CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bevindingen werkgroep Jaarrekening 2022_.docx

Raadsvergadering 26 september 2023, gemeente RhedenBij agendapunt: Reactie op advies werkgroep jaarrekening 20223.907 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werkgroep jaarrekening datum

voor

16 juni 2023

gemeenteraad

Afdeling/cluster

Onderwerp

Bevindingen concept jaarrekening 2022 Geachte raad,

Inleiding: De werkgroep jaarrekening heeft opdracht gekregen van de financiële commissie om namens haar advies uit te brengen over de jaarrekening en het jaarverslag 2022. Deze taak vloeit voort uit artikel 4, lid 2, sub g en h de Verordening op de financiële commissie gemeente Rheden 2020 en is als volgt beschreven: •

•

Zij onderzoekt of de inkomsten en uitgaven, blijkens de jaarrekening en het jaarverslag, op een doelmatige, doeltreffende en rechtmatige wijze hebben plaatsgevonden. Daarbij wordt met name getoetst of in het verslag een relatie wordt gelegd met de in de begroting voor dat jaar vastgelegde doelstellingen en activiteiten. Zij brengt op basis van haar onderzoek advies uit aan de raad over het jaarverslag en de jaarrekening, mede aan de hand van de controleverklaring en het accountantsverslag.

De werkgroep bestaat uit dhr. T. Cator (voorzitter) mw. M. van de Kolk, dhr. S. Hanssen, dhr. F. Kooistra, dhr. C. Spikker, dhr. Th. Kooijmans en dhr. H. Witteveen (leden) en wordt ambtelijk ondersteund door dhr. J.P.M. Leenders (secretaris). Na een algemene reactie van de werkgroep op de concept jaarstukken (paragraaf 1) zal kort worden ingegaan op het advies van vorig jaar (paragraaf 2). Aansluitend zal de werkgroep in paragraaf 3 nog enkele van haar bevindingen toelichten. 1. Algemeen 1.1 Beoordeling van de stukken De werkgroep jaarrekening heeft, overeenkomstig de vastgestelde bestuurlijke planning, kennis genomen van de jaarstukken 2022 op 28 april 2023. Helaas heeft de werkgroep moeten constateren dat de aan haar overgelegde stukken verre van compleet waren. In een bij deze stukken gevoegde memo wordt vermeld dat het college ervoor heeft gekozen om deze concept versie van de jaarstukken nog niet te voorzien van een algemene bestuurlijke duiding. Deze volgt, blijkens dit memo, in de definitieve versie. Een inleidende paragraaf of oplegnotitie is naar de mening van de werkgroep echter onmisbaar om een lijvig document als de jaarstukken met 184 pagina’s inhoudelijk te kunnen duiden. Verderop in dit memo wordt vermeld dat ook de paragraaf weerstandsvermogen en de SiSa-bijlage pas bij de definitieve versie van de jaarstukken worden gevoegd.

Bij het lezen van de stukken blijkt dat de paragraaf Weerstandsvermogen is gecombineerd met Risicobeheersing, zodat ook dit onderdeel van de stukken ontbreekt. Een toelichting waarom het college ervoor heeft gekozen om deze stukken eerst bij de definitieve versie pagina

