Verslag raadscommissie 30 juni 2022
Tekst van het document
Verslag Raadscommissie Datum vergadering Aanwezig
30 juni 2022
Djuma: 558307/558309
voorzitter:
de heer J. Heijboer
secretaris:
de heer M.H.T. Jansen
de leden:
Dorpsbelang Renswoude: de heren C.E. Eskes en P. Robbertsen SGP: de heren H. Don en H. Hardeman CU: de heer S. van ’t Foort (vanaf agendapunt 6) en mevrouw C.M. Veldhuizen VVD: de heren B. Bisschop en E. Blaauwendraat CDA: de heren S. Hardeman en S. Verkerk
tevens aanwezig:
de heer J.A.M. Dirven (wethouder), de heer H.H. van der Schoor (wethouder) alsmede de heer E.J. Jansonius (gemeentesecretaris) en de heren Feskens (gemeente Veenendaal), Gosselink en Houve (accountants)
notulist:
de heer J.B. Kammeraad
1. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. 2. Vaststelling agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Ingekomen stukken en mededelingen De heer Eskes zegt dat het opheffen van de verhuurdersheffing mogelijkheden geeft aan het Woningbedrijf om de verduurzaming te bevorderen. In welke staat zijn de 47 woningen van de Taets van Amerongenweg? Hopelijk zijn er daarna projecten die snel kunnen worden verduurzaamd. Goed is dat de CV-ketels van de Taets van Amerongen worden hergebruikt. Wanneer wordt het project Van Reedeweg/Van Deylweg opgestart? De solvabiliteit van het Woningbedrijf stijgt steeds verder. Een percentage van 25% wordt gezien als gezond in het bedrijfsleven. Hoe moet dan het percentage van 15,5% van het Woningbedrijf worden beoordeeld? Op pagina 17 van de jaarrekening word een deel van de onderhoudskosten die gemaakt zijn in het afgelopen jaar als resultaatbestemming opgenomen als bedrijfslast. Het leenbedrag per woning is € 73.000 in 2021. Vandaag was er een nieuwsbericht dat het kabinet en de woningcorporaties afspraken hebben gemaakt over lagere huren voor huurders met een inkomen op of onder 120% van het sociaal minimum en een huurverhoging naar € 550. In 2024 komt daarvoor een eenmalige huurverlaging van gemiddeld € 57. Verder moeten er meer sociale huurwoningen worden gebouwd en woningen moeten worden verduurzaamd.
Er dient per gemeente te worden gestreefd naar 30% sociale huurwoningen. Dit alles moet worden gefinancierd met
Pagina 1 van 12
de verhuurdersheffing. Hoe gaat het Woningbedrijf acteren op deze overeenkomst met de woningcorporaties en wat verwacht het Woningbedrijf over de impact van de afspraken? Wethouder Van der Schoor verzoekt de commissieleden om vragen over de jaarstukken van het Woningbedrijf schriftelijk in te dienen aangezien het is geagendeerd als ingekomen stuk en niet als debatstuk. Dan kunnen de antwoorden voor 5 juli aanstaande worden gegeven. De heer Bisschop constateert dat het eigen vermogen 5 miljoen is en het balanstotaal 33 miljoen. Dus is er sprake van 15% solvabiliteit maar het is niet zo dat het Woningbedrijf heel veel schulden heeft want van die 26 miljoen kan eigenlijk worden gezegd dat dit ook van het Woningbedrijf is. De solvabiliteit is dan 93%. De woningen aan de bezit kant zijn gewaardeerd op 26 miljoen als boekwaarde. In werkelijkheid zijn ze veel meer waard en daar zit dus een stille reserve in. De solvabiliteit is dus in werkelijkheid ontzettend goed. 4. Presentatie en gesprek inzake verstedelijkingsstrategie Arnhem-Nijmegen-Foodvalley Wethouder Van der Schoor legt uit dat Renswoude onderdeel is van Foodvalley Zuid en agendalid van Foodvalley Noord. Gerelateerde onderwerpen zijn regionale ruimtelijke verkenning Foodvalley en regionaal programma landelijk gebied, regionale energiestrategie, regionale en provinciale programmering wonen en werken.
Uiteindelijk moet het één verstedelijkingsstrategie worden. De heer Feskens geeft aan dat hij werkt bij de gemeente Veenendaal en hij is heel erg betrokken bij de Regio Foodvalley. Samen met de gemeente Ede zijn zij gebiedstrekker voor Foodvalley Zuid. Samen met een collega van Ede zitten zij in het kernteam voor de verstedelijkingsstrategie. Er komen een aantal hele grote opgaven op het gebied af waaronder woningbouw. In totaal gaat het om 100.000 woningen en voor Foodvalley om 40.000 woningen om aan de behoefte van de regio te kunnen voldoen. Daarnaast zijn grote opgaven klimaat, natuur, energietransitie, landbouw, mobiliteit en economie. Solitaire gemeenten en zelfs binnen Foodvalley kunnen die opgaven niet meer goed worden opgepakt. Bijvoorbeeld mobiliteit is grensoverschrijdend en dit gebeurt in samenwerking met het Rijk, 2 provincies, waterschappen, gemeenten en regio’s. Er wordt aan gewerkt om eind van dit jaar een verstedelijkingsakkoord te hebben met het Rijk. De heer Jansen vult aan dat de regionale opgave gezamenlijk moet worden aangepakt. Elke gemeente blijft natuurlijk verantwoordelijk voor zijn eigen grondgebied maar het is belangrijk om alles op elkaar af te stemmen. Renswoude ligt in de provincie Utrecht maar ook in de Regio Foodvalley en dan is het best lastig om dingen te programmeren.
