[RA23.066] - Afdrachten beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen– afdracht voor zonneparken
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Vergaderdatum: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa: Portefeuillehouder:
Afdrachten beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen– afdracht voor zonneparken 3 oktober 2023 RA23.066 Z23002342 de heer P.J.M. van de Noort wethouder
Voorstel Het addendum beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen vast te stellen en daarmee te besluiten om voor zonneparken: 1. De bijdrage aan het duurzaamheidsfonds te laten vervallen. De afdracht voor zonnepark projecten is hierdoor 1€/MWh per jaar voor een periode van 20 jaar. De afdracht wordt gedaan in het omgevingsfonds. 2. De gelden van het omgevingsfonds zijn niet alleen inzetbaar voor de directe omgeving maar kunnen ook worden ingezet binnen de gemeentegrenzen van de gemeente Reusel-De Mierden 3. Het doel van het omgevingsfonds is verbreed van alleen lokale gebiedsontwikkeling met aanvullend het stimuleren van verduurzaming. 4. Het is mogelijk om omgevingsfondsen van projecten die gelijktijdig in elkaars nabijheid worden gerealiseerd samen te voegen in één omgevingsfonds. 5. Voor het beheer van het omgevingsfonds, de verdeling van de gelden evenals de procedure waarmee de gelden worden verdeeld worden nadere afspraken gemaakt met de betrokken partijen die worden vastgelegd in een ‘fondsreglement’. De gemeente is bereid om waar wenselijk een beherende rol te vervullen.
Inleiding In het beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen, dat op 26 mei 2020 is vastgesteld door de gemeenteraad van Reusel-De Mierden, zijn voorwaarden opgenomen over financiële afdrachten door initiatiefnemers van zonne- en windparken ten behoeven van een omgevingsfonds en een duurzaamheidsfonds. Op basis van de huidige voorwaarden worden initiatiefnemers verzocht €2 per geproduceerde MWh af te dragen, te weten: €1,- per geproduceerde MWh t.b.v. omgevingsfonds €1,- per geproduceerde MWh t.b.v. duurzaamheidsfonds De intentie van de afdrachten is om te zorgen dat een deel van het profijt van de zonne- en windenergie projecten ten goede komt van de directe omgeving (omgevingsfonds) en de overige inwoners van de gemeente (duurzaamheidsfonds). Aanvullend vraagt het beleid ook om de projecten te realiseren met een streven naar 50% lokaal eigendom. Op deze manier kunnen inwoners en bedrijven in de Kempen ook mede-eigenaar worden en direct investeren in een zonne- of windpark. Dit is een vorm van individueel profijt voor hen die hier de financiële mogelijkheden voor hebben.
Het beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen beoogt dus om een win-win situatie te creëren waarin alle betrokken partijen profiteren: De gemeente behaalt haar duurzaamheidsdoelstellingen, de initiatiefnemer maakt een gezond rendement, de directe omgeving wordt ‘gecompenseerd’ voor de ‘overlast’ van het project (omgevingsfonds), kapitaalkrachtige inwoners en bedrijven kunnen investeren (lokaal eigendom), maar ook inwoners met minder financiële middelen kunnen profiteren vanuit het duurzaamheidsfonds. De hoogte van de afdracht is destijds onderzocht op haalbaarheid en gebruikt als onderbouwing van het beleid. Echter is in de afgelopen periode gebleken dat het voldoen aan de voorwaarden voor de afdrachten in de fondsen, in combinatie met het streven naar lokaal eigendom, de zonnepark projecten blootstelt aan te hoge risico’s. Het vasthouden aan deze afdrachten betekent derhalve dat de gemeente initiatiefnemers verzoekt om onverantwoorde financiële risico’s te nemen of dat de projecten geen doorgang vinden. Om dit te voorkomen wordt aan u, middels een addendum, voorgesteld om de afdrachten voor zonneparken aan te passen. Tevens zijn er aanvullingen toegevoegd over het beheer en de inzet van de gelden van het omgevingsfonds. De gemeenten Oirschot en Eersel hebben reeds een addendum van vergelijkbare strekking vastgesteld.
