Programma Water en Riolering 2024-2028 definitief
Tekst van het document
In de formatietool zijn de taken op het gebied van klimaatadaptatie niet specifiek opgenomen. Vanwege de sterke samenhang met onze watertaken hebben wij grote delen van klimaatadaptatie wel in ons PWR opgenomen. Dit vraagt om extra personele capaciteit. Naast onze reguliere taken is hiervoor 0,2 fte benodigd, zie ook klimaatmaatregelen. We hebben 0,9 fte binnendienst en 1,34 fte buitendienst beschikbaar in de exploitatie op taakveld riolering. Doordat we een deel van de beschikbare fte van de binnendienst aan het in uitvoering brengen van het projectenplan besteden, komen we deze tijd tekort voor de reguliere rioleringstaken. Daarnaast hebben we in het PWR een hogere ambitie opgenomen.
Personeel Personeelen & organisatie Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Inkomsten Rioolheffing Onze rioolheffing bedraagt per 1 januari 2023 EUR 1,98 per m³ waterverbruik. In 2023 zijn er 5.542 aansluitingen in de gemeente Reusel-De Mierden. Deze aansluitingen resulteren in een totaal belastbaar waterverbruik van 674.255 m³ per jaar. In de planperiode houden we rekening met een stijging van 55 woningen per jaar met een gemiddeld belastbaar waterverbruik van 100 m³ per jaar. Overige inkomsten Vanuit het Rijk is een bijdrage toegekend voor de uitvoering van klimaat adaptieve maatregelen, de zogenaamde tijdelijke regeling DPRA impulsgelden (vanuit het Deltafonds). Deze bijdragen zijn gedeeltelijk in 2023 besteed, de rest maakt onderdeel uit van het Centrumplan en is verrekend met de kosten. Daarnaast maken we gebruik van de bijdrageregelingen van Waterschap De Dommel. Voorziening Conform het VGRP maken wij gebruik een ‘voorziening voor tariefegalisatie’ conform BBV (art. 44 lid 2 BBV). De stand van de voorziening per 1 januari 2023 is EUR 463.000. Het is conform de BBV niet toegestaan om een negatieve voorziening te hebben. Foto: Randvoorziening (Vestweg – Lage Mierde)
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Lasten Exploitatielasten De rioleringszorg brengt jaarlijks de volgende financiële lasten met zich mee: • Kosten voor dagelijks (regulier) en correctief beheer en onderhoud, onderzoeken en planvorming etc.; • Personele lasten incl. overhead; • Kapitaallasten uit het verleden (rente en afschrijving); • Nieuwe kapitaallasten over vervangingen en klimaatmaatregelen; • BTW over kosten voor: • beheer en onderhoud, onderzoeken en planvorming; • het afschrijvingsdeel van de kapitaallasten; • niet over de personele lasten. In de bijlage 6 is een overzicht opgenomen van alle exploitatielasten. Vervangingsinvesteringen Om het rioleringssysteem in een goede staat te houden, zijn er jaarlijks vervangingsinvesteringen nodig. Hiervoor geldt het volgende: • Voor de planperiode is een theoretische kwaliteitsbeoordeling gemaakt van alle geïnspecteerde rioleringsobjecten. Op basis van deze inspecties is een integrale projectenplanning opgesteld. • Voor de vervangingen van vrijvervalriolering na de planperiode is in dit PWR uitgegaan van vervanging op basis van aanlegjaar + technische levensduur van 60 jaar. • In het investeringsbedrag is rekening gehouden met het vervangen van de gemengde riolering door een gescheiden systeem en aanvullend budget om de voorzijde van de woningen
•
•
gelijktijdig te kunnen afkoppelen. We zien in de toekomst een vervangingspiek op ons afkomen voor de vrijvervalriolering. De jaarlijkse inspecties en beoordelingen hiervan moeten uitwijzen hoe deze piek er daadwerkelijk uit komt te zien. We gaan alleen vervangen wat ook daadwerkelijk op basis van kwaliteitsmetingen en onze kwaliteits- en risicogestuurde aanpak aan vervanging toe is. De benodigde budgetten voor vervanging van gemalen (BK en ME)*, pompunits (BK en ME) en randvoorziening (ME) zijn deels gebaseerd op kwaliteit (op basis van jaarlijkse inspecties). Andere onderdelen waarvan we de levensduur goed in kunnen schatten vervangen we preventief of renoveren we zodra de levensduur is bereikt.
In de bijlage 7 is een overzicht opgenomen van alle vervangingsinvesteringen. Omdat op een aantal plekken de riolering de technische levensduur niet blijkt te halen, is het dus noodzakelijk om investeringen naar voren te halen (in plaats van investeringen uitstellen). Hierdoor is het ook niet mogelijk om vooraf te sparen voor de verwachte vervangingspiek. Dit is een van de redenen waarom de riolerings- en watertaken de komende jaren duurder worden.
* BK = bouwkundig, ME = mechanisch elektrisch
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Kostendekking Uitgangspunten kostendekking In de berekening van de rioolheffing is met de volgende gemeentelijke financiële uitgangspunten rekening gehouden: • Er is geen rekening gehouden met inflatie; • Rente over de voorziening: 0%; • Extracomptabele BTW over kapitaallasten en exploitatiekosten; • Afschrijving: o Rentepercentage over investeringen: 0,5%; o Lineaire afschrijving; o Start afschrijving 50% in eerste jaar van investering; o Rente over de gemiddelde boekwaarde per jaar. • De stand van de voorziening is gebaseerd op basis van de jaarrekening van 2022. De berekening is daarom uitgevoerd op prijspeil 2023; • In de berekening is gerekend met het tarief van de rioolheffing voor 2023 conform de vastgestelde rioolheffingsverordening; • Theoretische levensduur en afschrijvingstermijn (zie tabel).
Object Vrijvervalriolering
Theoretische levensduur
Afschrijvingstermijn
60
60
Gemalen en pompunits : •
Bouwkundig
40
40
•
Mechanisch – pomp
10*
15*
•
Mechanisch – overig
20*
15*
•
Elektrisch
15*
15*
Randvoorziening •
Bouwkundig
50
50
•
Mechanisch elektrisch
15
15
60
50
Pers- en drukleidingen
* Het mechanische gedeelte van pompunits en gemalen is opgebouwd uit verschillende onderdelen met ieder een eigen theoretische levensduur (TDL). Voor het bepalen van het cyclische vervangingsmoment is gerekend met de TLD. Voor het bepalen van de kapitaallasten is gerekend met een gemiddelde afschrijvingstermijn van 15 jaar omdat het ondoenlijk is de facturatie op de verschillende onderdelen uit elkaar te halen.
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Tariefbepaling Heffing bij 100 m³
Heffing bij 125 m³
2024
0,45
2,43
182,25
243,00
303,75
2025
0,45
2,88
216,00
288,00
360,00
2026
0,00
2,88
216,00
288,00
360,00
2027
0,05
2,93
219,75
293,00
366,25
2028
0,05
2,98
223,50
298,00
372,50
Exclusief indexatie Verloop lasten, inkomsten, stand voorziening en tarief 4,0
8,00
Vergroten
3,5
Inkomsten
Lasten
Kostendekking
Totale inkomsten
Stand voorz. 44.2 (31-12)
Scenario’s
2080
2078
2076
2074
2072
2070
2068
2066
2064
2062
2060
2058
2056
2054
2052
0,00
2050
0,0 2048
1,00
2046
0,5
2044
2,00
2042
1,0
2040
3,00
2038
1,5
2036
4,00
2034
2,0
2032
5,00
2030
2,5
2028
6,00
Totale lasten
Personeel & Organisatie
7,00
3,0
2022
Klik hier voor een toelichting.
Heffing bij 75 m³
2026
Alle bedragen zijn doorgerekend op prijspeil 2023. het voorgestelde tarief zoals is weergegeven moeten we jaarlijks corrigeren met de optredende inflatie (indexatie).
Tarief [€ / m³]
2024
Om in de planperiode een positief saldo te behouden is de stijging zoals in de tabel opgenomen noodzakelijk, waarbij tevens het bijbehorend tarief en de heffing bij verschillend waterverbruik is aangegeven.