In de Regio Foodvalley worden afspraken gemaakt maar de provincie Utrecht doet dat ook. Daarom is de afstemming en elkaar vinden daarin belangrijk. Foodvalley Zuid is door het Rijk inmiddels aangewezen als grootschalige woningbouwlocatie en dat wordt waarschijnlijk in de uitvoering naar voren gehaald. De inhoudelijke onderwerpen waar het voor Renswoude vooral om gaat zijn de goede verbinding openbaar vervoer, het behoud van het intercitystation Veenendaal-De Klomp, de kleine kernen die überhaupt verbonden moeten worden met busverbindingen. De fiets moet belangrijker worden. Bekeken zou moeten worden of de parkeernota kan worden gehandhaafd in het kader van meer de fiets promoten. Het is van belang om het coulissenlandschap en het kampenlandschap te behouden. De landbouw met de stikstofdiscussie de afgelopen weken. Het Regionaal Perspectief Landelijk Gebied is gekoppeld aan het Nationaal Programma Landelijk Gebied en dat is belangrijk voor een plattelandsgemeente als Renswoude. De woningbouw, de economie, de cultuurhistorie met onder andere de Grebbelinie zijn de highlights voor Renswoude die van belang zijn.
Pagina 2 van 12
In oktober 2020 is een contourennotitie door het college vastgesteld. In april 2020 was de consultatieronde met de gemeenteraad. In september 2021 kwam het verstedelijkingsconcept met het principe van de gebiedsuitwerkingen en die worden nu vormgegeven in de opgavebeschrijvingen die voorliggen. De moties en amendementen die door diverse gemeenteraden toen zijn ingediend worden ook meegenomen in het verdere vervolg. De heer Feskens memoreert dat vorig jaar door de 26 gemeenten, de provincies en het Rijk is vastgesteld het verstedelijkingsconcept met als titel Meer landschap meer stad. Er wordt niet alleen gezocht naar waar breiden uit maar vooral hoe kunnen we zoveel mogelijk met inbreiding aan de gang door verdichting in de bestaande kernen. Waar nodig kan worden uitgebreid maar tegelijk dient het landschap te worden versterkt en dat kan zijn door meer natuur toevoegen maar het kan ook zijn door het bereikbaar maken van bestaande groengebieden, de biodiversiteit vergroten, natuurherstel en versterking van de waterkwaliteit. Het verstedelijkingsconcept is in 4 bouwstenen opgebouwd. Het eerste is leefomgeving en dat betekent dat verstedelijking op een duurzame gezonde manier moet gebeuren en uitnodigen voor bewegen per fiets en te voet voor de korte afstanden. De tweede bouwsteen is mobiliteit.
In de afgelopen periode zijn onderzoeken gedaan hoe toevoegen van woningen en economie kunnen worden gefaciliteerd qua mobiliteit. De derde bouwsteen is economie. Dat is de lastigste. De 40.000 woningen zijn gebaseerd op bevolkingsprognoses. Voor economie is er een soort doorvertaling naar 2030 toe maar het is veel moeilijker om tastbaar te krijgen waar precies behoefte aan is. Wat betreft de woningbouw zijn er inmiddels locaties in onderzoek van waar nog de laatste sprong kan worden gemaakt om aan die 40.000 woningen te komen. De Veluwe is als spoor ook belangrijk, namelijk hoe in de toekomst op een goede manier sprake kan zijn van natuurherstel en het kan bijdragen aan recreatie en op bepaalde plekken de recreatiedruk verlagen. Eind dit jaar moet het verstedelijkingsakkoord worden gesloten. In maart 2022 zijn door de verschillende colleges de concept gebiedsuitwerkingen vastgesteld als een soort leidraad voor de toekomst toe. Voor de zomer 2022 de informatieronde langs alle raden en de Staten. Na de zomer moet er besluitvorming komen over de gebiedsuitwerkingen en uiteindelijk naar het akkoord toe. De gebiedsuitwerkingen zijn vooral bedoeld om te testen op de ontwerpprincipes die in 2021 zijn vastgesteld en gezocht gaat worden naar de concrete invulling. Op een aantal thema’s zijn er aan het eind van het jaar nog best wel wat onderzoeksvragen.
