bijlage Velp-Centrum 2023_concept_2
Tekst van het document
28
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 bijvoorbeeld terrasvergunningen en wintertuinen kan hierin een stimulerende rol kunnen vervullen.
Beleidsnotitie Bouwen op achterterreinen in de gemeente Rheden Op 30 maart 2021 heeft de gemeenteraad de beleidsnotitie 'Bouwen op achterterreinen in de gemeente Rheden' vastgesteld. Dit biedt een afwegingskader voor het bouwen van woningen op achterterreinen. Dit geeft aan wanneer de gemeente in beginsel mee wil werken hieraan. Het onderhavige bestemmingsplan betreft een actualiseringsplan waarin geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt. De beleidsnotitie is wel het kader bij initiatieven die niet in het bestemmingsplan passen.
Cultuurhistorisch erfgoed Erfgoed gaat over menselijke sporen uit het verleden die zichtbaar en tastbaar zijn in het heden. Dat kunnen voorwerpen zijn, archeologische vondsten, archieven, en gebouwde en groene monumenten zoals landgoederen, begraafplaatsen en landschappen. Maar ook bepaalde gebruiken, verhalen en gewoonten horen erbij. De gemeenteraad heeft op 30 mei 2017 de Erfgoednota 'Verbindend Verleden' vastgesteld. Daarin is het erfgoedbeleid over de jaren 2012-2016 geëvalueerd en is het beleid voor de periode 2017-2022 geformuleerd. Omdat de evaluatie geen aanleiding gaf om het eerder ingezette beleid fundamenteel te wijzigen, is besloten om het beleid te actualiseren: dezelfde visie dus, maar met nieuwe plannen in de nieuwe uitvoeringsagenda. Daarin zijn zoveel mogelijk erfgoedwensen verwerkt die in het kader van de totstandkoming van de nota zijn verzameld. In de nota is bepaald dat het cultuurhistorische erfgoed van cruciaal belang is voor de ruimtelijke en sociale karakteristiek van de gemeente Rheden. Allereerst gaat het om het in goede staat doorgeven van cultuurhistorisch erfgoed aan volgende generaties. Daarnaast willen wij ons erfgoed inzetten als (hulp-)motor om de economische, sociale en klimatologische doelen te bereiken en te dienen als verbindende schakel tussen gemeente-brede beleidsdoelstellingen.
Met een proactieve houding wordt geprobeerd het voor eigenaren aantrekkelijk(er) te maken om hun erfgoed te behouden. De visie is voor de verschillende delen van het erfgoed (landschap, archeologie, bouwkunst en de verhalen) uitgewerkt in de volgende thema's: behoud en ontwikkeling kennis vermeerderen en delen promotie en beleving De gemeenteraad heeft in 2008 de archeologienota 'Uitgediept' vastgesteld. Hierin is een aantal beleidsvoornemens ten aanzien van archeologie verwoord. Archeologie wordt op grond van deze nota voortaan beschermd via de bestemmingsplannen. In 2013 heeft de gemeenteraad de geactualiseerde archeologische verwachtings- en beleidskaarten met toelichting die bij de nota horen vastgesteld. Deze kaarten dienden als basis voor het geldende bestemmingsplan 'Parapluplan Archeologie Rheden 2013 en aanpassing regeling Buitenplaatsen'. De archeologische bepalingen uit dat bestemmingsplan zijn in onderhavig bestemmingsplan verwerkt. Of een vondst van archeologische resten uiteindelijk moet leiden tot behoud van deze resten of een opgraving wordt door burgemeester en wethouders bepaald op basis van het advies van de regioarcheoloog die zijn advies opstelt aan de hand van de in de archeologienota uitgewerkte selectiemethode.
De regeling via het bestemmingsplan laat onverlet dat mogelijke (toevals-)vondsten bij het verrichten van werkzaamheden in de bodem altijd zijn beschermd. Er geldt een (onmiddellijke) meldingsplicht bij het vinden van (mogelijke) waardevolle zaken.
Milieuzonering In de Nota Milieuzonering Rheden 2015 die op 26 mei 2015 door de gemeenteraad is vastgesteld, is vastgelegd hoe de gemeente omgaat met milieuzonering. De hoofdlijn is als volgt. Ten aanzien van dit aspect wordt de VNG-uitgave Bedrijven en Milieuzonering gehanteerd. In nieuwe situaties wordt getoetst aan de richtafstanden. Afwijken van die afstanden is mogelijk mits gemotiveerd (met een onderzoek). In het kader van een goede ruimtelijke ordening worden ook bestaande situaties beoordeeld. Bestaande
Toelichting (concept)
29
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 bedrijven worden in principe zo bestemd dat zij ten minste kunnen blijven functioneren. Tenzij sprake is van een milieuknelpunt en bedrijfsbeëindiging is gewaarborgd.
Bodemkwaliteit De nota Bodembeheer en de achterliggende bodemkwaliteitskaart zijn op 31 mei 2011 door de gemeenteraad vastgesteld. Op de bodemkwaliteitskaart is de mate van diffuse bodemverontreiniging aangegeven. Deze diffuse bodemverontreiniging is niet toe te wijzen aan een specifieke bron zoals een tankstation of een smederij. In de nota Bodembeheer is vastgelegd hoe met deze diffuse bodemverontreiniging dient te worden omgegaan. Inmiddels is de nota en bodemkwaliteitskaart geactualiseerd (6 juni 2017). De wijze waarop met bodemverontreiniging wordt omgegaan bij het opstellen van bestemmingsplannen is door de gemeenteraad op 26 mei 2015, vastgelegd in de Nota standaardplanmethodiek dorpen Rheden 2015. Deze werkwijze is gebruikt bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van de gegeven bestemmingen. Er is geen kaart opgenomen met de resultaten van de asbestkansen kaart omdat er in Velp-centrum geen gebieden zijn waar op voorhand onderzoek naar asbest in de bodem moet worden gedaan.
Nota Bodembeheer In al lang bewoonde gebieden is bijna altijd een vorm van bodemverontreiniging aanwezig. Een duidelijke oorzaak van deze achtergrondverontreiniging is niet aan te wijzen. Uit onderzoek naar de mate van achtergrondverontreiniging is gebleken dat binnen de gemeente Rheden een aantal gebieden zijn met een onderling verschillende achtergrondverontreiniging. De mate van verontreiniging is als volgt ingedeeld: voldoet aan de achtergrondwaarde voldoet aan de maximale waarde wonen voldoet aan de maximale waarde industrie is sterker verontreinigd dan de maximale waarde industrie Een aantal gebieden zijn niet gezoneerd. Hierop is de nota bodembeheer niet van toepassing. Het gehele plangebied voldoet aan de maximale waarde wonen. De grond daaronder voldoet aan de achtergrondwaarde.
Geluidhinder De Wet geluidhinder stelt regels aan de geluidsbelasting die wordt veroorzaakt door gezoneerde wegen, spoorwegen en industrieterreinen op geluidgevoelige functies in nieuwe situaties. Hoe burgemeester en wethouders in verschillende omstandigheden invulling geven aan hun bevoegdheid om hogere waarden vast te stellen dan de voorkeurswaarde, heeft het college op 27 april 2015 vastgelegd in de Nota Hogere waarden wet geluidhinder Rheden 2015. Een benodigde hogere grenswaarde moet zijn verleend voordat een bestemmingsplan wordt vastgesteld.
Verkeer In het gemeentelijke Verkeersveiligheidsplan uit 2000 wordt een wegcategorisering beschreven voor de kern Rheden bestaande uit stroomwegen, gebiedsontsluitingswegen en verblijfsgebieden. Deze wegcategorisering is nog steeds van toepassing. Verblijfsgebieden zijn of worden ingericht als 30 km/u of 60 km/u zone. Gebiedsontsluitingswegen zijn de wegen binnen de bebouwde kom die hoofdzakelijk een doorstroomkarakter hebben en waar een snelheidslimiet van 50 km geldt. In het plangebied zijn de wegen ingericht als 30 km/u zone. Voor het parkeren vormen de bepalingen uit de Nota Parkeernormen Rheden 2015 de huidige grondslag. Het beleid is vastgelegd bij de vaststelling door de gemeenteraad op 26 mei 2015. In het bestemmingsplan is opgenomen dat voor de parkeernormen getoetst wordt aan de
30
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 op dat moment geldende parkeernormen. De nu geldende Nota Parkeernormen zijn opgenomen als bijlage bij de regels.
