CConstaterende datReusel-De Mierden
Koppel je AI →
Document · PDF

[20.22432] - Kadernota 2022 GGD Brabant-Zuidoost 2022

Commissie Inwoners 9 maart 2021, gemeente Reusel-De MierdenBij agendapunt: Raadsvoorstel Kadernota 2022 GGD Brabant-Zuidoost7.647 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kadernota 2022

Eindhoven, december 2020

1

Inhoudsopgave 1. Missie en kerntaken GGD ..................................................................................................3 2. Belangrijke ontwikkelingen voor de publieke gezondheid en de acute zorg ..............................4 Gevolgen van de Coronacrisis .....................................................................................4 2.2 Gezonde leefomgeving ...............................................................................................5 Zorg voor mensen met verward, zorgwekkend of zorgmijdend gedrag .............................6 Lokale preventie akkoorden ........................................................................................7 Ontwikkelingen in de acute zorg ..................................................................................7 3. De bestuursopdracht aan de GGD ......................................................................................9 Naar een wendbare en financieel gezonde GGD .............................................................9 Een doorlopende lijn in de jeugdgezondheidszorg ..........................................................9 Verbetering van de bedrijfsvoering van de GGD .......................................................... 11 4. Financieel meerjarenperspectief .......................................................................................

11 Inleiding ................................................................................................................. 11 Algemene kostenontwikkeling PG .............................................................................. 12 Programma Ambulancezorg (AZ). .............................................................................. 12 Programma Publieke Gezondheid............................................................................... 13 Weerstandsvermogen en risico’s ............................................................................... 17 Bijlage 1 Kerntaken GGD ..................................................................................................... 18 Bijlage 2 Indicatieve ontwikkeling gemeentelijke bijdragen gezamenlijk takenpakket .................. 20 Bijlage 3 Verloop structurele overige bijdragen gemeenten ..................................................... 21

2

1. Missie en kerntaken GGD Het Algemeen Bestuur van de GGD biedt deze kadernota aan gemeenten aan als opmaat naar de begroting 2022. De ontwerpbegroting 2022 van de GGD krijgen gemeenten in maart 2021 aangeboden. Via deze kadernota wil het Algemeen Bestuur van de GGD Brabant-Zuidoost de colleges en raden van de 21 gemeenten in onze regio inzicht geven in de missie en kerntaken van de GGD (hoofdstuk 1) in het licht van de maatschappelijke ontwikkelingen en de lokale uitdagingen (hoofdstuk 2) en hen daarbij een doorkijk geven in de financien. De GGD Brabant-Zuidoost streeft – onder regie van de gemeenten – door middel van preventie naar gezondheidswinst van alle inwoners, om zo een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van hun leven en zelfredzaamheid te vergroten. Wij zijn een proactieve, innovatieve en resultaatgerichte organisatie. Onze dienstverlening betreft gezondheid, preventie en snelle interventie, is professioneel en betrouwbaar en komt tot stand vanuit de wens van de klant en in dialoog met onze opdrachtgevers en samenwerkingspartners. Vanuit de Wet Publieke Gezondheid en de Wet Ambulancezorg geven wij vorm en inhoud aan onze collectieve preventie en gezondheidswinst via de volgende kerntaken (uitwerking: zie bijlage 1):

3

2. Belangrijke ontwikkelingen voor de publieke gezondheid en de acute zorg Gevolgen van de Coronacrisis In 2020 is de wereld opgeschrikt door de Corona pandemie. Deze pandemie heeft een grote impact op onze samenleving zowel sociaal, economisch als voor de volksgezondheid en de gezondheidszorg. Ook voor de GGD heeft Corona een grote impact. Zo zijn testen en broncontactonderzoek sterk opgeschaald en waren reguliere activiteiten lange tijd afgeschaald met name tijdens de eerste golf . Corona zal nog een lange tijd onder ons zijn. Ook als er een werkend vaccin en medicijnen voor behandeling beschikbaar zijn. Het is moeilijk om in de toekomst te kijken. Naar verwachting zal de Coronacrisis nog een heel stuk in 2021 doorlopen. Naast op grote schaal testen zal ook het vaccineren van de bevolking veel inzet van de GGD gaan vragen. Pas in 2022 zullen we uit de Coronacrisis zijn althans medisch gezien en zal Corona op kleinere schaal onze aandacht blijven vragen. Economisch en sociaal gezien zullen de gevolgen nog langer merkbaar zijn. Voor de GGD zal de aandacht i.r.t. Corona waarschijnlijk in 2021 en 2022 gaan verschuiven naar preventie. Het is gebleken dat een (on)gezonde leefstijl invloed heeft op de impact van het virus op gezondheid.

Hoe kunnen een volgende gezondheidscrisis voorkomen? Hoe kunnen we de gezondheidsrisico’s van onze leefstijl minimaliseren? Hoe kunnen we de herstelzorg van de Coronacrisis gericht op de gezondheidskundige naweeën van deze crisis inrichten? Ook zal de GGD in 2022 mogelijk nog te maken hebben met het inhalen van achterstanden die a.g.v. de Corona crisis zijn opgelopen. En we verwachten dat de sociaal- economische gezondheidsverschillen in Nederland (en wereldwijd) als gevolg van de Corona pandemie groter zullen worden. We zullen in Nederland moeten gaan vaststellen hoe we met elkaar de hele medische zorgketen (GGD, huisartsen, VVT-sector, ziekenhuizen, ambulances) duurzaam kunnen inrichten en faciliteren, zodat we in de toekomst beter voorbereid zijn op een gezondheidscrisis van deze omvang. Dit betekent bijvoorbeeld ook dat we kritisch moeten gaan kijken naar de basisbezetting van de afdeling infectieziektebestrijding van de GGD die voor de Coronacrisis formatief onder de maat was. De Coronacrisis heeft ons geleerd dat een (nieuwe) infectieziekte zich snel en omvangrijk kan verspreiden.

Dat de oorzaak, verspreiding en impact van een infectieziekte te maken heeft met onze globalisering, verstedelijking, reisgedrag, industrialisatie (denk in dit verband ook aan de intensieve veehouderij) en de manier waarop we met onze natuurlijke omgeving omgaan (Corona is begonnen op de markten in China, waar levende dieren worden verhandeld en verwerkt). We verwachten dat de “public health” benadering inclusiever moet worden en gaat transformeren naar “planet health”, waarbij we niet alleen kijken naar de ziekte zelf en ons gedrag, maar ook naar de omgevingsfactoren die van invloed zijn.

