M120210126 fractieSW agendapunt Herdersdreef 3 inzake vrijwillige bijdrage.docx
Tekst van het document
Nr. motie: M1-20210126 Motie fractie Samenwerking Nr. agendapunt: 7 Voorstel:
Raadsvoorstel 20.070 - bestemmingsplan Buitengebied, Herdersdreef 3 Reusel
Onderwerp:
Vrijwillige afdracht voor de uitvoering van publieke werken
De raad van de gemeente Reusel-De Mierden in vergadering bijeen op
.
Gehoord de beraadslagingen, Constaterende dat,
1. In gemeente Reusel – De Mierden op een behoorlijk aantal plaatsen de aanduiding op het bestemmingsplan Buitengebied niet in overeenstemming is met het huidige feitelijke gebruik. 2. Het wenselijk is dat een einde komt aan deze bestaande illegale situaties, hetzij door strikte handhaving en dwangsommen dan wel door legalisatie. 3. Bij de beoordeling van elke situatie het adagium van de nieuwe Omgevingswet leidend moet zijn: ‘Ja mits, in plaats van Nee, tenzij’. 4. In de door de gemeenteraad van Reusel – De Mierden vastgestelde Omgevingsvisie het criterium ‘maatschappelijke meerwaarde’ een van de leidende uitganspunten is. 5. De casus ‘Herdersdreef 3’ een inmiddels lang slepende kwestie is die dringend opgelost dient te worden. 6. In de loop der voorbije jaren de situatie steeds illegaal heeft voortbestaan maar dat tevens in een eerder stadium geen handhaving heeft plaatsgevonden. 7. Er in de raadsinformatienota 7 januari 2019 nadrukkelijk wordt vermeld dat het college iets extra’s mag verwachten van de initiatiefnemer, met name op het gebied van maatschappelijke meerwaarde, aangezien er feitelijk sprake is van een illegale situatie. Van oordeel dat,
1. Het niet wenselijk is dat belanghebbenden door het (bewust dan wel onbewust) creëren van een illegale situatie in het buitengebied automatisch aanspraak kunnen maken op een legalisatie achteraf. 2. Het om die reden noodzakelijk is dat, indien gekozen wordt voor legalisatie, er sanctionerend kan worden opgetreden. 3. Met het oog op precedentwerking er een breed inzetbaar criterium ontwikkeld moet worden dat ook in toekomstige casussen toepasbaar is. 4. De in het raadsvoorstel genoemde ‘maatschappelijke meerwaarde’ in onvoldoende mate zichtbaar is. Spreekt uit dat:
Het niet meer dan billijk is dat de initiatiefnemer op vrijwillige basis een passend bedrag stort voor de uitvoering van publieke werken ten algemene nutte (bij voorkeur infrastructurele voorzieningen ter verbetering van de verkeersveiligheid of recreatieve wandel en/of fietspaden). en
1
Draagt het college op:
1. Met de aanvrager opnieuw in gesprek te gaan om tot overeenstemming te komen over de hoogte van de vrijwillige bijdrage. 2. Binnen vier maanden de gemeenteraad te infomeren over de uitkomst van deze besprekingen. en gaat over tot de orde van de dag. Namens fractie Samenwerking
C.G.W.P. van der Heijden
2