Stijging [€ / m³]
Miljoenen
Ons uitgangspunt bij het bepalen van het tarief is dat we een solide beleid voeren, waarin inkomsten en uitgaven op een lange termijn in balans zijn en waarin we doelmatig omgaan met de beschikbare middelen. De grafiek geeft de resultaten van de kostendekkings-berekening weer. De grafiek laat het effect van het beleid op de lasten, inkomsten en de stand van de voorziening zien en de daarbij benodigde rioolheffing (grijs met rechter-as). In bijlage 8 zijn de resultaten van de heffingsberekening opgenomen.
tarief waterverbruik [per m³] (rechter as)
Tariefbepaling
Wat is daarvoor nodig? Toelichting tariefbepaling De financiering van de rioleringszorg is in principe kostendekkend. Dat houdt in dat de kosten alleen gefinancierd worden uit de rioolheffing en dat er geen geld uit de algemene middelen of andere financieringsbronnen nodig is. Een negatief saldo op voorzieningen is conform BBV niet toegestaan. De planning voor de lange termijn is een indicatie op basis van aanlegjaar en theoretische levensduur. We voeren alleen maatregelen uit indien deze ook daadwerkelijk op basis van kwaliteitsgegevens noodzakelijk zijn.
Tot slot Onze inkomsten worden bepaald door het drinkwaterverbruik. Dit brengt onzekerheden met zich mee. Immers gaan mensen korter/minder douchen om energie te besparen dan dalen onze inkomsten. Ook het wel / niet sproeien van de tuinen in de zomer kan veel impact hebben op de inkomsten. Vooralsnog houden we vast aan deze heffingsgrondslag, maar we blijven dit voor de toekomst monitoren.
Toelichting voorziening tariefegalisatie (44.2 BBV) De benodigde stijging in de planperiode wordt met name veroorzaakt door: • Het wegwerken van achterstallig beheer en onderhoud. • Het in uitvoering brengen van het projectenplan. • Stijging van de energiekosten, medio 2023 is ons energiecontract opnieuw aanbesteed voor een periode van 7 jaar. • Kosten voor uitbreiding formatie. • De klimaatmaatregelen (incl. het afkoppelen van de gemengde riolering).
Bij de volgende financiële actualisatie bepalen we opnieuw de rioolheffing waarbij we meer inzicht hebben in de impact van energiekosten, inflatie en rentepercentages op onze financiën, zie kader met toelichting op onzekerheden.
Voor het bepalen van de rioolheffing hebben wij met het volgende rekening gehouden: • We laten de rioolheffing zo geleidelijk mogelijk stijgen en zetten de voorziening optimaal in om lasten te spreiden. • Om voldoende buffer te hebben om onvoorziene zaken (zie kader) op te vangen houden we het saldo van de voorziening bij voorkeur tussen de EUR 300.000 en EUR 500.000.
Personeel & Organisatie
Inkomsten
Lasten
Onzekerheden Op dit moment zorgen de hoge kosten voor energie, de hoge inflatie en de stikstofcrisis voor een aantal onzekerheden: • Wat zijn de gevolgen van inflatie op stijgende prijzen voor personeel, materiaal en energie? Dit effect is op dit moment voor de toekomst niet inzichtelijk en hier hebben we vooralsnog niet op voorgesorteerd. We hebben voor nu gerekend met de energiekosten zoals deze medio 2023 zijn aanbesteed. Het is nog onduidelijk of deze kosten op termijn weer naar beneden kunnen. • Welk effect heeft dit op de omslagrente? Momenteel hanteren we voor de investeringen een omslagrentepercentage van 0,5%. We kunnen niet inschatten wat de omslagrente op lange termijn is.
Kostendekking
Scenario’s
Tariefbepaling
Bijlagen 1.
Wettelijke kaders en zorgplichten
2.
Overzicht overstorten en bergbezinkbassins
3.
Doelen toetsen aan huidige situatie
4.
Evaluatie
5.
Resultaten inwonerspanel
6.
Exploitatielasten
7.
Vervangingsinvesteringen
8.
Heffingsberekening
9.
Vergrotingen grafieken
10. Analyse personele middelen 11. Verklarende woordenlijst 12. Reactie Waterschap De Dommel
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Bijlage 1
Wettelijke kaders en zorgplichten
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Wettelijke kaders en zorgplichten (1/2)
De gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater zijn momenteel opgenomen in de Wet Milieubeheer en de Waterwet. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is dit opgenomen in artikel 2.16 Ow (lid1a).
Stedelijk afvalwater Stedelijk afvalwater is “huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater.”
Afvalwater Vanuit de Wet Milieubeheer (artikel 10.33) hebben we de verplichting een voorziening aan te bieden voor het inzamelen en transport van afvalwater. We houden hierbij vast aan de voorkeursvolgorde voor de verwijdering van afvalwater zoals opgenomen in artikel 10.29a Wm. a. Het ontstaan van afvalwater wordt voorkomen of beperkt; b. Verontreiniging van afvalwater wordt voorkomen of beperkt; c. Afvalwaterstromen worden gescheiden gehouden, tenzij het niet gescheiden houden geen nadelige gevolgen heeft voor een doelmatig beheer van afvalwater; d. Huishoudelijk afvalwater en daarmee vergelijkbaar afvalwater wordt ingezameld en naar een rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) getransporteerd; e. Ander afvalwater dan bedoeld in onderdeel d. wordt hergebruikt (zo nodig na retentie of zuivering bij de bron); f. Ander afvalwater dan bedoeld in onderdeel d (in de praktijk dus vooral hemelwater) wordt lokaal in het milieu teruggebracht (zo nodig na retentie of zuivering bij de bron); g. Ander afvalwater dan bedoeld in onderdeel d wordt als stedelijk afvalwater ingezameld en naar een RWZI getransporteerd.
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Wettelijke kaders en zorgplichten (2/2)
Hemelwater Vanuit de hemelwaterzorgplicht, conform artikel 3.5 van de Waterwet, hebben wij de verantwoordelijkheid voor een doelmatige inzameling van overtollig hemelwater uit de openbare ruimte. Wij hebben ook de zorgplicht voor de afvoer van hemelwater van particuliere percelen, voor zover dit niet redelijkerwijs van de perceeleigenaar kan worden verwacht.
Grondwater In artikel 3.6 van de Waterwet is opgenomen dat wij de zorgplicht hebben voor het in het openbaar gemeentelijk gebied treffen van maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van waterschap of provincie behoort.
Belangrijk vertrekpunt in de wetgeving is dat de zorgplicht in eerste instantie bij de perceeleigenaar ligt. De perceeleigenaar draagt in eerste instantie zelf zorg voor het verwerken van hemelwater op het eigen perceel. Dit kan door hergebruik, infiltreren in de bodem of bergen in bijvoorbeeld een vijver. Wanneer dit redelijkerwijs niet mogelijk is (te hoge grondwaterstand en/of slechte infiltratiecapaciteit van de bodem), nemen wij de zorgplicht over mits doelmatig.
De zorgplicht heeft het karakter van een inspanningsverplichting. Dat wil zeggen dat wij niet verantwoordelijk zijn voor handhaving van het grondwaterpeil in bebouwd gebied, maar alleen een regierol vervullen. Gemeente, particulier, waterschap en provincie behouden dus ieder hun eigen verantwoordelijkheid. De zorgplicht werkt niet met terugwerkende kracht en kan dus niet leiden tot aansprakelijkheid voor schadesituaties uit het verleden.