Groen In het gemeentelijke Groenstructuurplan uit 2002 en de Beleidsnota Bomen uit 2005 is de leidraad dat de groene kenmerken en karakteristieken in de dorpen en deelgebieden worden versterkt. Het centrum van Velp kenmerkt zich met een stenig karakter met pleinachtige verwijdingen in het straatprofiel. Kenmerkend voor dergelijke gebieden is de slechts incidenteel aanwezige groenaccenten en solitaire bomen, met een bij het centrum passend architectonisch en representatief karakter. Op de Lijst bijzondere bomen staan in Velp centrum enkele particuliere en gemeentelijke bijzondere bomen.
Spelen Begin 2022 is de Beleidsnota 'Buitenspelen 2022-2026' vastgesteld. Het doel van de nota is om meer kinderen en jongeren meer te laten buitenspelen en bewegen. Het creëren, behouden en vernieuwen van speelplaatsen is daar een belangrijk middel voor. Het streven hierbij is 3% (per hectare uitgegeven gebied) speelruimte te creëren en te behouden voor verschillende doelgroepen (4 - 17 jaar). Daarbij wordt het volgende onderscheid gemaakt: 4 - 14 jaar, hiervoor zijn de speelterreinen en speelvelden bedoeld; 10 - 17 jaar, hiervoor zijn openbare sport/speelplekken, zoals trapvelden, basketbalvelden, skatevoorzieningen en de jongerenontmoetingsplaatsen (jop) bedoeld. Voor alle groepen moeten in de dorpen voorzieningen aanwezig zijn. Afhankelijk van de voorziening (jop of speelplek) wordt overleg gevoerd met diverse belanghebbenden. Door de aanwezigheid van verharding en de beperkte ruimte in het winkelgebied van Velp zijn er geen speelvoorzieningen voor jeugd en jongeren. Voor de speelplaatsen geeft het beleid aan: kwaliteit boven kwantiteit. Dat houdt in dat een goede, gevarieerde en uitdagende inrichting van speelplaatsen voorrang heeft boven veel kleinere speelplaatsen met weinig variatie en uitdaging. Naast deze meer traditionele speelplekken spelen kinderen en bewegen jongeren tegenwoordig op steeds creatievere manieren buiten.
Zo kan de hele buitenruimte, en dus ook het centrumgebied dienen als één grote speelplaats. Denk aan skaten over obstakels, een rondje fietsen, een hardloopbaantje in de openbare ruimte, toepassing van gekleurde tegels of een jachtspel in de openbare ruimte zoals 'Jachtseizoen'. Om dit te stimuleren is ruimte (bijvoorbeeld brede trottoirs) en een veilige omgeving (o.a. verkeer, sociale veiligheid, verlichting) belangrijk. Voor de doelgroep jongeren 12-23 jaar zijn Urban Sports in de buitenruimte erg in trek. Denk aan sporten zoals 3x3 basketbal of calisthenics. Met deze ontwikkelingen dient bij (her)inrichtingsplannen rekenen te worden gehouden.
Toegankelijkheid In 2020 is de Toegankelijkheidsagenda vastgesteld door de raad. Deze nota heeft tot doel om onze maatschappij inclusief in te richten, zodat iedereen zonder drempels mee kan doen aan de samenleving. Zo ook inwoners met een beperking (visueel, lichamelijk, geestelijk). De nota gaat in op verschillende onderdelen van toegankelijkheid, waaronder communicatie, wonen, werk als ook de visuele- en fysieke toegankelijkheid van gebouwen en de openbare ruimte. Een aantal relevante richtlijnen hieruit zijn: In de aanlegfase van de openbare ruimte (bijvoorbeeld wegen) zorgen we ervoor dat er maximaal 2% afschot (afloop) is van de stoep naar de autoweg. In de aanlegfase bij nieuwe projecten voor voetgangersoversteken werken we in alle gevallen met een verlaging, zodat rolstoel- of rollator gebonden inwoners veilig kunnen oversteken. Daar waar gebruik kan worden gemaakt van natuurlijke gids lijnen voor visuele toegankelijkheid in plaats van geleide lijnen moet dit zoveel mogelijk worden gedaan. Behalve bij bushaltes; daar worden altijd geleide lijnen toegepast. Publieke (zoals gemeentehuis, theater of bibliotheek) of
Toelichting (concept)
31
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 speciale (bijvoorbeeld een zorginstelling) voorzieningen kunnen door routegeleiding veilig worden ontsloten vanaf de dichtstbijzijnde bushalte. We brengen alleen geleide lijnen aan om openbare gebieden (bijvoorbeeld winkelcentrum) en openbare gebouwen (zoals gemeentehuis, museum of ziekenhuis) bereikbaar te maken vanaf de dichtstbijzijnde OV-halteplaatsen. Deze gebieden en gebouwen kunnen, indien gewenst, ook onderling bereikbaar worden gemaakt door middel van (een combinatie van gidslijnen en) geleide lijnen. In winkelgebieden bepalen we één hoofdloopstroomroute, die door het centrum loopt en aantakt op de verschillende publieke voorzieningen. In de Toegankelijkheidsagenda staan de richtlijnen verder uitgewerkt. Gezondheid In 2017 is de meeste recente Lokale Nota Publieke Gezondheid vastgesteld. Deze heeft tot doel de vitaliteit en ervaren gezondheid van inwoners te verbeteren. De inrichtingen van de openbare ruimte en gebouwen speelt hierbij een steeds grotere rol. Belangrijke onderdelen daarvan zijn: De aanwezigheid van voldoende groen in de omgeving draagt bij aan gezondheid. Een groene omgeving vermindert stress en verbetert concentratie. Daarnaast zorgt groen voor verkoeling.
Meer groen en daarmee koelteplekken in een versteende omgeving als het centrum van Velp wordt de komende decennia enorm belangrijk in verband met de steeds warmer worden de zomers. Voldoende groen en koelteplekken kunnen hittestress bij kwetsbare groepen (zoals ouderen of kinderen) voorkomen. Hier moet ruimte voor gemaakt worden in de bestemming. Ook een beweegvriendelijke omgeving is belangrijk voor de gezondheid van inwoners. Een omgeving die veilig voelt en voldoende ruimte biedt om bijvoorbeeld te fietsen, te wandelen of te hardlopen nodigt uit tot bewegen. Ook zorgt het ervoor dat kwetsbare inwoners zoals ouderen zo lang mogelijk zelfstandig op pad blijven gaan en meedoen in de maatschappij. Bij de bestemming van het centrumgebied en herinrichtingsplannen moet hier volop aandacht voor zijn. Voorbeelden hiervan zijn brede stoepen, brede fietspaden, verlaagde oversteekplaatsen, hardloopbaantjes, of autoluwe zones. Wonen Op 29 september 2020 heeft de raad de Woonvisie 2020-2026 “Samen wonen in Rheden” vastgesteld. Deze visie laat een toekomstbeeld zien hoe inwoners kunnen wonen en leven in de gemeente Rheden en hoe dit bereikt wordt. De focus ligt op drie speerpunten: leefbare wijken voor alle inwoners; de bestaande woningvoorraad duurzaam en toekomstbestendig maken; het toevoegen van de juiste kwaliteit woningen.
De woningbouwopgave voor Rheden is om 550 woningen tot 2027 te realiseren. In de planningslijst zijn voldoende woningen opgenomen om aan dit aantal te voldoen. Er is echter nog ruimte voor nieuwe initiatieven, aangezien overcapaciteit doorgaans noodzakelijk is om het gewenste aantal woningen te realiseren.
Studentenhuisvesting Jaarlijks wordt de landelijke monitor studentenhuisvesting gemonitord. Voor de komende jaren is er een evenwicht in vraag en aanbod in de gemeente Rheden. Er is dan ook geen aanleiding om binnen de gemeente Rheden mee te werken aan initiatieven die zich richten op reguliere studenten.