Deze regio loopt namelijk landelijk achter op de andere regio’s wat betreft deze ontwikkeling. De heer Jansen merkt op dat er altijd consensus is geweest over het dorpse karakter van Renswoude maar het grote verstedelijkingsconcept heeft natuurlijk wel invloed op Renswoude. Bij wonen gaat het om de doelgroepen waarvoor je wilt bouwen, betaalbaarheid, sturen op woonlasten, opkoopbescherming. Van de 40.000 woningen in totaal moeten er in Foodvalley Zuid ruim 27.000 woningen komen waarbij de 500 van Renswoude zijn meegeteld. Economie is voor Renswoude vooral van belang om voor de lokale bedrijvigheid bedrijfsterreinen te kunnen faciliteren. Wat betreft mobiliteit spelen de rondweg en de verkeersveiligheid van de N224, de bereikbaarheid met het openbaar vervoer en goede fietsverbindingen. Voor de nieuwe wijk is er een parkeernorm vastgesteld maar voor de toekomst moet er over worden nagedacht of dat kan worden gehandhaafd gezien een grotere inzet op openbaar vervoer of fietsen. Wat betreft energie en duurzaamheid. Renswoude heeft in het kader van de RES vooral gekozen voor zon op dak maar de
Pagina 3 van 12
meningen zijn verdeeld of dat voldoende is. Dit wordt nader uitgewerkt in de RES 2.0. Groen groeit mee is een programma dat in de provincie Utrecht speelt om het groen mee te laten groeien met andere stedelijke ontwikkeling. Recreatie en toerisme bevorderen is een thema wat hier nadrukkelijk speelt en ook op de Veluwe aan de orde is. Wat betreft landbouw is aan de orde het Regionaal Perspectief Landelijk Gebied en het beleid op het gebied van de vrijkomende agrarische bebouwing. De afgelopen 20 jaar is een autonome ontwikkeling aan de gang dat agrariërs stoppen met hun bedrijven en dat gaat op dezelfde voet of versneld door. De Grebbelinie loopt als een ader door en langs het dorp want het is eigenlijk de grens tussen Utrecht en Gelderland. Dit is een belangrijk rijksmonument waar rekening mee moet worden gehouden bij de ontwikkelingen die gaan plaatsvinden. De heer Feskens legt uit dat de integrale kaart die bij de stukken zit nog in concept is en wordt aangepast aan de hand van de discussies die nu gaande zijn in de raden. Bij mogelijke uitbreiding van woningbouw gaat het om 5 richtingen waarnaar gekeken wordt. Het gaat dan bijvoorbeeld om een rode stip onder Veenendaal op het grondgebied van Rhenen. Dit is een potentieel nieuw station dat al in het toekomstbeeld OV 2040 van het Rijk zit.
Daar zou een nieuw station kunnen komen op het moment dat daar verstedelijking gaat plaatsvinden. Daarnaast is er een locatie rondom station Veenendaal-De Klomp. Een ICstation met aan de ene kant het bedrijventerrein en daar zou je kunnen kijken of je met verstedelijking aan de gang kan. Er staan een aantal verkeersknelpunten op de kaart zoals de Rijnbrug en er zit een OV-verbinding in die rondom het Binnenveld zou moeten gaan rijden tussen de oude werfgemeenten. De heer Bisschop vraagt wat het plan is om de verbinding te verbeteren met betrekking tot de Rijnbrug. De heer Feskens zegt dat het de bedoeling is om de Rijnbrug te verbreden naar 2 × 2 rijbanen. Vorig jaar is geconstateerd dat er sprake is van een financieel tekort. De provincie Utrecht was bereid om extra bij te springen maar de provincie Gelderland niet en er loopt nu een soort taskforce van mensen uit beide provincies en gemeenten die aan het zoeken zijn naar creatieve oplossingen om dat knelpunt op te lossen. Dat zou kunnen zitten in niet 2 × 2 maar een andere vorm of in de financiële zin. Met de bouw van ruim 27.000 woningen is dit natuurlijk iets dat moet worden aangepakt want ondanks de nadruk op OV en fiets blijft de auto een belangrijk instrument voor mensen om zich te verplaatsen.
De heer Bisschop vraagt of er ook naar is gekeken om de A30 door te trekken naar de A15 want dat zou een oplossing kunnen zijn voor de druk op de Rijnbrug en op de Dorpsstraat in Renswoude. De heer Feskens zegt dat daar in het verleden vaker naar is gekeken en toen is geconcludeerd door het Rijk dat dat niet gedaan gaat worden. Vanuit Veenendaal is er ook naar gekeken, in verband met de verkeersdruk op de rondweg Oost, maar toen is geconcludeerd dat het doortrekken van de A30 geen oplossing biedt. Dit is ook geen oplossing omdat het vooral verkeer vanaf de A50 hier naartoe gaat halen. Na het verstedelijkingsakkoord moet er een langjarige samenwerking zijn tussen alle partners. Zeker in het kader van de woningbouw is dit voor misschien wel 20 jaar van belang. De 100.000 woningen is een prognose waarin voor de komende jaren wel wat overcapaciteit moet zitten in de plannen want de ervaring leert dat plannen niet altijd doorgaan of dat ze kleiner worden. Daarnaast wordt dus een adaptief programma ontwikkeld waarbij steeds wordt gekeken of nog op koers wordt gelegen of dat het bijstelling vraagt en als het in het ene gebied niet lukt of in het andere gebied dan een stapje extra kan worden gedaan. Daarnaast worden er specifieke afspraken gemaakt over grote projecten in de verstedelijkingsstrategie zoals de A12 corridor. Daarop zal echt iets moeten
Pagina 4 van 12
gebeuren om alle vragen op te kunnen afwikkelen. Rondom Ede en Veenendaal spelen al op dit moment de problemen met netcongestie en dat zal ook tot afspraken moeten leiden in de komende periode. Hier spelen zeker Rijk en provincie een belangrijke rol. Het is een samenwerkingsafspraak tussen verschillende lagen van de overheden en dat wordt gedaan op een open en gelijkwaardige manier maar natuurlijk houdt elke partij zijn eigen bevoegdheid, taken en rollen in het ruimtelijke domein. De doorvertaling of nietdoorvertaling van de verstedelijkingsstrategie vindt plaats in de omgevingsvisies van de verschillende gemeenten en de omgevingsplannen. Dat neemt niet weg dat wederzijds commitment wordt afgesproken. De heer Eskes merkt op dat er sprake is van veel problemen die samenkomen zoals bijvoorbeeld de netcongestie. Er dient hier wel regie te worden gevoerd. De heer Feskens zegt dat de opzet inderdaad integraal is maar het is bijvoorbeeld best ingewikkeld om de belangen van het stedelijk gebied en het landelijk gebied bij elkaar te brengen. Toch wordt geprobeerd om zoveel mogelijk de integraliteit te zoeken. Zo wordt er bekeken hoe de RES 2.0 meer aan de verstedelijkingsstrategie kan worden gekoppeld in het kader van de ruimte die de energietransitie vraagt.