Vertrekpunt hierbij zijn de voorkeursvolgordes voor: • Waterkwantiteit: vasthouden – bergen – afvoeren • Waterkwaliteit: schoonhouden – scheiden – schoonmaken
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Bijlage 2
Overzicht overstorten gemengd en regenwateruitlaten
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Putnummer Hooge Mierde 6K1503 6M10008o 6V10007 6M10032 6111028 6111031 6K0635 6K11020 6K11021 6K11022 6K12006 6L11028 Lage Mierde 6P10003 6111039 6P11021 6Q11021 Hulsel 6S0004 6U10010 6111023 6S0120 6S0215 6S11029 6SR0111 6SR0117 6SR0122 6SR0124 6SR0125 6S11040 Reusel 601020.01 6C9010 6D9030 6G0061 6Z5085 Buffer uit 6F09020 2H6060o 6A11022 6B11012 6B11022_2 6B11022_3 6C11025 6E11026 6E9030 6G11060 6I10115 6J11013 6111212 6111211
Locatie
Type
drempelhoogte
drempelbreedte
x-coördinaat
y-coördinaat
bemalingsgebied
randvoorziening
Houtgracht De Stad De Luther De Gagel De Stad De Stad Leendestraat Leendestraat Leendestraat Leendestraat Kailakkers Toon van Den Bornestraat
GEM GEM GEM GEM RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA
28,59 28,20 29,15 27,30 & 27,15 27,85 27,42 28,10 28,29 28,46 28,81 30,55 30,20
3,95 200 200 2 × 200 00 2 × 00 00 1,03 1,03 1,03 2,00 1,00
137502 137438 136741 137717 137274 137437 137428 137290 137169 137116 137011 136747
377600 377322 376486 137875 377365 377313 377880 378048 377941 377895 377227 377687
Hooge Mierden De Stad De Luther De Gegel De Stad De Stad Leendestraat zuid Leendestraat noord Leendestraat noord Leendestraat noord t Bogtje Plan Leeuwerik
BBL 193 m³ geen geen geen geen geen geen geen geen geen waterpartij retentie 530 m³
Vestweg Kloosterstraat Hogeweg Hoogemierdseweg
GEM GEM RWA RWA
23,68 24,00 24,74 24,86
1,25 125 1,90 1,00
138827 138396 138072 138090
379953 380346 379731 379351
Lage Mierden noord Lage Mierden noord Naaldakker / Voldersakker De Hasselt RWA
BBB 458 m³ + retentie 1.164 m³ geen retentie 180 m³ retentie 919 m³
Reuselsedijk De Hoef Kerkweg Reuselsedijk Kanten Kanten Vooreind Vooreind Vooreind Vooreind Vooreind Deenendries
GEM GEM RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA
26,91 28,12 28,86 26,87 27,63 26,91 28,95
0,98 0,60 0,45 1,00 300 300 nvt nvt nvt nvt nvt stuw
140192 141079 140554 140231 140227 140251 140189 140080 139920 139881 139884 140281
377469 377167 378008 377615 377873 377822 377702 377717 377766 377782 377793 377909
Hulsel De Hoef De Weijenhof Vooreind / Kanten Vooreind / Kanten Vooreind / Kanten Vooreind Vooreind Vooreind Vooreind Vooreind Kantje
BBL 151 m³ + retentie 560 m³ geen retentie 268 m³ geen geen geen geen geen geen geen geen retentie 554 m³
Zeegstraat Haverekker Wilhelminalaan Hondsbos Rouwenbogt Zeegstraat Denestraat Rijpershoek Zeegstraat Heesterik Lensheuvel Lensheuvel Wegekker Denestraat Hoevenbocht Zandakker Turnhoutseweg Hamelendijk Hulselsedijk de Rijt
GEM GEM GEM GEM GEM GEM GEM RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA RWA GEM RWA RWA RWA
27,89 30,28 29,90 28,30 29,51 28,10 29,73 27,00 27,20 30,35 29,34 28,19 30,22 30,43 29,72 27,83 29,30 29,02 28,97 30,07
5,86 2,50 1,00 3,01 200 6,25 2,01 700 700 200 1,00 500 315 0,83 1,90 400 1,00 0,80 5,50 2,00
138817 140297 140236 139141 140420 138811 140289 139358 139016 138983 139052 139052 140019 140247 140353 139817 138603 140303 139539 139847
375135 374561 374726 375859 375869 375148 375192 375458 374822 373784 373783 373783 374174 375218 374861 375603 374400 374564 375731 375677
Reusel hoofdgebied Reusel zuid Reusel hoofdgebied Reusel noord Rouwenbogt Reusel hoofdgebied Reusel noordoost Molenakkers west Zeegstraat Heesterik Lensheuvel Lensheuvel Wegekker Lange Voren noord Lange Voren zuid Molenakkers oost Turnhoutseweg Kleine Hoeven Molenakkers west Molenakkers oost
BBL 2.160 268 m³ BBB 174 m³ geen BBL 312 m³ + retentie 1.009 m³ geen bufferput 2.270 m³ geen geen geen geen geen geen geen retentie 157 m³ geen geen geen retentie 2.604 m³ rentetie m³ onbekend rentetie m³ onbekend
Bijlage 3
Doelen toetsen aan huidige situatie
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Leeswijzer (onderstaand een voorbeeld)
Afvalwater Verbeteren en instandhouden voorzieningen
Prestatie
Inspanning / eis
SVZ Maatregel / wat gaan we (extra) doen
Technische staat Voorzieningen voor inzameling en transport van stedelijk afvalwater verkeren in een goede technische staat
Periodieke inspectie en onderhoud van het riool conform beheerplan (jaarlijks circa 10% van de vrijvervalriolering) Stelselgemalen, randvoorzieningen, vacuümstations en mechanisch en elektrische voorzieningen jaarlijks inspecteren en reinigen conform BRL.
Kolken en lijngoten minimaal twee keer per jaar reinigen. Elektrische voorzieningen zijn veilig te gebruiken onder de arbeidsomstandighedenwet.
Afvalwater kan ongehinderd afstromen
Uitvoeren van de maatregelplannen n.a.v. de inspecties (in exploitatie – uitvoering maatregelenplan en inspecties) Verhoogde inspectiefrequentie op hoog risico locaties zoals inprikpunten drukriool Grootschalige mechanische en elektrische renovatie van de drukriolering en hoofdgemalen Afronden NEN-keuringen en daarna cyclisch elke 5 jaar Grootschalige renovatie vacuümstation Wilhelminalaan Lijngoten in komende jaren vervangen voor kolken met molgoot (vanuit regulier onderhoud en centrumplan Reusel)
Ingrijpmaatstaven voor stabiliteit, waterdichtheid en afstroming blijven binnen de kwaliteitscriteria van de gemeente. Vertaling schadebeelden uit rioolinspecties naar maatregelen vindt plaats op basis van kwaliteit gestuurde aanpak. Hierbij maken we onderscheid tussen reparatie, instandhouding en/of vervanging.
De inspectiebeelden beoordelen we op basis van onze kwaliteitscriteria. Op dit moment hebben we nog een achterstand in het treffen van maatregelen. Het wegwerken van deze achterstand heeft de focus de komende planperiode. Hierbij kiezen we voor een risico-gestuurde aanpak.
De beheergegevens voldoen aan de eisen van de WIBON1 en komen voor de basisgegevens minimaal 98% overeen met de werkelijkheid. De gegevens van de objecten leggen wij vast in het beheerpakket. Deze informatie gebruiken we voor het verkrijgen van inzicht.
Kwaliteitsanalyse van de beheerdata conform GWSW2 en IMBOR3 Op basis van analyse gegevens aanvullen (in samenwerking met SSC). Inventarisatie drainage en hemelwatervoorzieningen (o.a. infiltratievoorzieningen) en duikers: o drainage en hemelwatervoorzieningen – meeliften bij klimaatportaal o duikers gelijktijdig met grootschalig onderhoud watergangen
Huishoudelijk afvalwater en wat daarop lijkt wordt 100% ingezameld en naar de rioolwaterzuivering getransporteerd. In principe passen we geen lokale zuivering toe, dit blijft echter maatwerk.
De aanlegkosten zijn voor de initiatiefnemer
Het vuilwaterriool is berekend op de eigenschappen, samenstelling en hoeveelheid afvalwater. Aanleg van nieuwe rioolstelsels mag niet resulteren in (toenemende) overlast op een andere plek en/of tot een groter overstortvolume. Bij grootschalige nieuwe aanleg toetsen wij de capaciteit van het gehele stelsel.
Bij in- of uitbreidingsplannen moet het bestaande benedenstroomse stelsel over voldoende capaciteit beschikken om het extra aanbod van afvalwater te kunnen verwerken.
