[RA21.107] - Raadsvoorstel Kadernota Veiligheidsregio Brabant Zuidoost 2023
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp: Datum B&W Besluit: Vergaderdatum: Registratienr.: Opsteller: Portefeuillehouder:
Kadernota 2023 Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost 25 januari 2022 22 februari 2022 RA21.107 Sacha Mathijssen mw. A.J.M.H. van de Ven burgemeester
Voorstel Naar aanleiding van de Kadernota 2023 Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost een reactie in te zenden. Inleiding Op 13 januari 2022 heeft het algemeen bestuur Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) de kadernota 2023 VRBZO vastgesteld. Met de vaststelling van de kadernota VRBZO zijn de contouren bekend voor de ontwerpbegroting 2023. Deze ontwerpbegroting 2023 wordt later dit jaar aan uw raad vrijgegeven voor het indienen van een zienswijze. Het geven van een zienswijze voor een kadernota is niet voorgeschreven in de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Echter, de agendacommissie heeft besproken om de kadernota’s wel met een voorstel aan de raden voor te leggen. Reacties kunnen schriftelijk en via de portefeuillehouder worden doorgegeven aan het bestuur van de VRBZO en worden betrokken bij de begroting 2023. Anders dan in andere jaren wordt in deze kadernota een aanvullende verhoging voorgesteld. De VRBZO ziet grote financiële uitdagingen en de coronacrisis heeft de noodzakelijke verbeteringen teveel vertraagd. Beoogd doel Het aanbieden van de kadernota 2023 VRBZO aan uw raad met de mogelijkheid tot het geven van een reactie. Argumenten 1.1 Een incidentele verhoging van €600.000 per jaar voor 2023 en 2024 is noodzakelijk voor het inlopen van de vertraging als gevolg van de bestrijding van de coronacrisis.
De VRBZO ziet grote financiële uitdagingen omdat de coronacrisis de noodzakelijke verbeteringen, welke met uw raad in januari 2021 zijn afgesproken, teveel heeft vertraagd. De gevraagde verhoging kom voort uit: 1. Inlopen forse vertraging door bestrijden coronacrisis: Alle capaciteit binnen het domein crisisbeheersing is opgegaan naar ondersteuning bij de bestrijding van de crisis. Daardoor zijn alle ontwikkelingen m.b.t. visie stilgelegd. Het gaat hierbij om doorontwikkelingen naar meer dynamische, flexibele ‘samenwerkingsverbanden’, het versterken van brandweerzorg en zorgen dat de organisatie ook klaar is voor deze toekomst. De VRBZO kan en wil zich deze vertraging niet veroorloven, omdat zij daarmee niet in staat zijn om proactief te reageren op toekomstige crises. 2. Krappe begroting: De begroting van VRBZO is lean en mean, zowel in vergelijking met andere veiligheidsregio’s, als in relatie tot wat gemeenten ontvangen voor brandweerzorg en rampenbestrijding in het gemeentefonds. De afgelopen jaren zijn de jaarresultaten niet negatief geweest omdat – in steeds mindere mate – de tekorten met incidentele middelen gedekt konden worden. Door vacatures open te houden en weinig uitrukken (door natte zomer) zal naar verwachting de jaarrekening op “0” uitkomen. De algemene reserve staat op het afgesproken minimum niveau en biedt daardoor geen ruimte. 3.
