CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5_Bijlage bij Statenbrief_'Stand van zaken n.a.v. uitspraak 18 dec 2024'_d.d. 28-01-2025

Raadsvergadering 22 april 2025, gemeente RhedenBij agendapunt: Raadsinformatiebrief Ontwikkelingen Stikstofzaak1.926 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage bij Statenbrief

Datum

28 januari 2025 Zaaknummer

2024-010495 Blad

1 van 5

Onderwerp

Actuele stand van zaken RvS uitspraak stikstof van 18 december 2024 - achtergrond Portefeuillehouder

Ans Mol-van de Camp

Aanleiding Woensdag 18 december 2024, heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: “de Afdeling”), twee uitspraken gedaan over intern salderen, namelijk in de zaak over de Amercentrale en in de zaak over RENDAC. Deze uitspraak heeft verstrekkende gevolgen voor het beoordelingskader voor vergunningverlening. Niet alleen zijn de mogelijkheden voor intern salderen beperkter dan voorheen. Er zal ook bijna altijd sprake zijn van een vergunningplicht en er zal dus ook bijna altijd een passende beoordeling moeten worden gemaakt. Dat zal gevolgen hebben voor bedrijven. Ook de mogelijkheden voor extern salderen zullen als gevolg van de wijziging van de rechtspraak naar verwachting beperkter zijn dan voorheen. De voorwaarden voor intern salderen en extern salderen worden nu nagenoeg gelijkgetrokken. De rechtspraakwijziging is direct van toepassing op lopende en toekomstige vergunningsprocedures. Dat betekent dat we het nieuwe beoordelingskader direct moeten toepassen. Hierna gaan we in op wat dit betekent voor onze praktijk, waarbij we ook de nodige achtergrondinformatie meenemen om de context beter te schetsen. Geschiedenis & huidige praktijk Sinds de PAS-uitspraak op 19 mei 2019 bevindt Nederland zich, wat stikstof betreft, in een turbulente tijd. Uit deze uitspraak kwam onder andere het ‘project-begrip’ naar voren.

In reactie hierop heeft het Kabinet de vergunningplicht voor ‘overige handelingen’ op 1 januari 2020 laten vervallen. Met de Logtsebaan-uitspraak van de Afdeling van 20 januari 2021 kwam de vergunningplicht op intern salderen te vervallen. Hiermee was het voor ons als provincie ook niet meer mogelijk om intern salderen te vergunnen. Sindsdien geven wij voor aanvragen voor intern salderen positieve weigeringen af (we weigeren een aanvraag, omdat we constateren dat er geen vergunningplicht is). In de PAS-uitspraak van 2019 kwam ook naar voren dat voor extern salderen een zogeheten passende beoordeling nodig is, waardoor er een vergunningsplicht voor dergelijke situaties geldt. Voor extern salderen is het sindsdien ook duidelijk dat er voldaan moest worden aan het additionaliteitsvereiste. Dat wil zeggen dat er moet worden aangetoond dat de ruimte van de saldogever niet al nodig zou zijn om in te trekken voor het halen van de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000 gebieden.

Datum

28 januari 2025 Zaaknummer

2024-010495 Blad

2 van 5

Nieuwe lijn Naar aanleiding van een aantal uitspraken van het Europese Hof van Justitie heeft de Afdeling aanleiding gezien om haar standpunt ten aanzien van de vergunning situatie van intern salderen te herzien. Dat betekent samengevat het volgende:  De referentiesituatie mag niet meer worden betrokken bij de vraag of significante gevolgen van een project op voorhand zijn uitgesloten. In de voortoets mag dus, anders dan voorheen, voor de beoordeling of significante gevolgen zijn uitgesloten, geen vergelijking worden gemaakt van de gevolgen van de bestaande vergunde situatie en de gevolgen van het (gehele) project na wijziging. Intern salderen kan dus niet meer in de voortoets.  Dit betekent dat voortaan in de voortoets bij de beoordeling of significante gevolgen op voorhand zijn uitgesloten, de gevolgen van het project op zichzelf worden onderzocht. Zijn significante gevolgen niet op voorhand uitgesloten dan is voor het project een natuurvergunning nodig.  Intern salderen met de referentiesituatie mag vervolgens wel als mitigerende maatregel betrokken worden in de passende beoordeling van de gevolgen van het project, vergelijkbaar met de wijze waarop dat voorheen bij extern salderen gebeurde. De omvang van de referentiesituatie die voor intern salderen mag worden ingezet is daardoor in bepaalde gevallen beperkter dan voorheen.

