DOC- 20250613 Business case Omvorming en Invlechting De Connectie v1.0 DEF (10)
Tekst van het document
• • • •
Concernoverhead; Bedrijfsbureau; Managers; Verbruik van De Connectie zelf.
De kostprijsberekening is niet opgenomen in het invlechtingsplan, maar is in detail verstrekt aan de gemeenten op basis van transparantie en vertrouwen. In onderstaande tabel worden voor iedere gemeente de structurele financiële effecten getoond van de doorbelasting van gastheergemeente Arnhem naar de gastgemeenten Renkum en Rheden bij een enkelvoudige centrumregeling (ECR)(bedragen zijn x € 1.000, gebaseerd op begroting 2024, exclusief incidentele bijdragen, doorbelasting aan derden en effect uitplaatsing Management Support taken). Gemeente
Lumpsum bedrag huidig (€)
Lumpsum percentage huidig (%)
Kostprijs-model bij voortzetten BVO (€)
Kostprijs-model bij voortzetten BVO (%)
Kostprijs-model bij omvorming naar ECR (€)
Kostprijs-model bij omvorming naar ECR (%)
Arnhem
37.023
72,8
32.530
65,0
37.332
73,5
Renkum
5.164
10,2
6.898
13,8
5.236
10,3
Rheden
8.635
17,0
10.597
21,2
8.254
16,2
TOTAAL
50.822
100,0
50.024
100,0
50.822
100,0
Wanneer de verschillen in bedragen worden uitgedrukt, ontstaat het volgende beeld: Gemeente
A
b
c
Lumpsum bedrag huidig (€)
Lumpsum percentage huidig (%)
Kostprijs-model bij voortzetten BVO (€) 1
Verschil bij voortzetten BVO (€)
Kostprijs-model bij omvorming naar ECR (€)
Verschil bij omvorming naar ECR (€)
Arnhem
37.023
72,8
32.530
-4.493
37.332
309
Renkum
5.164
10,2
6.898
1.734
5.236
72
Rheden
8.635
17,0
10.597
1.962
8.254
-381
TOTAAL
50.822
100,0
50.024
-798
50.822
0
1
Het totaalbedrag wijkt af van de andere kolommen omdat toepassing van het kostprijsmodel ook effect heeft op de doorbelaste kosten op producten die derden afnemen (die daardoor in dit geval meer moeten betalen) en omdat voor een reëel beeld de kosten voor de incidentele inzet van ICT-projectleiders uit de opstelling is verwijderd.
De bovengenoemde getallen zijn gebaseerd op de begroting van 2024 met de leveringseenheden van 2023. Na de goedkeuring van de eerste bestuursrapportage 2025 wordt door De Connectie de herberekening gemaakt van de prijs en leveringsaantallen. Hierin zal het effect van de overplaatsing van de medewerkers van MAS en de bodes naar de gemeente Rheden en Renkum extracomptabel worden meegenomen. De afgesproken bezuinigingen in 2025 ev zijn verwerkt in de begroting en worden daarmee ook automatisch meegenomen in de kostprijsberekening. We hebben de principe afspraak dat de prijs 1x per jaar bij begroting wordt vastgesteld. Het effect van herberekening kan zijn dat als gevolg van wijzigingen (bijvoorbeeld de stijging of daling van leveringsaantallen) de kosten stijgen of dalen. Dit risico is geïdentificeerd in de risicoanalyse.
