CConstaterende datReusel-De Mierden
Koppel je AI →
Document · PDF

[RA23.057] - Reactie gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven

Gemeenteraad 3 oktober 2023, gemeente Reusel-De MierdenBij agendapunt: Aanpassen gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven2.682 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Onderwerp: Vergaderdatum: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa: Portefeuillehouder:

Reactie gewijzigde gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven 3 oktober 2023 RA23.057 Z23002112 de heer F.P.M. Rombouts wethouder

Voorstel Geen reactie geven op de gewijzigde gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven

Inleiding Per 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen (hierna: Wgr) gewijzigd. De wijzigingen van de Wgr moeten voor 1 juli 2024 in alle gemeenschappelijke regelingen zijn geïmplementeerd. Naast deze wetswijziging geven ook andere ontwikkelingen aanleiding de regeling te wijzigen en deze nu mee te nemen. De wijzigingen zijn voornamelijk technisch van aard. De regionale opgaven, samenwerking en activiteiten wijzigen hiermee niet. Een van de wettelijke wijzigingen, die per 1 juli 2022 van toepassing werd, is dat de gemeenteraden indien sprake is van een collegeregeling (zoals de GGD, Omgevingsdienst en Veiligheidsregio) voordat besluitvorming plaatsvindt ("vaststellingsprocedure”), een zienswijze kenbaar kunnen maken bij het wijzigen van een gemeenschappelijke regeling. De Metropoolregio Eindhoven is echter een gemengde regeling, waarop deze nieuwe wettelijke bepaling niet van toepassing is. Het Algemeen Bestuur heeft niettemin besloten vooruitlopend op de vaststelling van de gewijzigde regeling door de raden en colleges in 2024 aan te sluiten bij de procedures van de GGD, Omgevingsdienst en Veiligheidsregio. Op grond daarvan vragen wij uw raad om een reactie.

Argumenten 1.1 Overzicht implementatie wijzigingen Kort gezegd gaat het om de volgende wijzigingen: Technische wijzigingen:  Overnemen (nieuwe) bepalingen Wgr  Implementatie genomen besluiten  Tekstueel, citeertitel, ingangsdatum Beleidsmatige wijzigingen: Invulling geven aan nieuwe bepalingen Wgr:  Welke besluiten moeten voor zienswijzen voorgelegd worden aan de raden?  Participatie  Evaluatie  Uittreding  Bepaling over investeringsfondsen Belangrijk uitgangspunt bij de wijziging is de flexibiliteit van de regeling te behouden, zodat aanpassing van de regeling alleen aan de orde is bij belangrijke veranderingen. 1.2 Artikelsgewijze toelichting aanpassing GR MRE Hieronder volgt een omschrijving van de aangepaste artikelen. Considerans In de considerans wordt verwezen naar zowel de achtergrond van het treffen van de regeling als de achtergrond van wijzigingen. Belangen en doelen [artikel 3] Het Algemeen Bestuur heeft op 1 maart 2023 besloten de positie van het RHCe niet te wijzigen. Daarom is het gepast het voorbehoud in artikel 3.3 eraf te halen. RA23.057

*RA23.057*

1

Regionale agenda [artikel 6] In de regeling is nu opgenomen dat het Algemeen Bestuur na aanvang van een nieuwe bestuursperiode een regionale agenda vaststelt voor een periode van vier jaar. Er is geen beperking om in deze agenda (het samenwerkingsakkoord) verder vooruit te kijken wat het toekomstbeeld betreft. De GR MRE is verlengd lokaal bestuur; het is logisch dat na aanvang van een nieuwe bestuursperiode gekeken wordt welke aanpassingen gewenst zijn in de strategische koers. In samenhang met artikel 48 (evaluatie) wordt aan artikel 6 een nieuw lid toegevoegd, dat erin voorziet dat bij de voorbereiding van de regionale agenda wordt gereflecteerd op de kwaliteit en de vorm van de samenwerking op grond van de regeling. Dat is in de aanloop naar het huidige samenwerkingsakkoord ook gebeurd. Deze reflectie is een lichte vorm van (zelf)evaluatie. De aanloop naar een nieuw samenwerkingsakkoord vormt een natuurlijk moment om niet alleen naar de inhoud, maar ook de vorm van de samenwerking te kijken. Het Algemeen Bestuur stelt vast hoe deze reflectie onderdeel vormt van de voorbereiding (artikel 48, lid 2). Als deze reflectie aanleiding geeft tot een wijziging in de GR, brengt het Algemeen Bestuur (na vaststelling van de regionale agenda), een voorstel tot wijziging in procedure.