Kamerverhuur Wanneer er in een pand 3 of meer kamers worden verhuurd dan is een exploitatievergunning voor kamerverhuur nodig. Het maakt daarvoor niet uit of de kamers worden verhuurd als bedrijf of als particulier persoon. Bij de beoordeling van uw vergunningaanvraag houdt de gemeente rekening met een
32
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 aantal zaken, zoals: Strijdigheid met andere besluiten Gevolgen voor de woon- en leefomgeving Karakter van de straat, wijk en het woonmilieu Visie Wonen Welzijn Zorg Op 29 november 2016 heeft de gemeenteraad de Visie Wonen Welzijn Zorg vastgesteld. Op dit moment wordt er gewerkt aan een nieuwe woonzorgvisie zodra deze is vastgesteld is de nieuwe visie van toepassing. De visie uit 2016 heeft als hoofdlijn 'een passende woning in een passende woonomgeving'. Dit betekent dat planologische flexibiliteit gewenst is om snel in te kunnen spelen op maatschappelijke ontwikkelingen rond wonen, welzijn en zorg. Geconstateerd wordt dat het aantal intramurale verzorgingsplaatsen in de gemeente ongeveer constant moet blijven. Wel is sprake van een tijdelijke mindere behoefte aan intramurale plaatsen. Extramuralisering (minder intramurale plaatsen) en vergrijzing (meer intramurale plaatsen nodig) houden elkaar min of meer in evenwicht. In de nieuwe woonzorgvisie wordt vraag en aanbod opnieuw bekeken en mogelijk is een aanpassing in het zorgvastgoed nodig. Wat blijft is de aandacht voor de kwaliteit van het openbare gebied, met name waar het gaat om routes voor mensen met een beperking. Ook de relatie met voorzieningen en dorpshuizen is hierbij belangrijk.
Beleidsregels huisvesting arbeidsmigranten In de "Beleidsregels afwegingkader voor huisvesting van arbeidsmigranten in de gemeente Rheden", vastgesteld door Burgemeester en Wethouders op 9 maart 2021, zijn beleidsregels opgenomen die in acht genomen moeten worden bij besluiten over het toelaten van de huisvesting van arbeidsmigranten. Op 28 september 2021 heeft de gemeenteraad het bestemmingsplan 'Parapluplan huisvesting arbeidsmigranten en bijzondere woonvormen' vastgesteld. De beleidsregels maken onderdeel deel uit van het toetsingskader voor huisvesting van arbeidsmigranten. Inmiddels wordt gewerkt aan een regionaal afwegingskader. Het onderhavige bestemmingsplan vervangt het paraplubestemmingsplan. Bij buitenplanse initiatieven zal getoetst worden aan (onder meer) de dan geldende beleidsregels.
Toerisme De verbinding van het dorp met zijn buitengebied en de inrichting hiervan is ook vanuit toeristisch oogpunt van belang. Het toeristisch-recreatief beleid is erop gericht meer aanbod te genereren voor toeristen en bezoekers aan de gemeente Rheden. Het Toeristisch Recreatief OntwikkelingsPlan (TROP) ‘Rheden op z'n best; tussen IJssel en Veluwezoom’ stelt zich onder meer als doel het bevorderen van de werkgelegenheid in Rheden en het behouden van natuurwaarden. Vanuit toeristisch-recreatief oogpunt is de verbinding met de gemeente Zevenaar via een veer over het water van de IJssel van groot belang. In het TROP wordt verder aangegeven dat een verbetering van de fietsverbindingen gewenst is, evenals een versterking van het winkelaanbod, en wordt een sterke nadruk gelegd op de cultuurhistorische geschiedenis en natuurwaarden van het gebied. Terzijde wordt hier nog opgemerkt dat het bestemmingsplan ook voorziet in de mogelijkheid in de woningen onder voorwaarden bed&breakfast te verstrekken, in die gevallen is uit brandveiligheidsoogpunt vergunning (voor een logiesfunctie) vereist als nachtverblijf wordt verstrekt aan meer dan 4 personen. De daadwerkelijke uitbreiding van het recreatief-toeristisch aanbod is afhankelijk van ondernemers en hun plannen voor nieuwe bedrijvigheid en de inzet van particulieren/inwoners.
Inmiddels is op dit beleidsterrein door de gemeenteraad in september 2016 het Masterplan Recreatie en Toerisme Veluwezoom vastgesteld.
Economische activiteiten, algemeen In de visie Een actuele economische beleidsnota van en voor de gemeente Rheden (vastgesteld door de gemeenteraad in maart 2016) wordt aangegeven dat het voor de gemeente van groot belang is dat de economie vitaal blijft voor haar inwoners en het bedrijfsleven. De visie geeft onder andere aan dat ingezet
Toelichting (concept)
33
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 moet worden het behouden en versterken van de bedrijvigheid en daarmee de werkgelegenheid. De Rhedense bedrijventerreinen zijn voor de werkgelegenheid belangrijke gebieden. Om de kwaliteit van de bestaande bedrijventerreinen te verhogen en knelpunten in de toekomst zoveel mogelijk te voorkomen is revitalisering noodzakelijk.
Evenementen In de Beleidsnota Evenementenbeleid Rheden 2017, vastgesteld in de raadsvergadering van januari 2017, wordt een gemeentebreed algemeen beleid geformuleerd over evenementen. De nota wordt gevolgd door een uitvoeringsnota op basis waarvan een ruimtelijk kader op bestemmingsplanniveau kan worden vastgesteld. Op 28 november 2017 heeft het college het Handboek evenementen Rheden vastgesteld. Hierin staat onder meer dat het nodig is om terreinen aan te wijzen voor evenementen, daar waar het niet alleen gaat om kortdurende en incidentele evenementen. Dat kan met een omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik van het bestemmingsplan of door een locatie aan te wijzen in het bestemmingsplan als locatie voor evenementen. In bestemmingsplannen kunnen evenemententerreinen worden aangewezen, maar er zal ook worden gewerkt aan een paraplu-bestemmingsplan, dat wil zeggen een overkoepelend bestemmingsplan voor het gemeentelijk grondgebied.
Welstandsnota De welstandsnota vormt samen met het bestemmingsplan het (juridische) kader waaraan een omgevingsvergunning wordt getoetst ten aanzien van de ruimtelijke aanpassing van de gebouwde omgeving. Op 30 mei 2017 heeft de raad de welstandsnota geactualiseerd. Met deze welstandsnota zijn de gemeente, ondernemers en inwoners gezamenlijk verantwoordelijk voor de kwaliteit van de leefomgeving. De nota is alleen daar van toepassing waar het algemeen belang van de leefomgeving groot is. Daar waar het niet nodig is, geeft de nota ruimte voor de eigen verantwoordelijkheid van de ondernemer en inwoner voor de verschijningsvorm van een bouwwerk. Hiermee wordt de regelgeving ten aanzien van welstand beperkt tot de hoogstnodige welstandscriteria zonder dat de kwaliteit van de bebouwde omgeving achteruit gaat. De nota is digitaal beschikbaar via de website www.welstandsnotas.nl/rheden. Hier kan iedereen de nota op adres raadplegen.
34
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
Hoofdstuk 4
Beschrijving bestemmingsplan
Zoals in hoofdstuk 1 al is aangehaald, kent onderhavig bestemmingsplan dat volgens de huidige digitale vereisten is opgezet, andere bestemmingen ten opzichte van het voorheen geldende bestemmingsplan. Ook zijn de laatste wijzigingen in regelgeving en beleid hierin verwerkt. Niet gewijzigd is het uitgangspunt van flexibele bestemmingsplannen. Het geldende bestemmingsplan is hiervoor als uitgangspunt gebruikt. Ook zijn enige beperkingen aangebracht (bijvoorbeeld ten aanzien van aantallen, goothoogte en bouwlagen) zoals hieronder wordt beschreven.
