Verslag raadscommissie 9 maart 2021
Tekst van het document
Verslag Raadscommissie Datum vergadering
9 maart 2021
Djuma: 532614/532623
Aanwezig
voorzitter:
de heer C.E. Eskes
secretaris:
de heer M.H.T. Jansen
de leden:
ChristenUnie: de heer J. Pronk en mevrouw C.M. Veldhuizen VVD: de heren B. Bisschop, A.J. Hoek en H.E. Krastel SGP: de heren J. Heijboer en H.H. van der Schoor Dorpsbelang Renswoude: de heren G.W. van Ginkel, P. Robbertsen en J.B. Stutvoet CDA: de heren J.G. Verbeek en S. Verkerk
tevens aanwezig:
P. Doornenbal-van der Vlist (burgemeester), de heer S. van ’t Foort (wethouder), mevrouw M.C. Teunissen-Willemsen (wethouder) en A. Wijs (wethouder), alsmede mevrouw I. Bremer, mevrouw C. van den Heuvel en de heren F. van Drie, J. van Essen en B. Rozemeijer (gemeente Renswoude), mevrouw Boer (gemeente Veenendaal), agendapunt 8 mevrouw M. van Wijk en mevrouw Jaarsma (Waterschap Vallei en Veluwe), agendapunt 9 mevrouw H. Leriche en de heer L. Wichgers (BDP), agendapunt 11
notulist:
de heer J.B. Kammeraad
1. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. Rond 21.00 uur zal de presentatie worden gedaan over het stedenbouwkundig plan Beekweide II in verband met de aanwezigheid van de mensen van het stedenbouwkundig bureau. Het kan zijn dat daardoor met 1 of 2 onderwerpen wordt geschoven in de agenda. Wethouder Van ‘t Foort zal na de vergadering een vertrouwelijke mededeling doen. 2. Vaststelling agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. De voorzitter wijst alvast op de openbare commissievergadering van aanstaande donderdag om 19.30 uur met daarin 3 presentaties over de onderwerpen Energiecijfers Renswoude, Natuurkansen Renswoude en de voortgang Regionale Energietransitie. Dit komt morgen in de Heraut. 3. Vaststelling verslag en besluitenlijst van de openbare vergadering op 26 januari 2021 Het verslag en de besluitenlijst worden ongewijzigd vastgesteld. 4. Ingekomen stukken en mededelingen Toezeggingenlijst Wethouder Van ’t Foort meldt dat is begonnen met de evaluatie 60 km wegen buitengebied maar de cijfers zijn niet representatief in coronatijd. Daarom zal dit wat vooruit worden geschoven.
Pagina 1 van 16
De voorzitter merkt op dat aanstaande donderdag invulling wordt gegeven aan onderzoek biodiversiteit en dan kan die toezegging op ja. Onderhoudswerkzaamheden N224 blijft op nee staan. Wandelpad ruimte-voor-ruimte regeling Barneveldsestraat staat op ja en kan derhalve worden afgevoerd. Wethouder Wijs geeft aan dat straks op de agenda staat een onderdeel van de vroeg signalering. De vraag was hoe dat samen met Veenendaal en Rhenen wordt uitgevoerd en afgesproken is dat zo mogelijk in april een presentatie wordt gehouden in de commissie hoe uitvoering wordt gegeven aan de schuldhulpverlening in de gemeente. De voorzitter constateert dat dit punt op ja kan worden gezet. Wethouder Wijs zegt dat hij de discussie hierover het liefst naar aanleiding van de presentatie wil houden. Wethouder Van ’t Foort meldt dat de laatste toezegging over de zonnepanelen aan de Van Arckelweg inmiddels is afgehandeld. Het staat inmiddels op de website van de gemeente. De voorzitter concludeert dat dit punt op nee blijft staan en dat de volgende keer wellicht een reactie kan worden gegeven. De heer Stutvoet wijst erop dat de vraag niet alleen ging over zonnepanelen op de Van Arckelweg maar ook over zonnepanelen op andere huurwoningen. De voorzitter zegt dat dit de volgende keer kan worden besproken want het gaat inderdaad over de huurwoningen in het gebied Van Reedeweg.
Overige ingekomen stukken De heer Verkerk vraagt wat de ruimtelijke visie van Foodvalley voor Renswoude gaat inhouden. Wethouder Van ’t Foort meldt dat volgende week in het portefeuillehoudersoverleg van regio Foodvalley een discussienota naar aanleiding van dit plan wordt besproken. Als het wordt goedgekeurd gaat het richting raad. Wellicht zal een ambtenaar van de regio Foodvalley dan worden uitgenodigd om het toe te lichten. De heer Bisschop zegt dat dit rapport goed aangeeft welke verschillende opgaven er liggen. Er wordt onder andere gesproken over de slechte bereikbaarheid van Wageningen en Rhenen en dat is inderdaad een punt in de regio. Bij de energietransitie wordt een scenario getekend tot 2030 en tot 2050 met alleen maar windmolens en zonneweiden. Landelijk is er echter ook een discussie om kernenergie in te zetten. 5. Raadsvoorstel inzake lidmaatschap Afvalverwijdering Utrecht Werkgeversvereniging De heer Heijboer zegt dat de SGP achter het voorstel staat. De heer Verkerk geeft aan dat dit een hamerstuk kan zijn. De heer Stutvoet vraagt of er nog meer verbonden partijen volgen die een ambtenarenstatus willen hebben. Met het voorstel kan worden ingestemd. De heer Krastel vindt het een goede zaak dat met dit voorstel de belangen van de AVUmedewerkers worden gewaarborgd.
De heer Pronk heeft dezelfde vraag als de heer Stutvoet maar de fractie kan verder instemmen met het plan. Wethouder Van ’t Foort kent geen andere gemeenschappelijke regelingen waar dit speelt. Wellicht speelt dit nog bij de ODRU. Burgemeester Doornenbal zal nagaan of dit ook bij de ODRU het geval is en dan zal de vraag schriftelijk worden beantwoord. Conclusie: De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 6. Raadsvoorstel inzake uittreding gemeente Vijfheerenlanden uit de gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht De heer Heijboer vraagt of de uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden nadelige gevolgen heeft voor de gemeente Renswoude.
Pagina 2 van 16
De heer Bisschop vindt dit een technisch voorstel dat als hamerstuk naar de raad kan. De heer Verkerk is ook benieuwd wat de uittreding van de gemeente Vijfheerenlanden betekent voor Renswoude en voor de rest kan worden ingestemd met het voorstel. De heer Robbertsen gaat ervan uit dat dit verder geen nadelige financiële gevolgen heeft voor de gemeente Renswoude en derhalve kan het als hamerstuk naar de raad. De heer Pronk gaat ook akkoord met het voorstel. Wethouder Van ’t Foort geeft aan dat de uittreding geen nadelige gevolgen heeft voor de gemeente Renswoude en ook niet voor de gemeenschappelijke regeling. De kosten van de uittreding worden namelijk gedragen door de gemeente Vijfheerenlanden. Conclusie: De voorzitter constateert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 7. Raadsvoorstel inzake ontwerpbegroting 2022 Afvalverwijdering Utrecht De heer Bisschop was enigszins verbaasd om te lezen dat Renswoude uitgaat van fors verminderde kosten in 2022 omdat minder afval wordt verwacht. Dat is goed nieuws. Op pagina 2 staat dat de kosten ten opzichte van de begroting 2021 dalen met 35%. Dan is het wel een vreemde zin daarna dat de tarieven van de afvalstoffenheffing waarschijnlijk gelijk kunnen blijven. Eerder was verwacht dat dan het uitgangspunt is dat de tarieven dalen. De heer Heijboer vond dit ook een bijzondere tekst in het stuk.