Exogene ontwikkeling: De ambitie van de visie heeft daarnaast als uitgangspunt een gezonde begroting die structureel in balans is. Door ontwikkelingen waar de VRBZO zelf geen invloed op heeft is een onbalans ontstaan (forse kostenstijgingen van loonkosten en wettelijke verplichtingen zoals met betrekking tot informatiebeveiliging) De extra gevraagde verhoging bestaat uit een incidentele verhoging van €600.000 per jaar voor 2023 en 2024 zodat de vertraging als gevolg van de bestrijding van de coronacrisis kan worden ingelopen. Deze incidentele verhoging is nodig voor:
RA21.107
*RA21.107* 1
1. Extra capaciteit voor het domein crisisbeheersing: €400.000 (4fte) Achterstand wegwerken m.b.t. doorontwikkeling crisisbeheersing dat deze aansluit bij de actuele risico’s en bedreigingen. Kwetsbaarheden en dreigingen overzichtelijk en actueel in beeld krijgen, zodat op basis daarvan de juiste beslissingen op het juiste moment kunnen worden genomen. Deze doorontwikkeling richt zich met name op: 1. Veiligheidsradar en analyse-/scenarioteams: Elke vier jaar wordt het regionaal risicoprofiel (RCP) opgesteld. Dit is een statisch beeld van de mogelijke risico’s in de regio. Het is nodig om te veranderen naar een dynamisch beeld van de mogelijke risico’s in de regio die steeds een actueel beeld geeft (“veiligheidsradar”). Met dit actuele beeld kan snel en op passende schaal geschakeld en ingegrepen worden wanneer dat nodig is. Ook het realiseren van het Veiligheid Informatie Knooppunt (VIK) bij de meldkamer is onderdeel van dit proces. Bij risico’s met een tactisch of strategisch karakter worden de teams samengesteld. Door de coronacrisis is het VIK slechts deels vormgegeven en de vorming van de teams beperkt opgepakt. 2. Multi-risicobeheersing: Gemeenten moeten op basis van Besluit kwaliteit leefomgeving in hun omgevingsplannen rekening houden met de mogelijkheid van het voorkomen, beperken en bestrijden van een brand, ramp of crisis.
Dus ook crises die meer omvatten dan brand of fysieke veiligheid. Dit heeft gevolgen voor de wijze waarop VRBZO haar adviestaak vorm geeft door rekening te houden met een breder palet aan risico’s. Door de coronacrisis heeft de VRBZO onvoldoende aandacht kunnen besteden aan de uitwerking van dit onderdeel. 3. Dynamische preparatie en planvorming: De voorbereidingen op crises moet steeds dynamischer worden en sterker gericht zijn op actuele ontwikkelingen. Planvorming is in dit verband vaak lijvig en moeilijk toepasbaar in de dynamiek van een incident of juist die ongekende crisis; een set met plannen die elke 4 jaar wordt vernieuwd past daar niet bij. Naast planvorming voor ‘bekende’ crises (zoals de Rampbestrijdingsplannen), moeten maatwerkplannen worden opgesteld die aansluiten bij actuele risico’s. Het verloop van de coronacrisis laat zien dat een dergelijke crisis diverse onverwachte en ongekende risico’s met zich meebrengt en dat een dynamische benadering van voorbereiding en planvorming noodzakelijk is. Ook hier is door de coronacrisis onvoldoende mogelijkheid geweest om deze werkwijze verder uit te werken en te borgen. 4. Crisisplan: De crisisorganisatie moet beter aansluiten op het karakter en verloop van de crises van de toekomst.
Dit zijn niet alleen de flitscrises die zich tot gemeente- of regiogrenzen beperken, maar ook de langzaam ontwikkelende, kruipende crises die deze grenzen steeds vaker overschrijden. Samen met Veiligheidsregio Brabant-Noord wordt een nieuw Crisisplan opgesteld, met als doel: een flexibele crisisorganisatie die past bij de huidige risico’s, dreigingen en het bestrijden ervan en die aansluit bij de landelijke structuur. 2.