Bij de vergunningverlening kan het bevoegd gezag beleid (afroming) voeren over de inzet van intern salderen als mitigerende maatregel.  De uitspraken hebben ook tot gevolg dat intern salderen alleen kan als voldaan is aan het additionaliteitsvereiste. Dat betekent dat intern salderen alleen als mitigerende maatregel kan worden ingezet als de wijziging of beëindiging van de bestaande vergunde situatie niet nodig is als instandhoudings- of passende maatregel.  De uitspraken hebben ten slotte ook gevolgen heeft voor extern salderen met onderdelen van een milieutoestemming die feitelijk zijn gerealiseerd maar structureel niet meer in gebruik zijn. Gevolgen Het nieuwe beoordelingskader is direct van toepassing en heeft gevolgen voor alle lopende en toekomstige vergunningsprocedures. Dat betekent dat (veel) meer initiatieven een natuurvergunning op basis van een passende beoordeling nodig zullen hebben met bijbehorende additionaliteitstoets. Het is niet zomaar gezegd dat al deze projecten ook vergund kunnen worden. Maar het heeft ook gevolgen voor activiteiten die tussen 1 januari 2020 en 1 januari 2025 met toepassing van intern salderen zijn gerealiseerd en waarvoor op grond van het oude beoordelingskader geen natuurvergunning nodig was. Wel geeft de Afdeling bestuursrechtspraak voor deze gevallen een overgangsregeling tot 1 januari 2030 waarin niet kan/moet worden gehandhaafd.

Vervolg De gevolgen worden steeds duidelijker, maar zijn nog niet geheel inzichtelijk. Een eerste analyse laat zien dat we de afgelopen 5 jaar tussen de 300 en 400 positieve weigeringen hebben afgegeven. Dit geeft echter absoluut geen goed beeld, omdat veel projecten die intern salderen toepassen niet bij ons langs hoeven komen.

Datum

28 januari 2025 Zaaknummer

2024-010495 Blad

3 van 5

Om een volledig beeld te krijgen, voor zover dat mogelijk is, zullen omgevingsdiensten en gemeentes ook moeten onderzoeken hoeveel vergunning vrije activiteiten zijn gerealiseerd de afgelopen vijf jaar en welke activiteiten ook zij niet in beeld hebben. We verwachten dat dit er meer dan duizend zijn. Daarnaast onderzoeken we hoe we voor intern salderen voldoen aan het additionaliteitsvereiste en wat hiervoor nodig is. Daar waar mogelijk handelen we aanvragen af, maar wij verwachten voor de afzienbare tijd voor de meeste vergunningaanvragen geen besluit te kunnen nemen. Onze prioriteit ligt voor deze periode bij het onderzoeken van de impact van de uitspraken. Aanpak De aankomende periode onderzoeken we de impact, heroverwegen we ons vergunningsbeleid en formuleren we een nieuw toetsingskader op basis van de uitspraken. We hebben vijf sporen geïdentificeerd waar vanuit we een plan van aanpak opstellen om hiermee aan de slag te gaan. Deze vijf sporen hebben allen hetzelfde doel: het kunnen afhandelen van de lopende en toekomstige VTH-zaken. Wij zullen het plan van aanpak de komende weken verder invullen en uitvoeren.

Spoor 1: Beleid Doel: Beoordelingskader vormgeven om besluiten te kunnen nemen Om dit doel te bereiken hebben we vier subdoelen geïdentificeerd:  Maximale helderheid op onze visie op additionaliteit, en hoe we deze gaan onderbouwen;  Herziening van de beleidsregels extern- en intern salderen;  Helderheid over de toekomst en de toepasbaarheid van de Gelderse Stikstofbank;  Handelingskader intrekken (latente) natuurvergunningen; Bij het eerste doel hoort ook dat we onderzoeken wat er nodig gaat zijn aan te treffen maatregelen om de additionaliteit te onderbouwen. Spoor 2: Juridisch Doel: Lopende en toekomstige (juridische) zaken afhandelen Om dit doel te bereiken hebben we twee subdoelen geïdentificeerd: 1. Juridische duiding van de uitspraken van 18 december 2024 2. Lopende en toekomstige juridische zaken afhandelen, met als eerste prioriteit de zaken die binnen een aantal maanden op zitting komen Onderdeel 1: juridische duiding van de uitspraken van 18 december 2024 − Welke aspecten zijn al voldoende helder? − Welke termen/onderdelen behoeven een verdere duiding/definitie? Opdracht: opstellen werkbare instructie om aanvragen en andere zaken te kunnen beoordelen op basis van de uitspraken in samenwerking met vergunningverlening

