[24.06690] Was wordt marktverordening
Tekst van het document
Was/wordt marktverordening 2017 en marktverordening 2024
nr
Marktverordening 2017
1
2
3
4
5
Marktverordening 2024 Artikel 1 Toepassingsgebied Deze verordening is van toepassing op de door het college ingestelde reguliere warenmarkten.
Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. markt: de door het college ingestelde warenmarkt; b. standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel; c. vaste standplaats: de standplaats die voor onbepaalde tijd ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder; d. dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste standplaats is toegewezen dan wel ingenomen; e. standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van een artikel; f. standwerkersplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te stand-werken; g. vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats; h. anciënniteitlijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste standplaats; i. marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college. Artikel 2. Inrichting van de markt; branche-indeling 1. Het college bepaalt ten aanzien van de markt: a. het aantal standplaatsen; b. de afmetingen van de standplaatsen; c. de opstelling en indeling van de markt; d. welke standplaatsen worden toegewezen als vaste standplaats en als standwerkersplaats.
e. de aard van de verkoopinrichting 2. Het college kan voor de markt vaststellen: a. een lijst met artikelengroepen of branches; b. een maximum aantal standplaatsen per branche Artikel 3. Nadere regels Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze verordening Artikel 4. Voorschriften en beperkingen
Artikel 2 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - dagplaats: standplaats die beschikbaar is voor houders van een dagplaatsvergunning; - dagplaatsvergunning: vergunning voor de duur van een dag voor het op de markt bedrijven van handel; - college: het college van burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden; - markt: door burgemeester en wethouders ingestelde reguliere warenmarkt; - marktcommissie: commissie met als taak het college te adviseren over marktaangelegenheden; - marktvergunning: vaste standplaatsvergunning of dagplaatsvergunning; - standplaats: ruimte die voor de duur van de markt beschikbaar is voor houders van een marktvergunning; - vaste standplaats: standplaats die beschikbaar is voor houders van een vaste- standplaatsvergunning; - vaste standplaatsvergunning: vergunning voor de duur van 15 jaar voor het op de markt bedrijven van handel.
Artikel 3 Inrichtingsplan 1. Het college stelt een inrichtingsplan voor de markt vast, met daarin in ieder geval: a. de dagen en uren waarop de markt wordt gehouden; b. een kaart van de markt; c. de verdeelprocedure die zij toepassen bij de verlening van vaste standplaatsvergunningen. 2. Op de kaart van de markt zijn in ieder geval aangegeven: a. de grenzen van de markt; b. de vaste standplaatsen; c. de aanrijroute van de hulpdiensten.
Artikel 5 Voorschriften en beperkingen
6
1. Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een krachtens deze verordening verleende vergunning of ontheffing, ter bescherming van de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2. Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen in acht te nemen. Artikel 5. Standplaatsvergunning 1. Het is verboden een vaste standplaats of dagplaats op een markt in te nemen zonder vergunning van het college. 2. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.
7
8
9
1. Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een marktvergunning. 2. De vergunninghouder is verplicht de aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen na te leven.
Artikel 4 Vergunningplicht 1. Het is verboden op een markt een standplaats in te nemen zonder marktvergunning van het college. 2. Het college verleent alleen een vergunning aan: a. een persoon; b. die aantoont dat deze als natuurlijk persoon of als bestuurder van een rechspersoon staat ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel (KvK); en c. tenminste de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, handelingsbekwaam is en gerechtigd is om in Nederland arbeid te verrichten. Artikel 6 Mandaatverboden 1. De bevoegdheid tot het vaststellen of wijzigen van een inrichtingsplan wordt niet gemandateerd. 2. De bevoegdheid tot het verlenen of intrekken van een vaste standplaatsvergunning wordt niet gemandateerd aan de marktmeester of een andere toezichthouder.
Artikel 6. Vereisten Voor toewijzing van een vaste standplaats of een dagplaats komt uitsluitend in aanmerking een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt en een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend bij het college en die daarbij tevens aantoont dat hij persoonlijk voldoet aan alle publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie.
