CConstaterende datReusel-De Mierden
Koppel je AI →
Document · PDF

Technische vragen jaarrekening 2020 (alle partijen).pdf

Commissie Inwoners 22 juni 2021, gemeente Reusel-De MierdenBij agendapunt: Jaarrekening 20209.475 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen CDA Nr. 1

2

3

4

5

Pag. 6

12 en 13

15

19

22 en 23

Onderdeel 2.1.9

2.3.3

2.3.3

2.4.5

Vraag en antwoord Vraag Hoeveel capaciteit is nodig om de achterstand bij RO weg te werken? Wanneer is te verwachten dat de achterstand is weggewerkt? Antwoord Hier is op dit moment nog geen zicht op. Wij zijn op dit moment bezig om dit in beeld te brengen en een plan te maken hoe dit op te pakken. Als dit beeld er is wordt u op de hoogte gesteld. Vraag Waarom toch risico als verbonden partijen zelf een weerstandsvermogen vormen? Bij totale risico staat €209.000 + €300.000 + €232.500 terwijl uitgegaan wordt bij het laatste bedrag van de maximumvariant van €323.500 graag uitleg hierover. Antwoord Idealiter zouden alle verbonden partijen hetzelfde omgaan met weerstandsvermogen en risico’s. De variatie is echter groot (geen eigen weerstandsvermogen, deels of geheel weerstandsvermogen) en een aantal partijen bepaalt het weerstandsvermogen op basis van een bandbreedte die gebaseerd is op de geraamde baten. En niet alle verbonden partijen kwantificeren hun risico’s en dan is het onmogelijk om het (resterende) gemeentelijke risico te bepalen. Daarom moet met een meer algemene risicobepaling worden gewerkt. Bij KempenPlus wordt een risico van bijstorting gekwantificeerd op het enige bedrag wat nu bekend is. We wachten echter op de jaarrekening 2020 van KempenPlus. Door andere ontwikkelingen is het overigens nog zeer wel mogelijk dar er helemaal geen bijstorting nodig zal zijn.

Maar dat neemt niet weg dat het risico bestaat totdat daar zekerheid over is. Vraag Hoe groot is de wachtgeldverplichting vanwege arbeidsongeschiktheid? Antwoord Het gaat hier om een zaak tot een individu herleidbaar is. Daarom achten wij het niet opportuun hier een concreet bedrag te noemen. Vraag Hoe groot is de overschrijding van de renterisiconorm in 2020? Antwoord In de tabelkop staat per abuis het verkeerde jaartal. De cijfers betreffen 2020. Vraag Graag een verklaring van het grote verschil in vreemd vermogen tussen 1-1-2020 en 31-12-2020 bij GGD en MRE.

6

7

8

9

10

22 ev.

46

63

66

68

2.5

0.1

4.2

5.2

5.7

Antwoord De verklaring is primair aan de betreffende partijen. Voor de gemeentelijke jaarrekening wordt volstaan met de wettelijke plicht om de (eventueel voorlopige) cijfers weer te geven. Wij doen daar geen beoordeling op. Bij bijvoorbeeld de MRE zijn veel balansstanden aanzienlijk beïnvloed door de transacties rondom de overdracht van Gulbergen. Vraag Bij veel verbonden partijen resultaatgegevens 2020 nog niet bekend, wanneer komen deze gegevens? Antwoord Bij de meeste partijen zijn de gegevens gevuld, zeker bij de gemeenschappelijke regelingen. Bij stichtingen en bedrijven gelden niet de regels uit de wet gemeenschappelijke regelingen. De ontbrekende gegevens zijn pas bekend als de betreffende organisaties hun jaarrekening hebben vastgesteld. Dat is dan te laat voor onze jaarrekening. Vraag Hoe is de pensioenregeling APPA opgebouwd? Antwoord De Appa is gebaseerd op wetgeving: de Algemene Pensioenwet Politiek Ambtsdragers. Omdat daar geen pensioenfonds voor is, is de gemeente zelf de organisatie die de pensioenuitkeringen moet betalen. De toekomstige verplichtingen worden berekend op basis van de periode waarin iemand politiek ambtsdrager is geweest, de bijbehorende inkomsten, leeftijd en aannames ten aanzien van leeftijdsverwachtingen en rendementen.

Vraag Wanneer worden de huisvestingsproblemen van de Clemensschool in Hulsel opgelost? Antwoord Momenteel wordt een nieuwe verordening voorziening onderwijshuisvesting opgesteld Deze leggen we na de zomer voor aan uw raad. Wanneer deze actueel is zal de Clemensschool een aanvraag voor een voorziening in de zin van de verordening indienen waarmee we aan de slag gaan met het huisvestingsprobleem. Concreet betekent zo’n aanvraag voor een voorziening dat Kempenkind een kant en klaar bouwplan aanlevert, onderbouwd met offertes, waarna de raad een beslissing neemt over het benodigde budget. Vraag Wanneer krijgen we de financiële doorkijk van Stibex over onderhoud? Verantwoording MOP toevoegen graag. Antwoord Stibex voert het onderhoud uit conform het in 2018 vastgestelde MOP voor de periode 2018-2021. Verantwoording vind plaats via de jaarrekening van Stibex. Vraag Hoe is het onderhoud groen- en parkeervoorziening bij de Natuurpoorten geregeld. Wie is verantwoordelijk en verzorgd dit? Antwoord Bij de natuurpoorten is de gemeente verantwoordelijk voor het onderhoud van het openbaar gebied. Dit wordt uitgevoerd door buitendienst/Kempenplus en/of aannemers.

11

12

69

79

5.7

7.1

Vraag Bij groenvoorziening is €100.000 niet uitgegeven in 2020. Kunnen we dit aanwenden voor een kwaliteitsimpuls in de centra van onze 4 kernen? Is er controle op naleving van kwaliteitsafspraken van groenonderhoud in de kernen? Antwoord Geel gemarkeerde deel is geen technische vraag, maar politieke afweging inzake bestemming van het jaarrekeningresultaat. De kwaliteit van het groenonderhoud wordt geborgd door de gemeente. De uitvoering en controle vindt plaats zoals omschreven in de RIN met nummer 21.00252. Vraag Zijn alle AED apparaten in onze gemeente in orde? Hoe verlopen de contacten met de AED- werkgroepen? Antwoord We hebben afgelopen jaar intensief contact gehad met de werkgroepen AED (en hun achterliggende partners, te weten dorpsraad Hulsel, dorpsraad Lage Mierde, stichting Zorg en Welzijn Hooge Mierde en stichting Zorg en Welzijn Reusel) om te komen tot een nieuw voorstel voor ondersteuning vanuit de gemeente voor het AED netwerk. Dit is vastgelegd in de beleidsnotitie AED netwerk Reusel-De Mierden. Hierover heeft u recentelijk ook een Raadsinformatienota ontvangen. De AED’s binnen het netwerk zijn in orde. Een aantal AED’s moet eind dit jaar of volgend jaar vervangen moeten worden. Hiervoor zijn middelen gereserveerd bij de werkgroepen zelf.

Technische vragen Samenwerking Nr. 1

2

Pag. 2

2

Onderdeel Aanbiedingsbrief 7e alinea

Aanbiedingsbrief 7e alinea

Vraag en antwoord Vraag “Vanwege ziektes en vacatures is er vaak minder personeel beschikbaar dan nodig is om al het werk binnen de geplande periode te verzetten. Ook in 2020 heeft zich dat vertaald in inhuurkosten, waar tegenover voor een belangrijk deel lagere loonkosten staan. Daardoor zijn veel ontwikkelingen voortvarend opgepakt dan wel doorgezet, maar zijn enkele zaken ook blijven liggen.” Welke zaken zijn dan blijven liggen? Hoe worden zaken hierop geprioriteerd? Hoe en met welke afwegingen wordt de keuze gemaakt om de ene zaak wel op te pakken en de andere(n) te laten liggen? Antwoord In deze jaarrekening wordt per onderwerp aangegeven wat er gedaan is en ook wat niet is afgerond. Het antwoord op deze vraag kunt u dan ook per onderwerp lezen in deze jaarrekening. Daarnaast geeft ook het behoorlijke aantal overhevelingen aan welke zaken zijn blijven liggen die ook financieel consequenties hebben. De afwegingen en keuzes over welke zaken prioriteit hebben of wat later opgepakt kan worden, worden in overleg met de coördinatoren, afdelingshoofden en portefeuillehouders gemaakt. Vraag Verder wordt hier beschreven dat er om diverse redenen vacatures zijn en dat er in 2020 veel inhuur heeft plaatsgevonden. Momenteel zien wij echter geen vacatures op internet voor onze gemeente. Kunnen we hieruit opmaken dat deze dus inmiddels volledig zijn ingevuld?