27
5.3.3
FINANCIEEL EFFECT VOOR DE GEMEENTEN
Uit de verschillenanalyse is eerder gebleken, dat de huidige lumpsum-verdeling waar afgelopen jaren mee is gewerkt niet past bij het kostprijsmodel zoals die in een Wgr-bedrijfsvoeringsorganisatie gebruikelijk is. Op basis van integrale verdeling van alle kosten zouden de gemeenten Renkum en Rheden aanzienlijk meer moeten betalen dan nu en de gemeente Arnhem minder dan nu (kolom b). In een hostingsmodel (enkelvoudige centrumregeling) ligt dit anders, omdat daar het eigenaarschap en de daarmee samenhangende instandhoudingskosten bij de centrumgemeente liggen en de gastgemeenten een kostprijs vergoeden op basis van de meerkosten van de door hen afgenomen diensten. Als we dat toepassen op de huidige begroting van De Connectie dan ontstaat de verdeling zoals weergegeven in de derde kolom van bovenstaande tabel (kolom c). Daarin is te zien dat de kostenverdeling bij het hostingsmodel (enkelvoudige centrumregeling) ongeveer overeenkomt met de bedragen uit de afgelopen jaren gehanteerde lumpsum-kostenverdeling. Dit betekent dat de voorgestelde overgang naar het hostingsmodel voor de drie gemeenten tot nagenoeg dezelfde kostenverdeling leidt als in de huidige situatie: •
De gemeente Rheden gaat afgerond € 8,3 miljoen betalen in plaats van € 8,6 miljoen;
•
De gemeente Renkum gaat afgerond € 5,2 miljoen betalen in plaats van € 5,1 miljoen;
•
De gemeente Arnhem gaat afgerond € 37,3 miljoen betalen in plaats van € 37,0 miljoen.
Dit laatste komt nagenoeg overeen met wat de gemeente Arnhem de afgelopen jaren heeft betaald én met wat de gemeente Arnhem aan kosten zou hebben in het denkbeeldige geval dat er geen samenwerking meer zou zijn (aangezien de gemeente Arnhem ook dan de instandhoudingskosten zelf zou moeten betalen) Anderzijds zou het zuiver hanteren van het kostprijsmodel bij de huidige Wgr-bedrijfsvoeringsorganisatie voor Renkum en Rheden een onoverkomelijke kostenstijging inhouden (€ 1,7 miljoen respectievelijk € 2,0 miljoen). Voor die gemeenten een extra reden om te kiezen voor een hostingsmodel met Arnhem als gastheer (enkelvoudige centrumregeling). De in de Begroting 2026 van de Connectie opgenomen bedragen wijken af van bovengenoemde bedragen. Enerzijds wordt dit veroorzaakt door (per gemeente) overeengekomen kadercorrecties en anderzijds door de toegepaste indexatie voor loon- en prijscompensatie. 5.3.4
UITTREDING
In geval dat een van de gemeenten, met inachtneming van de opzegtermijn bij uittreding conform de regeling, uittreedt is het van belang dat er een impactanalyse wordt gemaakt. De financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties worden, binnen zes maanden na opzegging, door het college van de centrumgemeente in een uittredingsplan in kaart gebracht. Bij het in kaart brengen van deze consequenties is een onafhankelijke deskundige betrokken. Bij uittreding zullen de kosten van uittreding en de eventuele frictiekosten als gevolg van uittreding voor rekening van de uittredende gemeente komen. Tot deze uittredingskosten behoren: • •
de incidentele kosten die rechtstreeks verband houden met de ontvlechting van deze gemeente uit de regeling; de kosten die verband houden met de (afbouw van de) ontstane overcapaciteit.
