen noemenswaardige aandacht besteed. Door een woonbestemming kunnen de Vivare-woningen voor langere tijd worden behouden voor de sociale woningvoorraad.

e: Sociale huurwoningen zijn zeker van belang. De locatie van deze woningen op het gezoneerde industrieterrein belemmert echter het overgaan naar een positieve bestemming. Het behoud van het industrieterrein is echter ook van belang, zie onder A2.

f.

f: In beperkte mate worden met het nieuwe bestemmingsplan verbouwmogelijkheden geboden die mogelijk ook voor de verduurzamingsopgave ingezet worden. De ligging belemmert zoals gezegd het overgaan naar een positieve bestemming voor deze woningen. Mogelijk hindert dit de verduurzamingsopgave voor deze woningen. De gemeente heeft echter rekening te houden met bestaande rechten en moet een belangenafweging doen. Het nieuwe bestemmingsplan biedt planologisch meer zekerheid dat wonen kan worden voortgezet dan het geldende bestemmingsplan.

Uitsterfconstructie hindert verduurzamingsopgave. De gemeente en Vivare hebben gezamenlijk de opgave om van het gas af te gaan. Het is onzeker of de woningen in de huidige vorm dusdanig kunnen worden aangepast dat deze voldoen aan de nieuwe regels én van het gas af kunnen gaan. Sloop en vervangende nieuwbouw is op basis van het ontwerp-bestemmingsplan niet toegestaan, waardoor het zeer waarschijnlijk is dat de Vivare-woningen niet bij zullen kunnen dragen aan de doelstelling. De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland staan ambities bij thema’s, waaronder energietransitie, maar ook woon- en leefomgeving en vestigingsklimaat. Ten aanzien van de beoogde uitsterfregeling lijkt de gemeente slechts oog te hebben voor het

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente

thema vestigingsklimaat. Daarmee wordt tekort gedaan aan de overige thema’s. g. Er zijn alternatieven: bescherming van de Vivare-woningen tegen geluid is wel degelijk mogelijk. Ten onrechte gaat de gemeente uit van een te hoog, niet werkelijk bestaand, geluidsniveau. De gemeente wil gebruik maken van de geluidsruimte die onder oude vergunningen van GE en Thomassen Machining mogelijk waren. Blijkbaar gaat de gemeente er – zonder enige noodzaak of onderbouwing – vanuit dat de plaats van GE en Thomassen Machining op het bedrijventerrein zal moeten worden ingenomen door een of meer gelijkwaardige lawaaiproducenten, terwijl geenszins is gebleken dat dergelijke lawaaiproducenten zich hier willen vestigen. Ook is onvoldoende onderzocht en is niet gebleken dat als de Vivare-woningen een volwaardige woonbestemming zouden krijgen, het voor de naburige bedrijven onmogelijk is om de geluidsbelasting te beperken, bijvoorbeeld door geluidwerende maatregelen bij de bron. Bovendien is de (impliciete) verwachting dat gelijkwaardige lawaaiproducenten zich hier zullen vestigen deels in tegenspraak met andere uitgangspunten van het ontwerpbestemmingsplan en met de Nota ‘Visie op flexibilisering/functieverruiming op de bedrijventerreinen in de gemeente Rheden’.

Daarin heeft de gemeente het juist wenselijk gevonden om in de toekomst meer ruimte te bieden voor andere economische functies op het bedrijventerrein, zoals (para)medische praktijken, en kleinschalige ambachtelijke bedrijvigheid en internetdetailhandel.

g: Zie onder c en het algemene deel A1 en A2. Daarbij wordt nog opgemerkt dat bij de Vivare-woningen de geluidbelasting overigens juist komt ook van bedrijven die nog aanwezig zijn. De gemeente kan ook niet zomaar rechten van de bedrijven afnemen. Gelet op het belang voor economie en werkgelegenheid zet de gemeente in op behoud van de rechten van deze bedrijven. Bedrijven moeten op grond van de milieuwetgeving voldoen aan BBT (Best Beschikbare Technieken). Dit betekent dat bedrijven de meest doeltreffende methoden moeten toepassen die technisch en financieel haalbaar zijn. Het nieuwe bestemmingsplan biedt slechts op een deel van het bedrijventerrein (bij de aanduiding ‘wetgevingzone - afwijkingsgebied functieverruiming’) ruimte aan andere economische functies op het bedrijventerrein, zoals (para)medische praktijken en internetdetailhandel, en dan overigens ook nog alleen na een afwijkingsprocedure. Dit is niet de kant waar nu de grotere geluidproducenten zitten.

h. De gemeente heeft onvoldoende onderzocht in hoeverre blootstelling aan geluid van de Vivare-woningen écht beperkt kan worden. Het is niet uitgesloten dat deze blootstelling beperkt kan worden door geluidsbeperkende maatregelen bij de bron. Ook is niet uitgesloten dat

h: Bij de verlening van vergunning of het doen van een melding wordt door de ODRA getoetst of maatregelen bij de geluidsbron mogelijk zijn. Deze toetsing vindt plaats op basis van het ALARA (As Low As Diagnostically Acceptable) -principe.