Inzet voor informatie gestuurde veiligheid: €100:000 In de voorbereiding op crises zal meer gebruik worden gemaakt van data, business intelligence, impactanalyses en scenario-ontwikkeling; hiervoor moeten competenties versterkt worden. De zes zuidelijke veiligheidsregio’s vormen (samen met anderen) het Fieldlab Zuid6; een samenwerkingsverband waarin de regio’s samen optrekken en dat noodzakelijk is om de kerntaken te vervullen. Van groot belang is het behouden van de aansluiting op de partners, zodat niet alleen op de korte termijn de verbeteringen met betrekking tot informatie gestuurde veiligheid mislopen, op de lange termijn betekent het een inhaalslag zonder partners. Kosten zullen dan hoger zijn omdat niet voldaan kan worden aan de basisvereisten of aangeboden informatie niet kunnen ontvangen. Ook zal dan moeilijker aangesloten kunnen worden op het te ontwikkelen landelijke netwerk van informatievoorziening (Knooppunt Coördinatie Regio Rijk).
3.
Inzet voor ondersteuning organisatie van de toekomst: €100.000 (1 fte) Om zich aan de gemaakte afspraak te houden dat de visie met huidige middelen zou worden gerealiseerd, is een omslag in de organisatie nodig. Om deze omslag te ondersteunen moeten processen geoptimaliseerd worden, is een leiderschapsprogramma gestart en wordt strategische personeelsplanning toegepast om de verandering te ondersteunen. Door hier
RA21.107
*RA21.107* 2
de komende jaren extra op in te zetten verwacht de VRBZO de vertraging van de coronaperiode te kunnen inlopen. Eind 2025 verwacht de VRBZO weer zonder de extra tijdelijke capaciteit (5 fte) de dienstverlening te leveren en heeft een verschuiving van mensen plaatsgevonden richting crisisbeheersing en intelligence. 1.2. Een aanvullende structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage van €300.000 voor 2023 is nodig vanwege de gestegen loonkosten. De VRBZO ontvangt vanuit gemeenten jaarlijks een indexering voor de stijging van prijs- en loonkosten. Deze indexering is gebaseerd op een prognose van het Centraal Planbureau en wordt ongeveer 1,5 jaar voor de start van het begrotingsjaar bepaald. De werkelijke kostenstijging wijkt daarmee altijd af van de indexering. De vier grote GR-en in de regio, waaronder de VRBZO, hebben deze methode van indexering gezamenlijk bepaald en vastgesteld. Daarbij is bepaald dat géén nacalculatie plaatsvindt. Deze vraag om €300.000 extra wijkt af van die bepaling en dus van het eigen beleid van de VRBZO. 1.3. De Kadernota geeft toelichting op de overige kostenstijgingen. Op een aantal onderdelen van de begroting zijn incidentele kosten steeds meer structureel geworden: - de onderhoudskosten van de grote brandweervoertuigen. Via interne verschuivingen binnen de begroting 2022 wordt hier structureel €200.000 extra budget voor ingezet.
- veranderende regelgeving met daarbij behorende kosten, zoals de rechtmatigheidsverantwoording en informatiebeveiliging. Bij een aantal onderwerpen kan nog niets gezegd worden over de gevolgen voor de begroting, maar gezien hun omvang worden deze benoemd: - Verloop vrijwilligers: afgelopen jaren hogere instroom en daarmee gepaarde kosten om de vrijwilligers vakbekwaam te maken. Omdat de uitstroom afvlakt gaat de VRBZO uit van een incidentele situatie en kunnen de meerkosten opvangen. - Tweede loopbaanbeleid beroepsbrandweer: Medewerkers die vanaf 2006 in dienst zijn gekomen, werken in principe maximaal twintig jaar in een repressieve functie. Deze medewerkers beginnen tijdig aan de voorbereiding van hun 2e loopbaan. In 2021 is de eerste groep gestart en daardoor zijn er nog geen uitgebreide ervaringscijfers om de verwachte meerkosten te onderbouwen. - Onderhoud kazernes: De veiligheidsregio huurt haar kazernes van de gemeenten en zijn afspraken gemaakt over wie welk onderhoud uitvoert. Op basis van eerste ramingen voor de 2027 en verder wordt gezien dat de kosten huurdersonderhoud hoger worden dan nu aan budget beschikbaar is. - Energieprijzen: De prijzen staan vast tot en met 2023 waardoor de VRBZO uitgaat van voldoende budget.