4

Financieel gezien gaan we ervan uit dat het Rijk ook de eventuele meerkosten 2022 i.v.m. achterstallig werk a.g.v. Corona zal vergoeden. 2.2

Gezonde leefomgeving

Vanaf 2022 wordt de nieuwe omgevingswet ingevoerd. Deze wet vervangt 26 wetten (en meer dan honderd AMvB’s en ministeriële regelingen) op het gebied van ruimte, wonen, milieu, natuur, water en infrastructuur. De Omgevingswet is gericht op het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving voor maatschappelijke functies. De meerwaarde van de omgevingswet is een integrale benadering en een afweging van de diverse deelbelangen in onderlinge samenhang op lokaal, bestuurlijk niveau. De GGD streeft naar bescherming en bevordering van de publieke gezondheid, door de uitdagingen in het sociale domein te verbinden met de ontwikkelingen in het fysieke domein. Als wij door onze oogharen naar de Omgevingswet kijken, dan zien wij een kanteling in het ruimtelijk domein van sectoraal naar integraal denken en handelen met het belang van de burger centraal. De belangrijkste uitgangspunten van de omgevingswet zijn: minder regels, meer maatwerk, integraal beleid, meer ruimte voor de samenleving, werken vanuit vertrouwen, en decentralisatie van taken en bevoegdheden van het Rijk naar gemeenten. Dit stuurt op de volgende beweging: Regisserende overheid

Faciliterende overheid

De burger als afnemer

De vraag van de burger centraal

Toetsen op normen

Wegen op waarden

Sectoraal beleid

Integrale samenwerking

Rijksbeleid

Decentralisatie

‘One size fits all’

Maatwerk

Nee, mits

Ja, tenzij

In de regio Zuidoost-Brabant werken we nauw samen met de betrokken partijen in het Regionale Samenwerkingsverband Omgevingswet. In dit samenwerkingsverband werken de 21 gemeenten, de Veiligheidsregio BZO, de Omgevingsdienst ZOB, waterschappen, provincie en GGD samen aan de voorbereidingen voor de implementatie van de omgevingswet in 2021. We zien onze rol in de Omgevingswet als adviseur, pleitbezorger, informatieverschaffer en partner in vergunningverlening, waarbij de richtlijnen van het RIVM en de WHO leidend zijn. Vanuit het perspectief van gezondheid streven we naar een gezonde leefomgeving die positief bijdraagt aan het welzijn en gezondheid van onze inwoners.

5

2.3

Zorg voor mensen met verward, zorgwekkend of zorgmijdend gedrag

Op 1 januari 2020 is de nieuwe Wet Verplichte Geestelijke Gezondheidszorg (WvGGZ) in werking getreden. Iedereen, burgers én professionals, kan bij de gemeente melden dat een bepaald persoon mogelijk verplichte zorg nodig heeft. Het gaat dan specifiek over meldingen van mensen met niet-acuut verward gedrag. De GGD is in 2020 gestart met de meldfunctie op contractbasis voor 8 gemeenten: Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Nuenen, Son en Breugel, Oirschot, Heeze-Leende, Best en Cranendonck. Concreet betekent dit dat de GGD meldingen over mensen met niet-acuut verward gedrag aanneemt, de triage uitvoert, doorverwijst naar zorg of hulp, daar waar nodig een verkennend onderzoek start of een zorgmachtiging aanvraagt. De GGD neemt de coördinatie op zich voor het totale proces, inclusief het monitoren en opstellen van rapportages zodat een completer beeld kan worden verkregen van de aard en omvang van deze doelgroep. Het jaar 2020 was een overgangsjaar waarin ervaren en leren centraal stonden. Inmiddels is een professioneel team en een samenwerkingsnetwerk gevormd, een werkwijze ingeregeld en is het GGD meldpunt gekoppeld aan het landelijk telefoonnummer voor zorg aan verwarde personen. Vanaf 2021 worden de taken structureel. De GGD houdt de optie open om bovenstaande WVGGZ taken ook voor de andere gemeenten in de regio op contractbasis uit te voeren.

Door de meldfunctie krijgen we steeds meer overkoepelend zicht op vraagstukken op het gebied van openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ). Door met ketenpartners in gesprek te gaan en casuïstiek te behandelen en af te stemmen wordt inzichtelijk welke zorg verbeterd kan worden of ontbreekt. Hierin zien we in de complexe casussen met meervoudige problematiek veelal terug dat betrokken professionals vanuit verschillende domeinen de problematiek vaak vanuit hun eigen (specialistische) invalshoek benaderen. Er is soms een gebrek aan goede samenwerking en gezamenlijke verantwoordelijkheid. Ook speelt wet- en regelgeving en de marktwerking in de zorg en bijvoorbeeld lange wachtlijsten een rol en hebben de betrokken partijen niet altijd voldoende zicht op de mogelijkheden en de sociale kaart, de verantwoordelijkheden ten aanzien van de doelgroep en de wijze waarop het gehele proces is georganiseerd. Er is niet altijd voldoende aansluiting bij deze kwetsbare doelgroep met een brede en meervoudige ondersteuningsbehoefte. Dit vraagt om maatwerk (ook zonder hulpvraag) en outreachend werken. Er is behoefte aan een aanpak die domein overstijgend werkt, die de continuïteit waarborgt en waar men niet ophoudt waar de eigen verantwoordelijkheid stopt.

Een zorgvuldige overdracht (bijvoorbeeld naar wijkteams) na een afgesloten (verplichte) zorgtraject is eveneens van belang zodat benodigde vervolgzorg geboden kan worden en iemand niet uit het oog wordt verloren. Als antwoord op deze OGGZ-vraagstukken zien wij in de toekomst een belangrijke rol voor de GGD weggelegd. De GGD kan als brugfunctie optreden om de verschillende partijen uit het zorg- en veiligheidsdomein, met elk hun eigen belangen, culturen en werkwijzen met elkaar te verbinden.

6

Met als doel een verbeterde samenwerking tussen alle partijen en een eenduidige aanpak voor OGGZ-problematiek die zo hard nodig is. Als onderdeel hiervan verkennen we de mogelijkheden tot uitbreiding van het meldpunt zowel qua aantal gemeenten waarvoor we dit meldpunt in stand houden als qua taakstelling. We beogen een OGGZ team met een onafhankelijke positie en een brede aanstelling wat op verschillende fronten actief is om het vangnet te organiseren voor kwetsbare inwoners die tussen wal en schip vallen. Het gaat hierbij om mensen die zelf de weg naar passende ondersteuning niet kunnen vinden of niet de zorg en ondersteuning krijgen die ze nodig hebben.

2.4

Lokale preventie akkoorden

Eind 2018 is het Nationaal Preventieakkoord vastgesteld. Via dit akkoord beoogt het kabinet, samen met maatschappelijke partners, de gezondheid van alle Nederlanders te verbeteren. Het gaat daarbij om maatregelen die de leefstijl positief beïnvloeden en die met name roken, problematisch alcoholgebruik en overgewicht voorkómen en terugdringen. Door de coronacrisis is het belang van een gezond gewicht, in relatie tot herstelkansen na een infectie, nogmaals onderstreept. Ook drukt een lange periode van stress en beperkingen door het virus een stempel op het gedrag en het welzijn van mensen, en lopen zowel mentale als fysieke gezondheid risico. Beïnvloeding vindt enerzijds plaats via landelijke maatregelen zoals campagnes en wetgeving, anderzijds dient verbetering van de leefstijl in de lokale situatie te gebeuren. De VNG, als medeondertekenaar, onderschrijft het belang van de totstandkoming van lokale of regionale preventieakkoorden. Het is een kans voor gemeenten om, gezamenlijk met partijen en inwoners, de beweging te maken naar een gezonde en vitale samenleving. De VNG heeft dankzij subsidie van VWS een ondersteuningsstructuur voor gemeenten gecreëerd met tot 2021 mogelijkheden voor procesbegeleiding en vanaf 2021 tot 2023 jaarlijks een uitvoeringsbudget.