Bij de omschakeling zijn prognoses aangegeven dat het volume restafval zou dalen. Goed is dat inderdaad daarvan sprake is maar zit de gemeente nu al op de prognose? De heer Robbertsen gaat ervan uit dat het tarief zeker niet meer wordt maar gelijk blijft. Derhalve kan worden ingestemd met het raadsvoorstel. De heer Verkerk vindt het mooi dat er minder kosten komen en dan is ook de vraag waarom de tarieven niet omlaag gaan. Wethouder Van ’t Foort legt uit dat in het voorstel er voorzichtig van is uitgegaan dat de tarieven gelijk blijven. De verwachting is dat voor de zomer de kosten bekend zijn van onder andere het grofvuilafval en de werf en het zou kunnen dat naar aanleiding van dat voorstel ook wat met de afvalstoffenheffing gaat gebeuren maar dat is dan een gevolg op het besluit dat de raad dan neemt. Mevrouw Van den Heuvel meldt dat vorig jaar aanzienlijk minder fijn huishoudelijk afval is ingezameld. Er wordt gezeten op minder dan 100 kg per inwoner, namelijk 74 kg per inwoner en dat is een heel mooi resultaat. Bekeken gaat worden wat het grof huishoudelijk afval volgend jaar gaat doen omdat meerdere stromen kunnen worden ingezameld. Die komen er dan wel bij maar ten opzichte van een jaar geleden doet de gemeente het heel goed. De heer Stutvoet constateert dat het aantal kilo’s restafval per inwoner enorm is gedaald maar de vraag is dan waar al het restafval is gebleven.
Is dat in andere kliko’s gegaan of is het langs de weg gekomen? Onlangs was er een programma op tv dat wanneer plastic met ander afval wordt ingeleverd het daar wordt gescheiden. Wordt daar ook in Renswoude al naar gekeken of door ACV? De heer Verkerk vraagt op welke soorten in de toekomst nog meer gescheiden gaat worden en of de inwoners dan nog meer kliko’s krijgen. De heer Bisschop begrijpt dat er nog voorstellen kunnen aankomen die weer verhogend werken op het tarief maar er zou toch kunnen worden gezegd dat in principe de kosten dalen voor de begroting 2022 en dus voor de burgers. Wethouder Van ’t Foort zegt dat vooral de grotere gemeenten gebruikmaken van nascheiding. Bij inzameling van afval bij hoge flatgebouwen is nascheiding vaak effectiever. Renswoude heeft gekozen voor bronscheiding en dat werkt op dit moment erg goed. Er is dus nog geen aanleiding om dat te veranderen maar in AVU-verband wordt ook naar dit soort methodes gekeken. Overigens staat de AVU daar vrij neutraal in en dat voor grotere gemeenten met veel hoogbouw nascheiding beter is en dat voor gemeenten als Renswoude bronscheiding vaak beter werkt. Er komen niet meer kliko’s maar in de voorstellen zal blijken dat er meer afvalsoorten kunnen worden ingezameld op de werf of op een externe locatie.
Pagina 3 van 16
De raad zal daar te zijner tijd een besluit over moeten nemen. In het voorstel kan de zin iets worden aangepast dat in principe de afvalstoffenheffing kan worden verlaagd. Mevrouw Van den Heuvel zegt dat de vermindering van de hoeveelheid restafval te maken heeft met de gft kliko’s in het buitengebied en de papierkliko in het gehele dorp. In de cijfers wordt gezien dat de totale hoeveelheid gft bijna is verdubbeld. De hoeveelheid PMD is ook toegenomen maar niet in die mate. Conclusie: De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 8. Raadsvoorstel tot vaststelling van de Verordening beslistermijn schuldhulpverlening Wethouder Wijs merkt op dat alleen aan de gemeenteraad wordt gevraagd om akkoord te gaan met het vaststellen van een beslistermijn. De heer Van der Schoor constateert dat de gevraagde beslistermijn overeenkomt met de werkwijze die al wordt gehanteerd. Daarom kan met het voorstel akkoord worden gegaan. De heer Krastel stemt ook in met het voorstel. De heer Verkerk is het eens met het voorstel. De heer Van Ginkel kan ook instemmen met het voorstel. Mevrouw Veldhuizen geeft aan dat de fractie akkoord is met het voorstel. Conclusie: De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 9.
Raadsvoorstel tot het verlenen van toestemming voor het treffen van een centrumregeling Meten en Monitoren Afvalwaterketen en grondwater Vallei en Veluwe De heer Van Ginkel zegt dat de fractie kan instemmen met de centrumregeling. Het UVO is een groot succes en hopelijk kan dit met de nieuwe structuur worden voortgezet. De heer Krastel zegt dat dit past binnen het credo van de VVD Samen sterker verder en daarom kan worden ingestemd met het voorstel. De heer Verkerk meldt dat ook zijn fractie kan instemmen met het voorstel. De heer Pronk hoopt dat hiermee de grenzen waar ze tegen oplopen sneller kunnen worden opgelost en daarom akkoord met het voorstel. De heer Van der Schoor zegt dat ook de VVD achter het voorstel staat. Conclusie: De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 10. Raadsvoorstel tot vaststelling van de Doelgroepenverordening Renswoude 2021 Wethouder Van ’t Foort zegt dat er op deze manier ook voor wordt gezorgd dat wanneer particulieren aan de slag gaan met ontwikkelingen in Renswoude zij zich aan de doelgroepenverordening dienen te houden waaronder particuliere initiatieven zoals sociaal bouwen. Als er specifiek vragen zijn in dit kader met betrekking tot Beekweide II is het handig om die vragen te bewaren tot het volgende agendapunt. Dit is echt een stap in de goede richting voor de sociale woningbouw in Renswoude.
De heer Van der Schoor is er een groot voorstander van dat de doelgroep voor sociale woningbouw goed in het oog wordt gehouden. Kan de gemeente door deze verordening grondeigenaren verplichten om zich eraan te houden? Doet deze verordening iets met de grondexploitatie? Als de gemeente wil gaan bouwen voor deze doelgroep en ook duurzame woningbouw wil plegen, wat voor prijskaartje komt er dan aan deze huizen te hangen? Voldoet dit aan de woonvisie in die zin dat niet na 20 jaar zou kunnen blijken dat deze huizen onverkoopbaar zijn? Het zou goed zijn om een keer een lijst te zien van de bevolkingsopbouw van de gemeente want dan kan worden ingeschat of er over 15 of 20 jaar nog behoefte is aan bepaalde soorten woningen. De grondexploitatie is ook belangrijk omdat
Pagina 4 van 16
naast de gelden die van het rijk worden gekregen de gemeente ook afhankelijk is van de nieuwbouwprojecten. De heer Bisschop vraagt wat dit concreet betekent voor de particuliere investeerders. Hoe kan er voor worden gezorgd dat de te bouwen woningen in Beekweide II ook terechtkomen bij de Renswoudse doelgroep? De heer Verkerk begrijpt dat dit voorstel voor Beekweide II geldt waar nog geen afspraken met grondeigenaren zijn gemaakt. Is deze verordening in het leven geroepen naar aanleiding van Beekweide II? Zou niet tegelijk de ruimte-voor-ruimte regeling hierin moeten worden meegenomen zodat er dan ook de kans is dat de mensen die voor deze regeling in aanmerking komen worden geplaatst op de plekken waar de gemeente ze wil hebben? Er zijn wat mogelijkheden in het kerngebied van Renswoude en op deze manier zouden de ruimte-voor-ruimte woningen hierin kunnen worden geplaatst. De heer Stutvoet vraagt hoe is gekomen tot het getal van 10 jaar waarin de woningen worden ingezet als sociale koopwoningen en hoe dit wordt afgedwongen. Waarom is 10 jaar de maximale termijn en is er geen verlenging mogelijk? De doelgroepenverordening treedt per 1 april aanstaande in werking. Geldt dit dan voor huizen die nog gebouwd moeten worden of waarvoor het bestemmingsplan is vastgesteld? De heer Pronk vraagt hoe de doelgroepenverordening is te handhaven en wie dat gaat doen.