Er wordt gekeken met welke locaties meer of minder snelheid moet worden gemaakt in het kader van bijvoorbeeld verkeersproblemen of netcongestie door bijvoorbeeld op een andere locatie de focus te leggen en andere locaties naar achteren te schuiven. Daar zit dus ook de integraliteit in, niet alleen op inhoud maar ook in de fasering. De heer Eskes stelt dat Renswoude met de landelijke insteek veel beter bij het landelijk gebied zou passen. Toch is Renswoude deel van het zuidelijke gebied terwijl Renswoude niets heeft te zoeken in dat stedelijke gedoe van de grotere plaatsen. De heer Feskens legt uit dat er niet zo’n duidelijke grens moet worden getrokken tussen Noord en Zuid. Dit is een soort werkgrens om de gebiedsuitwerking goed vorm te kunnen geven. Renswoude heeft wel degelijk een verbinding met De Klomp en omgeving en daar ligt een verstedelijkingsvraagstuk. Wat betreft mobiliteit is Renswoude meer op dit gebied aangewezen dan op Noord. Het klopt dat het landelijke verhaal veel meer in Noord zit wat betreft de landbouw. Het zuidelijke deel is vooral het Binnenveld maar dat is van een heel andere orde van grootte dan bijvoorbeeld de Vallei. In de nieuwe versie die na de zomer komt is de tekst met die 44 gecorrigeerd. Mevrouw Veldhuizen merkt op dat de Regio Foodvalley huizen wil bouwen maar de provincie Utrecht heeft ook ideeën over woningbouw.
Hoe verhoudt zich dat tot elkaar en tot de provincie Gelderland? De heer Feskens geeft aan dat de opgaven door beide provincies worden gedeeld maar wat betreft de doorvertaling zit er wel eens verschil tussen Utrecht en Gelderland. Dat zit soms op accentverschillen in beleid. Dan is het een beetje zoeken hoe dat kan worden opgelost maar meestal gaat dat wel goed. Soms zit het in hele praktische dingen. FoodValley heeft bijvoorbeeld een eigen woningmarkt en monitor en er worden afspraken gemaakt met de 8 gemeenten. De provincie Gelderland moet daar ook iets mee richting de Staten en in Utrecht is daarvoor het regionaal programmeren gekomen. Dan is het af en toe wel puzzelen omdat je dingen gevoelsmatig dubbel aan het doen bent. Geprobeerd wordt om dat te stroomlijnen maar soms moet je gewoon doen wat er daar bedacht is qua werkwijze. De heer Jansen merkt op dat de ruimte schaars blijft en de opgaven zijn groot. Het blijft een hele uitdaging om dat alles kwijt te kunnen op de kleine footprint. Mist de raad opgaven of waar moet nog meer rekening mee worden gehouden?
Pagina 5 van 12
De heer Bisschop stelt dat de boeren moeten weg en de regio gaat verstedelijken wel een zure bijsmaak geeft bij deze verstedelijkingsstrategie. Renswoude heeft ingebracht wij bouwen binnen de beken en we houden ons gebied landelijk. Daar is in dit plan aan voldaan. Op zich is het positief als het station wordt verbeterd maar toch geeft het een beetje een gek gevoel om het hier zo over te hebben. Het behoud van cultuurhistorie is aanleiding om nog eens met de gemeente Ede het gesprek aan te gaan over het windmolenplan. Spreker heeft hierover een conceptbrief naar de raad gestuurd zodat de raad daarop een reactie kan geven op 5 juli. Minister De Jonge stelt dat gemeenten 30% sociale huurwoningen moeten neerzetten. Renswoude heeft een mooi woningbedrijf en er is bijna 20% sociale huur. Dit zou behoorlijk wat impact hebben. De vraag is of Nederland zo hard groeit maar in ieder geval is het zo dat er veel asielmigratie is. Dat komt nergens terug in het verhaal. De woningmarkt in de Randstad zit helemaal vol want daar komt iedereen met voorrang binnen en dan is ook de vraag welk probleem wordt hiermee opgelost in de regio. Ook de vraag van het energievraagstuk vraagt ruimte maar in april waren al 2 dagen dat alle elektriciteit werd opgewekt door zon en wind. Er komen plannen voor 2 kerncentrales en dat is ideaal want dat geeft een meer stabiele elektriciteitslevering.
