CConstaterende datReusel-De Mierden
Koppel je AI →
Document · PDF

[24.19834] APV Reusel-De Mierden 2025

Gemeenteraad 4 februari 2025, gemeente Reusel-De MierdenBij agendapunt: Algemene Plaatselijke Verordening Reusel-De Mierden 2025 en Verordening fysieke leefomgeving Reusel-De Mierden 202518.146 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Op een aanvraag om verlenging van een vergunning zijn de artikelen 3:3, 3:5, 3:6 tot en met 3:8 en 3:15, derde lid, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat actuele gegevens en bescheiden waarover het bevoegde bestuursorgaan al beschikking heeft niet nogmaals overgelegd dienen te worden. 2. Als ten minste twaalf weken voorafgaand aan de vervaltermijn van de vergunning verlenging van de vergunning is aangevraagd, blijft de vergunning van kracht totdat op de aanvraag om verlenging is besloten. 32

Afdeling 3

Uitoefenen seksbedrijf

Paragraaf 3.1 Regels voor alle seksbedrijven Artikel 3:12 Sluitingstijden seksinrichtingen; aanwezigheid; toegang 1. Een seksinrichting mag vanaf 08:00 uur geopend zijn voor bezoekers en heeft van vrijdag op zaterdag en van zaterdag op zondag een sluitingstijd van uiterlijk 02:00 uur en op de andere dagen een sluitingstijd van uiterlijk 01:00 uur, tenzij bij vergunning anders is bepaald. 2. Het is bezoekers van een seksinrichting verboden zich daarin te bevinden gedurende de tijd dat die inrichting gesloten dient te zijn voor bezoekers. 3. Het is een prostituee verboden zich te bevinden in een seksrichting tussen 30 minuten voor openingstijd en 30 minuten na sluitingstijd, tenzij bij vergunning anders is bepaald. 4. Het is de exploitant en de beheerder verboden personen die nog niet de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt toe te laten of te laten verblijven in een seksinrichting. Artikel 3:13 Adverteren Het is verboden in advertenties voor een seksbedrijf: a. geen vermelding op te nemen van het telefoonnummer, bedoeld in artikel 3:8, eerste lid, onder e, van het nummer, bedoeld in artikel 3:8, eerste lid, onder i, en van de bedrijfsnaam; b. vermelding op te nemen van een ander telefoonnummer dan bedoeld onder a, en c.

als het een prostitutiebedrijf betreft, onveilige seks aan te bieden of te garanderen dat prostituees die voor of bij het betreffende bedrijf werken vrij zijn van seksueel overdraagbare aandoeningen. Paragraaf 3.2 Regels voor alle prostitutiebedrijven- en prostituees Artikel 3:14 Leeftijd en verblijfstitel prostituees; verbod werken voor onvergund prostitutiebedrijf 1. Prostitutie vindt uitsluitend plaats door een prostituee die de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt. 2. Het is een exploitant verboden een prostituee voor of bij zich te laten werken die: a. nog niet de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt; b. in Nederland verblijft of werkt in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000. 3. Het is een prostituee verboden: a. te handelen in strijd met het eerste lid; b. werkzaam te zijn voor of bij een exploitant aan wie geen vergunning voor een prostitutiebedrijf is verleend. Artikel 3:15 Bedrijfsplan 1. Een prostitutiebedrijf beschikt over een bedrijfsplan, waarin in ieder geval wordt beschreven welke maatregelen de exploitant treft: a. op het gebied van hygiëne; b. ter bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het zelfbeschikkingsrecht van de prostituees; c. ter bescherming van de gezondheid van de klanten; d. ter voorkoming van strafbare feiten. 2.

De door de exploitant te treffen maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, waarborgen dat: a. de hygiëne in een seksinrichting voldoet aan de algemene eisen die hiervoor in de branche gelden en dat dit controleerbaar is; b. inzichtelijk en controleerbaar is welke maatregelen een exploitant in zijn bedrijfsvoering en inrichting van de werkruimten treft voor gezonde en veilige werkomstandigheden voor prostituees; c. in de werkruimten te allen tijde voldoende condooms met een CE-markering voor gebruik beschikbaar zijn; 33

3. 4.