28
Tot deze kosten behoren dan niet de instandhoudingskosten. Verdere uitwerking is terug te vinden in artikel 14 van de Enkelvoudige Centrumregeling (ECR). 5.4
KOSTEN OMVORMING
Met het omvormingsproces gaan incidentele kosten gepaard. Dit zijn de onderzoekskosten, projectkosten en de inrichtingskosten. Er is een overkoepelende businesscase (€ 25.000), een invlechtingsplan (€ 50.000) en een opheffingsplan (€ 25.000) opgesteld. De totale kosten daarvan zijn initieel begroot op € 100.000. De kosten voor het opstellen van het invlechtingsplan komen voor rekening van de beoogde gastheergemeente, de kosten voor de overkoepelende businesscase en het opheffingsplan komen voor rekening van de deelnemers in De Connectie naar rato van de (huidige) percentuele verdeling in de basisdienstverlening (zie onderstaande tabel). Gemeente
Arnhem
Renkum
Overkoepelende business case
€
18.212
€
Invlechtingsplan
€
50.000
Opheffingsplan
€
18.212
Rheden 2.540
€
2.540
€
€
Totaal 4.248
4.248
€
25.000
€
50.000
€
25.000
De onderzoekskosten, betreffende het opheffingsplan, het invlechtingsplan en de overkoepelende businesscase, zijn in beeld gebracht. De projectorganisatie heeft een bovengemiddelde inspanning geleverd om dit resultaat inclusief de voorbereiding op de bestuurlijke besluitvorming te realiseren. De onderzoekskosten zullen conform begroting worden verrekend. In het omvormingsplan is een liquidatiebegroting voor de omvorming van De Connectie opgenomen. Deze werd door Proof Adviseurs begroot op €710.000. De financiële paragraaf is door het bestuur voor kennisgeving aangenomen en afgesproken is dat de kosten in samenhang met de kosten voor invlechting bekeken gaan worden. Ook is afgesproken dat deze kosten door de drie gemeenten gedragen gaan worden. Voorgesteld wordt om de kosten te dekken uit de stelpost kapitaalslasten zodat de gemeenten zelf hier geen dekking meer voor hoeven te vinden. Na afronding van het invlechtingsplan en het opstellen van het uitvoeringsplan voor de invlechting worden de met de transitie gepaard gaande projectkosten in beeld gebracht en afgestemd met de deelnemers in de Connectie. De inrichtingskosten komen voor rekening van de gastheergemeente. Daar waar de project- en inrichtingskosten tot een hogere bijdrage leiden dan waarbij in het intentiebesluit rekening is gehouden, zal hierover via de reguliere P&C-cyclus (turap-2) worden gerapporteerd.
29
6
RISICOANALYSE
6.1.1
RISICOANALYSES INVLECHTING
In de nota “Risicomanagement en weerstandsvermogen” van de gemeente Arnhem zijn ten aanzien van grote risicovolle projecten/voorstellen aanvullende afspraken gemaakt. In de raadsbrief over grote risicovolle projecten bij de gemeente Arnhem is afgesproken extra aandacht te besteden aan risicomanagement bij dit soort projecten. Wanneer wordt voldaan aan een aantal criteria wordt er een onafhankelijke, los van de projectorganisatie staande, risicoanalyse uitgevoerd. Het team Audit en Risicomanagement van de gemeente Arnhem heeft dit uitgevoerd. De risicoanalyses voor de Invlechting van De Connectie zijn gemaakt door de Gastgemeenten en voor het totaal Project inclusief Gastgemeente. Er zijn twee aparte matrices opgesteld. De analyses zijn in de bijlagen toegevoegd. De risico’s zijn in de stuurgroepen besproken. Er zijn risicobeperkende maatregelen genomen om de onzekerheden te beperken. 6.1.2
BEDRIJFSRISICO’S ARNHEM
De bedrijfsrisico’s zoals beschreven in de begroting 2025 van De Connectie zijn besproken en afgestemd. Vastgesteld is dat dit aanwezige en legitieme risico’s zijn die in de begroting van de gemeente Arnhem in het weerstandvermogen zijn opgenomen. Het bedrag blijft nagenoeg gelijk als we rekening houden met de overlap in het afdekken van de risico’s. 6.1.3
RISICOVERANTWOORDELIJKHEID
In basis is de gemeente Arnhem risicodrager voor risico’s die optreden op grond van de basisdienstverlening. Dit geldt ook voor schommelingen in productprijzen in het lopende contractjaar. Ten aanzien van specifieke risico’s in relatie tot projecten moeten er voorafgaand afspraken gemaakt worden over financiën en risico’s. Als gedurende beginperiode van twee jaar na de omvorming onverwachte tegenvallers optreden met financiële consequenties die betrekking hebben op de periode voor 1 januari 2026, gaat de gastheergemeente in overleg met de gastgemeenten. Immers tot 1 januari 2026 waren de 3 gemeenten eigenaar. De kans dat dit gebeurt is vrij gering, maar het risico dient wel benoemd te worden.