1

ons kenmerk

toe te voegen ontbreekt in dit memo. De werkgroep jaarrekening is hierover ook niet vooraf geïnformeerd en het is haar, ook achteraf, niet gebleken waarom deze bestuurlijke keuze is gemaakt. De werkgroep is van mening dat door het (nog) niet verstrekken van deze informatie haar belangrijke informatie is onthouden. Op basis van de jaarstukken, in de vorm zoals die nu aan de werkgroep zijn voorgelegd, valt daardoor niet op te maken hoe het is gesteld met de financiële positie van Rheden. Daarvoor heeft de werkgroep inzage nodig in de financiële kengetallen, te weten de netto schuldquote, de netto schuldquote gecorrigeerd, de solvabiliteit, grondexploitatie, belastingcapaciteit en de structurele exploitatieruimte die in onderlinge samenhang moeten kunnen worden beoordeeld. Deze kengetallen maken normaal gesproken onderdeel uit van de paragraaf Weerstandsvermogen. Nu deze paragraaf ontbreekt in deze concept-stukken, ontbreekt ook de informatie over de voornoemde kengetallen en is het voor de werkgroep niet mogelijk om hierover inhoudelijk te adviseren. In de stukken staat vermeld dat de jaarrekening 2022 sluit met een positief saldo, te weten een overschot van afgerond € 2.691.000. Een mooi resultaat lijkt het, maar uit de stukken blijkt niet wat de aanleiding is van dit overschot en evenmin welke bestemming van het rekeningresultaat het college aan de raad wil voorstellen.

Zijn de doelen die de gemeenteraad bij de begroting 2022 heeft vastgelegd wel gehaald? Zijn taken in 2022 goedkoper uitgevoerd dan begroot? Of was er geld beschikbaar gesteld, maar was het college er niet in geslaagd om dat in 2022 uit te voeren? In dat geval is er weliswaar sprake van een overschot, maar moet hiervoor een bestemmingsreserve worden aangelegd en zegt dit dus niets over het rekeningresultaat. De werkgroep jaarrekening is van mening dat dit onvoldoende uit de overgelegde stukken kan worden afgeleid. Volgens de bestuurlijke planning ontvangt de raad de definitieve jaarstukken eerst op 2 juni 2023. Dit is echter ook de datum waarop de werkgroep jaarrekening volgens planning haar advies uitbrengt. Dat betekent dat de werkgroep niet in staat is geweest om een oordeel te geven over de financiële positie van Rheden. Zij kan daarom niet anders dan zich te onthouden van een belangrijk onderdeel van haar advisering. 1.2 Het proces In een eerder rapport heeft de werkgroep jaarrekening geadviseerd om het controleproces vanaf de jaarstukken 2022 zodanig in te richten dat de accountantscontrole kan starten in de eerste week van april en hierover goede afspraken te maken met de accountant. Helaas moet worden vastgesteld dat het voor het college niet mogelijk was om eerder dan 28 april 2023 de concept jaarstukken te kunnen opleveren.

Heel jammer, vindt de werkgroep jaarrekening. Een nieuw financieel systeem, het werken met kwartaalrapportages en een Team Financiën dat weer op volle sterkte is zou toch voldoende moeten zijn om het proces rondom het sluiten van de boeken eerder te laten plaatsvinden. Om zich een goed beeld te kunnen vormen van de jaarstukken voert de werkgroep jaarlijks gesprekken met de burgemeester, de wethouders, de gemeentesecretaris, de directeur bedrijfsvoering en de concerncontroller. Dit zijn open gesprekken, dus zonder vooraf aan de geïnterviewden meegedeelde speerpunten of toegezonden concrete vragen. Gelet op de korte pagina

2

ons kenmerk

periode waarin de werkgroep haar werk moet doen (en rekening houdend met de meivakantie) heeft de werkgroep ervoor gekozen om de gesprekken al te voeren voordat zij de beschikking had over deze stukken, te weten op 6 en 12 april 2023. Geen gelukkige keuze, concludeert de werkgroep achteraf. Hoewel deze gesprekken kunnen helpen bij het goed lezen van de stukken is daardoor belangrijke informatie gemist om hier gericht vragen over te stellen en de dialoog aan te gaan. Een ander, zeer belangrijk, aspect is de planning van de accountantscontrole. In voorgaande jaren heeft de werkgroep hier geregeld aandacht voor gevraagd. Ook is dit onderwerp van gesprek geweest bij de evaluatie van de jaarrekeningcontrole in het audit comité van 17 oktober 2022. Daarbij gaf de accountant aan dat de organisatie van Rheden nog niet klaar is om in april een efficiënte controle te kunnen uitvoeren. In het jaarverslag over het boekjaar 2021 vermeldt de accountant ‘Als u de jaarrekeningcontrole komende jaren eerder wilt starten en afronden dan adviseren wij u een plan op te stellen om komende jaren stapsgewijs naar voren te gaan. Goede inbedding in de planning & control-cyclus van uw gemeente is daarbij cruciaal’. Van een dergelijk plan is de werkgroep (nog) niet gebleken.