Van het energiegebruik in Nederland is maar 20% elektriciteit en waarom zou er dan in de Regio Foodvalley nog eens 350 ha aan landbouw- en natuurgrond worden opgeofferd wat in de RES-plan stond want er is helemaal geen vraag naar. De elektriciteitsvraag groeit ongeveer 2% per jaar maar iedereen is behoorlijk bezig met het plaatsen van zonnepanelen op het dak door de hoge gasprijzen. Welke problemen worden er nu opgelost? Er wordt ook gesproken over natuurherstel maar in de laatste tijd is al heel veel agrarische grond aan de natuur gegeven in deze regio. Het credo is meer landschap meer stad maar wellicht moet dat worden veranderd in meer boerenlandschap meer stad. Wat zou de regio daarvan vinden? De heer Feskens geeft aan dat de minister heeft gezegd dat er naar moet worden gestreefd dat ongeveer elke gemeente 30% sociale huur in de totale woningvoorraad heeft. Het is echter de vraag of het ook zo gaat worden want het is nog geen beleid, het is slechts een uitspraak. Er kunnen ook nog verschillen zitten in of het echt per gemeente moet of per regio. De gemeente Veenendaal zit veel hoger in sociale woningbouw en daar zou dan in de verstedelijkingsstrategie juist gebruik van kunnen worden gemaakt.
Gehoord is dat dit een vereiste wordt om überhaupt voor een subsidieregeling van het Rijk in aanmerking te komen en dan zal het vooral van toepassing zijn op de grotere woningbouwlocaties want voor een locatie onder de 200 woningen is op dit moment geen subsidie van het Rijk beschikbaar. Het grootste gedeelte van de vraag bij verstedelijking is behoefte binnen de regio maar zeker op de plekken die goed bereikbaar zijn is er een overloop vanuit het westen. Toen 2 jaar geleden werd begonnen met de verstedelijkingsstrategie moesten er nog voor de ruim 27.000 woningen voor 20.000 woningen plannen buiten de bestaande kernen worden gezocht en inmiddels zie je dat met name Ede, Wageningen en Veenendaal goed hebben gekeken of ze meer woningen in de bestaande kernen kwijt kunnen en nu is er nog maar een uitbreidingsbehoefte van 10.000 woningen buiten de bestaande kernen. De heer Don zegt dat de lokale thema’s die geschetst zijn goed weergeven hoe de raad erin staat maar spoort het wel met de regionale ambities? Deze regio is aangewezen als woningbouwlocatie maar dat gaat schuren met het behouden van het dorpse karakter. Wat gaat er gemerkt worden van het bevorderen van het fietsverkeer? De heer Feskens merkt op dat Renswoude formeel een grootschalige woningbouwaanduiding heeft gekregen maar het is nog nader te bepalen waar het dan concreet over gaat.
Het gaat er dan om waar grootschalig gebouwd gaat worden en het Rijk heeft ook meegegeven dat ze niet naar woningbouwplannen voor 10 woningen gaat kijken. Het gaat
Pagina 6 van 12
het Rijk om waar zitten de grote opgaven waar het Rijk ook daadwerkelijk een rol moet spelen als het gaat om bijvoorbeeld mobiliteit of andere investeringen die nodig zijn. Tot nu toe is de kleinste locatie waar het Rijk afspraken over maakt een locatie met 3500 woningen. Er moet nog ruimte worden gezocht voor 10.000 woningen en dat behelst die 5 woningbouwlocaties. Niet alle 5 locaties zijn nodig om de vraag te kunnen invullen. Er komt nog een ruimtevraag voor economie en daar zal ook nog ruimte voor gevonden moeten worden en dat zal uiteindelijk mee gaan lopen in die 5 zoekrichtingen. Het kan dus ook om eventueel ruimte voor economie bij die 5 locaties gaan. De heer Jansen vult aan dat de fietspromotie onderdeel is van de N224, het onderzoek waarmee de provincie van start gaat. Bij de herinrichting van de N224 is daar waarschijnlijk niet veel ruimte voor maar het maakt er wel onderdeel van uit. In de verstedelijkingsstrategie wordt nadrukkelijk gekeken in ruimer verband naar de achterlandverbindingen. Men moet bijvoorbeeld goed het station Veenendaal-De Klomp kunnen bereiken vanuit Scherpenzeel door Renswoude. De heer Bisschop zegt dat als de fiets wordt gekoppeld aan parkeernormen de vraag natuurlijk wel is of er dan minder plekken voor auto’s nodig zijn. Als iemand vanuit Renswoude in Veenendaal wil zijn of ergens in de regio is dat heel slecht geregeld met het OV.