- Loonkosten vrijwilligers: De ontwikkelingen rondom de invoering van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA) voor vrijwilligers is daarmee nog onzeker en kan daarom nog niet in de begroting 2023 worden betrokken. 1.4. Uitbreiding van Bureau Bevolkingszorg naar de oorspronkelijk bedoelde sterkte van 2,7 naar 4,8 fte. In de vergadering van het Algemeen Bestuur van juli 2021 is een voorstel aangenomen met betrekking tot een uitbreiding om Bureau Bevolkingszorg naar de oorspronkelijk bedoelde sterkte van 2,7 naar 4,8 fte te brengen. Nadat Bureau Bevolkingszorg op sterkte is gebracht kan de VRBZO samen met de gemeenten onder andere - een volwaardige bijdrage leveren aan de speerpunten van de Veiligheidsregio. - Bijdragen aan de continuïteit van de samenleving. - Een kwaliteitsimpuls geven aan de crisisorganisatie van bevolkingszorg. - Een kwaliteitsimpuls geven aan het proces Crisiscommunicatie. - De gemeentelijke crisisorganisatie (daar waar nodig) op niveau brengen. - Een bijdrage leveren tijdens de nafase. Deze uitbreiding brengt een verhoging van de gemeentelijke bijdrage van € 257.355 met ingang van 2023 zich mee. Deze verhoging is in deze Kadernota opgenomen.
RA21.107
*RA21.107* 3
1.5. Toepassen van de reguliere indexering De indexering is conform de daarvoor geldende afspraken toegepast en zoals eerdere jaren gebaseerd op de index voor de loonvoet sector overheid en de index voor prijs overheidsconsumptie zoals opgenomen in de Macro Economische Verkenning 2022 van het Centraal Planbureau1. De index van 2,04% wordt op de totale gemeentelijke bijdrage toegepast en komt dan overeen met een stijging van net iets meer dan €900.000. Investeringen Binnen het onderdeel Brandweerzorg kent de VRBZO een groot aantal investeringen. Voor de begroting 2023 zijn geen grote aanpassingen van de investeringsbegroting nodig, wel wordt een nieuwe jaarschijf, 2026, toegevoegd aan de begroting. 1.6 De Kadernota geeft niet op alle punten voldoende onderbouwing voor de gevraagde verhogingen Op een drietal punten uit de Kadernota stellen wij uw raad voor om een reactie te sturen. 1. Een nadere onderbouwing van de gevraagde € 600.000 voor de komende twee jaren. Het Algemeen Bestuur heeft de VRBZO verzocht om richting het opstellen van de Conceptbegroting 2023 te komen tot een duidelijke onderbouwing van de bedragen die per deelonderwerp worden gevraagd. In de Kadernota is vooral op inhoud uiteengezet waarom de extra middelen nodig zijn. 2.
Aanvullende structurele verhoging loonkosten De VRBZO voorziet voor 2022 een knelpunt doordat de structurele component van de loonstijging €300.000 hoger uitkomt dan via indexering is gecompenseerd en dat zal doorwerken in de begroting 2023. In de Kadernota wordt niet duidelijk gemaakt waarom deze aanvullende structurele verhoging nodig is. Deze structurele verhoging sluit overigens ook niet aan bij de uitgangspunten die de vier grote GR-en (waaronder VRBZO) hebben vastgelegd over indexering van loon- en overige kosten en komen niet terug in hun kadernota’s. Kort gezegd komen die uitgangspunten erop neer dat de index wordt toegepast conform de gegevens van het CPB en dat daarop géén nacalculatie plaatsvindt. 3. Gemeentelijke bijdrage op basis van de inkomsten per gemeenten in het cluster “brandweerzorg en rampenbestrijding” en niet op basis van inwonersaantallen De VRBZO geeft aan dat zij in vergelijking met andere veiligheidsregio’s € 11,- per inwoner minder bijdrage ontvangen. Echter de gemeentelijke bijdrage wordt niet op basis van inwonersaantallen berekend, maar op basis van de hoogte van de inkomsten per gemeenten in het cluster “brandweerzorg en rampenbestrijding” in de algemene uitkering. Hierdoor is voor elke gemeente binnen VRBZO het bedrag per inwoner anders.
