2431V Raadsvoorstel Koers voor de Omgevingsvisie (24.31)
Tekst van het document
24.31
Raadsvoorstel portefeuillehouder
begrotingsprogramma
draagt bij aan Global Goal(s)
Paul Hofman
2 Leefomgeving
1 Geen armoede 2 Geen honger 3 Goede gezondheid en Welzijn 6 Schoon water en sanitair 7 Betaalbare en duurzame energie 8 Eerlijk werk en economische groei 9 Industrie innovatie en infrastructuur 10 Ongelijkheid verminderen 11 Duurzame steden en gemeenschappen 12 Verantwoorde consumptie en productie 13 Klimaatactie 14 Leven in het water 15 Leven op het land 16 Vrede, veiligheid en sterke publieke diensten 17 Partnerschappen om doelstellingen te bereiken
b en w-vergadering
agendapunt
bijlage(n) ter inzage
8 mei 2024 rol raad
Koers voor de Omgevingsvisie + bijlagen 1 en 2 soort document
Ter besluitvorming voorbereidende vergadering
agendapunt
14 mei 2024 raadsvergadering
agendapunt
28 mei 2024 onderwerp
Koers voor de Omgevingsvisie INHOUD VOORSTEL De Koers voor de Omgevingsvisie vast te stellen met de daarbij behorende richtingen, onderzoeksvragen en sleutelprojecten. 1 Waartoe is het voorstel gedaan? Om richting te geven aan de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie, ligt deze Koers voor de Omgevingsvisie voor ter vaststelling. 2 Wat is de aanleiding? Volgens artikel 3.1 van de Omgevingswet stelt de gemeenteraad een Omgevingsvisie vast. De Koers voor de Omgevingsvisie is bedoeld om een eerste richting te geven aan de verdere uitwerking tot een Omgevingsvisie voor de gemeente Rheden. 3 Wat is het bestaand beleid c.q. kader? De Omgevingsvisie brengt alle beleid wat betrekking heeft op de fysieke leefomgeving strategisch bij elkaar. Het (bestaande) thematische beleid wordt daarmee integraal afgewogen. Het kan zijn dat met die integrale aanpak duidelijk wordt dat het thematische bestaande beleid botsend is. In de Omgevingsvisie zal daar duidelijkheid over moeten komen en kan het zijn dat thematisch beleid aangepast moet worden. pagina
1
ons kenmerk
24.31V
24.31
4 Wat willen wij bereiken? We willen richting krijgen voor de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie: wat vindt uw raad belangrijk en relevant voor de toekomst van de gemeente Rheden. 5 Wat gaan wij ervoor doen? Met de richtingen uit de Koers voor de Omgevingsvisie gaan we het proces om te komen tot een omgevingsvisie in. Hier hoort bij dat we een notitie reikwijdte en detailniveau gaan maken rondom de ambities, met elkaar gaan kijken hoe ver de visie uitgewerkt moet zijn en kijken naar de uitvoering van de visie. We vragen aan uw raad of u kunt instemmen met de volgende richtingen, nadere onderzoeksvragen en mogelijke sleutelprojecten: Hoofduitgangspunten 1. Samenwerking met partners en inwoners is noodzaak! Bij alle ontwikkelingen die we zien is het noodzakelijk alle belangen samen te brengen en een manier van werken te omarmen die ruimte geeft voor gezamenlijk gesprek. Samen zoeken naar de beste opties voor een specifieke plek. Ambities inbrengen in een integrale wijkaanpak of gebiedsaanpak waar ook ruimte is voor andere ambities. 2.
De kernwaarden zijn onze bril en geven een kader: de Rhedense blik. De consequenties van dit uitgangspunt leveren soms moeilijke keuzes op. De omgevingsvisie is een plek waar we elkaar vinden en de moeilijke gesprekken aangaan, nu en in de toekomst bij nieuwe opgaven of veranderde inzichten. Door onze kernwaarden moeten we afwegen welke ruimteclaims van de verschillende ambities waar komen te liggen.
3.
Voor monitoring van de kwaliteit van onze leefomgeving en voor het helpen maken van afwegingen sluiten we aan bij de Monitor Brede Welvaart. Hierin komen economie, sociaal domein en de omgeving bij elkaar. De monitor helpt ons om goed te kijken wat wel werkt en wat niet werkt om onze ambities te realiseren.
4.
We willen in het landelijke gebied geen nieuwe bebouwing voor stedelijke functies als wonen op plekken die nu nog groen zijn. Bestaande bebouwing mag wel gebruikt of herontwikkeld worden voor fucnties zoals wonenof kleinschalige recreatie, als dat past bij de omgeving en geen omgevingswaarden worden geschaad.
5. Woningbouw in de dorpen heeft een hele grote impact op de ruimte, tegelijk is het
een belangrijke stuwende kracht voor gebiedsontwikkeling en daarmee voor het realiseren van andere ambities. We willen kijken hoe we de footprint van nieuwe woningen zo klein mogelijk kunnen houden zodat er ook ruimte blijft voor andere ambities en we kiezen ook voor verdichting binnen de dorpen door woningsplitsing, functieverandering naar wonen of andere vernieuwende woonconcepten, zoals collectieve woonvormen.