Het gevolg van de late start is dat de werkgroep jaarrekening ook dit jaar de bevindingen van de accountant niet heeft kunnen betrekken bij haar onderzoek, terwijl de verordening dit wel voorschrijft. Of deze stukken wel beschikbaar zijn voor de behandeling van de jaarstukken in de voorbereidende vergadering van 15 juni 2023 moet worden afgewacht. In ieder geval is de accountant voor deze vergadering uitgenodigd om de bevindingen op hoofdlijnen toe te lichten aan de raad zodat hierover, zo mogelijk, in die vergadering een open dialoog kan worden gevoerd. De werkgroep jaarrekening is van mening dat zij, maar uiteindelijk met name de gemeenteraad, door deze late start ernstig wordt belemmerd in het uitvoeren van zijn controlerende taak. De ervaring in de afgelopen jaren is steeds geweest dat de gemeenteraad pas kort voor de besluitvorming over de jaarstukken kennis kon nemen van het jaarverslag en de goedkeurende verklaring van de accountant. Daardoor kon dit feitelijk geen rol van betekenis meer spelen bij de behandeling van de jaarstukken in de raad. En dat terwijl de accountant, naast een toets op rechtmatigheid en getrouwheid, ook rapporteert over de IT, de interne beheersing en fraude. Het is dan niet meer mogelijk voor de raad om zich een inhoudelijk oordeel te vormen over de bevindingen van de accountant en deze mee te nemen in het politieke debat.

1.3 Conclusie en advies De conclusie van het voorgaande is, dat de werkgroep jaarrekening veel tijd en energie heeft gestoken in dit jaarrekeningproces, maar op basis van de haar ter beschikking gestelde informatie niet in staat is om haar adviesrol op een juiste manier te kunnen invullen. Dit moet naar de mening van de werkgroep jaarrekening echt anders. De werkgroep blijft dan ook bij haar standpunt dat het jaarrekeningproces zodanig moet worden ingericht dat de accountant met de controlewerkzaamheden kan starten in de eerste week van april en de werkgroep jaarrekening voldoende in staat is om de bevindingen van de accountant mee te kunnen nemen in haar beoordeling van de jaarstukken. Alleen dan is het voor de werkgroep jaarrekening mogelijk om een gedegen advies te kunnen geven over de jaarstukken en wordt de raad in positie gebracht om zijn controlerende rol goed te kunnen vervullen. Gelet op het voorgaande onthoudt de werkgroep jaarrekening zich van een inhoudelijk advies over de jaarstukken.

pagina

3

ons kenmerk

2. Terugblik op advies werkgroep vorig jaar Los van het voorgaande heeft de werkgroep jaarrekening wel gekeken wat er is gedaan met de bevindingen en adviezen die de werkgroep vorig jaar heeft gegeven en wat naar aanleiding daarvan als resultaat kan worden vastgesteld. Ten behoeve van de leesbaarheid is daarbij per advies een kleur toegekend: Groen = afgerond Geel = lopend Rood = nog niet afgedaan 1. Bevinding/advies: Teneinde de raad (nog) beter in positie te brengen om zijn controlerende rol goed te kunnen uitvoeren, adviseert de werkgroep: a. het controleproces vanaf de jaarstukken 2022 zodanig in te richten dat de accountantscontrole kan starten in de eerste week van april en hierover goede afspraken te maken met de accountant; b. in de bestuurlijke planning 2023 rekening te houden met een moment waarop de accountant de bevindingen op hoofdlijnen kan toelichten aan de raad, teneinde een open dialoog mogelijk te maken; c. de raad periodiek te informeren over de wijze waarop het college uitvoering heeft gegeven aan de bevindingen van de accountant. Resultaat: Rood De werkgroep stelt vast dat het college er niet in is geslaagd om hieraan uitvoering te geven. Voor wat betreft de onderdelen a en b wordt verwezen naar het algemene deel van dit rapport.

