[RA25.018] Ontwerpbegroting 2026 Veiligheidsregio Brabant Zuidoost
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Vergaderdatum: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa: Portefeuillehouder:
Ontwerpbegroting 2026 Veiligheidsregio Brabant Zuidoost 27 mei 2025 RA25.018 Z25001395 mw. A.J.M.H. van de Ven burgemeester
Voorstel 1. Geen zienswijze in te dienen op de financiële ontwikkeling van de Ontwerpbegroting Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost 2026. 2. De opmerkingen - uit bijlage drie - kenbaar te maken. Inleiding De Veiligheidsregio Brabant Zuidoost (VRBZO) behartigt de belangen van de gemeente op de terreinen van brandweerzorg, geneeskundige hulp bij ongevallen en rampen en crisisbeheersing. Het Dagelijks Bestuur van de VRBZO biedt haar ontwerpbegroting 2026 aan de raden van de 21 deelnemende gemeenten aan, welke in de gelegenheid worden gesteld om voor 8 juni 2025 hierop een zienswijze kenbaar te maken ofwel aan te geven hierop geen zienswijze te geven. Argumenten 1.1 Extra gelden zijn nodig vanwege de bestuurlijke deelopdracht 1: het voldoen aan de wet en regelgeving. De VRBZO speelt een cruciale rol in het creëren van een veilige werk-, woon- en leefomgeving door risico’s te identificeren, veiligheid te bevorderen en partners te laten samenwerken. In een samenleving waar veiligheidsrisico’s toenemen en complexer worden, groeit de druk op de organisatie om aan hoge eisen en verwachtingen te voldoen. VRBZO constateert echter dat zij niet langer in staat is om deze taken naar behoren uit te voeren. Hieronder worden de belangrijkste punten uit deel 1 van de bestuurlijke opdracht beschreven.
Taakuitvoering primair proces De Wet veiligheidsregio’s is duidelijk in wat de taken en verantwoordelijkheden van een veiligheidsregio zijn en waaraan ook VRBZO moet voldoen. Het op orde hebben van de primaire taakuitvoering is van groot belang. Zeker omdat het hierbij gaat om het voorkomen en beperken van levensbedreigende situaties en het in belangrijke mate bijdragen aan de maatschappelijke continuïteit. Een verhoging van de formatie van vrijwilligers en beroepsbrandweer is daarvoor noodzakelijk. Veranderingen in veiligheidsrisico’s vragen om andere vormen van opgeleid worden en opgeleid blijven. Inzet van moderne methoden en didactische inzichten zijn nodig om de vakbekwaamheid van de mensen op peil te brengen en houden, aangezien het traditioneel oefenen te beperkt in mogelijkheden is en aanloopt tegen praktische en milieutechnische grenzen. Mede vanwege de komst van de Omgevingswet wordt een steeds hoger kennisniveau van de veiligheidsadviseurs gevraagd. Personele zorg De loyaliteit van de medewerkers aan het vak en aan de inwoners en bedrijven waar ze het allemaal voor doen, is groot. De samenwerking binnen de organisatie is sterk en dienend aan de gezamenlijke missie ‘Zorg voor veiligheid’. Met die instelling is de VRBZO tot op heden in staat gebleken om de taken van een veiligheidsregio in voldoende mate te kunnen uitvoeren.
Een risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) heeft echter aangetoond dat er een groot aantal tekortkomingen zijn. Die kunnen alleen worden opgepakt met behulp van voldoende deskundig personeel en beschikbaarheid van voldoende financiële middelen. Huisvesting en materieel In de laatste fase van de regionalisering van de brandweer in 2014 zijn de huurafspraken voor gebruik van brandweerkazernes vastgelegd. Duidelijk was daarbij welk deel van de huurovereenkomst de RA25.018
*RA25.018*
1
verantwoordelijkheid is van verhuurder en van huurder. Inmiddels is duidelijk dat ook vanuit de huurderszijde als VRBZO een goede beheersorganisatie nodig is om toekomstbestendige huisvesting te kunnen blijven garanderen. Dit vraagt om samenwerking tussen gemeenten, deskundige inbreng vanuit VRBZO en beschikbaarheid van voldoende middelen. Verduurzaming is ook aan de orde bij het beheren en vervangen van materialen en materieel. De organisatie is niet in staat om de verzwaringen in eisen en processen, de toename in werkzaamheden en de kostenverhogingen bij vervangingen op te vangen. En dit terwijl de onvoorwaardelijke beschikbaarheid van materialen en materieel essentieel is voor het veilig en effectief kunnen uitvoering van de hulpverleningstaken, zoals goed functionerende communicatiemiddelen tijdens brandweerinzetten. Ondersteuning organisatie Het primair proces binnen de Veiligheidsregio kan alleen goed functioneren als het kan leunen op de goede ondersteuningsprocessen en ondersteunende middelen. Een essentieel onderdeel is het kunnen werken met betrouwbare hard- en software, netwerken en informatiebronnen. Voor veel aspecten is deze ondersteuning niet gegarandeerd. Regionaal beleidsplan Het besluit over deelopdracht 1 vond plaats in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 12 december 2024.