3

4

5

5

2.1.1

2.1.2

Antwoord Het is nog steeds zo dat op bepaalde vacatureruimte wordt ingehuurd. Dit komt bijvoorbeeld omdat we een trainee inzetten via een bureau waarvan het uiteindelijke de bedoeling is om deze in dienst te nemen. Of omdat we iemand inzetten vanuit de sociale werkvoorziening, of gedetacheerd vanuit een andere gemeente. Via dit soort constructies is het gelukt om de volledige formatieruimte bezet te hebben en staan er dus op dit moment geen vacatures open. Vraag “Wij streven naar een bedrijfsvoering die zodanig is ingericht, dat de uitvoering van de programmabegroting door de ambtelijke organisatie op een zo efficiënt mogelijke wijze vorm krijgt.” Hoe wordt deze efficiëntie van de uitvoering vastgesteld? Denk hierbij aan de motie sociaal makelaar… Antwoord In de planning en control cyclus rapporteert het college aan uw raad de voortgang over hoe het staat met de ambities die uw raad heeft geformuleerd. Daarin wordt aangegeven wat er op dat gebied gedaan is. Het is de rol van het management om te sturen op een zo efficiënt mogelijke uitvoering. Dit doen we door afspraken te maken met medewerkers over de werkzaamheden en de planning hiervan. Daarnaast wordt ook regelmatig naar de processen gekeken en of deze beter kunnen worden ingericht. In het kader van de Omgevingswet zijn we daar op dit moment ook weer mee bezig. Daarbij zijn we op vele fronten ook afhankelijk van derden.

Vraag “Dit is gebaseerd op drie pijlers: kwaliteit, efficiency en het voorkomen van kwetsbaarheid.” Ook hier weer, maar dan met betrekking tot samenwerkingsverbanden, hoe wordt deze efficiency vastgesteld? Antwoord Als kleine gemeente heb je veel taken die door een beperkt aantal medewerkers gedaan moeten worden. Dit betekent dat je vaak kwetsbaar bent en keuzes moet maken in het kader van kwaliteit. Samenwerken helpt daarbij doordat je toch kan klankborden met bijvoorbeeld je Kempencollega die je ook soms kan vervangen voor een openstaande vraag bij ziekte of vakantie van een collega wat de kwetsbaarheid vermindert. Binnen een kleine gemeente zijn de lijnen kort en valt het direct op als je werk levert dat onder de maat is of zaken zijn niet af. Er kan dan direct worden bijgestuurd. Het sturen op de samenwerkingsverbanden doen we vanuit werkafspraken, werkplannen, servicelevel agreements e.d.. Het verschilt per samenwerkingsonderdeel wat deze zijn en hoe we hier op sturen. Het hoort bij de rol van de accountmanager van het samenwerkingsonderdeel om hierop te sturen.

5

5

2.1.4

Vraag “…een nieuw meldingensysteem openbare ruimte waarbij persoonlijk contact een van de uitgangspunten is.” Wordt hier meer gebruik van gemaakt dan voorheen het geval was met meldingen? Antwoord Helaas konden we in het vorige meldsysteem van onvolkomenheden in de openbare ruimte nauwelijks analyses uitvoeren. Vergelijkingen van het nieuwe meldsysteem met het oude (die van 2020) zijn daarom vooral op ‘expert judgement’ gedaan. Het lijkt er op dat er wel meer persoonlijk contact is dan voorheen.

6

7

8

9

6

7

12 en 13

13

2.1.9

2.2.2 Leges

2.3.3

2.3.3 1e en 2e alinea

Vraag “Daarnaast hebben we in 2020 een aantal langdurig zieken gehad waarvoor we hebben moeten inhuren.” Welk percentage van het ziekteverzuim beslaan deze langdurig zieken? Is er enig zicht op of deze langdurig zieken (in afzienbare tijd) weer terugkeren in het arbeidsproces van de gemeentelijke organisatie? Antwoord Totale verzuim in 2020 was 4,18%. Het middellange verzuim (8 tot en met 42 dagen arbeidsongeschikt) beslaat 24,2% van het totale verzuim. Het lange verzuim (43 tot en met 365 dagen) beslaat precies 50% van het totale verzuim. Het extra lange verzuim (366 tot en met 730 dagen) beslaat 11,5% van het totale verzuim. Het middellange verzuim is deels opgelost door ontslag en het bieden van een andere en beter passende functie. Het lange verzuim is niet werk-gerelateerd maar kent een medische oorzaak. Onduidelijk is hoe het verloop hiervan gaat zijn. Vraag “In 2020 is met behulp van een stagiaire een onderzoek gestart inzake de kostendekkendheid van leges.

Dat onderzoek heeft inmiddels tot een eindrapport geleid, waarin vooral een methodiek is ontwikkeld om de kosten en opbrengsten eenduidig in beeld te brengen en te monitoren.” Is er een mogelijkheid dat wij dit rapport kunnen inzien of anderszins de resultaten van dit onderzoek kunnen ontvangen? In hoeverre zijn de leges kostendekkend bij majeure onderwerpen, zoals bijvoorbeeld het windmolenpark van VHTAC (385.000 euro op pagina 91)? Antwoord Het rapport is niet voor de gemeenteraad bestemd omdat het rapport bedoeld is om handen en voeten te geven aan de uitvoering. Het rapport geeft een methodiek om voor alle leges de kosten en baten op een uniforme wijze te bepalen. Wij hopen u in de begroting 2022 de eerste resultaten van toepassing van die methodiek te kunnen laten zien. De vraag ten aanzien van het windmolenpark c.q. majeure onderwerpen is niet van toepassing. Kostendekkendheid van leges wordt niet bepaald op het niveau van individuele casussen of projecten maar op de legesverordening als geheel, met mogelijk een onderscheid naar de verschillende titels van de legesverordening, maar nooit op het niveau van individuele gevallen. Vraag De risicovoorziening voor “Hart van Reusel” is gedaald van € 604.000 (jaarstukken 2019) naar € 143.000.

Wat is de grondslag van deze daling? Is dit enkel de economische verwachting? Antwoord Bij de jaarlijkse actualisatie van de grondexploitaties wordt een nieuwe risico-inschatting gemaakt. In het algemeen nemen de risico’s af naarmate een grondexploitatie verder gevorderd is in de planvorming, uitvoering en contracten. In dit geval is vooral het risico op dalende grondopbrengsten belangrijk lager ingeschat. Overigens gaat het hier niet om een risicovoorziening maar om een inschatting van de risico’s ter indicatie van de toereikendheid van het weerstandsvermogen (de algemene reserve). Vraag “Het risicobedrag waarmee de gemeente rekening moeten houden, is dus afhankelijk van de mate waarin verbonden partijen zelf weerstandsvermogen aanhouden. Dat is per partij verschillend.” Vervolgens lees ik: “We schatten het algemene risico in op kostenoverschrijdingen tot 10% met een kans op voordoen van 25%, hetgeen het risico bepaalt op 25% x 10% x €

8.365.000 = € 209.000,- (afgerond).” Wordt hier dus geen rekening gehouden met het feit dat sommige Gemeenschappelijke Regelingen al dan niet weerstandvermogen aanhouden? Zo nee, waarom dan niet?

10

11

12

13

13

14

2.3.3 3e alinea

2.3.3 5e alinea

2.3.3 4e alinea

Antwoord Zie het antwoord op vraag 2 van het CDA. Er kan alleen gerekend worden met het (gehele of gedeeltelijke) eigen weerstandsvermogen van verbonden partijen als die partijen hun risico’s ook gekwantificeerd hebben. Een aantal verbonden partijen bepaalt het eigen weerstandsvermogen echter niet op basis van gekwantificeerde risico’s maar op basis van een bandbreedte van de totaal geraamde baten. Vraag “Wij achten het zinvol om vanwege deze extra risico’s rekening te houden met extra weerstandsvermogen ad € 300.000,-.” Zit er een financiële onderbouwing aan dit bedrag? Op basis waarvan wordt specifiek rekening gehouden met 300.000 euro? Zeker met het oog op de zin op pagina 11: “Reëel ramen betekent echter ook dat er geen ‘lucht’ in de ramingen zit ‘voor het geval dat’.” Antwoord Bij risico’s gaat het altijd om een inschatting, geen “berekening” (als risico en bedrag te berekenen zouden zijn, zou een voorziening gevormd moeten worden). Gekwantificeerde risico’s zijn geen budgetramingen, zodat er ook geen sprake is van “lucht’ in de begroting. Kwantificering van risico’s moeten plaatsvinden ter indicatie van de toereikendheid van het weerstandsvermogen (de algemene reserve).

