CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Factsheet deelgebied 1 (21.28)

Raadsvergadering 29 juni 2021, gemeente RhedenBij agendapunt: Biodiversiteitsplan (21.28)1.365 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overgangszone

Velp

Waar Europa’s grootste en kleinste knaagdier naast elkaar leven DE GROENE OVERGANGSZONE TUSSEN DE VELUWE EN DE UITERWAARDEN VAN DE IJSSEL VORMEN EEN LEEFGEBIED VOOR VEEL BIJZONDERE SOORTEN. DANKZIJ DE OVERGANG VAN BOS NAAR MEER OPEN, WATERRIJK GEBIED IS ER VEEL VARIATIE TE VINDEN.

De overgangszone is een smalle groene strook, bestaand uit parken, landgoed Larenstein en volkstuinen, parallel aan de A12. Vanaf de Veluwe betreden boommarters de overgangszone. Omdat de boommarter voornamelijk ’s nachts actief is, wordt hij zelden waargenomen. De boommarter is het enige zoogdier die behendig genoeg is om eekhoorns door de boomkruinen te achtervolgen. Eekhoorns, maar ook andere voedselbronnen, zijn voldoende aanwezig in de overgangszone.

Richting de uiterwaarden verandert het parkachtige landschap in een grotendeels open terrein met diverse waterpartijen. In dit deel van het gebied, het Geërfdenpark en knooppunt Velperbroek, hebben bevers zich weten te vestigen. De aanwezigheid van het grootste knaagdier van Europa is het makkelijkst vast te stellen door kenmerkende knaagsporen aan bomen.

De huidige biodiversiteit…

Wie goed zoekt kan in dit gebied ook het kleinste knaagdier van Europa aantreffen. De dwergmuis beweegt zich eenvoudig door grasvegetaties en bouwt typische, bolvormige nesten in rietkragen en hogere grassen. Het jaarrond aanwezig zijn van dergelijke hogere vegetaties is essentieel voor deze soort.

KENMERKEND VOOR HET GEBIED, DAT LIGT INGEKLEMD TUSSEN DE WOONWIJKEN VAN VELP EN DE A12, IS DE VARIATIE AAN VEGETATIE EN LANDSCHAP, WAARBIJ PARK DAALHUIZEN EN LANDGOED LARENSTEIN TYPISCHE ELEMENTEN ZIJN. GEHEEL ANDERS DAN DE TWEE BEBOSTE TERREINEN IS HET GEËRFDENPARK. HET

GEËRFDENPARK BESTAAT VOORNAMELIJK UIT KORT GEHOUDEN GRASVELDEN. ROND KNOOPPUNT VELPERBROEK LIGGEN TWEE GROTE WATERPARTIJEN, DEELS OMGEVEN DOOR BOMEN EN RIETKRAGEN.

Eekhoorn (G.J. Assink)

Vijver op landgoed Larenstein

Dankzij de grote variatie en het verbindende karakter tussen de Veluwe en de uiterwaarden van de IJssel is hier een grote variatie aan soorten te verwachten. Typische parksoorten, zoals de grote bonte specht en eekhoorn, komen veel voor binnen de overgangszone. Omdat het gebied waterrijk is komen hier ook veel watervogels en andere watergebonden planten en dieren voor. De overgangszone is ook een belangrijke groene oase voor tuinvogels en andere cultuurvolgende soorten, zoals de gewone dwergvleermuis.

Dwergmuis (iStock)

In het gebied liggen twee volkstuincomplexen die voor diverse soorten vogels, zoogdieren en insecten een belangrijke voedselbron vormen. Een risico hierbij is wel het gebruik van gif of andere bestrijdingsmiddelen zoals lijmbanden. Naast voldoende voedselplanten is de aanwezigheid van planten waar insecten kunnen overwinteren belangrijk voor de gehele voedselpiramide binnen de overangszone. Project 11980 factsheet

Waterpartij bij knooppunt Velperbroek

En andere dieren! Dankzij het parkachtige landschap met voldoende oudere bomen, komen er in de overgangszone maar liefst vijf soorten spechten voor. De vele vijvers en watergangen bieden foerageermogelijkheden aan ijsvogels, blauwe reigers en aalscholvers.

Gouden tor (W. Peters)

Ook de bever is in de afgelopen jaren meerdere keren waargenomen. De bever laat zich meestal niet zien, maar door de vele knaagsporen weten wij dat hij er wel is. Ook de watervleermuis is in dit gebied te vinden. Dat komt niet alleen door de hoeveelheid water, maar juist ook doordat het om beschutte plekken gaat. En er zijn maar liefst 36 soorten libellen gezien. Het gebied is waardevol voor alle aquatische soorten Het terreinbeheer op landgoed Larenstein werpt zijn vruchten af. Niet alleen op de vele planten komen bijzondere soorten, maar ook in de composthoop op het terrein zijn bijzonderheden te ontdekken. Zo vormt deze composthoop een ware broedhoop voor de bijzondere gouden tor en neushoornkever.

Bever (Istock)

Het is echter de overdaad aan bijzondere planten die de meest bijzondere dieren aantrekken. Zo werd op beemdkroon de bedreigde knautiabij aangetroffen. Mogelijk heeft deze soort het landgoed bereikt dankzij de groene verbinding met de uiterwaarden.

Planten en andere soorten… DOOR HET GROENE KARAKTER VAN HET GEHELE GEBIED ZIJN ER VEEL SOORTEN DIE ZICH HIER THUIS VOELEN.