30
7
CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN
Iedere belanghebbende partij kan de check maken of aan alle relevante criteria om tot een positief advies te komen voor besluitvorming is voldaan. Binnen de projectstructuur heeft toetsing en afstemming plaatsgevonden. De onderstaande tabellen geven overzicht en zijn behulpzaam bij het beantwoorden van de vraag. Vereisten voor Gastgemeenten
Renkum
Rheden
Arnhem
De Connectie
Documenten aanwezig (ECR, PDC, IP, BC, basis voor DVO) Afgestemd Invlechtingsplan in relatie tot dienstverlening Afgestemd Overkoepelende business case Afstemming over zeggenschap en besturing (basis, innovatie & ontwikkeling) Duidelijkheid over Financiën Continuïteit van dienstverlening Verschillen en verandering zijn inzichtelijk
Vereisten voor Gastheergemeente en De Connectie Documenten aanwezig en voldoende Afgestemd Invlechtingsplan Overkoepelende business case afgestemd Afstemming over zeggenschap en besturing (basisdienstverlening, innovatie & ontwikkeling). Uitgangspunten liggen vast. Impact Financiën voor zowel bedrijfsvoering als dienstverlening duidelijk • •
Kostprijsmodel getoetst (juist, volledig en betrouwbaar) Bedrijfsexploitatie impact
Continuïteit van dienstverlening Bedrijfsvoeringsrisico’s goed getoetst en inzichtelijk Overname contracten goed getoetst AS- IS overgang als organisatie-eenheid Medewerkers belang ‘as-is’ Basisafspraken samenwerking Beleid en Uitvoering Cluster BV Arnhem Verschillen en verandering zijn inzichtelijk
31
8
BIJLAGEN
8.1
RISICOANALYSE PROJECT
De belangrijkste risico’s. Risico / Gebeurtenis
Organisatorisch Beoogde effecten van de omvorming van De Connectie worden niet bereikt
Interpretatieverschillen wat allemaal onder 'as-is' overgaat en tot wanneer en welke afspraken zijn/worden gemaakt.
Toelichting
Beheersmaatregel
De Connectie heeft zich de afgelopen jaren goed ontwikkeld en veel bereikt. Dit is ook vastgesteld in het laatste gebruiker onderzoek waaruit is gebleken dat de kwaliteit van dienstverlening (heel) goed is. Om de uitdagingen in de toekomst beter aan te kunnen gaan, de ontwikkelingen van producten en diensten sneller te laten verlopen, maar bovenal sneller (bestuurlijke) besluiten te kunnen nemen en uitvoeren is de intentie uitgesproken om de organisatie aan te passen naar het model met één eigenaar. Het risico bestaat dat deze effecten niet zullen worden bereikt omdat De Connectie als onderdeel van de gemeente Arnhem niet voldoende prioriteit krijgt (en slagkracht heeft) voor de benodigde ontwikkelingen van producten en diensten. Daarnaast is het de vraag of in een grotere organisatie met meer lagen er sneller besluiten worden genomen en er eerder tot uitvoering wordt overgegaan.
Er wordt een invlechtingsplan, businesscase en ontwerpregeling voor de inbedding van de Connectie in de gemeente Arnhem opgesteld. Hierin zullen ook de randvoorwaarden worden opgenomen om het oorspronkelijke doel van deze beweging te kunnen bereiken. Dit dient voortdurend gemonitord te worden (op de doelstellingen die zijn afgesproken) in hoeverre dit allemaal gerealiseerd wordt. Indien dit niet wordt gehaald zal dit vroegtijdig gesignaleerd worden. Een goede inrichting van de governance is van groot belang. Afspraak is dat dit voor 1 januari goed is uitgewerkt.