Vraag “De totale bijstortingsplicht op basis van uitsluitend de jaarstukken 2019 bedraagt (afgerond) € 1.294.00,- om op de norm van 1 te komen.” Dus toch een behoorlijke bijstortingsplicht voor de fraudezaak bij Kempenplus. Waar eerder werd vermeld dat een en ander niet zou leiden tot nadelige effecten voor de gemeenten, blijkt dit nu toch het geval te zijn. Van waar deze verandering in visie? Antwoord Zie het antwoord op vraag 2 van het CDA. De conclusie dat er tóch een bijstortingsplicht bestaat is voorbarig, want dat wordt pas beoordeeld na vaststelling van de jaarrekening 2020 van KempenPlus. Dan is er een geactualiseerd beeld van de risico’s en het daarvoor benodigde vermogen. Er zijn ook ontwikkelingen in de vermogenssfeer die mogelijk positieve effecten hebben op het weerstandsvermogen. Het is dus nog steeds mogelijk dat er geen bijstorting nodig zal zijn. Vraag “De gemeente dient tevens rekening te houden met extra kosten voor de eigen informatiesystemen, om opname van informatie vanuit de gemeentelijke informatiesystemen in het DDO op termijn mogelijk te maken.” Aan wat voor bedragen moeten we dan denken? Duizenden, tonnen, of…? Antwoord Dit is op dit moment nog lastig om in te schatten. De ontwikkelingen met betrekking tot DDO en in het bijzonder het e-depot van het RHCe zijn volop in ontwikkeling.

Onze inschatting op dit moment is eerder dat dit om duizenden euro’s gaat dan om tonnen.

13

14

15

16

17

15

15

15

36

36

2.3.3 1e alinea

2.3.3 2e alinea

2.3.3 3e alinea

2.8 5e alinea

2.8 9e alinea

Vraag “omdat wij ons niets voor kunnen stellen bij redenen die de huidige claim succesvol zouden maken, ramen wij de kans op voordoen in op 25%, zodat voor het weerstandsvermogen rekening wordt gehouden met afgerond € 40.000,-.” Op basis waarvan kan een men zich niets voorstellen bij de redenen die de huidige claim succesvol zouden maken? Dit gegeven de uitspraak van het NAI: “Het NAI heeft geoordeeld dat, in tegenstelling tot de jaren 2011-2014, de Brabantse gewesten en gemeenten verplicht zijn een naheffing te betalen voor de minderlevering.” Antwoord Onze inschatting is gebaseerd op het feit dat wij nog niet zoveel verschil zien tussen de claim over 2015-2016 en de (door de gemeenten gewonnen) kwestie over de periode 2011-2014. Vraag “Wij ramen 50% kans op € 250.000 aan extra kosten.” Zit er een financiële onderbouwing aan dit bedrag? Op basis waarvan wordt specifiek rekening gehouden met 50% kans op 250.000 euro? Antwoord Zie het antwoord op vraag 10.

Vraag “Het is op dit moment geenszins in te schatten wat de slagingskans voor dat soort claims zal zijn en om hoeveel gevallen het zou kunnen gaan.” + “Vooralsnog maken wij een inschatting van 50% kans op € 100.000 aan afhandelingskosten en 10% kans op € 1 miljoen aan claims, derhalve in totaal een risico van € 150.000.” Op basis waarvan komt men dan tot deze schatting als het nog geenszins valt in te schatten wat de slagingskans voor dat soort claims zal zijn en om hoeveel gevallen het zou kunnen gaan? Antwoord Zie het antwoord op vraag 10. Vraag “Ook andere medewerkers hebben vele uren besteed aan corona-gerelateerde zaken.” Is hierdoor werk blijven liggen? Zo ja, wat dan? Op basis van welke prioritering blijven in dit geval zaken liggen of worden ze opgepakt? Antwoord Een deel van het werk dat is blijven liggen uit zich in de voorgestelde overhevelingen. Maar ook de vertraging in de uitvoering van een aantal kredieten kan een gevolg van corona zijn, bijvoorbeeld omdat niet op een goede wijze overleg kon worden gevoerd met betrokken partijen (het Groenplan is daar een voorbeeld van). Vraag “Voor extra kosten van toezicht en handhaving is via de algemene uitkering € 31.233 toegekend door het Rijk. Deze zitten in de over te hevelen bedragen naar 2021. Dan vindt besteding plaats voor de inhuur van handhavers.” Hebben zich het afgelopen jaar problemen voor gedaan m.b.t.

de handhaving op naleving van de voorschriften van de Tijdelijke Wet maatregelen Covid-19 of anderszins gerelateerde handhavingszaken van de coronamaatregelen?

18

19

20

21

39

39

40

40

2.8 1e alinea

2.8 4e alinea

2.8 3e alinea

2.8 4e alinea

Antwoord Nee, de tendens in onze gemeente was dat de meeste inwoners de maatregelen naleven, waardoor er nog niet eerder is besloten om extra toezicht in te kopen. Door de stapsgewijze versoepelingen en het feit dat het in de maatschappij merkbaar is dat het naleven van de opgelegde maatregelen steeds lastiger wordt, is dat nu wel gebeurd. Vraag “Er is voor jeugdhulp en Wmo een regeling uitgewerkt om de meerkosten die zorgaanbieders maken als gevolg van corona te vergoeden vanuit de middelen die we daarvoor als gemeente van het Rijk ontvangen.” Zijn deze middelen die we daarvoor vanuit het Rijk hebben ontvangen vooralsnog kostendekkend? Antwoord Ja, deze middelen zijn kostendekkend. Hiervoor is een proces ingericht dat zorgaanbieders een aanvraag kunnen doen en deze wordt beoordeeld waarna de meerkosten wel/niet worden vergoed. Jeugdhulp: € 20.205 ontvangen van het rijk. Betaalde meerkosten € 9.145,11. Wmo: € 8.803 ontvangen van het rijk. Betaalde meerkosten € 7.536,08. Vraag “Voor het sociaal domein zijn voor 2020 en 2021 de volgende compensatiegelden ontvangen van het Rijk…” Zijn deze compensatiegelden vooralsnog kostendekkend? Antwoord Dit betreft de coronagarantieregeling. Voor de decembercirculaire 2021 zal het Rijk de balans opmaken en bezien in hoeverre aanvullende gelden moeten worden uitgekeerd aan gemeenten. Uitgangspunt is en blijft dat het kostendekkend is.

Uitgegeven: Wmo: € 38.927,14 (excl. collectief vervoer). Jeugd: € 6.059,-. Vraag “In maart 2021 zijn middelen toegekend ter compensatie van extra kosten van afvalinzameling in 2020 in verband met corona. Het gaat om een bedrag van € 20.397.” Is deze compensatie kostendekkend? Antwoord Dat is onbekend. Het is nooit te achterhalen hoeveel ton er aan extra afval bij huishoudens is opgehaald ten gevolge van thuiswerken. Vraag “Als gevolg van de coronacrisis hebben mensen meer aandacht besteed aan hun woning, hetgeen zich heeft vertaald in een toename van het aantal vergunningaanvragen. De inzet die nodig is om die aanvragen te behandelen is daarmee ook toegenomen.” Zijn hierdoor zaken blijven liggen. Zo ja, welke zaken dan? Op basis van welke prioritering blijven in dit geval zaken liggen of worden ze opgepakt? Antwoord De dienstverlening inzake vergunningen heeft in eerste instantie nauwelijks geleden onder de coronacrisis. De laatste maanden van 2020 (en begin 2021) is het aantal aanvragen echter nog meer toegenomen. Dit heeft gevolgen voor de doorlooptijden, ook in 2021. Punt van aandacht is en blijft de termijn waarbinnen ketenpartners aan de afdeling VTH adviseren. Het duurt vaak (te) lang voordat een advies wordt uitgebracht, waarbij vaak bij herhaling achter de adviezen aangegaan moet worden.

Denk hierbij aan adviezen voor plannen die niet voldoen aan de regels van het bestemmingsplan.