5.

6.

d. in de werkruimten voor de prostituees een goed functionerende alarmvoorziening aanwezig is; e. de prostituee zich regelmatig kan laten onderzoeken op seksueel overdraagbare aandoeningen en door de exploitant voldoende geïnformeerd is over de mogelijkheden van een dergelijk onderzoek; f. de prostituee niet gedwongen wordt zich geneeskundig te laten onderzoeken; g. de prostituee vrij is in de keuze van de arts(en) die zij wil bezoeken; h. de prostituee klanten en diensten kan weigeren zonder dat dat voor haar andere werkzaamheden gevolgen heeft; i. de prostituee kan weigeren alcohol of drugs te gebruiken zonder dat dat voor haar werkzaamheden gevolgen heeft; j. aan de voor de exploitant werkzame beheerder voldoende professionele eisen op het gebied van agressiebeheersing en bedrijfshulpverlening worden gesteld en waar nodig wordt gezorgd voor scholing hierin; k. de exploitant zich een oordeel vormt over de mate van zelfredzaamheid van de prostituee voordat deze voor of bij hem gaat werken, teneinde vast te stellen of zij voldoet aan de eisen die hij hiervoor in zijn bedrijfsplan heeft opgenomen; l. de exploitant voor elke voor of bij hem werkzame prostituee kan aantonen onder welke verhuur- of arbeidsvoorwaarden zij haar diensten aanbiedt; m.

de exploitant of beheerder zich er regelmatig van vergewist dat de prostituee niet door derden gedwongen wordt tot prostitutie en dat hij in dit kader informatie van hulpverleningsinstanties ter beschikking stelt; n. de exploitant aan de voor of bij hem werkzame prostituees informatie ter beschikking stelt over de mogelijkheden om hulp te krijgen als een prostituee wil stoppen met haar werk in de prostitutie; o. de overlast aan de omgeving van de onder het seksbedrijf vallende seksinrichtingen beperkt wordt. Het bedrijfsplan wordt overgelegd bij de aanvraag om een vergunning. De exploitant meldt een voorgenomen wijziging van het bedrijfsplan onverwijld aan het bevoegde bestuursorgaan. De wijziging wordt na goedkeuring van het bevoegde bestuursorgaan als onderdeel van het bedrijfsplan aangemerkt, als deze voldoet aan de eisen die overeenkomstig het eerste en tweede lid aan een bedrijfsplan worden gesteld. De rechten voor prostituees, die worden gewaarborgd op grond van het tweede lid, worden op schrift gesteld en in een voor haar begrijpelijke taal uitgereikt aan elke prostituee die werkzaam is voor of bij de exploitant. In de seksinrichting wordt in ten minste twee talen en voor de klant goed zichtbaar bekend gemaakt dat een prostituee klanten en diensten mag weigeren en mag weigeren alcohol of drugs te gebruiken.

Artikel 3:16 Minimale verhuurperiode werkruimte (niet opgenomen) Artikel 3:17 Verdere verplichtingen van de exploitant en beheerder prostitutiebedrijf 1. De exploitant of de beheerder is aanwezig gedurende de uren dat het prostitutiebedrijf daadwerkelijk wordt uitgeoefend. 2. De exploitant van een prostitutiebedrijf draagt er zorg voor dat: a. de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees redelijkerwijs hun eigen werktijden kunnen bepalen; b. er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt gevoerd waarin de actuele gegevens zijn opgenomen van in ieder geval; 1° de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees; 2° de verhuuradministratie; 3° met betrekking tot alle voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees, de documentatie die ten grondslag ligt aan de vorming van het oordeel over de mate van zelfredzaamheid, bedoeld in artikel 3:15, tweede lid, onder k; 4° de werkroosters van de beheerders. c. de bedrijfsadministratie met inachtneming van de wettelijke termijnen wordt bewaard en te allen tijde beschikbaar is voor toezichthouders; 34

