CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Eindejaarprognose 2021 (21.72)

Raadsvergadering 14 december 2021, gemeente RhedenBij agendapunt: Eindejaarprognose 2021 (21.72)1.776 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Eindejaarprognose 2021

Datum vaststelling B&W:

8 november 2021

Datum besluitvorming Raad:

14 december 2021

INHOUDSOPGAVE 1 Inleiding en samenvatting ...................................................................... 3 2 Financiële ontwikkelingen ....................................................................... 5

1 Inleiding en samenvatting Hierbij bieden wij u de Eindejaarprognose 2021 aan. Met deze rapportage geven wij een prognose van het te verwachten financiële resultaat in de jaarrekening 2021 op basis van de stand van zaken per eind oktober 2021. Deze prognose betreft een beknopte duiding op hoofdlijnen, waarin vooral gericht is op de aandachtsgebieden waar we het meeste risico lopen zoals benoemd in de herfstrapportage. Met deze stand van zaken benoemen we enkele grotere ontwikkelingen en verwachte afwijkingen ten opzichte van de lopende begroting, zoals op 28 september jl. vastgesteld bij de Herfstrapportage 2021. In de herfstrapportage is het begrotingssaldo bijgesteld van € 797.000 nadelig naar € 256.000 nadelig. Op basis van deze eindejaarprognose verwachten we een voorlopig saldo over 2021 van € 9.000 voordelig. In deze eindejaarprognose benoemen we de effecten van de septembercirculaire van het gemeentefonds. Bij de herfstrapportage is de raad geïnformeerd over de financiële effecten van de meicirculaire. In voorliggende prognose zijn naast de septembercirculaire ook enkele overige ontwikkelingen benoemd. Deze treft u aan in hoofdstuk 2.

3

Verwachte ontwikkeling resultaat 2021 Het verwachte jaarresultaat 2021 is ten opzichte van de Herfstrapportage 2021 per saldo verbeterd met € 265.000. Het verwachte rekeningresultaat komt hierdoor uit op afgerond € 9.000 voordelig.

Opbouw resultaat 2021 (x € 1.000)

Bedrag

Begrotingsresultaat na Herfstrapportage 2021

-256

Effecten Septembercirculaire 2021

256

Afwijking op baten en lasten 2021 t.o.v. Herfstrapportage, per saldo

9

Eindejaarprognose 2021

9

Septembercirculaire 2021 De financiële gevolgen van de septembercirculaire hebben een gunstig effect op het begrotingsresultaat, zoals in onderstaande tabel is gespecificeerd.

Effecten Septembercirculaire 2021 (x € 1.000)

Programma Taakveld Bedrag

Voordelen: - Verwerking memo algemene uitkering 2021

6

0.7

839

6

0.8

-583

Nadelen: - Budget corona Algemene uitkering 2021 Saldo Effecten Septembercirculaire 2021

256

In de memo “Aanvulling op Begroting 2022 n.a.v. de septembercirculaire 2021” van 19 oktober jl. hebben we de positieve effecten van deze circulaire benoemd ten opzichte van het meerjarenperspectief zoals geschetst in de Programmabegroting 2022-2025. De septembercirculaire heeft een positief effect van € 256.000 op het lopende begrotingsjaar 2021. Voor nadere informatie verwijzen wij naar de betreffende memo.

4

2 Financiële ontwikkelingen Ontwikkelingen ten opzichte van Herfstrapportage 2021 Naast de mutatie als gevolg van de septembercirculaire zijn er enkele overige financiële ontwikkelingen van per saldo € 9.000 voordelig.

Baten en lasten Nummer

Omschrijving

Bedrag Programma Taakveld (x € 1.000)

Begrotingsresultaat na Herfstrapportage 2021

-256

Effecten Septembercirculaire 2021

256

Afwijking op baten en lasten 2021 t.o.v. Herfstrapportage: Voordelen 1 OZB-opbrengsten

6 0.7

317

2 Doelgroepenvervoer

1, 2 4.3 / 6.6

287

3 BUIG-uitgaven

1, 2 6.4 / 6.3

500

4 Re-integratie 5 Wmo-Beschermd Wonen

1 6.4

100

2, 3 6.6 / 8.3

Subtotaal

150 1.354

Nadelen 6 Ontwikkeling personeelskosten

6 0.4

-1.345

Subtotaal

-1.345

Totaal voordelen

1.354

Totaal nadelen

-1.345

Totaal afwijkingen baten en lasten, per saldo

9

Eindejaarprognose 2021

9

Bovengenoemde afwijkingen lichten wij onderstaand op hoofdlijnen toe: 1. OZB-opbrengsten: Het voordelige effect op de Onroerende zaakbelasting is vooral het gevolg van een hogere WOZ waarde dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. 2. Doelgroepenvervoer: Leerlingenvervoer, Wmo-vervoer, Dagbesteding en Instellingenvervoer: in de Financiële MARAP Q3 van de BVO DRAN is aangegeven dat de lasten van het doelgroepenvervoer voor de gemeente Rheden € 287.000 onder budget liggen. Dit bedrag zal aan de gemeente worden uitgekeerd.