22

23

24

25

26

42

40

44

48

55

0.4 Onderwerp 5e bullet

2.8

0.8 Onderwerp

10

2

Inhuur van extra personeel om de toename van de hoeveelheid aanvragen op te vangen, blijkt nauwelijks mogelijk. Mede als gevolg van de hoge werkdruk en het verplicht thuiswerken, wat de samenwerking bemoeilijkt, staat de kwaliteit onder druk. De hoogste prioriteit ligt bij het tijdig afhandelen van een aanvraag of verzoek. Dit gaat soms ten koste van de kwaliteit van de onderbouwing/motivering van besluiten. Tot op heden zijn uitsluitend procedures tot intrekking van oude niet gebruikte omgevingsvergunningen voor het bouwen niet opgepakt. Andere vergunningszaken zijn niet blijven liggen. Vraag “In navolging van de ambassadeurs per kern gaan we werken met een aanspreekpunt per doelgroep klantvragen, zodat inwoners, ondernemers en verenigingen weten bij wie ze terecht kunnen met hun vragen.” Wat is er gebeurd met deze doelstelling? Wat is er gedaan om deze doelstelling al dan niet te bereiken? Antwoord We vullen deze doelstelling op verschillende fronten in. Zoals genoemd met de ambassadeurs maar ook vanuit de ervencoach, de bedrijvencontactfunctionaris of het loket van A tot Z. Zo proberen we steeds meer een duidelijk ingang te maken zodat onze inwoners weten waar ze moeten zijn. Vraag Een totaal overzichtje van de financiële gevolgen van de COVID-19 crisis zou fijn en duidelijk zijn geweest.

Waarom is hier toch niet voor gekozen? Antwoord Hier is niet voor gekozen omdat het merendeel van de kosten nog niet bekend is en de pandemie ook nog niet geëindigd is. Bovendien is een precieze toewijzing van extra kosten en/of lagere inkomsten aan corona altijd arbitrair, zo niet onmogelijk. Vraag “In 2019 wordt onderzoek gedaan naar de kosten en baten van diverse gemeentelijke lasten. Als deze niet tot elkaar in verhouding staan, moeten deze bijgesteld worden.” Wat is hiermee gebeurd? Wat is er uit dit onderzoek gekomen en welke bijstellingen zijn er naar aanleiding van dit onderzoek eventueel gedaan? Antwoord De doelstelling richtte zich op de baten en lasten met betrekking tot de leges. Dat heeft in 2019 niet plaatsgevonden. Zie verder de beantwoording bij vraag 7. Vraag “Dit project is in 2020 afgerond en de systemen zijn in werking.” Waarom is er dan toch nog een krediet van 13.000 euro opgenomen? Het project is immers afgerond… Antwoord De kosten zijn nog niet betaald, daarom kan het krediet nog niet afgesloten worden.

Vraag Betreft de rehabilitatie van de Postelsedijk hebben we een overschrijding van € 626.122,00, zit dit enkel en alleen in de tegenvaller bij de sloop van het huis op de hoek Postelsedijk-Sleutelstraat? Wat onderneemt het college om de biodiversiteit langs de Postelsedijk te verbeteren? Het is een feit dat er steeds meer vervuilde grond aangetroffen wordt bij de vervanging van wegen, meestal is dit niet gedekt in de begroting van deze wegen. Is het niet verstandig om voortaan een risico factor in de begroting van de wegen mee te nemen? Wat is de visie van het College hierop?

27

28

57

57

3.1 Doelstelling

3.1.a Onderwerp

Antwoord Er is op het oorspronkelijke krediet sprake van een overschrijding van € 626.122. Maar er is ook sprake van een niet geraamde subsidie van € 703.399, waardoor er per saldo sprake is van een restant krediet van € 77.277. Overigens hebben de (te verwachten) meerkosten niet alleen betrekking op de aanvullende maatregelen bij de woning maar ook op o.a. verontreinigingen en kabels en leidingen. Geel gemarkeerde deel is geen technische vraag over de jaarrekening. Vraag “We jagen actief initiatieven aan die meerwaarde hebben voor de directe omgeving en de gemeente en verstrekken actief informatie aan potentiële initiatiefnemers over duurzame mogelijkheden.” Wat hebben gedaan om deze doelstelling te bereiken? Hier lezen wij niks van terug bij ‘Wat hebben we ervoor gedaan’. Antwoord Op het gebied van duurzaamheid is de openstelling van de zoekgebieden voor zonne-energie een belangrijke actie waarmee we initiatieven hebben aangejaagd. Daarnaast is ingezet op overleg met ondernemers over de warmtetransitievisie. Samen met het Kempisch Ondernemersplatform (KOP) is een onderzoek gestart naar de mogelijkheden voor opwekking, besparing en transitie van energie bij bedrijven op de bedrijventerreinen.

Er zijn op het gebied van vrijetijdseconomie initiatieven gestart die een meerwaarde hebben voor de directe omgeving, zoals het ruiterroutenetwerk, de innovatieve fietsroute, de thematische product-markt-combinatie (PMC) op het gebied van ‘spannende verhalen’, de regioportal / regionale website, het Brabantse Kempen Magazine en de geactualiseerde visie op dag- en verblijfsrecreatie. In het agrarisch gebied zijn er met vele initiatiefnemers gesprekken gevoerd over nieuwe economische ontwikkelingen in het buitengebied die meerwaarde hebben voor de omgeving. Parallel met ontwikkelingen in het buitengebied is er ingezet op pachtbeëindiging van agrariërs die stoppen en hiermee krijgen we gronden vrij van pacht die ingezet kunnen worden voor duurzame uitgifte van pachtgronden in de toekomst. Als gemeente zijn we faciliterende partij in het ontwikkelen van een voedselbos. In het verlengde van het project verkavelen voor de toekomst en het hermeanderingsproject van de Reusel werken we mee aan grondruil/grondkoop en -verkoop om gronden om te vormen naar natuur en in pacht uit te geven aan biologische agrariërs of natuur-inclusieve landbouw. Vraag “We stellen nieuw beleid voor landschappelijke inpassing op waarbij rekening wordt gehouden met de nodige variatie in gebiedseigen beplanting die past bij de omgeving.

Na het stellen van een duidelijke termijn om aan deze landschappelijke inpassing te voldoen, gaan we bij niet voldoen over tot handhaving.” Wordt er daadwerkelijk voldoende gehandhaafd? Wat is de visie van het College op het grote aantal bedrijven dat nog steeds niet voldoet aan datgene wat beschreven is in de anterieure overeenkomst aangaande landschappelijke inpassing? Antwoord Bij de landschappelijke inpassing eisen we niet meer het standaard ‘U-tje’, maar wordt naar de kwaliteiten van de omgeving gekeken. De landschappelijke inpassingsplannen worden in nauw overleg tussen initiatiefnemers en gemeente opgesteld. Daarom gaan wij er vanuit dat deze ook gerealiseerd worden. Indien dit niet het geval blijkt te zijn, worden vervolgstappen genomen. Deze zijn afhankelijk van planning en personele beschikbaarheid.

29

30

31

58

59

59

3.2 Doelstelling

3.3 Doelstelling

3.4 Onderwerp

Landschappelijke inpassingen bij de wat oudere bestemmingsplannen is geregeld via de anterieure overeenkomst. Daardoor betreft het geen publiekrechtelijke (bestuursrechtelijke) handhaving maar privaatrechtelijke handhaving. Tegenwoordig nemen wij landschappelijke inpassing op in het bestemmingsplan met een beplantingsplan, waardoor dit ook publiekrechtelijk te handhaven is. Wat publiekrechtelijk geregeld kan worden moet ook publiekrechtelijk geregeld worden en niet via een overeenkomst. Daarom nemen we de laatste tijd de landschappelijke inpassing meestal niet meer op in de anterieure overeenkomst. Het is daarnaast makkelijker handhaven op naleving van een bestemmingsplan dan van een privaatrechtelijke overeenkomst. Bij publiekrechtelijke handhaving zijn er direct mogelijkheden om een dwangsom op te leggen. Bij privaatrechtelijke handhaving moet de gang naar de rechter gemaakt worden indien naleving achterwege blijft. Vraag “Naast het stimuleren van duurzame maatregelen van bedrijventerrein Kleine Hoeven dwingen we dit daar waar nodig af.” Waarom heeft dan nog geen enkel bedrijf op de Kleine Hoeven zonnepanelen? Antwoord Vanwege aangescherpte bouwregels (BENG, Bouwbesluit, eisen ten aanzien van gasloos bouwen en de energiebesparingsplicht) worden bedrijven verplicht om alternatieven te zoeken voor verwarming van het pand en duurzaam gebruik van de energievoorziening.