d. medewerkers van de gemeentelijke gezondheidsdienst en van andere door de burgemeester of het college aangewezen instellingen worden toegelaten tot seksinrichtingen als ze voornemens zijn voorlichtings- en preventieactiviteiten uit te voeren of voorlichtingsmateriaal te verspreiden; e. onverwijld bij de politie wordt gemeld ieder signaal van mensenhandel of andere vormen van dwang en uitbuiting; f. onverwijld aan het bevoegde bestuursorgaan wordt gemeld als gedurende ten minste één maand geen gebruik gemaakt zal worden van de vergunning. Deze melding vermeldt de reden en de verwachte duur; g. gedaan wordt wat nodig is voor een goede gang van zaken binnen het prostitutiebedrijf. Paragraaf 3.3 Raam- en straatprostitutie Artikel 3:18 Raamprostitutie 1. Het is een prostituee verboden: a. zich vanuit een gebouw of vanuit de toegang naar een gebouw aan klanten die zich op of aan de weg bevinden beschikbaar te stellen; en b. passanten hinderlijk te bejegenen of zich aan passanten op te dringen dan wel zich ongekleed of vrijwel ongekleed achter het raam van een seksinrichting of in de toegang tot een seksinrichting op te houden.

Artikel 3:19 Straatprostitutie Het is verboden op of aan de weg of op, aan of in een andere vanaf de weg zichtbare plaats, niet zijnde een seksinrichting waarvoor een vergunning is verleend, zich op te houden met het kennelijke doel prostitutie of het verrichten van seksuele handelingen in het kader van prostitutie. Artikel 3:20 Handhaving straatprostitutie Met het oog op de naleving van het verbod, bedoeld in artikel 3:19, kan door een politieambtenaar of toezichthouder het bevel worden gegeven zich onmiddellijk in een bepaalde richting te verwijderen. Afdeling 4

Overige bepalingen

Artikel 3:21 Verbodsbepalingen klanten 1. Het is een klant verboden seksuele handelingen te verrichten met een prostituee van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat zij werkzaam is voor of bij een exploitant aan wie geen vergunning voor een prostitutiebedrijf is verleend. 2. Het is verboden op of aan de weg of op, aan of in een andere voor publiek toegankelijke plaats gebruik te maken van de diensten van een prostituee. 3. Het verbod, bedoeld in het tweede lid, geldt niet in een seksinrichting waarvoor een vergunning is verleend. Artikel 3:22 Tentoonstellen, aanbieden en aanbrengen van erotisch-pornografische goederen, afbeeldingen en dergelijke 1. Het is de rechthebbende op een onroerende zaak verboden daarin of daarop goederen, opschriften, aankondigingen, gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen van erotisch-pornografische aard openlijk tentoon te stellen, aan te bieden of aan te brengen als de burgemeester aan de rechthebbende heeft bekendgemaakt dat de wijze van tentoonstellen, aanbieden of aanbrengen daarvan, de openbare orde of de woon- en leefomgeving in gevaar brengt. 2.

Het eerste lid is niet van toepassing op het tentoonstellen, aanbieden of aanbrengen van goederen, opschriften, aankondigingen, gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen, die dienen tot het openbaren van gedachten en gevoelens, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Grondwet.

35

Hoofdstuk 4 Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente Afdeling 1

Voorkomen of beperken geluidhinder en hinder verlichting

Artikel 4:1 Definities (ingetrokken) Artikel 4:2 Aanwijzing collectieve festiviteiten (ingetrokken) Artikel 4:3 Kennisgeving incidentele festiviteiten (ingetrokken) Artikel 4:4 Verboden incidentele festiviteiten (vervallen) Artikel 4:5 Onversterkte muziek (ingetrokken) Artikel 4:5a Traditioneel schieten (niet opgenomen) Artikel 4:5b Geluidhinder in de openlucht (ingetrokken) Artikel 4:5c Geluidhinder door dieren (ingetrokken) Artikel 4:5d Geluidhinder door motorvoertuigen en bromfietsen (ingetrokken) Artikel 4:5e Geluidhinder door vrachtauto’s (ingetrokken) Artikel 4:5f Routering (ingetrokken) Artikel 4:6 Overige geluidhinder (ingetrokken) Artikel 4:6a Mosquito (niet opgenomen) Afdeling 2