Regionaal Stimuleringsfonds [artikel 7] Artikel 7 heeft nu uitsluitend betrekking op het Stimuleringsfonds. Recente ontwikkelingen, zoals de MIRT-afspraken (Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport) rond investeringen in de regionale bereikbaarheid, maken het gewenst dit artikel uit te breiden met algemene bepalingen, waarin wordt vastgelegd dat het Algemeen Bestuur over de inrichting, het beheer en voor de wijze van verdeling van de beschikbare middelen van een fonds voorschriften kan opstellen (door middel van een verordening) en voor de voeding bevoegd is ook overeenkomsten met gemeenten en derden te sluiten. In dergelijke overeenkomsten kan bijvoorbeeld worden vastgelegd op welke manier en op welke momenten gemeenten middelen committeren aan het fonds. Werkwijze (algemeen bestuur) [artikel 10] Aan artikel 10 wordt een lid toegevoegd om in het Reglement van Orde vergaderingen Algemeen Bestuur ook inspreekrecht op te nemen voor ingezetenen en andere belanghebbenden. Taken en bevoegdheden (dagelijks bestuur) [artikel 17] Bij de huidige regeling is niet duidelijk welk orgaan een voorstel voor zienswijze in procedure brengt. Door toevoeging van een lid, dat dit benoemt als expliciete taak van het Dagelijks Bestuur, wordt dit duidelijk gemaakt. Verder wordt het Dagelijks Bestuur belast met uitvoering van artikel 24 (het “inspraak” artikel).

Overlegorganen [artikel 21] Door de wijziging van de Wgr (art 24a) kunnen gemeenten een Algemeen Bestuur verzoeken een gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. De MRE kent al enkele jaren de Raadstafel21, die de rol van een dergelijke commissie vervult. De relevante bepalingen zijn in de vorige aanpassing opgenomen in de regeling en het Statuut Overlegorganen. Volledigheidshalve wordt opgenomen dat artikel 24a Wgr van toepassing is op de Raadstafel21. Inspraak (betrokkenheid van ingezetenen etc.) [artikel 24] Dit is een nieuw artikel vanwege de verplichting in de Wgr om op te nemen of en op welke wijze ingezetenen en andere belanghebbenden worden betrokken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid. De samenwerking van gemeenten in de MRE is in hoge mate gericht op voorbereiding van beleid op bovenlokale opgaven. Besluitvorming daarover en uitvoering vindt echter plaats op lokaal niveau door colleges en raden. Zij moeten zelf de afweging kunnen maken om ingezeten en andere belanghebbenden daarbij te betrekken. Daarom is inspraak in eerste instantie gericht op beleid met een direct effect op hun belangen, dat wil zeggen (2e lid), als geen lokale besluitvorming meer nodig of mogelijk is. Belangen kunnen bestaan uit bijvoorbeeld economische, culturele, maatschappelijke en ecologische belangen (3e lid).