Het uitgangspunt van de overgang 'as-is' is aangegeven; taken, systemen, organisatie en In het invlechtingsplan wordt beschreven wat er onder 'as-is' personeel gaan geheel en ongedeeld over naar de gemeente Arnhem. Een belangrijke wordt verstaan. De PDC wordt gecontroleerd en geactualiseerd, gedachte hierbij is dat vanuit een centrumgemeente er doeltreffender kan worden alle contracten en systemen zijn geïnventariseerd en de formatie georganiseerd en gestuurd. Met name bestuurlijk. Vanuit de nieuwe governance wordt er is in beeld. Er worden afspraken gemaakt over de functionele een grotere slagkracht en flexibiliteit verwacht. Onzekerheden over het moment vanaf en de samenwerking. Dit om bijvoorbeeld een ander bijkomend effect te wijze waarop een eventuele efficiëntere en effectievere bedrijfsvoering kan en mag worden kunnen realiseren om de bedrijfsvoering efficiënter en effectiever doorontwikkeld kunnen voor verschil van inzicht zorgen. te gaan organiseren. Van belang is hierbij wel duidelijkheid te creëren voor de Connectie en de gemeente Arnhem welke functionele werkafspraken nodig zijn om na 1 januari 2026 tot een efficiëntere en effectievere bedrijfsvoering leiden en wat daarna de mogelijkheden en beperkingen zijn. Dit om er voor te zorgen dat het verwachtingenmanagement gelijk is. Dit is een benoemde vervolgactie die benoemd is in het invlechtingsplan.
Inhoudelijk Andere (visie op) dienstverlening Hoewel de samenstelling van het takenpakket initieel niet lijkt te wijzigen is het mogelijk dat door verdere harmonisatie en de producten en diensten na 1 januari wijzigen als gevolg van een verdere strategie na 1 januari 2026 (andere harmonisatieslag, innovatie en/of een gewijzigde strategie. Dit kan een verschil in de visie op de samenwerkingsfilosofie) uitvoering en visie op de dienstverlening betekenen en ook voor alle partijen financiële consequenties hebben en andere verwachtingen creëren waar geen rekening mee is gehouden.
Continuïteit dienstverlening
Financieel Bedrijfsvoeringsrisico
Realiseerbaarheid van project binnen de financiële kaders (voor de 3 gemeenten)
De kwaliteit en omvang van de dienstverlening zal gedurende de periode van invlechting (en Om vast te kunnen stellen of de kwaliteit en/of omvang van daarna) gecontinueerd moeten blijven. De kans is aanwezig dat door diverse dienstverlening niet achteruit gaat zal een soort 0-situatie worden omstandigheden dit niet gerealiseerd kan worden. Hierbij moet ook rekening worden vastgesteld. Daarbij zullen vervolgens afspraken worden gemaakt gehouden met een mogelijk verloop van personeel. over een escalatiemodel indien hieraan niet meer kan worden voldaan. Zodra de gemeente Arnhem akkoord gaat me de transitie van de Connectie naar Arnhem (per 1 januari 2026) zal het formeel ook risicodragend worden voor de bedrijfsvoering van beide organisaties. De risico's die in de MJPB van De Connectie zijn opgenomen, zullen na 1 januari gaan rusten op de gemeente Arnhem. Dit kan tot mogelijk negatieve financiële consequenties voor Arnhem leiden omdat bij de Connectie geen weerstandsvermogen beschikbaar is. Een groot deel van de risico's is wel opgenomen in het gemeentebrede risicoprofiel van de gemeente Arnhem.
8.2
Bij de besluitvorming voor de transitie zal inzichtelijk worden gemaakt voor welke (extra) kosten en omvang de gemeente Arnhem verantwoordelijk wordt. Daarbij aangegeven dat er ook nog rekening moet worden gehouden met kosten ter dekking van de risico's van De Connectie (weerstandsvermogen die niet bij De Connectie beschikbaar is). De huidige risico's van De Connectie worden in de huidige situatie verdeeld over de Gemeenten Arnhem, Renkum en Rheden en zijn bij die gemeenten opgenomen in het risicoprofiel van de drie gemeenten. De vraag is in hoeverre de risico's en daarmee het weerstandsvermogen van Rheden en Renkum worden overgedragen aan Arnhem. Daar moeten afspraken over worden gemaakt met Renkum en Rheden.
Er is een beperkt incidenteel budget beschikbaar voor de transitiefase (100K). Er is 25K Er is een project/programmabegroting opgesteld waarin alle beschikbaar voor de overkoepelende businesscase, 25K voor opheffinsplan en 50K voor het incidentele kosten voor dit programma/project in kaart zijn invlechtingsplan. Met uitzondering van het invlechtingsplan waarvoor gemeente Arnhem zelf gebracht. Op tijd zal gerapporteerd worden indien dit niet binnen verantwoordelijk is zullen de ander kosten volgens de huidige verdeling over de drie het financiële kader kan worden gerealiseerd. gemeenten worden verdeeld. Gezien de strakke planning en de mogelijke inzet van extern personeel bestaat de mogelijkheid dat al deze kosten niet binnen de gestelde kaders gerealiseerd kunnen worden.