Beide wijken af van de oorspronkelijke totale afdrachten van €2,- per MWh/jaar voor RA23.066
*RA23.066*
1
beide fondsen. In Oirschot is op 25 januari 2022 besloten om in totaal €0,50 per MWh/jaar te vragen. De periode van afdrachten van 20 jaar is ongewijzigd. In Eersel heeft de raad er op 4 juli 2023 voor gekozen om met een ‘gestaffelde afdracht’ te werken. In dit model, dat is voorgesteld door initiatiefnemers, is de jaarlijkse afdracht variabel en afhankelijk van de elektriciteitsprijs met een minimumafdracht van €0,50 per MWh/jaar en een maximum afdracht van €2,- per MWh/jaar. De afdrachten vinden plaats gedurende de operationele looptijd van het zonnepark. Na verwachting is dit 25 jaar. Het beoogt doel van dit voorstel is de realisatie van zonneparken mogelijk te maken door voorwaarden van het beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen betreffen het omgevingsfonds en het duurzaamheidsfonds aan te passen. Dit met inachtneming van het uitgangspunt dat de verschillenden ‘doelgroepen’ financieel kunnen profiteren van de ontwikkeling. Momenteel bevinden zich een tweetal zonneparken in het vergunningstraject met nog een derde project dat mogelijk nog tot een vergunningsaanvraag over gaat. De wijzigingen in het addendum grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen zullen op deze projecten van toepassing zijn. Om het doel te bereiken zijn de voorwaarden voor windenergie ongewijzigd en beschrijft het addendum de volgende aanpassingen voor zonneparken: 6.
De bijdrage aan het duurzaamheidsfonds komt te vervallen. De afdracht voor zonnepark projecten is hierdoor 1€/MWh per jaar voor een periode van 20 jaar. De afdracht wordt gedaan in het omgevingsfonds. 7. De gelden van het omgevingsfonds zijn niet alleen inzetbaar voor de directe omgeving maar kunnen ook worden ingezet binnen de gemeentegrenzen van de gemeente Reusel-De Mierden 8. Het doel van het omgevingsfonds is verbreed van alleen lokale gebiedsontwikkeling met het stimuleren van verduurzaming. 9. Het is mogelijk om omgevingsfondsen van projecten die gelijktijdig in elkaars nabijheid worden gerealiseerd samen te voegen in één omgevingsfonds. 10. Voor het beheer van het omgevingsfonds, de verdeling van de gelden evenals de procedure waarmee de gelden worden verdeeld worden nadere afspraken gemaakt met de betrokken partijen die worden vastgelegd in een ‘fondsreglement’. De gemeente is bereid om waar wenselijk een beherende rol te vervullen. Onderstaand worden per aanpassing de afwegingen en argumenten uiteen gezet. Argumenten 1.1 Vermindering van de afdrachten van €2 per geproduceerde MWh naar €1 per MWh maakt dat de risico’s voor zonnepark projecten acceptabel zijn en de projecten financieel haalbaar(der) zijn om te realiseren. In de afgelopen periode hebben er frequent gesprekken plaatsgevonden met initiatiefnemers.
Hierin werd structureel aangegeven dat of niet voldaan kon worden aan de voorwaarden voor financiële afdrachten uit het beleid, of dat dit tot hoge risico’s zou leiden voor het project. Om deze risico’s beter te begrijpen is een globaal inzicht in de manier waarop zonneparken worden ontwikkeld wenselijk: op het moment dat initiatiefnemers hun plannen indienen bij de gemeente (voor toetsing en vergunningen) is het zonnepark nog in een ontwerpfase. Vanaf dit moment kan het nog een aantal jaren duren voordat het zonnepark ook daadwerkelijk gebouwd wordt. Na het verkrijgen van de vergunning heeft de initiatiefnemer nog een SDE++ subsidie nodig, moet de financiering nog worden verkregen, dient de netaansluiting te worden gerealiseerd en moet het zonnepark gebouwd worden. Op het moment dat de initiatiefnemer zich in een vroeg stadium committeert aan mogelijk te hoge afdrachten bestaat het risico dat er in een later stadium a) geen sluitende businesscase is om het project te financieren/bouwen of b) dat er onvoldoende rendement kan worden uitgekeerd aan de aandeelhouders. Dit laatste punt is extra zorgelijk omdat op basis van het beleid het zonnepark mogelijk 50% eigendom is van de lokale omgeving.