Bodem-, weg- en milieuverontreiniging

Artikel 4:7 Straatvegen (niet opgenomen) Artikel 4:8 Natuurlijke behoefte doen (ingetrokken) Artikel 4:9 Toestand van sloten en andere wateren en niet-openbare riolen en putten buiten gebouwen (ingetrokken) Artikel 4:9a Ballonnen oplaten (ingetrokken) Afdeling 3

Het bewaren van houtopstanden en overig gemeentelijk groen

Artikel 4:10 Definities (ingetrokken) Artikel 4:11 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden (ingetrokken) Artikel 4:11a Bomenlijst (ingetrokken) Artikel 4:11b Bijzondere vergunningsvoorschriften (ingetrokken) Artikel 4:11c Financiële compensatieplicht (ingetrokken) Artikel 4:11d Bescherming publieke houtopstand (ingetrokken) Artikel 4:11e Afstand van de erfgrenslijn (ingetrokken) Artikel 4:12 Vergunning van rechtswege (gereserveerd) Afdeling 4

Maatregelen tegen ontsiering en stankoverlast

Artikel 4:13 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke (ingetrokken) Artikel 4:14 Stankoverlast door gebruik van meststoffen (vervallen) Artikel 4:15 Verbod hinderlijke of gevaarlijke reclame (ingetrokken) Artikel 4:15a Verbod borden, vlaggen, spandoeken en objecten (ingetrokken) Artikel 4:16 Vergunningplicht lichtreclame (vervallen) Afdeling 5

36

Kamperen buiten kampeerterreinen

Artikel 4:17 Definitie (ingetrokken) Artikel 4:18 Recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen (ingetrokken) Artikel 4:19 Aanwijzing kampeerplaatsen (ingetrokken) Afdeling 6

Beschermde planten

Artikel 4:20 Beschermde planten (ingetrokken)

37

Hoofdstuk 5 Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente Afdeling 1

Parkeerexcessen en stopverbod

Artikel 5:1 Definities (vervallen) Artikel 5:2 Voertuigen van autobedrijf en dergelijke (ingetrokken) Artikel 5:3 Te koop aanbieden van voertuigen (ingetrokken) Artikel 5:4 Defecte voertuigen (ingetrokken) Artikel 5:5 Voertuigwrakken (ingetrokken) Artikel 5:6 Kampeermiddelen en andere voertuigen (ingetrokken) Artikel 5:7 Reclamevoertuigen (ingetrokken) Artikel 5:8 Grote voertuigen (ingetrokken) Artikel 5:9 Uitzichtbelemmerende voertuigen (ingetrokken) Artikel 5:10 Parkeren of laten stilstaan van voertuigen anders dan op de rijbaan (ingetrokken) Artikel 5:11 Aantasting groenvoorzieningen door voertuigen (ingetrokken) Artikel 5:12 Overlast van fietsen of bromfietsen (ingetrokken) Afdeling 2

Collecteren

Artikel 5:13 Inzameling van geld of goederen of leden- of donateurswerving (ingetrokken) Afdeling 3

Venten

Artikel 5:14 Definitie (ingetrokken) Artikel 5:15 Ventverbod (ingetrokken) Artikel 5:16 Vrijheid van meningsuiting (vervallen) Afdeling 4

Standplaatsen

Artikel 5:17 Definitie (ingetrokken) Artikel 5:18 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden (ingetrokken) Artikel 5:19 Toestemming rechthebbende (ingetrokken) Artikel 5:20 Afbakeningsbepalingen (ingetrokken) Artikel 5:21 Aanhoudingsplicht (vervallen) Afdeling 5

Snuffelmarkten

Artikel 5:22 Definitie (ingetrokken) Artikel 5:23 Organiseren van een snuffelmarkt (ingetrokken) Afdeling 6