Het kan niet zo zijn dat er straks wijken worden gebouwd met een parkeerproblematiek. Natuurlijk moeten er ook afwijkingen mogelijk zijn gelet bijvoorbeeld op de discussie met de supermarkt. De heer Jansen geeft aan dat natuurlijk de parkeernota niet aan de kant wordt geschoven als nog niet bekend is hoe de problemen in het OV-netwerk opgelost gaan worden want er zijn inderdaad knelpunten en daar zullen volgtijdelijk afspraken over moeten worden gemaakt. Wethouder Van der Schoor heeft 1,5 week geleden een presentatie over mobiliteit meegemaakt en daaruit bleek dat de provincie 49% aan stikstofreductie moet doen, gemeten vanaf 1990. Daarnaast moet ervoor worden gezorgd dat de N224 veilig blijft en het OV-netwerk op peil blijft. Daarop heeft de provincie Utrecht gezegd dat naar sommige provinciale wegen gekeken gaat worden. Er is geen studie gedaan naar rondwegen. Een en ander betekent dat het nog een grote uitdaging wordt. Er dient ook een analyse te worden gedaan naar de groei van de bevolking want gaat het dan om groei in de bevolking of is het de aanwas van buiten af. De Nederlandse bevolking groeit niet meer en alleen door aanwas van buiten groeit Nederland nog. Wat betreft stikstof moet misschien in de toekomst wel worden gekeken naar duurzame bouw met meer gebruik van hout dat stikstof opneemt. Dat zijn allerlei studies die naast elkaar lopen.
Wethouder Dirven zegt dat de vraag zou kunnen worden gesteld wat onder sociale woningbouw moet worden verstaan. Die ziet er heel anders uit in de Schilderswijk in Den Haag dan in Renswoude en dat zou dan ook in Renswoude niet van toepassing mogen zijn. Je zou ook kunnen kijken naar betaalbare woningen voor statushouders. In ieder geval moeten er meer betaalbare woningen komen en dan kom je misschien wel aan 30%. In een bijeenkomst over de RES zei de provincie als jullie niet kiezen, dan kiezen wij wel. De heer Verkerk merkt op dat de uitbreiding van het bedrijventerrein in Renswoude al flinke problemen geeft en dan is de vraag hoe je dat straks kunt organiseren in breder verband. Er moeten eens met elkaar de juiste oplossingen bedacht worden. Er is van diverse kanten tegenwerking en dan moet je ook nog 1,2 ha natuur weggeven. Als je ziet waar je allemaal rekening mee moet houden sta je voor wel hele grote uitdagingen. Er is in Renswoude ook
Pagina 7 van 12
gezegd dat het niet ten koste mag gaan van landbouwgrond maar als straks wordt gebouwd tegen Veenendaal en De Klomp. Waar wordt straks dan nog werkgelegenheid gerealiseerd? Komt die werkgelegenheid dan ook niet richting Renswoude? Het is een hele grote uitdaging en daar moet de raad kritisch op blijven. De heer Blaauwendraat stelt dat na 2040 Renswoude helemaal op slot wordt gegooid omdat het dan in een buffer van natuur ligt. Wordt gekeken hoe Renswoude nog na 2040 kan uitbreiden? De heer H. Hardeman zegt dat mobiliteit een kritische factor is in de provincie Utrecht. De provincie Gelderland heeft problemen opgeworpen ten aanzien van de verbreding van de Rijnbrug. Meer stad meer landschap wordt al 2 jaar gezegd maar dat geeft een verkeerde voorstelling van zaken. Natuurlijk moet worden gewaakt voor de kwaliteit van het water en voor de biodiversiteit maar dit gaat ten koste van landbouwgrond. Meer stad meer landschap is een verkeerde voorstelling van zaken. Er is een plan om 25.000 woningen te bouwen in Stroe. Wordt er langs elkaar heen gewerkt? De heer Feskens geeft aan dat verplaatsing van bedrijven voor transformatie op meer plekken speelt. Geprobeerd wordt om daar goede afspraken over te maken in het akkoord. Er zijn op rijksniveau wel een aantal mogelijkheden ontstaan om dit soort projecten van de grond te krijgen in financiële zin.
De Woningbouwimpuls is een van de regelingen die ervoor bedoeld is om de tekorten op een project gefinancierd te krijgen. Daar kan de verstedelijkingsstrategie juist helpen om er in financiële zin hulp bij te krijgen. Het Rijk en de provincie kunnen een bijdrage leveren om zo’n project financieel haalbaar te maken. Het plan Stroe City kwam voor de Regio Foodvalley ook als een grote verrassing. Dit is vanuit de provincie Gelderland gebeurd. Het is teruggetrokken en er zijn ook excuses voor aangeboden. Dit is gebeurd in het kader van de verticale arrangementen die de provincies moeten gaan sluiten met het Rijk. Dat gaat over de hoeveelheid woningen maar ook over de ruimtelijke puzzel. Het was vooral bedoeld om uit te nodigen om daarover in gesprek te gaan en het was nog geen concreet plan. Er gaat nu een project komen om dat veel meer in gezamenlijkheid te doen heeft de provincie toegezegd. Wat betreft het plan van de provincie Utrecht met de windmolens. Juist met een langjarige samenwerking kun je elkaar aanspreken op dat soort zaken. Geprobeerd wordt om het op een integrale manier te doen en dan kan het best zijn dat er soms iets opspeelt op één thema waarover een plan komt maar dan is er altijd een terugvaloptie om in het kader van de verstedelijkingsstrategie met elkaar er het goede gesprek over te voeren.