5

3. BUIG-uitgaven: Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz en voor de inzet van loonkostensubsidie. Naar huidige inzichten verwachten over 2021 een (vooralsnog incidenteel) voordeel op de BUIG-middelen van afgerond € 500.000. Dit betreft enerzijds een nadeel vanwege lagere (€ 140.000) te ontvangen rijksbijdrage en anderzijds een verwacht voordeel (€ 640 duizend) vanwege lagere uitkeringslasten. 4. Re-integratie In de herfstrapportage hebben we bericht over de ESF (Europees Sociaal Fonds) subsidie. Ter actualisatie kunnen we melden dat het bedrag dat Rheden ontvangt definitief is bepaald op € 682.767. Door diverse inspanningen zijn we erin geslaagd om dit subsidiebedrag binnen te halen, dit is bijna het dubbele van hetgeen we vooraf op hadden ingestoken. Deze subsidie wordt ingezet als dekking van de re-integratiekosten. Een en ander is overeenkomstig de Actualiteitenrapportage 2020 en hetgeen daar is vermeld bij het doorvoeren van besparingen op re-integratie. Van genoemd bedrag kan € 100.000 ten gunste worden gebracht van het boekjaar 2021. Het niet-benodigde deel van de ESF-subsidie voor 2021 zal worden meegenomen naar volgende boekjaren. Bij de jaarstukken 2021 zal hiervoor bij resultaatbestemming een voorstel aan de raad worden voorgelegd. 5.

Wmo-Beschermd Wonen Conform het “Bestuurlijk akkoord Centraal-Gelderland doordecentralisatie BW” ontvangt de gemeente Rheden over 2021 € 940.000 (vanuit de gemeente Arnhem) voor de ambulantiseringsopgave en de sociaal domein kosten. Van genoemd bedrag kan € 150.000 ten gunste worden gebracht van het boekjaar 2021. De ambulantiseringsopgave moet nog nader worden ingevuld. De niet bestede middelen worden m.b.v. een bestemmingsreserve meegenomen naar volgende boekjaren om deze ambulantiseringsopgave in te kunnen vullen. Bij de jaarstukken 2021 zal hiervoor bij resultaatbestemming een voorstel aan de raad worden voorgelegd. 6. Ontwikkeling personeelskosten: In de Herfstrapportage hebben we uw raad, in de paragraaf financiële ontwikkelingen, geïnformeerd over de noodzaak om de organisatie tegen het licht te houden en het effect hiervan op de personeelskosten. De gemelde nadelige afwijking van totaal € 1,7 miljoen stellen we bij naar afgerond € 1,3 miljoen. Deze financiële afwijking is in drie categorieën te onderscheiden: •

eenmalige incidentele versterking via inhuur

•

(meerjarig) incidentele frictiekosten

•

structurele personeelslasten met betrekking tot 2021.

De extra kosten als gevolg van incidentele inhuur bedragen ruim € 1 miljoen. Afgelopen jaar is fors ingezet om het inzicht te vergroten op de noodzaak en de kosten van externe 6

inhuur. Doel is meer grip te krijgen op de inhuur. Het inzicht in het verloop van de personeelskosten is het afgelopen jaar sterk verbeterd. Het monitoren van de arbeidskosten inclusief externe inhuur is dit jaar geautomatiseerd, waardoor nu een sneller inzicht is in het verloop van de kosten. Daarnaast hebben we eenduidige procesafspraken gemaakt waarbij inhuur alleen wordt gepleegd bij grote risico’s - bijvoorbeeld in de continuïteit van dienstverlening aan inwoners. Besluitvorming over inhuur is niet meer op teamniveau belegd en vindt op directieniveau plaats aan de hand van 4 criteria: •

Is er sprake van (langdurige) ziektevervanging?

•

Komt de dienstverlening aan de inwoner in gevaar?

•

Komen wettelijke termijnen in gevaar?

•

Is het een eenmalige investering ten behoeve van een structurele verbetering?