Duurzaam bouwen wordt door rijksregels afgedwongen. We kiezen er niet voor om aanvullende dringende eisen te stellen. Er zijn diverse bedrijven met zonnepanelen op de Kleine Hoeven. Bedrijven worden gestimuleerd om duurzame maatregelen te treffen in de bedrijfsvoering of het gebouw. Zonnepanelen zijn niet voor ieder bedrijf interessant of de beste keuze op het gebied van duurzaamheid. Vanwege de netwerkcongestie in de Kempen is het opwekken en terug leveren van energie niet meer mogelijk. Vraag “Toekomstbestendig maken van de weekmarkt.” Wat hebben we gedaan om deze doelstelling te bereiken? Wat zijn de ontwikkelingen op deze doelstelling? Antwoord Onderzocht is of een verzelfstandiging van de weekmarkt zou kunnen leiden tot het behoud van een aantrekkelijke weekmarkt. Dat onderzoek heeft -om redenen van kosten- niet tot het gewenste resultaat geleid. Dat betekent dat de verantwoordelijkheid voor de weekmarkt bij de gemeente blijft liggen. Vraag “We hebben in onze recreatieve infrastructuur aandacht voor minder mobiele inwoners en bezoekers.” Wat is hier concreet aan gedaan? Antwoord We stimuleren partijen om samen te werken en om aanbod te creëren dat voor alle inwoners toegankelijk is. Als voorbeeld: het Reuselummeke dat op initiatief van de Werkgroep Dementievriendelijke gemeente is ontwikkeld door de Heemkunde en het TIP.

Deze route is voor iedereen toegankelijk en in de promotie van de route is extra aandacht gegeven aan onderwerpen zoals eenzaamheid en dementie. Ook bij het renoveren/ vervangen van de verharding van fietspaden is er aandacht voor minder mobiele inwoners en bezoekers en bij majeure projecten wordt daarom het Gehandicaptenplatform betrokken. Een voorbeeld hiervan is de

32

33

34

35

36

60

63

66

68

68

3.4 Doelstelling

4.2

5.2

5.7 Onderwerp

5.7

Postelsedijk waarbij niet alleen de totale verharding is vernieuwd maar ook de ligging/ vorm van het fietspad vanaf de Sleutelstraat tot aan de Belgische grens is veranderd. Vraag “Visie ontwikkelen op de horeca-ontwikkelingen in Reusel-De Mierden.” Wat hebben we gedaan om deze doelstelling te bereiken? Wat zijn de ontwikkelingen op deze doelstelling? Antwoord Er zijn geen ontwikkelingen op deze doelstelling. Vanwege gebrek aan ambtelijke capaciteit en de coronacrisis heeft deze doelstelling niet de prioriteit gehad. Aangezien er uiteindelijk geen concrete initiatieven vanuit de horeca zijn binnengekomen, is het ontwikkelen van een visie minder urgent gebleken. Vraag “We zetten ons actief in om in elke kern een school te behouden.” Hoe komt de component “actief” tot uiting in het handelen van de gemeente naar de scholen toe? Met name met het oog op de Clemensschool in Hulsel. Antwoord We hebben regelmatig contact met alle scholen. Ook werken we op dit moment aan een nieuwe verordening voorzieningen onderwijshuisvesting waarmee we de regelgeving en normbedragen gaan actualiseren zodat bij huisvestingsvraagstukken (zoals de Clemensschool) snel kan worden gehandeld. Ter informatie: op het moment dat er een nieuwe verordening is, welke na de zomer aan de Raad zal worden voorgelegd, zal Kempenkind een aanvraag voor een voorziening indienen inzake de Clemenschool.

Vraag “In 2020 zijn de voorbereidingen gestart voor de aanleg van de nieuwe kunststof atletiekaccommodatie, in 2021 zal de realisatie plaatsvinden. Dit komt verder terug bij de majeure thema’s” Waar komt dit dan terug? Ik lees nergens bij majeure thema’s iets over de nieuwe kunststof atletiekaccommodatie. Antwoord Dit komt terug bij ‘lopende investeringen’ i.p.v. majeure thema’s. Vraag “We streven naar verdere vergroening van de kernen en verbloeming van het buitengebied.” Wat is hier aan gedaan in de andere kernen naast het centrumplan in Reusel? Hier wordt gedoeld op het onderdeel vergroening en verbloeming van de kernen. Antwoord Binnen reconstructie-/herinrichtingsprojecten (bijv. Kruisstraat) wordt ernaar gestreefd de hoeveelheid verharding zoveel mogelijk te beperken t.b.v. meer groen. Verder zijn bijv. in het kader van een Samen Doen project op verschillende markante locaties per kerkdorp bloembollen aangebracht en wildmengsels gezaaid in het buitengebied. Vraag Men streeft in het buitengebied naar meer biodiversiteit. Waarom passen we het maaibeleid van de bermen niet aan? Antwoord Is geen technische vraag.

37

38

39

40

77

77 en 78

80

81

6.3

6.7

7.2

7.4 Doelstelling

Vraag “Ten opzichte van de ramingen heeft er een verschuiving plaatsgevonden van kosten. Daardoor zijn de kosten op onder meer inkomensregelingen lager en met name op begeleide participatie hoger.” Er heeft een verschuiving plaatsgevonden van inkomensregelingen (€ 339.000 voordeel) naar begeleide participatie (€ 561.000 nadeel). Weliswaar een verschuiving maar wel met gevolg een nadeel van € 222.000. Vanwaar dit, per saldo, toch nog grote nadeel? Antwoord De verschuiving verklaart een belangrijk deel van het verschil, maar voor het overige is sprake van afwijkingen tussen raming en werkelijkheid, welke zeker in het sociale domein met open eind regelingen helaas best fors kunnen uitpakken. Zo gingen we bij het opstellen van de begroting 2020 nog uit van een daling van het aantal inwoners met een Pw-uitkering van 5%. In de praktijk gaf 2020 een lichte stijging te zien, waarvan waarschijnlijk de coronacrisis mede de oorzaak is. De coronacrisis heeft ook geleid tot een verschuiving van werkzaamheden van participatiecoaches, die in plaats van de begeleiding van mensen met een uitkering in hun zoektocht naar werk nu ingezet zijn om de Tozo uit te voeren. Maar ook de mogelijkheden om aan werkervaringsplaatsen te komen, waren beperkt. Ook daar is corona waarschijnlijk debet aan.

Vraag “Hoewel de kosten van PGB’s voor zorg aan jeugd zonder verblijf lager zijn (€ 60.000), zijn de kosten van zorg in natura voor dezelfde doelgroep veel hoger (€ 162.000).” Hoe zit dat dan? Hoe kan het zo zijn dat de kosten van PGB’s voor zorg aan jeugd zonder verblijf lager zijn, terwijl de kosten van zorg in natura voor dezelfde doelgroep veel hoger zijn? En wat kunnen we hier aan doen als gemeente? Antwoord De inwoner kan er onder bepaalde voorwaarden voor kiezen dat hij de zorg met behulp van een PGB zelf wil inkopen in plaats van deze te ontvangen in de vorm van zorg in natura (ZIN). Afhankelijk daarvan ligt het zwaartepunt van de kosten zorg zonder verblijf bij PGB of ZIN. Zowel bij PGB als ZIN zijn de kosten afhankelijk van de vraag naar zorg (open einde regelingen). De totale kosten van zorg zonder verblijf zijn wat hoger dan begroot voor 2020. De kosten 2020 op deze post liggen echter lager dan 2019. Er wordt realistisch begroot waardoor er een risico is op incidentele overschrijdingen. Vraag “Er is veel onderzoek gedaan naar regenwater op vacuüm- en drukriool, waarna bewoners zijn aangeschreven om (verplicht) af te koppelen.” Wordt hier vooralsnog gehoor aan gegeven? Antwoord Ja, het grootste deel van de bewoners die aangeschreven zijn hebben het regenwater afgekoppeld. Bij enkele adressen is dat nog niet gebeurd ondanks het versturen van herinneringsbrieven.

Dit blijven we monitoren. De afkoppelvergoeding die de gemeente in 2020 beschikbaar heeft gesteld en de afkoppelverdubbelaar die het Waterschap beschikbaar heeft gesteld, hebben een positieve bijdrage geleverd aan het aantal woningen dat is afgekoppeld. Vraag “Er zijn twee nieuwe initiatieven op het gebied van circulaire economie gerealiseerd.” Om welke twee initiatieven gaat het hier?