De verloren berging is maximaal 10% per rioolstreng
Omvang verloren berging is niet bekend. Inzichtelijk maken met nieuw SSW
1
WIBON staat voor Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken. Deze wet schrijft de wijze van informatie-uitwisseling tussen netbeheerders en grondroerders voor. GWSW staat voor Gegevens Woordenboek Stedelijk Water en is een open standaard voor het eenduidig uitwisselen en ontsluiten van gegevens in het stedelijk waterbeheer. 3 IMBOR is het Informatiemodel Beheer Openbare Ruimte en is een open standaard voor het uniformeren van de benamingen van alle type objecten in de openbare ruimte en de beheergegevens die per type object vastgelegd kunnen worden 2
2/11
Verstopping, storing of werkzaamheden belemmeren lozing vanuit perceel niet meer 1 × per 10 jaar
Lozing van afvalwater op vuilwaterstelsel en mechanische riolering wordt niet gehinderd door de afvoer van hemelwater (ofwel: geen foutaansluitingen)
Vervangingen en onderhoud aan de vrijvervalriolering en mechanische riolering Onderzoek foutaansluitingen hemelwater op druk- en vacuümriolering Communicatie over lozingsgedrag bewoners en bewustwording over de juiste wijze van inzameling en verwerking Meer toezicht en handhaving bij nieuwbouw (en aanpassing van bestaand) Continueren onderzoek foutaansluitingen buitengebied en het handhaven hierop Inzetten op afkoppelen van particuliere woningen waar al gescheiden stelsel ligt en nog overlast wordt ervaren (o.a. Horstveld, Leendestraat, Lensheuvel, Lange Voren/Denestraat)
Agenderen van dit onderwerp bij de ODZOB en VTH om bewustwording te creëer
Het gemiddeld aantal storingen van rioolgemalen is minder dan 2 keer per jaar. Per individueel rioolgemaal is het aantal storingen minder dan 5 keer per jaar
Vanuit het beheersysteem nog onvoldoende inzicht in aantal storingen, dit heeft de aandacht Maatregelen: we gaan in 2024 3 gemalen en vacuümstation Wilhelminalaan renoveren
Storingen moeten binnen 48 uur na signalering zijn verholpen, overlast dient binnen 24 uur verholpen te zijn; voor hoog risico locaties geldt een termijn van binnen 2 uur ter plekke zijn
Alle gemalen in de gemengde en vuilwaterstelsels met een overstort zijn voorzien van een dubbele pompopstelling die elkaars reserve zijn.
Alle onze hoofdgemalen zijn voorzien van een dubbele pompopstelling
Gemalen in gemengde en vuilwaterstelsels zijn voorzien van een centraal signaleringssysteem voor storingen
Al onze hoofdgemalen zijn voorzien van telemetrie
Vervangingen pakken we integraal op met andere disciplines, zodat we zo min mogelijk overlast verzorgen.
We maken (jaarlijks) een integrale projectenplanning met de andere disciplines
Het lozen van bedrijfsafvalwater is alleen toegestaan onder voorwaarden. Voor nieuwe aanvragen en bestaande lozingen (tenzij anders is opgenomen in de aansluitvergunning) gelden de volgende voorwaarden: a. Elk bedrijf mag maximaal 0,5 m³/uur afvalwater op mechanische riolering lozen b. Elk bedrijf heeft maximaal één aansluiting op de mechanische riolering c. Bij een aanbod groter dan 0,5 m³/uur dient het afvalwater op eigen terrein te worden gebufferd d. Wanneer buffering niet mogelijk is, kan de capaciteit van de mechanische riolering worden vergroot, of wordt gezocht naar alternatieve oplossingen. De kosten hiervoor zijn voor rekening van de perceeleigenaar Bedrijfszekerheid De bedrijfszekerheid van stelselgemalen is gewaarborgd
De weg is voor het openbaar verkeer beschikbaar, op onderhoudswerkzaamheden na.
3/11
We hebben een calamiteitendienst voor het oplossen van de storingen Er wordt een calamiteitenplan opgesteld.
Nieuwe aanleg Prestatie
Inspanning / eis
SVZ Maatregel / wat gaan we (extra) doen
Voor komende planperiode wordt vastgehouden aan huidige wet- en regelgeving
We volgen het bouwbesluit en de huidige lozingenbesluiten.
We volgen onze eigen gemeentelijke ontwerpstandaarden.
Daarnaast conformeren we ons aan de nieuwe standaarden zoals de maatlat voor groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving.
Bij nieuwe aanleg wordt aandacht besteed aan de waterhuishoudkundige situatie ter plaatse: functies daar waar ze het beste passen.
Nieuwe ontwikkelingen volgen om toekomstgericht beleid te voeren en vooruitstrevend om te (blijven) gaan met onze zorgplichten
Ontvankelijk zijn voor nieuwe ontwikkelingen, zoals het op andere wijze zuiveren of hergebruiken van afvalwater (alternatieve sanitatie), rio- en aquathermie, hoe in de toekomst medicijnresten af te vangen en bij de bron te scheiden etc.
In samenspraak met het waterschap maken we procesafspraken over kwetsbare locaties (water & bodem sturend) We hebben inzichtelijk wat de kwetsbare gebieden zijn in relatie tot nieuwbouw, de ‘Beekdalen, flanken en hoge koppen’ kaart van het waterschap vormt hierbij de basis Volgen van pilots klimaatportaal en RIONED, we passen nieuwe ontwikkelingen alleen toe, wanneer dit bewezen effectieve maatregelen zijn. Afstemming met klimaatportaal
Vuiluitworp Prestatie
Inspanning / eis
SVZ Maatregel / wat gaan we (extra) doen
De vuiluitworp vanuit het afvalwatersysteem via overstorten naar oppervlaktewater in het geval van hoosbuien is beperkt. De overstorten in sloten en vijvers leidt tot beperkte risico's voor mens en omgeving. Slechts af en toe is er sprake van stank en vervuiling.
De vuiluitworp uit gemengde rioolstelsels moet kleiner of gelijk zijn aan de doelstellingen voor de oppervlaktewaterkwaliteit, zoals bepaald in overleg met de waterkwaliteitsbeheerder.
Op basis van het Kallisto onderzoek is geen inspanning meer nodig op onze riooloverstorten Het afkoppelen van verhard oppervlak heeft een positief effect op het verder terugdringen van de vuiluitworp Bij uitbreiding van woningen en bedrijventerreinen houden we rekening met de beschikbare capaciteit van het gemengde stelsel, om toename van overstorten en vuiluitworp te voorkomen
Overstorten van gemengde stelsels zijn voorzien van meetregistratie
Overstorten zijn voorzien van meetapparatuur Nooduitlaten van hoofdgemalen en vacuümsystemen zijn inzichtelijk op onze beheerkaart (m.u.v. 1 gemaal)
We hebben oog voor gezondheidsrisico’s bij water op straat bij hoosbuien
We zijn niet bekend met gezondheidsproblemen a.g.v. water op straat We communiceren met onze bewoners over gezondheidsrisico’s van waterop-straat (via website of sociale media)
4/11
Aansluiten en wijze van inzameling Prestatie
Inspanning / eis
Op het afvalwatersysteem zitten nagenoeg geen (foutieve) aansluitingen die de werking van het systeem (inzameling en zuivering) belemmeren
Bij inspectie controleren we op foutieve aansluitingen
Dit is de standaard aanpak bij rioolinspecties
We verrichten alleen onderzoek naar foutieve aansluitingen op basis van klachten / meldingen, visuele waarnemingen en/of vermoeden op basis van draaiuren gemalen
In het stedelijk gebied is dit de handelingswijze. We hebben op dit moment nog foutieve aansluitingen in het buitengebied. Deze gaan wij proactief opsporen en onderzoeken.
De afvoer van hemelwater of grondwater via drukriolering en/of decentrale sanitatie-installaties is niet toegestaan
Op dit moment zijn er nog foutieve aansluitingen in het buitengebied. Deze gaan we de komende planperiode verder onderzoeken en aanpakken.
IBA’s passen we in principe niet toe, mochten wij o.b.v. maatwerk toch een IBA toepassen geldt het volgende;
Waar mogelijk en doelmatig sluiten we aan op bestaande of nieuw aan te leggen riolering. Alleen in zeer uitzonderlijke situaties nemen we het plaatsen van IBA’s in overweging.
We verwerken afvalwater in het buitengebied op doelmatige wijze
We weten de lange termijn prognose voor bedrijfsafvalwater en kennen de kansen en mogelijkheden om hier slim mee om te gaan.
SVZ
Bewoner is zelf verantwoordelijk voor aanleg en beheer, >40m van stelsel, anders gemeente Gemeente / waterschap handhaaft op kwaliteit Doelmatigheidsafweging ook voor de lange termijn
Maatregel / wat gaan we (extra) doen
Inzicht in wie loost wat en hoeveel afvalwater
Op dit moment ontbreekt dit inzicht. We focussen ons eerst op de foutieve aansluitingen in het buitengebied.