Op grond van urgentie of belangen, die om vertrouwelijkheid vragen kan ook worden afgezien van toepassing van het 1e lid. Het Dagelijks Bestuur wordt belast met de toepassing (afweging). Als het een bevoegdheid van het Algemeen Bestuur betreft, dan bereidt het Dagelijks Bestuur een voorstel aan het Algemeen Bestuur voor (lid 9). Anders informeert het Dagelijks Bestuur het Algemeen Bestuur over een voornemen om

RA23.057

*RA23.057*

2

inspraak te verlenen of een besluit dat niet te doen en kunnen leden van het Algemeen Bestuur hier bezwaar tegen maken. Bij een normale meerderheid die bezwaar maakt, legt het Dagelijks Bestuur het voornemen of besluit voor aan het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur kan zo het Dagelijks Bestuur corrigeren. Inspraak wordt verleend volgens afdeling 3.4 van de Awb. Er is ruimte (met een kan bepaling) om toch een vorm van inspraak toe te passen wanneer sprake is van indirect beleid. Zo kan het bestuur zich een beeld vormen van het effect op belangen en bij besluitvorming door de gemeenten kan gebruik worden gemaakt van inzichten uit het regionale inspraak proces. Inspraak wordt niet verleend voor de begroting en de regionale agenda, anders zou de voorhangprocedure (zie artikel 25) niet van toepassing zijn. De raden (voorhangprocedure) [artikel 25] In de huidige regeling is opgenomen dat de regionale agenda voor zienswijzen aan de raden wordt voorgelegd en ook deelnemingen en het treffen van regelingen (onder verwijzing naar de betreffende artikelen). Verder dat het Algemeen Bestuur ook andere dossiers aan deze procedure kan onderwerpen, maar hier ook om reden van spoed van af kan zien (2 e en 5e lid). In het vierde lid is opgenomen dat een wijziging van de regelingen aan de raden wordt voorgelegd ter besluitvorming.

De inhoudelijke strekking wordt bij aanpassing van dit artikel niet gewijzigd, maar de besluiten die in ieder geval aan raden moeten worden voorgelegd voor zienswijzen of wensen en bedenkingen worden expliciet opgesomd in het 2e lid. Het 3e en 4e lid bieden nog steeds de mogelijkheid om andere dossiers aan de voorhangprocedure te onderwerpen, maar de formulering is ruimer, omdat de Wgr spreekt over bestuursbesluiten (dit kan dus ook op dossiers van het Dagelijks Bestuur betrekking hebben). Bij inspraak sluit de Wgr uit dat nog een voorhangprocedure plaatsvindt. De bepalingen over de wijziging van de regeling zijn nu onderscheidenlijk ondergebracht en uitgebreid vanwege het besluit van het Algemeen Bestuur om bij wijzigingen de raden om een reactie te vragen. Ontwerpvoorstellen tot wijziging van de regeling worden via het Algemeen Bestuur vrijgegeven. In de Wgr is toegevoegd dat het Dagelijks Bestuur voorafgaand aan de besluitvorming door het Algemeen Bestuur, de gemeenteraden schriftelijk en gemotiveerd in kennis stelt van het oordeel over de zienswijze en de eventuele conclusies, die het daaraan verbindt. Deze toevoeging is ook overgenomen in dit artikel. De colleges (wensen en bedenkingen) [artikel 26] Ook artikel 26 is redactioneel aangepast (niet inhoudelijk), en uitgebreid met de bepaling over de nota van zienswijzen.

Het betreft hier wensen en bedenkingen bij het aangaan van een collegeregeling. Dagelijks bestuur / algemeen bestuur (verschaffen inlichtingen en ontslag lid DB) [artikel 28] Het bestaande artikel is in overeenstemming gebracht met artikel 19a Wgr. Metropoolregio / raden (verschaffen inlichtingen) [artikel 29] Het bestaande artikel is aangevuld met een actieve informatieplicht, in overeenstemming met artikel 17 Wgr. Vergoedingen [artikel 36] Wgr artikel 24a, 6e lid regelt dat leden van de gemeenschappelijke adviescommissie een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de commissie kunnen ontvangen. Deze "kan”bepaling is toegevoegd aan dit artikel. Het verlenen van een vergoeding voor het verrichten van werkzaamheden geldt enkel en alleen voor leden van de gemeenschappelijke adviescommissie. Dat zijn de deelnemers aan de Raadstafel21. Of zij ook daadwerkelijk een vergoeding ontvangen, is onderwerp van nadere besluitvorming. Kadernota en voorlopige jaarrekening [artikel 37] De termijn van toezending is aangepast in de wet en is overgenomen Begroting [artikel 38] De zienswijzetermijn is in de Wgr aangepast naar 12 weken. Ook hier is in de wet bepaald en overgenomen dat de nota van zienswijzen voor de besluitvorming aan de raden moet worden toegezonden. Toezending (vrijgave) van de ontwerpbegroting geschiedt door het Dagelijks Bestuur. In