41

42

43

90

113

114

8.1

5.1.2

Voorzieningen 4e alinea

Antwoord De in gang gezette ontwikkeling van een grondstoffencentrum en de voorgenomen pilot met een mobiel afvalscheidingsstation zijn twee nieuwe initiatieven, welke weliswaar nog niet afgerond zijn, maar waarmee de verwoorde doelstelling wel wordt beoogd. Vraag “De raming voor bijdrage van derden is met € 123.000 onderschreden. Deze bijdragen betreffen bijdragen op basis van anterieure overeenkomsten.” Hier snap ik niet helemaal hoe dit kan worden onderschreden aangezien alles toch wordt geregeld via een anterieure overeenkomst en daardoor alle kosten worden verhaald op de initiatiefnemer? Antwoord De raming is een uitvloeisel van het enkele jaren geleden vastgestelde “Teamplan RO”. De realiteit bij anterieure overeenkomsten is, dat er vrijwel altijd een vrij fors tijdsverloop zit in het hele proces (van initiatief en overeenkomst tot en met realisatie). Daardoor zijn de inkomsten en uitgaven niet goed in de tijd te ramen en is een structurele inkomstenraming lastig te realiseren. Uit alle anterieure overeenkomsten vloeien wel incidentele inkomsten voort, welke in de jaarrekening worden verantwoord (ook in deze jaarrekening). Vraag Resultaat 2019 wordt toegevoegd aan de algemene reserves ( € 4.131.664). Vervolgens worden deze algemene reserves verminderd als gevolg van vorming van bestemmingsreserves en overheveling niet uitgevoerde taken (resp.

€ 2.400.000 en € 612.000 = € 3.012.000). In de tabel “eigen vermogen” zien we een vermindering van € 3.351.339. Het verschil is dus € 339.339. Er zijn echter nog 3 overhevelingen meer geweest naar de bestemmingsreserves (zie tabel “bestemmingsreserves”). Het totaalbedrag van die 3 overige bestemmingsreserves is € 321.883. Er resteert dan nog een verschil van € 17.456. Zien wij dat juist en is dit dus correct? Antwoord De bedragen sluiten goed aan. Buiten de door u genoemde posten, hebben nog onttrekkingen plaatsgevonden voor dotatie aan reserve Generieke Bereikbaarheidsagenda (RA20.009) voor € 240.000, dotatie aan reserve Planstudie en uitvoering N284 Reusel-Hapert voor € 70.000, dekking eenmalige kosten AVR voor € 14.338,50 en overheveling jaarrekening 2018 naar 2020 voor € 15.000. Vraag “In lijn met het onderliggende VGRP zorgt de voorziening ervoor dat tarieven rioolheffing in de toekomst sterk moeten stijgen als gevolg van een piek in noodzakelijke vervangingsinvesteringen. In de paragraaf 2.2 Lokale heffingen wordt dit verder toegelicht.” Een sterke stijging? Heeft deze voorziening niet juist als doel om ‘sterke pieken en dalen in de tarieven voor rioolheffing te voorkomen’? Overigens kan ik dit bij 2.2 niet terugvinden. Antwoord Het klopt dat het inderdaad gaat om zowel pieken als dalen in de rioolheffing.

De voorziening wordt ingezet om pieken in de rioolheffing af te vlakken (dus lagere heffing dan voor kostendekking noodzakelijk). Daar staat tegenover dat de voorziening wordt gevoed vanuit “dalperiodes” ( waarin de rioolheffing wat meer opbrengt dan voor kostendekking op dat moment noodzakelijk is).

44

121

6

Vraag “Het budget voor Bestemmingsplannen is overschreden met € 310.000. Voor een belangrijk deel (€ 128.000) wordt dit veroorzaakt door een onjuiste bijstelling van de kapitaallasten bij de 2e bestuursrapportage 2020. Deze waren bij de primaire begroting € 6.000 en zijn met € 81.000 verlaagd tot € -75.000. Ondanks zorgvuldige voorbereiding is dit onjuist in de Berap gekomen” Hoe kan dat dan? Foutje bedankt? Antwoord Bij de 2e Berap 2020 zijn voor het eerst de kapitaallasten (rente en afschrijving investeringen) t/m periode 8 geboekt en beoordeeld of deze in lijn lagen met de begrote bedragen. Voorheen werd dit pas bij de jaarrekening gedaan met als gevolg dat het saldo bij de jaarrekening hoger was dan verwacht door het achterblijven van de kapitaallasten. Op basis van een overzicht uit ons financieel systeem is beoordeeld voor welke kredieten de kapitaalasten naar beneden bijgesteld konden worden. Na het vaststellen van de 2 e Berap zijn we er echter achter gekomen dat dit overzicht niet klopte. Hierdoor is de afwijking op kapitaallasten op dit product ontstaan.

Technische vragen VVD Nr. 1

2

3 4

Pag. 5

9

21 e.v. 27

Onderdeel 2.1.5

2.2.8

Vraag en antwoord Vraag We zien dezelfde analoge berichten in zowel D’n Uitkijk als in de PC55; blijft dat ook zo na Covid-19 en wat is daarvan de meerwaarde? Lijken ons redundante media (zie ook: pag. 42). Antwoord Wij sturen onze gemeenteberichten wekelijks naar Kempisch Contact (D’n Uitkijk), PC55 en De Kempenaer. Die laatste twee bepalen zelf welke berichten zij nodig achten om te delen. Daar zijn dan ook geen kosten aan verbonden. Vraag Afvalstoffenheffing ligt ruim 10% lager dan begroot, maar redelijk in lijn met 2019; Wat is de oorzaak en waarom fors hoger begroot? Antwoord De afvalstoffenheffing wordt ieder jaar geraamd op basis van de lasten uit de afvalbegroting, waarin de ramingen van kosten, tonnages, aantal ledigingen etcetera zijn opgenomen. Daarbij is 100% kostendekking het uitgangspunt. In de realisatie zijn er afwijkingen op kosten en hoeveelheden (tonnages, ledigingen, aantal zakken enz.). In de regel hebben ze allemaal een positief resultaat over 2020; (geen vraag; is een reminder voor de politieke behandeling)

2.3.3 en 2.5

Vraag Ondanks de fraude, valt de grote EV positie bij KempenPlus nog steeds op met € 7,2M; op pagina 13 wordt toch aangegeven, dat het weerstandsvermogen mogelijk met een factor van 0,72 te laag zou zijn. Betekent dit dat kempenPlus rekent met een weerstandsvermogen van € 10M ? En hoe komt ze daartoe?

5

28

2.5

6

28

2.5

7

28

2.5

8

9

10

35

36 en 39

45

2.7.6

Antwoord In deze paragraaf is bij verbonden partijen het totale eigen vermogen genoemd en het eigen vermogen omvat meer dan alleen de reserves, waarbij uiteraard ook onderscheid bestaat tussen bestemmingsreserves en algemene reserve, waarbij met name de algemene reserve van belang is bij het weerstandsvermogen. Het benodigde weerstandsvermogen is voor KempenPlus gebaseerd op de gekwantificeerde risico’s. Dat is zo bepaald bij de oprichting van KempenPlus. Vraag BNG: hoe is onze invloed / inspraak daar geregeld? Is daar ook een PoHo die in het AB zit? Antwoord De gemeente is één van de aandeelhouders van de BNG en heeft daardoor een stem in de aandeelhoudersvergadering. De “zwaarte” van de stem is afhankelijk van het aantal aandelen. Vraag Brabant Water: gegevens over 2020 n.n.b., maar waarom is, naar analogie bij KempenPlus dan niet 2019 opgenomen? Antwoord Dat had inderdaad gekund. Maar anders dan bij gemeenschappelijke regelingen is het belang bij een bedrijf als Brabant Water, waarvan wij slechts een kleine aandeelhouder zijn, niet zo groot. Vraag BeNeGo: er staat: “niet bekend”, maar zou dat niet “n.v.t.” moeten zijn? We hebben daar toch geen GR (naar Neerlands recht) mee afgesloten? Antwoord BeNeGo is inderdaad géén gemeenschappelijke regeling. Er zijn echter meer verbonden partijen dan alleen gemeenschappelijke regelingen. Zo kunnen ook stichtingen (bijv.

Bizob) en bedrijven (Brabant Water, BNG) een verbonden partij zijn. Vraag In de laatste kolom van de tabel suggereert het minteken een verlies (in de 2 e kolom wordt de winst immers als plus aangegeven), maar we nemen aan dat dit de verwachte winst is?

