CConstaterende datReusel-De Mierden
Koppel je AI →
Document · PDF

[23.18036] - Overzicht wijzigingen financiële verordening 2023

Gemeenteraad 14 november 2023, gemeente Reusel-De MierdenBij agendapunt: Rechtmatigheidsverantwoording vanaf 20236.066 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht van wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2017 en 2023 Nb. Voor het opstellen van de concept financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2023 is de modelverordening van de VNG als basis gebruikt.

Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2017 Artikel 1. Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke organisatie met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan het college. college: het college van burgemeester en wethouders van Reusel -De Mierden.

Concept Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2023 Artikel 1. Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke organisatie en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd. afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de gemeentelijke organisatie met een eigen rechtstreekse verantwoordelijkheid aan het college. college: het college van burgemeester en wethouders van Reusel -De Mierden. rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van het college waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving.

Toelichting

Het begrip rechtmatigheidsverantwoording is gedefinieerd om in artikel 10 van de verordening 2023 nadere invulling te kunnen geven.

Hoofdstuk 2. Begroting en verantwoording Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2017 Artikel 2. Programma-indeling 1. De raad stelt tenminste bij de aanvang van de nieuwe raadsperiode een programmaindeling voor die raadsperiode vast. Behoudens dringende redenen staat de programma-indeling voor de gehele raadsperiode vast. 2. De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode op voorstel van het college de taakvelden per programma vast. 3. De raad stelt op voorstel van het college per programma de beleidsindicatoren vast. Het voorstel van het college bevat ten minste de verplichte beleidsindicatoren, bedoeld in artikel 25, tweede lid, onder a, van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. 3. De raad stelt vast over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen van de begroting en de jaarstukken kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd.

Concept Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2023 Artikel 2. Programma-indeling 1. De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode middels de eerstvolgende begroting een programma-indeling en de taakvelden per programma vast. Behoudens dringende redenen staat de programma-indeling voor de gehele raadsperiode vast. 2. De raad stelt op voorstel van het college per programma de beleidsindicatoren vast. Het voorstel van het college bevat ten minste de verplichte beleidsindicatoren, bedoeld in artikel 25, tweede lid, onder a, van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. 3. De raad stelt vast over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen van de begroting en de jaarstukken kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd.

Artikel 3. Inrichting begroting en jaarstukken 1. Bij de begroting en de jaarstukken worden bij elk programma de begrote c.q. gerealiseerde baten en lasten alsmede de verdeling daarvan per taakveld. 2. Onderdeel van de begroting vormt de lijst nieuw beleid, waarin voor het onderhavige begrotingsjaar en de drie daarop volgende jaren de financiële gevolgen van nieuwe beleidsontwikkelingen (investeringen en exploitatiebudgetten) zijn weergegeven. Die financiële gevolgen worden meegenomen in de bepaling van het begrotingssaldo c.q. de financiële positie van de gemeente. 3. In de begroting en jaarrekening wordt aangegeven voor wie en tot welk bedrag een garantie of waarborg is afgegeven.

Artikel 3. Inrichting begroting en jaarstukken 1. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven. 2. In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven. 3. In het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten per programma worden posten vanaf € 10.000 afzonderlijk gespecificeerd.

Artikel 4. Kaders begroting 1. Voorafgaand aan de begroting geeft de raad haar kaders aan in de Perspectiefnota. Deze wordt door het college voorbereid. De aangegeven kaders zullen financieel vertaald worden in de meerjarenbegroting. De raad stelt deze nota uiterlijk 1 juli vast. 2. De in het vorige lid bedoelde nota bevat in elk geval een eerste versie van de lijst nieuw beleid, als bedoeld in artikel 3, tweede lid, alsmede een actueel inzicht in de ontwikkeling van het begrotingssaldo voor het eerstvolgende begrotingsjaar en de drie daarop volgende jaren. 3. Middels de Perspectiefnota wordt eveneens vastgesteld welk omslagpercentage wordt gehanteerd voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa. Dit percentage wordt berekend op basis van een raming van de netto door de gemeente te betalen rente en de totale boekwaarde van alle activa van de gemeente. Het percentage wordt afgerond op een veelvoud van 0,5%. Artikel 5. Autorisatie begroting en investeringskredieten 1. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per programma, inclusief de daarin opgenomen beoogde toevoegingen aan en onttrekkingen uit reserves. 2.

Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke items van de lijst nieuwe beleid hij op een later tijdstip een afzonderlijk voorstel voor autorisatie van het bijbehorende budget wil ontvangen. Voor de overige items worden de investeringskredieten voor het begrotingsjaar bij de vaststelling van de begroting geautoriseerd en worden overige budgettaire consequenties eveneens bij vaststelling van de begroting geautoriseerd. 3. Voor een investering, waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet voor aan de raad. Artikel 6. Tussentijdse rapportage 1. Onverminderd de verplichtingen op basis van artikel 169 van de Gemeentewet informeert het college de raad minimaal 2 maal per jaar door middel van bestuursrapportages over de realisatie van de begroting. De eerste bestuursrapportage gaat over de realisatie tot en met het eerste kwartaal en de tweede rapportage over de periode tot en met het derde kwartaal van het lopende jaar. 2. De bestuursrapportages hebben op hoofdlijnen dezelfde indeling als de begroting. 3. In de rapportages wordt per programma aangegeven op welke onderdelen bijsturing moet plaatsvinden op tijd, geld en/of inhoud. Bijsturingen moeten worden toegelicht. 4.

Naast de tussentijdse rapportages wordt er in elke raadsvergadering –indien van toepassing– een begrotingswijziging voorgelegd met daarin de financiële consequenties van de raadsvoorstellen waarover in de betreffende raadsvergadering wordt besloten.

Artikel 4. Kaders begroting en meerjarenraming 1. De raad stelt op voorstel van het college voor 15 juli de kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming vast. 2. In de begroting wordt een post onvoorzien van minimaal € 1 per inwoner opgenomen.

Overzicht wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel - 2017 en 2023

Artikel 5. Autorisatie begroting en investeringskredieten 1. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per programma, inclusief de daarin opgenomen beoogde toevoegingen aan en onttrekkingen uit reserves. 2. Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke items van de lijst nieuwe beleid hij op een later tijdstip een afzonderlijk voorstel voor autorisatie van het bijbehorende budget wil ontvangen. Voor de overige items worden de investeringskredieten voor het begrotingsjaar bij de vaststelling van de begroting geautoriseerd en worden overige budgettaire consequenties eveneens bij vaststelling van de begroting geautoriseerd. 3. Voor een investering, waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet voor aan de raad. Artikel 6. Tussentijdse rapportages 1. Onverminderd de verplichtingen op basis van artikel 169 van de Gemeentewet informeert het college de raad minimaal 2 maal per jaar door middel van bestuursrapportages over de realisatie van de begroting. De eerste bestuursrapportage gaat over de realisatie tot en met het eerste kwartaal en de tweede rapportage over de periode tot en met het derde kwartaal van het lopende jaar. 2.

De bestuursrapportages hebben op hoofdlijnen dezelfde indeling als de begroting. 3. In de rapportages wordt per programma aangegeven op welke onderdelen bijsturing moet plaatsvinden op tijd, geld en/of inhoud. Bijsturingen moeten worden toegelicht. 4. In bestuursrapportages en de jaarstukken worden onder- en overschrijdingen op de ramingen van baten en lasten in de exploitatie van € 10.000 of meer toegelicht en met

Toelichting Tekst aangepast cf. modelverordening VNG. Qua inhoud gelijk.

Lid 1 uit de verordening 2017 is niet meer opgenomen in de nieuwe verordening omdat dit in het BBV is voorgeschreven. Lid 1 van de nieuwe verordening vervangt lid 2 van de verordening 2017.

