Amendement VPR-VredeVoorDieren - Afschaffen hondenbelasting - stapsgewijs en met vlak tarief
Tekst van het document
Amendement Afschaffen Hondenbelasting: stapsgewijs en met vlak tarief De raad van de gemeente Rheden, in vergadering bijeen ter behandeling van de Programmabegroting 2026–2029, Constaterende dat: 1. Rheden nog hondenbelasting heft en daarbij een progressief tarief toepast (tweede en derde hond duurder dan de eerste); 2. het college aangeeft dat 1 januari 2027 de eerst haalbare datum is voor afschaffing; 3. de belasting historisch bedoeld was om zwerfhonden en hondsdolheid te beperken, maar tegenwoordig feitelijk functioneert als algemene inkomstenbron; 4. de discussienota van 22 oktober 2025 zelf stelt dat de maatschappelijke legitimiteit van de hondenbelasting onder druk staat; 5. uit meerdere bronnen blijkt dat hondenbelasting geen aantoonbaar effect heeft op vermindering van overlast; 6. het ‘kostendekkende’ tarief niet transparant is onderbouwd en de bestemmingslogica ontbreekt; 7. uit beantwoording van raadsvragen (S23/164 en S23/158) blijkt dat circa €35.000 van de uitvoeringskosten direct vervalt bij afschaffing; 8. de overige kosten (onderhoud bakken, losloopgebieden, zakdispensers) reeds onderdeel zijn van regulier beheer openbare ruimte; 9.
De verordening hondenbelasting stelt dat " Het belastbare feit is: Onder de naam ‘hondenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor het houden van een hond binnen de gemeente; Overwegende dat: a) de redenen voor het heffen van hondenbelasting in de huidige tijd niet meer relevant zijn; b) een belasting zonder aantoonbare tegenprestatie of doelbinding spanning oplevert met een evenwichtige gemeenschappelijke lastenverdeling; c) hondenbezitters belasting betalen terwijl voor andere huisdieren, zoals katten, paarden of duiven geen belasting wordt geheven. Dit wordt ervaren als d) ongelijke behandeling e) de onderbouwing en rechtvaardiging van de ‘kostendekkendheid’ en het progressieve tarief onvoldoende transparant is en het college daarmee aangeeft geen verantwoording te kunnen afleggen. f) Uit de constateringen blijkt dat de hondenbelasting daardoor geen kostendekkend instrument is, maar feitelijk een algemene inkomstenbron
Pagina 1 van 2
g) Heffing, handhaving, inning en bezwaarprocedure relatief duur zijn, terwijl deze capaciteit effectiever kan worden ingezet voor handhaving op opruimplicht en openbare-ruimtebeheer; h) het toepassen van een progressief staffeltarief gebruikt wordt ter beïnvloeding en ontmoediging van het aantal honden en daarmee de persoonlijke (keuze)vrijheid van mensen aantast. i) honden een belangrijke rol hebben in het leven van veel mensen. Denk aan de bestrijding van eenzaamheid, het bevorderen van de psychische en de lichamelijke gezondheid en het versterken van de sociale cohesie via het aangaan en onderhouden van menselijke contacten. Het heffen van hondenbelasting heeft daarin een negatief effect; j) vergelijkbare gemeenten die de heffing hebben afgeschaft geen toename van overlast rapporteren; k) een vlak tarief in 2026 en afschaffing in 2030 recht doet aan uitvoerbaarheid en draagvlak; Besluit de Programmabegroting 2026–2029 te wijzigen als volgt: 1. Paragraaf A. Lokale heffingen → subkop ‘Hondenbelasting’ (pagina 75): Huidige tekst: “Vanaf 1 januari 2023 zijn de tarieven van de hondenbelasting kostendekkend om de uitgaven gerelateerd aan hondenbezit te kunnen betalen. De tarieven voor 2026 zijn met 2,7% geïndexeerd.” Te vervangen door: “De hondenbelasting wordt per 1 januari 2026 met één vlak tarief per hond geheven.
Dat tarief wordt ingaande 1 januari 2026 in stappen van minimaal 25% per jaar afgebouwd zodat deze uiterlijk per 1 januari 2030 volledig is afgeschaft” Dekkingsvoorstel1: a) Structurele besparing uitvoeringskosten hondenbelasting (administratie, aanslaglegging, inning, bezwaar en controle): €25.000 per jaar; vermindering inzet BOA’s specifiek voor heffing en controle: €10.000 per jaar. Totaal €35.000 per jaar) b) Aanvullende herschikking binnen beheerbudget openbare ruimte: €40.000 per jaar. c) Verhoging van andere algemene heffingen2 naar inzicht van het college en door herschikking van de begroting van dat jaar. Fractie Vrede voor Dieren, Rosanna Huertas Mulckhuyse Fractie Volkspartij Politiek Rheden, Theo Kooijmans 1 Deze variant borgt structurele dekking van 140.000 zonder negatieve effecten op
de begrotingsruimte 2 bijvoorbeeld afvalstoffenheffing
Pagina 2 van 2