23.02771 raadsvraag N. Bijl (PvdA) inz. veegplan Rouwenbogt 10 en 12.docx
Tekst van het document
Beantwoording Raadsvragen Onderwerp:
Datum vraag:
Veegplan inz. Rouwenbogt 10 - 12 Technische vraag t.b.v. commissie / raad 22 februari 2023
Gesteld door: Registratienr.:
N. Bijl/ PvdA 23.02771
Type vraag:
Datum antwoord:
28 februari 2023
Portefeuillehouder:
de heer P.J.M. van de Noort wethouder
Vraag Rouwenbogt 10 1] Waarom zijn de bestemmingsplanwijzigingen van Rouwenbogt 10 en Rouwenbogt 12 gecombineerd in dit veegplan? Het komt de leesbaarheid niet ten goede. 2] Volgens het huidige bestemmingsplan heeft Rouwenbogt 10 een "Enkelbestemming Bedrijf agrarisch met een functieaanduiding niet grondgebonden". Volgens het raadsvoorstel wordt dit "Enkelbestemming Bedrijf met een functieaanduiding caravanstalling." Dat betekent dat de agrarische bestemming volledig verdwijnt? Wat is dan de noodzaak van een bedrijfswoning als slechts 10 caravans gelijktijdig kunnen worden gestald? 3] Er staat een woning op het perceel Rouwenbogt 10. Gezien de huidige bedrijfsbestemming is dit dus een bedrijfswoning. Echter er is al meerdere jaren een WOZ-waarde op deze woning genoteerd; dat gebeurt normaliter alleen bij een Woonbestemming. Hoe kan dat? De woning lijkt ook als burgerwoning te koop te hebben gestaan. Dit roept de vraag op of de eigenaar dezelfde persoon is als de exploitant van het bedrijf en de bewoner van de woning. Wat kunt u hiervan zeggen? 4] waarom is het perceeldeel met de bestemming agrarisch met waarden (áchter de woning Rouwenbogt 10) niet als onderdeel van het gehele plan meegenomen? 5] in "5.1.2 Nadere detaillering van de bestemmingsomschrijving" van de regels staat dat sprake is van een caravanstalling van 748 m2.
Op pagina 8 van de ruimtelijke onderbouwing staat de loods een bebouwd oppervlak heeft van 440 m2 en volgens de toelichting is sprake van legalisatie van het gebruik, en nadrukkelijk níet van uitbereiding. Hoe zit dit? 6] waar is het verslag van de omgevingsdialoog? Rouwenbogt 12 1] Volgens regels 24.1.2. dient een B&B in de woning te worden uitgeoefend en niet in een ander bouwwerk. Dit conflicteert met artikel 5.2 van de regels. Hoe zit dat? 2] In de ruimtelijke onderbouwing staat “Ter plaatse van Rouwenbogt 12 krijgt een deel van het perceel, grenzend aan Rouwenbogt 10, de functieaanduiding ‘bedrijf tot en met categorie 2’ toegekend en het oostelijke deel van het perceel blijft de functieaanduiding ‘bedrijf tot en met categorie 3.1’ houden.” Op de plankaart van ruimtelijkeplannen.nl staat bij het deel grenzend aan Rouwenbogt 10 de functieaanduiding “kampeerboerderij”. Dat staat overigens ook in de regels bij 5.1.2. Dit lijkt te wringen met elkaar? 3] Bij paragraaf 2.4. "beoogde planologische situatie" in de ruimtelijke onderbouwing wordt, aan het eind, verwezen naar een verbeelding op schaal. Die staat er echter niet bij. 4] Uit de zaak Raad van State 12 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1005 en Raad van State 18 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1359 blijkt dat de noodzaak van een bedrijfswoning bij een pensionstalling van een dergelijke omvang niet rechtstreeks aangetoond wordt.
(Voor de fokkerij blijk dit feitelijk al niet nodig te zijn) Immers toezicht buiten reguliere werktijden kan ook op alternatieve manieren worden ingericht. Camera's zijn tegenwoordig alom aanwezig en vormen een gebruikelijk middel voor toezicht. Er blijkt uit de opgenomen motivering niet dat alternatieve manieren om toezicht te houden, 23.02771
*23.02771* 1
voldoende zijn onderzocht. De enkele motivering dat het uit persoonlijke motieven wenselijk is om aanwezig te zijn en dat dit marketingtechnisch aantrekkelijker is, is blijkens deze eerdere uitspraken van de raad van state niet meer voldoende. Hoe weegt het college dit gezichtspunt? 5] Op pagina 33 van de ruimtelijke onderbouwing wordt verwezen naar een kaart ‘huidige geursituatie in 2012’ van de Odzob. Hoe kan het dat op basis van dergelijke oude geurkaarten, die inmiddels meermaals zijn geactualiseerd door de Odzob deze stukken zijn beoordeeld? 6] De paragraaf 4.8.1 van de ruimtelijke onderbouwing is onvolledig. Er wordt slechts verwezen naar verkeersbewegingen van de bewoner. Echter de diverse gewijzigde bedrijfsactiviteiten veroorzaken ook verkeersbewegingen. Is er voldoende mogelijkheid tot keren van vrachtwagens en motorvoertuigen met aanhanger? 7] Zijn de anterieure overeenkomst en planschadeovereenkomst met initiatiefnemers inmiddels vastgesteld en getekend? 8] Paragraaf 6.1 van de ruimtelijke onderbouwing is achterhaald. 9] in de ruimtelijke onderbouwing op pagina 56 staat “Voor in de stal zijn 3 B&B appartementen gerealiseerd. Totaal is er ruimte voor maximaal 20 bedden. Dit is afhankelijk van de grootte van de groep en het aan een schakelen van alle 3 de appartementen met gezamenlijke ruimte.”.
Deze omvang van B&B activiteiten lijkt niet overeen te komen met de bepaling in de regels: “5.2 Functies toegestaan na melding a- Ter plaatse van de gronden met de bestemming 'Bedrijf' is het aanvangen van of het veranderen naar de navolgende functies uitsluitend toegestaan na een melding als bedoeld in 23.1: 1. een bed & breakfast met maximaal 2 kamers/logeereenheden (4 bedden) in een bedrijfswoning bij een bedrijf ter plaatse van de aanduiding 'paardenhouderij';” 10] waar is het verslag van de omgevingsdialoog?
Antwoord
23.02771
*23.02771* 2