CConstaterende datReusel-De Mierden
Koppel je AI →
Document · PDF

[RA22.088] - Belasting- en tarievenmaatregelen 2023

Gemeenteraad 13 december 2022, gemeente Reusel-De MierdenBij agendapunt: Belastingverordeningen en tarieven 20232.073 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Onderwerp: Vergaderdatum: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa: Portefeuillehouder:

Belasting- en tarievenmaatregelen 2023 13 december 2022 RA22.088 de heer F.P.M. Rombouts wethouder

Voorstel Te besluiten om: In te stemmen met het voorstel belasting- en tarievenmaatregelen 2023 en de volgende verordeningen en tarieventabellen vast te stellen: a. Verordening onroerende-zaakbelastingen 2023; b. Verordening afvalstoffenheffing 2023 en bijbehorende tarieventabel; c. Verordening rioolheffing 2023; d. Marktgeldverordening 2023; e. Legesverordening 2023 en bijbehorende tarieventabel; f. Verordening forensenbelasting 2023; g. Verordening toeristenbelasting 2023.

Inleiding Na het vaststellen van de begroting leggen wij uw raad een voorstel voor met betrekking tot de gemeentelijke belastingen en heffingen voor het jaar 2023. De wettelijke basis voor dit voorstel wordt gevormd door de artikelen 216 tot en met 229c van de Gemeentewet. Als uitgangspunt voor dit voorstel hebben wij de begroting 2023 genomen, zoals deze door uw raad is vastgesteld. Dit is uitgewerkt in de betreffende verordeningen, die de formele uitwerkingen zijn voor het kunnen heffen en invorderen van de belastingen en heffingen over 2023.

Argumenten Achtereenvolgens gaan wij in op de navolgende belastingen en heffingen: a. onroerende-zaakbelastingen; b. afvalstoffenheffing; c. rioolheffing; d. marktgelden; e. leges; f. forensenbelasting; g. toeristenbelasting. a. Onroerende zaakbelastingen In de Gemeentewet wordt onder de artikelen 220 t/m 220h beschreven dat een onroerendezaakbelasting (OZB) kan worden geheven en aan welke regels we ons moeten houden bij de heffing. De WOZ-waarde wordt vastgesteld naar het waardepeil per 1 januari van het jaar voorafgaande aan het belastingjaar. In 2023 wordt de waarde dus vastgesteld naar het waardepeil van 1 januari 2022. Er was nog steeds sprake van een flinke waardestijging in de categorie woningen. In de periode 2018 tot en met 2022 zijn de gemeenten op last van de Waarderingskamer overgaan op het onderbouwen van de waardering van de woningen op basis van m² gebruiksoppervlakte in plaats van m³ inhoud. Dit is bepaald om aansluiting met de BAG (Basisregistratie Adressen en Gebouwen) te realiseren en omdat makelaars ook uitgaan van m² gebruiksoppervlakte. Alle eigenaren van woningen en niet-woningen en de gebruikers van niet-woningen krijgen jaarlijks een aanslag OZB. De hoogte van deze aanslag wordt bepaald op basis van de WOZ-waarde.

Wij hebben op basis van de marktanalyse en de proefwaarden van 90% van de objecten rekening gehouden met een gemiddelde waardemutatie van 12,48% voor woningen en -0,97% voor nietRA22.088