De GGD kan voor onze gemeenten een rol vervullen bij het tot stand komen (formateur) en uitvoeren van een lokaal preventieakkoord. Het is belangrijk om daarbij af te stemmen met het lokale sportakkoord. We hebben daarvoor relevante kennis en ervaring m.b.t. monitoring, leefstijlinterventies, lokale netwerken, burgerparticipatie en procesondersteuning. Vanaf 2019 geven we op regionaal niveau aandacht aan het preventieakkoord roken. We werken samen met verschillende organisaties, deze contacten zijn vervolgens een goede basis voor het regionaal uitvoeren van het preventieakkoord voor de thema’s problematisch alcoholgebruik en overgewicht. Op verzoek van gemeenten kunnen we daarbij een verbinding leggen met thema’s uit de landelijke nota gezondheidsbeleid: gezondheid in de sociale en fysieke leefomgeving, gezondheidsachterstanden verkleinen, druk op het dagelijks leven bij jongeren en jongvolwassenen en vitaal ouder worden. 2.5

Ontwikkelingen in de acute zorg

De ambulancezorg moet in de toekomst een antwoord kunnen blijven geven op de toenemende, veranderende en complexere vraag van de patiënt.

7

Deze ontwikkelingen en de consequenties daarvan, waaronder ook de toenemende logistieke problemen in de acute zorg, brengt ons tot de overtuiging dat de ambulancezorg nog meer onderdeel van de acute zorg moet worden. Daarnaast leven we in een no-risk maatschappij, waardoor er al snel bij enige twijfel toch een ambulance wordt ingezet. De keten stropt en we werken samen met onze partners aan een re-design van de acute zorg. Daarom werkt de sector op basis van het Nationaal Actieplan Ambulancezorg met de doelstelling dat de patiënt de juiste zorg, door de juiste zorgverlener, op het juiste moment, op de juiste plek krijgt. In het Nationale Actieplan Ambulancezorg zijn de volgende doelstellingen vastgelegd: -

Verbeteren van de responstijden voor spoedeisende ambulancezorg.

-

Zorgdragen voor efficiëntere inzet van spoedeisende en planbare ambulancezorg: ambulancezorg waar het echt moet, andere zorg waar dat kan.

-

Het expliciteren van kwaliteitseisen waaraan de ambulancezorg moet voldoen.

-

Zorg dragen voor voldoende ambulancezorgprofessionals, die zijn toegerust voor het belangrijke werk dat zij doen.

Voor de ambulancesector leidt dit tot twee kernthema’s: zorgcoördinatie en optimalisatie. Zorgcoördinatie is het gezamenlijk organiseren en coördineren van de acute zorg op regionale schaal, samen met de andere aanbieders in de acute zorg zoals de ziekenhuizen. Onderwerpen die horen bij zorgcoördinatie zijn onder andere de ketenkwaliteit, introductie en toepassing van nieuwe technologische mogelijkheden, een gezamenlijke benadering van de arbeidsmarktproblematiek binnen de acute zorg en samen opleiden. We blijven eveneens continu werken aan efficiëntere inzet van spoedeisende en planbare ambulancezorg ter verbetering van de operationele prestaties, die door de hoge werkdruk, de toenemende zorgvraag en de krapte op de arbeidsmarkt onder druk staan. Om deze ambitie te verwezenlijken zullen we programmatisch werken aan meer ambulances op straat, uitbreiding van personeel conform het Spreidings- en Beschikbaarheidsplan, het blijven voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen en het behoud van patiënttevredenheid. Inmiddels zijn alle strategisch gelegen ambulanceposten en steunpunten volgens het vastgestelde spreidingsplan in gebruik genomen en de effecten hiervan op de operationele prestaties zijn reeds zichtbaar.

Samen met de gemeenten waar de aanrijdtijden onder de veldnorm liggen gaan we aanvullende maatregelen bedenken, waarbij we ook kijken naar de inzet van first responders, inzet ambulances vanuit andere regio’s en de lokale beschikbaarheid van AED’s en burgerhulpverleners.

8

3. De bestuursopdracht aan de GGD Naar een wendbare en financieel gezonde GGD Het algemeen bestuur van de GGD heeft in 2018 aan de directeur van de GGD een bestuursopdracht gegeven om te komen tot een stabiele en wendbare organisatie. Aanleiding waren de zorgen bij de GGD en haar regiogemeenten over de financiën en de bedrijfsvoering van de GGD Brabant-Zuidoost. Deze zorgen kwamen tot uiting in de zienswijzen die gemeenten hebben ingediend op de ontwerpbegroting 2019. De bestuursopdracht is uitgewerkt en medio 2019 heeft het Algemeen Bestuur van de GGD ermee ingestemd. Belangrijkste onderdelen van de uitwerking zijn de integratie van JGZ 0-4 binnen de GGD, van een drielagen naar een tweelagen structuur, implementatie van Lean principes en zelforganisatie en het verbeteren van de bedrijfsvoering van de GGD. Dit veranderingsproces is een meerjarig proces. Door de Coronacrisis is er vertraging opgetreden in het veranderingsproces, met name in de verbetering van de bedrijfsvoering, implementatie van Lean en de transformatie naar een tweelagenstructuur en zelforganisatie. In het integratieproces JGZ is wel voortgang geboekt en de ambitie om per 1.1.2021 de taken, mensen en middelen JGZ 0–4 van ZuidZorg en Zorgboog over te nemen wordt gehaald. De verbeteracties m.b.t. bedrijfsvoering en de veranderingen in de structuur en werkwijzen worden in 2021 voortvarend opgepakt.

De GGD hoopt met de bestuursopdracht ruimte vrij te maken voor ontwikkeling en de weerstandpositie te versterken. De exacte invulling en aanwending hiervan wordt jaarlijks in het GGD bestuur vastgesteld.

Een doorlopende lijn in de jeugdgezondheidszorg Vanaf 1.1.2021 is de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) voor 0–4 jarigen bij de GGD ondergebracht, zodat er sprake is van een doorlopende lijn JGZ voor 0–18 jarigen. Mensen, taken en middelen zijn van ZuidZorg en Zorgboog overgenomen. Ook de huurovereenkomsten m.b.t. de consultatiebureaus zijn overgenomen. In 2021 gaat de GGD in samenwerking met de 21 gemeenten een nieuw spreidingsplan maken voor de consultatiebureaus, waarbij we deze willen transformeren naar lokale werk- en ontmoetingslocaties voor de JGZ 0–18 jaar. We denken hiermee efficiencywinst te kunnen behalen. We werken vanuit de volgende toekomstvisie op JGZ: ieder kind heeft het recht op te groeien in een veilige en stimulerende omgeving die het mogelijk maakt dat het kind zich optimaal ontwikkelt. Onze missie is het bevorderen van ontwikkelingskansen, zodat alle kinderen veilig en gezond kunnen opgroeien. Hierbij geven we extra aandacht aan gezinnen waarvoor dat niet vanzelfsprekend is. Ieder kind krijgt de aandacht die het nodig heeft.