Lid 3 uit de verordening 2017 is niet meer opgenomen in de nieuwe verordening omdat dit in het BBV is voorgeschreven. Lid 3 is in de concept verordening 2023 toegevoegd overeenkomstig de modelverordening VNG. Lid 1 termijn van 1 juli is aangepast naar 15 juli. In de praktijk is namelijk gebleken dat de termijn van 1 juli net niet haalbaar is omdat de raadsbehandeling vaak begin juli plaatsvindt. Ook niet meer opgenomen dat kaders in Perspectiefnota worden aangegeven. In jaar van verkiezingen gemeenteraad doen we dit namelijk niet op deze manier. Lid 2 en 3 oude verordening niet meer opgenomen cf. modelverordening VNG.

Lid 4 verordening 2023 toegevoegd op basis van modelverordening VNG. Geeft een duidelijke grens wanneer verplicht te rapporteren. Pagina 2 van 8

Daarnaast worden in deze begrotingswijzigingen verwerkt de financiële consequenties van collegebesluiten, voor zover die consequenties € 20.000,- of hoger zijn. Dit geldt zowel voor incidentele als structurele bedragen.

Artikel 7. Informatieplicht 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 169 van de Gemeentewet informeert het college in ieder geval vooraf de raad en neemt het pas een besluit, nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen ingeval het betreft niet bij de begroting vastgestelde afzonderlijke verplichtingen inzake: eenmalige verplichtingen groter dan € 50.000,-; nieuwe meerjarige verplichtingen waarvan de jaarlijkse lasten groter zijn dan € 20.000,-. 2. Indien de in lid 1 bedoelde eenmalige of meerjarige verplichtingen betrekking hebben op de inhuur van personeel gelden daarbij de volgende richtlijnen: Er mag alleen ingehuurd worden: ter vervanging ingeval van langdurige ziekte van personeel of ten behoeve van specifieke deskundigheid die niet binnen de organisatie aanwezig is of te creëren is of ter tijdelijke invulling van langdurig openstaande vacatures of om niet voorziene piekwerkzaamheden op te vangen. Naast de onder a. vermelde eisen, geldt ten aanzien van inhuur: Zo mogelijk worden de interessante klussen c.q. klussen die specifieke deskundigheid vereisen uitgevoerd door eigen medewerkers, die daarvoor zo nodig geschikt gemaakt worden. Via inhuur kunnen dan zo nodig meer reguliere taken worden opgevangen.

Voordat tot inhuur wordt besloten, wordt bezien of zaken op een andere wijze kunnen worden opgelost, waaronder in elk geval begrepen dient te worden het herprioriteren van werkzaamheden. Tenzij daar bijzondere redenen voor zijn, vindt inhuur slechts plaats voor een periode van maximaal 3 maanden.

betrekking tot de investeringskredieten worden bij de jaarrekening alle onder- en overschrijdingen toegelicht. 5. Naast de tussentijdse rapportages wordt er in elke raadsvergadering –indien van toepassing– een begrotingswijziging voorgelegd met daarin de financiële consequenties van de raadsvoorstellen waarover in de betreffende raadsvergadering wordt besloten. Artikel 7. Jaarstukken en overhevelingsbeleid 1. Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken biedt het college de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat. 2. Vooruitlopend op het bestemmingsvoorstel over het jaarrekeningresultaat kan het college de raad voorstellen om restantmiddelen op onderdelen van het rekeningresultaat over te hevelen naar het volgende begrotingsjaar (budgetoverheveling). Het minimale bedrag hiervoor is € 10.000,- en dit is enkel mogelijk om met de raad afgesproken prestaties na te komen. 3. Restantkredieten dienen binnen 3 jaar ná de kredietvotering te worden afgesloten. Indien het college hiervan wil afwijken, zal dit in het raadsvoorstel omtrent de vaststelling van de jaarrekening afzonderlijk worden toegelicht. Artikel 8. Informatieplicht 1.

Onverminderd het bepaalde in artikel 169 van de Gemeentewet informeert het college in ieder geval vooraf de raad en neemt het pas een besluit, nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen ingeval het betreft niet bij de begroting vastgestelde afzonderlijke verplichtingen inzake: * eenmalige verplichtingen groter dan € 50.000,-; * nieuwe meerjarige verplichtingen waarvan de jaarlijkse lasten groter zijn dan € 20.000,-. Wanneer de verplichtingen kleiner zijn dan bovengenoemd kan het college, indien nodig, een besluit nemen zonder de raad te informeren.

