Bijlage 2 Beschouwende_Discussienota_Hondenbelasting_Rheden_ (DEF 30-9-2025)
Tekst van het document
MEMO Onderwerp
Beschouwende Discussienota: Hondenbelasting in de gemeente Rheden
Datum
30 september 2025
Aan
Gemeenteraad
Van
College (Portefeuillehouder Dorus Klomberg)
Beschouwende Discussienota: Hondenbelasting in de gemeente Rheden Inleiding De hondenbelasting is een gemeentelijke heffing die al sinds de 19e eeuw bestaat. Oorspronkelijk bedoeld om zwerfhonden en hondsdolheid tegen te gaan, heeft de belasting zich ontwikkeld tot een instrument voor gemeentelijke inkomsten. Het is een principiële discussie of er wel of geen hondenbelasting geheven moeten worden. Op basis van de aangedragen reflecties en dilemma’s is het aan de raad om hier een afweging in te maken.
Maatschappelijke reflectie De maatschappelijke legitimiteit van de hondenbelasting staat onder druk. Steeds meer gemeenten schaffen deze af, mede vanwege het ervaren gevoel van ongelijkheid: waarom zouden uitsluitend hondenbezitters bijdragen aan gemeentelijke voorzieningen, terwijl andere huisdiereigenaren vrijgesteld zijn? De Gemeentewet biedt echter alleen een grondslag voor hondenbelasting, niet voor andere dieren. Tegelijk roept dit de omgekeerde vraag op: waarom zouden álle inwoners moeten meebetalen aan maatschappelijke kosten die samenhangen met het houden van honden? Deze spanning raakt aan het bredere debat over rechtvaardigheid en solidariteit binnen het lokale belastingstelsel.
Beleidsmatige reflectie Vanuit beleidsmatig perspectief biedt hondenbelasting gemeenten een instrument om kosten te dekken en gedrag te sturen. Een belangrijk argument voor handhaving van de hondenbelasting zijn de kosten die b.v. gemaakt voor beheer en inrichting van de openbare ruimte en de mogelijke overlast die honden veroorzaken (b.v. opruimwerkzaamheden, voorzien in plastic zakjes, inzet en handhaving bij overlast zoals vechtende honden, opvangen van zwerfhonden en opleggen van muilkorfgeboden). Daarbij kan een progressieve hondenbelasting bijvoorbeeld het houden van meerdere honden ontmoedigen, wat overlast en kosten beperkt. Tegelijkertijd is de uitvoerbaarheid een punt van zorg: handhaving is kostbaar en fraudegevoelig. Gemeenten kunnen afwegen of de baten opwegen tegen de lasten.
Lokale context: gemeente Rheden Eerder is het tarief ongeveer gehalveerd, als reactie op maatschappelijke kritiek en om het draagvlak te vergroten. Waarbij de opbrengsten meer in lijn zijn gebracht met de kosten die de gemeente maakt. Bij kosten kan onder andere worden gedacht aan handhaving, verstrekken van poepzakjes en inningskosten. De opbrengst wordt gebruikt voor het onderhoud van losloopgebieden en hondenpoepbakken. In Rheden bedraagt de hondenbelasting in 2025 EUR 40,20 voor één hond en loopt op tot EUR 674,75 voor tien honden. Er is kwijtschelding mogelijk voor mensen met een laag inkomen. De jaarlijkse opbrengsten zijn op dit moment € 140.000. Deze zijn in de begroting van 2026 ook opgenomen als baten.
1
MEMO Dilemma's De discussie over hondenbelasting raakt aan diverse dilemma's die relevant zijn voor het lokale bestuur. 1. Eigendom versus verantwoordelijkheid: Honden worden juridisch beschouwd als eigendom, wat belastingheffing mogelijk maakt. Tegelijkertijd dragen eigenaren verantwoordelijkheid voor het welzijn van hun dieren. De vraag is of het recht op eigendom voldoende rechtvaardiging biedt voor financiële lasten, of dat de morele zorgplicht zwaarder zou moeten wegen. 2. Solidariteit versus individualisme: Moet de gemeenschap opdraaien voor de kosten die voortvloeien uit individueel hondenbezit, zoals schoonmaak en handhaving? Of is het rechtvaardiger dat alleen hondenbezitters bijdragen via een gerichte belasting? Deze afweging raakt aan het spanningsveld tussen collectieve voorzieningen en individuele keuzes. 3. Publieke versus private lasten: Hondenbezit is een privékeuze, maar veroorzaakt publieke lasten. De vraag is of het legitiem is om deze lasten via belasting te internaliseren bij de eigenaar, of dat ze als onderdeel van het publieke domein moeten worden gedragen.
Afwegingen en aanbevelingen De gemeenteraad van Rheden kan een principiële keuze maken: handhaven, afschaffen of hervormen. Op basis van de aangedragen reflecties en dilemma’s kan de raad een keuze maken. Deze keuze raakt aan de kern van lokaal bestuur: maatschappelijke rechtvaardigheid, het balanceren van financiële haalbaarheid, en bestuurlijke uitvoerbaarheid. In de begroting 2026 – 2029 heeft het college ervoor gekozen de hondenbelasting in overeenstemming met de kadernota 2026 te handhaven. We hebben de geraamde inkomsten in lijn gebracht met de ontvangsten in de afgelopen jaren. De jaarlijkse opbrengsten zijn op dit moment € 140.000. In het geval uw raad ervoor kiest de hondenbelasting af te schaffen zien wij graag een alternatief dekkingsvoorstel voor de gemiste inkomsten. Praktische gezien kan een eventuele afschaffing op zijn vroegst vanaf 2027 worden ingevoerd.
2