9

Ouders zijn de eerstverantwoordelijken voor de opvoeding van het kind. JGZ ondersteunt, samen met de ketenpartners, waar nodig, kind en ouders van voor de geboorte tot volwassenheid. De JGZ professional staat naast de ouder en sluit aan op hun eigen kracht. We leveren zorg op maat: de juiste zorg naar de juiste gezinnen. Door ons grote bereik en de hoge klantwaardering zijn we als JGZ de aangewezen partij om te ontzorgen; demedicaliseren en normaliseren. Het bieden van zorg op maat vraagt om zelfverzekerde, krachtige professionals die kunnen differentiëren: loslaten waar dat kan en ondersteuning bieden of doortastend optreden als het nodig is. De belangrijkste eigenschappen van onze professionals zijn: flexibiliteit, klantgerichtheid, professionaliteit en zelfstandigheid. Als organisatie vertrouwen we op de professionals en geven hen ruimte. Om te zorgen dat we blijven aansluiten bij de ouders en jongeren zijn wij voortdurend bezig met (door)ontwikkelen van onze diensten. Dit doen we samen met de klant volgens principes van Service Design. We maken meer en meer gebruik van de digitale mogelijkheden en we wisselen de goede werkwijzen uit met andere JGZ-organisaties. We werken lokaal en stimuleren publieke gezondheid - public health. We willen nog meer dan we nu al doen insteken op collectieve preventie naast individuele preventie.

We richten ons op het bevorderen van de sociale cohesie en stimuleren van de samenkracht van ouders en jongeren. We willen het lokale opvoedklimaat versterken en inspelen op de omgeving. Hierbij geven we extra aandacht aan wijken die die nodig hebben (lage ses-wijken). We geven daarnaast advies over lokaal gezondheidsbeleid en we signaleren leemtes in het ondersteuningsaanbod. Vanuit onze centrale positie hebben we als JGZ verbindingen met 4 domeinen: -

het medisch domein (1e en 2e lijn gezondheidszorg)

-

het zorg- en veiligheidsdomein (o.a. Veilig Thuis en de Raad voor Kinderbescherming)

-

het onderwijsdomein (reguliere en speciale kinderopvang en (voor)scholen))

-

het sociaal domein (sociale wijkteams en geïndiceerde jeugdzorg)

Ook werken we samen met partners uit de directe omgeving van kind en gezin vrijwilligers/nuldelijn/ouders onderling. Onze insteek is één gezin één plan. Door onze brede sociaal/medische kennis zijn wij de aangewezen partij om te signaleren welke gezinnen extra ondersteuning nodig hebben. Met onze (maatwerk)producten kunnen wij deze ondersteuning soms direct zelf bieden, in andere gevallen zorgen wij voor een adequate verwijzing. We schalen alleen op als het nodig is en schalen af als dat mogelijk is. -

Voor ouder en kind betekent dit snelle en laagdrempelige hulp .

-

Voor gemeenten betekent dit de juiste hulp aan de juiste gezinnen (we stemmen af met sociale wijkteams zodat zorgvragen op de juiste plek worden opgepakt).

10

Daarbij voorkomt preventie hoge kosten vanuit de Jeugdwet. We werken vanuit het concept positieve gezondheid. Hierin staat niet ziekte centraal maar (gezondheids)vermogens. De nadruk ligt op veerkracht, eigen regie en het aanpassingsvermogen van de mens. De JGZ zet zich in om gezondheidsverschillen te verkleinen door de landelijke JGZ Preventieagenda te volgen. Hiermee werken we samen met partners aan grote maatschappelijke uitdagingen zoals kindermishandeling, schoolverzuim en armoede. Verbetering van de bedrijfsvoering van de GGD De afgelopen jaren is onder druk van bezuinigingen bij gemeenten de begroting van de GGD op een minimum niveau uitgekomen. Dit betekende dat alleen bestaande operationele zorgactiviteiten konden blijven uitgevoerd. De financiële situatie van de GGD was en is nog steeds kwetsbaar, zowel wat betreft de reguliere exploitatie als het weerstandsvermogen. Hierdoor kon de GGD niet meer adequaat inspelen op ontwikkelingen op het gebied van publieke gezondheid in en voor gemeenten. Om hier verbetering in aan te brengen heeft de directeur samen het Dagelijks Bestuur een aantal maatregelen opgesteld. Ten eerste geeft de directeur uitvoering aan het plan om de bedrijfsvoering van de organisatie op orde te krijgen. Ten tweede gaat de GGD aan de slag met het uitbreiden van het aantal taken die ze kan aanbieden.

Ten derde is het ‘up to date’ brengen van de inwonerbijdrage. In het verleden werd geen rekening gehouden met de ontwikkeling van de inwoneraantallen bij de bepaling van de totale begroting van de GGD. Dit wordt vanaf 2021 (naast de indexering) wel meegenomen. Voor de uitvoering van de bestuursopdracht hebben onze gemeenten in 2020 aan de GGD een eenmalige kapitaalinjectie van € 1,- per inwoner (ca. € 750.000) gegeven. M.i.v. 2021 staat daar een structurele verlaging van de inwonerbijdrage van € 0,20 per inwoner tegenover. Met deze incidentele impuls kan de GGD het HRM instrumentarium en begeleiding naar zelforganisatie financieren en de informatie huishouding optimaliseren, LEAN prestatiedoorbraken faciliteren en operationele en bestuurlijke management rapportages opleveren.

4. Financieel meerjarenperspectief Inleiding De wettelijke en overige gezamenlijke taken die de GGD in opdracht van de gemeenten uitvoert worden hoofdzakelijk gefinancierd op basis van een bijdrage per inwoner. De nieuwe taak JGZ 0-4 per 2021 wordt gefinancierd op basis van een bedrag per kind. Naast deze taken voert de GGD ook contracttaken voor de individuele gemeenten uit. Deze taken liggen altijd in het verlengde van de wettelijke taken. Daarnaast worden ook nog contracttaken uitgevoerd voor derden, zoals andere overheden, instellingen, zorgverzekeraars, bedrijven of particulieren. Beide contracttaken worden verricht tegen een kostprijs-dekkend tarief.