*RA22.088* 1

woningen. Door een grote stijging van het aantal bezwaren, vooral ingediend door no-cure-no-pay bureaus komt een tijdige uitvoering van de werkzaamheden in het gedrang. De Waarderingskamer, de VNG en het kabinet zijn onderzoeken aan het doen om deze tendens te beteugelen, maar concrete maatregelen zijn er nog niet. De tarieven zijn zodanig berekend dat de voorgestelde geraamde opbrengst uit de begroting 2023 wordt gerealiseerd. Deze opbrengst is inclusief inflatiecorrectie en de areaaltoename. Het tarief bepaalt in samenhang met de vastgestelde waarde, afhankelijk van eigenaar/gebruiker niet-woning en eigenaar woning, de hoogte van elke individuele aanslag OZB. Hieronder is een overzicht gemaakt met de tarieven van de afgelopen jaren. 2021 2022 2023 % van de WOZ-waarde Woningen eigenaar 0,1103 % 0,0941 % 0,0846% Niet-woningen eigenaar 0,2376% 0,2450% 0,2476 % Niet-woningen gebruiker 0,1425 % 0,1477 % 0,1442% b. Afvalstoffenheffing In de begroting 2023 is bij de afvalstoffenheffing uitgegaan van een 100% kostendekkend tarief over de totale kosten van de afvalstoffeninzameling en -verwerking. Voor 2023 hebben wij ons gebaseerd op de ramingen zoals die vanuit VTH zijn aangeleverd. Voor de opbrengstberekening hebben wij ons voor de aantallen gebaseerd op de realisatiecijfers 2021. Dat betekent: Gemiddeld 7,34 ledigingen van GFT-containers per huishouden.

Gemiddeld 3 restafvalzakken per huishouden. Voor de lasten is gerekend met de ervaringscijfers op het gebied van tonnages e.d. en met voortzetting van de huidige inzamelfrequentie (tweewekelijks GFT en PMD en vierwekelijks restafval). Per huishouden blijven de kosten nagenoeg gelijk. Poorttarieven milieustraat De milieustraat is een brengvoorziening voor grof huishoudelijk afval, afkomstig uit de gemeenten Bladel en Reusel-De Mierden. Het betreft een erg dure voorziening, maar is wel wettelijk verplicht. De kosten van de milieustraat houden voor twee derde verband met de opslagfase (de huur van de milieustraat, het beheer en het personeel). De overige kosten hebben betrekking op het transport en de verwerking van de aldaar aangeboden afvalstromen. Voor zover die kosten niet gedekt worden door de inkomsten via de poorttarieven, zijn deze opgenomen in het vastrecht van de afvalstoffenheffing. Ieder huishouden betaalt daar aan mee, ook diegenen die nooit van deze brengvoorziening gebruik maken. De tarieven blijven gelijk aan de tarieven van 2022. Berekening kostendekkendheid Afvalstoffenheffing Kosten taakveld incl. (omslag)rente Inkomsten taakveld excl. heffingen Netto kosten taakveld

Bedragen in € 851.431 261.997 589.434

Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente BTW en Vpb Totale kosten

65.324 125.540 780.298

Opbrengst heffingen Dekkingspercentage

779.665 99,92%

RA22.088

*RA22.088* 2

De tarieven worden als volgt: Tarief 2023

Tarief 2022

Vast bedrag per aansluiting:

€

96,24

€

96,48

Lediging 140 liter container GFT Lediging 240 liter container GFT Lediging 25 liter emmer GFT Lediging 40 liter emmer GFT Aanschaf 30 liter tariefzak restafval

€ € € € €

2,30 3,95 0,42 0,66 3,10

€ € € € €

2,25 3,85 0,40 0,65 3,10

c. Rioolheffing In december 2016 heeft de raad het VGRP (Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2017-2021) vastgesteld. De raad heeft inmiddels de duur van het VGRP verlengd. In 2023 zal er een nieuw Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (VGRP) worden opgesteld. De voorbereidingen hiervoor zijn al gestart. Hierbij zullen ook nadrukkelijker de nieuwe wettelijke taken met betrekking tot de watertaken worden betrokken. Het bredere takenpakket heeft ook gevolgen voor de Verordening Rioolheffing. In 2023 zal er in samenhang met het nieuwe Rioleringsplan een onderzoek plaatsvinden, waarbij gekeken wordt of de huidige systematiek van heffen (gebaseerd op het waterverbruik) nog voldoende aansluit op het uitgebreide takenpakket. Ook speelt mee dat er momenteel te veel afwijkende gevallen zijn (zoals eigen waterwinningsinstallaties) die de uitvoering van de rioolheffing complexer maken. Voor 2023 wordt een tarief voorgesteld van € 1,98 per m³ (was in 2022 € 1,92). De stijging van 2022 naar 2023 is hoger dan de inflatiecorrectie van 2,3%. Dat komt vooral door gewijzigde kosten, die nodig zijn om het rioolareaal op voldoende niveau te houden. De aanslagen worden in tijdvakken van elk een half jaar opgelegd: 1e half jaar 2023: tarief € 0,99 per m³ waterverbruik; 2e half jaar 2023: tarief € 0,99 per m³ waterverbruik.