Inzicht verkrijgen in waar liggen kansen en mogelijkheden (ketenbenadering)
Stap 1 zicht op de huidige situatie (pas na planperiode)
5/11
Stap 2 bij nieuwe aanvragen de impact op het systeem meenemen
Hemelwater Afvoercapaciteit Prestatie
Inspanning / eis
SVZ
Maatregel / wat gaan we (extra) doen
Bij herinrichting of nieuwe aanleg leggen we de openbare ruimte zo aan, dat er bij hoosbuien geen overlast en schade ontstaat op privaat terrein door water vanaf de openbare ruimte
We voeren hemelwater zo veel mogelijk (semi) bovengronds naar locaties waar we het water tijdelijk kunnen bergen én zodat we het hemelwater zo veel mogelijk kunnen infiltreren. De openbare omgeving geven we hieromtrent vorm; bodem en water zijn daarbij leidend.
We gaan uit van onze voorkeursvolgorde (zie hoofdstuk Wat willen we bereiken figuur blz. 9 ), in bestaande situaties blijft dit altijd een afweging tussen verschillende functies.
Voor ondergrondse infra gaan we uit van een afvoercapaciteit van T=2 (composietbui C_2_2014).
Uitgangspunt hierbij: T=2 (voorheen gerekend met bui 09) geen water op straat (ook niet tussen de banden)
Voor aanleg van nieuwe riolering gaan we hierbij uit van T=2 waarbij geen water op straat mag optreden. Voor bestaande situaties bekijken we wat er gebeurt bij T=2. We kunnen hierbij niet altijd geen water op straat garanderen. Hierbij kijken we naar omvang en risico’s van mogelijke water op straat. Waar nodig zoeken we naar een oplossing. Bovengrondse oplossingen of afkoppelen hebben hierbij de voorkeur als het riool (of het straatwerk) niet aan vervanging toe. Tot op heden is gerekend met bui 09. We gaan deze stelsels niet met terugwerkende kracht aanpassen om te voldoen aan T=2 In nieuw SSW rekenen we met nieuwe T=2 en maken we de vergelijking met bui 09 Het functioneren van de regenwatersystemen onderzoeken we in het nieuwe SSW
Nieuwe technieken passen we alleen toe als deze bewezen zijn
We hebben aandacht voor bestaande gebieden waar sprake is van wateroverlast bij hevige buien en nemen daar maatregelen
Bij alle projecten in de openbare ruimte verkennen we de mogelijkheden om hemelwater lokaal op te slaan en te vertragen
We werken conform de voorkeursvolgorde en werken volgens het principe hydrologisch neutraal ontwikkelen.
Kwetsbare locaties zijn in beeld op basis van stresstesten (of vergelijkbaar) en praktijkervaring.
We hebben inzicht in het hydraulisch functioneren bij een bui T=100 (zowel 70 mm als 90 mm). 1 × per 6 jaar voeren we nieuwe berekeningen / stresstesten uit (mogelijk gelijktijdig met SSW) Op basis van de rekenresultaten voeren we klimaatdialogen en stellen we een nieuwe uitvoeringsagenda op
Bij onderhoud en vervanging (door riolering, groen of wegen) verkennen we de mogelijkheden om hemelwater op deze locaties lokaal op te slaan en te vertragen meekoppelkansen
Deze afwegingen nemen we mee bij het opstellen van het integrale projectenplan
We zetten extra in op het vergroenen van de private en publieke ruimte om de wateroverlast en schade te beperken. We sluiten hierbij aan bij beleid van afdeling groen
6/11
We zetten hierbij in op (extra) communicatie uit het communicatieplan. Binnen het KDP hebben we zowel budget voor klimaatcommunicatie als ondersteunende fte’s: Waar mogelijk maken we gebruik van de door het waterschap beschikbaar gestelde tuincoaches en sluiten aan bij de subsidieregeling van het waterschap ‘Inwoners aan zet voor waterinfiltratie en biodiversiteit’
Bij bestaande bouw stimuleren we het afkoppelen van hemelwater op eigen terrein.
Voortzetten subsidieregeling (EUR 10.000 / jaar) Inzet van subsidie gemeentelijke uitvoeringsagenda’s klimaatadaptatie van het waterschap Maatregelen uit het communicatieplan klimaatadaptatie Bij vervangingsprojecten afkoppelen voorzijde woning meenemen door aannemer op kosten gemeente (5% extra opgenomen als onderdeel van het projectbudget)
Inwoners, bedrijven en instellingen zijn zelf verantwoordelijk voor het voorkomen of beperken van schade door wateroverlast vanaf eigen terrein. Regenwater benutten / opslaan voor perioden van droogte (waterbuffering in de stad)
We leggen waar mogelijk regenwaterbuffers aan in stedelijk gebied
Berging creëren (infiltratie) achter bestaande hemelwateruitlaten (opgenomen als krediet klimaatinvesteringen) Inzet subsidie van waterschap (50%) voor aanleg van extra waterberging Inrichten (kwetsbare) gebieden zodat zoveel mogelijk water wordt vastgehouden – bij herinrichtingen op zoek gaan naar mogelijkheden Onderzoek aanvullende waterberging rondom de Reusel
Technische staat Systemen voor inzameling van hemelwater, berging en afvoer van hemelwater verkeren in een goede technische staat
De inrichting en het beheer van de stedelijke omgeving pakken we zodanig aan dat we verontreiniging van het milieu door afstromend (hemel)water voorkomen
Ingrijpmaatstaven voor stabiliteit en afstroming (en waterdichtheid) blijven binnen de kwaliteitscriteria van de gemeente. Vertaling schadebeelden uit rioolinspecties naar maatregelen vindt plaats op basis van kwaliteit gestuurde aanpak.
Hemelwaterriolering is relatief nieuw binnen de gemeente. De komende planperiode verwachten wij geen vervangingsopgave.
Voor de bovengrondse voorzieningen geldt dat we het beheer en onderhoud conform ons beheerplan uitvoeren
Op dit moment ontbreekt een beheerplan en inzicht in omvang en kwaliteit van het areaal. De komende planperiode voeren wij een inventarisatie uit en maken we voeren we een kwaliteitscontrole uit. voor het beheerplan sluiten we aan bij het beheerplan dat momenteel als pilot binnen het klimaatportaal wordt opgesteld.
Bij de inrichting van de stedelijke omgeving houden we rekening met de voorkeursvolgorde
Voor de verwerking van afstromend hemelwater van intensief gebruikte terrein- en wegverhardingen streeft de gemeente naar het toepassen van zuiverende voorzieningen, zoals bodem/bermpassage, voordat lozing naar het oppervlaktewater plaatsvindt. Beheer en onderhoud voeren we uit conform ons beheerplan.
7/11
Beheer en onderhoud drainage en hemelwatervoorzieningen (o.a. infiltratievoorzieningen) – meeliften bij klimaatportaal
Scheiden hemel- en afvalwater Prestatie
Inspanning / eis
Vuilwater wordt zoveel als mogelijk gescheiden van hemelwater ingezameld en gescheiden aangeboden aan de zuivering
Bij elke reconstructie in de openbare ruimte nemen we het scheiden van hemel- en afvalwater mee. Hierbij streven we naar tenminste 50% van het particulier dakoppervlak gelijktijdig af te koppelen
Hiervoor is budget beschikbaar binnen de projectbudgetten
We zoeken naar zoveel als mogelijk prikkels om inwoners of particulieren te stimuleren om maatregelen te nemen.
Zie communicatieplan
Bij het verwerken van hemelwater volgen we de voorkeursvolgorde voor het verwerken van hemelwater (vasthouden, bergen, vertraagd afvoeren)
SVZ Maatregel / wat gaan we (extra) doen
We werken bij alle ruimtelijke projecten conform de voorkeursvolgorde
We gebruiken bij voorkeur bovengrondse oplossingen. We zoeken naar integrale oplossingen waardoor de ruimte voor bovengrondse oplossingen multifunctioneel wordt gebruikt.
Onze voorkeur gaat uit naar bovengrondse berging. Alleen als dat (onderbouwd) niet mogelijk is, mag ondergrondse berging worden toegepast De voorkeursvolgorde van de type maatregelen werken we verder uit in het handboek openbare ruimte (incl. voorwaarden wanneer bepaalde types toegepast kunnen/mogen worden)
Aansluiten en wijze van inzamelen Prestatie
Inspanning / eis
Er zijn geen vuilwateraansluitingen op hemelwatersystemen aangesloten.
Daar waar deze zijn geconstateerd, wordt gehandhaafd
Hier is op tot nu toe onvoldoende capaciteit voor beschikbaar geweest. Hier gaan we de komende planperiode actief mee aan de slag waarbij het buitengebied de hoogste prioriteit heeft. Hiervoor worden extra middelen vrijgemaakt.