Structurele bijdragen van Bij het instellen van een Enkelvoudige Centrum Regeling voor de Connectie wordt gemeenten aan de dienstverlening uitgegaan van de volgende verdeling van kosten: gemeente Arnhem 37,3 mio, Rheden 8,6 De Connectie mio en 5,2 mio voor Renkum. Deze is gebaseerd op de begroting 2024. Het risico bestaat dat er bij de overgang naar de gemeente Arnhem, per 1 januari 2026 er sprake zal zijn van een andere kostenverdeling per gemeente waarbij gemeenten meer moeten bijdragen dan de hiervoor genoemde bedragen. Hierbij is het risico dat, exclusief de indexering, er meer moet worden bijgedragen dan hierboven aangegeven. Planning Te optimistische planning van doorlooptijden, procedures, onderzoeken en uitvoering.
Van belang is dat het huidige producten- en dienstenaanbod (producten en dienstencatalogus) in principe 'as-is' wordt gecontinueerd. Hierbij is het van belang dat voor alle partijen duidelijk is wat het ' huidige producten en dienstenaanbod' precies is en wat dus gecontinueerd wordt (voor dezelfde prijs). Voor met name de gastgemeenten zal duidelijk moeten worden hoe de 'nieuwe' kostprijsberekening vanaf 2026 tot stand komt. Hier kan dan rekening worden gehouden. Daarnaast wordt een governancestructuur uitgewerkt die is gebaseerd op gezamenlijk afgestemde kaders en uitgangspunten.
Medio 2025 vindt een herberekening van de kostprijs plaats voor de begroting 2026 op basis van de leveringsaantallen uit 2024. De uitkomst hiervan wordt gedeeld en besproken.
De verwachting is dat het besluit tot transitie op tijd in alle raden wordt besloten om op 1 Op basis van de huidige inzicht en voortgang van het proces is januari 2026 de Connectie in te bedden in de gemeente Arnhem. Hiervoor is een planning in het huidige spoorboekje aangepast. Uitgangspunt is en blijft om de vorm van een spoorboekje gepresenteerd en naar alle raden gecommuniceerd. Het risico te sturen op transitie per 1 januari 2026. Er zal strak gestuurd bestaat dat deze planning te optimistisch is en dat 1 januari 2026 niet gehaald wordt. worden op planning op basis van dit aangepaste spoorboekje. Ook zal er een scenario uitgewerkt moeten worden als 1 januari onverhoopt niet gehaald wordt.
RISICOANALYSE GASTGEMEENTEN
De belangrijkste risico’s.
32
Risico / Gebeurtenis
Toelichting
Beheersmaatregel
Dienstverlening Onvoldoende duidelijk wat basis dienstverlening is en wat maatwerk
Uitgangspunt is dat Renkum en Rheden vanaf 1 januari 2026 de huidige producten De huidige PDC is gereviewd en bijgewerkt; de 'ruis' is uit de PDC en diensten ('as-is') blijven afnemen bij De Connectie. Deze as-is is vastgelegd in de gehaald. producten- en dienstencatologus (PDC). De huidige PDC is niet op alle onderdelen voldoende helder; dit zorgt voor onduidelijkheid bij de vraag wat onder de basis dienstverlening valt en wat maat- en meerwerk is. Bij een gewijzigde vorm van samenwerking en financiering is de urgentie (nog) groter dat hierover geen ruis bestaat, zodat onnodige vertraging en inefficiency in de dienstverlening kan worden voorkomen.