Artikel 9. EMU-saldo Wanneer het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeenten samen het collectieve aandeel van gemeenten in het EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinanciën, hebben overschreden, informeert het college de raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als het college een aanpassing nodig acht, doet het college een voorstel voor het wijzigen van de begroting.

Overzicht wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel - 2017 en 2023

Tekst modelverordening VNG aangevuld met advies Commissie BBV om minimum bedrag budgetoverheveling vast te stellen en dat dit enkel kan om met de raad afgesproken prestaties na te komen (afkomstig uit Notitie Materiële Vaste Activa) Lid 3 is ook een aanvulling uit de Notitie Materiële Vaste Activa.

Lid 2 uit verordening 2017 niet meer opgenomen cf. modelverordening VNG.

Toegevoegd om aan te sluiten bij modelverordening VNG. Geen inhoudelijke wijziging.

Pagina 3 van 8

Hoofdstuk 3. Rechtmatigheidsverantwoording Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2017

Overzicht wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel - 2017 en 2023

Concept Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2023 Artikel 10. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording 1. De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid. 2. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het college aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 1% van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. 3. In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 50.000,- nader toegelicht.

Toelichting Dit artikel is nieuw in deze verordening. In lid 2 en 3 wordt invulling gegeven aan verantwoordingsgrens en rapporteringsgrens rechtmatigheidsverantwoording.

Artikel 11. Voorwaardencriterium 1. Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. 2. Het college streeft ernaar de raad jaarlijks uiterlijk op 31 december voorafgaand aan het jaar ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan te bieden. Dit kader bestaat uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien. Artikel 12. Begrotingscriterium 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen. 2. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5. 3. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag.

Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 4. Afwijkingen ten opzichte van de begroting worden beoordeeld per product. Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. 5. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

Dit artikel is nieuw in deze verordening i.v.m. invoering rechtmatigheidsverantwoording door college aan raad.

Artikel 13. Misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium 1. Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. 2. Het college zorgt voor en legt vast de regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen.

Dit artikel is nieuw in deze verordening i.v.m. invoering rechtmatigheidsverantwoording door college aan raad.

Dit artikel is nieuw in deze verordening i.v.m. invoering rechtmatigheidsverantwoording door college aan raad.

Pagina 4 van 8

Hoofdstuk 4. Financieel beleid Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2017 Artikel 8. Waardering en afschrijving vaste activa 1. Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de methodiek en de termijnen, zoals vermeld in de “Nota reserves, voorzieningen en afschrijvingsbeleid”, vastgesteld bij raadsbesluit van 6 november 2012, nummer 2012049, of conform het beleid dat de raad ter vervanging en/of aanvulling van die nota heeft vastgesteld. 2. Kosten voor het afsluiten van geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie gebracht. Artikel 9. Waardering van debiteuren en overige vorderingen In de jaarrekening wordt de stand van zaken uiteengezet ten aanzien van openstaande vorderingen betreffende gemeentelijke belastingen en heffingen en overige vorderingen. Daarbij wordt in elk geval ingegaan op de ouderdom van de vorderingen, de genomen invorderingsmaatregelen alsmede op de vorderingen welke oninbaar worden geacht. Tenzij de stand van zaken inzake debiteuren en overige vorderingen daartoe in bijzondere mate aanleiding toe geeft, wordt geen voorziening voor dubieuze debiteuren aangehouden. Artikel 10.

Reserves en voorzieningen Ten aanzien van de vorming en vrijval van reserves en voorzieningen en de toerekening en verwerking van rente over reserves, geldt het beleid zoals dat is vastgelegd in de “Nota reserves, voorzieningen en afschrijvingsbeleid”, vastgesteld bij raadsbesluit van 6 november 2012, nummer 2012-049, of het beleid dat de raad ter vervanging en/of aanvulling van die nota heeft vastgesteld.