Voor wat betreft onderdeel c adviseert de werkgroep de TAC om dit op te nemen in de groslijst en in overleg met het college te bepalen op welk(e) moment(en) de raad hierover wordt geïnformeerd. 2. Bevinding/advies: Verzoek de financiële commissie om het doel en de invulling van het technisch vragenuur te evalueren en hierover goede afspraken te maken voor de behandeling van toekomstige P&C documenten. Resultaat: Groen De werkgroep stelt vast dat er voorafgaand aan het technisch vragenuur van zowel de programmabegroting op 10 oktober 2022 als de jaarrekening op 10 mei 2023 goede afspraken zijn gemaakt en dat van zowel de kant van de raad als van de ambtelijke organisatie een duidelijke verbetering is waargenomen. De werkgroep is van mening dat dit een goede lijn is die vastgehouden moet worden. 3. Bevinding/advies: Verzoek de financiële commissie om de resultaten van de cultuurverandering, in overleg met de betreffende portefeuillehouder/directeur bedrijfsvoering, te agenderen voor een volgende vergadering. Resultaat: Geel Ten aanzien van dit advies overweegt de werkgroep dat de financiële commissie niet de plek is om een brede discussie te voeren over cultuurverandering. De werkgroep is dan ook van mening dat het hier enkel kan gaan om het financiële deel van cultuurverandering, zoals dat bijvoorbeeld het geval pagina

4

ons kenmerk

is bij de wijze waarop budgetbeheer in de ambtelijke organisatie wordt vormgegeven en de ambitie om te komen tot een coproductie tussen beleid en financiën bij de totstandkoming van P&C documenten. De werkgroep handhaaft het advies voor wat betreft dit onderdeel van cultuurverandering. Voor wat betreft cultuurverandering in brede zin wordt geadviseerd om de Technische Agenda Commissie te verzoeken om dit onderwerp te agenderen voor een oriënterende vergadering. 4. Bevinding/advies: Verzoek op korte termijn de Technische Agenda Commissie om een datumvoorstel te doen, bij voorkeur aankomend najaar, waarin raad en college met elkaar in gesprek kunnen gaan over de toekomstvisie van onze gemeente. Resultaat: Groen De werkgroep jaarrekening overweegt dat de gemeenteraad op 29 november 2022 heeft ingestemd met de in de Inventarisatie Omgevingsvisie Rheden staande kernwaarden, ambities en hoofdthema’s en het college opdracht heeft gegeven om deze nader uit te werken in een omgevingsagenda 2040. In de vergadering van 29 november 2022 is de toezegging gedaan dat de sociaal economische visie een plek zal krijgen in de omgevingsvisie. De input hiervoor zal volgens hetzelfde participatieproces worden opgehaald en zal ook worden gebruikt voor andere visies, zoals bijvoorbeeld de mobiliteitsvisie of de visie recreatie en toerisme.