Bij Slimmer wonen gaat het nu om een percentage van de winst in de verkoop die dan wordt gedeeld met de gemeente. De huizenprijzen kunnen niet door het dak gaan maar hoe wordt dat dan gereguleerd? Is er sprake van een vastgestelde stijging van de prijs? Hoe wordt voorkomen dat mensen op de lange termijn toch niet gaan speculeren met de sociale koopwoningen na de termijn van 10 jaar? Hoeveel van de woningen in Renswoude gaan onder deze verordening vallen? Wethouder Van ’t Foort legt uit dat uit eindelijk in de vergunning vastgesteld zal worden dat deze verordening van kracht is. Op dit moment wordt gezien dat particulieren die zelf ontwikkelen gaan voor de duurste woningen omdat daar het meeste geld mee te verdienen is terwijl het bouwen van sociale huurwoningen en sociale koopwoningen de gemeenschap het meeste geld kost. Wanneer de gemeente bij het opstellen van de grondexploitatie ook duurdere woningen kan bouwen heeft dat een positief effect op de grondexploitatie. Sinds 1 januari worden woningen verplicht gebouwd op basis van de BENG. In die zin is duurzaamheid een verplichting waaraan niet kan worden ontkomen. Het is soms wel wat duurder maar mensen kunnen er, afhankelijk van hun vorige woning, er ook op vooruitgaan. Verwacht wordt dat deze woningen in de toekomst prima verkoopbaar zijn. Er gaat weer een woningmarktonderzoek plaatsvinden.
De cijfers die daaruit komen worden met de raad gedeeld en op basis daarvan wordt de woonvisie geactualiseerd. De gemeente mag 50% van de woningen toewijzen aan de regio Foodvalley en daarvan 50% aan Renswoude voor wat betreft de sociale huurwoningen. In artikel 6 van de verordening is een meldingsplicht opgenomen en op basis daarvan kan de gemeente al enigszins handhaven. De heer Rozemeijer zegt dat de verordening geldt voor alle grondeigenaren in een bepaald gebied. De raad vergadert op 30 maart aanstaande en als het voorstel wordt aangenomen treedt de verordening op 1 april in werking. Voorts zullen in het 2e kwartaal de eerste overeenkomsten met de particuliere grondeigenaren gemaakt worden en dat betekent dus dat de verordening geldt voor alle grondeigenaren vanaf het plan Beekweide II. De doelgroepenverordening is niet specifiek gemaakt voor Beekweide II maar het is het eerste project waar de verordening wordt toegepast. Dit geldt ook voor de goedkope woningen. Wat de grondeigenaren kunnen ontwikkelen is vastgelegd in het bestemmingsplan met het verkavelingsplan dat daarbij hoort. Het volkshuisvestelijk kader hiervoor komt uit het woningmarktonderzoek 2019 en daarin stond aan welke woningen behoefte bestaat in de komende jaren. Het volkshuisvestelijk kader is verdeeld over de verschillende grondeigenaren.
Er vindt min of meer een evenredige verdeling plaats van de type woningen over de verschillende grondeigenaren. In de overeenkomst die met de grondeigenaren wordt gesloten wordt ook verwezen naar het volkshuisvestelijk kader. Dat die grondeigenaren de betreffende woningen ook gaan bouwen en dat de termijnen voor de verschillende klassen sociale huur, vrije sectorhuur en sociale koop gehandhaafd blijven is geregeld in de
Pagina 5 van 16
doelgroepenverordening. Dat is dus ook onlosmakelijk verbonden met de anterieure overeenkomst. De vraag over de grondexploitatie kan beter bij agendapunt 11 worden gesteld. Wat betreft de sociale huur heeft de portefeuillehouder net antwoord gegeven hoe die woningen worden behouden voor de betreffende doelgroep. De gemeente mag sociale koop voor een specifieke doelgroep bestemmen, dus ook in eerste instantie voor de Renswoudenaren. Voor de vrije sectorhuur en de vrije sectorkoop mag de gemeente niets regelen. In de marketing kan er echter wel rekening mee worden gehouden dat het in eerste instantie bekend wordt gemaakt op kleine schaal in Renswoude en dat die kandidaten het eerst hiervoor in aanmerking komen. Recent is dat ook zo gedaan met de vrije sector huurwoningen in Beekweide. Dat was in de Heraut geadverteerd en op basis daarvan zijn ze ook allemaal verhuurd. In de wet is geregeld dat wanneer er sprake is van gewone koopwoningen die door een externe partij worden verkocht, niet zijnde de gemeente of het woningbedrijf, en het betreft sociale koopwoningen, dan kan op grond van de wet die koopwoning maximaal 10 jaar als sociale koopwoning bestemd worden. De gemeente is daar wat vrijer in als het een vrije sector huurwoning betreft en daarvoor is de termijn van 15 jaar gekozen.
Als sociale huurwoningen door een externe partij worden gebouwd moeten zij minimaal 25 jaar sociaal zijn. Als de sociale huurwoningen door de gemeente worden gebouwd of de woningbouwvereniging koopt ze direct na oplevering van de ontwikkelaar, dan bepaalt de gemeente zelf hoe lang zo’n woning sociaal blijft. Daarnaast is er ook nog Slimmer kopen. Dan wordt een woning met korting op de markt gezet en dan is bij wet geregeld hoe dat precies moet worden gedaan, hoe lang je die woning in de regeling Slimmer kopen kunt houden en hoe het met elkaar moet worden afgerekend als de koper verkoper wordt. De raad bepaalt de komende tijd hoeveel woningen tot de goedkope en de middenklasse huur gaan behoren als de verkaveling voor Beekweide II wordt vastgesteld. De inschatting is dat het dan gaat om 50-70 woningen. Op een later moment zal hier nog schriftelijk op worden teruggekomen als hier meer over bekend is. Eens in de 2 jaar wordt een woningmarktonderzoek gedaan. De uitvraag staat gepland in het 2e kwartaal en dan zouden de uitkomsten daarvan in het 3e kwartaal aan college en raad kunnen worden gepresenteerd. De ruimte-voor-ruimte regeling past niet in de doelgroepenverordening. De heer Pronk merkt op dat gezien de prijzen waarvoor de woningen weggaan die vallen onder de regeling Slimmer kopen dit totaal niet meer hieronder thuishoort.
Is bij het plan dat voorligt de speculatie beter gecontroleerd dan bij de Slimmer kopen-regeling? Bij Slimmer kopen heeft de eerste koper daar ontzettend veel mazzel mee maar bij de volgende koper maakt dit geen verschil meer. De heer Verkerk heeft niet bedoeld om de ruimte-voor-ruimte regeling onder te brengen in de doelgroepenverordening maar de vraag is of het niet past in plannen in de toekomst. Wellicht kan dit worden meegenomen in nieuwe plannen na Beekweide II. Bovendien is de vraag waarom de ruimte-voor-ruimte regeling niet kan worden meegenomen omdat hier ook sprake is van een doelgroep. Daarnaast heeft de gemeente niets met een grondexploitatie te maken wanneer die grond van een eigenaar wordt overgenomen. De heer Van der Schoor is benieuwd naar de uitkomsten van het komende woningmarktonderzoek voor de toekomst van het dorp. Hoe zit het met de ontwikkelaars die al een plan hebben ingediend en waarvan de termijn net na 30 maart verloopt? Er worden prijzen genoemd voor de koopwoningen in de doelgroepenverordening. Is het doenlijk om de woningen voor die prijs te bouwen gezien de huidige prijzen in de bouw? Doorstromers hebben wel een flinke uitdaging als hun sociale koopwoning bijvoorbeeld 20 jaar op hetzelfde niveau blijft en ze dan willen verhuizen. Voor die mensen moet er wel perspectief zijn.
De heer Rozemeijer legt uit dat bij Slimmer kopen een woning met korting op de markt wordt gezet. Op dit moment wordt 20% korting gegeven. Als de koper op een gegeven moment de woning wil verkopen is in de wet geregeld hoe dit moet worden verrekend met de gemeente.
Pagina 6 van 16
Op dat moment wordt de woning weer getaxeerd. Als de woning € 20.000 meer waard is geworden is in de wet geregeld dat 30% van de waardestijging voor de gemeente is en 70% voor de verkoper. Datzelfde verhaal geldt ook voor waardedaling. Het Woningbedrijf zet de 30% winst weer voor in de financiering van nieuwe projecten of voor verduurzaming. Als een woning wordt getaxeerd boven de grens van de Nationale Hypotheekgarantie, op dit moment € 350.000, heeft de gemeente de mogelijkheid om te zeggen dat de woning niet meer wordt ingekocht en de woning niet meer terug wordt gezet op de markt met 20% korting omdat de woning niet meer is geschikt voor de doelgroep, dan mag de verkoper de woning vrij op de markt verkopen. Dan blijft wel van kracht dat de oorspronkelijke korting terugkomt bij de gemeente + de waardestijging. Het Slimmer kopen is in principe oneindig tot het moment dat de gemeente zegt dat met die woning wordt gestopt of de woning is dusdanig uit de markt geprijsd dat die niet meer geschikt is voor de doelgroep starters. In de doelgroepenverordening is geregeld dat een partij de woning sociaal moet houden en dat op basis daarvan met de percentages die in de verordening genoemd worden het bedrag van die 2 ton jaarlijks meegroeit.
