2346 Jaarstukken 2022 - Aangepast 30-6-2023.pdf
Tekst van het document
Welke doelen zijn gerealiseerd? Tabel: gerealiseerde doelen Nr. 1 (B) 1 (R) 2 (B) 2 (R)
3 (B) 3 (R)
4 (B) 4 (R)
5 (B) 5 (R)
Doel Doel 1: Gelijke behandeling (o.a. Global Goal 5) Doel 2: Het veiligheidsgevoel blijft in 2023 minimaal gelijk met het gevoel in 2019 (Global Goal 16). In 2023 wordt er een nieuwe veiligheidsmonitor uitgezet waardoor deze doelstelling vooralsnog niet kan worden gerealiseerd. In 2022 is wel een kleine enquête uitgezet onder inwoners omtrent hun veiligheidsgevoel. Het veiligheidsgevoel in de hele gemeente Rheden werd beoordeeld met een 7,6. In 2019 was dit een 7,4. Doel 3: De dienstverlening van de gemeente zet de inwoner centraal (Global Goal 16). Het programma Rheden Digitaal is gestart. Veel producten en diensten van de gemeente worden de komende jaren gedigitaliseerd. Inwoners kunnen daardoor plaats en tijd onafhankelijk hun diensten van de gemeente afnemen. Naast de digitale dienstverlening blijft ook de fysieke dienstverlening (telefoon, balie, receptie) ten dienste staan van de inwoners. Doel 4: Het helpen van klanten gebeurt effectief en efficiënt (Global Goal 16) We verzamelen data en gebruiken historische gegevens om onze balies en centrale telefonie zo efficiënt mogelijk in te richten. Ook zijn er werkprocessen ingericht voor klantvragen via contactformulieren en social media Tenslotte draagt de digitalisering draagt bij aan een betaalbare dienstverlening. Doel 5: Heldere, eenduidige en toegankelijke communicatie (Global Goal 16)
70
6 (B) 6 (R)
7 (B) 7 (R)
Doel 6: Wij realiseren de inhoudelijke opgave voor 2022 voor de Groene Metropoolvisie zoals deze door de Raad wordt vastgesteld (Global Goal 17). Conform de door de Raad vastgestelde Regionale Agenda 2022 en verder en de 5 opgave-overeenkomsten zijn op de verschillende opgaves vorderingen geboekt. Deze zijn frequent gecommuniceerd via platforms, nieuwsbrieven, kwartaalrapportages en het jaarverslag. Op verzoek van de Rhedense Gemeenteraad is eind 2022 een memo opgesteld met een beknopte inventarisatie van voordelen voor de gemeente Rheden (Memo “What’s in it for us”). Belangrijke resultaten van de GMR zijn: • een vernieuwd Bestuursakkoord tussen GMR, The Economic Board (TEB) en de provincie Gelderland (incl Investeringsagenda), • de vaststelling van de nieuwe woondeal 2.0 en de toewijzing van Woningbouw-Impuls-Gelden, • de vaststelling van het Verstedelijkingsakkoord GMRAN-FV met het Rijk (in het zogenaamde BO MIRT; € 100 miljoen extra voor de GMR en een Rijksbijdrage aan de RegioExpres). Doel 7: Vanuit visie op partnerships creëren van een georganiseerde samenwerking (Global Goal 17). In 2022 is op verschillende beleidsterreinen een verdere invulling gegeven aan ons streven naar samenwerking in lokale en regionale partnerships. Op regionaal niveau uit dit zich o.a.
in (a) een intensivering van de samenwerking binnen de GMR, (b) het Bestuursakkoord tussen GMR, The Economic Board en de Provincie Gelderland en (c) de samenwerking tussen GMR en Foodvalley. In onze regio kampen veel kleinere gemeenten met vraagstukken inzake de gemeentelijke bestuurs- en organisatiekracht. Tegen deze achtergrond is in 2022 o.a. gestart met de professionalisering van de samenwerking met Rozendaal en de voorbereiding van een verkenning voor een nauwere samenwerking met Doesburg. Lokale tripple-helix-samenwerkingen met het Onderwijs, Ondernemers en Overheid zijn in 2022 gecontinueerd.
8 (B) 8 (R)
Steeds meer interventies worden gerealiseerd in nauwe samenwerking met maatschappelijke partners. Een voorbeeld is de “Integrale Wijk-aanpak Stenfert” waarbij vanuit inwoners en samen met lokale en bovenlokale maatschappelijke partners een impuls wordt gegeven aan een krachtige, samenredzame wijk. Doel 8: Leren van best practices en het delen van best practices Global Goal 18)
Welke resultaten zijn in 2022 gerealiseerd? Tabel: resultaten Nr. Resultaat Doel 1: Gelijke behandeling (o.a. Global Goal 5) 1 (B) Door de Corona-epidemie nog openstaande acties van het in 2020 opgestelde Regenboogplan worden gerealiseerd. 1 (R) Doel 2: Het veiligheidsgevoel in 2023 minimaal gelijk blijft met het gevoel in 2019 1 (B) 1x per jaar een zichtbare actie van politie en boa's om in gesprek te gaan met inwoners.
71
1 (R)
2 (B) 2 (R)
3 (B) 3 (R)
4 (B) 4 (R)
5 (B) 5 (R)
6 (B) 6 (R)
In 2022 heeft het Mobile Media Lab (MML) van de politie op een centrale plek in de gemeente gestaan met als doel in gesprek te gaan met inwoners en daarbij specifiek voorlichting te geven over cybercrime. Daarnaast zijn in Velp en Dieren spreekuren opgestart, zodat politie en BOA’s meer in gesprek komen met inwoners. Naar aanleiding van de brand aan de Willemstraat in Velp is met de 'ik buurt mee container' in de wijk met bewoners gesproken en advies gegeven over brandveiligheid. Hierbij waren politie, BOA's, brandweer en de toezichthouders betrokken. Jaarlijks worden 2 casussen die in het Veiligheidshuis zijn besproken (op gebied van jeugd en personen met verward gedrag) geëvalueerd. Dit is niet gedaan in 2022 in samenwerking met het veiligheidshuis, omdat hier geen aanleiding voor was. Het jaarverslag met de resultaten van het veiligheidshuis volgt later dit jaar en wordt altijd bestuurlijk besproken. Op minimaal 5 basisscholen is ondermijnende criminaliteit besproken (bv. Hackshield). Door zowel Hackshield als #Leerlingalert zijn in 2022 minimaal 5 scholen bereikt op het gebied van ondermijnende criminaliteit. Hackshield is een cybersecurity game voor kinderen tussen de 8 en 12 jaar. Drie verschillende scholen zijn uitgenodigd om in de Mobile Media Lab een uitleg te krijgen over cybercrime en daarnaast als tweede activiteit in de Bibliotheek kennis te maken met Hackshield.
Door Leerlingalert worden wekelijks scholen bezocht in de regio om in gesprek te gaan over ondermijnende criminaliteit onder jongeren. We voeren 2 integrale controles per jaar uit op het gebied van ondermijning. In 2022 is project Theseus gestart bij Bedrijventerrein De Beemd. Hierbij zijn in het begin van het jaar twee integrale controles gehouden ten behoeve van bewustwording gericht op ondermijning en de gevolgen daarvan voor ondernemers en om onbekende locaties inzichtelijk te maken. Vervolgens is aan het einde van het jaar nog een hercontrole gehouden op locaties om te controleren of overtredingen waren beëindigd en om de laatste onbekende locaties inzichtelijk te krijgen. De huidige panden waar arbeidsmigranten verblijven worden minimaal 1x jaarlijks integraal gecontroleerd. Dit jaar zijn de bekende arbeidsmigrantenlocaties niet integraal gecontroleerd. Door de gevolgen van corona en het ontstaan van een crisis op het gebied van vluchtelingenopvang is dit niet gelukt. Wel zijn van de bekende locaties, die gebruikt worden voor het verblijf van arbeidsmigranten, er inmiddels drie verandert in gebruik. Daar is geen sprake meer van verblijf door arbeidsmigranten. Dit heeft te maken met het in gebruik nemen van een locatie in Velp voor asielzoekers in samenwerking met het COA. Een brand in Velp heeft de sloop van een locatie veroorzaakt.
Een locatie in De Steeg is ingezet voor crisis noodopvang. De overige locaties worden in 2023 weer gecontroleerd. We stellen een nieuw integraal veiligheidsbeleid op voor 2023-2026 dat gelijkt loopt met de veiligheidsstrategie politie. Het integraal veiligheidsbeleid 2023-2026 is in 2022 voorbereid en in januari 2023 vastgesteld. De politie heeft besloten om haar veiligheidsstrategie met een jaar te verlengen en de integraal veiligheidsplannen als input te gebruiken voor hun nieuwe strategie.