De procentuele aandelen van de VRBZO-gemeenten zijn bepaald en daarmee niet vergelijkbaar met een gemeentelijke bijdrage op basis van inwonersaantallen. Consequenties 1.1. Bij het niet instemmen met de gevraagde incidentele verhoging €600.000 in 2023 en 2024 verwacht de VRBZO (en daarmee ook de gemeenten) in de volgende jaren een hogere gemeentelijke bijdrage nodig te hebben om de achterstanden in te lopen. De incidentele verhoging is noodzakelijk om de noodzakelijke verbeteringen uit te kunnen voeren en deelname aan projecten op het gebied van informatiegestuurde veiligheid niet te verliezen. Ontwikkelingen waar een veiligheidsregio niet bij achter kan en mag blijven en die de noodzakelijke aansluiting geeft op soortgelijke ontwikkelingen in de rest van het land. Wanneer de VRBZO nu in de ontwikkeltrajecten niet aangesloten blijft, zullen de kosten uiteindelijk hoger zijn omdat de VRBZO dan de benodigde inhaalslag als alleenstaande organisatie zal moeten maken en niet voldaan kan worden aan de basisvereisten of aangeboden informatie niet kan worden ontvangen.
1 Macro Economische Verkenning (MEV) 2022 | CPB.nl
RA21.107
*RA21.107* 4
Financiën In onze meerjarenbegroting is voor 2023 voor de VRBZO een bedrag opgenomen van € 846.564,-. Op basis van de nu voorliggende kadernota zou dat € 873.529,- moeten worden. Dat is een verschil van € 26.965,-, waarvan € 17.031,- is terug te voeren op toepassing van de reguliere indexering voor zowel loon- als prijsstijgingen. Bijna € 10.000,- heeft betrekking op de aanvullende wensen en ontwikkelingen. De meerjarenramingen van VRBZO zijn gebaseerd op constante prijzen. Om een juiste vergelijking met de gemeentebegroting te kunnen maken, moeten daar de gebruikelijke indexeringen worden toegepast. Dat leidt ertoe dat de meerkosten (bovenop de normale inflatiecorrectie) in 2024 € 27.342 zullen bedragen, in 2025 € 14.953 en in 2026 € 15.162. Vervolg Later dit jaar zal de VRBZO haar conceptbegroting 2023 naar de gemeenteraad sturen met de mogelijkheid om daar een zienswijze op in te dienen. Daarna zal de Begroting 2023 worden vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Bijlagen 1. Kadernota 2023 (21.28232) 2. Aanbiedingsbrief Kadernota 2023 (22.00785) 3. Reactie op Kadernota 2023 (22.00154) het college van burgemeester en wethouders,
mr. R.P.B.M. Brekelmans secretaris
mw. A.J.M.H. van de Ven burgemeester
RA21.107
*RA21.107* 5
Raadsbesluit Vergaderdatum: Onderwerp: Registratienummer:
22 februari 2021 Kadernota Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost 2023 RA21.107
De raad van de gemeente Reusel-De Mierden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 januari 2022;
Besluit Een reactie in te zenden naar aanleiding van de Kadernota Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost 2023.
De raad voornoemd, de griffier,
de voorzitter,
dhr. J.C.M. van Berkel
mw. A.J.M.H. van de Ven
RA21.107
*RA21.107* 6