Een tweetal voorbeelden: 1. Er was als gevolg van extreem ziekteverzuim onvoldoende capaciteit van consulenten binnen team toegang. Om de continuïteit van dienstverlening aan de inwoners niet in gevaar te brengen en binnen de wettelijke termijnen ondersteuning te bieden, is besloten om in te huren (circa € 300.000 nadeel). 2. Er is voor gekozen om de financiële functie structureel te versterken. Dit zien we terug in de structurele personeelslasten en ook in verlenging van de inhuur om een warme en goede overdracht mogelijk te maken (circa € 80.000). We constateren dat het budget voor ziektevervanging voor 2021 tekort schiet, waardoor uitval van een medewerker tot een relatief groot nadeel op de personeelslasten leidt. We zijn terughoudend met het plegen van inhuur en proberen uitval zoveel mogelijk binnen de bestaande formatie op te lossen. Helaas constateren wij dat het aantal collega’s die langdurig zijn uitgevallen relatief hoog is. Dit trekt een grote wissel op onze personeelsbudgetten omdat in die gevallen het altijd noodzakelijk is om te vervangen. De verzuimrapportage t/m september 2021 laat zien dat ons gemiddelde verzuimpercentage over 2021 6,8% bedraagt. Dat is hoog en deels Corona gerelateerd. De meldingsfrequentie is erg laag en ook het kort verzuim. Ons verzuimpercentage voor langdurig verzuim van 4,35% is lastig te beïnvloeden.

Een beperkt aantal medewerkers is uitgevallen maar dit heeft een groot effect op het verzuimcijfer vanwege de lange verzuimduur. In nagenoeg alle gevallen hebben we moeten voorzien in tijdelijke vervanging met externe inhuur. Externe inhuur is duurder dan eigen personeel waardoor de kosten voor vervanging onevenredig hoog zijn. Daarnaast zien we dat er een grote krapte is op de arbeidsmarkt waardoor tarieven voor externe inhuur zijn gestegen. Net zoals andere gemeenten hebben we als gevolg van corona en toename ziekteverzuim extra moeten inhuren. Ter dekking van de incidentele inhuur wordt € 200.000 onttrokken aan het coronabudget dat we van het Rijk via de algemene uitkering ontvangen. Het bedrag aan incidentele frictiekosten schatten we voor 2021 in op € 280.000. Door extra sturing valt deze post ongeveer € 120.000 minder nadelig uit dan in de Herfstrapportage 7

gemeld. De prognose voor het nadeel op structurele personeelslasten voor 2021 schatten we op € 265.000, dit is € 35.000 minder nadelig dan in de Herfstrapportage. Deze post is het netto-effect van diverse beheersmaatregelen. De versterking van de financiële functie per februari 2021 had een negatief effect en het verminderen van het aantal teammanagers leidde tot een voordeel. Het effect op de structurele personeelslasten zijn overigens al meegenomen in de begroting voor de jaren 2022 – 2025. Met de jaarrekening 2021 zullen we u aan de hand van deze drie categorieën een definitief inzicht geven in de personeelslasten. Overige ontwikkelingen: Naast bovengenoemde afwijkingen maken we melding van de ontwikkeling met betrekking tot invoering van de nieuwe Omgevingswet. Invoering nieuwe Omgevingswet: De te verwachten kosten in 2021 voor invoering van de nieuwe Omgevingswet bedragen € 707.000. Dit bestaat uit € 50.000 voor adviesdiensten (Vergunningverlening, Toezicht & Handhaving en Omgevingsplan) en € 657.000 kosten inhuur van personeel (voor projectleider en inhuur externen om eigen personeel vrij te spelen voor inzet, bouw nieuw Omgevingswet-huis). De kosten van invoering Omgevingswet worden bekostigd ten laste van de reserve risicobuffer grondexploitatie.

In totaal houden we in onze begroting over de periode 2021 t/m 2024 rekening met totale invoeringskosten van € 1.067.000, te dekken ten laste van genoemde reserve. In de jaarschijf 2021 is gerekend met een onttrekking van € 311.000 aan deze reserve. Naar verwachting zal de werkelijke onttrekking € 707.000 bedragen, dit is € 396.000 meer dan geraamd. Na deze onttrekking bedraagt het totale restantbudget nog € 360.000. Dit bedrag is te weinig om de totale te verwachten implementatiekosten te kunnen dekken. In januari / februari zullen wij hiervoor een begrotingswijziging aan de raad voorleggen. Wij hopen dan ook meer duidelijkheid te hebben ten aanzien van de extra rijksbijdragen (herijking van de tegemoetkoming in implementatiekosten).

8 november 2021, College van B&W

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=d2ff9cb4-551c-4a32-afb8-b2923003fe3b