Doel 3: De dienstverlening van de gemeente zet de inwoner centraal 1 (B) 1. Dienstverlening is primair gericht op het verlenen van service aan de inwoners en klanten. Daarvoor realiseren wij de ambities in het implementatieplan voor 2022 van de Herijking Dienstverleningsvisie 2020. 1 (R) Centraal in het implementatieplan van de Herijking Dienstverleningsvisie 2020 staan de vele honderden gemeentelijke producten en diensten en hun digitale volwassenheid. In 2022 kregen alle producten en diensten afzonderlijk een score 72
op de digitale ladder. Daarmee hebben we een diagnose in hoeverre onze dienstverlening is gedigitaliseerd. Op basis hiervan wordt in 2023 een ontwikkelplan met prioriteiten opgesteld. Daarnaast blijft het directe klantcontact onverminderd belangrijk. We zien een groeiende groep Nederlanders die moeite heeft met zowel de taal als de verdergaande digitalisering. Voor hen is het belangrijk dat er locaties en balies zijn waar men terecht kan met vragen en voor hulp en ondersteuning. Ook de vraag naar telefonische dienstverlening blijft nagenoeg gelijk in relatie tot voorgaande jaren. Tegelijkertijd zien we bij zelfredzame inwoners een groeiende behoefte om zaken bij voorkeur digitaal af te handelen. De digitale aanvraag rijbewijzen is hiervan een mooi voorbeeld. Sinds oktober 2022 kunnen inwoners hun rijbewijs digitaal verlengen. Het afhalen gebeurt aan de balie, zonder afspraak. Doel 4: Het helpen van klanten gebeurt effectief en efficiënt 1 (B) Wij werken aan een goede balans tussen klantgerichtheid en betaalbaarheid. Daarvoor realiseren wij de ambities in het implementatieplan voor 2022 van de Herijking Dienstverleningsvisie 2020. 1 (R) Rheden volgt een tweesporenbeleid. Eén spoor is gericht op de inventarisatie van verbetermogelijkheden per team, het andere spoor richt zich op een diagnose op de volwassenheid van de digitale dienstverlening.
Inmiddels heeft veranderende wet- en regelgeving de urgentie van digitalisering enorm verhoogd. Per 1-1-2024 is namelijk de Wet Modernisering Elektronisch Verkeer (WMEBV) van kracht. In 2022 heeft een eerste pilot plaatsgevonden: de digitalisering van de aanvraag van de verlenging van het rijbewijs. Daarnaast is een monitor ontwikkeld voor de huidige status van digitalisering. Op dit moment wordt in het kader van het door de Raad goedgekeurde programma Digitaal Rheden een inventarisatie gemaakt per team van de consequenties van digitalisering. Daarin wordt tevens spoor 1 meegenomen: wat gaat goed, wat kan beter. De impact per team is inmiddels globaal in beeld gebracht. Na besluitvorming in het DT gaat het project Digitale dienstverlening van start. Dit project betreft het verder digitaliseren van alle ongeveer 400 producten van de gemeente, inclusief een kwaliteitsslag voor de interne processen. Gelukkig is de gemeente Rheden al op een aantal punten gestart in de afgelopen jaren. Desalniettemin is dit een enorme opgave, mede vanwege de zorgplicht voor het begeleiden van inwoners, ondernemers en medewerkers in dit proces. Doel 5: Heldere, eenduidige en toegankelijke en communicatie 1 (B) Verdere uitrol en borging digitale toegankelijkheid (advies, onderzoek, ondersteuning en opleiding) gerealiseerd. 1 (R) Informatie ingewonnen bij andere gemeenten en evt.
samenwerking op digitale toegankelijkheid t.b.v plan van aanpak Digitale Toegankelijkheid (2023). 2 (B) Verbeteracties communicatie via website, social media en overige kanalen gerealiseerd. 2 (R) Verbeteringen aangebracht op website, social media posts en intranet. 3 (B) Profilering op relevante thema’s (in media) maandelijks gerealiseerd. 3 (R) Wekelijkse media-aandacht n.a.v. persberichten en persgesprekken. Proactieve advisering over profilering op speerpunten. 4 (B) Professionalisering en verhogen taakvolwassenheid medewerkers op het gebied van communicatie en participatie door coaching, training en beschikbaar stellen tools en communicatiemiddelen. Actieplan met acties en resultaten gerealiseerd. 4 (R) Dit project heeft niet plaatsgevonden vanwege beperkte capaciteit, verzuim en beperkt beschikbare inhuur.
73
5 (B) 5 (R) 6 (B) 6 (R) 7 (B) 7 (R) 8 (B) 8 (R)
Implementatie van nieuwe participatie-instrumenten (Burgerforum en participatieplatform) gerealiseerd. Burgerforum/Burgerberaad gerealiseerd. Start gemaakt met participatieplatform. 6. Communicatieplan omgevingswet gerealiseerd. Er ligt een communicatieplan op hoofdlijnen, maar dit dient nog verder ingevuld te worden. In 2023 wordt dit verder opgepakt. Communicatie- en participatieplan Klimaat (met acties en resultaten) gerealiseerd (waaronder een burgerforum). Communicatie- en participatieplan gerealiseerd. In 2023 volgen vervolgplannen voor onder meer de energietransitie. Actief inzetten op participatie en betrokkenheid in de top 3 buurten waar dat nu minder is m.b.v. ontwikkelmanagers. Communicatie is aangesloten bij WUP en Stenfert.
Doel 6: Wij realiseren de inhoudelijke opgave 2022 voor de Groene Metropoolvisie zoals deze door de Raad wordt vastgesteld 1 (B) Implementatie actieplan 2022 zoals in de Raad in november 2021 vastgesteld 1 (R) 2 (B) Voorbereiding en opmaak uitslagen gemeenteraadsverkiezingen 16 maart 2022 2 (R) De gemeenteraadsverkiezingen zijn succesvol verlopen. Wel ontstaat er steeds meer druk op de vrijwilligers en medewerkers, die direct aansluitend aan het stemmen de uitslagen moeten opmaken. Werkdagen van meer dan 16 uur aaneengesloten zijn geen uitzondering meer. Veel vrijwilligers dreigen hierdoor af te haken. Gemeente Rheden telde 35809 kiesgerechtigden, waarvan ruim 51% heeft gestemd. Het aantal geldige stemmen op kandidaten bedroeg 18373. 3 (B) De telefonische dienstverlening is qua inrichting en thuiswerkmogelijkheden geprofessionaliseerd. 3 (R) Het project 'nieuwe telefooncentrale' is in 2022 wederom uitgesteld. Het project beslaat nieuwe telefooncentrales en callcenter-applicaties voor de gemeenten Rheden, Renkum, Arnhem en BVO de Connectie. Naar verwachting vindt implementatie plaats in 2023. Doel 7: Vanuit visie op partnerships creëren van een georganiseerde samenwerking 1 (B) Wij stellen een visie op partnerships op en de wijze waarop wij daar organisatorisch invulling aan geven. Deze wordt door het College vastgesteld. 1 (R) Uitgesteld naar 2023.
Mede ivm initiatief gemeenteraad inzake samenwerkingsverbanden (oriënterende vergadering). Doel 8: leren van best practices en het delen van best practices Global Goal 18) 1 (B) Wij verzamelen actief ‘best practices’ in het land te behoeve van onze eigen opgaven in de gemeente. 1 (R) 2 (B) Wij delen onze eigen ‘best practices’ (bijvoorbeeld op het gebied van de Global Goals en Erfgoed) met andere organisaties, zoals VNG, provincie en gemeenten. 2 (R)
74
Welke context speelde er? Veilige samenleving In 2022 hebben we nog veel te maken gehad met de impact van Covid-19 op de werkzaamheden voor veiligheid. Aan het begin van 2022 zaten we nog in lockdown en is er nog veel ingezet op het corona toegangsbewijs in de gemeente. Hoe snel Covid-19 vervolgens uit het straatbeeld verdween qua maatregelen die van kracht waren hoe lang heeft het geduurd voordat de maatschappij weer het durfde om van alles weer te organiseren. Nu pas in 2023 zie je dat we qua evenementen weer terug zijn op niveau voor Covid-19 en we in feite weer aan het ‘inhalen’ zijn. Na Covid-19 diende de volgende crisis zich alweer in. De oorlog in Oekraïne heeft een hausse van vluchtelingen naar Europa gedreven en die vangen we ook in de gemeente Rheden. Op diverse plekken is met vereende krachten opvang gerealiseerd. Niet alleen voor vluchtelingen uit de Oekraïne, maar ook de zogenaamde crisis noodopvang in De Steeg en in Dieren voor vluchtelingen die niet geplaatst kunnen worden. Dit blijft doorgaan en heeft ook een groot effect in 2023 op de inzet vanuit veiligheid. Inhoudelijk zijn we in 2022 gestart met het nieuwe Integraal Veiligheidsbeleid dat inmiddels ook is vastgesteld. Er wordt gewerkt aan de uitvoering op het gebied van de gestelde prioriteiten zoals ondermijning, jeugd & veiligheid, zorg & veiligheid en digitale veiligheid (cybercrime).