Met de doelgroepenverordening is er een extra instrument naast Slimmer kopen om woningen langer geschikt te houden voor de doelgroep en voor de grotere doelgroep van Renswoudenaren. Per saldo is er dus absoluut sprake van een verbetering. De vraag over de grondexploitatie en de ruimte-voor-ruimte regeling dient te worden gesteld bij de behandeling van agendapunt 11. De doelgroepenverordening geldt voor alle grondeigenaren waarmee na 1 april een anterieure overeenkomst wordt gesloten met de gemeente. Dat betreft dus alle grondeigenaren van Beekweide II. De heer Jansen wijst erop dat de ruimte-voor-ruimte regeling een hele andere doelstelling heeft dan de doelgroepenverordening want de doelstelling is de ruimtelijke kwaliteitswinst die je in het buitengebied wilt bereiken. Vaak wordt een maximum aantal woningen gebouwd op een locatie en dat zijn geen sociale huur- of koopwoningen. Dat zou anders kunnen zijn als er een ruimte-voor-ruimte locatie aan de rand van het dorp zou zijn en dat er niet maximaal 3 woningen mogen worden gebouwd maar dat dit zou mogen worden opgedeeld in meerdere woningen. Dan zou je bijvoorbeeld rijwoningen kunnen gaan realiseren maar dat is op dit moment niet aan de orde. De heer Rozemeijer zegt dat het een bouwer lukt om voor de prijzen die in de doelgroepenverordening worden genoemd voor woningen een dergelijke woning neer te zetten.
Als richtlijn zijn de recent opgeleverde woningen in Beekweide fase 8 en die zitten daar nog ruim onder. Dus ook bij stijgende aannemersprijzen moet het nog kunnen. Natuurlijk willen aannemers voor een hogere prijs bouwen maar de gemeente heeft een volkshuisvestelijke doelstelling. Als er een sociale koopwoning in het kader van de doelgroepenverordening wordt verkocht na de periode van 10 jaar is het vanaf die tijd een vrije sector koopwoning. De gemeente kan daar dan verder niets meer voor regelen. Als de woning binnen de periode van 10 jaar wordt verkocht dient de woning te worden verkocht op basis van de prijssystematiek in de doelgroepenverordening. Als de prijzen dermate omhoog gaan dat het niet meer reëel is dat de woning voor die prijs op de markt komt zal de gemeente de systematiek aanpassen om de verkoper niet het vel over de neus te halen. De heer Bisschop hoort de heer Rozemeijer zeggen dat € 70.000 naar de gemeente is gegaan en dat de gemeente 30% krijgt. Dan is er een winst gerealiseerd op de woning van € 233.000 en dan is de vraag of het Slimmer kopen in het verleden wel in de juiste prijscategorie is toegepast. In ieder geval zal met het raadsvoorstel worden ingestemd. De heer Van der Schoor is gerustgesteld dat de gemeente bereid is bij mogelijke explosieve stijgingen daar wat aan te doen.
De gemeente heeft een volkshuisvestelijk doel en is er niet voor de winsten van de aannemers maar het beleid moet ook wel zo zijn dat een aannemer niet ergens anders gaat bouwen omdat in Renswoude niets meer te verdienen is want anders schiet het niet op met Beekweide II. De fractie is akkoord met het raadsvoorstel.
Pagina 7 van 16
De heer Pronk vindt het een goede zaak dat de regeling Slimmer wonen naast de doelgroepenverordening blijft bestaan zodat uiteindelijk kan worden gezien wat beter werkt. Met het raadsvoorstel wordt ingestemd. De heer Verkerk zegt dat hij met de ruimte-voor-ruimte regeling nog terugkomt bij andere grote plannen. Het CDA kan instemmen met het raadsvoorstel. De heer Stutvoet kan ook instemmen met de voorgestelde doelgroepenverordening. De heer Rozemeijer geeft naar aanleiding van het betoog van de heer Bisschop aan dat als de eigenaar van de woning mag verkopen op de vrije markt dan moet afrekenen met de gemeente. Dan gaat het om de korting die hij eerder heeft gekregen + de waardestijging. Bij elkaar opgeteld was dat in het voorbeeld € 70.000. Conclusie: De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. Vervolgens wordt de vergadering geschorst. De voorzitter heropent de vergadering. 11. Presentatie stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan Beekweide II De heer Wichgers memoreert dat in februari 2019 een prijsvraag door de gemeente was uitgeschreven en BPD vond het tegelijk een interessante insteek om het landschap mee te nemen in het gebied. Beekweide I heeft een mooie uitstraling en de cultuurhistorische gebouwen in Renswoude vormen een belangrijk karakter van de locatie.
Daarnaast hebben de natuurherstelwerkzaamheden en ontwikkelingen daar een plek. Beekweide II wordt begrensd door de Beekweide, de Barneveldsestraat, de Meidoornlaan en De Hokhorst. Er is direct gezegd dat de kwaliteiten, met name het groen en het water, gebruikt gaan worden in het plan en andere mogelijke knelpunten als woningbouw bij De Hokhorst en bedrijvigheid bij de Barneveldsestraat worden misschien daar op termijn wel verplaatst maar dat er zal worden nagedacht over hoe dit in het plan een plekje zou kunnen krijgen. De uitvraag was om een goede verbinding te maken met het buitengebied, de Beekweide en de Lunterse beek, om een goede overgang te maken met de bedrijvigheid en de woningen van de Barneveldsestraat. In eerste instantie was meegegeven om daar een groene buffer te maken maar vanuit de planvorming leek het beter te zijn om deze zone mee te nemen in de hele ontwikkeling. Een ander uitgangspunt was om het water van Beekweide I te verbinden langs of door het gebied van Beekweide II, rekening houdend met verlichting van de voetbalvelden, volkstuinen die er weg zouden gaan en 2 standplaatsen voor woonwagens die terugkomen of blijven in het gebied. Dit heeft geresulteerd in een ruimtelijke vaste waardenkaart die als basis dient voor het stedenbouwkundig plan/landschapsplan.
Daarbij is gezegd dat de Lunterse beek in een watertuin naar binnen wordt gebracht in het gebied waardoor er woningen en de hele wijk daarvan kunnen profiteren. Groenstructuren, bomen en water in het gebied worden opgewaardeerd en houtwallen krijgen gecombineerd met water een meer prominente plek. Daar worden ook woningen aan georiënteerd. Over het groen worden langzaam verkeersverbindingen getrokken. Het basisidee is om de goede verbindingen in het midden vanuit de watertuin te maken en de autoroutes aan de buitenkant krijgen een interne lus op de rand van de wijk. De basisschets is dat het water naar binnen wordt getrokken, er is wat losse verbouwing langs de centrale watertuin, appartementen misschien gecombineerd met zorg in een soort cluster waardoor wordt uitgekeken over het middengebied, langs de groene assen komen de wat langere rijwoningen met bijzondere koppen, lossere bebouwing meer langs de randen en een overgangszone naar de Barneveldsestraat. Tussen 2019 en 2021 heeft de uitwerking plaatsgevonden van het stedenbouwkundig plan, de inrichting van de buitenruimte en het landschapsplan. Dat heeft geresulteerd in een bijzondere woningdifferentiatie. Het plangebied leent zich natuurlijk heel goed voor dure woningen maar er komt een combinatie van woningtypologie tot en met de sociale sector. Het landelijke type van een landhuis voert de boventoon.