In het verlengde van deze deelopdracht gaat de VRBZO een meerjarig regionaal beleidsplan 2027-2030 opstellen zoals bedoeld in de Wet Veiligheidsregio’s. In dit beleidsplan staat de koers van de organisatie voor de komende jaren. Het gaat hierbij om inhoudelijke beleidsthema’s van brandweerzorg en crisisbeheersing. Denk hierbij aan de nieuwe beleidsrichtingen voor natuurbrandbestrijding, hulpverlening en de landelijke agenda crisisbeheersing. Maar ook andere strategische thema’s worden meegenomen het nieuwe beleidsplan, zoals huisvesting, duurzaamheid en wat ontwikkelingen in de schaalsprong en ruimtelijke infrastructuur zoals Knooppunt XL voor ons betekenen. De VRBZO heeft tijd nodig om het beleid hierover helder en op orde te krijgen. Dat zal onder meer gevolgen hebben voor de investeringsbegroting die volgend is aan het beleid. Daar waar het bestuurlijke beleidskeuzes betreffen leggen zij een onderbouwd investeringsplan voor aan het bestuur. De richting van de koers wordt in het eerste halfjaar van 2025 door het bestuur besproken. Na ambtelijke uitwerking van de koers in een samenwerking tussen bestuur, directie en organisatie, raden en partners wordt een concept regionaal beleidsplan begin 2026 voor verdere besluitvorming ingebracht.
Voorafgaand aan vaststelling door het bestuur worden gemeenteraden in de gelegenheid gesteld een zienswijze te geven en worden de gemeenteraden betrokken bij het opstellen van de inhoud van het ontwerpbeleidsplan zoals de Wet veiligheidsregio’s dat voorschrijft. Inhoudelijke ontwikkelingen met een financieel effect op ontwerpbegroting 2026 o Efficiencykorting brede doeluitkering rampenbestrijding (BDuR) via de systematiek van een specifieke uitkering (SPUK) In de voorjaarsnota zal de minister meer duidelijkheid geven of de voorgenomen efficiëntiekorting van 10% blijft bestaan. Daarom is de korting opgenomen als risico in de risicoparagraaf. Als de structurele korting in stand blijft, moet alsnog worden bepaald hoe de lagere BDuR wordt opvangen in de (meerjaren)begroting 2026. o Landelijke strategische agenda brandweerzorg en crisisbeheersing Drie opgaven: 1. Versterken (boven)regionale crisisbeheersing en daaraan gerelateerde informatievoorziening. 2. Organiseren van toekomst vaste brandweerzorg. 3. Verbeteren en vereenvoudigen van het brandweeronderwijsstelsel en inrichting van een daarop geïnspireerd stelsel voor crisisonderwijs. En als gevolg van punt 1 tot en met 3 duurzame inzetbaarheid. Aandacht voor goed werkgeverschap, boeien en binden van personeel en inspelen op de medewerker van de toekomst. Ad. 1.