Ondanks de naweeën van Covid-19 en de vluchtelingencrisis zijn we daarin geslaagd. De stap naar de inwoners/ bedrijven en het organiseren van activiteiten (bewustwording op veiligheid) is in 2022 in mindere mate van de grond gekomen en pakken we in 2023 weer verder op. Beleidsmatig zijn daar met het nieuwe veiligheidsbeleid en de aanpak op mensenhandel de eerste stappen al voorgezet.
Partnerschappen De kwaliteit van het bestuurlijk handelen is van belang voor een sterke en duurzame gemeente. Meer dan ooit leeft het besef dat gemeente en inwoners gelijkwaardige partners zijn. Om die reden omarmen we partnerschap en passen we onze bestuursstijl daarop aan. Daarbij hoort dat wij inwoners helderheid geven over onze veranderende rol. Wat mogen zij van ons verwachten, wat verwachten wij van hen en welke afspraken maken we samen? Die rol duidelijkheid is nodig om samen met onze partners vraagstukken op te lossen. Elk vraagstuk kent zijn eigen schaal om het op te lossen. Door in diverse samenwerkingsverbanden te opereren dragen wij bij aan oplossingen voor de uitdagingen waar onze inwoner zich voor gesteld ziet. We zijn voorstander van samenwerkingsverbanden op lokaal, regionaal, landelijk en mondiaal niveau. Ons credo is: “Samen met de samenleving”. Dat betekent ook samen met de andere overheden. De maatschappelijke dynamiek is groot en de maatschappelijke vraagstukken zijn complex. Gemeenten, regio’s, provincie en Rijk moeten adequaat samenwerking om de grote maatschappelijke opgaven adequaat op te lossen. In onze omgeving zien we een groot aantal kleinere gemeenten met problemen in hun bestuurskracht en/of organisatiekracht. Intensievere samenwerking tussen buurgemeenten lijkt onvermijdelijk.
Dienstverlening In 2022 is met name ingezet op het verder ontwikkelen van de digitale dienstverlening. De behoefte aan traditionele dienstverlening met fysieke locaties en telefonie blijft nagenoeg gelijk.
75
Communicatie De naweeën van Corona en de oorlog in Oekraïne zorgde in 2022 voor veel extra communicatiewerkzaamheden. Niet alle doelstellingen konden behaald worden.
Wat is de bijdrage aan de Sustainable Development Goals (SDG)? Taakveld(en) Bijdrage aan SDG* • 0.1 Bestuur 5-1, 5-2, 5-3, 5-4, 5-5, 5-6, 5-a, 5-b, 5-c, • 0.2 Burgerzaken 16-1, 16-2, 16-4, 16-6, 16-10 • 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 17-16, 17-17, 17-18, 17-19, 18. • 1.2 Openbare orde en veiligheid * Sustainable Development Goals, zie bijlage 8 voor een nadere toelichting
Verbonden partijen Voor het bereiken van de doelstellingen van het programma, in het bijzonder de beoogde maatschappelijke effecten, heeft de gemeente Rheden zich met een aantal partijen verbonden waarin zij een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Het gaat hier om de volgende organisaties: • Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM); • Stichting Veilig Thuis. In de paragraaf Verbonden Partijen geven we inzicht in de beleidsmatige en financiële betrokkenheid en de risico's van de gemeente in deze organisaties.
Wat heeft het gekost? Programma 5. Bestuur en Veiligheid Rekening
Primi- Gewijzigtieve de begrobegroting ting
Rekening
Saldo
(Bedragen x € 1.000) 2021
2022
2022
2022
2022
0.1 Bestuur
2.396
2.547
2.797
2.857
-60
0.2 Burgerzaken
1.655
1.638
1.773
1.844
-71
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
2.851
2.920
2.920
2.888
33
Lasten
1.2 Openbare orde en veiligheid subtotaal
1.367
858
881
1.146
-266
8.269
7.962
8.371
8.735
-364
Baten 0.1 Bestuur
18
30
30
411
381
0.2 Burgerzaken
547
585
585
619
34
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
10
6
6
12
6
1.2 Openbare orde en veiligheid
397
21
21
420
400
972
641
641
1.462
821
-7.296
-7.321
-7.730
-7.273
456
subtotaal Saldo van baten en lasten
76
Reserves Toevoeging
0
Onttrekking
0
Resultaat
-7.296
-7.321
-7.730
-7.273
456
Belangrijkste afwijkingen Ten opzichte van de gewijzigde begroting 2022 is het financieel effect van de mutaties in de jaarstukken 2022 per saldo € 0,5 miljoen voordelig. De belangrijkste mutaties kunnen als volgt worden toegelicht. 5. Bestuur en Veiligheid Taakveld (afwijkingen per taakveld => 50.000 saldo baten en lasten)
Bedrag in € 1.000
Inc. / Struct.
320
I/S
0.1 Bestuur Het resultaat op dit taakveld kent als belangrijkste oorzaken:
Hogere accountantskosten -52K. Er zijn nieuwe controle eisen. Daarnaast is een deel van het budget ingezet voor accountantscontrole 2021, uitgevoerd in 2022. Bij de 1e Berap 2023 zal een voorstel worden gedaan de programmabegroting te herzien. Pensioen- en wachtgeldvoorziening bestuur 411K. Als gevolg van een lagere rekenrente t.o.v. 2021 is de voorziening afgeraamd met €375K. Voor de berekening van het benodigd kapitaal voor de pensioenvoorziening baseren we ons op de berekeningen van onze pensioenuitvoerder Visma Idella. Voor wachtgeldverplichtingen is 36K uit de voorziening onttrokken. Overige afwijkingen, per saldo nadeel €39K. 0.2 Burgerzaken
-37
I
39
I
134
I
Geen toelichting vereist. 1.1 Crisisbeheersing en brandweer Dit betreft vooral het voordelig resultaat VGGM over 2021 ad 51K. 1.2 Openbare orde en veiligheid •
128k voordeel op niet begrote Boa opbrengsten
•
32k nadeel door dumping
•
38k voordeel door focus op Corona handhaving; dit veroorzaakt een onderuitputting op andere begrote handhavingstaken
0.10 Mutaties reserves
Totaal
0
456
77
6 Overhead en algemene dekkingsmiddelen Wat hebben we bereikt? Hiervoor verwijzen wij naar de paragraaf bedrijfsvoering.
Welke doelen zijn gerealiseerd? Voor de gerealiseerde doelen verwijzen we u graag door de naar de paragrafen B "Weerstandsvermogen en risicobeheersing" en E "Bedrijfsvoering".
Welke resultaten zijn in 2022 gerealiseerd? Voor de gerealiseerde resultaten verwijzen we u graag door de naar de paragrafen B "Weerstandsvermogen en risicobeheersing" en E "Bedrijfsvoering".
Verbonden partijen Voor het bereiken van de doelstellingen van het programma, in het bijzonder de beoogde maatschappelijke effecten, heeft de gemeente Rheden zich met een aantal partijen verbonden waarin zij een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Het gaat hier om de volgende organisaties: • Bedrijfsvoeringsorganisatie de Connectie • Gelders Archief • Bank Nederlandse Gemeenten • Alliander. In de paragraaf Verbonden Partijen geven we inzicht in de beleidsmatige en financiële betrokkenheid en de risico's van de gemeente in deze organisaties.