4.1
Systematiek
Bouwmogelijkheden De bestaande bouwvlakken zijn overgenomen tenzij dit niet meer actueel is, dan is het bouwvlak aangepast aan een verleende vergunning. Maatvoering Verder geldt dat de regeling voor wat de maatvoering betreft generiek wijzigt ten opzichte van het voorheen geldende plan. In plaats van alleen een bouwhoogte zoals in de voorheen geldende bestemming Werken of Voorzieningen, wordt in de dorpen thans ook het maximale aantal bouwlagen geregeld. Dit voorkomt dat in de woonomgeving hoge plat afgedekte gebouwen worden gerealiseerd, hetgeen niet passend wordt gevonden binnen de stedenbouwkundige structuur ter plekke. Het huidig aantal bouwlagen van de bebouwing vormt hierbij het uitgangspunt.
Gebruik Geconstateerd kan worden dat niet alle gegeven gebruiksmogelijkheden uit het geldende bestemmingsplan zijn benut. Het betreft vooral de functies die door middel van aanduidingen in een woonbestemming waren toegelaten. Panden zijn ook in zijn geheel als woonruimte in gebruik genomen. De panden waarin wonen en andere functies aan elkaar gelijk waren gesteld, worden in dit plan bestemd als Gemengd. Aan de hand van de actuele situatie is gekeken maar de toedeling van toegelaten ander gebruik binnen de bestemming Gemengd. Waar in de loop der jaren zich een ander gebruik heeft ontwikkeld, is dit beoordeeld. Niet alleen op de stedenbouwkundige aanvaardbaarheid maar ook op vanuit andere beleidsvelden en regelgeving. Stedenbouwkundige waarden De stedenbouwkundige waarden die voorheen in een Beschrijving-in-Hoofdlijnen waren verwoord, krijgen thans waar zij als juridisch bindend zijn te beschouwen, rechtstreeks een plaats op de verbeelding en in de regels. Het instrument Beschrijving-in-Hoofdlijnen is namelijk niet meer opgenomen in de Wet ruimtelijk e ordening en kan daarom niet meer worden toegepast. - goot- en bouwhoogtes Het stedenbouwkundige beeld wordt in zijn algemeenheid zoals hierboven al onder maatvoering is gesteld, beter geborgd door in elke bestemming te werken met bouwlagen.
Zo nodig kan ook bij hoofdgebouwen gewerkt worden met goot- en bouwhoogtes als hiertoe stedenbouwkundig aanleiding toe is. Denk aan gebieden met een stedenbouwkundig waardevolle uitstraling. In die gevallen is de doelstelling het bewerkstelligen dat bij ver- of nieuwbouw optimaal wordt aangesloten op de bestaande, waardevol bevonden ruimtelijke uitstraling van een gebied. Buiten de gebieden met deze stedenbouwkundig waardevolle uitstraling blijft uitgangspunt de systematiek van bouwlagen en bouwhoogtes. Deze systematiek biedt meer architectonische variatiemogelijkheden. In onderhavig plangebied zijn binnen de stedenbouwkundig waardevolle zones alleen de bestaande gooten bouwhoogtes uitgangspunt als het monumenten betreft. - onbebouwde gronden aan de openbare weg
Toelichting (concept)
35
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
De openheid van die onbebouwde gronden wordt in zijn algemeenheid bij woningen geborgd door de toekenning van de bestemming Tuin en bij overige bestemmingen door het niet aanduiden van deze gronden als een gebied waar bijgebouwen kunnen worden geplaatst. - overige zone - stedenbouwkundig waardevol Aan gebieden met een stedenbouwkundig waardevolle uitstraling is de aanduiding overige zone stedenbouwkundig waardevol toegekend. Deze aanduiding betreft gronden langs wegen die bepalend zijn voor de stedenbouwkundige hoofdstructuur en waarbij een belangrijke mate van ruimtelijke representativiteit wordt nagestreefd. Het toekennen van deze aanduiding heeft tot doel het representatieve beeld in stand te houden en te versterken. In deze zone wordt geen gebouwen en overkappingen toegestaan, ook niet vergunningsvrij, teneinde een verdichting/samenklontering van het straat- en/of bebouwingsbeeld te voorkomen. Daarom worden ook restricties vastgelegd ten aanzien van het bouwen van erf- en perceelafscheidingen. Die mogen net zoals in de bestemming Tuin maar 1 meter hoog zijn. In het geval dat uit veiligheidsoverwegingen bij bedrijfsmatige en maatschappelijke functies een hoger hekwerk noodzakelijk is, kan hieraan worden meegewerkt. Ten aanzien van alle bouwwerken in deze zone kunnen nadere eisen worden gesteld.
Cultuurhistorische waarden Vanuit cultuurhistorisch oogpunt is het herkenbaar houden van de ontwikkelingsgeschiedenis van belang. Op stedenbouwkundig schaalniveau kan dat door de hoofdstructuur, gevormd door de oude linten en later geheel nieuw aangelegde of doorgetrokken ontsluitingswegen te behouden evenals de watergangen. Het bestemmingsplan voorziet hierin. Het bestemmingsplan legt voorts het bestaande bebouwingspatroon vast in bouwvlakken en maatvoeringen. - monumenten en beeldbepalende panden Ter bescherming van de cultuurhistorische waarden zijn ook de maatvoeringen van de beschermde monumenten en beeldbepalende panden nader bezien. Ook hier wordt een conserverende regeling voor goothoogte en bouwhoogte geïntroduceerd om in het bestemmingsplan meer aansluiting te zoeken bij de regelgeving ten aanzien van monumenten. Monumenten en beeldbepalende panden zijn op de verbeelding te herkennen door de aanduiding specifieke aanduiding - hoogtemaatvoering (sba-hm). - beschermd dorpsgezicht Aan de rand van het plangebied ligt een klein deel van het beschermd dorpsgezicht Villapark Overbeek. Met een dubbelbestemming wordt dit in dit bestemmingsplan beschermd. - archeologie Verder valt het plangebied binnen de werkingssfeer van het bestemmingsplan Parapluplan Archeologie Rheden 2013 en aanpassing regeling Buitenplaatsen.
De krachtens dat plan geldende dubbelbestemmingen voor archeologie zijn overgenomen in het voorliggende plan, met bijbehorend beschermingsregime. Opgemerkt wordt dat de begrenzing van de verschillende types van archeologische waarden op een aantal plekken cirkelvormig is. Het voorliggende plan heeft geen zelfstandige, nieuwe ambities ten aanzien van de bescherming van de aanwezige waarden.
Milieuzonering Bij de totstandkoming van de planregeling is het uitgangspunt geweest dat geen hoger niveau van potentiële overlast mag ontstaan. Om dit te bewerkstelligen, zijn de toegestane activiteiten gekoppeld aan diverse lijsten. Deze zijn zodanig van opzet dat deze activiteiten binnen het gebiedstype acceptabel worden geacht. In het bestemmingsplan wordt nu direct aangeduid tot welke milieucategorie een functie is toegelaten, er hoeft anders dan voorheen het geval was geen berekening per locatie meer te worden verricht. Dit biedt meer duidelijkheid vooraf. Reeds aanwezige/toegelaten functies die niet passen binnen de algemene bestemmingsregeling,
36
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 worden gerespecteerd door middel van een specifieke aanduiding. Er bestaat geen aanleiding tot het 'wegbestemmen' van deze functies. Voorts geldt dat voor alle activiteiten de parkeernormen van toepassing zijn. Dit kan gevolgen hebben voor de toelaatbaarheid van activiteiten. Parkeernormen Gezien de regelgeving met betrekking tot het vervallen van de stedenbouwkundige bepalingen in de Bouwverordening, zijn de parkeernormen thans vastgelegd in het bestemmingsplan. Ook deze zijn bezien op hun actualiteit en vloeien voort uit de Nota Parkeernormen Rheden 2015. Binnen de relevante bestemmingen is het gebruik gekoppeld aan parkeernormen. Deze normen, waaraan moet worden voldaan, zijn opgenomen in een bijlage bij de regels.
Algemene wijzigingsbevoegdheid bij functieaanduidingen Nieuw is dat het plan een algemene wijzigingsbevoegdheid kent. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een wijzigingsplan vast te stellen waarin een gegeven functieaanduiding wordt geschrapt als het gebruik langer dan 1 jaar is beëindigd. Maar zij kunnen met het oog op flexibiliteit en voorkomen van leegstand ook een gegeven functieaanduiding wijzigen.
