Bijlage 4.4 L01.00.02 Functiewaardering Griffier
Tekst van het document
Waarderingsmotivering Gegevens van de functie Naam
:
Griffier
Code
:
L01.00.02
KUNNEN
Totaal score
MOGEN
Keuze & Creativiteit
Kennis & Inzicht
Sociale Interactie
Subscore
Vrijheden
Verantwoordelijkheden
Rol
Subscore
5 nieuwe oplossingen
8 innovatief
4 invloed
500
4 beleidskaders
7 integraal
3 adviseren
439
939
KUNNEN Bij de invalshoek KUNNEN wordt het vereiste vermogen gemeten dat de functie van de functiehouder vraagt om de essentie van de functie, vanuit de doelstellingen van de organisatie, te kunnen waarmaken. Met andere woorden; dat wat de functie vraagt. Keuze & Creativiteit Bij Keuze en Creativiteit gaat het om de mate waarin naar eigen inzicht keuzes gemaakt, dan wel initiatieven ontplooid kunnen worden. Het gaat daarbij om de keuzevrijheid gekoppeld aan de taken van de functie. Niveau : Nieuwe oplossingen Motivering
:
De keuze omvat het ontwikkelen dan wel vaststellen van de visie op een multidisciplinair terrein. Fundamentele keuzes worden gemaakt op basis van nieuwe inzichten en een ontwikkelende aanpak.
Kennis & Inzicht Kennis en Inzicht is het geheel aan relevante kennis, inzicht, ervaring en vaardigheden, die nodig zijn om een functie naar behoren te kunnen uitoefenen. Hierbij gaat het om de diepte (van basis kennis en inzicht tot innovatieve expertise) en breedte (verscheidenheid en hoeveelheid van vakgebieden, processen, technieken etc.) van de kennis die de functie vereist. Niveau
:
Innovatief
Motivering
:
Gerijpte deskundigheid op theoretisch fundamenteel gebied is nodig om het werk te kunnen uitvoeren. Het werk kenmerkt zich door een vernieuwend en doorslaggevend karakter.
Sociale Interactie De soort van sociale interactie die nodig is om met individuen en/of groepen, zowel intern als extern, te communiceren. Niveau : Invloed Motivering
:
Het beïnvloeden van de gesprekspartner voor het winnen van steun om het doel te bereiken.
MOGEN Bij de invalshoek mogen wordt de formele functionele ruimte gemeten die vanuit de organieke kaderstelling aan de functiehouder geboden wordt. Met andere woorden; dat wat de functie biedt. Vrijheden De functionele vrijheid geeft de mate aan waarin een functie wordt vrijgelaten bij de aanpak en invulling van de werkzaamheden en waar de grenzen liggen in werkinstructies, -procedures, richtlijnen, wet- en regelgeving e.d. In werkinstructies, -procedures en richtlijnen kan ook zijn voorzien door directe sturing, toezicht en terugvalmogelijkheden. Niveau
:
Beleidskaders
Motivering
:
Er zijn beleidskaders en targets beschreven, die het doel en de grenzen van het werk bepalen en zorgen voor structuur.
Verantwoordelijkheden Functies dragen verantwoordelijkheden voor uit te voeren werkzaamheden en te ondernemen acties die voortvloeien uit de taakstelling. Bij verantwoordelijkheden van de functie gaat het om de te realiseren taakstelling binnen de doelstelling van de organisatie en het hierbij behorende afbreukrisico. Dit is afhankelijk van de toebedeelde rol. Niveau
:
Integraal
Motivering
:
Integraal verantwoordelijk, buiten en binnen de directe eigen invloedsfeer, waarbij de gevolgen van eventuele fouten een beperkt belang schaden.
Rol De rol van de functie geeft de soort bijdrage weer in samenhang met de niveaubepalende verantwoordelijkheden die bij de functie worden belegd. Niveau
:
Adviseren
Motivering
:
Het adviseren, waaronder het analyseren en afwegen, waarbij de uiteindelijke (formele) beslissing bij een ander ligt.