Of deze risico’s ook daadwerkelijk waarheid worden is met name afhankelijk van de prijs van elektriciteit die voor inkomsten zorgen en de kosten voor materialen die voor de grootste uitgaven zorgen. Vanuit een zonnepark project geredeneerd is het van belang om de risico’s te minimaliseren. Bovenstaande rechtvaardiging voor het verminderen van de gevraagde afdrachten resulteert in een keuze over de mate van vermindering en op welk van de twee fondsen deze van toepassing is. RA23.066
*RA23.066*
2
Onderstaande argumenten beschrijft de rationale voor de voorliggende keuze om de afdracht in het omgevingsfonds te handhaven en die in het duurzaamheidsfonds te laten vervallen. 1.2
De keuze om alleen een afdracht te vragen voor het omgevingsfonds en niet voor het duurzaamheidsfonds is in lijn met de manier waarop dit voor andere zonneparken in den lande wordt vormgegeven. Het is gangbaar om voor zonnepark projecten gebruik te maken van een omgevingsfonds. Er zijn legio voorbeelden in den lande. De exacte invulling van dit fonds, bijvoorbeeld hoe dit wordt beheerd en waar de gelden aan worden besteed varieert echter sterk per zonnepark. Ook de afdrachten variëren per zonnepark zowel in de hoogte van de afdracht als ook de termijn waarover deze worden afgedragen. De reden hiervoor is dat elk zonnepark project uniek is en een eigen businesscase heeft. Het ene project heeft hogere kosten voor landschappelijke inpassing of een netaansluiting terwijl bij het andere project een ontwikkelaar en/of investeerder een hoger rendement wil maken of juist de omgeving meer wil laten profiteren. Het is niet vastgelegd wat de afdrachten moeten zijn, maar het meest voorkomend is €0,50 per MWh/jaar voor 15 jaar. Onderstaande tabel geeft een globale schatting van de totale afdrachten voor de termijn waarop deze worden afgedragen. Hierin zijn 3 verschillende omvangen van een zonnepark meegenomen namelijk van 10 MWp, 20 MWp en 40 MWp. Ter indicatie: de zonneparken die momenteel in het vergunningstraject zitten zijn ongeveer 35 MWp.
Het ‘basis scenario’ van €0,50 - 15 jaar is grijs gearceerd. De voorgestelde opties van €1,00 voor 20 jaar is groen gearceerd en de oorspronkelijke voorwaarde opgenomen in het beleid is blauw gearceerd.
10 MWp 20 MWp 40 MWp
€0,50 15 jaar 71.250 142.500 285.000
€0,50 20 jaar 95.000 190.000 380.000
€1,00 15 jaar 142.500 285.000 570.000
€1,00 20 jaar 190.000 380.000 760.000
€2,00 15 jaar 285.000 570.000 1.140.000
€2,00 20 jaar 380.000 760.000 1.520.000
Met de keuze voor €1,00 voor 20 jaar wordt een compromis gevonden waarbij zowel de afdracht hoger is en de termijn langer is dan wat veel voorkomend is bij andere zonneparken. De rechtvaardiging hiervoor is dat er op deze manier recht wordt gedaan aan de uitgangspunten van het beleid grootschalige zonne- en windenergie maar dat dit tegelijkertijd een realistisch bedrag is gezien de omvang van de zonneparken die momenteel gepland staan. 2.1. Door het uitbreiden van het geografisch gebied van het omgevingsfonds naar de gemeentegrenzen kunnen de gelden ook besteed worden aan doeleinden die anders vanuit het duurzaamheidsfonds zouden worden gefinancierd. Doordat er 2 of mogelijk 3 grote zonneparken in hetzelfde zoekgebied gepland zijn en mogelijk gerealiseerd worden, doet de situatie zich voor dat er veel gelden beschikbaar komen in een fonds waarbij de directe omgeving (gangbare definitie is straal van 500 meter) bestaat uit een beperkt aantal inwoners waarvan een deel ook nog grondeigenaar is van de zonneparken en al inkomsten geniet van het zonnepark. Om te voorkomen dat de gelden uiteindelijk niet ingezet kunnen worden ligt het voor de hand om gezamenlijk met de betrokken partijen af te spreken hoe deze ten goede kunnen komen aan de bredere gemeenschap. Hiervoor kunnen er middels een ‘fondsreglement’ afspraken worden gemaakt tussen de betrokken partijen. 3.1.
Door het uitbreiden van de doelen van het omgevingsfonds naar stimuleren van verduurzaming kunnen de gelden ook besteed worden aan doeleinden die anders vanuit het duurzaamheidsfonds zouden worden gefinancierd. Door het omgevingsfonds niet een puur fysiek en lokaal karakter te geven kunnen gelden besteed worden aan bredere doeleinden zoals verduurzaming binnen de gemeente (bijvoorbeeld voor inwoners die niet direct de mogelijkheid hebben om te investeren in de zonneparken). De exacte invulling zal in een later stadium van de projecten volgen door afspraken tussen de betrokken partijen. Deze aanpassing maakt het mogelijk dat de oorspronkelijke uitgangspunten van het beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen kunnen worden gehonoreerd. 4. Het samenvoegen van omgevingsfondsen van de individuele projecten vermindert de administratieve lasten en resulteert in de mogelijkheid om grotere investeringen te kunnen doen.