Door gebruik te maken van duurzame, milieuvriendelijke en niet uitlogende materialen worden risico's op vervuiling van afgekoppelde oppervlakken voorkomen.
Dit gaan we meenemen in onze communicatie richting de bewoners
Bij nieuwbouw verplichten we het verwerken van hemelwater op eigen terrein:
We verzorgen de inzameling van hemelwater van particulieren wanneer zij het hemelwater niet op eigen terrein kunnen vasthouden of bergen.
SVZ Maatregel / wat gaan we (extra) doen
Nieuwbouw percelen <500 m² geldt een bergingseis van 40 mm Nieuwbouw percelen >500 m² geldt de Keur van het waterschap Gesloopt oppervlak geldt niet als compensatie Indien de initiatiefnemer kan aantonen dat het niet doelmatig is om berging aan te leggen, dan is maatwerk mogelijk Vergunningsvrije nieuwbouw is vrijgesteld van de bergingseis Waar noodzakelijk differentiëren we per gebied
8/11
Om dit goed te kunnen reguleren passen we het volgende aan in onze hemelwaterverordening (die bij inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswegen overgaat in het omgevingsplan). o Opnemen bergingseis 40 mm bij nieuwbouw (dit geldt voor alle nieuwbouw, ongeacht het gesloopte verhard oppervlak) o Opnemen toelichting wat wij onder nieuwbouw verstaan o Opnemen bergingseis 20 mm bij herbouw en verbouw Uitvoeren onderzoek mogelijkheden waterbergingsfonds (binnen fte’s)
Grondwater Algemeen Prestatie
Inspanning / eis
SVZ Maatregel / wat gaan we (extra) doen
Regierol Ten aanzien van het ondiepe grondwater hebben we een regiefunctie. Voor vragen over grondwater en grondwaterproblematiek zijn wij een duidelijk aanspreekpunt voor inwoners en bedrijven.
Voor (tijdelijke) grondwateronttrekkingen (bronneringswater) is waterschap en/of provincie bevoegd gezag. Wij zijn bevoegd gezag voor lozingen op de riolering.
We zijn een aanspreekpunt voor inwoners en bedrijven. Het informeren van onze inwoners maakt onderdeel uit van de loketfunctie
We nemen de meldingen in ontvangst en vervullen de loketfunctie.
De grondwaterstand op het particulier terrein is de verantwoordelijkheid van de eigenaar/gebruiker. Voor hinder, overlast of schade op het eigen perceel is de gemeente in beginsel niet aansprakelijk.
Voor definitie van structurele grondwateroverlast, zie volgende bladzijde.
Lozingen van bronneringswater vinden bij voorkeur plaats in de bodem, op oppervlaktewater of hemelwatersystemen. Bij uitzondering en na goedkeuring van de gemeente mag er geloosd worden op de gemengde riolering. We hanteren de volgende voorkeursvolgorde:
We hanteren de voorkeursvolgorde bij het lozen van bronneringswater op de riolering. Hiervoor gaan we meer aandacht vragen bij ontwikkelaars.
Voorkomen van bronneringswater Retourbemaling naar hetzelfde watervoerend pakket Lozen in de bodem (in een ander watervoerend pakket) Afvoeren naar oppervlaktewater (eventueel via een hemelwaterriool) Afvoeren naar een gemengd riool (nooit naar een vuilwaterriool)
Technische staat De voorzieningen voor inzameling en verwerking van overtollig grondwater verkeren in een goede technische staat.
De gemeente heeft een goed beeld van de omvang en kwaliteit van het areaal De perceeleigenaar is in eerste instantie zelf aan zet bij het verhelpen van grondwaterproblemen. Als gemeente grijpen we alleen in als de oplossing niet binnen verantwoordelijkheid van eigenaar valt (zoals waterdichtheid pand/kelder) én als grondwater tot structurele overlast leidt en mits doelmatig is
9/11
Het areaal is nog niet volledig opgenomen in het beheersysteem. De komende planperiode richten we ons eerst op het in beeld brengen van het areaal. Daarna gaan we toetsen op kwaliteit en werking.
Verminderen / voorkomen structurele grondwateroverlast Prestatie
Inspanning / eis
SVZ Maatregel / wat gaan we (extra) doen
We spreken van structurele overlast indien: Daar waar het grondwater niet voldoet aan de grenswaarden en er sprake is van De overlast: structurele grondwateroverlast, werken Wederkerend is en gemeld (ten minste jaarlijks) we mee aan doelmatige en effectieve Én gedurende langere tijd voorkomt (ten minste één grondwater maatregelen in de openbare maand continu) ruimte. Én niet tijdelijk is (tenminste twee jaar) Én stabiel of toenemend is Het probleem enige omvang heeft en dus op buurtniveau speelt De problematiek aantoonbaar wordt veroorzaakt door (verandering in) de grondwaterstand Meldingen van grondwateroverlast nemen we in behandeling. We treffen alleen maatregelen mits deze doelmatig zijn en niet vallen onder de verantwoordelijkheid van het waterschap en/of provincie
De aanwezige structurele grondwateronderlast (droogte) is zo beperkt mogelijk
Bij nieuwe aanleg
We hebben inzicht in grondwaterstanden middels een grondwatermeetnet
Bij de aanpak van droogte benaderen we grondwater vanuit het natuurlijke systeem. We handelen vanuit de potentie van het bodem- watersysteem.
Hierbij maken we gebruik van de ‘Beekdalen, flanken en hoge koppen’ kaart van het waterschap. Dit vraagt blijvend onze aandacht.
Waar mogelijk vergroten we de sponswerking van de bodem en nemen we maatregelen om water langer vast te houden om droogte te beperken
Hierbij maken we gebruik van de ‘Beekdalen, flanken en hoge koppen’ kaart van het waterschap
Handhaven grondwatermeetnet Extra inzet op gebruiken en ontsluiten van grondwaterkaarten waterschap
Per gebied hanteren we eisen ten aanzien van de aanleghoogte van vloeren. We hanteren hierbij de volgende minimale ontwatering:
Woningen zonder kruipruimte Woningen met kruipruimte Tuinen / groenvoorzieningen Hoofdwegen Secundaire wegen en woonstraten
0,5 m¹ 0,7 m¹ 0,5 m¹ 1,0 m¹ 0,7 m¹
We sturen aan op een robuuste inrichting van het gebied om grondwateroverlast in de toekomst te kunnen voorkomen. We hanteren hierbij de volgende voorkeursvolgorde:
Bouwen op hoogste deel van het gebied ophogen aanleg nieuw oppervlaktewater aanleg ontwateringsvoorzieningen (drainage)
10/11
Dit moeten we gemeente breed afstemmen
Oppervlaktewater Prestatie
Inspanning / eis
SVZ
Het oppervlaktewater heeft een belangrijke functie als berging voor ‘overtollig’ hemelwater, waarmee waterop-straat’ situaties of schade wordt voorkomen
De hoeveelheid (bergingsruimte) in oppervlaktewater blijft bij benadering gelijk. Waarbij we zorgdragen dat we hemelwater niet versneld afvoeren, maar lokaal infiltreren ten behoeve van droge periodes.
Maatregel / wat gaan we (extra) doen
We zoeken naar locaties voor het creëren van extra hemelwaterberging achter hemelwateruitlaten We richten ons hierbij in eerste instantie op de waterberging en afvoercapaciteit van de Reusel
De waterkwaliteitsbeheerder richt zich op het functioneel gebruik van het water en de bijbehorende kwaliteitsdoelen. Samen met het waterschap richten wij ons op zichtbaar, bereikbaar en veilig water Het waterschap is verantwoordelijk voor het operationele regionale waterbeheer. Dit betekent dat zij zorgen voor droge voeten (veiligheid), schoon en voldoende water. We beheren en onderhouden onze sloten en duikers voor behoud van berging en goede afstroming van het hemelwater
Het beheer en onderhoud voor de B- en C-watergangen voeren wij regulier uit Uitvoeren inventarisatie van de watergangen en duikers Op basis van inventarisatie beheer en onderhoud in de planperiode nader uitwerken in een beheerplan
Klimaatadaptatie is gericht op het voorkomen van overlast door opwarming en verslechtering van de waterkwaliteit De gemeente zet in op het vergroten van de belevings- en gebruikswaarde van het oppervlaktewater voor inwoners en bezoekers.