4.2
Toedeling bestemmingen
Bestemming Centrum - 1 Deze bestemming is gegeven aan het kernwinkelgebied van Velp. Het kernwinkelgebied In dit gebied is detailhandel, dienstverlening en lichte horeca (categorie 1a) toegelaten. Welke horeca-activiteiten dat zijn, is vastgelegd in Bijlage 4 Lijst horeca-activiteiten. Door een concentratie wordt het behoud en de versterking van deze voorzieningen voor het dorp nagestreefd. Boven deze vestigingen zijn woningen toegelaten. Andere aanwezige functies zijn specifiek aangeduid en gekoppeld aan een vlak. In het (openbare) gebied zijn ook standplaatsen toegelaten, evenals onder voorwaarden terrassen alsmede evenementen. In deze bestemming wordt gewerkt met bouwlagen en een maximale bouwhoogte die is overgenomen uit het geldende bestemmingsplan. Gebouwd moet worden binnen het bouwvlak.
Bestemming Centrum - 2 Deze bestemming wordt voor het secundaire winkelgebied gebruikt. In dit gebied is detailhandel, dienstverlening en lichte horeca (categorie 1a) toegelaten. Ook al vanwege al aanwezige andere voorzieningen worden in dit gebied tevens maatschappelijke voorzieningen toegelaten. Die voorzieningen zijn opgenomen in Bijlage 5 Lijst maatschappelijke voorzieningen bij de regels. Het behoud van winkels staat hier niet voorop. Waar en in welke omvang de winkelfunctie binnen de bestemming wordt uitgeoefend, wordt niet nader bepaald. De ondernemers geven hier invulling aan. Boven deze vestigingen zijn woningen toegelaten. Andere aanwezige functies zijn specifiek aangeduid en gekoppeld aan een vlak. In het (openbare) gebied zijn ook standplaatsen toegelaten, evenals onder voorwaarden terrassen alsmede evenementen en een weekmarkt. Hier wordt opgemerkt dat in lijn van de detailhandelsstructuurvisie bij leegstand kan een winkelpand een andere functie krijgen; gedacht kan worden aan een ambachtelijk bedrijfje of aan woningen. Daarvoor kan een procedure nodig zijn waarbij vanzelfsprekend een ruimtelijke afweging plaatsvindt. In deze bestemming wordt gewerkt met bouwlagen en een maximale bouwhoogte die is overgenomen uit het geldende bestemmingsplan. Gebouwd moet worden binnen het bouwvlak.
Toelichting (concept)
37
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
Bestemming Gemengd - 1 Op diverse plekken is sprake van een combinatie van verschillende, gelijkwaardige functies. In de geldende (thans te herziene) bestemmingsplannen is gewerkt met aanduidingen waaruit blijkt dat tevens die andere gelijkwaardige functie is toegelaten. In het overgrote deel van de gevallen gaat het om woningen die ook in zijn geheel voor andere functies mogen worden aangewend. De mate waarin andere functies werden toegelaten was per pand verschillend. Ook vallen in de thans te herziene bestemmingsplannen de geldende bestemmingen uiteen in meer bestemmingen.
- het plangebied De bestemming Gemengd - 1 wordt gebruikt als sprake is van de aanwezigheid of toelaatbaarheid van verschillende functies in een nagenoeg aaneengesloten gebied maar niet op zo'n schaal dat gesproken kan worden van een centrumgebied. In een dergelijke omgeving is een grotere verscheidenheid aan functies ruimtelijk aanvaardbaar. Bij de toedeling van de bestemming Gemengd - 1 is gelet op het gebruik dat in aanvulling op het wonen plaatsvindt. Daarbij is ook betrokken het feitelijke gebruik en is getoetst of dit (nog steeds) ruimtelijk aanvaardbaar is. De bestemming Gemengd - 1 is geënt op de geldende bestemming Voorzieningen. Het perceel mag zowel worden gebruikt voor een woning als voor maatschappelijke activiteiten, dienstverlenende activiteiten, activiteiten op het gebied van cultuur en ontspanning, lichte bedrijfsactiviteiten, lichte horeca-activiteiten en detailhandel (op de beganegrondlaag). Deze ruime mogelijkheden zijn aanvaardbaar rond deze kruising van wegen en in de nabijheid van de drukke spoorlijn. Voor de bedrijfsmatige activiteiten wordt gebruik gemaakt van lijsten met daarin een opsomming van de toegelaten activiteiten met een vermelding van de milieucategorie. Deze lijsten zijn opgenomen als bijlagen bij de regels. Daarnaast zijn bestaande functies aangeduid die niet vallen onder de hierboven gegeven activiteiten specifiek aangeduid.
Bij de totstandkoming van de planregeling is, zoals hiervoor al is aangehaald, het uitgangspunt geweest dat geen hoger niveau van potentiële overlast mag ontstaan.
Bestemming Wonen De bestemming Wonen, die in de geldende bestemmingsplannen aan alle woonvormen werd toegekend, is nu beperkt tot die vormen waar het bieden van intramurale zorg niet voorop staat. Waar dat wel het geval is, gebruikt de gemeente de bestemming Maatschappelijk - 2. Daarmee wordt aangesloten bij de landelijke systematiek. Hierbij is ook gelet op de actuele situatie. De bestemming Wonen is gegeven aan panden waar wordt gewoond en geen andere activiteit (meer) wordt ontplooid. Dat wil zeggen geen andere activiteit dan die niet onder een beroep aan huis of een toegelaten bedrijfsmatige activiteit aan huis begrepen kan worden. Binnen de bestemming Wonen blijven bestaande ondergeschikte andere functies toegelaten uit het geldende bestemmingsplan. Met betrekking tot het uitoefenen van een beroep of bedrijf aan huis is de regeling geactualiseerd.
- aantal woningen In de bestemming Wonen is het aantal toegelaten woningen in een bouwvlak gefixeerd op het bestaande aantal of, indien dit meer is, het bestaande planologische aantal. Aldus ligt de ruimte die geboden wordt om nieuwe woningen te bouwen in het bestemmingsplan vast en kan op een goede wijze invulling worden gegeven aan de toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking die op grond van het Bro moet worden gedaan als -in een op te stellen bestemmingsplan- nieuwe stedelijke ontwikkelingen aan de orde zijn. Als er op de verbeelding geen maximum aantal is gegeven, is het maximum aantal woningen in dat bouwvlak 1.
38
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
Bestemming Maatschappelijk - 1 De bestemming Maatschappelijk - 1 voorziet in een vrij brede maatschappelijk bestemming. Met een lijst is aangegeven welke functies hieronder worden begrepen. Bij de totstandkoming van de lijst is de mate van hinder voor de omgeving betrokken. Het gaat om maatschappelijk voorzieningen zoals scholen, kerken, buurthuizen, gezondheidscentra. Daar waar ook een ander gebruik plaatsvindt, is dit door middel van een aanduiding toegelaten. Voor zover in de bestemming functieaanduidingen zijn geplaatst, kan de algemene wijzigingsbevoegdheid van toepassing zijn. Voor de beschrijving van de bevoegdheid die burgemeester en wethouders hebben, wordt verwezen naar het hierboven gestelde bij de bestemming Gemengd - 1.
- algemene wijzigingsbevoegdheid Nieuw is dat het plan een algemene wijzigingsbevoegdheid kent. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een wijzigingsplan vast te stellen waarin een gegeven functieaanduiding wordt geschrapt als het gebruik langer dan 1 jaar is beëindigd. Maar zij kunnen met het oog op flexibiliteit en voorkomen van leegstand ook een gegeven functieaanduiding wijzigen. Die mogelijkheid is geopend voor de bestemming Maatschappelijk - 1. De toe te laten activiteiten moeten naar aard en invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met reeds toegestane activiteiten. De toe te laten activiteit moet vallen onder een maatschappelijke activiteit (maar geen woonvorm betreffen die geregeld in de bestemming Maatschappelijk - 2), dienstverlenende activiteit of een activiteit op het gebied van cultuur en ontspanning. Het kan dus in ieder geval geen woonfunctie of een bedrijf betreffen. Een bedrijf heeft in een woonomgeving een andere uitstraling dan de wel toegelaten functies. Extra woningen worden met deze bevoegdheid niet toegelaten vanwege de plannen die al zijn opgenomen in de planningslijsten woningbouw.