Er zijn bijzondere woningen bij de
Pagina 8 van 16
watertuin. Daar zitten kwadrantwoningen bij, appartementen met aanleunwoningen, seniorenwoningen, rug aan rugwoningen, rijwoningen met bijzondere koppen, wat lossere bebouwing, vrijstaande woningen, tweekappers en driekappers. In het stedenbouwkundig plan is de belangrijkste plek de watertuin met kwadrantwoningen die zowel georiënteerd zijn op de watertuin als op de Lunterse beek. Er zijn ook erkerwoningen die op het zuiden zijn georiënteerd. Op de wateravenue komt de fietsroute binnen. Het gehele plan is zeer klimaatadaptief en goed gerelateerd aan waterinfiltratie. Daar zijn bijzondere woningen aan gekoppeld die daar langs liggen. Er komt een netwerk aan watergangen met speelplekken en groenvoorzieningen langs. Hier worden langzaam verkeer- en wandelroutes aan gekoppeld. Bij de woonwagens komt een groene zone. Een herstructurering met groen met wat parkeerplaatsen bij de Meidoornlaan. De waterstructuur bestaat uit 2 principes. Een systeem waar altijd water in is en doorvoer van water vanuit Beekweide I langs de rand van Beekweide II. Dat vult ook een deel van de watertuin. Het ene deel van de watertuin is een soort waterbassin en het andere deel van de watertuin heeft meer een wadi-achtige structuur.
Als het heel hard regent kan daar ook water in komen vanuit de Lunterse beek maar door de constructie van het middendeel kan er ook water vanuit het oostelijk deel naar het westelijk deel ingelaten worden. Voor het verkeer is de Beekweide de doorgaande route. Er wordt een versmalling gemaakt waardoor de automobilist het visuele effect heeft van het zien van een watertuin langs beide kanten. Er komt een centrale ontsluitingsweg langs de randen, de Slootweg en de Wadistraat en een tertiair systeem voor de fiets en het bestemmingsverkeer. Vanuit het zuiden is vooral de entree voor de fiets die ook langs de watertuin ontsloten wordt en door het hele gebied Oost/West zijn er routes voor de wandelaar aan de groene zones gekoppeld en er zijn ook sport- en hardlooproutes die vanuit het buitengebied onderdeel worden vanuit Beekweide I naar Beekweide II. Het belangrijkste profiel is het profiel van de Wadistraat met uiteraard veel water en groen daarin. De parkeerplaatsen voor bezoekers zijn groen gemaakt met verhard gras zodat het hele profiel groen blijft en nauwelijks verharding kent. Aan de wadi komen bijzondere woningtypes. Van de bebo’s is de begane grond georiënteerd op de straat en op de wadi en op de verdieping meer op het parkeerhofje en men het gebied uit kan kijken het landschap in.
Aan de andere zijde parkeren op eigen terrein bij de drie onder één kap woningen en de twee onder één kap woningen. Op de wateravenue komt de fiets het gebied binnen via een dijkje. De fietser heeft dan aan beide kanten water. Op de breedste plek bij de watertuin kan een bijzonder mooi milieu worden gemaakt met speelplekken. Het waterbassin, een lager tussendeel waardoor vulling kan worden geboden aan het beekdeel. Daar zijn kwadrantwoningen georiënteerd. De erkerwoningen hebben een bijzonder grote tuin op het zuiden. Er komt een mooie mix van dure woningen tot en met goedkope huurwoningen door het hele plan. De duurdere woningen zijn meer aan de randen gesitueerd en de middeldure woningen worden meer in het centrale gebied gemixt met ook wat duurdere appartementen. Daar krijgen ook de seniorenwoningen een plek. Langs de Meidoornlaan komt een wat lossere verkaveling in relatie met wat er aan de overkant gebeurt. In het plan komen 187 woningen en 2 woonwagens. Daar horen ook parkeernormen bij. Duurdere woningen variëren van 2,2 tot de goedkoopste 1,1. Dat resulteert in 329 parkeerplaatsen. De vrijstaande woningen en de woningen op de koppen krijgen een parkeerplaats op eigen terrein en de bewoners van andere huizen staan in de parkeerkoffertjes op klinkerverharding. Langs de straten komt verhard gras en daar zijn de bezoekersparkeerplaatsen geplaatst.
Mevrouw Leriche zegt dat het beeldkwaliteitsplan 15 punten kent. De helft daarvan is gerelateerd aan de vormgeving van de architectuur en de andere helft betreft de uitstraling en de inrichting van de openbare ruimte. De architectuur mag niet de groene beleving belemmeren. Dat betekent dat voor een eenvoudige ingetogen architectuur moet worden gegaan. Het belangrijkste is het groen en de architectuur is dienend in die zin. Wat betreft materialen houdt dat in baksteen, natuursteen, hout, gras. Dat zijn materialen die in de tijd mooier worden. Er wordt gegaan voor een kleurpalet dat een mooi licht contrast geeft met het groene. Er wordt dan gedacht aan grijs, beige, lichtbruin, oker. Elk bouwblok
Pagina 9 van 16
moet ontworpen worden als een ensemble waardoor rust en samenhang in de wijk wordt gecreëerd. Er komen zadeldaken met een brede overstek. Dat is een manier om de informele groene sfeer te benadrukken. De bebouwing is vooral Noord/Zuid georiënteerd. Het is essentieel dat de kopgevels goed ontworpen worden en geen blinde muren zijn zoals een gevelontwerp met andere materialen of andere kleuren erdoorheen. Er wordt gedacht aan keramische dakpannen en riet. Rond de watertuin komt een bijzonder milieu. Daar zal de bebouwing bijzonder worden gemaakt en iets afwijken van de rest van de bebouwing. Daar zullen bijvoorbeeld donkere kleuren worden toegepast of dat hout wordt gebruikt voor de gehele bebouwing in plaats van kleine oppervlakten van hout. De brede overstek van de daken kan misschien worden weggelaten mits de dakgoot kan worden gezien. De dakrichting en de uitwerking van de kopgevels horen bij elkaar. De seniorenwoningen kunnen op de 1e verdieping een extra kamer door het dak realiseren. 80% van de bebouwing bestaat uit 2 lagen met een dak. De beukmaat voor de bebo’s wordt misschien iets hoger gemaakt. Rondom de watertuin is een extra verdraaiing in de opzet van de bebouwing zodat aan de watertuin iets meer ruimte wordt geboden. Dan gaat het om 2 lagen met een dak en er komt een appartementengebouw van 4 lagen inclusief dak.
De dakrichting is in de basis evenwijdig aan de straat om het zicht en de richting te volgen van het kampenlandschap dat Noord/Zuid is georiënteerd. Dat geldt voor de lange blokken maar de losse bebouwing staat haaks op de weg. Bij de bebo’s wordt wellicht een kapverdraaiing toegepast om de kop bijzonder te maken. De koppen worden goed gezien vanuit de openbare ruimte en daarom wordt er bijzondere aandacht aan besteed, bijvoorbeeld door grote hangpartijen, balkons, erkers, andere materialen of kleur. Duurzaamheid wordt in een vroeg stadium in het ontwerp meegenomen. Het kan helpen om de identiteit van de wijk te versterken. Er gaat compact worden gebouwd. Er worden types geïntroduceerd met een smalle beukmaat, eerder diep dan breed. De buitenunits van de warmtepompen worden in een vroeg stadium meegenomen in het ontwerp van het gebouw. Zonnepanelen kunnen worden geïntegreerd in de daken of daarop. Biodiversiteit kan worden gestimuleerd door stenen in de gevels voor vogels en insecten. Op het dak van de berging en op hellende vlakken of in delen van de gevels zal worden gestimuleerd dat daar groen wordt aangebracht. Wat betreft de rijwoningen: de dakrichting wordt evenwijdig aan de straat, een brede dakoverstek, eenvoudige dakarchitectuur, landelijke uitstraling van het dak, nokverdraaiingen zijn niet gewenst behalve als de kop moet worden verbijzonderd.