RA23.057

*RA23.057*

3

de wet en nu ook in de regeling is opgenomen dat de ontwerpbegroting door gemeenten ter inzage moet worden gelegd. De termijn waarop de begroting moet worden aangeboden bij Gedeputeerde Staten is in de wet aangepast naar 15 september. De wet biedt de mogelijkheid om aan te geven, wanneer een begrotingswijziging niet eerst voor zienswijzen aangeboden dient te worden. In de bestaande regeling was aangegeven dat indien sprake was van een aanpassing van de bijdrage, de wijziging toch voor zienswijzen moest worden voorgelegd aan de raden. Dit is aangepast; enkel bij een wijziging die leidt tot verhoging van de bijdrage dient deze voor zienswijzen te worden voorgelegd aan de raden. Uittreding [artikel 47] Door wijziging van de Wgr volstaat de huidige bepaling, waarin de gevolgen van uittreding nader worden geregeld door het Algemeen Bestuur niet meer. Volgens de gewijzigde Wgr dient de regeling bepalingen te bevatten met de gevolgen voor het vermogen. Volgens de aanpassing gaat een uittreding in op 1 januari van het tweede jaar van opzegging. Er zit dus minimaal een kalenderjaar tussen een besluit tot uittreding en de effectuering daarvan. In dat kalenderjaar wordt het effect van de uittreding verwerkt.

In het artikel zijn de gevolgen voor het vermogen uitgewerkt, maar is ook opgenomen dat wanneer feiten en omstandigheden het vereisen, het Algemeen Bestuur daarvan kan afwijken (ontsnappingsclausule). Wat de bijdrage aan het Stimuleringsfonds betreft vervalt deze verplichting bij aanvang van de uittreding (de bijdrage zal niet meer in de begroting voor dat jaar zijn opgenomen). Ook worden geen nieuwe subsidies meer toegekend aan partijen uit de gemeente van de uittredende deelnemer. Er worden nog wel middelen overgemaakt vanuit eerdere toegekende subsidies. Dus is eenmaal een subsidie beschikt (ook voor een project buiten de eigen gemeente), dan blijft de betrokken gemeente in zoverre haar bijdrage aan het Stimuleringsfonds verschuldigd. Wat de andere bijdragen (aan RHCe, Regionale opgaven, Brainport) betreft is een afbouwregeling opgenomen. De inwonerbijdragen, zoals opgenomen in de laatste begroting waar de uittredende deelnemer nog in was opgenomen zijn de maatstaf (worden dus niet meer geïndexeerd). Diensten die de uittredende deelnemer blijft afnemen (bijvoorbeeld archiefopslag en toezicht) worden in rekening gebracht. Een en ander wordt vastgelegd in een overeenkomst. In de afbouwregeling worden de kosten voor diensten waar de overeenkomst op betrekking heeft, niet opgenomen.

De uittredende deelnemer heeft bij of na uittreding geen recht op afkoop, uitbetaling of uitkoop van enige activa, eigen vermogen en stille reserves. De uittredende deelnemer blijft mede verantwoordelijk voor de (overdracht van de) nazorgplicht Gulbergen en eventuele aanvulling op het doelvermogen, die daarbij aan de orde kan zijn, eventuele kosten bij overdracht van het Landgoed Gulbergen, en de uitkomsten van de gerechtelijke procedure met Attero. Evaluatie [artikel 48] Volgens de gewijzigde Wgr houdt een regeling bepalingen in over evaluatie van de regeling. De regeling is daarbij in feite het middel, waarmee ondersteuning wordt gegeven aan het doel (regionale samenwerking op relevante thema’s). De afgelopen jaren is bij actualisering van de regionale agenda ook steeds de wijze van samenwerking onder de loep genomen. De regionale agenda vormt een natuurlijk moment om aandacht te besteden aan de wijze van samenwerking (governance) en of deze past bij de inhoudelijke doelen. Daarom is deze (zelf)evaluatie (reflectie) opgenomen als onderdeel van de regionale agenda (artikel 6). Bij de voorbereiding van de regionale agenda (procesvoorstel) stelt het Algemeen Bestuur dus ook vast op welke wijze de reflectie plaatsvindt. Daarnaast is de mogelijkheid opgenomen, dat vanuit het Algemeen Bestuur een verzoek tot evaluatie van de regeling of de samenwerking wordt gedaan.