Wat heeft het gekost? Programma 6. Overhead en Algemene Dekkingsmiddelen Rekening
Primi- Gewijzigtieve de begrobegroting ting
Rekening
Saldo
(Bedragen x € 1.000) 2021
2022
2022
2022
2022
0.4 Overhead
18.654
15.576
17.269
18.923
-1.654
0.5 Treasury
73
488
488
47
440
0.61 OZB woningen
714
730
730
714
16
Lasten
0.62 OZB niet-woningen
0
0.63 Parkeerbelasting
0
0.64 Belastingen overig
0
0.7 Alg. uitk. e ov. uitk. gem.fonds
0
0.8 Overige baten en lasten
1.195
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)
808
419
-407 1
-1
17.602
18.906
19.278
-372
1 subtotaal
20.636
827
78
Baten 0.4 Overhead
1.023
187
33
611
578
0.5 Treasury
533
719
719
513
-205
0.61 OZB woningen
6.828
6.778
6.778
6.840
62
0.62 OZB niet-woningen
2.442
2.335
2.335
2.488
153
0.63 Parkeerbelasting
4
4
4
4
1
0.64 Belastingen overig
251
231
231
245
14
84.408
83.542
94.098
95.762
1.663
40
40
0.7 Alg. uitk. e ov. uitk. gem.fonds 0.8 Overige baten en lasten
430
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)
1 subtotaal
0
95.922
93.795
104.197
106.504
2.307
75.285
76.194
85.291
87.225
1.934
Toevoeging
132
0
1.634
1.945
-311
Onttrekking
205
3
3
103
100
75.358
76.197
83.661
85.384
1.723
Saldo van baten en lasten Reserves
Resultaat
Specificatie Algemene Dekkingsmiddelen Rekening
Begroting
Gewijzigde begroting
Rekening
2021
2022
2022
2022
Alg. uitkering gemeentefonds
84.408
83.542
94.098
95.762
Onroerend zaakbelasting
9.270
9.113
9.113
9.328
Hondenbelasting
251
231
231
245
Toeristenbelasting
172
274
274
383
Forensenbelasting
68
56
56
86
Dividend Alliander
40
49
49
37
Dividend BNG
338
469
469
426
overig dividend
0
0
0
0
Overige dekkingsmiddelen
114
61
-93
237
Totaal baten (per saldo)
94.661
93.795
104.197
106.504
(Bedragen x € 1.000)
Belangrijkste afwijkingen Ten opzichte van de gewijzigde begroting 2022 is het financieel effect van de mutaties in de jaarstukken 2022 per saldo € 1,7 miljoen voordelig. De belangrijkste mutaties kunnen als volgt worden toegelicht. 6. Overhead en Algemene Dekkingsmiddelen Taakveld (afwijkingen per taakveld => 50.000 saldo baten en lasten) 0.4 Overhead
Bedrag in € 1.000
Inc. / Struct.
-1.076
I
79
De overschrijding op dit taakveld is op te splitsen in een aantal componenten. Als belangrijkste posten zijn te noemen: Voorziening spaarverlof -128K. Vanaf 1 januari 2022 kunnen medewerkers vakantie-uren sparen. Deze vakantie-uren verjaren niet. Dit kan leiden tot verlofstuwmeren die bijvoorbeeld ingezet gaan worden om eerder met pensioen te gaan. Hiervoor dient op basis van nieuwe regelgeving een voorziening te worden gevormd. De totale dotatie aan de voorziening op basis van de opgebouwde verlofuren per 31-12-2022 bedraagt € 127.717. Deze voorziening wordt verder toegelicht bij het onderdeel Jaarrekening, Balans en toelichting, Beschrijving en toelichting voorzieningen. De Connectie: - 662K Het resultaat van -662K is als volgt te specificeren: Eenmalige CAO uitkering, en Loon- en prijsstijgingen CPB Advieskosten Inkoop en Aanbesteding Correctie op de kosten huisvesting Kostenverhogende BTW. Deze kosten worden niet begroot. Niet gerealiseerde taakstelling bij de Connectie Overige uitgaven
-387 - 62 238 -100 -244 -107
Salariskosten en teambudgetten -589K In de begroting 2023 hebben we de salarisbudgetten structureel bijgesteld, waardoor we in staat zijn invulling te geven aan de (nieuwe) opgaven waar we voor staan en om te transformeren naar een professionele toekomstbestendige organisatie. Ook over 2022 is (bij de winterrapportage) het salarisbudget bijgesteld, maar nog in onvoldoende mate. In het afgelopen jaar is door ziekteverzuim en openstaande vacatures in combinatie met krapte op de arbeidsmarkt sprake geweest van een hoge werkdruk. Dit heeft zijn weerslag gehad op onze organisatie, zowel formatief als financieel, en heeft geresulteerd in een overschrijding van het salarisbudget. De overschrijding in 2022 ad € 589K op salariskosten en teambudgetten is het resultaat van diverse posten die te maken hebben met salariskosten, inhuur, opleiding, salarisgerelateerde uitgaven en ontvangen vergoedingen voor salariskosten, zoals UWW en detacheringen. Deze ontvangsten zijn binnen dit taakveld geboekt, maar hebben voor een groot deel betrekking op andere programma's. In de tabel "formatie en bezetting per programma" paragraaf bedrijfsvoering is met deze verdeling rekening gehouden.
Het resultaat van -589K is als volgt te specificeren: resultaat salariskosten en inhuur CAO uitbetaling (424K gedekt uit voordeel taakveld 0.8) onderbesteding opleidingsbudgetten ontvangen vergoedingen salariskosten stelposten salarissen t.b.v. diverse programma's vergoeding thuiswerkplekken (zie mutaties reserves 0.10) overige uitgaven (dekking stelpost salarissen taakveld 0.8)
-577 -612 141 498 228 -70 -197
In de paragraaf Bedrijfsvoering worden de totale salariskosten toegelicht met de verschillen per programma (Personeel & Organisatie). Managementsupport -113K Betreft een overschrijding van kosten voor managementondersteuning. De kosten zijn opgenomen in de saldobevestiging 2022 van de Connectie. Bij de 2e Berap 2023, en de Kadernota 2024 zal een voorstel worden gedaan om de Programmabegroting te herzien.
80
ICT -103K De ICT kosten nemen toe (12%) evenals de afhankelijkheid van ICT. Een deel van de ICT kosten maken onderdeel uit van de bijdrage aan de Connectie, dit betreft het deel dat direct voor rekening van onze gemeente valt. In 2022 is er voor gekozen om de kosten nog niet op te hogen, in afwachting van de regionale informatiestrategie. In de Kadernota 2024 zal dit bedrag (voorlopig) worden meegenomen. Bij de 2e Berap 2023 zal er een beter beeld zijn van de structurele impact van deze ICT kosten en wordt een voorstel worden gedaan om de Programmabegroting definitief te herzien. Daarnaast zijn bij de programmabegroting 2022 incidentele middelen gevraagd voor het inrichten van een omgeving voor data gedreven werk. De inrichting bleek minder kostbaar dan verwacht, deze valt vrij in het resultaat. Gelders Archief -45K Als gevolg van de sloop van het gemeentehuis is in 2022 op basis van meerwerk (45K) het (deels) te vernietigen archief onder gebracht bij het Gelders Archief. Op basis van de prognose neemt het benodigde aantal strekkende meters de komende 4 jaar af (500m1). Bij de 1e Berap 2023, en de Kadernota 2024 zal een voorstel worden gedaan om de Programmabegroting te herzien en de kosten voor het archiveren van documenten te borgen. Facilitaire kosten gemeentehuis 268K Betreft een onderschrijding van € 268.000 op geraamde exploitatielasten van het gemeentehuis.