Artikel 7 Verdeling beschikbare vaste standplaatsvergunning 1. Het college legt in het inrichtingsplan vast of zij de verdeelprocedure van artikel 9 dan wel artikel 10 toepassen bij het beschikbaar komen van een vaste standplaatsvergunning. 2. Het college kan in het inrichtingsplan vastleggen of zij de verlengingsprocedure van artikel 8 toepassen bij het beschikbaar komen van een vaste standplaatsvergunning. Artikel 8 Verlenging na afroep 1. Bij het beschikbaar komen van een vaste standplaatsvergunning vanwege het einde van de vergunningsduur kan het college de procedure van verlenging na afroep toepassen, als voldoende aannemelijk is dat er naast de betreffende vergunninghouder geen andere gegadigden voor deze vergunning zijn. 2. Bij de verlenging na afroep maakt het college 16 weken voor het einde van de
10
duur van de vaste standplaatsvergunning door een openbare kennisgeving in het elektronisch gemeenteblad en de website van de gemeente bekend dat deze vergunning beschikbaar komt voor de duur van de termijn van artikel 13, eerste lid. 3. Bij deze openbare kennisgeving worden gegadigden uitgenodigd om hun belangstelling voor de vaste standplaatsvergunning binnen een termijn van 6 weken na de kennisgeving kenbaar te maken op de door het college aangegeven wijze. 4. Als binnen de gestelde termijn alleen de betreffende vergunninghouder belangstelling kenbaar heeft gemaakt en is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, verlengt het college zijn vaste standplaatsvergunning met de in het tweede lid genoemde duur. 5. Als binnen de gestelde termijn naast de betreffende vergunninghouder ook een of meer andere gegadigden belangstelling kenbaar hebben gemaakt, wordt de vergunning niet verlengd. In dat geval past het college de in het inrichtingsplan vastgelegde procedure van de artikelen 9 of 10 toe, met uitzondering van het tweede lid van deze artikelen. 6. In het in het vijfde lid bedoelde geval stelt het college de gegadigden ervan in kennis dat de procedure van de artikelen 9 of 10 wordt toegepast en dat zij vóór de door het college genoemde datum een aanvraag kunnen indienen. Artikel 9 Verdeling vaste standplaatsvergunning via selectie 1.
Bij het beschikbaar komen van een vaste standplaatsvergunning kan het college deze verdelen via selectie. 2. Bij de verdeling via selectie maakt het college door een openbare kennisgeving in het elektronisch gemeenteblad en de website van de gemeente bekend dat de vaste standplaatsvergunning voor de duur van de termijn van artikel 13, eerste lid beschikbaar komt en dat gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen. 3. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van drie weken om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers gevraagd om hun aanvraag aan te vullen. 4. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, komen voor beoordeling als bedoeld in het vijfde lid in aanmerking.
11
12
5. Bij de beoordeling van de aanvragen kennen burgemeester en wethouders punten toe aan de hand van de criteria zoals opgenomen in het inrichtingsplan tot het daarbij vermelde maximumaantal. 6. Het college verleent de vaste standplaatsvergunning aan de gegadigde met het op basis van de beoordeling hoogste aantal punten. 7. Als meer gegadigden hetzelfde aantal punten krijgen toegekend, vindt de verdeling van de vergunning tussen hen plaats via loting door middel van een openbare trekking, waarvoor zij worden uitgenodigd. Artikel 10 Verdeling vaste standplaatsvergunning via loting 1. Bij het beschikbaar komen van een vaste standplaatsvergunning kan het college deze verdelen via loting. 2. Bij de verdeling via loting maakt het college door een openbare kennisgeving in het elektronisch gemeenteblad en de website van de gemeente bekend dat de vaste standplaatsvergunning voor de duur van de termijn van artikel 13, eerste lid beschikbaar komt en dat gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen. 3. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van drie weken om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers gevraagd om hun aanvraag aan te vullen. 4.
Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, krijgen een lotnummer. 5. De loting vindt plaats door middel van een openbare trekking, waarvoor de aanvragers met een lotnummer worden uitgenodigd. 6. Het college verleent de vaste standplaatsvergunning op basis van de rangschikking die volgt uit de trekking. Artikel 11 Verdeling beschikbare dagplaatsvergunningen Het college verdeelt de beschikbare dagplaatsvergunningen op volgorde van ontvangst van de toewijsbare aanvragen.
13
Artikel 12 Verdeling beschikbare standwerkvergunningen Gereserveerd.
14
Artikel 13 Algemene bepalingen vaste standplaatsvergunning 1. Het college kan een vaste standplaatsvergunning verlenen voor de duur van
15 jaar en voor de op de vergunning vermelde standplaats. 2. Het college kan in bijzondere gevallen tijdelijk een andere standplaats aanwijzen. 3. Een vaste standplaatsvergunning is niet overdraagbaar. 4. De vergunninghouder kan zich laten bijstaan door een of meer personen. 15
Artikel 14 Overschrijven vaste standplaatsvergunning 1. Als de vergunninghouder niet langer zelf van de vaste standplaatsvergunning wil gebruikmaken, overleden is of onder curatele gesteld is, kan het college op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator de vergunning overschrijven op naam van zijn echtgenoot, geregistreerde partner of andere persoon met wie hij duurzaam samenwoont of samenwoonde, of zijn kind. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 9, vijfde lid. 2. Als de in het eerste lid bedoelde overschrijving niet kan worden gedaan, kan het college de vaste standplaatsvergunning op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator overschrijven op naam van een medewerker van de vergunninghouder of een mede-eigenaar van diens bedrijf als deze ten minste 2 jaren in loondienst heeft gewerkt bij de vergunninghouder of heeft gefunctioneerd als mede-eigenaar. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria genoemd in artikel 9, vijfde lid. 3. De overschrijving van de vaste standplaatsvergunning geldt voor de resterende vergunningsduur.
Na het einde van de duur van de vergunning komt deze beschikbaar voor verdeling volgens de in het inrichtingsplan vastgelegde verdeelprocedure van de artikelen 9 of 10. 4. In geval van overlijden of ondercuratelestelling van de vergunninghouder wordt de aanvraag tot overschrijving binnen twee maanden nadien ingediend. 5. Het college wijst de aanvraag tot overschrijving af als niet wordt voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde.
16
17
Artikel 7. Intrekking vaste standplaatsvergunning 1. Het college trekt een vaste standplaatsvergunning in: a. op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder. b. bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond van artikel 5 van het Marktreglement 2017 de vergunning wordt overgeschreven. 2. Het college kan een vaste standplaatsvergunning intrekken: a. indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. indien de vergunninghouder niet meer voldoet aan de in artikel 6 genoemde vereisten. 3. Indien degene op wie een vergunning ingevolge artikel 5 van het Marktreglement 2017 is overgeschreven, reeds vergunning heeft voor een andere vaste standplaats op dezelfde markt, wordt laatstgenoemde vergunning ingetrokken.
Artikel 15 Intrekking en vervallen vaste standplaatsvergunning 1. Het college trekt de vaste standplaatsvergunning in: a. op schriftelijke aanvraag van de vergunninghouder; of b. twee maanden na diens overlijden of ondercuratelestelling, tenzij overeenkomstig artikel 14 een aanvraag tot overschrijving is ingediend. 2. Het college kan de vaste standplaatsvergunning intrekken als: a. de vergunninghouder ter verkrijging van de vergunning onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt; b. de vergunninghouder, degene die hem vervangt of een persoon die hem bijstaat zich op de markt schuldig heeft gemaakt aan wangedrag of bedrog of het bij of krachtens deze verordening bepaalde heeft overtreden; c. van de vergunning gedurende ten minste een termijn van twee maanden geen gebruik is gemaakt; d. de vergunninghouder niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet; of e. de aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen niet zijn of worden nageleefd. 3. Als de in het tweede lid bedoelde intrekking voor bepaalde tijd is, kan het college bepalen dat de op de vaste standplaatsvergunning vermelde vaste standplaats tijdelijk vervalt. 4.