6.
In de dorpen landen veel ruimteclaims die afgewogen moeten worden. In gezamenlijkheid moeten we dit afwegen: ambities combineren in een wijkaanpak, intensief met elkaar samen bekijken wat er in een wijk nodig is en kan. De integrale wijkaanpak als methode voor integraliteit en ruimte voor verschillende belangen.
7.
In het landelijk gebied hebben we vooral te maken met Natura 2000 gebieden, natuurorganisaties en landgoederen waar Europese, landelijke en provinciale regelgeving geldt. De bevoegdheid van de gemeente is in deze gebieden vooral vastleggen van de nodige regels in het omgevingsplan. In het tussengebied tussen
pagina
2
ons kenmerk
24.31V
24.31
de Natura 2000 gebieden en rondom de dorpen is het van belang verbindingen te zoeken met alle partners die hierin een verantwoordelijkheid of bevoegdheid hebben. Hoe we met de omgeving van de Natura 2000 gebieden omgaan kan invloed hebben op de realisatie van natuurdoelen in die gebieden zelf. Onderzoeksvragen Bij de verdere uitwerking zijn er in ieder geval een aantal onderdelen van het droombeeld die onderzoek nodig hebben. Kan uw raad zich vinden in deze onderzoeksvragen? 8.
Ontmoeting willen we in alle dorpen ruimte geven, voor zover mogelijk. Dat kan met een basisschool, dorpshuis of sportvoorziening. Voor de invulling hiervan zijn altijd ook andere partners nodig. We onderzoeken per dorp wat haalbaar is (bijvoorbeeld als we functies combineren).
9.
Wanneer is de draagkracht in een dorp groot genoeg voor publieke voorzieningen? En welke functies zijn dan in welk dorp nodig? Is daar een dorpshuis een antwoord op?
10. De omgevingswet is bedoeld om met elkaar duidelijkheid te krijgen over de effecten van ieders impact op de ander. “Een activiteit van de één verandert de bruikbaarheid, gezondheid of veiligheid van de fysieke leefomgeving voor een ander. Ook beïnvloedt een activiteit de waarde die de maatschappij aan onderdelen van de fysieke leefomgeving toekent. Daarbij komt vaak een belangentegenstelling aan het licht.” We moeten met onze partners, inwoners en bedrijven een intensieve samenwerking opbouwen die over eigenaarschap gaat en het gesprek organiseren over hoe we met elkaar samen leven. De vraag is hoe we dat vorm moeten geven, wat is de manier of methode die bij ons past.
11. Wat voor woningen bouwen we?
Uit de woonvisie: “Duurzaam wonen is ook levensloopbestendig wonen. Wij zijn een vergrijzende gemeente met relatief veel senioren, die goed moeten kunnen wonen en leven. Voor hen zetten we in op voldoende levensloopgeschikte woningen, zowel in de bestaande woningvoorraad als in de nieuwbouw. Om het aanbod voor jongeren en gezinnen te vergroten zetten we met name in op doorstroming van senioren. Dit brengt lange verhuisketens teweeg, waardoor er ook gezinswoningen en starterswoningen vrijkomen. Voor een goede sociale balans in onze wijken hebben we jongeren en (jonge) gezinnen namelijk hard nodig. Zo kunnen jong en oud omzien naar elkaar, en als gevolg daarvan is er meer sociaal economische kracht in de wijken. Tot slot bouwen we ook in Rheden honderden woningen bij om het woningtekort terug te dringen. Dit moeten dan wel woningen zijn die passen bij de vraag ofwel woningen van de juiste kwaliteit. Wij zetten in op betaalbare woningen zodat alle inwoners meer kansen krijgen. We kijken per wijk welke woningen toegevoegd moeten worden en vragen daarbij een hoge inzet op duurzaamheid.”
12. Het splitsen van woningen in kleinere eenheden, het transformeren panden naar woningen, het toestaan van wooncollectieven wordt vaak belemmerd door de verschillende beleidsambities en regels rondom het gebruik van die gebouwen. Toch vinden we het vanuit duurzaamheid en goed ruimtegebruik wenselijk het splitsen en transformeren juist mogelijk te maken. Hoe kunnen we het anders gebruik van bestaande panden beter faciliteren binnen onze eigen beleid en regelgeving? Hoe kunnen we leegstaande panden hierin gebruiken?
pagina
3
ons kenmerk
24.31V
24.31
13. In Rheden staan een aantal panden langdurig leeg of worden slechts beperkt gebruikt.
Deze panden hebben vaak een negatieve uitstraling op de omgeving en kunnen overlast en zelf criminaliteit aantrekken. Soms worden deze panden (tijdelijk) gebruikt voor het huisvesten van arbeidsmigranten. Het oplossen van deze langdurige leegstand vraagt maatwerk, waardoor het vaak nodig is buiten de bestaande beleidsmatige kaders te denken en handelen. We willen onderzoeken of een programmatische aanpak bij een aantal langdurig leegstaande panden in onze dorpen of buitengebied.