Wethouder Dirven zegt dat overheden en partijen soms ook de hand in eigen boezem moeten steken. Er moet beter naar elkaar worden geluisterd, ook van bovenaf naar beneden. De heer Eskes zegt dat recreatie en toerisme belangrijk is voor mensen die hier komen wonen. Voorziet de Gelderse Vallei er ook in dat die een rol moet spelen in het verminderen van de recreatiedruk op de Veluwe? Op pagina 40 staat dat het landbouwperspectief van de Regio Foodvalley moet worden opgesteld. Is daar iets meer over bekend? De heer Feskens zegt dat nog niet bekend is hoe die 30% sociale woningbouw precies gaat uitpakken. Het lijkt deze kant op te gaan maar of dat ook zo is kan op dit moment niet worden gezegd. Ook is nog niet bekend of het dwingend beleid gaat worden. De vraag naar goedkopere koopwoningen is zeker in deze regio minstens zo belangrijk als het sociale huursegment. Misschien kan het ook in regioverband in plaats van op gemeenteniveau. Wat betreft de recreatiedruk wordt nu gezien dat vooral naar de randen van de Veluwe wordt gekeken. Recreatie betekent echter ook banen. Als het gaat over economie hoeft dat
Pagina 8 van 12
niet allemaal op een industrieterrein te zijn. De vraag over het lint waarover ook wordt gesproken moet worden nagekeken. De heer Don gaat er vanuit dat de bevolkingsaanwas vooral door migratie komt maar bij de bouw van woningen moet worden meegenomen dat er steeds meer eenpersoonshuishoudens komen. De heer Feskens bevestigt dat het aantal mensen per woning afneemt en dat zorgt ook zeker voor een grotere vraag naar woningen. Starters hebben behoefte aan kleinere woningen maar er ligt ook voor seniorenhuisvesting een forse uitdaging want de vergrijzing vindt inderdaad plaats. De heer Blaawendraat zegt dat er meer woningen moeten worden gebouwd voor alleenstaande starters. De heer Eskes merkt op dat de Grebbelinie een belangrijk cultuurhistorisch element in het landschap van deze omgeving is. Bij verstedelijking van Veenendaal-De Klomp zal een behoorlijke afstand tot die linie in acht genomen moeten worden. De voorzitter schorst de vergadering tot 21.00 uur. De voorzitter heropent de vergadering. 5. Gesprek met de accountant over de jaarstukken 2021 De heer Houve is controleleider voor het team van Renswoude. De heer Gosselink is momenteel accountant van 12 gemeenten en 11 gemeenschappelijke regelingen. De controle van de jaarrekening loopt nog maar de cijfers in de jaarstukken kloppen. Er moeten nog gecontroleerd worden de prestaties en de inkopen.
Daar worden steekproeven op gedaan. Er wordt nog gewacht op de verklaring van de zorgaanbieders. Daarnaast ontbreken er nog wat onderbouwingen die nodig zijn voor de laatste ronde. De kans dat de afronding nog effect heeft op de jaarstukken die er liggen is heel erg klein. De heer Verkerk vraagt tot wanneer de inkoop moet worden teruggezocht. Begrepen is dat dit heel lang is maar is dat geen onnodige tijdverspilling? Dit zou zelfs meer zijn dan 7 jaar. De heer Gosselink legt uit dat in de wet staat dat de accountant alles moet controleren wat er is. Dat betekent dat als de stukken er zijn die ook moeten worden gecontroleerd. Als de stukken er niet meer zijn wordt de conclusie getrokken. Het onderzoek gaat alleen over de stukken in het jaar 2021. Het onderzoeken van prestaties is complex. Er wordt een steekproef gemaakt van de onzekerheid die er is betreffende stukken die niet kunnen worden gevonden. De heer Bisschop vraagt of het positieve resultaat nu € 745.000 is of 1,1 miljoen als het resultaat van het Woningbedrijf erbij wordt genomen. Vorige keer was er een afkeurende verklaring. Volgens een hoofdlijn van de VNG is het zo dat de auditcommissie of de raad minimaal vraagt om de managementletter en om een reactie van het college daarop.
In een stuk van PwC staat dat de managementletter wordt besproken in het college en door een afvaardiging van de raad in het bijzijn van de accountant. Natuurlijk moet de raad niet op de stoel van het college gaan zitten maar de vraag is aan de raad of de controlerende rol beter vorm moet worden gegeven. De griffier heeft een vergelijkend onderzoek gedaan hoe hiermee wordt omgegaan in de regio. De heer Gosselink zegt dat de eerste vraag schriftelijk zal worden beantwoord. De nieuwe raad moet spreken over de inrichting van de governance structuur. Het is algemeen gebruik dat met de auditcommissie en de gemeenteraad wordt gesproken over de managementletter. Soms openbaar maar soms ook in een besloten commissie.
Pagina 9 van 12
De heer Jansen heeft de betreffende vraag afgelopen week in het griffiersoverleg gesteld en toen bleek dat de meeste gemeenten een auditcommissie hebben. Renswoude heeft een raad van 11 leden. Dat is nog overzichtelijk en dan is het de vraag of het een zinnig is om dat gremium op te tuigen voor dat doel. In een verordening zouden dan de taak en de bevoegdheden van de auditcommissie moeten worden opgenomen. Het is wel goed om het met elkaar te hebben over welk doel dient dit en is dan een gesprek met de accountant en het college in een besloten zitting nuttig. Misschien heeft het college hier ook een mening over. De heer Gosselink vult aan dat in de raad niet alle details kunnen worden besproken. Als het gesprek wordt gevoerd met een aantal specialisten kan er dieper op worden ingegaan en dat is het voordeel van een auditcommissie. De heer Don merkt op dat er het verleden nog wel wat knelpunten waren. Zijn daar inmiddels verbeteringen in te zien en wat zijn de aandachtspunten voor de toekomst waarop moet worden gelet? De heer Gosselink ziet enorme verbeteringen in de organisatie. Een belangrijk pijnpunt is dat wegens personeelsgebrek soms stukken niet kunnen worden geraadpleegd of gevonden. Dit kan effect hebben op de verklaring. Niet dat er een negatieve verklaring komt want als er geen informatie is kunnen er ook geen fouten worden gevonden en dan zijn er onzekerheden.