Volg nr

Korte weergave zienswijze

Beantwoording door de gemeente

combinaties van geluidsbeperkende maatregelen (zoals maatregelen bij de bron in combinatie met geluidsschermen) de kennelijke bezwaren tegen een volwaardige woonbestemming kunnen wegnemen. Daarbij komt dat mogelijkheden die de gemeente heeft om de geluidsbelasting ter plekke op afzienbare termijn te laten afnemen (aanzienlijk) ruimer zijn dan de enkele optie om de woonfunctie daadwerkelijk te laten uitsterven. Er zijn talrijke mogelijkheden onbenut gebleven om de woonfunctie te beschermen.

In het akoestisch onderzoek van DGMR, welke is uitgevoerd in het kader van het bestemmingsplan Haveland, is onderzocht welke maatregelen, zoals geluidsschermen, in het overdrachtsgebied noodzakelijk zijn om de geluidsbelasting terug te brengen naar een waarde waardoor de woning kan worden bestemd als een woning buiten het gezoneerde industrieterrein. Helaas bleek uit het akoestisch onderzoek van DGMR dat de geluidsschermen nabij de woningen Vivare-woningen dusdanig hoog moeten zijn dat deze geluidsschermen vanuit een stedenbouwkundig oogpunt niet gewenst zijn.

i.

Het beschermingsniveau van de Vivare-woningen is op basis van de voorgestelde uitsterfregeling te laag. Huurders van sociale huurwoningen hebben echter meest weinig keuzemogelijkheden over de exacte plek waar zij gaan wonen. Hoe knellender het (uitsterf)beleid van de gemeente is, des te beperkter zijn de mogelijkheden voor Vivare om te investeren in de woningen, waardoor de gebruikskwaliteit onder druk komt te staan. Het paradoxale is dat de woningen, door de lage huurwaarde, juist zeer aantrekkelijk worden voor de allerarmsten. Ook hierdoor is niet aan te nemen dat het uitsterfbeleid zal leiden tot beëindiging van het gebruik als woning, en al zeker niet binnen de geldingsduur van het komende bestemmingsplan. Wel zal het uitsterfbeleid (kunnen) leiden tot verpaupering.

i: Het is niet zo dat de gemeente wil dat de woningen binnen een bepaalde termijn er niet meer zijn. De gemeente beoogt een zaakgebonden overgangsrecht in de vorm van een positieve regeling in combinatie met een uitsterfregeling. De uitsterfregeling betreft hier dat als een woning wordt gesloopt (anders dan door een calamiteit) deze niet mag worden herbouwd. Er is dus geen uitsterfregeling met een bepaalde termijn. Bij het zaakgebonden overgangsrecht zijn minder mogelijkheden dan bij een positieve bestemming. Het wonen kan echter worden voortgezet tenzij de woning wordt gesloopt (anders dan door een calamiteit). Er zijn ook bouwmogelijkheden zodat bijvoorbeeld ook een gevel kan worden vervangen. Ten opzichte van het geldende bestemmingsplan Rheden-Oost is de nieuwe regeling / planologische status geen verslechtering.

j.

Voor de gemeente Rheden geldt dat een overaanbod is geconstateerd van gronden op lokale bedrijfsterreinen, van in totaal 4,8 hectare aan nog niet uitgegeven terrein. De gemeente stelt dat het overaanbod zich niet op Haveland bevindt en dat er voor Haveland geen opgave ligt op het gebied van het terugdringen van het overaanbod. Dat is onzin. Overaanbod uit Rheden kan worden teruggedrongen in Haveland. Ook constateert de gemeente dat huidige bedrijven vertrekken en dat

j: In de regio Arnhem Nijmegen zijn er nieuwe afspraken gemaakt op het gebied van bedrijventerreinen, kantoren en detailhandel. Deze afspraken zijn vastgelegd in het nieuwe (2021) Regionaal Programma Werklocaties (RPW). Voor de gemeente Rheden betekent dit concreet dat de schrapopgave van 4,8 ha dat nog het uitgangspunt was in het vorige RPW, achterhaald is. Deze schrapopgave is niet meer aan de

Volg nr

Korte weergave zienswijze kleinere bedrijven zich vestigen. Hieruit kan in ieder geval worden afgeleid dat ruimte is voor oplossingen waarbij de Vivare-woningen een volwaardige woonbestemming krijgen. k. Vivare verzoekt met inachtneming van het voorgaande om nader onderzoek van de door Vivare aangedragen argumenten en met inachtneming van de zienswijze tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan over te gaan.

Beantwoording door de gemeente orde omdat in de regio het overaanbod niet meer aan de orde is door de economische ontwikkeling van de afgelopen jaren. Zie ook onder b. k: Zie hierboven en onderstaande conclusie.

Conclusie: de zienswijze is geen aanleiding het bestemmingsplan aan te passen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=5d33232b-e335-442e-83aa-6e861d33d084