11

De GGD onderscheidt binnen haar exploitatie, naast de overhead, 2 programma’s: Publieke Gezondheid (PG) en Ambulancezorg (AZ). Beide programma’s kennen een volledig gescheiden financiering, verantwoording en dito kaders. Gezamenlijke overhead wordt over beiden verdeeld. Algemene kostenontwikkeling PG Omdat de GGD een door gemeenten opgerichte gemeenschappelijke regeling is, is ook integraal de gemeentelijke CAO van toepassing. Met ingang van 2020 sluit de GGD zich aan bij de Cao SGO (Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties), die Cao is inhoudelijk zoveel mogelijk identiek aan de Cao gemeenten. Hiermee staan dan de kaders voor de ontwikkeling van de personele kosten (ca. 70% van het totaal) vast. De huidige cao-afspraken gelden nog tot en met december 2020, en de kosten daarvan passen binnen de reguliere indexering. De cao-ontwikkeling vanaf 2021 valt nu nog niet te voorspellen, wel is de verwachting dat de ABPpremie per 1-1-2021 opnieuw verhoogd gaat worden. Of de loonkostenontwikkeling (zowel in 2021 als 2022) binnen de beschikbare indexering kan worden gedekt, is daarmee nog erg onzeker. Investeringen (en daarmee de kapitaallasten) hebben een redelijk constant ritme en leiden niet tot grote verschuivingen in de jaarlijkse exploitatiekosten.

Voor de overige materiële kosten wordt in de begroting in het algemeen de indexering gehanteerd zoals ook bij de berekening van de gemeentelijke bijdrage wordt toegepast; en deze is gemiddeld genomen voldoende.

Programma Ambulancezorg (AZ). Ambulancezorg wordt nagenoeg volledig gefinancierd uit de premie-middelen via zorgverzekeraars. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft ten aanzien van die financiering een toetsende en toezichthoudende rol. AZ kent een eigen cao die door de koepelorganisatie Ambulancezorg Nederland (AZN) met de bonden wordt overeengekomen. De indexering van de budgetvergoeding komt over het algemeen overeen met de salariskostenontwikkeling, welke de afgelopen jaren overigens aanzienlijk is geweest. Jaarlijks wordt over de hoogte van het budget met zorgverzekeraars onderhandeld, hetgeen in een constructieve sfeer plaatsvindt. Bij een aanzienlijke mutatie in het aantal ritten wijzigt dit budget; er is al jaren sprake van een stijging. Naast de directe personele kosten (ca. 60% van de totale kosten) brengt de Functioneel Levensloop Ontslag (FLO)-regeling een aanzienlijk bedrag aan personele kosten (momenteel ca. € 1,2 miljoen) met zich mee. Het ministerie van VWS vergoedt middels een subsidieregeling 95% van deze kosten. Omvangrijke materiële kostencomponenten betreffen autokosten, huisvesting, medische verbruiksartikelen en ICT- en verbindingsvoorzieningen. De geplande uitbreiding in formatie en auto’s, wijziging van locaties en andere verbeteracties volgens het meerjaren-verbeterplan brengen de nodige meerkosten met zich mee.

Zorgverzekeraars hebben ingestemd met de financiering van deze kosten. Het plan zou oorspronkelijk tot eind 2019 lopen, maar de laatste locatiewijziging is pas eind 2020 gerealiseerd; de uitbreiding van de formatie verloopt nog steeds moeizaam als gevolg van de arbeidsmarktkrapte.

12

We zien echter ook mogelijkheden die een positieve bijdrage leveren aan onze paraatheid door het frequenter en langer inzetten van de zorgambulance en betere triage, zodat ook zonder uitbreiding van mensen we efficiënter kunnen werken. Hierover vindt nadrukkelijk frequent afstemming met zorgverzekeraars plaats. Programma Publieke Gezondheid Gemeentelijke bijdrage voor het gezamenlijke takenpakket Op voorstel van de ‘werkgroep 4GR’ bestaande uit de concerncontroller van Eindhoven, de gemeentesecretaris van Son en Breugel en de controllers van de vier gemeenschappelijke regelingen is de wijze van indexering voor de 4 GR’en met ingang van de begroting 2018 gelijkgetrokken. Voortaan wordt de Macro Economisch Verkenning van het Centraal Plan Bureau in september gehanteerd. Voor 2022 resulteert de indexeringsmethodiek voor de GGD in de volgende index-berekening: Loon 70% * 1,8% = 1,26% Prijs 30% * 1,5% = 0,45% Totaal index 2022:

1,71%

In het kader van de uitwerking van de bestuursopdracht is o.a. besloten om met ingang van 2021 de mutatie in het aantal inwoners voortaan weer mee te nemen bij de berekening van de gemeentelijke inwonerbijdrage. Ook is daarbij besloten om in 2020 een eenmalige bijdrage van € 1,- per inwoner toe te kennen voor de noodzakelijke verbetering van de bedrijfsvoering, waarna de inwonerbijdrage vanaf 2021 dan met € 0,20 structureel verlaagd wordt; deze verlaging is reeds bij de begroting 2021 in de inwonerbijdrage verwerkt. Integrale JGZ Met ingang van 2021 neemt de GGD de taak Jeugdgezondheidszorg 0-4-jarigen in onze regio over van ZuidZorg en Zorgboog. Afgesproken is dat vooralsnog dezelfde basisvergoeding, zoals nu aan ZuidZorg en Zorgboog wordt vergoed (ca. 12 miljoen), aan de GGD zal worden toegekend; zijnde een bedrag per kind met nacalculatie op het werkelijke aantal kinderen. Het inbesteden van deze taken bij de GGD verloopt voor gemeenten dus budgetneutraal. Er is nu nog sprake van verschillen in bijdragen en dienstverlening tussen gemeenten, afgesproken is om per 2023 zowel op inhoud als op de bijdrage voor de basistaak te gaan harmoniseren. In onderstaande indicatieve tabel is deze harmonisatie per 2023 overigens nog niet meegenomen, omdat de uitwerking daarvan ook nog niet bekend is.

In 2021 gaan we onderzoeken of het mogelijk is dat Vroeghulp een basistaak voor alle 21 gemeenten wordt op basis van een bedrag per kind/inwoner.

13

Momenteel is Vroeghulp een maatwerktaak die door de JGZ organisaties voor diverse gemeenten in Zuidoost-Brabant wordt uitgevoerd. Via Vroeghulp krijgen ouders van jonge kinderen met onduidelijke of complexe problematiek multidisciplinair advies vanuit de Vroeghulpteams. Hiermee vinden zij snel de weg naar de juiste hulp. Vroege herkenning van problemen bij deze jonge kinderen verlaagt de zorgkosten op de langere termijn, maar voorkomt bovenal een moeilijke zoektocht van bezorgde ouders. Sinds 2017 is Vroeghulp Zuidoost-Brabant alleen toegankelijk met een verwijzing van een arts of een gemeentelijk wijkteam en in een aantal gemeenten hebben de wijkteams de rol van trajectbegeleider overgenomen. Bijna 3 jaar verder komen wij tot de conclusie dat de nieuwe werkwijze Vroeghulp geen recht doet. Er is sprake van terugloop van het aantal aanmeldingen, er ontstaan wachtlijsten, de kwaliteit van de trajectbegeleiding vanuit de gemeente is wisselend en eenduidige communicatie over Vroeghulp is onmogelijk. Het dagelijks bestuur (JGZ-organisaties in Zuidoost-Brabant) van het Netwerk Vroeghulp ziet geen toekomst in voortzetting van de huidige situatie. De leden (meer dan 20 professionele organisaties in de regio) van het Netwerk Vroeghulp zijn echter nog steeds doordrongen van de meerwaarde van Vroeghulp.