In dit proces zal tevens worden meegenomen de vraag: ‘Welke gemeente wil je zijn? De werkgroep gaat ervan uit dat aan deze toezegging uitvoering wordt gegeven waarmee dit advies als afgerond kan worden beschouwd. 5. Bevinding/advies:: Verzoek, voor zover dit nog niet is gebeurd, om bij de verdere doorontwikkeling van de programmabegroting ook de volgende aanbevelingen mee te nemen: - Laat zien welk resultaat of maatschappelijk effect is bereikt; - Zorg voor concrete gegevens en kwantitatieve data om inzicht te geven in de impact van de beslissingen voor de inwoners; - Voorkom verwijzingen naar eerdere P&C documenten of beleidsnotities of voeg deze bij de stukken. Resultaat: Rood De werkgroep overweegt dat het inzichtelijk maken of een doel of een resultaat is bereikt onderdeel uitmaakt van het project ‘doorontwikkeling programmabegroting’. Dit onderwerp is aan de orde geweest in de vergadering van de financiële commissie van 17 november 2022. Daarbij werd aangegeven dat de organisatie zich voor de Programmabegroting in ieder geval zou richten op klare taal, het verder uitdiepen van de indicatoren en het maken van een koppeling tussen de doelenboom en financiën. In die vergadering heeft de commissie ingestemd met het voorstel om een enquête uit te zetten om de huidige structuur van de programmabegroting te evalueren.

Deze evaluatie heeft plaatsgevonden in januari 2023 en was gericht aan alle raadsleden en raadsvolgers om zo een volledig beeld te krijgen voor de volgende stap in het groeimodel. Voor zover de werkgroep heeft kunnen nagaan heeft de raad noch de financiële commissie een terugkoppeling ontvangen van de resultaten van deze enquête. De werkgroep adviseert daarom: Verzoek het college om de raad c.q. de financiële commissie te informeren over: - de resultaten van de evaluatie van de Programmabegroting; - de voortgang van het project ‘Doorontwikkeling Programmabegroting; pagina

5

ons kenmerk

- de wijze waarop de raad betrokken wordt bij het concretisering van de doelen en indicatoren om de maatschappelijke impact hiervan te kunnen meten. De bevinding van de werkgroep om verwijzingen naar eerdere P&C documenten of beleidsnotities zoveel mogelijk te voorkomen is door het college onderkend. Hier zou mee aan de slag worden gegaan bij de jaarstukken 2022. Helaas moet worden vastgesteld dat dat voor dit jaar nog niet is gelukt. Dit advies blijft derhalve gehandhaafd. 6. Bevinding/advies: Blijf kritisch op de financiële beheersing en kijk daarbij zowel naar de effecten van landelijk beleid als de transformatie die lokaal ingezet is. Resultaat: Geel De werkgroep stelt vast dat dit advies is gericht aan de raad zelf. Gelet op de financiële positie van Rheden, voor nu en voor de komende jaren, blijft het belangrijk om de vinger aan de financiële pols te houden. 7. Bevinding/advies: Kijk samen met het college en de ambtelijke organisatie kritisch naar de huidige staat van de bedrijfsvoering om een breed gedragen verbeterplan te ontwikkelen. Hierbij moeten in ieder geval de risico’s, doorlooptijd en benodigde financiële middelen in beeld worden gebracht.

Resultaat: Geel Uit de schriftelijke reactie van het college op dit advies en de gesprekken die de werkgroep heeft gevoerd blijkt dat in de afgelopen periode twee projecten zijn gestart die in dit kader relevant zijn, te weten het project Budgetbeheer en het project Digitaal Werken. Voor dit laatste project zijn bij de Programmabegroting 2023-2026 middelen beschikbaar gesteld. Ook wordt gewerkt aan het opzetten van een verplichtingenadministratie, hoewel het toch nog moeilijk blijkt om hieraan een goede invulling te geven. Van het ontwikkelen van een breed gedragen verbeterplan is de werkgroep evenwel nog niet gebleken. Geadviseerd wordt om het college hier alsnog om te verzoeken. 8. Bevinding/advies: Neem een standpunt in over de solvabiliteitsratio en de termijn waarop dat moet zijn bereikt. Resultaat: Geel De werkgroep stelt vast dat de solvabiliteitsratio twee maal onderwerp van gesprek is geweest in de vergaderingen van de financiële commissie, laatstelijk op 21 maart 2023. Bij die laatste vergadering is een aantal mogelijke scenario’s voor een solvabiliteitsratio toegelicht. Afgesproken is dat door het college een concreet voorstel zal worden gedaan aan de gemeenteraad bij de Kadernota 2024. 9. Bevinding/advies: Vraag het college om de raad minimaal eens per kwartaal te informeren over de (financiële) voortgang van de bouw van het nieuwe gemeentehuis.