Voor het uitvoeren van de landelijke agenda crisisbeheersing zijn de extra BDuR middelen beschikbaar. Ad. 2. De brandweerzorg moet veranderen omdat de maatschappij voortdurend met nieuwe risico’s wordt geconfronteerd. Een toekomstbestendige brandweer moet over voldoende capaciteit en slagkracht beschikken om naast de lokale en regionale basisbrandweerzorg het hoofd te kunnen bieden aan grootschalige en nieuwe incidenttypen. Regionaal zijn er meerdere inhoudelijke thema’s RA25.018
*RA25.018*
2
waarop de komende jaren veel ontwikkelingen zijn. Hierbij gaat het concreet om bijvoorbeeld de landelijke strategie natuurbrandbestrijding, de landelijke visie op hulpverlening (HV) en de landelijke systematiek van het gebied gebonden dekkingsplan en de uitwerking hiervan in capaciteit en middelen. Regionaal zijn dit de bouwstenen voor het nieuwe beleidsplan. Een en ander is niet mogelijk zonder stevige investeringen. Ad. 3. Het onderwijsstelsel moet flexibeler worden gemaakt en beter passen in de praktijk. De ambitie van het programma is een goed werkend onderwijsstelsel met praktijkgericht, flexibel en up-to-date onderwijs voor alle mensen van de brandweer en crisisbeheersing in de veiligheidsregio’s. Er is een koersplan opgesteld, waarin staat beschreven hoe de verbetering van het onderwijsstelsel de komende jaren wordt aangepakt. Ad. 4. De minimaal vereiste maatregelen die gerelateerd zijn aan (arbo)wetgeving worden meegenomen in deelopdracht 1. Goed werkgeverschap in brede zin wordt meegenomen in het nieuwe regionaal beleidsplan. Het blijven boeien en binden van personeel heeft ook uitdrukkelijk betrekking op vrijwilligers. Het is de laatste jaren namelijk steeds moeilijker gebleken voor de VRBZO om deze binnen te halen en te houden. o Ontwikkelingen bedrijfsvoering De reguliere bedrijfsvoeringsprocessen moeten op orde zijn.
In control op rechtmatigheid, efficiency en goede personele zorg zijn hierbij de belangrijkste uitgangspunten. o
Overige ontwikkelingen en risico’s - Schaalsprong Brainport - Invloed economische en technische ontwikkelingen op investeringen. Economische en technologische ontwikkelingen gaan effect hebben op de investeringsbegroting. Technologische ontwikkelingen en moderne maatschappelijke normen zorgen voor nieuwe standaarden waar de mensen, maar ook de voertuigen en gereedschappen aan moeten voldoen. - Algemene reserve. De algemene reserve is de afgelopen jaren gebruikt om de kostenstijging voor de gemeenten te dempen en is daardoor sterk verminderd. Daardoor is deze onvoldoende om grote financiële tegenvallers op te vangen. - Structureel budget voor projecten. Er is momenteel geen structureel budget voor projecten beschikbaar, zoals implementatiebudget voor beleid of (nieuwe) ICTsystemen, kortdurende inhuur van specifieke expertise en andere eenmalige trajecten die om budget vragen.
o Opbouw gemeentelijke bijdrage en investeringsbegroting. Baten Voorgesteld wordt om de gemeentelijke bijdrage aan te passen aan de inflatie en daarom te indexeren met 3,95% (bestaande uit een gewogen gemiddelde van de loonvoet sector overheid: 4,70% en prijs materiële overheidsconsumptie 2,70%). Lasten De indexering van de loonkosten is nog niet bekend, maar er wordt uitgegaan van een gelijke verhoging van de loonkosten als er via indexering beschikbaar komt. Voor de overige kosten wordt een budget gereserveerd in de begroting, waarmee indexeringen kunnen worden toegepast als dat nodig is. Bovenop de al bestaande structurele bijdrage van de gemeenten wordt een bedrag opgenomen ter voldoening aan de bestuurlijke opdracht. In 2026 en 2027 wordt een deel voldaan vanuit onderbesteding en de reserve. Vanaf 2028 wordt dit echter structureel vooralsnog € 6.000.000,-. Het definitieve bedrag zal echter pas bekend worden nadat het regionaal beleidsplan is vastgesteld. 2.1 Het vinden van gekwalificeerd personeel kan een uitdaging vormen. De aanzienlijke toename van het aantal benodigde fte roept de vraag op of het daadwerkelijk mogelijk zal zijn om deze functies op korte termijn te vervullen. De huidige arbeidsmarkt is immers gespannen, en het vinden van gekwalificeerd personeel kan een uitdaging vormen.
2.2 De gemeenten krijgen de komende jaren te maken met een forse financiële opdracht. RA25.018
*RA25.018*
3
De gemeentelijke financiën komen de komende jaren onder druk te staan, met als gevolg sterke begrenzingen van de financiële middelen.