We geven bij voorkeur op een zo natuurlijk mogelijke manier, vorm aan stedelijk oppervlaktewater
We hebben hierbij (in samenwerking met de andere afdeling) aandacht voor kansen voor het verbeteren van de biodiversiteit bijvoorbeeld door de combinatie groen-blauw en natuurlijke oevers
We voorkomen (binnen onze beleidsverantwoordelijkheid) dat door niet goed functionerend oppervlaktewater toekomstige grondwateroverlast gaat ontstaan.
We onderhouden in afstemming met het waterschap onze systemen.
Het areaal is nog niet volledig opgenomen in het beheersysteem. De komende planperiode richten we ons eerst op het in beeld brengen van het areaal. Daarna gaan we toetsen op kwaliteit en werking.
Als gemeente richten we ons op: We geven samen met het waterschap invulling aan de doelen van de Kaderrichtlijn Water om te komen tot een het beperken van de vuiluitworp van riolering (o.a. door afkoppelen van verhard oppervlak) gezond oppervlaktewatersysteem het monitoren van de afvalwaterketen
11/11
Door onze deelname aan Kallisto voldoen we aan de KRW-doelen. We blijven ons inzetten om de vuiluitworp verder terug te dringen door het afkoppelen van verhard oppervlak van gemengde riolering We monitoren onze overstorten
Bijlage 4
Evaluatie
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Terug naar hoofdtekst
Evaluatie (I/V)
We kijken terug op de doelen en ambities uit het vorige VGRP om te bepalen welke doelen en ambities behaald zijn en op welke onderwerpen er nog uitdagingen liggen voor de nieuwe planperiode.
Er is een hemelwaterstructuurplan opgesteld. Dit plan vormt de basis voor de aanleg van gescheiden riolen, het vormgeven van de blauwe aders en het prioriteren van plaatsen waar aanvullende waterberging noodzakelijk is.
Afvalwater De gemeente voldoet aan de emissieafspraken met het waterschap. Daarnaast heeft het Kallisto onderzoek uitgewezen dat geen aanvullende maatregelen nodig zijn om aan de KRW-doelstellingen te voldoen. Het grootste deel van de huidige belasting komt uit de agrarische sector. De kredieten die waren gereserveerd voor de maatregelen voortkomend uit dit onderzoek worden ingezet om aanvullende waterberging te creëren.
Grondwater De gemeente heeft een eigen grondwatermeetnet. Brabant Water voert hiervoor het beheer en onderhoud. Waterschap De Dommel heeft het grondwatermeetnet buiten de kernen uitgebreid, waardoor de dekking van het netwerk steeds completer wordt. In de planperiode zijn enkele meldingen binnen gekomen van grondwateroverlast, deze locaties zijn uit eerdere meldingen bekend. Verdere grondwateroverlast is niet bekend. Door de ligging van onze gemeente op zandgrond neemt de kans op droogteproblematiek verder toe. Dit is een nieuwe vorm van grondwaterproblematiek die de komende jaren aandacht zal vragen.
Hemelwater Binnen de gemeente is een aantal bekende wateroverlastlocaties. In de afgelopen planperiode is een deel van deze locaties aangepakt, maar enkele hiervan blijven voortdurend aandacht vragen. De overlastlocaties worden vooral aangepakt als zich meekoppelkansen voordoen. In de planperiode is de omgeving van het Horstveld in Reusel toegevoegd aan de overlastlocaties. Er loopt nu een onderzoek om de oorzaak van de overlast vast te stellen.
Beheer, onderhoud en vervanging Ondanks de beperkte capaciteit hebben we een grote inhaalslag gemaakt op het gebied van inmeten van het areaal, de gegevens op orde brengen en de kwaliteit in beeld brengen. In de afgelopen planperiode is de vrijvervalriolering in alle kernen geïnspecteerd. Hierdoor is een goed beeld ontstaan van de kwaliteit van het stelsel en kan bij vervanging meer op kwaliteit dan op leeftijd worden gestuurd. Op sommige locaties is de kwaliteit veel slechter dan op basis van leeftijd verwacht mocht worden. Op andere locaties gaat het riool langer mee dan de technische levensduur.
Waar het riool aan vervanging toe was zijn gemengde riolen vervangen door gescheiden riolen en boden we als gemeente aan om de voorzijde van de woningen kosteloos af te koppelen. In het VGRP was alleen rekening gehouden met de aanleg van een gescheiden stelsel en niet met het afkoppelen van particuliere woningen.
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Terug naar hoofdtekst
Evaluatie (II/V)
Op basis van de inspectiegegevens is een inschatting gemaakt of het bestaande riool langer kan blijven liggen, eventueel voorzien van levensduur verlengende maatregelen zoals relinen. Daarnaast prioriteren we welke straten op korte termijn vervangen moeten worden. Deze afwegingen maken onderdeel uit van ons integrale projectenplan. Met name de inprikpunten van het drukrioolstelsel zijn kwalitatief erg slecht door H2S-aantasting. Deze vergen op korte termijn aandacht om de veiligheid en het functioneren te waarborgen. In de planperiode zijn de laatste locaties voorzien van lucht-inblaasunits, om de H2S-concentraties omlaag te brengen.
’t Bogtje.
In wijken waar in het verleden ei-vormige rioolbuizen met vaar-moer verbindingen zijn toegepast is de kwaliteit van het rioolstelsel slechter dan verwacht. Gedurende de planperiode zijn er enkele calamiteiten geweest door de slechte kwaliteit van het rioolstelsel, onder andere op de Bernardusweg in Lage Mierde en op de Plonderijen in Reusel.
Ontbrekende gegevens in het areaal zijn ingemeten en aangevuld. Samen met de Kempengemeenten onderzoeken en verbeteren we kwalitatief de data in het gezamenlijke beheerprogramma. Nu het areaal en de data beter in beeld zijn, bestaat de wens om het beheer verder te professionaliseren.
Met de kennis van de inspecties is het mogelijk om vervangingen en renovaties te plannen op basis van kwaliteit. Hieruit blijkt dat de vervangings- en renovatieopgave op korte termijn groter is dan verwacht werd conform het vorige VGRP. Daarnaast is door de beperkte personele bezetting een achterstand ontstaan.
In de planperiode is het beheersysteem (SAM) voor drukriolering, gemalen en randvoorzieningen verder gevuld en gebruikt. Onze eigen buitendienst verzorgt het beheer en onderhoud van de mechanische riolering deels zelf, de rest besteden we uit. De inspectiegegevens en waarnemingen zijn in SAM verwerkt, hiermee hebben we meer inzicht in de kwaliteit van deze objecten gekregen. Hieruit blijkt dat de komende jaren meer ingezet moet worden om de installaties op peil te houden.
De Lange Voren / Denestraat en de Leendestraat vragen blijvend aandacht omdat hier in de praktijk nog steeds wateroverlast wordt ervaren. De afgelopen periode is het rioolsysteem op de Hondsbos verbeterd en zijn rioolsystemen in de omgeving van de Vlassert, Marialaan, Groeneweg en Voort vervangen. Daarnaast zijn ook enkele riolen op basis van de inspecties en het vacuümgemaal de Voort gerenoveerd.
In de planperiode zijn verschillende knelpunten uit het BRP aangepakt: Turnhoutseweg; Lange Voren / Denestraat; Leendestraat;
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Terug naar hoofdtekst
Evaluatie (III/V)
Niet het volledige areaal duikers is in beeld bij de gemeente evenals de kwaliteit hiervan. De peilbuizen zijn opgenomen in de beheertool SAM. Er is nog geen beheerprogramma voor de duikers, sloten, infiltratievoorzieningen en drainage opgesteld.
Bij herinrichting van de openbare ruimte is op de volgende manieren gewerkt aan een meer klimaatrobuuste inrichting: Ontwerpen zijn kritisch bekeken en waar mogelijk is meer ruimte gemaakt voor groen en waterberging. Het bergend vermogen van de rijbaan bij zeer extreme neerslagsituaties is verbeterd.
Optimaliseren drukriolering Sinds 2019 hebben we een hemelwaterverordening, waarin we middels een gebiedsaanwijzing een gebied kunnen aanwijzen waar het verboden is afvloeiend hemelwater en grondwater te lozen in het openbare vuilwaterriool. Het buitgebied heeft zo’n gebiedsaanwijzing. De afgelopen planperiode hebben we actief gezocht naar foutaansluitingen op druk- en vacuümriolering. Jaarlijks zijn circa 80 aansluitingen onderzocht. In de komende planperiode zetten we dit onderzoek voort. Tot nu toe zijn percelen die niet voldoen alleen aangeschreven.