Resultaat: Groen De werkgroep stelt vast dat uitvoering is gegeven aan dit advies. Dit is gebeurd in de vergadering van de financiële commissie van 21 maart 2023 als onderdeel van het gesprek over grote projecten. Door de ambtelijke organisatie is een schets uitgewerkt om met elkaar af te stemmen of dit hetgeen is wat de commissie verwacht. Voor de volgende vergadering zal een aangepaste versie van deze schets aan de commissie worden voorgelegd, waarbij tevens een voorstel zal worden gedaan voor een definiëring van wat onder grote projecten moet worden verstaan. pagina

6

ons kenmerk

10. Bevinding/advies: Verzoek het college om uitvoering te geven aan de wettelijke verplichting om periodiek onderzoek te doen naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde beleid en een integraal onderzoeksplan te delen met de deelnemers van het audit comité. Resultaat: Geel: De werkgroep stelt vast dat door het college is aangegeven dat vanaf 2023 een start zal worden gemaakt met het vormgeven van de zogenaamde ‘213a onderzoeken’ gericht op doelmatigheid en doeltreffendheid. Tot op heden heeft de werkgroep nog niet kunnen vaststellen dat dit daadwerkelijk gebeurt. 11. Bevinding/advies: Verzoek de financiële commissie om de voortgang van het advies over de jaarstukken periodiek (bijvoorbeeld 3 keer per jaar) te agenderen voor haar vergadering. Resultaat: Geel: Vastgesteld wordt dat de financiële commissie middels een memo is geïnformeerd over de voortgang van het advies van de werkgroep. Dit is vervolgens besproken in de vergadering van 19 januari 2023. 3: Algemene bevindingen Zoals eerder aangegeven heeft de werkgroep nog enkele bevindingen gedaan die zij onderstaand nader toelicht. 3.1 Rapportering verschillen groter dan € 50.000 In Rheden geldt de afspraak dat het college bij haar verantwoording rapporteert over grote verschillen, te weten verschillen groter dan € 50.000.

Uit de stukken is de werkgroep gebleken dat wanneer er sprake is van een tekort, maar elders in het programma sprake is van een overschot, dat dit tegen elkaar wordt weggestreept. Wanneer dit bedrag onder de streep lager is dan € 50.000 wordt daarvan dan door het college geen melding gedaan. De werkgroep is van mening dat door het niet vermelden van deze verschillen de raad onvoldoende inzicht krijgt in de kosten en baten van een bepaalde activiteit en daardoor minder kan sturen. 3.2 Reserves De werkgroep jaarrekening vraagt aandacht voor een actueel overzicht van reserves en voorzieningen. Blijkens de antwoorden op vragen die naar aanleiding van dit onderwerp zijn gesteld is gebleken dat een herziening van de nota ‘reserves & voorzieningen’ kan worden verwacht in Q1 2024. Deze nota heeft een geldigheidsduur van enkele jaren. Daardoor kan naar de mening van de werkgroep voorkomen dat bepaalde reserves soms vele meerdere jaren blijven bestaan, terwijl de noodzaak hiervan inmiddels al is komen te vervallen. Een voorbeeld daarvoor is de reserve voor de doorontwikkeling van de WABO, die al jaren geleden is afgesloten. Blijkens een antwoord op een vraag hierover wordt met het opheffen van deze reserve gewacht tot de genoemde ‘herziening reserves & voorzieningen’. Een jaarlijkse update of herziening zou naar de mening van de werkgroep een betere keuze zijn.