Dakkapellen dienen in een vroeg stadium te worden geïntegreerd. Bij de laatste woning kan het dak iets worden verhoogd. Achter de Barneveldsestraat zijn drie onder één kap woningen gesitueerd. Gezien de locatie en de grote kavels zijn deze woningen ook geschikt voor wonen en werken. De bebo’s krijgen een dubbele oriëntatie. De benedenwoning is georiënteerd op de straat en de voordeur is aan de straat. Voor de bovenwoning is de voordeur aan de zijkant en die krijgen aan de zijkant in de kopgevel grote ramen waardoor zicht op de straat en zicht op de parkeerplaatsen en dus sociale controle. De rug aan rugwoningen zijn laag met een dak. In het dak kan een extra kamer worden gerealiseerd. De tuinmuren worden onderdeel van het ontwerp van de bebouwing. De twee onder één kap woningen krijgen een nokrichting haaks op de weg. Ook een combinatie van 2 dakrichtingen binnen de woning is mogelijk. Het kleine appartementenblok krijgt 4 lagen. Het dak geeft een dorpse sfeer. Het krijgt het beeld van een luxe villa met meer woningen daarin, 4 per verdieping, in totaal 13 appartementen. Er komen royale balkons. Het dak begint al op de 2e verdieping en loopt door tot de 4e laag. Dat betekent dat op de bovenste verdieping ruimte is voor 4 appartementen maar dat worden 2 penthouses. Aan de watertuin kunnen architecten iets meer uitdagends ontwerpen.
Het dak is heel belangrijk en er komen natuurlijke materialen. Aan de Beekweide zijn woningen naar buiten toe georiënteerd. Er komen erkerwoningen aan het eind van de rijwoningen met zicht op de watertuin. Natuurlijke materialen, een combinatie van hout en groen. De toekomstige bewoners worden uitgedaagd om hun tuin zo groen mogelijk te houden. Bij de kleine tuinen tot 150 m² mag maximaal 50% van de tuin verhard worden. Bij de grotere
Pagina 10 van 16
tuinen mag 50% van de gehele kavel verhard worden. Dat is dus inclusief de woning. Bij grind, graniet, gruis, verhard gras en zelfs een vlonder is sprake van verharding. Dit zorgt ervoor dat het plan robuust en toekomstbestendig wordt omdat het voldoende ruimte biedt voor waterinfiltratie. Voor de verharding wordt gewerkt met duurzaam circulair materiaal. Dan gaat het om gebakken klinker, open materiaal zoals graniet, gruis en verhard gras. Bij het laatste worden kunststofmatten bedoeld die op het gras worden gelegd waardoor goed op het gras kan worden geparkeerd. Dit kan wellicht ook worden gevuld met ander materiaal zoals grind om de parkeerplek goed te markeren. Dit materiaal gaat toegepast worden voor het langs parkeren langs de hoofdontsluitingen. Aan de ene kant is daar langs parkeren voor bezoekers. De inritten naar de kavels zouden ook goed met verhard gras kunnen worden gerealiseerd. Als er teveel water valt kan dit geleid worden naar het bassin. Als dat nog volloopt zijn er ondergrondse duikers richting de weg. De wadi staat in verbinding met de beek. Als er sprake is van hoog water in de beek zou het water in de watertuin kunnen lopen.
Eventueel kan de bestaande brug worden verplaatst omdat de groene ruimte met fiets- en wandelroute de meest logische plek is om niet alleen de bewoners van Beekweide II te laten genieten van het wandelgebied maar dat het de schakel wordt voor de rest van het dorp. Als de Beekweide 70-80 cm wordt verhoogd en het wandelpad langs de beek verschoven wordt richting de rijbaan lijkt het profiel smaller te zijn. Er gaat daar een andere kleur voor de klinker worden gebruikt en misschien een ander aanlegpatroon. De wandelaar en de autobestuurder krijgen hier het besef dat ze langs een bijzondere zone wandelen c.q. rijden. Er kunnen 3 grote duikers worden gerealiseerd waardoor een brug kan worden gesuggereerd zonder dat het een echte brug is. De wadizone krijgt kleine buizen. Wellicht kan in het verhardingsvlak iets van een raster worden toegepast zodat mensen bewust zijn met wat er gebeurt met het klimaat en wat gedaan wordt om het een klimaatrobuuste wijk te maken. In het plan zijn genoeg plekken voor mensen om elkaar te ontmoeten. Er komt geen kijkgroen maar het groen moet echt worden gebruikt door de inwoners. Daarvoor wordt het groen ingericht met een kruidentuin, een groentetuin zodat bewoners met elkaar iets kunnen organiseren. Het fietspad langs de wateravenue wordt gekoppeld met het fietspad rond de watertuin. Er zijn een drietal plekken om te spelen.
Elke plek heeft een bijzonder thema. De watertuin is zeker om te spelen maar het moet er niet teveel voor ingericht worden want het dient ook uitstraling te hebben. Daarom wordt het heel informeel ingericht. Er komt een speelplek gericht op jonge kinderen naast het appartementenblok en een speelplek die sport gerelateerd zal zijn langs de sportvelden. Daar komen sportattributen waardoor jongeren hun energie kunnen kwijtraken. Er komen een paar stepping stones door de wadizone. In de parkeerkoffers komen laadpalen voor het elektrisch opladen van auto’s. Er is ook gekeken waar plekken voor het ophalen van huisvuil geregeld kunnen worden. De heer Bisschop vindt dat het er prachtig uitziet. Worden de juiste doelgroepen bereikt? Straks komen de cijfers uit een nieuw onderzoek waar behoefte aan is in Renswoude. In hoeverre kan later in dit plan nog worden bijgestuurd? Zou er bijvoorbeeld dan nog goedkope onzelfstandige woonruimte kunnen worden gecreëerd en wanneer kan dat? Er gaat gasloos gebouwd worden maar in de toekomst is het wellicht mogelijk om waterstof te gebruiken. Wordt daar rekening mee gehouden? Zo zou in de buurt van de huizen een leiding kunnen worden aangelegd wanneer de grond toch open ligt. De heer Pronk begrijpt dat er stenen in de huizen komen waar vogels en insecten kunnen verblijven.
Wellicht kan er ook eens gekeken worden of dat ook in de bestaande bouw kan worden toegepast. Het beoogde appartementencomplex ziet er prachtig uit en heeft visueel niet de hoogte van 12 m en met het aflopende dak zal niet veel hoger worden uitgekomen dan de sporthal maar wordt dit het dan ook want dit is een voorstel? In de coalitie is afgesproken dat niet hoger dan 3 bouwlagen wordt gebouwd maar hier is sprake van 4 bouwlagen.
Pagina 11 van 16
Op het gebied van duurzaamheid worden op pagina 42 in het stuk van Arcade een aantal voorbeelden gezien van zonnepanelen maar in de presentatie ziet het er veel mooier uit dan wat op pagina 42 wordt getoond. Dat ziet er beslist niet landelijk uit. Als ervan wordt uitgegaan dat dit leidend is, hoe ver kan er dan nog van worden afgeweken? Er is een woningtekort in Renswoude en is het dan niet aanbevelenswaardig om op de plekken van de rug aan rugwoningen appartementen te plaatsen? Zijn er goede vorderingen in de gesprekken met de grondeigenaren en kan er wel een bestemmingsplan worden gemaakt wanneer je niet zeker weet of de eigenaren daar graag in mee gaan? De heer Van der Schoor constateert dat er veel restricties zijn. Het ziet er prachtig uit maar is er wel behoefte aan zo’n wijk bij mogelijke bewoners? Er zijn immers beperkingen voor de kopers van wat er wel en niet mag. Past dit allemaal in de grondexploitatie? Wat gebeurt er als er straks waterstof het product van de toekomst wordt. Moeten dan nog allerlei voorzieningen worden aangebracht die in het voortraject verwerkt hadden kunnen worden? In hoeverre vindt er straks een keuring plaats in het kader van wat wel of niet voldoet aan de duurzaamheidseisen? Er wordt immers regelmatig gehoord dat in dit soort wijken bij strenge winters de temperatuur binnenhuis en de warmwatervoorziening toch niet zo zijn als gewenst.