Geen maatwerk meer mogelijk door verdere harmonisatie
In de huidige situatie is nog (veel) sprake van maatwerk. Hoewel de samenstelling Er is In beeld gebracht waar op dit moment maatwerk wordt geleverd aan van het takenpakket initieel niet wijzigt, is het mogelijk dat op termijn de producten Renkum en Rheden; waar mogelijk en wenselijk is dit in de PDC verwerkt. en diensten wel wijzigen als gevolg van een verdere harmonisatieslag, innovatie of Voor Renkum en Rheden: In aanloop naar 2026 de afhankelijkheid van een gewijzigde strategie. Voor Renkum en Rheden kan dit betekenen dat er geen of maatwerk waar mogelijk verkleinen. minder maatwerkdienstverlening meer mogelijk is. Het risico bestaat dat de door de afnemende gemeenten gewenste dienstverlening niet gerealiseerd kan worden.
Continuiteit dienstverlening
De kwaliteit en omvang van de dienstverlening zal gedurende de periode van Om vast te kunnen stellen of de kwaliteit en/of omvang van transitie gecontinueerd moeten blijven. De kans is aanwezig dat door diverse dienstverlening niet achteruit gaat zal een 0-situatie worden vastgesteld. omstandigheden dit niet gerealiseerd kan worden. Hierbij moet ook rekening worden Deze basis dienstverlening staat in het invlechtingsplan beschreven gehouden met een mogelijk verloop van personeel. inclusief escalatiemodel.
Organisatie Planning per 1/1/2026 wordt niet gehaald
De beoogde operationele start van de (nieuwe) Connectie als centrumregeling is 1 januari 2026. Bij alle betrokken partijen zullen hiervoor de benodigde acties in gang worden gezet. De datum van 1 januari 2026 is ambitieus en het risico bestaat dat deze niet gehaald gaat worden, met mogelijk als gevolg dat de kwaliteit van de hudige dienstverlening niet gecontinueerd kan worden door de reeds in gang gezette wijzigingen. De planning en controlcycli van de samenwerkende gemeenten sluiten niet op elkaar aan, waardoor op verschillende momenten (dezelfde) informatie vanuit de Connectie benodigd is. In de nieuwe situatie verschuift de zeggenschap en verantwoordelijkheid voor uniformiteit naar Arnhem. Voor Renkum en Rheden bestaat het risico dat de informatie voor hun P&C cyclus niet op het gewenste moment beschikbaar is.
Go / no go moment vastleggen en zoveel als mogelijk flexibiliteit behouden om als nodig nog periode te overbruggen in huidige vorm. Dit wordt onderdeel van het uitvoeringsplan van de invlechting, met een fallback scenario.
Kostenverdeling bij uittreden gemeente
In de businesscase voor de omvorming is uitgegaan van afname van (minimaal) de huidige dienstverlening. Het risico bestaat dat een van de gastgemeenten wil uittreden of substiantieel minder diensten wil afnemen, waardoor de kosten voor de hostgemeente en andere gastgemeente niet meer te dragen zijn.
Afspraken over uittreding met bijbehorende financiële afspraken zijn beschreven in de enkelvoudige centrumregeling. Indien een dienst niet meer afgenomen wordt, dan zijn daarover afspraken opgenomen in de DVO.
Onzekerheid over toekomstige kosten(stijging)
Voor de berekening van de productprijzen zal in de nieuwe situatie het Afspraken maken over de verdeling van de kosten in verschillende kostprijsmodel gehanteerd worden, waarbij de prijzen jaarlijks door het college van situaties. Daarnaast worden uitgangspunten en kaders afgestemd in het de gemeente Arnhem worden vastgesteld. Uitgangspunt is dat bij gelijkblijvende kader van Governance. afname van de dienstverlening (ten opzichte van de huidige situatie) de kosten voor de gemeenten Renkum en Rheden behoudens indexatie niet wijzigen ten opzichte van de huidige lumpsum financiering. Over een aantal factoren is echter nog geen afspraken gemaakt. Hoe werken efficiency voor- en nadelen bijvooorbeeld door in de prijzen? Wat zijn de financiële gevolgen van het oversluiten van contrachten naar Arnhem? En wat als Arnhem veel ambitieuzer is dan de gastgemeenten, met hogere kosten tot gevolg? Voor Renkum en Rheden bestaat het risico dat de productprijzen dusdaning hoog worden dat de kosten voor de dienstverlening niet meer gedragen kunnen worden. Voor de gastgemeenten geldt dat hun rol door de omvorming verandert van Ook onder de enkelvoudige centrumregeling zal afstemming tussen de opdrachtgever naar klant; er ontstaat een meer zakelijke relatie met de gemeente gemeenten plaatsvinden. Er worden gezamenlijk uitgangspunten en Arnhem.