2.8

Antwoord Het staatje is door het wisselende gebruik van mintekens inderdaad wat lastig leesbaar. De door u gegeven interpretatie is inderdaad juist: in de betreffende kolom zijn winstbedragen weergegeven. Vraag Covid-19 paragraaf is een goede weergave van de diverse aspecten en de invloed die ze op de diverse programma’s hebben; is het mogelijk om de kosten tegen de (verwachte compensatiegelden) af te zetten in een kolom, zodat er ook een resultaat uit naar voren komt?

Prog. 0

Antwoord Zie het antwoord op vraag 23 van de fractie Samenwerking. Vraag Beleidsindicatoren voor gemeenten < 25.000 ontbreken/ geen data; kan dit bij de VNG worden nagevraagd, dan wel om verzocht worden? Die lijken ons nu net hier uitstekende benchmarks!

11

12

13

47

54

55

0.10

2.1

2.1

14

65

Prog. 4

15

69

5.7

Antwoord De beleidsindicatoren die wij weergeven zijn de verplichte indicatoren. Daarvoor is bepaald dat -op een enkele uitzondering na- de gegevens moeten worden opgehaald van de site “waarstaatjegemeente”. Er is, mede vanuit de vergelijkbaarheid van de indicatoren, géén ruimte voor eigen interpretatie dan wel invulling van de indicatoren. Vraag Lopende investeringen nr. 14: lijkt geen budget te hebben, maar dat is een budget uit 2021 blijkt uit de toelichting (pag. 49); daar staat nu 2020 en dat lijkt ons niet juist. Antwoord Het staat er correct, maar een deel van de kosten is al in 2020 uitgegeven en toen was er formeel nog geen budget, want dat is opgenomen in de begroting 2021. Vraag Financiën van deze projecten “verloopt wat anders dan vooraf gedacht”; is dat dan voordeling (die € 368k)? Of net nadelig, zoals we uit de 1e Berap begrepen (± 700k) en ook uit het overzicht van de lopende investeringen blijkt. Antwoord Het aangegeven voordelige saldo is het voordelige saldo van het gehele programma over 2020. In de 1 e Berap 2021 is niet gerapporteerd over het resultaat over 2020. Zowel in de 1e Berap 2021 als in de jaarrekening 2020 wordt iets gezegd over lopende investeringen. Afwijkingen tussen ramingen en realisatie betreffen onder meer het project N284 en de nieuwe aansluiting tussen de industrieterreinen.

De financiën verlopen anders in de tijd, de uitgaven zullen later in de tijd plaats vinden dan gepland. Vraag Het overzicht van de lopende investeringen, bij nr. 2 laat 2 negatieve bedragen zien; hoe moeten we dat lezen bij de baten? Antwoord Het staatje blinkt op dit punt inderdaad niet uit door duidelijkheid. Het eerste bedrag (-/- € 626.122) betreft een overschrijding van het oorspronkelijke krediet. Het tweede bedrag (-/- € 703.399) betreft een niet geraamd subsidie die ontvangen is. Per saldo is sprake van een restant krediet van € 77.277. Beleidsindicator RdM “Absoluut verzuim” (geen vraag; is een reminder voor de politieke behandeling) Vraag Is het mogelijk om het voordelig resultaat op Openbaar Groen, ad € 193k, of over te hevelen naar 2021, dan wel via een bestemmingsreserve beschikbaar te maken/ houden voor de herijking van het Openbaar Groen? Antwoord Geen technische vraag maar bestuurlijke afweging over de bestemming van het jaarrekeningresultaat. Zowel overheveling als bestemmingsreserve is op zichzelf toegestaan. De vorming van een bestemmingsreserve strookt minder goed met een van de uitgangspunten in het in juli 2020 vastgestelde beleid dat gestreefd wordt naar beperking van het aantal bestemmingsreserves.

16

17

18

19

20

76

77

78

83

84

Prog. 6

6.3 vs 6.4

6.7

Prog. 7

Prog. 7

Vraag Beleidsindicatoren RdM geven in hun algemeenheid een beter beeld dan gemiddeld voor gemeenten < 25.000 inw.; hoe vertaalt zich dat in de cijfers? We lezen toch financiële tegenvallers in dit domein, maar zijn de overschrijdingen dan lager dan gemiddeld in NL? Zijn daar geen indicatoren voor? Antwoord Budgetoverschrijdingen (of -onderschrijdingen) zijn niet alleen afhankelijk van de realisatie maar ook van de raming. Er zijn gemeenten, zoals onze gemeenten, die realistisch ramen, maar ook gemeenten die juist zeer voorzichtig (dus ruim) ramen of juist erg krap. Dat maakt een vergelijking tussen gemeenten op basis van onder- of overschrijdingen van budgetten tot een weinig zinvolle vergelijking. Vraag In 6.4 wordt gesproken van een verschuiving, maar het neg. resultaat van € 561k is € 222k hoger dan het pos. resultaat van € 339k in 6.3. Mede in het licht van de bovenstaande vraag, lijkt ons een nadere analyse geboden. Antwoord Zie het antwoord op vraag 37 van de fractie Samenwerking. Vraag Kosten van zorg in natura zijn € 162k hoger dan begroot; wat moeten we ons hierbij voorstellen en in hoeverre is dat budget beïnvloedbaar? Antwoord De inwoner kan er onder bepaalde voorwaarden voor kiezen dat hij de zorg met behulp van een PGB zelf wil inkopen in plaats van deze te ontvangen in de vorm van zorg in natura (ZIN).

Afhankelijk daarvan ligt het zwaartepunt van de kosten zorg zonder verblijf bij PGB of ZIN. Zowel bij PGB als ZIN zijn de kosten afhankelijk van de vraag naar zorg (open einde regelingen). De totale kosten zorg zonder verblijf zijn wat hoger dan begroot voor 2020. De kosten 2020 op deze post liggen echter lager dan in 2019. Er wordt realistisch begroot waardoor er een risico is op incidentele overschrijdingen. Vraag Beleidsindicatoren voor gemeenten < 25.000 ontbreken/ geen data; kan dit bij de VNG worden nagevraagd, dan wel om verzocht worden? Als we de energietransitie in de toekomst echt smoel moeten gaan geven, zullen daar ook data en benchmarks bij horen! Antwoord Zie het antwoord bij vraag 10. Overigens betekent het feit dat iets niet bij de beleidsindicatoren is opgenomen niet dat bij de voorbereiding en/of uitvoering van beleid geen gebruik wordt gemaakt of kan worden gemaakt van data en/of benchmarkgegevens. Vraag Juridische ondersteuning slurpt nogal wat geld op veroorzaakt door één organisatie; welke organisatie is dit (vgl. interview met wethouder P. v.d. Noort in BD van 5 juli jl.)? En kunnen we ook hier een bedrag noemen? Antwoord Wij achten het niet gepast en in het kader van beantwoording van technische vragen ook niet relevant om in dit soort openbare stukken de naam van de organisatie concreet te noemen..

21

De kosten in 2020 bij VTH voor extra ambtelijke inzet op handhavingsverzoeken en verzoeken om intrekken van milieuvergunningen bedroegen €77.400 (begroot was 120.000,-). Hiervan is 20% = ca € 15.400,- voor rekening gekomen van Reusel-De Mierden. Voorts is in 2020 ca € 13.000 door Reusel-De Mierden betaald aan proceskosten en dwangsommen op ingebrekestellingen. Daarbij bestaat dit bedrag aan circa 65% aan verbeurde dwangsommen. In 2021 is tot nu toe al € 6.666,- betaald aan proceskosten en dwangsommen. Daarbij bestaat dit bedrag uit circa 90% proceskosten. Vraag Lopende investeringen nr. 8 en 9: waarom zitten hier zulke grote vertragingen op (> 1 jaar)?

85 en 86

22

90

Prog. 8

23

118 vs 106

Prog. 8

24

25

109

111 en 112

5.1.1

Antwoord De vertragingen hebben meerdere oorzaken. De uitvoeringsprojecten vragen meer voorbereidingstijd om zorgvuldig met burgerparticipatie om te gaan. Dit is in coronatijd lastig. Ondanks de contracten met ingenieursbureaus, moet er vanuit de afdeling ook voldoende capaciteit zijn om deze aan te sturen. Er is sprake van verschillende tegenvallers, waaronder saneringen tijdens de uitvoering en uitgestelde planningen. Grotere projecten zoals de reconstructie van de Turnhoutseweg en de aankomende herinrichting van de Marialaan vragen grotere investeringen dan het krediet dat jaarlijks beschikbaar is. Kredieten worden daarom opgespaard of in een bepaald jaar niet volledig/direct aangewend zodat als het ware ‘gespaard’ kan worden voor de grotere projecten. Beleidsindicatoren RdM vs < 25.000 inw.; geen vraag; is een reminder voor de politieke behandeling, maar toch: hup, zet op de site van de gemeente! TOP! Vraag Had die pagina 118 niet voor 106 gemoeten? Antwoord Ja, dat klopt. De balans is onderdeel van de jaarrekening, dus de betreffende titelpagina zit niet op de juiste plaats. Excuses. Vraag IVA Bijdrage aan activa in eigendom van derden: heeft dit betrekking op software bij de GRSK? Graag even toelichten. Antwoord In het kader van IDOP’s is destijds voor de realisatie van een nieuwe Schakel iets meer dan € 1,0 mln. beschikbaar gesteld.