Is er niet een bepaald keurmerk zodat deze wijk ook kan voldoen aan normale leefomstandigheden bij koude en wat betreft de warmwatervoorziening? Hoe ziet het college de overgang van het huidige Beekweide naar dit plan want er is nu een gedeelte waar huizen aan de weg staan en straks komt er een heel ander beeld wat op zich wel positief is maar is dit niet een te grote overgang? De heer Verkerk vindt het een heel mooi plan maar is bij de uitvraag een bepaald budget meegegeven waardoor het past binnen de grondexploitatie? Er is sprake van erg dure bouwstijlen. De stedenbouwkundigen hebben erg hun best gedaan maar past dit wel binnen het budget? De heer Robbertsen is ook van mening dat het een prachtig plan is maar hij vraagt zich af of het plan wel tot uitvoering kan komen. Is er overeenstemming of vallen er nog gedeelten weg? In het eerste stukje wordt gesproken over woningen tot € 220.000. Alleenstaanden kunnen een hypotheek krijgen van maximaal € 160.000. Komen er nog goedkopere woningen? Wethouder Teunissen is van mening dat BPD samen met de eigen mensen erin geslaagd is om veel woningen te projecteren op een beperkt plangebied waarbij toch de kwaliteit hoog wordt gehouden en het mooi in groen wordt ingepast. Er gaat 50% goedkoop worden gebouwd. Een grondeigenaar is niet verplicht om de grond aan de gemeente te verkopen.
In Beekweide I was de gemeente eigenaar van het hele grondgebied en dan is de gemeente in charge en gaat zelf over de fasering, de verkoop van de woningen en waar wat en hoe wordt geplaatst. In dit geval is er veel meer overleg nodig omdat er 7 of 8 grondeigenaren zijn. De raad heeft besloten dat dit plan integraal moet worden ontworpen wat betekent dat het één goed beeld moet geven en er niet allerlei losse stukjes mogen ontstaan. Er is veel overleg geweest met de grondeigenaren en ook met omwonenden in de vorm van een klankbordgroep. De heer Pronk zei dat die schriftelijke vragen had gesteld maar die heeft spreker niet gezien. De stedenbouwkundige is van mening dat deze plek zich uitstekend leent voor een hoger appartementengebouw omdat optimaal gebruik kan worden gemaakt van het prachtige uitzicht zonder dat dit storend gaat werken in de omgeving. Dit wordt opgenomen als wijzigingsbevoegdheid en dat betekent dat de raad daar te zijner tijd nog wat over te zeggen heeft. Alles waarmee de grondeigenaren komen zal worden getoetst aan het beeldkwaliteitsplan. De plaatjes tijdens de presentatie waren voorbeelden, denkrichtingen, en het is niet zo dat die ook daadwerkelijk gerealiseerd worden. Hopelijk springen de architecten er creatief mee om en komen ze met mooie oplossingen. De duurzaamheidsoplossingen van Arcade zijn ook denkrichtingen.
De gesprekken met de grondeigenaren zijn nog gaande en als ze niet willen verkopen is dat hun goed recht. Zij moeten zich dan wel op enig moment inzetten om dit plan te realiseren maar de gemeente zit dan niet aan het roer wat betreft de fasering. Het bestemmingsplan wordt wel aangepast. De duurzaamheidseisen zijn een politieke wens geweest. Met elkaar
Pagina 12 van 16
wordt gekeken hoe een prijs kan worden gerealiseerd die wel behapbaar is maar waarbij mensen worden aangezet om zich bewust te worden dat we met z’n allen aan zet zijn om tot in lengte van jaren gebruik te maken van deze planeet en dat vertaalt zich bijvoorbeeld in het maximale percentage voor de verharding van de tuin en duurzaamheidstoepassingen. Oorspronkelijk werd gedacht dat ongeveer 140 woningen zouden kunnen worden gerealiseerd in het plangebied. Er wordt nu van uitgegaan dat er 187 woningen gerealiseerd kunnen worden. Dat betekent meer opbrengst en ook veel goedkopere woningen. Goedkope woningen geven een mindere opbrengst maar de totale opbrengst is ook afhankelijk van wat waar wordt gepland. Wat betreft de overgang van Beekweide I naar Beekweide II kan worden gezegd dat het niet mogelijk was om de bebouwing langs de beek voort te zetten. Dat had te maken met het opschuiven van de rode contour. Het volkshuisvestelijk kader is de onderbouwing voor dit plan. De heer Stutvoet vraagt of de ontsluiting via de Beekweide plaatsvindt of ook via de Lijsterbeslaan en een uitweg richting De Hokhorst. De mensen die de kinderen naar school brengen in de Borgwal, naar het kinderdagverblijf en naar De Hokhorst rijden via de Beekweide, Barneveldsestraat en Meidoornlaan en andersom.
De vraag is of die verkeersstroom dan ook via Beekweide II komt of dat er iets anders wordt gerealiseerd. Wat betreft de beeldkwaliteit ziet hij persoonlijk liever wat lichtere kleuren. Het lijkt nu bijna op een Oost-Duitse wijk met het vele grijs. In het Dorpshart waren de mensen ook niet zo blij met 4 verdiepingen en de vraag is of een appartementengebouw met 4 verdiepingen in dit plangebied ook niet misstaat. Geldt de doelgroepenverordening tegelijk voor de gehele wijk Beekweide II of gaat dit in de fases die worden doorlopen in het plan? Is er al gedacht aan een andere plek voor de tuinders die moeten verhuizen? De heer Van Essen merkt op dat de motie die is ontvangen oproept om een onderzoek te doen naar de behoefte die er is in Renswoude. Eerst moet worden afgewacht wat daar uitkomt. In 2019 is een woningbehoefteonderzoek gehouden en op basis daarvan zijn de doelgroepen naar voren gekomen die in onderhavig plan een plekje moeten krijgen. Vorig jaar is er nog een upgrade uitgebracht omdat er extra woningen bijkwamen. Uit het woningmarktonderzoek kwam niet naar voren dat er ook een hele goedkope prijsklasse moest worden gerealiseerd. Als straks uit het nieuwe onderzoek blijkt dat er ook hele goedkope woningen in Renswoude moeten worden gerealiseerd is het de vraag of die ook in Beekweide II dienen te komen.
Zo ja, dan moet worden onderzocht wat hiervan de financiële consequentie is voor de grondexploitatie. Daarnaast is straks de raad aan zet wat betreft de inpassing ervan en die discussie zal straks bij de behandeling van de grondexploitatie moeten worden gevoerd. Op dit moment heeft Stedin niet de mogelijkheid om gasleidingen aan te leggen want het is wettelijk niet toegestaan. Het is nog de vraag of waterstof in de toekomst veilig zal zijn en inderdaad gas kan vervangen. De ambitie is nu BENG en nul op de meter. Aan een externe partij is gevraagd welke energievoorziening daar het beste voor kan worden aangebracht en of dat collectief of individueel moet worden geregeld. Dit is als een soort kavelpaspoort meegegeven aan de ontwikkelaars. Dat onderzoek loopt nog en de conclusie komt volgende week maar in ieder geval kan op waterstof niet worden geanticipeerd want daar moet nog veel onderzoek naar gedaan worden. De huurwoningen in Beekweide I bij het Dickerijsterlaantje hebben al stenen voor vogels en insecten in de kopgevels. Daar zitten nestkastjes van steen in verwerkt. Dit gaat ook gebeuren in de brandweerkazerne en geprobeerd wordt om het waar het kan ook toe te passen. Wat betreft de zonnepanelen wordt beoogd wat nu in het beeldkwaliteitsplan wordt voorgelegd en niet wat er stond in het duurzaamheidsplan van 2019.
In de basis is uitgegaan van 3 lagen maar tijdens de ontwerpsessies kwam heel duidelijk naar voren dat dit een goede plek is voor een appartementengebouw met 4 lagen. Dit is een enorme kans voor een kwaliteitsslag en het zou zonde zijn om het niet te realiseren maar de vraag is inderdaad hoe de raad hier tegenover staat. Aan de hand van wat de raad hiervan vindt wordt dit meegenomen bij de vaststelling van het voorontwerp bestemmingsplan. Dat
Pagina 13 van 16
komt 20 april aanstaande in de raad en dan kan de raad bepalen hoeveel lagen in het bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. De gemeente is het met alle grondeigenaren eens over de stedenbouwkundige invulling. De stap naar de overeenkomst is er nog niet en hopelijk komt daar de komende weken duidelijkheid over. Voor de vaststelling van het ontwerp bestemmingsplan dient die duidelijkheid er te zijn middels een anterieure overeenkomst of een exploitatieovereenkomst. De verwachting is dat voor de aanstaande zomervakantie op een aantal vlakken keuzes kunnen worden gemaakt maar dat komt bij de behandeling van het bestemmingsplan nog nadrukkelijk naar voren. Er kan een bestemmingsplan komen als er nog geen overeenkomsten zijn maar het is wel prettig als dat het geval zou zijn want het voorkomt eventueel gedoe in het vervolgproces in de zin van bezwaren et cetera. In het proces is een klankbordgroep opgericht die bestond uit omwonenden, mensen uit Beekweide I en mensen uit Renswoude die in deze wijk willen wonen. Er zijn keuzemodellen voorgelegd over welke mogelijkheden er waren en met inbreng van de klankbordgroep zijn keuzes gemaakt. Het resultaat ligt voor en die behoefte is er dus zeker want als er bijvoorbeeld meer behoefte was geweest voor een lichtere kleur steen was dat naar voren gekomen. Dit plan past in de grondexploitatie.