Op basis van de ervaringscijfers is het gemiddelde waterverbruik per huishouden 133 m³. Bedragen in €

Berekening kostendekkendheid Rioolheffing Kosten taakveld incl. (omslag)rente Inkomsten taakveld excl. heffingen Netto kosten taakveld

1.102.581 1.102.581

Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente BTW Totale kosten

222.455 184.805 1.509.841

Opbrengst heffingen Onttrekking egalisatievoorziening riolering Totaal inkomsten Dekkingspercentage

1.431.540 78.301 1.509.841 100,00%

d. Marktgelden In de begroting 2023 is uitgegaan van een verhoging van de tarieven met de inflatiecorrectie ten opzichte van de tarieven van 2022. De elektriciteitskosten worden zoals gebruikelijk op basis van daadwerkelijk verbruik doorberekend. De tarieven per strekkende meter: a. per week

Tarief 2023 € 2,43

Tarief 2022 € 2,38

RA22.088

*RA22.088* 3

b. per kalenderkwartaal c. per kalenderjaar

€ 23,25 € 87,30

€ 22,75 € 85,35

e . Leges Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning kunnen op grond van de Gemeentewet (artikel 229b) leges geheven worden. Voor de leges geldt dat deze maximaal 100% kostendekkend mogen zijn. Daarvoor dient de totale legesopbrengst te worden bezien. Een gemeente is er dus vrij in om een deel van de dienstverlening onder de kostprijs aan te bieden en een ander deel boven de kostprijs, zolang op het geheel maar geen sprake is van winst. Daarbij geldt dat deze berekening op basis van ramingen wordt gemaakt, zodat de werkelijkheid achteraf in beperkte mate kan/mag afwijken. In 2021 is in het kader van een afstudeerstage een methodiek ontwikkeld om de kosten en opbrengsten van de leges nauwkeuriger in kaart te brengen. De bedoeling was om die systematiek ten behoeve van de begroting 2023 uitgebreid toe te passen. Voor het grootste deel van de legesopbrengsten (en dus ook voor de daaraan ten grondslag liggende kosten) is de Omgevingswet erg belangrijk. De ingangsdatum van de nieuwe omgevingswet is op het laatste moment echter uitgesteld naar 1 juli 2023. Vanuit een oogpunt van efficiency hebben wij ervoor gekozen de nieuwe systematiek pas toe te passen op de leges na invoering van de nieuwe Omgevingswet omdat dan zowel het vergunningenstelsel als de kosten die in de leges mogen worden meegerekend gaan veranderen.

Bij het ingaan van de Omgevingswet zal er een nieuwe tarieventabel voorgelegd worden aan de raad. Conform het advies van de VNG is nu gekozen om de tarieventabel 2022 (verhoogd met de inflatiecorrectie) zo veel mogelijk als basis voor 2023 te gebruiken. VTH de Kempen De processen en kosten die VTH maakt zijn voor de vier deelnemende gemeenten per product nagenoeg gelijk. Een voorbeeld hiervan zijn de legestarieven voor bouwactiviteiten. De legesgrondslag is op basis van de omvang van projecten meestal de gebruiksoppervlakte van een bouwwerk. De tariefstelling van leges blijft echter een taak van de individuele gemeente omdat de keuzes die door de individuele gemeente worden gemaakt invloed hebben op de totale kostendekkendheid. Iedere gemeente is autonoom in de bepaling van de afzonderlijke legestarieven binnen de grens van 100% kostendekking. Berekening kostendekkendheid leges

Bedragen in €

(kosten incl. overhead)