Datum

28 januari 2025 Zaaknummer

2024-010495 Blad

4 van 5

Onderdeel 2: lopende en toekomstige juridische zaken − Welke zaken komen op korte termijn op zitting of vragen op korte termijn een besluit? − Hoe kunnen we deze zaken categoriseren? − Wat is er nodig voor het verweer en de motivering van besluiten? Welke keuzes (snel) moeten er genomen worden? − Welke nieuwe/toekomstige zaken voorzien we bij vergunningverlening en handhaving (denk aan nieuwe handhavingsverzoeken over (nu) vergunningplichtige activiteiten vóór en na 2020 en nieuwe handhavingsverzoeken over PAS-melders). − Wat is de impact van je argumenten voor lopende zaken? Zijn je argument (deels) beleidbepalend? Hoe gaan we hier richting in bepalen? Spoor 3: Uitvoering Doel 1): Afhandelen van (lopende en toekomstige) aanvragen Doel 2): Monitoren van verstrekte vergunningen

Doel 1) Afhandelen aanvragen Om dit doel te bereiken hebben we een stappenplan gemaakt: 1. Categorisering van de werkvoorraad 2. Gemotiveerde prioritering van de werkvoorraad obv de categorisering 3. Per categorie op aanvragen besluiten, uiteraard na bestuurlijke afstemming. Doel 2) monitoring van vigerende en ingetrokken vergunningen (en intrekkingen) Een goede registratie van verleende en ingetrokken vergunningen hebben we nodig om te kunnen onderbouwen dat maatregelen (zoals de LBV/LBV+ regeling en onze eigen beleidsregels omtrent afroming van stikstofruimte) helpen met het terugdringen van de stikstof uitstoot en onze taken in vergunningverlening, handhaving en toezicht goed uit te kunnen voeren. Voor dit doel zien wij 2 opdrachten: 1. Een ICT opdracht om een monitor te bouwen met diverse informatieproducten (w.o. de emissies op de kaart/ I-GO 2.0) 2. De opdracht om de monitor te vullen met up-to-date informatie. Hiermee brengen wij de basis op orde. De benodigde informatie handelt over zowel de natuur- als de milieu toestemmingen.

Datum

28 januari 2025 Zaaknummer

2024-010495 Blad

5 van 5

Spoor 4: Communicatie We werken een communicatiestrategie uit voor de langere termijn als onderdeel van het plan van aanpak en de uitvoering ervan. Voor de korte termijn willen we de betrokken interne en externe stakeholders zoveel mogelijk voorzien van eenduidige, tijdige, juiste en begrijpelijke informatie over de situatie. De doelen die centraal staan bij de communicatie zijn:  Bekendheid met wat er aan de hand is door informatie te geven over wat er aan de hand is, het proces, de onduidelijkheden die er (nog) zijn en uitleggen welke keuzes we maken of moeten maken  Schade beperken door handelingsperspectief te geven en richting te geven aan wat betrokken moeten doen (gedrag)  Betekenisgeving door duiding te geven aan wat er aan de hand is en deze in een breder perspectief te plaatsen en negatieve gevoelens kanaliseren. Een eerste bericht is op 16 januari op de website geplaatst. Een vergelijkbaar bericht is in de week van 20 januari in de organisatie rondgestuurd. We hebben een stikstofloket opgericht om de binnenkomende vragen te categoriseren en te beantwoorden. Op basis van deze vragen zullen we ook een ‘vraag en antwoord’overzicht maken om mensen snel houvast te geven. Voor de langere termijn is het belangrijk om voor alle stakeholders in beeld te brengen wat de situatie en de aanpak voor hen betekent.

Deze stakeholders willen we op verschillende manieren voorzien van informatie. In de eerste periode zullen we vooral procesinformatie kunnen geven, waarbij we zo helder mogelijk communiceren over de vervolgstappen die we gaan nemen. Spoor 5: Coördinatie en afstemming op (inter)bestuurlijke samenwerking Doel: Informatie uitwisselen en verkennen en maken van (inter) bestuurlijke afspraken, met als doel deze uitvoerbaar te maken Bij dit doel hoort de volgende actie: organiseer een centraal punt waarvan uit bovenstaande wordt opgetuigd met persoon/personen die gefocust zijn op deze coördinatie en afstemming. Vervolg Wij hebben de gewenste richting en het bijpassende vervolg besproken voor de vijf sporen die in deze bijlage zijn benoemd. Op basis daarvan kan het plan van aanpak verder ingevuld worden en kunnen we vervolgstappen zetten. Tegelijkertijd zijn we uiteraard al bezig met de verdere duiding van de uitspraak en een analyse van de impact op de verschillende activiteiten en projecten in Gelderland. Voor nu geven we prioriteit aan de zaken die de aankomende weken en maanden het meest urgent zullen worden, zoals de PAS melders, zaken die voor de rechter komen met vastliggende termijnen of bijvoorbeeld evenementen die al snel plaatsvinden. Welke prioriteiten daar nog bij komen en hoe daarin precies keuzes kunnen worden gemaakt wordt de komende tijd verder uitgewerkt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=d354e06c-88c2-473c-a329-f33f0cc2213c