Vorig jaar is een grex aan de raad gepresenteerd en daar zat in de basis dit model al in. Als er veel meer goedkopere woningen worden gemaakt heeft dat een direct effect op de grondexploitatie omdat het resultaat minder wordt. De hoofdontsluiting is de straat Beekweide die naar de Barneveldsestraat gaat. De Slootstraat sluit zo meteen aan op de Hokhorst en die is puur bedoeld om de mensen vanuit Beekweide naar De Hokhorst te brengen. Vooral de beweging naar de school wordt hierdoor uit de Meidoornlaan gehaald. De verbinding naar De Hokhorst en de Meidoornlaan wordt zo oostelijk mogelijk in het plangebied gedaan zodat de meeste mensen via de hoofdontsluiting naar de Barneveldsestraat gaan. De schoolgaande ouders gaan daardoor via de Slootstraat de Hokhorst bereiken. Als de doelgroepenverordening is vastgesteld geldt die voor de hele wijk. Er zijn veel gesprekken gevoerd met de gebruikers van de volkstuinen. Er is op dit moment geen alternatieve locatie en het college heeft ook besloten om daar niet actief mee aan de gang te gaan. Er is wel gekeken of er mogelijke locaties in de omgeving zijn. Er zijn locaties verkend aan onder andere de Ubbeschoterweg maar het is niet gelukt om daar overeenstemming met de gebruikers over te bereiken omdat de betreffende grondeigenaren daar niet in mee wilden gaan.
Mensen die een volkstuin willen kunnen zich op een wachtlijst laten plaatsen voor de volkstuinen op Zuid. De heer Wichgers merkt ten aanzien van de 4 lagen op dat het er bij stedenbouw altijd om gaat waar het landschappelijk en ruimtelijk inpasbaar is. Het biedt een mooi uitzicht vanuit het gebouw zelf maar ook wat het gebouw doet naar de omgeving. De hinder wat betreft schaduw en privacy is laag, ook door de vorm van de kap, en in het plan is hier de meeste ruimte waardoor het daar zeer goed past met die hoogte en kapvorm. Er is een bewuste stedenbouwkundige en landschappelijke keuze gemaakt om de Beekweide ervaarbaar te maken zodat de woningen met de voorkant daarnaartoe zijn georiënteerd en de woningen die aan de Beekweide liggen in Beekweide I worden gecontinueerd in het plan. De heer Bisschop begrijpt dat in een later stadium dingen nog kunnen worden aangepast wanneer dat blijkt uit het behoefteonderzoek en dat straks het daadwerkelijke plan hieraan getoetst gaat worden. De heer Pronk herhaalt dat op pagina 3 in het coalitieakkoord staat dat de maximale bouwhoogte in Renswoude wordt beperkt tot 3 bouwlagen om het dorpse karakter te behouden. Als het gebouw zo wordt als op de getoonde foto met die kapvorm past het in het geheel maar die foto is slechts een voorbeeld. Als er een duidelijk verhaal komt van dit gaat het worden wil de fractie best naar een uitzondering kijken.
Zo niet, dan wordt niet op voorhand gezegd dat daarvoor een uitzondering moet worden gemaakt. Verder is het een prachtig plan.
Pagina 14 van 16
De heer Van der Schoor heeft ook begrepen dat wanneer er nog wijzigingen moeten plaatsvinden daar in de raad nog over kan worden gesproken maar de eerste reactie op dit plan is dat het een mooie groene basis is om als vertrekpunt te nemen voor de bouw van Beekweide II. Daarbij de complimenten voor degenen die dit hebben ontwikkeld en begeleid. De heer Verkerk blijft van mening dat het een mooi plan is. De heer Robbertsen vindt het een prachtig plan maar op een later moment moet nog specifieker worden teruggekomen op de huizen en de prijzen daarvan in het kader van de grondexploitatie. De heer Stutvoet zegt dat de fractie haar standpunt over de 4 bouwlagen zal geven bij de behandeling van het voorontwerpbestemmingsplan in de raad van april aanstaande, met een schuin oog naar het collegeakkoord. De heer Van Essen wijst erop dat in een bestemmingsplan de kapvorm is in te passen, de schuinte van een kap kan worden geregeld door de maximale goothoogte en maximale bouwhoogte op te nemen. Er is nu een hoogte van 12 m voor het appartementengebouw in gedachten. De bouwhoogte van de nokken van de woningen is 11 m. Dat is maar een meter verschil en als het op die manier in het bestemmingsplan kan worden meegenomen kan er iets moois van worden gemaakt.
De kans is erg klein dat nog wat kan worden bijgestuurd in een later stadium want de vraag is dan hoe ver de bestemmingsplanprocedure al is gevorderd voor dit project en het kan een drastisch effect hebben op het resultaat. De heer Van Drie geeft aan dat de welstandscommissie ook aan het beeldkwaliteitsplan gaat toetsen. De kappen zijn in overleg met de welstandscommissie gemaakt en die zal het plan van een architect toetsen op hoe de kappen zijn omschreven in het beeldkwaliteitsplan. De heer Van Essen legt uit dat onderhavig stedenbouwkundig plan wordt vastgesteld door het college. Het stedenbouwkundig plan is een bijlage bij het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan wordt door de raad vastgesteld en dat komt voor de eerste keer in april aanstaande in de raad. 12. Stand van zaken overige projecten Burgemeester Doornenbal zegt dat alles wat betreft de brandweerkazerne voorspoedig gaat. Het blijft zowel binnen het budget als binnen de tijd op dit moment. Wethouder Van ’t Foort meldt dat eind vorig jaar mevrouw Taets van Amerongen is overleden. Met haar vonden onderhandelingen plaats met betrekking tot de uitvoering van de motie Verkenning windenergie op de Emminkhuizerberg. De vervolggesprekken vinden plaats met haar rechtsopvolgers. 13.
Rondvraag De heer Stutvoet merkt op dat het Utrechts Landschap een oproep doet aan het college om te kijken of ze een boom wil planten in het kasteelpark. De duurste is € 500 en een wat kleinere € 25. In 1898 is in Renswoude de Koningin Wilhelmina boom in het Domineesbosje geplant. Helaas is die inmiddels vergaan en op het routepunt bij de Veenweg is een Burgemeester Schoorl boom gepoot die na een aantal jaren was geknakt maar er is weer een nieuwe in gezet. Daarom de oproep aan het college om een boom te schenken aan het kasteelpark ter gelegenheid van het 700-jarig bestaan. De heer Van der Schoor merkt op dat de wethouder aangeeft dat hij zich ten aanzien van de RES en windmolens wezenloos communiceert maar het wordt in het buitengebied soms anders ervaren. Bekend is dat sommige folders of flyers in het buitengebied niet aankomen. Als het bij de ontvangers niet zo ervaren wordt dat de wethouder zich wezenloos communiceert moet daar misschien wat aan gedaan worden. Dit in het kader van de mogelijke discussie aanstaande donderdag. Stel dat eind dit jaar de eerste windmolen wordt gezet, hoewel dat niet de verwachting is, voldoet de gemeente misschien in 2035 aan bepaalde doelstellingen. Ze blijven ongeveer 15 jaar staan. De windturbine is niet over 15 jaar afgeschreven maar de subsidie is dan al opgehouden.