Conform het dekkingsplan realisatie nieuwe gemeentehuis (raadsbesluiten 27-9-2022 en 15-12-2020) worden o.a. de beschikbare budgetten voor exploitatielasten ingezet als dekkingsmiddel. De in 2022 niet bestede middelen worden toegevoegd aan de reserve gemeentehuis (zie hieronder bij taakveld 0.10). Communicatie 134K Het communicatiebudget laat een voordelig effect zien. De voornaamste redenen zijn dat projecten Communicatie en de CommunicatieToolkit die op het programma stonden in 2022, geen (of op een andere wijze) doorgang hebben gevonden. Daarnaast is het inhuren van een specialist voor Digitale toegankelijkheid in 2022 niet meer noodzakelijk geweest, in tegenstelling tot 2021. HRM 117K Onderschrijding van HRM budget komt voornamelijk voort uit uitvoeringskosten wet Poortwachter en externe juridische advieskosten zijn in 2022 lager uitgevallen dan begroot (60K). Daarnaast zijn we gestart met het opstellen van een nieuwe manier van werven en selecteren die beter aansluit bij de huidige arbeidsmarkt. De uitvoering van deze nieuwe aanpak vindt plaats in 2023 en verder. (57K). Om deze redenen is in 2022 niet het gehele budget nodig geweest. Overige afwijkingen, per saldo voordeel 45K 0.5 Treasury
235
Dit saldo bestaat uit meerdere posten, namelijk: Betaalde rente langlopende leningen 296K De langlopende leningen hebben rentepercentages die de afgelopen jaren laag waren of zelfs negatief, dit levert over 2022 een voordeel op. De recent afgesloten leningen laat al weer een oplopend rentepercentage zien, dus het voordeel op rente zal in 2023 naar verwachting een stuk lager zijn. Ontvangen rente langlopende leningen -195K
81
De eeuwig durende lening van Alliander, afgesloten in 1997, is in 2021 zonder overleg door Alliander terugbetaald en staat in afwachting van de uitkomst van een juridisch onderzoek naar de rechtmatigheid van deze terugbetaling op de balans als vooruit ontvangen bedragen. Over het boekjaar 2022 is geen rente ontvangen. Hierover is nog overleg tussen de gemeente Rheden en Alliander. Toegerekende rente 95K Door de rentestijgingen in 2022 is de omslagrente gestegen van 0,36% begroot naar 0,479% werkelijk. Hierdoor is de toegerekende rente hoger. Overig afwijkingen per saldo voordeel 39K 0.61 OZB woningen
78
Het voordelige effect op de OZB is met name het gevolg van een hogere WOZ waarde dan waarmee in de begroting 2022 rekening is gehouden, totaal 62K. Daarnaast is sprake van een voordeel op de uitvoeringslasten van 16K. 0.62 OZB niet-woningen
153
Het voordelige effect op de OZB is met name het gevolg van een hogere WOZ waarde dan waarmee in de begroting 2022 rekening is gehouden. 0.63 Parkeerbelasting
1
Geen nadere toelichting. 0.64 Belastingen overig
14
Geen nadere toelichting. 0.7 Alg. uitk. e ov. uitk. gem.fonds
1.663
I
Het saldo van de decembercirculaire gemeentefonds 2022 bedroeg 1.807K. Hiervan is 100K toegevoegd aan de reserve noodfonds energiearmoede, zoals voorgesteld in het raadsvoorstel "Ondersteunende maatregelen energiearmoede". De afrekening van vorige jaren bedroeg -47K. Overig verschil 3K. 0.8 Overige baten en lasten
867
In 2022 vond aan de medewerkers een nabetaling plaats van de CAO ontwikkeling 2021 (325K) en Corona-onkostenvergoeding 2021 (99K). De kosten zijn verantwoord in 2021, maar de werkelijke uitbetaling gebeurde in 2022. Het totale bedrag van 424K is in 2021 naar de balans geboekt en in 2022 ten gunste gebracht van de exploitatie voor de dekking van deze nabetaling. Dit leidt per saldo tot een nadeel van 188K (612K nadeel bij taakveld 0.4 en 424K voordeel bij taakveld 0.8). Binnen dit taakveld worden daarnaast diverse stelposten begroot. De (rest)saldi (359K) worden ingezet als dekking van uitgaven binnen andere programma's: 165K stelposten prijsstijging en autonome kostenontwikkeling 194K stelpost salarissen. Overig < 50K voordeel 84K (waarvan 40K begroot bedrag voor waterschapslasten. De werkelijke kosten zijn geboekt binnen de andere programma's). 0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)
-1
Geen nadere toelichting.
82
0.10 Mutaties reserves
-211
In het dekkingsplan nieuwe gemeentehuis is rekening gehouden met de inzet van middelen uit het exploitatiebudget facilitaire kosten gemeentehuis. Dit is gedeeltelijk gebeurd, er resteert nog € 311K aan in te zetten budget. Deze middelen worden in lijn met het dekkingsplan, toegevoegd aan de reserve gemeentehuis. Tegenover deze niet geraamde last staat een onderschrijding op taakveld 0.4 (zie hierboven). In de zomerrapportage 2021 was incidenteel budget toegekend, bedoeld voor de vergoeding van de inrichting van de thuiswerkplek. Niet alles werd in 2021 besteed. In de jaarrekening 2021 is dan ook 90K gereserveerd voor besteding in 2022. Daarvan is in 2022 70K besteed. Het bedrag wordt onttrokken uit deze reserve. Overige afwijkingen per saldo voordeel 30K Totaal
1.723
83
Paragrafen
84
Lokale Heffingen De lokale heffingen maken een substantieel deel uit van de inkomsten van een gemeente. Voor het heffen van belastingen en retributies is er sprake van een financiële noodzaak, aangezien het Rijk bij haar bepaling van de algemene uitkering uitgaat van de mogelijkheid om eigen inkomsten te genereren. Bij de tariefberekeningen houdt de gemeente rekening met de jaarlijkse inflatoire effecten. Voor de diverse lokale heffingen gelden wettelijke voorschriften, zo geldt voor retributies dat de opbrengsten maximaal 100 % van de kosten mogen bedragen. Voorbeelden van deze retributies zijn de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Voor overige lokale heffingen heeft de gemeente een grotere beleidsvrijheid in de bepaling van de tarieven.
Werkelijke opbrengsten uit lokale heffingen Onderstaande tabel geeft inzicht in de werkelijke opbrengsten uit lokale heffingen ten opzichte van de begroting (inclusief begrotingswijzigingen en kwijtscheldingen). 2022 begroting
2022 jaarrekening
Verschil
Mutatie(%)
Onroerende zaakbelastingen
9.101
9.322
221
2,4%
Afvalstoffenheffing/reinigingsrechten
4.369
4.283
-86
-2,0%
Rioolheffing
4.393
4.345
-48
-1,1%
Bouwleges
450
167
-283
-62,8%
Parkeerbelastingen
4
4
0
0%
Hondenbelasting
216
235
19
8,7%
Toeristenbelastingen
274
383
108
39,5%
Secretarieleges
399
399
0
0%
Begraafrechten
501
579
78
15,6%
Forensenbelasting
56
86
30
55,0%
Marktgelden
9
11
2
18,4%
121 19.893
255 20.069
134 176
110,8% 0,9%
Overige heffingen/leges Totaal
Ten opzichte van de begroting na wijziging vallen de opbrengsten uit lokale heffingen in 2022 € 176K hoger uit. De afwijkingen van € 50K of hoger worden hieronder nader toegelicht. Onroerende zaakbelastingen, € 221.000 voordeel Het voordelige effect op de OZB is met name het gevolg van een hogere WOZ waarde dan waarmee in de begroting 2022 rekening is gehouden. Meeropbrengst OZB bij niet-woningen bedraagt € 153K en bij woningen is dit € 62K. Daarnaast iets minder verleende kwijtschelding (€ 6K). Afvalstoffenheffing/reinigingsrechten, € 86.000 nadeel Minder opbrengsten € 59K en meer kosten kwijtscheldingen € 27K Bouwleges, € 283K nadeel In 2022 is er sprake van een minderopbrengst bouwleges van € 283K Toeristenbelasting, € 108K voordeel
85
In het jaar 2022 worden de opbrengsten van het jaar 2021 geboekt. Hier is ook een bedrag van het jaar 2020 van ruim 90K in meegenomen Begraafrechten, € 78K voordeel Op het product begraafplaatsen zijn in 2022 hogere legesopbrengsten gerealiseerd van totaal € 78K
Gehanteerde tarieven 2022 Onderstaand, de door de raad vastgestelde tarieven zoals deze in 2022 zijn gehanteerd. OZB uitgedrukt in percentage van onroerende zaak Woningen - eigenaar
0,1194%
Niet-woningen
- eigenaar
0,2444%
- gebruiker
0,1873%
Afvalstoffenheffing Basisbedrag
36,57
140 l container
200,80
180 l container
246,07
240 l container
313,39
Verzamelcontainer
200,80
Reinigingsrecht Tarief Kostendekkendheid afvalstoffenheffing en reinigingsrecht 7.3 Afval 0.4 Overhead 0.5 Rente 0.64 Belastingen overig 0.8 Overige baten en lasten 2.1 Verkeer en vervoer 6.3 Inkomensregelingen Btw compensatie Totale kosten Opbrengst heffingen Dekkingspercentage
228,98 Begroot in 2022
Werkelijk in 2022
3.476.142 82.053 2.300 108.612 -70.336 59.243 175.200 669.825
3.106.491 83.469 3.147 110.000 -70.336 60.000 202.068 688.073
4.503.038 4.503.602 100,00%
4.182.912 4.485.007 107,22 %
In 2022 is er positieve resultaat van € 302.095 op het product afval. Voorgesteld wordt om het bedrag mee te nemen als een resultaatbestemming.