RA23.066
*RA23.066*
3
In de huidige situatie zijn er 3 beoogde projecten aan de Laarakkerdijk. Middels deze aanvulling is het mogelijk om in plaats van voor elk project individueel een omgevingsfonds op te zetten deze samen te voegen in één fonds. Dit scheelt administratieve lasten, beheerskosten maar biedt tevens de mogelijkheid om grotere investeringen te doen in de omgeving en binnen de gemeentegrenzen van Reusel-De Mierden. 5. Het beheer van het omgevingsfonds vraagt een entiteit, capaciteit en bereidheid van partijen om deze uitvoering op zich te nemen. Als de gemeente tevens bereid is hierin een beherende rol op zich te nemen biedt dit zekerheid voor een gedegen uitvoering van het fonds. Het huidige beleid legt de verantwoordelijkheid voor het inrichten en beheren van het omgevingsfonds bij de initiatiefnemers. Zij moeten de directe omgeving organiseren en met de afvaardiging van deze omgeving een entiteit opzetten die de gelden beheerd en besteed. In de praktijk wordt hier in de regel een stichting met ANBI status voor opgericht met een bestuur en statuten. In de huidige situatie waarin er 2 en mogelijk 3 projecten zijn in een landelijk gebied met in de directe omgeving een beperkt aantal omwonenden waarvan er een aantal grondeigenaar zijn voor de zonneparken, wordt voorzien dat dit een uitdaging zal zijn voor de komende 20 jaar.
Dit betreft zowel de bereidheid van de directe omgeving om initieel in het bestuur van de stichting plaats te nemen als dit bestuur te blijven bemensen voor de duur van 20 jaar. Met de uitbreiding van het geografisch gebied evenals de doelen van het omgevingsfonds is er de mogelijkheid dat de gemeente het beheer van het fonds (deels) op zich neemt. In dit geval hoeft er dan ook geen aparte entiteit opgezet te worden. Bijkomend voordeel is dat dit scheelt in administratie en kosten waardoor er een groter gedeelte van gelden beschikbaar blijft om daadwerkelijk te besteden. Nadeel is dat er vanuit de gemeente in dit scenario personele capaciteit vrijgemaakt moet worden. Of er uiteindelijk voor deze optie gekozen zal worden of dat er toch een aparte entiteit voor het omgevingsfonds wordt opgesteld zal nader moeten worden uitgewerkt met de initiatiefnemers, de omgeving, de energiecoöperatie en de gemeente. Kanttekeningen Waarom wijkt de gemeente op een andere manier af van het beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen dan de gemeenten Oirschot en Eersel? T.a.v. de keuze van Oirschot zijn de zonneparken in Reusel- de Mierden van een dusdanig grote omvang dat de zonneparken de financiële ruimte in de businesscase moeten hebben om een hogere afdracht te betalen. T.a.v.
het model van de gestaffelde afdracht in de gemeente Eersel vinden we het belangrijk dat er zekerheid is over welk bedrag jaarlijks ontvangen wordt zodat het omgevingsfonds ook zekerheid kan bieden aan partijen aan wie gelden uitgekeerd kunnen worden. Daarnaast is het ook goed mogelijk dat het gestaffeld model resulteert in een afdracht van €0,50 per MWh/ jaar. Dit is voor bovenstaande redenen niet wenselijk voor de zonneparken die momenteel gepland staan. Financiën Momenteel zijn er geen financiële implicaties voor de gemeente. Pas op het moment dat de gemeente in overleg met betrokken partijen eventueel besluit om over te gaan tot het beheren van het omgevingsfonds zijn er mogelijk consequenties. Dit kan nog een aantal jaar duren. Het addendum leidt niet tot een begrotingswijziging Vervolg Het addendum op het beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen wordt gepubliceerd. Na vaststelling wordt dit besluit ook via de gebruikelijke communicatiekanalen gecommuniceerd aan betrokkenen. De gewijzigde voorwaarden worden toegepast op de twee projecten die momenteel in het vergunningstraject zitten. Specifiek worden afspraken rondom de afdrachten in het omgevingsfonds opgenomen in de anterieure overeenkomst en zal er samen met de initiatiefnemers naar de beste manier worden gezocht om het omgevingsfonds vorm te geven.
In het beleid grootschalige zonne- en windenergie is opgenomen dat het beleid geëvalueerd gaat worden. N.a.v. verder opgedane ervaringen zullen in samenspraak met de ander Kempengemeenten de andere punten in het beleid ook geëvalueerd worden. Bijlagen 1. Beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen (23.15552) 2. Addendum beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen (23.15554)
RA23.066
*RA23.066*
4
het college van burgemeester en wethouders,
dhr. J.P.P.S. Ruyters secretaris
Raadsbesluit Vergaderdatum: Onderwerp: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa
mw. A.J.M.H. van de Ven burgemeester
3 oktober 2023 Afdrachten beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen– afdracht voor zonneparken RA23.066 Z23002342
De raad van de gemeente Reusel-De Mierden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 29 augustus 2023
Besluit 1. Het addendum beleid grootschalige zonne- en windenergie in de Kempen vast te stellen. De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
mw. J.M. van Dongen-Hermans
mw. A.J.M.H. van de Ven
RA23.066
*RA23.066*
5