Concept Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2023 Artikel 14. Waardering en afschrijving vaste activa 1. Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de methodiek en de termijnen, zoals vermeld in de “Nota reserves, voorzieningen en afschrijvingsbeleid”, vastgesteld bij raadsbesluit van 7 juli 2020, of conform het beleid dat de raad ter vervanging en/of aanvulling van die nota heeft vastgesteld. 2. Het college biedt jaarlijks een meerjareninvesteringsplan aan als bijlage bij de begroting, waarbij inzicht wordt verschaft in de geplande investeringen en de daarmee gepaard gaande kapitaallasten voor de komende meerjarenperiode.

Het nieuwe lid 2 is opgenomen overeenkomstig de modelverordening VNG. Dit wordt door de gemeente Reusel -De Mierden overigens al zo uitgevoerd.

Conform BBV wordt hier geen voorziening meer voor gevormd. We verrekenen het bedrag met de nominale waarde van de vorderingen op de balans.

Artikel 15. Reserves en voorzieningen Ten aanzien van de vorming en vrijval van reserves en voorzieningen en de toerekening en verwerking van rente over reserves, geldt het beleid zoals dat is vastgelegd in de “Nota reserves, voorzieningen en afschrijvingsbeleid”, vastgesteld bij raadsbesluit van 7 juli 2020, of het beleid dat de raad ter vervanging en/of aanvulling van die nota heeft vastgesteld.

Artikel 11. Kostprijsberekening 1. Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan derden, wordt een extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten, de overheadkosten en de eventuele kapitaallasten betrokken. 2. Bij de directe kosten worden ook bijdragen en onttrekkingen aan voorzieningen betrokken. Voor rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW), eventueel verschuldigde vennootschapsbelasting en de gederfde inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid betrokken. 3. Voor de berekening van de overheadkosten wordt een opslag per uur berekend door de totale overheadkosten te delen door het totale aantal productieve uren dat als directe kosten wordt toegerekend aan producten en taakvelden. De aldus berekende toeslag wordt uniform toegepast ten behoeve van alle kostprijsberekeningen. Zowel de overheadkosten als het aantal productieve uren wordt in de jaarlijkse begroting nader gespecificeerd en uitgewerkt naar een bedrag dat als opslag voor overheadkosten wordt gehanteerd in dat jaar. 4.

Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa wordt jaarlijks met de Perspectiefnota als bedoeld in artikel 4 vastgesteld. Voor de berekening van de kapitaallasten wordt een rentepercentage gehanteerd op basis van ramingen van de (netto) werkelijk betaalde rente en de totale boekwaarde van de activa van de gemeente, afgerond op een veelvoud van 0,5%. De berekening zoals die in de Perspectiefnota is vastgesteld, kan in de programmabegroting worden aangepast aan de hand van geactualiseerde cijfers. 5. In afwijking van het vierde lid geldt voor de rente die wordt toegerekend aan grondexploitaties alsmede voor eventueel vennootschapsbelastingplichtige activiteiten de rente als bedoeld in het 4e lid, gecorrigeerd naar de verhouding vreemd vermogen (schuldrestant leningen) en eigen vermogen (reserves). Dit percentage wordt jaarlijks in de programmabegroting berekend.

Artikel 16. Kostprijsberekening 1. Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan derden, wordt een extracomptabel stelsel van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten, de overheadkosten en de eventuele kapitaallasten betrokken. 2. Bij de directe kosten worden ook bijdragen en onttrekkingen aan voorzieningen betrokken. Voor rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, worden daarbij ook de compensabele belasting over de toegevoegde waarde (BTW), eventueel verschuldigde vennootschapsbelasting en de gederfde inkomsten van het kwijtscheldingsbeleid betrokken. 3. Voor de berekening van de overheadkosten wordt een opslag per uur berekend door de totale overheadkosten te delen door het totale aantal productieve uren dat als directe kosten wordt toegerekend aan producten en taakvelden. De aldus berekende toeslag wordt uniform toegepast ten behoeve van alle kostprijsberekeningen. Zowel de overheadkosten als het aantal productieve uren wordt in de jaarlijkse begroting nader gespecificeerd en uitgewerkt naar een bedrag dat als opslag voor overheadkosten wordt gehanteerd in dat jaar. 4.

Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijnde activa wordt jaarlijks met de kaders voor de begroting als bedoeld in artikel 4 vastgesteld. Voor de berekening van de kapitaallasten wordt een rentepercentage gehanteerd op basis van ramingen van de (netto) werkelijk betaalde rente en de totale boekwaarde van de activa van de gemeente, afgerond op een veelvoud van 0,5%. De berekening kan in de programmabegroting worden aangepast aan de hand van geactualiseerde cijfers. 5. In afwijking van het vierde lid geldt voor de rente die wordt toegerekend aan grondexploitaties alsmede voor eventueel vennootschapsbelastingplichtige activiteiten de rente als bedoeld in het 4e lid, gecorrigeerd naar de verhouding vreemd vermogen (schuldrestant leningen) en eigen vermogen (reserves). Dit percentage wordt jaarlijks in de programmabegroting berekend.

Artikel 12. Prijzen economische activiteiten Voor de levering van goederen, diensten of werken door de gemeente aan derden waarbij de gemeente in concurrentie treedt met marktpartijen, wordt ten minste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. Indien daartoe vanwege een

Artikel 17. Prijzen economische activiteiten 1. Voor de levering van goederen, diensten of werken door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden waarbij de gemeente in concurrentie met marktpartijen treedt, wordt ten minste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. Bij afwijking vanwege een publiek belang doet het college vooraf een voorstel voor een

Overzicht wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel - 2017 en 2023

Toelichting Lid 2 uit de verordening 2017 is vervallen overeenkomstig modelverordening VNG.

Tekst vervangen door modelverordening VNG. Inhoudelijk zelfde strekking.

Pagina 5 van 8

publiek belang wordt afgeweken, geschiedt dat op basis van een gemotiveerd raadsbesluit. Bij de bepaling van de integrale kostprijs worden overhead en andere kosten toegerekend op de wijze zoals in artikel 11 is bepaald. Raadsbesluiten met de motivering van het publiek belang als bedoeld in lid 1 zijn niet nodig als minder dan de integrale kostprijs in rekening wordt gebracht en sprake is van: levering van goederen, diensten of werken en het verstrekken van leningen, garanties en kapitaal aan andere overheden voor zover deze leveringen en verstrekkingen zijn bedoeld voor de uitoefening van de publieke taak door die andere overheid; een bevoordeling van activiteiten in het kader van een bij wet opgedragen publiekrechtelijke taak; een bevoordeling van activiteiten in het kader van een toegekend bijzonder of uitsluitend recht waarvoor prijsvoorschriften gelden; een bevoordeling van sociale werkplaatsen; een bevoordeling van onderwijsinstellingen; een bevoordeling van publieke media-instellingen; een bevoordeling die valt onder de reikwijdte van de staatssteunregels van het Werkingsverdrag van de Europese Unie en daarmee verenigbaar is.

raadsbesluit, waarin het publiek belang van de levering van de desbetreffende goederen, diensten of werken wordt gemotiveerd. 2. Bij het verstrekken van leningen of garanties door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden worden ten minste de geraamde integrale kosten in rekening gebracht. Bij afwijking vanwege een publiek belang doet het college vooraf een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de lening of de garantie wordt gemotiveerd. 3. Bij het verstrekken van kapitaal door de gemeente aan overheidsbedrijven en derden gaat het college uit van een vergoeding van ten minste de geraamde integrale kosten van de verstrekte middelen. Bij afwijking vanwege een publiek belang doet het college vooraf een voorstel voor een raadsbesluit, waarin het publiek belang van de kapitaalverstrekking wordt gemotiveerd. 4. Raadsbesluiten met de motivering van het publiek belang als bedoeld in voorgaande lid 1, 2 en 3 zijn niet nodig als minder dan de integrale kostprijs in rekening wordt gebracht en er sprake is van één van de uitzonderingen zoals genoemd in artikel 25h van de Mededingingswet.