Als de vergunninghouder of zijn rechtmatige vervanger de standplaats niet uiterlijk 10.00 uur heeft ingenomen, vervalt de vaste standplaatsvergunning (in overleg met de marktcommissie) voor de rest van de dag. Artikel 16 Persoonlijk innemen vaste standplaats; vervanging 1. De vergunninghouder neemt de op de vaste-standplaatsvergunning vermelde standplaats persoonlijk in. 2. In het geval dat de vergunning is verleend aan een bestuurder van een rechtspersoon, dan mogen de andere bestuurders van die rechtspersoon ieder voor zich de standplaats innemen. 3. In het geval dat de vergunning is verleend aan een vennoot in een vennootschap onder firma (VOF), dan mogen de
andere vennoten van die VOF ieder voor zich de standplaats innemen. 4. In geval van vakantie of bijzondere omstandigheden kan het college erin toestemmen dat een vervanger de standplaats inneemt. Een aanvraag om toestemming vermeldt de reden en verwachte duur van de afwezigheid van de vergunninghouder en de naam van de beoogde vervanger. 18
19 20
Artikel 17 Dagplaatsvergunning 1. Het college kan een vergunning voor een dagplaats verlenen, indien de betrokken standplaats niet is ingenomen door de houder van een vergunning voor een vaste standplaats of diens rechtmatige vervanger. 2. Toewijzing vindt plaats door de marktmeester (na advies van de marktcommissie) aan gegadigden die actief zijn in een branche die nog niet op de markt vertegenwoordigd is. Bij meerdere gegadigden die bij toepassing van deze procedure in aanmerking komen voor de dagplaats, wordt de dagplaats toegewezen door middel van loting door de marktmeester. 3. Voor de vergunning komen in aanmerking de gegadigden die achtenveertig uur voor aanvang van de marktdag bij de marktmeester een aanvraag hebben ingediend. 4. Het college weigert de vergunning, indien de aanvrager op een of meer van de voorafgaande vier marktdagen: a. zich op de markt schuldig heeft gemaakt aan wangedrag of bedrog of het bij of krachtens deze verordening bepaalde heeft overtreden; of b. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld heeft voldaan. 5. Het college kan de vergunning weigeren, indien de aanvrager een vergunning voor een vaste standplaats had die niet langer dan één jaar daarvoor is ingetrokken. 6. De vergunning voor een dagplaats is niet overdraagbaar. 7. De vergunninghouder kan zich niet laten vervangen. Hij kan zich laten bijstaan door een of meer personen.
Artikel 18 Standwerkvergunning Gereserveerd. Artikel 19 Toonplicht vergunning of toestemming Degene die een standplaats inneemt of wil innemen is op eerste verzoek van een toezichthouder verplicht aan te tonen dat hij daartoe gerechtigd is.
21
Artikel 20 Markttijden in acht nemen 1. Het is verboden meer dan vier uur voor de aanvang en meer dan twee uur na afloop van de markt op welke wijze dan ook ruimte in te (doen) nemen op het marktterrein, of goederen aan of af te (laten) voeren. 2. De vergunninghouder neemt zijn standplaats in tot de sluitingstijd van de markt, behoudens door burgemeester en wethouders verleende ontheffing. 3. Het college kan aan de ontheffing voorschriften en beperkingen verbinden ter bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de ontheffing is vereist. De houder van de ontheffing is verplicht de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen na te leven.
22
Artikel 21 Marktterrein schoonhouden 1. De vergunninghouder is verplicht afval, waaronder verpakkingsmateriaal, dat op zijn standplaats vrijkomt tijdens de door hem bedreven handel zodanig te bewaren dat het marktterrein daardoor niet wordt verontreinigd en het afval niet door onbevoegden kan worden verwijderd. De vergunninghouder voert het afval onmiddellijk na afloop van de markt af, of laat het afvoeren. 2. De vergunninghouder is verplicht de door hem ingenomen standplaats en de naaste omgeving daarvan na afloop van de markt veegschoon achter te laten.