Bestemming Tuin De bestemming Tuin is toegekend aan perceelsgedeelten (bij woningen) waarvoor bebouwing met gebouwen/overkappingen vanwege de ruimtelijke uitstraling aldaar uitdrukkelijk niet gewenst wordt gevonden. Die perceelsgedeelten hebben in de geldende bestemmingsplannen de bestemming Wonen waarbij geen bijgebouwen zijn toegelaten. Door de bestemming Tuin wordt nadrukkelijker dan voorheen in beeld gebracht dat de betreffende gronden vrij van gebouwen dienen te blijven. Opgemerkt wordt dat inherent aan het gebruik als tuin is dat daarin mag worden geparkeerd. De bestemming Tuin wordt eveneens gebruikt daar waar het achtererf grenst aan het landelijke gebied en een overgang tussen dorp en de openheid van het landschap nodig wordt gevonden. Ook daar worden vergunningvrije bouwwerken vanwege de gewenste overgang nadrukkelijk als stedenbouwkundig en landschappelijk ongewenst aangemerkt. Gezien de doelstelling van de bestemming Tuin wordt deze niet gebruikt om bij diepe achtertuinen op binnenterreinen de gronden aan te wijzen waarop in de geldende bestemmingsplannen geen bijgebouwen worden toegelaten. Daar is namelijk onvoldoende ruimtelijk belang aan de orde. Om die reden zijn die diepe achtertuinen thans volledig voorzien een bestemming die bijgebouwen (en daarmee ook vergunningvrije bouwwerken) toelaten.
Zoals hierboven aangegeven, is op een deel van de als Tuin bestemde gronden de aanduiding overige zone - stedenbouwkundig waardevol toegekend. Deze aanduiding betreft een verhoogde bescherming van de ruimtelijke uitstraling vanwege de stedenbouwkundige waarden ter plekke.
Kamerbewoning De gemeente Rheden heeft een regeling met betrekking tot kamerbewoning. Dit wordt in beperkte mate toegelaten. Met deze regeling krijgt het bepaalde in de APV ook ruimtelijk zijn beslag en wordt dit
Toelichting (concept)
39
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 voorzien van een duidelijk kader. Standaard kan een huishouden in de woning aan 2 personen kamers verhuren. In de beleidsnota ter zake van verdergaande kamerverhuur wordt een onderscheid gemaakt tussen rustige woonwijken en functioneel gemengde wijken. Dit onderscheid tussen de aanvaardbaarheid van kamerbewoning in een rustige woonwijk en in een functioneel gemengde wijk biedt voldoende handvatten voor een indeling van het plangebied en daarmee voor een ruimtelijke afweging. In de rustige woonwijken biedt het plan daarom conform het kamerverhuurbeleid in beperkte mate de gelegenheid tot het realiseren van meer dan 2 kamers in een woning. Het verhuren moet altijd geschieden in combinatie met de bewoning door de eigenaar of huurder. Vervolgens geldt dat maximaal 1% van de woningen in de rustige woonwijken hiervoor mag worden aangewend waarbij de onderlinge afstand tussen de kamerverhuurpanden ten minste 50 m moet bedragen. Voor het multifunctionele gebied geldt alleen de restrictie dat de kamers in een woning worden gerealiseerd en de verhuur geschiedt in combinatie met de bewoning door de eigenaar of huurder. Zoals ook zal worden geconstateerd in hoofdstuk 5.4.1, als het gaat om gemengde gebieden bij milieuzonering, gaat het in het centrum van Velp, dus het plangebied van dit bestemmingsplan, om gemengd gebied en niet om een rustige woonwijk.
Daarom wordt in dit bestemmingsplan niet de eis gesteld dat maximaal 1% van de woningen in de wijk hiervoor mag worden aangewend en ook niet dat de onderlinge afstand tussen de kamerverhuurpanden ten minste 50 meter moet bedragen, zoals dat in veel andere gebieden in de kernen is gedaan. Wel moet het verhuren van kamers dus altijd geschieden in combinatie met de bewoning door de eigenaar of huurder. Hierbij wordt opgemerkt voor het kunnen uitoefenen van kamerverhuur (anders dan het verhuren van 2 kamers door de bewoner) wel een vergunning nodig is op grond van de APV. Voor grondgebonden woningen wordt geen exploitatievergunning verleend. Vóór het beleid ten aanzien van kamerbewoning, kan meegewerkt zijn aan het volledig gebruiken van een pand voor kamerbewoning. Dus zonder dat een relatie bestaat met een aanwezige woning. Deze panden zijn specifiek aangeduid op de verbeelding door middel van de aanduiding kamerverhuur, daarbij is ook het vergunde aantal kamers als maximum aantal aangeduid. Omdat in het verleden ook op basis van een bouwvergunning of een omgevingsvergunning kan zijn meegewerkt aan het volledig gebruiken van een pand voor kamerbewoning, is zekerheidshalve in de regels opgenomen dat dit gebruik in bestaande legale situaties is toegelaten.
Cultureel medegebruik Eveneens nieuw is de aanduiding voor cultureel medegebruik. Hierdoor blijven deze activiteiten die in kerken worden uitgeoefend mogelijk.
Horeca Bestaande legaal aanwezige horeca-activiteiten zijn positief bestemd. Dit is geschied door deze ondernemingen aan te duiden binnen een gegeven bestemming. Daarbij zijn activiteiten ingedeeld op basis van de Lijst horeca-activiteiten die bij de regels hoort.
Niet-gesprongen explosieven Vanwege de zorgplicht van de gemeente ter zake van de mogelijke aanwezigheid van niet-gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog is in de regels een onderzoeksplicht opgenomen voor die gebieden waarvoor die verdenking bestaat. De gebieden zijn aangeduid op de verbeelding.
Parkeren Ten slotte zijn vanwege de regelgeving met betrekking tot het vervallen van de stedenbouwkundige
40
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 bepalingen in de Bouwverordening, de parkeernormen thans vastgelegd in het bestemmingsplan. Ook deze zijn bezien op hun actualiteit en vloeien voort uit de Nota Parkeernormen Rheden 2015. Binnen de relevante bestemmingen is het gebruik gekoppeld aan parkeernormen. Deze normen, waaraan moet worden voldaan, zijn opgenomen in een bijlage bij de regels.
Toelichting (concept)
41
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
Hoofdstuk 5
Haalbaarheid en afweging
Wanneer een bestemmingsplan wordt vervaardigd, dient dit plan binnen de planperiode uitvoerbaar te zijn. De uitvoerbaarheid wordt mede onderzocht door het te toetsen aan regelgeving, aan beleid van andere overheden en aan de uitkomsten van onderzoeken. In dit hoofdstuk worden de (nieuwe) mogelijkheden die onderhavig bestemmingsplan bevat, daaraan getoetst. Ten aanzien van nieuwe stedelijke ontwikkelingen wordt verantwoording afgelegd volgens het bepaalde in artikel 3.1.6 Bro inzake de onderbouwing van de behoefte.
5.1
Het rijksbelang
Geconcludeerd kan worden dat in onderhavig bestemmingsplan geen onderwerpen aan de orde zijn zoals bedoeld in het Barro. De mogelijkheden die het plan bevat, betreffen geen nieuwe stedelijke ontwikkelingen als bedoeld in het Besluit ruimtelijke ordening.