Artikel 13. Vaststelling hoogte belastingen, rechten en heffingen Het college doet de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de tarieven voor gemeentelijke belastingen, rechten en heffingen, waaronder in elk geval begrepen worden de onroerende zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing, de rioolheffing, de leges, de marktgelden, de toeristenbelasting en de woonforensenbelasting. Artikel 14. Financieringsfunctie Het college neemt bij het uitzetten en aantrekken van geldmiddelen de kaders in acht, zoals die zijn vastgelegd in het op 10 maart 2015 vastgestelde “Treasurystatuut 2015” en daarop vastgestelde aanvullingen en/of wijzigingen alsmede in het op basis van het “Treasurystatuut 2015” vastgestelde “Uitvoeringsbesluit treasury 2015” en daarop vastgestelde aanvullingen en/of wijzigingen.

Artikel 18. Vaststelling hoogte belastingen, rechten, heffingen en prijzen Het college doet de raad jaarlijks een voorstel voor de hoogte van de tarieven voor gemeentelijke belastingen, rechten en heffingen.

Overzicht wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel - 2017 en 2023

Artikel 19. Financieringsfunctie Het college neemt bij het uitzetten en aantrekken van geldmiddelen de kaders in acht, zoals die zijn vastgelegd in het op 10 maart 2015 vastgestelde “Treasurystatuut 2015” en daarop vastgestelde aanvullingen en/of wijzigingen alsmede in het op basis van het “Treasurystatuut 2015” vastgestelde “Uitvoeringsbesluit treasury 2015” en daarop vastgestelde aanvullingen en/of wijzigingen.

Pagina 6 van 8

Hoofdstuk 5 Paragrafen Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2017 Artikel 15. Onderhoud kapitaalgoederen 1. Het college biedt de raad ten minste eens per vier jaren ter vaststelling een beleidsen beheersplan wegen aan. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud van de wegen. 2. Het college biedt de raad ten minste eens per vier jaren ter vaststelling een rioleringsplan (Verbreed Gemeentelijk Riolering Plan, VGRP) aan. Het plan geeft de kaders weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud c.q. de vervanging alsmede voor de kosten in relatie tot de rioolheffing. 3. Het college biedt de raad ten minste eens per vier jaren ter vaststelling een onderhoudsplan gebouwen aan. Het plan geeft de kaders weer voor het te plegen onderhoud aan gemeentelijke gebouwen en de daaraan verbonden kosten. 4. Indien de termijn als genoemde in de vorige leden vanwege bijzondere redenen of omstandigheden niet kan worden gehaald, dient de raad in te stemmen met uitstel, inclusief een besluit om de werkingsduur van het lopende plan al dan niet te verlengen. Artikel 16. Grondbeleid 1. De informatie in de paragraaf Grondbeleid dient mede gebaseerd te zijn op actuele doorrekeningen van de grondexploitaties, welke minimaal eens per jaar dienen plaats te vinden. 2.

De jaarlijkse doorrekeningen, als bedoeld in het eerste lid gaan gepaard met een beschrijving van de ingeschatte risico’s en de mogelijke maatregelen ter beheersing van die risico’s. 3. Indien voor een of meerdere specifieke grondexploitatieprojecten om bijzondere redenen of omstandigheden een actualisering van de doorrekening niet haalbaar dan wel wenselijk is, wordt daarvan met redenen omkleed melding gemaakt aan de raad.

Overzicht wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel - 2017 en 2023

Concept Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2023 Artikel 20. Onderhoud kapitaalgoederen 1. Het college biedt de raad ten minste eens per vijf jaren ter vaststelling een beleidsen beheersplan wegen en beheersplan groen aan. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud van de wegen en groen. 2. Het college biedt de raad ten minste eens per vijf jaren ter vaststelling een rioleringsplan (Verbreed Gemeentelijk Riolerings Plan, VGRP) aan. Het plan geeft de kaders weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud c.q. de vervanging alsmede voor de kosten in relatie tot de rioolheffing. 3. Het college biedt de raad ten minste eens per vijf jaren ter vaststelling een onderhoudsplan gebouwen aan. Het plan geeft de kaders weer voor het te plegen onderhoud aan gemeentelijke gebouwen en de daaraan verbonden kosten. 4. Indien de termijn als genoemde in de vorige leden vanwege bijzondere redenen of omstandigheden niet kan worden gehaald, dient de raad in te stemmen met uitstel, inclusief een besluit om de werkingsduur van het lopende plan al dan niet te verlengen. Artikel 21. Grondbeleid 1. De informatie in de paragraaf Grondbeleid dient mede gebaseerd te zijn op actuele doorrekeningen van de grondexploitaties, welke minimaal eens per jaar dienen plaats te vinden. 2.