In de planperiode is een onderzoek naar aanvullende waterberging rondom de Reusel opgestart. Met name bij zomerse piekbuien is de afvoercapaciteit van de Reusel onvoldoende, wat in het verleden tot overlast heeft geleid. Om deze overlast te verminderen is aanvullende waterberging nodig. Dit vraagt een gezamenlijke inspanning met het waterschap. Als gemeente willen we van deze aanvullende berging ook gebruikmaken voor toekomstige hemelwaterberging.
Klimaat De afgelopen planperiode is het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) ingevoerd. Door het uitvoeren van stresstesten en het voeren van klimaatdialogen is het besef gegroeid dat water en klimaat belangrijke aandachtspunten zijn. Hierdoor zijn zeker bij nieuwe gebiedsontwikkelingen de onderwerpen wateroverlast, hitte en droogte op de kaart gekomen en kwetsbare locaties inzichtelijk gemaakt. Er blijft behoefte aan een afwegingskader om kwetsbare locaties te prioriteren en meekoppelkansen optimaal te kunnen benutten.
B1
B2
B3
B4
B5
B6
Om bewustwording onder inwoners te verbeteren hebben we een regentonactie georganiseerd, deelgenomen aan het NK ‘tegelwippen’ en een meerjarig communicatieplan opgesteld. Ten opzichte van het VGRP waren dit onvoorziene nieuwe opgaven. Structurele communicatie blijft een aandachtspunt.
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Terug naar hoofdtekst
Evaluatie (IV/V)
Impulsregeling: de verdeling van de vanuit het Rijk beschikbare gestelde bijdragen voor de uitvoering van klimaatadaptieve maatregelen, de zogenaamde tijdelijke regeling DPRA impulsgelden (vanuit het Deltafonds) die voor de werkregio beschikbaar zijn gesteld.
De afgelopen planperiode hebben we daarnaast het afkoppelen van particulier verhard oppervlak op de volgende manier gestimuleerd: Daar waar gemengde riolering is vervangen door een gescheiden stelsel hebben we de voorzijde van de woning op kosten van de gemeente mee afgekoppeld. Daarnaast hebben we afkoppelvergoeding verstrekt voor particulieren die hun eigen woning wilde afkoppelen en/of een groen dak wilden aanleggen.
De ambtelijke samenwerking binnen de Kempengemeenten (gemeenten Bergeijk, Bladel, Eersel, Reusel-De Mierden en Oirschot) op het gebied van water en riolering is met name op vrijwillige basis en gestoeld op kennisuitwisseling. Onderdeel van de samenwerking is ook uitvoer van het gegevensbeheer door het Shared Service Centre (SSC).
Dit heeft geresulteerd in een hoger percentage afgekoppelde woningen de afgelopen periode. Samenwerking De ambtelijke samenwerking met het waterschap is de afgelopen planperiode structureler geworden. Daarnaast heeft het Waterportaal Zuidoost Brabant haar focus verbreed naar klimaatadaptatie en gaat verder onder de naam Klimaatportaal. Binnen Klimaatportaal Zuidoost Brabant hebben we deelgenomen aan de volgende gezamenlijke projecten: Meetnet riolering en grondwater: we hebben een grondwatermeetnet en een meetnet voor onze riooloverstorten. Het waterschap verzamelt de data en er vindt periodiek een analyse-overleg plaats voor beide meetnetten. Klimaatstresstest light: een regionale “klimaatstresstest light” waarmee meer inzicht is verkregen in de kwetsbaarheden van de regio in situaties waarin het te nat, te heet of te droog is. Kennisdeling: periodieke kennisdeling via het kennisplatform.
B1
B2
B3
B4
B5
B6
Personele capaciteit Het verbeteren van de personele capaciteit was een belangrijk speerpunt in de afgelopen planperiode. Sinds 2020 is structurele invulling gegeven aan de personele bezetting voor water, riolering en klimaat. Hierdoor is een inhaalslag gemaakt op het gebied van inspecties, beheer en onderhoud. Ook het onderwerp klimaatadaptatie is op een vooruitstrevende manier aangepakt. Ondanks de structurele invulling, blijven we kwetsbaar bij personeelswisselingen. Dit heeft ook impact op het projectenplan. Onderwerpen zoals klimaatadaptatie en de Omgevingswet vragen de laatste jaren meer aandacht. Bij het opstellen van het vorige VGRP was dit nog niet bekend, waardoor inhuur nodig blijft om de personele capaciteit vooral project specifiek aan te vullen.
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Terug naar hoofdtekst
Evaluatie (V/V)
Bij de buitendienst zijn de afgelopen periode enkele medewerkers met pensioen gegaan. Het behoud van de gebiedskennis van deze medewerkers en tijdige overdracht is een belangrijk aandachtspunt.
noodzakelijk om investeringen naar voren te halen. Hierdoor is het ook niet mogelijk om vooraf te sparen voor de verwachte vervangingspiek. Dit is een van de redenen waarom de riolerings- en watertaken de komende jaren duurder worden.
Financieel De stand van de voorziening is hoger dan geraamd. Dit is deels veroorzaakt door het achterblijven van investeringen als gevolg van de geringe personele bezetting in het begin van de planperiode. Vanaf 2020 is een inhaalslag gemaakt en is aanvullend budget beschikbaar gesteld voor het uitvoeren van noodzakelijke renovaties op basis van inspecties. Door de eerder achtergebleven investeringen heeft dit echter geen negatief effect gehad op de voorziening. Het voorgestelde verloop van de rioolheffing in de planperiode is niet gevolgd. Belangrijkste reden hiervoor was het verlagen van de omslagrente, het achterblijven van investeringen en (in minder mate) schommeling van inkomsten als gevolg van het waterverbruik (op basis waarvan de rioolheffing wordt geïnd). De insteek uit het vorige VGRP was om beheer en vervangingen risico-gestuurd uit te voeren op basis van inspecties. De verwachting was dat de riolering langer mee kon en vervangingsinvesteringen daardoor naar achter geschoven konden worden. Uit de uitgevoerde inspecties blijkt echter dat dit niet voor alle locaties geldt. Op een aantal plekken blijkt de riolering de technische levensduur niet te halen. In plaats van het uitstellen van investeringen is het dus
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Bijlage 5
Resultaten inwonerspanel
B1
B2
B3
B4
B5
B6
B7
B8
B9
B10
B11
B12
Terug naar hoofdtekst
Resultaten inwonerspanel (I/II)
In maart 2023 is er een inwonerspanel gehouden. Door middel van het inwonerspanel wilden we graag weten hoe onze inwoners denken over klimaatadaptatie. Hebben zij bijvoorbeeld al wateroverlast ervaren of juist last gehad van droogte of hitte? Zijn onze inwoners bereid om zelf maatregelen te nemen? En waar lopen ze tegenaan bij het nemen van deze maatregelen? Daarnaast waren we benieuwd wat volgens onze inwoners de rol van de gemeente zou moeten zijn op het gebied van klimaatadaptatie. Ook hebben we gepeild in hoeverre onze inwoners bereid zijn om meer te betalen aan de rioolheffing zodat de gemeente meer klimaatadaptieve maatregelen kan nemen. In deze bijlage lichten we een aantal resultaten toe uit het Inwonerspanel en hoe we deze resultaten hebben verwerkt in het Programma Water en Riolering. Voor de volledige rapportage zie volgende link.
Resultaten en verwerking in het PWR Wateroverlast 70% van de deelnemers vindt dat de gemeente maatregelen moet nemen tegen wateroverlast. 49% van de deelnemers heeft al ooit wateroverlast ervaren. Iets minder dan de helft van de deelnemers heeft al ooit wateroverlast ervaren. Het vaakst ervaren deelnemers problemen met de riolering in hun woning. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen, zetten we komende jaren meer in op communicatie. Zo weten onze inwoners beter wat ze zelf kunnen doen om overlast te voorkomen in hun woning. Ook leggen we bij vervanging van het rioolstelsel altijd een gescheiden stelsel aan, zodat de kans op problemen in de woning kleiner worden. Ook regelmatig genoemd is dat wegen of voetpaden overstromen door extreme regen. Naast het aanleggen van een gescheiden stelsel, maken we ook geld vrij voor het aanleggen van extra waterberging én voor de inrichting van straten, zodat bij extreme regenval het water minder hinder veroorzaakt.