De Schakel is geen eigendom van de gemeente. Dit actief wordt in 40 jaar afgeschreven. Vraag Voorziening Dub.Deb. heeft volledig betrekking op posten uit 2018, terwijl ook uit 2019 grote posten open staan; zijn die inmiddels afgelopen/ ontvangen of staan ze nog open en lopen we ook hier nog risico’s? En waarom dan niet (deels) voorzien? Antwoord Invordering heeft voortdurend de aandacht. Zo ontvangen debiteuren na het verstrijken van een vervaltermijn snel een herinnering / aanmaning en worden waar nodig betalingsregelingen getroffen. In het uiterste geval wordt de deurwaarder ingeschakeld. Als deze verder geen invorderingsmogelijkheden meer ziet, wordt de vordering oninbaar verklaard. Bij oninbare vorderingen boven de € 2.500 wordt dit ter besluitvorming voorgelegd aan het college. Bij de jaarrekening wordt voor de grotere posten nog eens extra bekeken in hoeverre deze naar verwachting geïnd kunnen worden. Afhankelijk van die beoordeling wordt wel of niet een voorziening gevormd.

26

26

27

113

113

117

5.1.2

5.1.2

5.2

Voor de jaarrekening stond er, zoals op pagina 112 vermeld, € 512.000 aan vorderingen langer dan 90 dagen open bij een vijftal debiteuren. Al deze vorderingen staan op dit moment nog open. Voor een bedrag van bijna € 297.000 worden nog 2 rechtszaken gevoerd. De rechter heeft nog geen uitspraak gedaan. Deze vorderingen nog niet voorzien omdat wij vertrouwen in een goede afloop van de rechtszaken. In 2019 is een subsidie aangevraagd bij de Provincie Noord-Brabant. Deze is destijds in zijn geheel opgevoerd. Pas bij de definitieve vaststelling wordt de resterende € 180.000 aan ons betaald. Het risico dat de provincie niet betaalt, schatten wij als laag in, zodat daarvoor geen voorziening voor de hand ligt. Verder staat nog een bedrag van ongeveer € 23.000 aan huur open waarvoor vanwege corona uitstel is gegeven. Tot slot staat nog een dwangsom open van € 11.000, welke al in 2019 is voorzien. De deurwaarder probeert deze nog steeds te innen. Vraag Bestemmingsreserves: Onderhoud wegen (€ 381k) is ook opgenomen onder de voorzieningen; waar heeft dan deze reserve specifiek betrekking op? Antwoord Die reserve wordt benut voor de aanpak van wegen in het centrumplan Hart van Reusel. Voor nadere informatie verwijzen wij naar de in juli 2020 vastgestelde Nota reserves, voorzieningen en afschrijvingsbeleid.

Vraag Bestemmingsreserves: Investering kapitaalgoederen (€ 2,4M) kende een uitputting/ aanwending inzake De Kei; dient deze dan niet separaat verantwoord te worden, zodat het restsaldo blijkt? Antwoord Een deel van de reserve investering kapitaalgoederen wordt inderdaad conform raadsbesluit aangewend voor De Kei. Maar jaarrekeningcijfers geven gerealiseerde cijfers weer en de mate waarin een beroep wordt gedaan op de bestemmingsreserve is afhankelijk van de kosten. Eerst moet er dus een uitgewerkt plan liggen dat aanbesteed is. Dan is pas te beoordelen wat de kosten gaan worden en welk deel ten laste van de reserve komt. Vraag Overzicht “Niet uit de balans blijkende verplichtingen”, laat regels zien met een einddatum van 01-01-2021 (zie bijv. Baetsen € 426k); is dat slechts formeel of komen hier nog lasten uit? Antwoord Inderdaad een beetje formeel, maar in de verantwoording over 2020 nemen wij alle contracten mee die in 2020 nog lopen. In dit geval vloeien daar na 2020 geen verplichtingen meer uit voort.

Technische vragen PvdA Nr. 1

Pag. 51

Onderdeel Majeure thema’s: veiligheid

Vraag en antwoord Vraag Constaterende een toename van verwarde personen 2019, 35 personen en in 2020, 65 personen. Een flinke toename. In de programmabegroting 2020/2023 lees ik; “inmiddels is er een actieplan opgestart voor een sluitende aanpak voor personen met

verward gedrag. (10.000.- subsidie). Hoe zit dit actieplan eruit? Waarom een toename in plaats van afname? Worden er nu andere stappen ondernomen in de aanpak voor verwarde personen? Zo ja, welke stappen? Zo nee, waarom niet? Antwoord Het aantal meldingen van overlast door verwarde/overspannen personen is toegenomen naar 68 ten opzichte van 35 in 2019 en niet het aantal personen met verward gedrag. Vier inwoners zijn betrokken bij 65% van 68 meldingen (44 meldingen). De stijging van het aantal meldingen heeft er grotendeels mee te maken dat mensen door de coronamaatregelen veel thuis zijn en daardoor sneller melding maken van overlast. Deze personen zijn in beeld en doorgeleid naar de zorg- en/of hulpverlening. Het actieplan behelst een aantal stappen om tot een sluitende aanpak te komen. De stappen bestaan uit preventie, signalering, melding, beoordeling en toeleiding. Lokaal vindt de afstemming plaats in een Integraal Zorg en Woonoverlastteam (met politie, Loket A tot Z, woningbouw, hulpverlening). Waar nodig wordt de casus opgeschaald naar de procesregie van het Zorg- en Veiligheidshuis (regionaal). 2

3

4

88

92

105

8.3

2

Klacht 2019

Vraag Wonen en bouwen: Wat willen we bereiken en wat is de doelstelling, de visie. “invulling geven aan de verwachte woonbehoefte van 265 woningen in de periode 2018-2023. Realiseren van minimaal 55 sociale huurwoningen” Deze sociale huurwoningen is veel te weinig. Als we de norm hanteren die vastgelegd is, namelijk 40%, dan zouden er minimaal 106 sociale huurwoningen gerealiseerd moeten worden in uw doelstelling en visie. Antwoord De norm 40% sociale woningbouw gaat zowel over de realisatie van sociale huurwoningen als sociale koopwoningen. De constatering dat er dan minimaal 106 sociale huurwoningen gerealiseerd moeten worden (in plaats van de minimaal 55 sociale huurwoningen), is dan ook niet correct. Bij projecten van meer dan 10 woningen streven we naar 20% sociale huur. Afgezet op de verwachte woonbehoefte van 265 woningen is dit 53 sociale huurwoningen. Het aantal van minimaal 55 sociale huurwoningen komt hiermee overeen. Vraag Ontwikkeling Rouwenbogtloop “sinds kort hebben we twee aangrenzende percelen aangekocht die ingericht kunnen worden in samenwerking met de initiatiefnemer die een ontwikkeling gaat doen aan de Rouwenbogtloop” Er is nergens te lezen waar en hoe de aankoop van deze twee percelen tot stand is gekomen.

Antwoord Aan- en verkoop van gronden binnen door de raad beschikbaar gestelde budgetten is geen raadsbevoegdheid, zodat daarover in beginsel niet wordt gerapporteerd. Vraag Ruimtelijk beheer. “uitblijven handhaving. Gebrekkige communicatie” Gebrekkige communicatie is nu in 2021 nog steeds aan de orde. Ik denk dan nu aan de brief van juni 2021 van Dorpsraad Lage Mierde bij ingekomen stukken. Tweemaal is er contact gezocht met de wethouder, geen reactie. Het wordt nu toch wel tijd dat een goede communicatie toch wel opgelost moet zijn. Zowel in handhaving als in andere verhoudingen met inwoners van Reusel de Mierden. Antwoord Er is geen sprake van een technische vraag in het kader van de jaarrekening.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=ReuselDeMierden&id=23efc25f-3302-476c-922a-19bb0cdc95ea