De jaarlijkse doorrekeningen, als bedoeld in het eerste lid gaan gepaard met een beschrijving van de ingeschatte risico’s en de mogelijke maatregelen ter beheersing van die risico’s. 3. Indien voor een of meerdere specifieke grondexploitatieprojecten om bijzondere redenen of omstandigheden een actualisering van de doorrekening niet haalbaar dan wel wenselijk is, wordt daarvan met redenen omkleed melding gemaakt aan de raad.

Toelichting Termijn actualiseren beleidsdocumenten gewijzigd naar vijf jaar cf. advies Commissie BBV. Beheerplan groen ook toegevoegd.

Pagina 7 van 8

Hoofdstuk 6 Financiële organisatie en financieel beheer Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2017 Artikel 17. Administratie De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor: a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en in de diensten; b. het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, voorraden, vorderingen, schulden en contracten; c. het verschaffen van informatie over de mate van besteding van toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; d. het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid; e. het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving; f. de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving. Artikel 18.

Financiële organisatie Het college draagt zorg voor: een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidige toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen; een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden; de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; de te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en de besteding van middelen; de kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van baten en lasten aan de taakvelden; het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten; het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen; opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan. Artikel 19.

Interne controle Het college zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder a van de Gemeentewet, en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balansmutaties, bedoeld in artikel 213, derde lid, onder b, van de Gemeentewet, voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het college maatregelen tot herstel.

Overzicht wijzigingen tussen financiële verordening gemeente Reusel - 2017 en 2023

Concept Financiële verordening gemeente Reusel -De Mierden 2023 Artikel 22. Administratie De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval dienstbaar is voor: a. het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de gemeente als geheel en in de diensten; b. het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van de vaste activa, voorraden, vorderingen, schulden en contracten; c. het verschaffen van informatie over de mate van besteding van toegekende budgetten en investeringskredieten en voor het maken van kostencalculaties; d. het verschaffen van informatie over indicatoren met betrekking tot de gemeentelijke productie van goederen en diensten en de maatschappelijke effecten van het gemeentelijke beleid; e. het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving; f. de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante wet- en regelgeving. Artikel 23.

Financiële organisatie Het college draagt zorg voor: een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een eenduidige toewijzing van de gemeentelijke taken aan de afdelingen; een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden; de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; de interne regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie; de te maken afspraken met de afdelingen over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en de besteding van middelen; het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten; het beleid en de interne regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen; het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan.

Artikel 24. Interne controle 1. Het college draagt zorg voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen rapporteert het college daarover in de rechtmatigheidsverantwoording. Daarnaast informeert het college de raad over genomen maatregelen tot herstel van de tekortkomingen. 2. Het college zorgt voor de systematische controle van de administratie en de ontwikkeling van de bezittingen en het financieel vermogen van de gemeente met dien verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande leningen, de debiteurenvorderingen, de liquiditeiten, de opgenomen leningen, de kortlopende schulden en de vorderingen van crediteuren jaarlijks worden gecontroleerd. Bij afwijkingen in de administratie neemt het college maatregelen tot herstel van de tekortkomingen.

Toelichting

Dit artikel is geactualiseerd cf. modelverordening VNG. Meer regels interne controle vastgelegd.

Artikel is conform de modelverordening van de VNG iets anders geformuleerd in verband met rechtmatigheidsverantwoording voor college vanaf 2023.

Pagina 8 van 8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=ReuselDeMierden&id=e84227e1-bc21-4259-ba9a-b826d8ed6f3b