23
Artikel 8. Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning Onverminderd het bepaalde in artikel 7 kan het college een vergunning voor een vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder of een persoon die hem bijstaat: a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt; b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; c. de marktmeester belemmert in het uitoefenen van zijn functie danwel de door de marktmeester aangegeven aanwijzingen niet opvolgt; d. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.
24
Artikel 9. Uitsluiting dagplaatshouder of standwerker Het college kan een vergunninghouder van een dagplaats of een standwerkersplaats van de toewijzing van een dagplaats of een
Artikel 22 Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning Onverminderd het bepaalde in artikel 15, kan het college een vergunning voor een vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder of een persoon die hem bijstaat: a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt; b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; c. de marktmeester belemmert in het uitoefenen van zijn functie danwel de door de marktmeester aangegeven aanwijzingen niet opvolgt; of d. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.
25
26
27
28
29
standwerkersplaats uitsluiten voor ten hoogste vier marktdagen, indien deze: a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening overtreedt; b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; c. niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkersplaats; d. de marktmeester belemmert in het uitoefenen van zijn functie danwel de door de marktmeester aangegeven aanwijzingen niet opvolgt; e. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet. Artikel 10. Onmiddellijke verwijdering Onverminderd het bepaalde in artikel 125 van de Gemeentewet kan het college een vergunninghouder gelasten zich onmiddellijk van de markt te verwijderen indien de vergunninghouder: a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt; b. zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; c. de marktmeester belemmert in het uitoefenen van zijn functie dan wel de door de marktmeester aangegeven aanwijzingen niet opvolgt; d. niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkersplaats. Artikel 11. Strafbepaling Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste drie maanden en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. Artikel 12.
Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de marktmeester en de bij besluit van het college aangewezen personen. Artikel 13. Intrekking oude regeling De Verordening op de warenmarkt 2011, vastgesteld bij raadsbesluit van 26 april 2011, wordt ingetrokken. Artikel 14. Overgangsbepalingen 1. Besluiten van het college die genomen zijn krachtens Verordening op de warenmarkt 2011 gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 2. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de Verordening op de warenmarkt 2011 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet definitief op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast.
Artikel 24 Onmiddellijke verwijdering Onverminderd het bepaalde in artikel 125 van de Gemeentewet kan het college een vergunninghouder of degene die hem bijstaat of vervangt gelasten zich onmiddellijk van de markt te verwijderen als deze: a. Het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt; b. zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog.
Artikel 25 Strafbepaling Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste drie maanden. Artikel 23 Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze verordening bepaalde zijn belast de door het college aangewezen marktmeester en de overige door hen aangewezen toezichthouders. Artikel 27 Intrekking oude regeling De ’Verordening op de Warenmarkt 2017’ wordt ingetrokken. Artikel 26 Overgangsrecht 1. Besluiten op grond van de ’Verordening op de Warenmarkt 2017’ blijven na de inwerkingtreding van deze verordening gelden, totdat het college deze ambtshalve heeft gewijzigd of ingetrokken. 2. Bij de ambtshalve wijziging van een vaste standplaatsvergunning kan het college in afwijking van artikel 13, eerste lid, een kortere duur van de vergunning bepalen, afhankelijk van de omstandigheden van het geval.
3. De op grond van de ’Verordening op de Warenmarkt 2017’ vastgestelde wachten anciënniteitslijsten komen te vervallen. 4. Op bezwaarschriften tegen besluiten op grond van de ’Verordening op de Warenmarkt 2017’, waarop bij de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist, wordt met toepassing van de ’Verordening op de Warenmarkt 2017’ beslist. 30
Artikel 15. Inwerkingtreding nieuwe verordening Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2017.
31
Artikel 16. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als Marktverordening 2017.
Artikel 28 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Marktverordening Reusel-De Mierden 2024.