[24.05198] - b_NL.IMRO.1667.BPBhame0091-ON01_tb12
Tekst van het document
Waterschap^\) De Dommel ^ Jr
Postbus 10.001 5280 DA Boxtel Bosscheweg 56 5283 WB Boxtel
C0411) 618 618
Gemeente Reusel-De Mierden T.a.v. de heer Jeroen van der Heijden Kerkplein 3 5541 KB REUSEL
Boxtel Ons kenmerk Uw kenmerk Onderwerp
7 maart 2022 44939149889 Uw e-mail d.d.14-22022 Harmelendijk 7 en 5
info(Ş)dommel.nl www.dommel.nl
Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres
Marije van Schelven (0411)618 295 MvSchelven@dommel.nl
Bijlagen Verzonden
2
7 maart 2022
Beste heer Van der Heijden,
Op 10 februari 2022 stuurde u ons een e-mail waarin u vraagt, in het kader van het vooroverleg, het voorontwerp bestemmingsplan voor de adressen Hamelendijk 5 en 7 te bekijken. Dit plan voorziet in het faciliteren van de ontwikkelingen binnen een agrarisch bedrijf. Op de locatie Hamelendijk 7 veranderd er niets aan het bestaande verhard oppervlak. Op de locatie Hamelendijk 5 neemt het verhard oppervlak toe met 630 m2. Hierbij geef ik mijn reactie op dit plan. Waterbeheerprogramma 2022-2027 Vanaf 1 januari 2022 geldt ons nieuwe Waterbeheerprogramma 2022-2027 (WBP5). Dit vervangt het in de waterparagraaf genoemde waterbeheerplan 2016-2021. Met het nieuwe WBP willen we de watertransitie in gang zetten: een aanpak die moet zorgen voor een toekomstbestendig watersysteem. Ik vraag u om de waterparagraaf aan te passen en aandacht te besteden aan het WBP5. Beschrijf daarbij ook op welke manier het plan rekening houdt met dit nieuwe waterbeleid. U vindt het WBP5 via de link www.dommel.nl/wbp/. U kunt ook de in de bijlage opgenomen ‘samenvatting’ opnemen in de waterparagraaf. Gevoeligheidsfactor en benodigde HNO bergruimte Hamelendijk 5 Op de locatie Hamelendijk 5 neemt het verhard oppervlak toe met 630 m3. In de waterparagraaf wordt de gevoeligheidsfactor 0,25 gehanteerd voor het berekenen van de benodigde bergingsruimte.
De juiste gevoeligheidsfactor wordt bepaald op basis van de locatie van de HNO voorziening (berging) zelf, niet de locatie van het toegenomen verhard oppervlak. De locatie van de voorziening is nog niet in de plannen opgenomen. In de bijlage vindt u een kaartuitsnede met de gevoeligheidsfactoren in dit
gebied. Zoals u ziet is er een groot verloop. Bepaal aan de hand van de locatie van de bergingsvoorziening de juiste gevoeligheidsfactor en juiste bergingsomvang. Tips HNO voorziening Bij een gevoeligheidsfactor van 0,50 of 0,25 is het extra belangrijk dat helder is waar hemelwater naar toe kan wanneer de voorziening vol is. Zorg ervoor dat dit geen wateroverlast oplevert. - Gezien bestaande verharding is het ook belangrijk na te denken over hoe wordt voorkomen dat meer dan de 630 m2 verhard oppervlak afvoert op de nieuwe bergingsvoorziening. Directe afvoer vanaf het nieuwe verhard oppervlak naar bestaande B-watergangen rond het erf is niet wenselijk zonder verdere maatregelen omdat dit directe afvoer betekend en water geen kans krijgt ter plaatse te infiltreren. - Wanneer er plannen zijn iets aan de B-watergangen aan te passen, neem hierover dan contact op met het waterschap. Samen kunnen we hiervoor een goed plan maken.
Met vriendelijke groet, Marije van Schelven Planadviseur
Dit document is digitaal ondertekend en daardoor niet voorzien van een zichtbare handtekening.