Met als gevolg dat er minder zeggenschap zal zijn over zowel inhoud, kaders opgesteld die richtinggevend zijn voor de in te richten besturing en proces als planning van de dienstverlening door de Connectie. De drie besluitvorming. deelnemende gemeenten hebben hun eigen identiteit en beleid en verschillen ook in omvang. Mogelijk dat voor Arnhem op bepaalde gebieden een hoger ambitieniveau geldt, met voor Renkum en Rheden het risico op een hoger kostenniveau dan voor hen nodig.
Informatiebehoefte P&C-cyclus
Financién
Verschillend ambitieniveau
Governance
Harmonisatie p&c cycli. Afspraken over jaarplanning aan te leveren stukken .
Gewenste dienstverlening niet beschikbaar
Voor de gastgemeenten geldt dat hun rol door de omvorming verandert van opdrachtgever naar klant; er ontstaat een meer zakelijke relatie met de gemeente Arnhem. Met als gevolg dat er minder zeggenschap zal zijn over zowel inhoud, proces als planning van de dienstverlening door de Connectie. Het is nog onduidelijk hoe de overleg- en demand-/supplystructuur er in de nieuwe situatie precies uit gaat zien en welke rol Renkum en Rheden nog hebben in de (afwegingen tot de) besluitvorming. Voor Renkum en Rheden bestaat het risico dat hun invloed zo beperkt gaat zijn, dat er door Arnhem keuzes worden gemaakt die niet passen binnen de ambities en verwachtingen van de gastgemeenten.
Gemeenten verliezen eigen identiteit
Voor de gastgemeenten geldt dat er minder zeggenschap zal zijn over het aanbod Bij vormgeven DVO('s) aandacht hebben voor verschillen tussen de aan dienstverlening door de Connectie. Dit betreft deels ook dienstverlening die gastgemeenten. inwoners raakt, voornamelijk op het gebied van belastingen maar bijvoorbeeld ook Alert zijn dat bij uitingen 'naar buiten' (belastingaanslagen, mailadressen, het zaaksysteem. Het risico bestaat dat Renkum en Rheden hun eigen identiteit etc.) niet namens Arnhem gecommuniceerd wordt, maar namens de richting inwoners verliezen als gevolg van hun beperkte(re) rol in de besluitvorming Connectie i.o.v. de gastgemeente. en door verdere harmonsatie. Dit risico kan worden versterkt als 'naar buiten' toe het beeld ontstaat dat dienstverlening namens de gemeente Arnhem wordt verleend in plaats van door de Connectie/de gastgemeente.
Formele besluiten van De Connectie tot formele overgang 1 januari 2026
Tot 2026 is de huidige mandaatregeling van De Connectie nog van toepassing tenzij De afspraak is gemaakt dat belangrijke besluiten die consequenties hij eerder wordt ingetrokken. Op bijvoorbeeld aanbesteding en hebben voor na 2026 worden voorgelegd aan de stuurgroep. Dat is personeelscontracten kan De Connectie dan nog formele afspraken bijvoorbeeld van toepassing op het proces en besluitvorming voor de maken/besluiten nemen die mogelijk negatief uitpakken voor de deelnemende aanbesteding van Unit-4. gemeenten. Met name de aanbesteding van Unit4 in 2025 zal gevolgen hebben voor de periode 2026 en verder. Dat kan ook gaan gelden voor afspraken op personeelsgebied die (negatief) kunnen doorwerken voor na 2026.
33
De basis dienstverlening is beschreven in het invlechtingsplan en wordt uitgewerkt in de DVO. 'Heldere afspraken over proces en rollen, zodat verwachtingen helder zijn. Voldoende gezamenlijke eveluatiemomenten houden, zodat tijdig kan worden bijgestuurd als nodig (en mogelijk).