86
Rioolheffing Eigenaar Gebruiker
Kostendekkendheid rioolheffing 7.2 Riolering 1.4 Overhead 0.5 Rente 0.64 Belastingen overig 2.1 Verkeer en vervoer 6.3 Inkomensregelingen Btw compensatie Totale kosten Opbrengst heffingen
70,89 < 300 m3
126,50
300-999 m3
357,94
1000-9999 m3
2.956,55
> 9999 m3
23.237,02 Begroot in 2022
Werkelijk in 2022
2.684.393 729.789 152.196 158.000 124.590 180.000 417.025
2.727.998 737.050 199.130 158.000 124.590 128.606 365.493
4.445.993 4.572.827
4.440.867 4.473.878
Dekkingspercentage 102,85% 100,74% In 2022 is het positieve resultaat van € 450.537 op het product riolering toegevoegd aan de voorziening onderhoud riolering. Toeristenbelasting Overnachtingen
2,03
Seizoenstandplaatsen
248,92
Jaarstandplaatsen
295,86
Forensenbelasting Basistarief
295,86
Opslag
1,15
Hondenbelasting 1e hond
64,92
2e hond
74,88
3e hond
84,60
4e hond
94,44
5e hond
104,04
Ontwikkeling lokale lastendruk De provincie Gelderland houdt de jaarlijkse ontwikkeling van de lokale lasten per gemeente bij. Op basis van deze cijfers kan een vergelijking gemaakt worden tussen de lokale lastendruk van naburige gemeenten. In onderstaande overzichten is - in bedrag per inwoner - de lastendruk 2022 van de gemeente Rheden weergegeven in vergelijking tot diverse Gelderse gemeenten. Tevens is de belastingdruk afgezet tegen het Provinciaal gemiddelde.
87
De gemeentelijke lasten zijn lager dan de lasten in bijna alle hieronder genoemde Gelderse gemeenten en ligt ruim onder het provinciale gemiddelde. OZB Gemeente
2021
afvalstoffenheffing
2022
2021
2022
rioolrechten
totale belastingdruk
2021
2021
2022
2022
Arnhem
342
341
109
121
106
105
557
567
Renkum
284
281
128
129
135
143
547
553
Bronckhorst
216
227
130
104
131
121
477
452
Zutphen
278
284
109
128
82
78
470
490
Lingewaard
266
271
100
103
103
104
469
478
Zevenaar
281
287
81
82
106
104
468
473
Brummen
277
290
71
74
120
124
468
488
Provinciaal gemiddelde
270
275
95
98
98
99
463
472
Doetinchem
230
232
131
143
103
104
464
479
Rozendaal
262
267
101
108
93
91
456
466
Duiven
251
255
99
100
99
111
449
466
Doesburg
194
201
137
139
102
107
433
447
Westervoort
207
224
109
105
106
107
422
436
Rheden
195
210
99
104
104
105
398
419
Overbetuwe
174
179
111
121
43
40
328
340
Bron: https://ftgelderland.databank.nl/ * De begrotingen van gemeenten dienen voor de provincie als basis voor de publicatie van bovenstaande cijfers. Door amendementen en begrotingsbijstellingen kunnen deze cijfers in enige mate afwijken.
Kwijtscheldingsbeleid Rheden kent de mogelijkheid tot kwijtschelding van belastingen. Hierbij hanteren we een grens van 100% van de uitkeringsnorm. Kwijtschelding is in 2022 mogelijk voor de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing (gedeeltelijk). Daarnaast ook voor de leges van een ID-kaart of voor hondenbelasting (gedeeltelijk) en begraven. In 2022 is in totaal voor een bedrag van € 341.521 aan kwijtschelding verleend. Dit bedrag is lager dan het begrote bedrag van € 378.682.
88
Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Om inzicht te krijgen hoe de gemeente Rheden er financieel voorstaat, is het van belang om inzicht te hebben in de financiële positie en de financiële weerbaarheid (welke mogelijkheden zijn er in financieel moeilijke tijden). Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre wij in staat zijn om mogelijke tegenvallers (de risico's) op te vangen zonder dat de uitvoering van het beleid en het voorzieningenniveau van onze inwoners in gevaar komt. Met behulp van financiële kengetallen die betrekking hebben op de balans en de begroting kan een beeld worden geschetst van onze financiële positie. De normen worden zoveel mogelijk aangesloten op de richtlijnen van de provinciaal toezichthouder. De kengetallen zijn bedoeld om in relatie tot elkaar te beschouwen. Een afzonderlijk kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie moet worden beoordeeld. Zo hoeft een hoge schuld geen nadelig effect te hebben op de financiële positie, maar is dat afhankelijk of en wat er aan eigen vermogen en baten tegenover die schuld staat en hoe groot de kans is dat de schuld weer wordt afgelost. Het is dus, met andere woorden, niet mogelijk om één individueel kengetal te gebruiken voor de beoordeling van de financiële positie.
Het weerstandsvermogen en de kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van onze financiële positie. Het risicoprofiel wordt bepaald en gepresenteerd aan de hand van de grootste financiële risico's.
Risicoprofiel Overzicht van de grootste risico's: Kans
Financieel gevolg
Invloed
Onderuitputting rijksuitgaven
50%
1.500.000
21%
b
Nieuwe systematiek gemeentefonds
75%
1.000.000
14%
2
Aanvullende bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen / verbonden partijen i.v.m. mogelijke negatieve exploitatie.
25%
1.000.000
14%
3
Kosten voor klimaatopgave
50%
600.000
8%
4
Standaard risico met betrekking tot de P-wet: 1. Hogere lasten dan begroot omdat het aantal uitkeringsgerechtigden minder hard daalt dan het landelijk gemiddelde. 2. Tegenvallende inkomsten van het Rijk.
50%
500.000
7%
5
Door nieuwe, vaak meer flexibele taken, is huidige personele inzet vaak niet voldoende. De huidige arbeidsmarkt maakt invulling van vacatures lastig.
75%
500.000
7%
6
Mogelijke hogere uitgaven voor jeugdzorg. De budgetten hiervoor zijn bijgesteld, maar de kans bestaat dat een nadere bijstelling nodig zal zijn.
50%
500.000
7%
7
Beheer openbare ruimte: mogelijke meerlasten als gevolg van prijsstijgingen bouwmaterialen en grondstoffen.
75%
250.000
3%
nr.
Risico
1
Uitkering uit het gemeentefonds:
a
89
8
Onderwijsinvesteringen (IHP)
75%
200.000
3%
9
Kosten implementatie Omgevingswet
25%
100.000
1%
10
Overige risico's
10%
1.000.000
14%
7.150.000
100%
Totaal risicoprofiel 2022
Toelichting op de kolommen De kolom “risico” bevat de omschrijvingen van het risico (gebeurtenis) die kan leiden tot een (nadelig) financieel gevolg. De waarschijnlijkheid dat de omschreven risico's zich daadwerkelijk voordoen wordt getoond in de kolom “kans”. Voor risico's die zich herhaaldelijk voor kunnen doen, geeft de kans een indicatie van de frequentie waarmee risico's zich voordoen. Deze indicatie van de frequentie van voordoen wordt in onderstaande tabel getoond: Omschrijving
Percentage
< 1 keer per 10 jaar
10%
1 keer per 5–10 jaar
30%
1 keer per 2-5 jaar
50%
1 keer per 1-2 jaar
70%
> 1 keer per jaar
90%
Via de kolom “financieel gevolg” wordt getoond wat de financiële gevolgen zijn van het zich voordoen van het risico. Dit is een inschatting van het maximale financiële effect van het betreffende risico. De kolom “invloed” geeft aan welk aandeel het betreffende risico heeft in het totaal van alle mogelijke financiële risico's. Zichtbaar is dat de top 5 risico's 71% uitmaken van alle mogelijke risico's. Voor deze paragraaf merken we het totaalbedrag aan als risicoprofiel. Ten opzichte van de begroting 2023 (laatste bijstelling) is de omvang van het risicoprofiel toegenomen van afgerond € 6,4 miljoen naar € 7,2 miljoen. Hieronder geven we een toelichting op de top 5 risico’s. 1a. Uitkering uit gemeentefonds: onderuitputting rijksuitgaven Het is verstandig om de hoge accressen (toename van het gemeentefonds) naar aanleiding van de mei- en septembercirculaire 2022 te matigen met een percentage voor onderuitputting. Er is namelijk sprake van een uitzonderlijk hoog accres en het is nog maar de vraag of het Rijk erin slaagt om de begrote uitgaven in de komende jaren te realiseren. In het kader van de ‘trap op, trap af’ – systematiek is dit een financieel risico. In de berekening van deze risicopost gaan we uit van 15% (is afgerond € 1,5 miljoen) op de berekende hogere algemene uitkering in 2023 (ongewijzigd t.o.v. begroting 2023).