Kanttekeningen 1.1 Een zienswijze kan leiden tot een gewijzigd besluit van het algemeen bestuur van het VRBZO Aan de hand van dit voorstel en de ontwerpbegroting 2026 VRBZO kan uw raad besluiten over bepaalde zaken een zienswijze in te dienen. De kans bestaat dat een of meerdere gemeenten binnen de VRBZO zich niet kunnen vinden in de voorgestelde ontwerpbegroting 2026. Een zienswijze om niet in te stemmen heeft voornamelijk effect als deze door een meerderheid van de 21 gemeenten wordt gesteund. 1.2 Gemeentelijke bijdrage kan in de toekomst nog stijgen Afhankelijk van de ontwikkelingen rondom het ontwerpbeleidsplan kan in de toekomst een hogere bijdrage gevraagd worden. De bedragen genoemd in de jaarschijf van de jaren 2027 tot en met 2029 moeten dan ook als indicatief worden beschouwd. 1.3 Inzet reserve VRBZO Om de gemeentelijke bijdrage te dempen, zet de VRBZO haar eigen reserve volledig in 2026 en 2027 in voor het financieren van de bestuursopdracht. Dit betekent dat de VRBZO geen middelen meer heeft om onverwachte tegenvallers op te lossen. In de toekomst zal deze reserve ook weer aangevuld dienen te worden.
Jaar
Totaal bestuurlijke opdracht Uit onderbesteding VRBZO Uit reserve VBRZO Van gemeenten 2026 € 5.000.000 € 1.000.000 € 1.870.000 € 2.130.000 2027 € 6.000.000 € 1.330.000 € 4.670.000 2028 € 6.000.000 € 6.000.000
Financiën In de ontwerpbegroting wordt voorgesteld om de gemeentelijke bijdrage voor 2026 met 3,95% te indexeren. Daarbovenop wordt een extra bijdrage gevraagd van de gemeenten voor zaken uit bestuursopdracht 1 ‘voldoen aan de wet- en regelgeving’. Voor het jaar 2026 wordt een extra bijdrage gevraagd van de gemeenten totaal € 2.130.000,(gedeelte voor de gemeente Reusel-De Mierden bedraagt in € 36.880) voor zaken uit bestuursopdracht 1 ‘voldoen aan de wet- en regelgeven’. In 2027 en 2028 neemt de bijdrage aan de bestuurlijke opdracht toe. In onderstaande tabel staat het gevraagde extra budget van de gemeentelijke bijdrage ten opzicht van de huidige begroting.
Begroting Reusel-De Mierden Gemeentelijke bijdrage inclusief 3,95% indexatie Totale Gemeentelijke bijdrage inclusief bestuurlijke opdracht Mutatie
2026 € 974.478 € 974.478
2027 € 974.478 € 974.478
2028 € 974.478 € 974.478
2029 € 974.478 € 974.478
€ 1.011.358
€ 1.055.336
€ 1.078.365
€ 1.078.365
€ -36.880,-
€ -80.858,-
€ -103.887,-
€ -103.887,-
Vervolg Zowel de opmerkingen als mogelijke zienswijze moeten voor 8 juni 2025 bij de VRBZO zijn ingediend. Bijlagen RA25.018
*RA25.018*
4
Bijlage 1 Aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2026 Bijlage 2 Ontwerpbegroting 2026 Bijlage 3 Opmerkingen ontwerpbegroting 2026 het college van burgemeester en wethouders, {{esl: Signer1:signature:size(200,50)}}
{{esl: Signer2:signature:size(200,50)}}
dhr. J.P.P.S. Ruyters secretaris
mw. A.J.M.H. van de Ven burgemeester
RA25.018
*RA25.018*
5
Raadsbesluit Vergaderdatum: Onderwerp: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa
27 mei 2025 Ontwerpbegroting 2026 Veiligheidsregio Brabant Zuidoost RA25.018 Z25001395
De raad van de gemeente Reusel-De Mierden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 april 2025 gelet op artikel artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Wet op de veiligheidsregio's Besluit 1. Geen zienswijze in te dienen op de financiële ontwikkeling van de Ontwerpbegroting Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost 2026. 2. De opmerkingen - uit bijlage drie - kenbaar te maken.
De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
mw. I.A.C. de Groot
mw. A.J.M.H. van de Ven
RA25.018
*RA25.018*
6