Zij zijn bereid dit te blijven bieden in de regio Zuidoost-Brabant, mits de gemeenten instemmen met een eenduidige en bij het lokaal jeugddomein aansluitende werkwijze, die recht doet aan de doelstellingen van Vroeghulp. Vroeghulp moet terug naar de kern: laagdrempelige toeleiding, snelle toegankelijkheid en eenduidige goede trajectbegeleiding. Mocht er voldoende draagvlak zijn bij de 21 gemeenten dan nemen we Vroeghulp als basistaak mee in de conceptbegroting 2022 van de GGD. Een indicatie voor de kosten: maximaal ca. € 100.000,- per jaar voor 100 Vroeghulptrajecten.

Indicatie inwonersbijdrage 2022 – 2025 Op basis van hiervoor genoemde uitgangspunten zal de gemeentelijke bijdrage voor de komende 4 jaren zich naar verwachting als volgt ontwikkelen: Overzicht indicatieve ontwikkeling gem eentelijke bijdragen basistaken 2022- 2025 2022 2023 #inwoners (aanname + 0,4%/jaar) *

783.736

gemeent. bijdr. p/inwoner progr begr '21

€ 16,982

index (aanname 2023 e.v. 2%/jaar)

786.871

2024

2025

790.019

793.179

€ 0,290

€ 0,345

€ 0,352

€ 0,359

bedrag per inwoner gez. taken

€ 17,272

€ 17,618

€ 17,970

€ 18,330

gem bijdr pubercontactmoment prog begr '21

€ 689.730

index (aanname 2023 e.v. 2%/jaar)

€ 11.794

€ 14.030

€ 14.311

€ 14.597

€ 701.525

€ 715.555

€ 729.866

€ 744.464

Bijdr JGZ 0 -4 per kind v/h Zuidzorg progr begr '21 index (aanname 2023 e.v. 2%/jaar) gem eent. Bijdr. JGZ 0 - 4 per kind v/h Zuidzorg

€ 425,13 € 7,27 € 432,40

€ 8,65 € 441,04

€ 8,82 € 449,86

€ 9,00 € 458,86

Bijdr JGZ 0 -4 per kind v/h Zorgboog progr begr '21 index (aanname 2023 e.v. 2%/jaar) gem eent. Bijdr. JGZ 0 - 4 per kind v/h Zorgboog

€ 406,87 € 6,96 € 413,83

€ 8,28 € 422,11

€ 8,44 € 430,55

€ 8,61 € 439,16

gem eent. bijdr. Pubercontactm om ent **

* bij het opstellen van de begroting 2022 zal het dan bekende #inwoners per 1-1-2021 worden gehanteerd ** het pubercontactmoment wordt niet middels een bedrag per inwoner gefinancieerd maar obv van de verdeelsleutel die het ministerie van VWS hanteerde bij de verdeling in het gemeentefonds

14

In bijlage 2 wordt de geraamde berekening per gemeente weergegeven, uitgaande van een gelijke stijging van het inwoneraantal per gemeente. Uitbreiding van het Rijksvaccinatie programma en prenatale screening In 2020 heeft er een uitbreiding plaats gevonden van het Rijksvaccinatieprogramma (meningococcen vaccinatie), gefinancierd door het RIVM die vanaf 2021 via het gemeentefonds gaat lopen. Ook in 2022 vindt een nieuwe uitbreiding/verandering plaats: het HPV-vaccin komt dan beschikbaar voor jongens (nu alleen voor meisjes van 12/13 jaar) en worden kinderen eerder tegen HPV gevaccineerd, namelijk als ze 9 jaar oud zijn. Vanwege Corona is de invoering hiervan, die eerder in 2021 was voorzien, a.g.v. Corona met een jaar uitgesteld. Jongeren die het vaccin hebben gemist, krijgen nog een keer de kans om de prik in te halen wanneer ze 14 of tussen de 16 en 17 jaar oud zijn. De uitbreiding wordt, conform eerdere werkwijze, gefinancierd middels het gemeentefonds. Exacte bedragen zijn echter nog niet bekend. Hetzelfde geldt voor een taakuitbreiding inzake Prenataal Huisbezoek. Gemeenten ontvangen ook hiervoor van het Rijk aanvullende financiering. Voor beiden geldt dat zodra exacte bedragen inzichtelijk zijn er een begrotingswijziging met aanpassing van de inwonerbijdrage voor een zienswijze aan gemeenten zal worden voorgelegd op basis van een realistische kostenraming.

Seksuele gezondheid De GGD wordt al jaren vanuit een Rijkssubsidie gefinancierd voor haar activiteiten m.b.t. seksuele gezondheid. Het gaat hierbij om het voorkomen van overdracht van seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA’s) door middel van collectieve preventie en individuele consultatie. Het gaat hierbij om doelgroepen die grotere risico’s lopen zoals jongeren, mannen die seks hebben met mannen en sekswerkers. Het Rijk heeft eerder al aangegeven dat zij de financiering van deze activiteiten via het gemeentefonds wil laten lopen. Naar verwachting gaat dat vanaf 2022 plaatsvinden. Zodra hierover meer bekend is zal de GGD een begrotingswijziging met aanpassing van de inwonerbijdrage voor een zienswijze aan gemeenten voorleggen op basis van een realistische kostenraming. Contracttaken gemeenten Naast het gezamenlijke takenpakket voert de GGD contracttaken voor de gemeenten uit, op dit moment voor in totaal ca. 3 miljoen, waarvan ca. 1 miljoen betrekking heeft op JGZ 0-4. Deze taken liggen in het verlengde van de wettelijke taken. De uitvoering van deze taken wordt met de individuele gemeenten afzonderlijk contractueel vastgelegd.

We verwachten dat onze gemeenten extra inzet van de GGD gaan vragen bij hun voorbereidingen op de invoering van de omgevingswet, de transities in het kader van de WMO en de Jeugdwet, de WvGGZ en de lokale preventie akkoorden en daarbij inbesteding verkiezen boven uitbesteding. Het effect hiervan op de omzet in contracttaken laat zich momenteel moeilijk inschatten. In de begroting 2022 zal een voorzichtige raming hiervan worden opgenomen.