Omgevingsvergunningen Bestemmingsplannen Burgerzaken c.a. Overige Totaal lasten

588.367 110.375 70.171 51.427 820.340

Opbrengst leges Dekkingspercentage

813.421 99,16%

f . Forensenbelasting De WOZ-waarde wordt hiervoor als heffingsgrondslag gebruikt. De WOZ-waarden van recreatiewoningen voor 2023 zijn 0,3% gedaald ten opzichte van 2022. Om het geraamde bedrag in de begroting te realiseren en gelet op de WOZ-waarden van 2023 wordt het tarief 0,728% van de WOZ-waarde, met als maximum bedrag aan forensenbelasting € 1.310,00. Het tarief voor 2022 bedroeg 0,711%. g. Toeristenbelasting Voor de Toeristenbelasting heeft de raad in 2021 bij amendement besloten om de tarieven niet jaarlijks met de inflatiecorrectie aan te passen, maar periodiek te verhogen met iets grotere stappen, voor het eerst ingaande 2025. Voor 2023 blijft het tarief dan gelijk aan het tarief in 2022, derhalve € 1,60 per overnachting. Voor de opbrengst houden we rekening met een daling van de inkomsten. Dat heeft te maken met de bezetting van vakantieparken door toeristen en onder meer arbeidsmigranten. RA22.088

*RA22.088* 4

Lokale lastendruk 2023 per huishouden Uitgangspunten:  OZB: gemiddelde woningwaarde € 377.000, tarief eigenaren 0,0846%;  Afval: 7,34 GFT-ledigingen à € 2,30 + 3 restafvalzakken à € 3,10 + vastrecht € 96,24 (globale inschattingen op basis van ervaringscijfers);  Riool: 133 m³ waterverbruik à € 1,98 (op basis VGRP). Er is in de begroting een inschatting gemaakt van de basisgegevens, zoals gemiddelde woningwaarde, aantal GFT-ledigingen en afvalzakken en gemiddeld waterverbruik. De gegevens zijn intussen geactualiseerd en dit leidt tot het volgende overzicht. Bedragen in €

Werkelijk 2021*

Raming 2022*

Raming 2023

Onroerende zaakbelastingen eigenarengedeelte

351,86

345,35

318,95

Afvalstoffenheffing Rioolheffing

123,45 244,40

122,32 251,52

122.42 263,34

Totaal per huishouden

719,71

719,19

704,71

*Werkelijk 2022 en raming 2022 afkomstig uit respectievelijk jaarstukken 2021 en het raadsvoorstel belastingtarieven 2022.

Kanttekeningen n.v.t.

Financiën De financiële gevolgen zijn in de begroting 2023 verwerkt.

Vervolg Na vaststelling moeten de verordeningen, om in werking te kunnen treden, eerst bekend worden gemaakt in het Gemeenteblad.

Bijlagen

het college van burgemeester en wethouders,

dhr. J.P.P.S. Ruyters secretaris

mw. A.J.M.H. van de Ven burgemeester

RA22.088

*RA22.088* 5

Raadsbesluit Vergaderdatum: Onderwerp: Documentnr. Corsa.: Case nr. Corsa

13 december 2022 Belasting- en tarievenmaatregelen 2023 RA22.088

De raad van de gemeente Reusel-De Mierden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 november 2022 Besluit de volgende verordeningen en tarieventabellen vast te stellen: a. b. c. d. e. f. g.

Verordening onroerende-zaakbelastingen 2023; Verordening afvalstoffenheffing 2023 en bijbehorende tarieventabel; Verordening rioolheffing 2023; Marktgeldverordening 2023; Legesverordening 2023 en bijbehorende tarieventabel; Verordening forensenbelasting 2023; Verordening toeristenbelasting 2023.

Aldus besloten in de vergadering van 13 december 2022,

De raad voornoemd, de griffier,

de voorzitter,

mw. J.M. van Dongen-Hermans

mw. A.J.M.H. van de Ven

RA22.088

*RA22.088* 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=ReuselDeMierden&id=0000c4e2-48b5-4117-a066-67fbd627c900