5.2
Het provinciale belang
Geconcludeerd kan worden dat de aard van het bestemmingsplan zodanig is dat het provinciale beleid, anders dan vastgelegd in de Omgevingsverordening Gelderland, niet aan de orde is. Gelezen de omgevingsverordening gaat het om de volgende onderwerpen. Woningbouw Het voorliggende bestemmingsplan voorziet niet in de bouw van nieuwe woningen. De woonfunctie binnen de bestemming Centrum - 1 en Centrum - 2 is toegestaan op de verdiepingen. In Centrum - 2 zijn ook woningen toegestaan op de begane grond daar waar dat specifiek is aangegeven. Bij de bestemming Wonen gaat het om al bestaande woningen. De bestaande mogelijkheden uit het geldende bestemmingsplan zijn overgenomen. In subregionaal verband worden de gemeentelijke woningbouwprogramma's op elkaar afgestemd. Daartoe wordt gebruik gemaakt van de planningslijsten woningbouw. Geconstateerd is dat tot 2030 nog een behoefte bestaat aan 13.500 woningen (subregionaal). In het plangebied is ontwikkeling van woningen niet aan de orde.
Ladder van duurzame verstedelijking Het plangebied ligt binnen bestaand stedelijk gebied. Het plan maakt geen nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk zoals bedoeld in het Besluit ruimtelijke ordening. Bodembeschermingsgebied Nagenoeg het hele dorp Velp ligt binnen het intrekgebied, het grondwater in dit gebied zal binnen 1000 jaar de pompputten van het waterbedrijf bereiken. Dit gebied is met een schuine arcering op onderstaande afbeelding aangeduid. Het plangebied valt hier binnen.
42
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
uit: Omgevingsverordening Gelderland
De in het plan gegeven bestemmingen voldoen aan hetgeen in de Omgevingsverordening Gelderland is gesteld voor het intrekgebied.
Gelders Natuurnetwerk en Groene ontwikkelingsruimte Uit de Omgevingsverordening Gelderland blijkt dat het plangebied niet in de nabijheid ligt van het Gelders Natuurnetwerk en ook niet bij de aan de Groene Ontwikkelingsruimte. In paragraaf 5.4.6 Natuurwaarden wordt hier verder op ingegaan.
Nationaal landschap In de Omgevingsverordening Gelderland is voorts vastgelegd de ligging van het Nationaal Landschap (groene arcering). Voor de gegeven bestemmingen heeft dit geen gevolgen. Het plangebied ligt op ruime afstand van het Nationaal Landschap.
uit: Omgevingsverordening Gelderland
Toelichting (concept)
43
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
5.3
Het waterschapsbelang
In de Waterbeheerplannen van het waterschap Rijn en IJssel zijn geen projecten beschreven die nopen tot een regeling in onderhavig plangebied. Of een bestemmingsplan het belang van het waterschap raakt, wordt door het waterschap getoetst. De belangen van het waterschap zijn binnen het watertoetsproces mee gewogen.
5.4
Onderzoek
Hier wordt de afweging beschreven die gemaakt is bij het leggen van de toepasselijke bestemmingen. Indien noodzakelijk bij nieuwe ontwikkelingen, wordt ingegaan op het opgestelde rapport.
5.4.1
Milieuzonering
kader Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door middel van milieuzonering. Onder milieuzonering wordt verstaan het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen enerzijds en milieugevoelige functies als wonen en recreëren anderzijds. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Die onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteiten duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitoefenen. Voor het bepalen van de aan te houden afstanden wordt gebruik gemaakt van de VNG-uitgave Bedrijven en Milieuzonering uit 2009. Deze uitgave bevat een lijst, waarin voor een hele reeks van milieubelastende activiteiten (naar SBI-code gerangschikt) richtafstanden zijn gegeven ten opzichte van milieugevoelige functies. De lijst geeft richtafstanden voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar.
De grootste van de vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een milieubelastende activiteit in een milieucategorie en daarmee ook voor de uiteindelijke richtafstand. Hoe gevoelig een gebied is voor milieubelastende activiteiten, is mede afhankelijk van het omgevingstype. De richtafstanden van de richtafstandenlijst gelden ten opzichte van het omgevingstype rustige woonwijk. Een rustige woonwijk is ingericht volgens het principe van de functiescheiding: afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies voor; langs de randen is weinig verstoring door verkeer. Vergelijkbaar met de rustige woonwijk zijn rustig buitengebied, stiltegebied en natuurgebied. Daarvoor gelden dan ook dezelfde richtafstanden. Van het omgevingstype gemengd gebied is sprake in een gebied met een variatie aan functies. In de directe nabijheid zijn bijvoorbeeld winkels, horeca en bedrijven aanwezig. Ook gebieden die direct liggen langs de hoofdinfrastructuur behoren tot het omgevingstype gemengd gebied. In een dergelijk gebied bestaat al een hogere milieubelasting zodat de richtafstanden voor een rustige woonwijk daarvoor niet gebruikt hoeven te worden. Zij worden met één afstandsstap verlaagd.
In de Nota Milieuzonering Rheden 2015 is vastgelegd hoe de gemeente omgaat met milieuzonering. Deze nota is gebruikt bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van inrichtingen in onderhavig plangebied en bij de indeling van de lijsten met toe te laten functies binnen de gegeven bestemmingen
44
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
beoordeling Het plangebied kan worden gekarakteriseerd als een gebied waar sprake is van functiemenging. Aan de noord- en zuidzijde van de Hoofdstraat, aan de westzijde van de Pres.Kennedylaan, aan de west- en oostzijde van de Emmastraat, Parkstraat, Rozendaalselaan, Vlashofstraat en aan de oostzijde van de Wilhelminastraat zijn centrumfuncties aanwezig. Er is sprake van een verhoogd achtergrondniveau door de aanwezigheid van verkeer op deze wegen, winkelend publiek, horeca, parkeren en een grote verscheidenheid aan activiteiten. Ook zijn straten aan te wijzen waar kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten en woningbouw gemengd zijn. Het zijn vaak die straten die aantakken op het centrumgebied. Vanwege de gebiedstypering gebied met functiemenging is het mogelijk om voor één of meer milieuaspecten een kleinere afstand aan te houden dan voor een rustige woonwijk wordt geadviseerd. In het bestemmingsplan zijn een aantal bestemmingen opgenomen die relevant zijn voor de milieuzonering. Over die bestemmingen wordt opgemerkt dat zij activiteiten toelaten die vallen onder categorie 1 of onder categorie 1 en 2. In die gevallen zijn die activiteiten passend. Valt een activiteit onder een hogere categorie dan standaard is toegelaten binnen een bestemming, dan is deze bestaande activiteit specifiek aangeduid.
Het bestaande hinderniveau is uitgangspunt en ook bij nieuwvestiging qua milieuzonering aanvaardbaar. De bestaande inrichtingen in het plangebied vallen onder de toegelaten bestemmingen en categorieën. conclusie Het aspect milieuzonering vormt geen belemmering voor het vaststellen van onderhavig bestemmingsplan.
5.4.2
Bodemverontreiniging
kader Daar waar het nieuwe bestemmingsplan directe mogelijkheden voor functiewijziging of uitbreidingsmogelijkheden die uitstijgen boven de standaardmogelijkheden biedt en die verdacht wordt van de aanwezigheid van een ernstige bodemverontreiniging, dient bodemonderzoek te worden uitgevoerd. beoordeling Er zijn geen locaties opgenomen in het voorliggende bestemmingsplan waar een bodemonderzoek moet worden uitgevoerd.
De overgenomen bouwmogelijkheden zijn in het kader van het geldende bestemmingsplan al beoordeeld, sindsdien hebben zich geen ontwikkelingen voorgedaan die aanleiding geven om een bodemonderzoek te vragen.
conclusie Het aspect bodemverontreiniging vormt geen belemmering voor het vaststellen van onderhavig bestemmingsplan.
5.4.3
Ontplofbare oorlogsresten
kader Bij het vervaardigen van bestemmingsplannen wordt zoals is vastgelegd in de Nota
Toelichting (concept)
45
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023 standaardplanmethodiek bestemmingsplannen dorpen Rheden 2015 vanwege de gemeentelijke zorgplicht bij het leggen van bouwvlakken in verdachte gebieden een onderzoek gevraagd naar de aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten. Voor de uit het vorige bestemmingsplan overgenomen bouwlocaties geldt dat dit onderzoek, indien dit aan de orde is, kan worden uitgesteld tot bij de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen.
beoordeling Het plan voorziet niet in nieuwe mogelijkheden. Gebiedsaanduidingen in het bestemmingsplan zorgen voor bescherming rondom bekende locaties van ontplofbare oorlogsresten.
conclusie Het aspect ontplofbare oorlogsresten vormt geen belemmering voor de vaststelling van onderhavig bestemmingsplan.