Hierbij is opgenomen dat dit verzoek niet binnen 24 maanden na vaststelling van de regionale agenda (waarin immers al is gereflecteerd op de samenwerking) kan worden gedaan. Het Algemeen Bestuur geeft daarbij aan waar de evaluatie betrekking op heeft. Voor een dergelijk verzoek volstaat een normale meerderheid. Wijziging of opheffing [artikel 49] De formulering van het laatste lid is in overeenstemming gebracht met de formulering in de Wgr. Inwerkingtreding [artikel 50] en Citeertitel [artikel 51] De datum van inwerkingtreding is aangepast (1 juli 2024). Kanttekeningen RA23.057

*RA23.057*

4

Eensluitende besluiten alle deelnemende raden en colleges Het aangaan of wijzigen van een zogenaamde "gemengde regeling”, waarvan sprake is bij de Metropoolregio Eindhoven, is een bevoegdheid van de colleges en raden van de 21 deelnemende gemeenten. Daarbij is het nodig dat alle colleges en raden eensluidend besluiten wil er sprake zijn een geldig besluit. Het nemen van eensluitende besluiten volgt uit de tekst van de huidige Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven 2021 (artikel 47, lid 2). Met de tekst van de huidige Gemeenschappelijke Regeling hebben alle raden bij de totstandkoming van deze Gemeenschappelijke Regeling ingestemd. Raadstafel 21 Er gaan stemmen op de Raadstafel21 ook in te zetten voor de andere GR-en in de regio. Dit is om twee redenen ongewenst: - Het is het Algemeen Bestuur van de regeling, die een gemeenschappelijke adviescommissie instelt. Het is niet gewenst dat een Algemeen Bestuur van een andere regeling “gaat” over de MRE Raadstafel21. - De MRE faciliteert de Raadstafel21. Het is niet gewenst dat deze belast wordt met vraagstukken van andere regelingen. Het staat andere regelingen uiteraard vrij om gebruik te maken van de ervaringen van de Raadstafel21. Financiën Aan dit voorstel zijn geen financiële gevolgen verbonden. Vervolg Uw reacties worden betrokken bij het definitieve voorstel tot wijziging van de regeling.

Dit definitieve voorstel wordt begin 2024 in procedure gebracht. De inwerkingtreding van de gewijzigde regeling is per 1 juli 2024. Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief (23.13227) 2. Gewijzigde GR MRE 2024 (23.13228) 3. Gewijzigd statuut overlegorganen (ter informatie) (23.13230) 4. Overzicht was wordt GR MRE (23.13229) het college van burgemeester en wethouders,

dhr. J.P.P.S. Ruyters secretaris

mw. A.J.M.H. van de Ven burgemeester

RA23.057

*RA23.057*

5

Raadsbesluit Vergaderdatum: Onderwerp: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa

3 oktober 2023 Zienswijzen gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven RA23.057 Z23002112

De raad van de gemeente Reusel-De Mierden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 29 augustus 2023 Besluit Geen reactie geven op de gewijzigde gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven

De raad voornoemd, de griffier,

de voorzitter,

mw. J.M. van Dongen-Hermans

mw. A.J.M.H. van de Ven

RA23.057

*RA23.057*

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=ReuselDeMierden&id=3585afa5-1baf-4fa5-918c-88d904409283