38

Openbaar water en waterstaatswerken

Artikel 5:24 Voorwerpen op, in of boven openbaar water (niet opgenomen) Artikel 5:25 Ligplaats vaartuigen (niet opgenomen) Artikel 5:26 Aanwijzingen ligplaats (vervallen) Artikel 5:27 Verbod innemen ligplaats (vervallen) Artikel 5:28 Beschadigen van waterstaatswerken (ingetrokken) Artikel 5:29 Reddingsmiddelen (niet opgenomen) Artikel 5:30 Veiligheid op het water (niet opgenomen) Artikel 5:31 Overlast aan vaartuigen (niet opgenomen) Afdeling 7

Crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden

Artikel 5:31a Definities (vervallen) Artikel 5:32 Crossterreinen (ingetrokken) Artikel 5:33 Beperking verkeer in natuurgebieden (ingetrokken) Afdeling 8

Vuurverbod

Artikel 5:34 Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken (ingetrokken) Afdeling 9

Asverstrooiïng

Artikel 5:35 Definitie (ingetrokken) Artikel 5:36 Verboden plaatsen (ingetrokken) Artikel 5:37 Hinder of overlast (ingetrokken)

39

Hoofdstuk 6 Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen Artikel 6:1 Sanctiebepaling 1.

2.

Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en de daarbij op grond van artikel 1:4 gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie, hetzij een geldboete van de eerste categorie. In geval van overtreding van de krachtens artikel 3, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s gestelde regels kan het college een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste de geldboete, bedoeld in artikel 64, eerste lid, van de Wet veiligheidsregio’s.

Artikel 6:2 Toezichthouders 1. Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze verordening bepaalde zijn belast: a. de bij bijzondere wetten met de opsporing van de daarin bedoelde strafbare feiten belaste personen; b. de bij besluit van het college dan wel de burgemeester aan te wijzen personen. 2. Het college dan wel de burgemeester kan daarnaast andere personen belasten met dit toezicht. 3. Onverminderd het eerste en tweede lid zijn de personen als bedoeld in de artikelen 141 en 142 van het Wetboek van Strafvordering, eveneens belast met het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften. Artikel 6:3 Binnentreden woningen Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving of de opsporing van een overtreding van de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften die strekken tot handhaving van de openbare orde of veiligheid of bescherming van het leven of de gezondheid van personen, zijn bevoegd tot het binnentreden in een woning zonder toestemming van de bewoner.

Artikel 6:4 Opvolgen aanwijzingen Alle ambtenaren van de politie als bedoeld in artikel 141, onderdeel b, buitengewoon opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel 142, eerste lid, en militairen van de Koninklijke marechaussee als bedoeld in artikel 141, onderdeel c, van het Wetboek van Strafvordering zijn bevoegd aanwijzingen en bevelen ter uitvoering van deze verordening te geven. Alle aanwijzingen en bevelen ter uitvoering van deze verordening gegeven door daartoe bevoegde functionarissen dienen stipt en onmiddellijk opgevolgd te worden. Artikel 6:5 Intrekking oude verordening De ‘Algemene Plaatselijke Verordening Reusel-De Mierden 2024’, vastgesteld op 12 december 2023, wordt ingetrokken. Artikel 6:6 Overgangsbepaling 1. Besluiten genomen krachtens de verordening bedoeld in artikel 6:4, die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 2. Het verbod als bedoeld in artikel 2:28 is niet van toepassing op openbare inrichtingen die op het moment van inwerkingtreding van deze verordening al werden geëxploiteerd zonder vergunning. 40

Bij wijziging, in welke vorm dan ook, van die openbare inrichtingen wordt artikel 2:28 van toepassing. Artikel 6:7 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na de dag van bekendmaking. Artikel 6:8 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene Plaatselijke Verordening Reusel-De Mierden 2025 (APV Reusel-De Mierden 2025). Aldus besloten in de vergadering van 4 februari 2025. De raad voornoemd, de griffier, I. de Groot

de voorzitter, A.J.M.H. van de Ven

41

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=ReuselDeMierden&id=718c6810-61e2-4ae5-a2c3-49d635d84a11