5.4.4
Geluid
kader De Wet geluidhinder (Wgh) heeft betrekking op nieuwe ontwikkelingen. De wet noemt geluidsbronnen die in de ruimtelijke ordening van belang zijn. Binnen de gemeente zijn dit: wegverkeer, railverkeer en gezoneerde industrieterreinen. Deze bronnen hoeven niet binnen het plangebied te liggen. Nieuwe geprojecteerde geluidgevoelige functies binnen de zone van een bron moeten op het aspect geluidbelasting getoetst worden. Wegen die deel uitmaken van een woonerf of van een 30 km-gebied zijn hiervan uitgezonderd. De Wgh benoemt functies die gevoelig zijn voor geluidsbelasting van deze bronnen. Zo zijn bijvoorbeeld woningen en scholen 'geluidsgevoelige bestemmingen'. De Wgh kent voorkeursgrenswaarden waarbinnen een geluidsgevoelige bestemming altijd kan worden gerealiseerd. Onder voorwaarden kan een ontheffing van de voorkeursgrenswaarde worden verleend ('hogere waarde'). Maatregelen om de geluidsbelasting aan de gevel terug te dringen moeten dan onvoldoende doeltreffend zijn of overwegende bezwaren ontmoeten van landschappelijke, stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige of financiële aard. Bij een geluidsbelasting boven de maximale ontheffingswaarde zijn geluidsgevoelige bestemmingen niet toegestaan. Hierop kan een uitzondering worden gemaakt indien er gebruik wordt gemaakt van 'dove gevels'.
De grenswaarden zijn voor wegverkeer 48 dB tot en met 53 dB in buitenstedelijk gebied en in stedelijk gebied van 48 dB tot 63 dB en voor spoorweglawaai 55 dB tot en met 68 dB. Bij een geluidsbelasting tussen de voorkeursgrenswaarde en de maximale ontheffingswaarde dient akoestisch onderzoek uitsluitsel te geven over de te verwachten geluidsbelasting en de doeltreffendheid van maatregelen om een overschrijding van grenswaarden te voorkomen. In de op 27 april 2015 vastgestelde Nota Hogere Waarden Wet geluidhinder Rheden 2015 hebben burgemeester en wethouders vastgelegd hoe zij omgaan met het verlenen van hogere grenswaarden.
beoordeling Railverkeer In de onderstaande figuur staan de geluidscontouren aangegeven van de spoorlijn in Velp.
46
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
Wegverkeer In de onderstaande figuur staan de geluidscontouren (Lden, situatie 2024) aangegeven van het wegverkeer in Velp. (Bron: Icinity gemeente Rheden).
legenda:
Toelichting (concept)
47
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
Binnen de zones van de spoorlijn en van de betreffende wegen is geen nieuwe geluidgevoelige ontwikkeling voorzien. conclusie Het aspect geluid vormt geen belemmering voor het vaststellen van dit bestemmingsplan.
5.4.5
Externe veiligheid
kader Externe veiligheid gaat over het beperken van de blootstelling van mensen aan een verhoogd gevaar als gevolg van activiteiten met gevaarlijke stoffen. Denk aan de productie, het behandelen of het transport van gevaarlijke stoffen. De daaraan verbonden risico's moeten aanvaardbaar blijven. Dat kan door voldoende afstand aan te houden tussen deze activiteiten en kwetsbare objecten. Dat zijn woningen, scholen, gezondheidscentra en dagverblijven. Beperkt kwetsbare objecten zijn gebouwen/voorzieningen zoals kantoren, winkels en bedrijven. Voor transportassen dat wil zeggen verkeerswegen, spoorwegen en vaarwegen zijn de regels vastgelegd in het Besluit externe veiligheid transportroutes, voor buisleidingen in het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en voor bedrijven in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). In de Regeling Basisnet staat waar risicoplafonds liggen langs transportroutes en welke regels er gelden voor ruimtelijke ontwikkeling.
Al die besluiten hanteren dezelfde risicobenadering. Daarbij worden twee soorten risico beschouwd. Het gaat in de eerste plaats over de persoonlijke veiligheid van de individuele burger, oftewel het plaatsgebonden risico. Het plaatsgebonden risico (PR) is de berekende kans per jaar dat een persoon overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongeval bij een risicobron, aangenomen dat hij op die plaats permanent en onbeschermd verblijft. De veiligheidszone wordt gebruikt bij de toetsing of een risicovolle activiteit op een bepaalde plek mag plaatsvinden, en of in de directe omgeving mag worden gebouwd. In de tweede plaats gaat het om het groepsrisico (GR). Het GR is een maat om de kans weer te geven op een ongeval met een bepaald aantal dodelijke slachtoffers. Tevens wordt het GR als maat voor de maatschappelijke ontwrichting beschouwd die kan ontstaan ten gevolge van een ongeval.
Daarnaast kan er bij het vervoer van gevaarlijke stoffen sprake zijn van een plasbrandaandachtsgebied. Dit is het gebied waarin bij het realiseren van kwetsbare objecten rekening gehouden dient te worden met de effecten van een zogenaamde plasbrand. Deze plasbrand kan ontstaan door de ontsteking van uitgestroomde brandbare vloeistof uit een schip of tankwagen. Het plasbrandaandachtsgebied wordt gemeten vanaf de rechterrijstrook in het geval van een weg of de oeverlijn in het geval van een rivier. Voorts wordt in deze paragraaf ook aandacht besteed aan de gasdrukregel- en meetstations. beoordeling externe veiligheid
48
Toelichting (concept)
bestemmingsplan Velp-Centrum 2023
Aan de orde is opnieuw vaststellen van een bestemmingsplan voor het centrum van Velp. In het plan zijn geen nieuwe ontwikkelingen voorzien. Het betreft reeds geldende woningbouwcapaciteit niet gelegen nabij risicovolle bronnen.
Risicoveroorzakende activiteiten In en direct rond het plangebied is een inventarisatie gedaan naar risicoveroorzakende activiteiten. Dit heeft het volgende overzicht opgeleverd: a. Vervoer van gevaarlijke stoffen over wegen, spoorwegen en water Door of in de nabijheid lopen geen wegen die relevant zijn voor het plangebied. De spoorlijn maakt onderdeel uit van het plangebied. De IJssel is niet relevant. b. Vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen In en nabij het plangebied liggen in de gemeente Rheden geen hogedruk aardgastransportleidingen. Wel ligt er een hogedrukaardgasleiding ten westen van de A12 in de gemeente Arnhem. c. Bedrijven die vallen onder het Bevi Binnen het plangebied bevindt zich geen Bevi bedrijf. Buiten het plangebied bevindt ook geen Bevi bedrijf dat van invloed is op het plangebied.
conclusie Het plan houdt in voldoende mate rekening met externe veiligheid.
5.4.6
Natuurwaarden
kader De bescherming van gebieden is vastgelegd de Wet natuurbescherming en de Omgevingsverordening Gelderland (Gelders Natuurnetwerk , Groene ontwikkelingszone, Waardevol open gebied, Nationaal landschap). Voor de bescherming van soorten geldt de Wet natuurbescherming.
Gebiedsbescherming Op grond van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn zijn speciale beschermingszones aangewezen. Samen vormen zij Natura 2000, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. De bescherming van de Natura 2000-gebieden is geregeld in de Wet natuurbescherming. De Veluwe en de Rijntakken zijn aangewezen als Natura 2000-gebieden. Binnen deze gebied mag de kwaliteit van de natuurlijke habitats en leefgebieden van aangewezen soorten niet verslechteren en mogen er geen storende factoren optreden die een significant negatief effect hebben. Dit geldt niet alleen voor de activiteiten en ingrepen in het gebied zelf, maar ook voor activiteiten en ingrepen daar buiten die invloed kunnen hebben op het gebied.