3.3 Inzicht in inkomsten en uitgaven accommodaties en projecten Zowel door de werkgroep jaarrekening als de financiële commissie is aandacht gevraagd voor grote projecten aangezien deze van invloed kunnen zijn op risico’s die de gemeente loopt. Vorig jaar pagina

7

ons kenmerk

noemde de werkgroep jaarrekening nog het project gemeentehuis, aangezien zij van mening was dat de raad onvoldoende zicht heeft op de uitgaven die door het college worden gedaan en de risico’s die daarbij worden gelopen, terwijl dat met een dergelijk project wel mag worden verwacht. De werkgroep is echter van mening dat er ook bestaande accommodaties zijn waarvan de exploitatielasten zwaar drukken op de gemeentelijke begroting, maar waarbij eigenlijk onvoldoende zicht bestaat op inkomsten en uitgaven, hetgeen feitelijk niet aanvaardbaar is. In de jaarrekening valt bijvoorbeeld niet terug te lezen hoe groot de kapitaals- onderhouds- en personeelslasten zijn van het Biljoenbad en hoeveel inkomsten aan kaartverkoop en gebruikers van deze accommodatie daar tegenover staan. Ditzelfde kan zich voordoen bij projecten, zoals bijvoorbeeld de verdere ontwikkeling van de Zuidflank in Rheden en de afsluiting van Posbank. De werkgroep is van mening dat het belangrijk is om ook hier aandacht voor te hebben. 3.4 Duidelijkheid over taken die niet zijn uitgevoerd Het is de werkgroep jaarrekening opgevallen dat er op basis van de jaarstukken die voorliggen niet kan worden vastgesteld welke taken er niet zijn uitgevoerd en wat dit vervolgens betekent voor de middelen die daarvoor beschikbaar waren gesteld.

Vloeien deze middelen terug naar de algemene middelen, of wordt de uitvoering ervan doorgeschoven naar volgende jaren? Wat betekent dit voor de begroting van volgende jaren? Wordt hiervoor een reserve, dan wel een voorziening aangelegd, of wordt van verdere uitvoering hiervan afgezien? De werkgroep is van mening dat de huidige stukken op dat gebied niet helder zijn en vraagt hiervoor aandacht voor de jaarstukken voor komende jaren. 4. Tot slot De werkgroep jaarrekening betreurt het dat zij niet voldoende in staat is geweest om een inhoudelijk advies te geven over de jaarstukken. Deze rapportage is daardoor voornamelijk gericht op het proces, maar wel met het doel dat hierover het gesprek wordt gevoerd. De werkgroep is van mening dat er op korte termijn goede procesafspraken moeten worden gemaakt tussen de raad, het college en de (nieuwe) accountant voor de volgende jaarrekeningcontrole. Dergelijke problemen moeten voor de toekomst worden voorkomen. De raad ontvangt deze rapportage van de werkgroep jaarrekening gelijktijdig met de definitieve jaarstukken van het college. Het is nu aan de raad (en de individuele fracties) zelf om zich een goed beeld te vormen van de financiële positie van Rheden en of het college de beoogde resultaten -op basis van de doelstellingen in de begroting- heeft behaald.

De geactualiseerde adviezen (paragraaf 2) en de algemene bevindingen (paragraaf 3) van de werkgroep kunnen daarbij worden betrokken, evenals de antwoorden op de vragen die reeds door de werkgroep jaarrekening over de concept stukken zijn gesteld. De werkgroep is benieuwd naar de reactie van het college op deze rapportage, de bevindingen van de accountant op de jaarrekeningcontrole en de resultaten van de beraadslaging over de stukken die aan de raad zijn voorgelegd. Zij vertrouwt erop dat een situatie als deze zich beperkt tot dit jaar en dat de werkgroep jaarrekening, met goede procesafspraken, vanaf volgend jaar weer in staat wordt gesteld om een gedegen advies te geven over de jaarstukken.

pagina

8

ons kenmerk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=b3de3f98-f377-45a0-b395-d67ad64a3f36