Bijlage 1 samenvatting WBP 5 Waterbeheerprogramma 2022-2027 - Water als basis voor een toekomstbestendige leefomgeving. Het water- en bodemsysteem is onontbeerlijk voor een gezonde en leefbare ruimtelijke inrichting van Noord-Brabant. Meer dan ooit is het belangrijk om rekening te houden met het concept van de lagenbenadering om een toekomstbestendige leefomgeving te waarborgen. Door klimaatverandering en ruimtelijke druk, staat immers de veerkracht van het water en bodemsysteem onder druk. De lagenbenadering beschrijft de ruimte in drie lagen. De eerste laag bestaat uit de fysieke ondergrond, het water- en bodemsysteem. De tweede laag bevat netwerken van infrastructuur met onder meer wegen, spoorlijnen en waterwegen. Tot slot de derde laag met de menselijke activiteiten zoals wonen, werken en recreëren en de fysieke neerslag daarvan. Ruimtelijke planning en gebiedsontwikkeling is een proces waarin continu keuzes worden gemaakt. De lagenbenadering helpt in dit keuze- en afwegingsproces en dient als kwaliteitskader voor alle (ruimtelijke) plannen. Elke laag draagt bij aan de ontwikkeling. De lagenbenadering betekent wel dat een onderliggende laag voorwaarden stelt aan andere lagen. Zeker vanuit een perspectief van duurzame ontwikkeling zijn veerkracht en omkeerbaarheid van ingrepen belangrijke gegevenheden.
Met het Waterbeheerprogramma 2022-2027 start Waterschap De Dommel met de ‘watertransitie’; op weg naar een toekomstbestendige waterhuishouding. Uiterlijk in 2050 is de waterhuishouding in ons hele beheergebied toekomstbestendig. Dit betekent een waterhuishouding die in een goede waterkwaliteit voorziet. En een waterhuishouding die robuust, wendbaar en in balans is met de omgeving. Zowel in het bebouwde als het landelijke gebied en van de beekdalen tot en met de hoge zandruggen. Het grond- en oppervlaktewatersysteem kan de grotere weersextremen opvangen door maximaal gebruik te maken van de dempende sponswerking van de bodem/ondergrond en de natuurlijke hoogteverschillen voor het vasthouden van water. We hanteren drie principes die inhoudelijke sturing geven aan de watertransitie: « Elke druppel vasthouden en infiltreren waar deze valt » Functies passen zich aan het bodem- en watersysteem aan » Wat schoon is moet schoon blijven We moeten ons, nog meer dan voorheen, aanpassen aan de veranderende leefomgeving en op zoek gaan naar nieuwe oplossingen en antwoorden. Juist de voor Midden-Brabant zo karakteristieke verwevenheid van bebouwing, landbouw en natuur is een kans om de wateropgaven slim in te passen. Dit vereist een integrale, gebiedsgerichte aanpak samen met alle partijen.
Een gebiedsgerichte aanpak is alleen succesvol als naast de wateropgaven ook de opgaven vanuit natuur, stikstof, economie, landbouwtransitie, energietransitie, biodiversiteit, mobiliteit en woningbouw onderdeel van de aanpak zijn. Niet sectoraal, maar integraal. Alleen dan gaan we oplossingen vinden voor een leefbaar Midden-Brabant met een duurzaam en toekomstbestendig watersysteem dat goed is voor inwoners, bedrijven, landbouw en natuur. De grote uitdaging zit hem vooral in de vraag hoe we dit gaan bereiken. Meer dan voorheen gaan we daarbij: b van beekdalgericht naar gebiedsgericht; onze aandacht gaat naast het beekdal ook uit naar de flanken, de hoge zandruggen en bebouwd gebied. van sectoraal naar integraal; samen met overheden en gebiedspartners maken we keuzes over meerdere opgaven in een gebied. b van water afvoeren naar elke druppel telt; maximaal water conserveren, minder grondwater gebruiken en slimmer sturen.
Bijlage 2 Keur: Gevoeligheidsfactor