15

In 2020 is gestart met activiteiten voor 8 gemeenten in het kader van de WVGGZ; in de begroting 2022 gaan we er vooralsnog vanuit dat deze in minimaal dezelfde omvang (ca. € 500.000) zal worden gecontinueerd. Bij inbesteding van iJGZ zal ook het grootste deel van de gemeentelijke contracttaken 0-4 van beide organisaties overgenomen worden (ca. 1 miljoen). Hiervan zal een schatting worden opgenomen. Overige bijdragen gemeenten Naast de gezamenlijke bijdrage per inwoner en de contracttaken betalen gemeenten in onze regio ook nog algemene bijdragen, veelal ter dekking van uit historisch perspectief veroorzaakte kosten en/of afbouw van dergelijke algemene kosten. Deze niet direct aan de uitvoerende taken gerelateerde kosten zijn inmiddels maximaal beperkt en de bijdragen daarvoor zijn daarom ook steeds verder teruggelopen. Er resteert alleen nog de structurele genormeerde bijdrage van Helmond en Eindhoven voor het gebruik van JGZonderzoeklocaties in de beide hoofdgebouwen en de fusie-bijdrage van Eindhoven voor de uitloopschalen; dit laatste betreft een langjarige verplichting die nog slechts geleidelijk afneemt. Contracttaken derden Naast de diverse bijdragen en vergoedingen van gemeenten ontvangt de GGD ook van derden bijdragen en vergoedingen voor dienstverlening, in totaal ca. € 3,5 miljoen. De in omvang belangrijkste structurele taken in dezen zijn Reizigerszorg (ca.

€ 1,25 miljoen hoofdzakelijk particulieren), bijdragen Rijk voor SOA-bestrijding (ca. € 0,9 miljoen), Forensische diensten politie (ca. € 200.000) en Publieke Gezondheid Asielzoekers (ca. € 300.000).

Deze taken worden in principe uitgevoerd tegen kostprijs en leveren zo, gezien de omvang, een belangrijke bijdrage aan de dekking van de overhead; waardoor ook een kwalitatief betere ondersteuning van de organisatie als geheel kan worden gerealiseerd. Maar dit betekent anderzijds natuurlijk ook een potentieel financieel risico in het geval dat deze inkomsten substantieel terug zouden lopen. De landelijke politie lijkt nog steeds de forensische dienstverlening te willen gaan aanbesteden, waarbij dan het risico bestaat dat hierbij het deel arrestantenzorg niet aan de GGD wordt gegund. Iets dergelijks geldt ook voor dienstverlening aan het COA voor PG Asielzoekers. Uitkomst van beide is echter nog erg ongewis. Of de eerder verwachte omzettoename voor met name reizigerszorg, zoals ook is opgenomen in de uitwerking van de bestuursopdracht, in 2022 gerealiseerd kan gaan worden is nu vanwege Corona erg onzeker.

16

Weerstandsvermogen en risico’s In het najaar van 2017 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de beleidsnotitie Kaders P&Cdocumenten 4GR, deel 2. Hierin zijn o.a. kaders vastgesteld voor de hoogte van de Algemene Reserve, zijnde het weerstandsvermogen van de organisatie. Eerder heeft het bestuur besloten dat, gegeven de financieringsstructuur, voor de beide programma’s Publieke Gezondheid en Ambulancezorg afzonderlijke algemene reserves worden aangehouden. In de beleidsnotitie 4GR wordt voor beide programma’s een kader stellende bandbreedte vastgesteld die gerelateerd is aan de omzet. Het wordt daarbij echter aan het Algemeen Bestuur van de Verbonden Partij overgelaten of die bandbreedte volledig wordt ingevuld, aangezien dit organisatie-specifiek is. Om risico's te beheersen wordt door de GGD BZO actief risicomanagement ontwikkeld. Bij de voortgangs-verantwoordingen wordt nadrukkelijk stil gestaan bij de ontwikkeling en ontstaan van relevante risico's, en welke maatregelen genomen moeten worden om deze risico's te beperken. Daarnaast is het risicomanagement een belangrijk element in het HKZ-certificeringsschema. Bij de aanbieding van de concept-programmabegroting wordt aan het AB jaarlijks ook een actuele financiële risico-inventarisatie voorgelegd. In 2020 zal een onttrekking gedaan worden aan de Algemene Reserve PG voor de uitwerking van de bestuursopdracht, m.n. i.v.m.

projectkosten voor de integratie van JGZ 0-4, waardoor deze naar verwachting nagenoeg uitgeput zal zijn. Doelstelling m.b.t. de kosten van de bestuursopdracht is echter dat deze zich vanaf 2021 gaan terugverdienen en de reserve dan dus weer aangevuld wordt; met name de inbesteding van iJGZ moet leiden tot ruimte om de reserve aan te kunnen vullen. Volgens de staffel uit de 4GR-notitie is, gezien de omzet PG van ca. € 35 miljoen, voor de Algemene Reserve PG een minimum van € 1.500.000 en maximum van € 2.000.000 van toepassing. Het zal dus nog een aantal jaren duren voordat het gewenste minimum niveau is bereikt. De Algemene Reserve AZ bedraagt einde 2020 naar verwachting € 1.200.000,-. Hierin wordt over 2020 en 2021 geen noemenswaardige mutatie verwacht. Vanaf 2019 is er bij het programma AZ, met name als gevolg van de overgang van de MKA naar de GGD, een toename van de omzet naar ca. € 25 miljoen. Volgens de staffel uit de 4GR-notitie is dan voor de Algemene Reserve AZ een minimum van € 1.200.000 en maximum van € 1.500.000 van toepassing; gezien de huidige stand van die reserve en de omvang van de risico’s is dat nog passend.

17

Bijlage 1 Kerntaken GGD Pijler/taak

Wettelijke taak?

Verplicht bij GGD

Gemeenschappelijke taak?

Wettelijke basis

beleggen? Monitoren, signaleren en adviseren -

Procesbegeleiding bij en uitvoering van lokaal

N

N

J

-

gezondheidsbeleid. -

Gezondheid monitors

J

J

J

Wet PG

-

Regionale Volksgezondheid Toekomst Verkenning

J

J

J

Wet PG

-

Maatwerkonderzoek

N

N

J

-

-

Preventieprogramma’s

J

J

J

Wet PG

Uitvoerende taken gezondheidsbescherming -

Algemene infectieziekten bestrijding

J

J

J

Wet PG

-

TBC-bestrijding

J

J

J

Wet PG

-

SOA bestrijding

J

J

J

Wet PG

-

Medisch-milieukundige zorg

J

J

J

Wet PG

-

Technische Hygiënezorg

J

J

J

Wet PG

-

Reizigerszorg

N

N

N

-

-

Rijksvaccinatieprogramma (0–18 jarigen)

J

J

J

Wet PG

18

Publieke gezondheid bij rampen en crises -

GGD Crisisteam en crisisplan .

