20230805 sjabloon-nieuwe-nadere-regels ambtshalve verstrekking gelrepas
Tekst van het document
Nadere regels ambtshalve verstrekking Gelrepas Het college van burgemeester en wethouders; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van <datum collegebesluit> gelet op de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 7 lid 3 van de Verordening Gelrepas,
overwegende dat het gewenst is om nadere regels vast te stellen over de voorwaarden waaronder de Gelrepas ambtshalve verstrekt kan worden.
Besluit vast te stellen: Nadere regels ambtshalve verstrekking Gelrepas
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Begripsbepalingen In deze nadere regels wordt verstaan onder: a. Gelrepas: een persoonsgebonden pas die recht geeft op bepaalde voorzieningen met een daar aangekoppeld persoonlijk tegoed, dat aan bepaalde activiteiten besteed kan worden; b. algemene bijstand: bijstandsuitkering voor levensonderhoud op grond van de Participatiewet;
Artikel 2 Ambtshalve verstrekking 1. 2.
De Gelrepas wordt ambtshalve verstrekt aan inwoners die algemene bijstand ontvangen.
De Gelrepas wordt ook verstrekt aan inwonende kinderen onder de 18 jaar, van de in artikel 1 genoemde inwoner.
Artikel 3 Inwerkingtreding en citeertitel 1.
Deze nadere regels treden in werking op de dag na bekendmaking.
2. Deze nadere regels worden aangehaald als ‘Nadere regels ambtshalve verstrekking Gelrepas’.
Aldus vastgesteld in de openbare collegevergadering van [datum]
Het college voornoemd,
Burgemeester,
Secretaris
Artikelsgewijze toelichting Algemeen We willen dat inwoners met een laag inkomen zo laagdrempelig mogelijk gebruik kunnen maken van de
minimaregelingen. We willen het bereik van de Gelrepas vergroten. De Gelrepas wordt daarom ambtshalve
verstrekt aan inwoners met een algemene bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet. Dit geldt ook voor de kinderen onder de 18 jaar in het betreffende huishouden.
Artikel 2. Ambtshalve verstrekking De inwoners benoemd onder artikel 2 maken onderdeel uit van de ‘kring van rechthebbenden’ zoals
beschreven in artikel 5 van de ‘Verordening Gelrepas’. Zij voldoen ook aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 6 van deze verordening: een inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm en een vermogen binnen de grenzen van de Participatiewet.
Deze ambtshalve verstrekking geldt niet voor inwoners met een IOAW (inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemer) IOAZ (inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze zelfstandigen) of Bbz (besluit bijstandverlening zelfstandigen) uitkering. Bij deze regelingen worden andere elementen tot het inkomen gerekend dan bij de Participatiewet het geval
is. Daarnaast kan er sprake zijn van vermogen boven de norm van de Participatiewet. Hierdoor is het voor
deze groepen inwoners niet met 100% zekerheid te zeggen dat zij tot de kring van rechthebbenden horen zoals omschreven in artikel 5 en 6 van de verordening Gelrepas.