Beheersmaatregel: Strak monitoren en waar mogelijk pro-actief acteren in onze eigen begroting door het maken van (beleids)keuzes. 1b. Uitkering uit gemeentefonds: nieuwe systematiek gemeentefonds Op basis van de huidige systematiek groeit het gemeentefonds mee met de rijksuitgaven. Vanaf 2026 is dit niet meer het geval. Het kabinet heeft in de Voorjaarsnota 2023 gezegd dat het gemeentefonds vanaf 2027 geïndexeerd wordt op basis van de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product (BBP). Deze aanpassing in systematiek geeft financiële onzekerheden en kan leiden tot een substantieel lagere uitkering uit het fonds. Over deze ontwikkeling is nog overleg gaande met de VNG. De VNG heeft een zorg uitgesproken over of de nieuwe systematiek de gemeenten de gewenste financiële zekerheid en stabiliteit zal geven. We zien voldoende aanleiding om hiervoor een risicopost van € 1 miljoen op te nemen.
90
Beheersmaatregel: Lobby richting het rijk via o.a. de VNG en (lokale) media 2. Aanvullende bijdragen gemeenschappelijke regelingen / verbonden partijen Bij deze inschatting is ook rekening houden met de risico-inventarisatie van De Connectie. De geïnventariseerde risico’s van DC tellen op tot een risicoscore van € 4.050.000. De Connectie heeft niet de beschikking over een (positieve) eigen algemene reserve waarmee algemene risico’s kunnen worden opvangen. Tot het moment dat er bij DC evenwicht is tussen weerstandscapaciteit en risicoprofiel, geldt dat wanneer risico’s zich voordoen waar geen weerstandcapaciteit tegenover staat, de gemeenten hiervoor moeten worden aangesproken. Dit betekent dat de gemeenten hiervoor, pro rata, weerstandscapaciteit moeten organiseren. Op basis van de huidige verdeelsleutel is het aandeel van Rheden 17%, dit komt neer op € 689k van bovengenoemde risicoscore. Voor de meeste overige GR-en en verbonden partijen zijn de afgelopen jaren weinig substantiële verhogingen van de gemeentelijke bijdragen aan de orde geweest. Voor alle GR-en en verbonden partijen schatten we een risico-bedrag van € 1.000k (ongewijzigd t.o.v. begroting 2023). Beheersmaatregel: Kritisch beoordelen van de begrotingen en uitgaven van de GR’n en nog sterker aandringen op verklaringen nut en noodzaak van de aanpassingen. Indien nodig afname van diensten aanpassen. 3.
Kosten voor klimaatopgave Bij programma Leefomgeving maken we melding van diverse werkzaamheden die nodig zijn voor borging van de klimaatopgave. Zie o.a. bij onderdeel 'Energie - en warmtetransitie'. Voor een structurele aanpak zijn op dit moment nog onvoldoende middelen beschikbaar. In afwachting van verdere uitwerking en informatie over mogelijke toekomstige rijksmiddelen, nemen we voor dit onderwerp een risicopost op van € 600k (ongewijzigd t.o.v. begroting 2023). Beheersmaatregel: Maken van andere / prioriteren / herfaseren van maatregelen en heroverweging tussen beleidsterreinen. 4. Participatiewet Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 (levensonderhoud startende ondernemers) en voor de inzet van loonkostensubsidie. De financiële bijstelling van de BUIG is budgetneutraal in de begroting 2023 verwerkt. Dat wil zeggen dat de lagere rijksbijdrage volledig is vertaald naar een verlaging van de uitkeringslasten. De mogelijkheid bestaat dat de uitstroom hierbij achterblijft en de uitkeringslasten toch hoger uitvallen. Het risicobedrag is bijgesteld van € 750k (begroting 2023) naar € 500k. Deze verlaging is gebaseerd op de meest recente afwijking op verstrekte uitkeringen (€ 362k taakveld 6.3 van voorliggende jaarstukken).
Beheersmaatregel: Monitoren, pro-actief acteren en indien nodig en mogelijk maken van nieuwe keuzes in de hoogte van de ondersteuning. 5. Personele inzet Onze organisatie is continu in ontwikkeling. Onderdeel hiervan is het optimaliseren van beleid(opgaven) en benodigd formatiebudget. Ziekteverzuim en openstaande vacatures in combinatie met de ‘krapte‘ op de arbeidsmarkt zorgen voor een hoge werkdruk. Dit heeft zijn weerslag op onze organisatie. Enerzijds formatief maar ook financieel. Vacatures en ziekteverzuim leiden tot (langere dure) inhuur en dus extra kosten. Het huidige ziekteverzuimbudget is niet toereikend voor de vervangende inhuur. Deze risico-inschatting is ongewijzigd t.o.v. de raming bij de Programmabegroting 2023. Beheersmaatregel: Daar waar het gaat om vast en cruciaal personeel, opties bekijken om
91
personeel in te huren. Indien onvoldoende budget keuzes maken in de uitvoering of in de prioriteitenstelling van werkzaamheden. Overige risico’s In deze inventarisatie is conform de begroting 2023 een stelpost van € 1 miljoen opgenomen voor diverse overige risico's. Bijvoorbeeld voor mogelijke rekeningtekorten, hogere energielasten en kostenstijgingen bij diverse projecten. Frauderisico's We hebben in deze paragraaf expliciet aandacht voor de preventie en inventarisatie van frauderisico's. Belangrijke beheersingsmaatregelen hierbij zijn de functiescheiding (met name in het proces voor betalingen) en het vier-ogenprincipe. Er heeft zich geen fraude voorgedaan in het boekjaar 2022. Frauderisico's worden niet benoemd in bovenstaande tabel. In 2024 wordt een nota risicomanagement opgeleverd waar frauderisico's expliciet onderdeel van uitmaakt. Hierin zal onder andere aandacht zijn voor het proces hoe de organisatie frauderisico's identificeert en bespreekt. Beheersmaatregelen Uit de beschrijving van de risico's kunt u opmaken dat diverse risico's grotendeels door ons niet te beïnvloeden zijn omdat ze buiten onze invloedssfeer liggen. Voor alle risico's geldt dat we sturen op die onderdelen waar we wel invloed op hebben (zgn. beheersing), dat is echter nog geen garantie dat de risico's zich niet voor zullen doen.
Het verder uitwerken en implementeren van beheersmaatregelen is onderdeel van het groeiproces om te komen tot een professioneel niveau van risicobeheersing. Onderdeel van dit proces is het opstellen van een Nota risicomanagement die gepland staat voor 2024. In die nota geven we kaders ten aanzien van risicobeheer en leggen we vast hoe we hiermee omgaan. Dit groeiproces moet het mogelijk maken om bewust om te gaan met risico's en hiervoor in gesprek te gaan welke maatregelen we treffen en welke risico's we accepteren.
Weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit kan op verschillende manieren worden bepaald. Feitelijk komen alle budgetten, ook vrije reserves of bestemmingsreserves waarvan de bestemming nog gewijzigd kan worden, in aanmerking voor de bepaling van de weerstandscapaciteit. Om praktische redenen worden in deze paragraaf alleen de (nog) niet geoormerkte budgetten meegenomen voor de bepaling van de weerstandscapaciteit, deze ziet er daarmee als volgt uit: Beschikbare weerstandscapaciteit Dekkingen
Omvang
Risicoreserve (stand jaarrekening 2022)
€ 3.293.210
Algemene reserve (stand jaarrekening 2022)
€ 8.290.657
Resultaat 2022 (na bestemming) Begrotingssaldo 2023
pm € 529.661
Incidentele begrotingsruimte
€0
Totale weerstandscapaciteit
€ 12.113.528
De standen van de algemene en de risicoreserve betreffen de saldi zoals in deze jaarrekening opgenomen conform het overzicht reserves. Bij het bepalen van de weerstandscapaciteit is het bedrag vanuit de resultaatbestemming 2022 vooralsnog pm geraamd. De weerstandscapaciteit 92
komt uit op € 12,1 miljoen. Dit is € 2 miljoen lager ten opzichte van de meeste recente herziening van de weerstandscapaciteit (begroting 2023). Dit verschil wordt veroorzaakt door de lagere toevoeging resultaatbestemming (besluitvorming hierover uitgesteld naar september 2023). Algemene reserve De algemene reserve is meegeteld omdat hierop geen nadere verplichtingen rusten. Die verplichtingen zijn afgedekt via de bestemmingsreserve "te besteden gemeentelijke budgetten" en de overige bestemmingsreserves. Om die reden komt ook de (vrij te besteden) algemene reserve in aanmerking voor de berekening van de weerstandscapaciteit. Onbenutte belastingcapaciteit Bestaand beleid is dat er bij afval en riool al naar100% kostendekkendheid wordt gestreefd. Ten aanzien van de onbenutte belastingcapaciteit gaat het dan vooral over de OZB. Hiervoor geldt als uitgangspunt dat maximaal de inflatiecorrectie wordt gehanteerd. Om die redenen wordt de onbenutte belastingcapaciteit voortaan bij de berekening van de weerstandscapaciteit buiten beschouwing gelaten omdat deze door dat uitgangspunt momenteel feitelijk niet aanwezig is. Voor de hoogte van de OZB geldt overigens ook geen voorgeschreven norm, behalve bij een eventuele “artikel 12-aanvraag”, dan geldt een normtarief voor de OZB als één van de toelatingseisen.