In het gebied komen ruim 700 plantensoorten voor, waarbij vooral Landgoed Larenstein zeer soortenrijk is. De huidige soortenrijkdom rond Landgoed Larenstein wordt vertekend door de vele plantensoorten die hier zijn aangebracht. Maar liefst de helft van alle, in Nederland voorkomende, plantensoorten kan in deze heemtuin worden aangetroffen. De vele plantensoorten in de overgangszone zijn bepalend voor het voorkomen van vele soorten insecten en andere dieren. Enkele oudere muurtjes op landgoed Larenstein vormen een geschikte groeiplaats voor typische muurvegetatie, zoals muurleeuwenbek, muurvaren en muurbloem. Naast bijzondere planten bieden dergelijke oude muurtjes ook geschikte overwinteringsplekken voor insecten en amfibieën.

Zoals in parken en op landgoederen vaak het geval is, komen ook hier veel soorten paddenstoelen voor. Diverse van deze soorten staan op de Rode Lijst, wat de waarde van het gebied des te meer aantoont. Veel paddenstoelen zijn afhankelijk van oud of dood hout. Enkele soorten zijn volledig afhankelijk van één enkele plantensoort. De op landgoed Larenstein voorkomende, bedreigde anemonenbekerzwam afhankelijk van bosanemonen, die vooral in loofbossen en parken groeien. Mossen en korstmossen komen ook overal voor, zowel op de grond als op stenen en bomen. Alle (korst)mossen stellen eisen aan hun groeiplaatsen en de luchtkwaliteit. Dankzij de vele variatie in het gebied komen hier meer dan 120 soorten voor.

Een andere bijzondere soort is het kalkdoorntje. Deze soort komt voornamelijk langs de grote rivieren en in Zuid-Limburg voor, maar heeft ook het landgoed Larenstein gevonden. De hooilandjes en kruidenrijke graslanden trekken veel vlinders aan, 30 soorten dagvlinders zijn hier al aangetroffen. Een bijzonderheid is de sleedoornpage, deze vlinder heeft een populatie binnen de overgangszone.

“Op landgoed Larenstein groeit ongeveer de helft van alle Nederlandse plantensoorten, deze zijn grotendeels door mensen aangebracht in de heemtuin op het terrein. Veel dieren die van specifieke planten afhankelijk zijn, vinden hun favoriete plant op dit landgoed, wat ervoor zorgt dat hier ook een grote verscheidenheid aan insecten te vinden is.” Project 11980 factsheet

Het gebied is, vooral ten hoogte van het Geërfdenpark, relatief smal en daardoor gevoelig voor onderbrekingen. Aanleg van elementen, zoals wegen, paden of verharding, en toenemende activiteiten zoals evenementen kunnen leiden tot barrière werking.

Kansen liggen voornamelijk rond het Geërfdenpark, maar kunnen breder worden geïmplementeerd. Ecologisch beheer van bermen en graslanden levert een enorme impuls aan insecten op. Het aanplanten van vroegbloeiende struiken en bomen, zoals wilgen en sleedoorn, levert voedsel aan bijen en dagvlinders op het moment dat er nog weinig bloemen te vinden zijn.

De overgangszone wordt doorsneden door enkele (spoor)wegen, waarvan knooppunt Velperbroek de grootste is. Dieren die langs de A12 migreren lopen hierdoor op diverse punten het risico om verkeersslachtoffer te worden.

Vroeg bloeiende sleedoorn

Wat zijn de kansen?

Natuurvriendelijke oever

Wat zijn de risico’s?

Maaibeheer vormt vaak nog een probleem bij graslanden. Zelfs bij ecologisch beheer worden terreinen vaak ‘winterklaar’ gemaakt, waarbij juist veel soorten, vooral insecten, verdwijnen en er niet langer overwinteringsplaatsen aanwezig zijn.

Door het aanplanten van een lijnvormige houtstructuur, bestaande uit een verscheidenheid aan bomen en struiken, kunnen zogenoemde snelwegen voor groen worden aangelegd. Deze snelwegen verbinden hotspots zoals landgoed Larenstein met de waterpartijen rond knooppunt Velperbroek. Dit biedt veel mogelijkheden voor vleermuizen (vliegroute), vogels, maar ook zoogdieren zoals kleine marterachtigen en insecten profiteren hiervan.

Kernkwaliteiten

Ontwikkelingsdoelen

Verbinding tussen Veluwe en uiterwaarden

Creëren van voldoende beschutting over de gehele lengte van het gebied, waarbij vooral in Geërfendpark nog winst te behalen valt.

Grasland

Graslanden en bermen omvormen naar kruidenrijk grasland.

Parklandschap

Oude bomen de ruimte geven en in het park kleine oases van rust creëren waarin dieren zich kunnen verschuilen.

Aanwezige watergangen en waterpartijen

Waterpartijen en watergangen vrij houden van verlichting. Bij onderhoud rekening houden met de water- en oevervegetaties. Aanleggen van natuurvriendelijke oevers waar deze ontbreken.

Kruidenrijk grasland (E. Witter)

“Het aanbrengen van reliëf, open grond en insectenhotels creëert geschikte verblijfplaatsen voor honderden bijen, wespen en andere insecten. Waardoor op hun beurt insectenetende dieren weer van profiteren.”

Samenvattend De overgangszone tussen de Veluwe en de uiterwaarde van de IJssel biedt veel kansen voor planten en diersoorten. Extra waardevol binnen dit gebied is landgoed Larenstein. Deze biodiversiteitshotspot is een uitzonderlijk soortenrijk gebied met soorten die in de rest van de gemeente niet of nauwelijks voorkomen. Het versterken van de verbindende werking tussen de Veluwe en de uiterwaarden zal de biodiversiteit een extra impuls kunnen geven. Vooral het Geërfdenpark biedt nog diverse ontwikkelmogelijkheden om de verbinding tussen de gebieden te versterken.

Project 11980 factsheet

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=0e961f80-d35d-4048-96c6-982ef2cc48be