J

J

J

Wet PG/Wet Toelating

-

Het leveren van sleutelfunctionarissen voor GHOR-

J

N

J

zorginstellingen

functies -

Psychosociale hulpverlening bij ingrijpende

Wet op de J

J

J

gebeurtenissen

Veiligheidsregio’s Wet PG

Toezicht houden -

Toezicht op Kinderopvang & peuterspeelzalen

J

J

N

Wet kinderopvang

-

Toezicht op tattoo- & piercingshops

J

N

N

Voeding- en Warenwet

-

Toezicht op WMO voorzieningen

J

N

N

WMO

-

Toezicht op evenementen

N

N

J

Wet PG

J

N

J

Wet PG

J

N

N

Tijdelijke Wet

Jeugdgezondheidszorg 0-18 jaar -

Basistaken

-

Maatwerktaken (op contractbasis)

Ambulancezorg

Ambulancezorg Aanvullende taken publieke gezondheid -

Lijkschouwingen

J

N

J

Wet Lijkbezorging

-

Afgeven van euthanasieverklaringen

J

N

J

Euthanasiewet

-

Forensische diensten

N

N

N

-

-

Publieke Gezondheid asielzoekers

N

N

N

-

-

Uitvoeren taken WVGGZ

J

N

N

WVGGZ

-

Wijk GGD’er

N

N

N

-

-

Overige contracttaken

N

N

N

-

19

Bijlage 2 Indicatieve ontwikkeling gemeentelijke bijdragen gezamenlijk takenpakket # kinderen #inwoners #inwoners #inwoners #inwoners 0-4 *) 2022 2023 2024 2025 Gemeente 1-1-2021 1-1-2022 1-1-2023 1-1-2024 1-1-2020 € 17,272 pcm 0-4 * totaal € 17,618 pcm 0-4 * totaal € 17,970 pcm 0-4 * totaal € 18,330 pcm 0-4 * totaal Asten 16.795 16.862 16.930 16.997 601 290.088 15.033 248.711 553.833 297.074 15.334 253.685 566.093 304.227 15.641 258.759 578.627 311.553 15.953 263.934 591.440 Bergeijk 18.738 18.813 18.888 18.963 627 323.644 16.772 269.335 609.751 331.437 17.108 274.722 623.267 339.418 17.450 280.216 637.084 347.592 17.799 285.821 651.211 Best 30.088 30.208 30.329 30.450 1.086 519.690 26.932 469.582 1.016.203 532.204 27.470 478.973 1.038.647 545.019 28.020 488.553 1.061.592 558.143 28.580 498.324 1.085.047 Bladel 20.483 20.565 20.647 20.729 725 353.784 18.334 313.487 685.604 362.303 18.701 319.757 700.760 371.027 19.075 326.152 716.253 379.961 19.456 332.675 732.092 Cranendonck 21.203 21.288 21.373 21.459 726 366.235 18.979 313.919 699.133 375.054 19.359 320.198 714.610 384.085 19.746 326.602 730.433 393.334 20.141 333.134 746.608 Deurne 32.587 32.717 32.848 32.979 1.247 562.852 29.169 516.044 1.108.065 576.406 29.752 526.365 1.132.523 590.286 30.347 536.893 1.157.525 604.500 30.954 547.630 1.183.084 Eersel 19.354 19.432 19.509 19.587 704 334.292 17.324 304.407 656.022 342.341

17.670 310.495 670.507 350.585 18.024 316.705 685.313 359.027 18.384 323.039 700.450 Eindhoven 235.463 236.405 237.351 238.300 8.806 4.067.011 210.764 3.737.211 8.014.986 4.164.945 214.979 3.811.955 8.191.879 4.265.237 219.279 3.888.195 8.372.710 4.367.943 223.664 3.965.958 8.557.566 Geldrop-Mierlo 39.902 40.062 40.222 40.383 1.474 689.203 35.716 608.528 1.333.447 705.799 36.431 620.699 1.362.928 722.794 37.159 633.113 1.393.066 740.199 37.903 645.775 1.423.877 Gemert-Bakel 30.829 30.952 31.076 31.200 1.220 532.488 27.595 504.871 1.064.954 545.310 28.147 514.968 1.088.425 558.441 28.710 525.268 1.112.419 571.888 29.284 535.773 1.136.945 Heeze-Leende 16.190 16.254 16.319 16.385 568 279.631 14.491 237.369 531.491 286.365 14.781 242.116 543.262 293.261 15.077 246.958 555.296 300.322 15.378 251.898 567.598 Helmond 92.788 93.159 93.531 93.906 3.627 1.602.665 83.055 1.500.957 3.186.676 1.641.257 84.716 1.530.976 3.256.949 1.680.779 86.410 1.561.595 3.328.784 1.721.252 88.138 1.592.827 3.402.217 Laarbeek 22.588 22.678 22.769 22.860 789 390.149 20.219 326.511 736.878 399.543 20.623 333.041 753.207 409.164 21.035 339.702 769.902 419.017 21.456 346.496 786.969 Nuenen 23.470 23.563 23.658 23.752 886 405.374 21.008 383.103 809.485 415.136 21.428 390.765 827.328 425.132 21.856 398.580 845.569 435.370 22.293 406.551 864.215 Oirschot 18.813 18.888 18.964 19.040 642 324.945 16.840 277.598

619.382 332.769 17.176 283.150 633.096 340.782 17.520 288.813 647.115 348.988 17.870 294.589 661.448 Reusel-De Mrdn 13.162 13.215 13.268 13.321 569 227.347 11.782 246.033 485.162 232.821 12.017 250.954 495.793 238.428 12.258 255.973 506.658 244.169 12.503 261.092 517.764 Someren 19.473 19.550 19.629 19.707 783 336.338 17.430 324.028 677.796 344.437 17.779 330.508 692.724 352.731 18.134 337.119 707.984 361.225 18.497 343.861 723.583 Son en Breugel 17.348 17.418 17.487 17.557 692 299.643 15.528 299.218 614.390 306.859 15.839 305.202 627.900 314.248 16.156 311.306 641.710 321.815 16.479 317.532 655.826 Valkenswaard 31.277 31.402 31.527 31.653 1.070 540.222 27.996 450.400 1.018.618 553.230 28.556 459.408 1.041.194 566.552 29.127 468.596 1.064.275 580.195 29.709 477.968 1.087.872 Veldhoven 45.663 45.846 46.029 46.213 1.662 788.708 40.873 718.642 1.548.223 807.700 41.690 733.014 1.582.405 827.149 42.524 747.675 1.617.348 847.067 43.375 762.628 1.653.070 Waalre 17.525 17.595 17.665 17.736 701 302.696 15.687 303.109 621.491 309.984 16.000 309.172 635.156 317.449 16.320 315.355 649.124 325.093 16.647 321.662 663.402 783.736 786.871 790.019 793.179 29.205 13.537.003 701.525 12.353.062 26.591.590 13.862.974 715.555 12.600.123 27.178.653 14.196.795 729.866 12.852.126 27.778.787 14.538.654 744.464 13.109.168 28.392.286 *) voor JGZ 0-4 wordt vooralsnog geen mutatie in het aantal kinderen

geraamd. Er wordt nagecalculeerd obv het werkelijke aantal kinderen per 1 januari van het begrotingsjaar. Voor de meerjarenberekening is verder vooralsnog uitgegaan van de huidige methodiek en verschillen tussen gemeenten, hoewel dat dus met ingang van 2023 zal gaan veranderen.

20

Bijlage 3 Verloop structurele overige bijdragen gemeenten

21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=ReuselDeMierden&id=ede3d8de-c755-47e3-87a9-1aa0fcbd4e4e