In dat geval dient een gemeente minimaal 20% meer OZB te heffen dan het landelijk gemiddelde. Op basis van die norm bedraagt de onbenutte belastingcapaciteit voor de gemeente Rheden afgerond € 3 miljoen. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de mate waarin de gemeente in staat is om de gevolgen van risico's op te vangen. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en het risicoprofiel. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de weerstandsratio. Weerstandsratio
jaarrekening 2021
Begroting 2023
jaarrekening 2022
Totale weerstandscapaciteit
12.074.753
14.172.459
12.113.528
Risicoprofiel
5.170.000
6.350.000
7.150.000
2,3
2,2
1,7
Weerstandsratio
Weerstandsratio Voor een nadere duiding van de ratio kan onderstaande normtabel worden gehanteerd. Weerstandsratio
Betekenis
> 2,0
Uitstekend
1,4 - 2,0
Ruim voldoende
1,0 - 1,4
Voldoende
0,8 - 1,0
Matig
0,6 - 0,8
Onvoldoende
< 0,6
Ruim onvoldoende
Conclusie Het risicoprofiel is ten opzichte van de begroting 2023 (laatste herziening) gestegen met in totaal € 0,8 miljoen en de weerstandscapaciteit is afgenomen met € 2 miljoen. Als gevolg van deze mutaties daalt de weerstandsratio hierdoor van 2,2 (stand begroting 2023) naar 1,7 en krijgt daarmee de kwalificatie ‘ruim voldoende’. Van belang blijft dat we de komende jaren rekeningoverschotten creëren om onze algemene reserve en daarmee de weerstandscapaciteit te kunnen verhogen. 93
Kengetallen De financiële positie van de gemeente is onder meer te beoordelen aan de hand van een aantal financiële kengetallen. Om ook de vergelijkbaarheid tussen gemeente te bevorderen zijn er met ingang van 2015 door het BBV een vijftal voorgeschreven. De betreffende kengetallen zijn hieronder opgenomen en nader toegelicht. Cat.
Rekening
Begroting
Rekening
2021
2022
2022
Netto schuldquote
66%
91%
59%
A
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
62%
87%
55%
A
Solvabiliteitsratio
19%
16%
21%
B
Structurele exploitatieruimte
1,80%
1,60%
1,89%
A
Grondexploitatie
0,18%
0%
0,18%
A
Belastingcapaciteit
90%
90%
90%
A
Kengetallen:
Toelichting De kengetallen tezamen geven een beeld van de financiële gezondheid van onze gemeente. Daarbij zijn voor zowel de netto schuldquote en de solvabiliteit normen afgesproken, die nog zullen worden verankerd in de financiële verordening. Netto schuldquote en Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Normaal ligt de netto schuldquote van een gemeente tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 90% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog. Hij moet niet verder stijgen. Als de netto schuldquote boven de 130% uitkomt, dan bevindt de gemeente in de gevarenzone. Het bestuur moet er werk van maken om de schuld te verlagen. (Bron: VNG -website). De norm voor de netto schuldquote is lager dan 130%. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio wordt berekend door het totale eigen vermogen te delen door het totaal van de passiva. De norm voor de solvabiliteitsratio is hoger dan 20%.
De structurele exploitatieruimte dient om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een percentage van 0% betekent een sluitende begroting, een positief percentage wil zeggen dat er begrotingsruimte is. Feitelijk biedt het financieel meerjarig perspectief bij de begroting een betere indicatie. Het kengetal grondexploitatie kan een grote invloed op de financiële positie van een gemeente hebben (zowel positief als negatief). Dit kengetal geeft een indicatie van het relatieve belang van de grondexploitatie. Het percentage is de waarde van bouwgronden in relatie tot de totale baten exclusief de reserves. De jaarlijkse actualisatie van de grondexploitatie geeft overigens een concreter beeld van het verwachte verloop van grondexploitaties. De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen kan worden gerelateerd aan de totale woonlasten. De woonlasten worden bepaald aan de hand van 94
de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor een woning met een gemiddelde WOZwaarde. Overigens zegt dit percentage niets over de feitelijke onbenutte belastingcapaciteit, dat is immers een politieke keuze (zie ook de passage hierover bij de weerstandscapaciteit op de vorige pagina's). Beoordeling van de kengetallen Net zoals bij de bepaling van de weerstandscapaciteit gelden er ook voor deze kengetallen geen harde voorgeschreven normen. Door de Provincie Gelderland wel een indeling in drie categorieën opgegeven als richtinggevend voor de beoordeling. Aan de categorieën wordt in principe geen kwalificatie gegeven, omdat normering in eerste instantie door de gemeente zelf dient plaats te vinden. Wel kan er worden gesteld dat categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest. Eén afzonderlijk kengetal zegt niet alles, de kengetallen moeten altijd in relatie tot elkaar worden bezien. In onderstaande tabellen is een en ander weergegeven.
Handreiking beoordeling
Categorie A (minst risicovol)
Categorie B
Categorie C (meest risicovol)
Netto schuldquote
< 90 %
90 - 130 %
> 130 %
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
< 90 %
90 - 130 %
> 130 %
Solvabiliteitsratio
> 50 %
20 - 50 %
< 20 %
Structurele exploitatieruimte
BEGR en MJB > 0 % BEGR of MJB > 0 %
BEGR én MJB < 0 %
Grondexploitatie
< 20 %
20 - 35 %
> 35 %
Belastingcapaciteit
< 95 %
95 - 105 %
> 105 %
Conclusie Alle kengetallen, m.u.v. de solvabiliteit, laten een score zien die thuishoort bij categorie A (minst risicovol). De netto schuldquote is positief ontwikkeld en scoort onder de 90% en verschuift daardoor van categorie B (bij begroting 2023) naar A. De overige kengetallen zijn redelijk stabiel gebleven. De solvabiliteitsratio is verbeterd ten opzichte van de jaarrekening 2021 en begrotingen 2022 en 2023. De score komt nu uit op 21% en valt daarmee in categorie B. De komende jaren zullen onze inspanningen er op gericht moeten blijven zijn om het weerstandsvermogen te vergroten en daarmee ook onze solvabiliteitspositie te verbeteren. Het streven is om, in het kader van continuïteit en een evenwichtige financiële situatie, de algemene reserve jaarlijks met € 1 miljoen te laten stijgen. Dit draagt bij aan een verbetering van onze solvabiliteit. Het behouden van een gezonde financiële positie stelt onze gemeente in staat om een zelfstandig en autonoom (financieel) beleid te (blijven) voeren. Hiermee kan de huidige vorm van repressief toezicht door de provinciaal toezichthouder ook in komende jaren worden gecontinueerd.
95
Onderhoud Kapitaalgoederen Inleiding De gemeente heeft de verantwoordelijkheid voor het beheer van de openbare ruimte. De openbare ruimte bestaat uit een aantal kapitaalgoederen (wegen, riolering, groen, openbare verlichting, speelvoorzieningen en gebouwen) die onderhouden moeten worden. In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het beleidskader en de financiële consequenties van het onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Het onderhouden van kapitaalgoederen legt een grote claim op de begroting. Transparantie ten aanzien van de uitvoering en risico’s is derhalve van groot belang. Het onderhoud van de diverse vakgroepen zal de komende jaren zoveel mogelijk in samenhang met de diverse projecten worden uitgevoerd in integrale projecten.