14. We onderzoeken waar we in Rheden hoger kunnen bouwen. Waar kan dit wel of is dit juist niet wenselijk? En aan welke criteria moet deze hogere bebouwing dan voldoen?
15. De locaties rondom de stations zijn interessant om te onderzoeken voor een breed scala aan ambities. Belangrijk is te kijken of en hoe functies rondom de stations een toegevoegde waarde hebben, maar ook of er vanuit gezondheid belemmeringen liggen zoals geluid, trillingen of externe veiligheid. 16. Het klimaat verandert met daardoor meer extreme regen, droogte en hitte. Hoe kunnen we onze leefomgeving, zowel binnen de dorpen als in het buitengebied, beter inrichten op deze extremen? Welke plekken verdienen daarbij prioriteit? 17. Een decentraal en duurzaam energie- en warmtesysteem vraag ook ruimte, zowel boven als ondergronds. Momenteel werken we aan een energievisie. Welke ruimtelijk vraag komt hieruit naar voren en hoe kunnen we hier ruimte voor reserveren boven en onder de grond? 18. Voor mobiliteit gaan we uit van het STOMP-principe: Op basis van voorkeur eerst Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobility as a service en tot slot Privéauto. Dit principe werken we verder uit. Wat is nodig om de grotere dorpen met meer voorzieningen en openbaar vervoer te verbinden met de kleinere dorpen die minder voorzieningen en openbaar vervoer beschikbaar hebben? 19. De landbouw is een belangrijk drager van ons landelijke gebied.
Middels verkenningen en gesprekken is duidelijk dat de landbouw in Rheden intrinsiek gemotiveerd is om zich te ontwikkelen tot een circulaire landbouw, zodat landbouw in onze gemeente toekomstbestendig is. De gemeentelijke invloed is beperkt. Hoe kunnen we wel de stappen van onze agrariërs naar een circulaire landbouw faciliteren? 20. De visie op Recreatie en Toerisme gaat uit van een betere balans tussen recreatie en natuur, een breder aanbod voor toeristen, balans tussen economische lusten en lasten, het benadrukken van de veelzijdigheid van onze gemeente en het aanbieden van meer verschillende routes voor recreanten. Wat kunnen we ruimtelijk doen hierin? Sleutelprojecten 21. We willen de werkwijze met zogenaamde sleutelprojecten onderzoeken. Dit zijn ruimtelijke ontwikkelingen die meerdere grote opgaven raken en waar niet op voorhand één opgave dominant is. Bij deze ontwikkelingen zien we zowel fysieke vraagstukken als ook sociale vraagstukken. Dit kunnen ruimtelijke ontwikkelingen zijn in een specifiek gebied, maar ook in het hele gebied rondom bepaalde knelpunten.
pagina
4
ons kenmerk
24.31V
24.31
Het idee is dat deze sleutelprojecten een inspanning over de komende 15 jaar vragen. Voor deze sleutelprojecten willen we onderzoeken of het nieuwe
publiekrechtelijke instrument van een omgevingsprogramma een geschikte middel is om regie te kunnen nemen voor een aantal ontwikkelingen: • •
De inzet van een integrale wijkaanpak, zoals deze ook in Dieren-Stenfert is gestart, in een aantal andere wijken in onze gemeente. De transformatie van Haveland tbv het combineren van verschillende ambities.
6 Wat zijn de financiële consequenties? Voor de uiteindelijke Omgevingsvisie is nog 90.000 euro beschikbaar, exclusief de Milieueffectrapportage (artikel 16.34 Omgevingswet), waar nog een extra bedrag voor moet worden geraamd. 7 Wat zijn de risico’s? De Koers voor de Omgevingsvisie is zonder risico’s vast te stellen. Het betreft een droombeeld van de toekomst van de gemeente, waarmee de Omgevingsvisie richting wordt gegeven. De Omgevingsvisie zelf is alleen bindend voor de gemeente zelf. De risico’s rondom het vaststellen van de Omgevingsvisie bespreken we in een later stadium omdat dit afhankelijk is van het schaalniveau en het detailniveau van de Omgevingsvisie. 8 Wat is het draagvlak voor dit voorstel? De inhoud van de Koers voor de Omgevingsvisie is opgehaald bij de interne organisatie, stakeholders (partners), in verschillende oriënterende raadsvergaderingen en dorpsgesprekken. 9 Hoe en met wie wordt er gecommuniceerd? Wanneer de Koers is vastgesteld wordt deze gedeeld met de inwoners van Rheden en met de stakeholders. Daarmee wordt tegelijk de uitnodiging gedaan om in het vervolgtraject naar de Omgevingsvisie toe mee te blijven denken. 10 Wordt er een evaluatie uitgevoerd? Niet rondom deze Koers. Velp, 08 mei 2024 Burgemeester en wethouders van Rheden,
Carol van Eert, burgemeester.
Bart Drewes, secretaris.
pagina
5
ons kenmerk
24.31V