Daar moet dan wat van worden gevonden maar in ieder geval is sprake van sterke verbeteringen ten opzichte van vorige jaren. Straks komt er in het verslag een lijstje met adviezen en verbeterpunten. Renswoude is relatief een kleine organisatie en daar moet dan wat mee worden geschipperd. Belangrijk is dat de belangrijkste risico’s worden afgedekt en zo wordt ook geadviseerd, passend bij Renswoude. Anders worden de kosten voor de controle te hoog. Als het binnen de marge is van 1% van de totale lasten van Renswoude dat kan worden gecontroleerd is dat mooi. De heer Eskes vraagt of die 1% ook geldt voor de rechtmatigheid. De heer Gosselink geeft aan dat dit geldt voor de getrouwheid maar niet voor de rechtmatigheid. De rechtmatigheid zit in de aanbestedingen. De heer Eskes heeft het gevoel dat 2 keer hetzelfde wordt geconstateerd omdat daarover ook opmerkingen zijn gemaakt in het verleden. De heer Gosselink zegt dat dit nu niet meer het geval is. De heer Eskes constateert dat de algemene reserve voor 4,1 miljoen is geblokkeerd ten behoeve van de weerstandsratio. Na een raadsbesluit zou dat verlaagd kunnen worden zodat er meer ruimte komt voor andere bestedingen en projecten.
Hoe kijkt de accountant aan tegen de risicopositie van de gemeente en welk bedrag van de algemene reserve adviseert de accountant om te blokkeren in verband met de risico’s die de gemeente loopt? Hoe komt het dat er sprake is van verschillen in een goede solvabiliteit tussen gemeenten en het bedrijfsleven waar een percentage van 25 geldt? Het percentage overheadkosten is 16. Welke waarde geeft de accountant aan dat percentage? De heer Gosselink geeft aan dat de weerstandsratio heel mooi is. Dit is het belangrijkste kengetal voor een gemeente. Dat betekent dat de gemeente voldoende vermogen heeft om de risico’s af te dekken. Voor zover kan worden gezien heeft de gemeente de risico’s goed in beeld maar er zijn altijd verborgen risico’s. Als je kijkt naar wat De Nederlandse Bank heeft voorspeld voor de economie ziet het er de komende jaren slecht uit. De rente gaat stijgen, de koopkracht neemt enorm af. Een economische crisis heeft gevolgen voor de gemeentelijke organisatie. Overal in Nederland komt de bouw stil te liggen omdat projecten veel te duur zijn, hoge materiaalkosten en personeelstekort bij de aannemers. In de afgelopen periode heeft Nederland te maken gehad met een enorm productietekort en dat
Pagina 10 van 12
kan op korte termijn niet worden ingelopen. Dat betekent dat daar de grootste risico’s zitten maar die zijn niet meegenomen want dat zijn algemene economische ontwikkelingen. De solvabiliteitsratio is 40% en dat is voor een gemeente mooi. In het bedrijfsleven is deze ratio van belang voor het financieren maar bij de gemeenten niet. Het percentage overhead van 16 is keurig. Over het algemeen hebben kleine gemeenten een lager percentage omdat iedereen meewerkt en in het proces zit. Natuurlijk moet een voorbehoud worden gemaakt voor wat betreft de gemeenten onder overhead verstaan. Als een manager meer dan 50% managet valt dat onder overhead en als dat minder is dan 50% en dus meer uitvoerend valt dat helemaal niet onder overhead. De heer Bisschop stelt dat de solvabiliteit niet 40% maar eigenlijk 80% is omdat er stille reserves zitten in het Woningbedrijf van enkele tientallen miljoenen die niet in de boeken voor komen. De heer Gosselink zegt dat dit in de gemeentelijke tabellen niet mag worden meegenomen. De heer Don constateert dat de weerstandsratio van 1,5 naar 4,7 is gegaan. Voor een deel kan dat worden verklaard omdat een grondexploitatie is gestart. In hoeverre is hier sprake van een boekhoudkundige verhoging van de weerstandsratio en in hoeverre zegt het echt iets? Misschien gaat het volgend jaar wel van 4,7 naar 0,4.
De heer Gosselink zegt dat als de economische crisis er aankomt de risico’s enorm zullen stijgen en de ratio enorm gaat afnemen. Als een nu nog positieve grondexploitatie omslaat naar een flink verlies heeft dat een enorm effect. In de jaren 2008-2012 zijn bijvoorbeeld de ratio’s enorm gezakt. Goede tijden zijn belangrijk om te sparen voor slechte tijden. De heer Van ’t Foort is blij om te horen dat de rechtmatigheid ten aanzien van de aanbestedingen niet meer in het geding is. In Renswoude is het bijna een gewoonte dat wordt begroot en dat bij de jaarrekening sprake is van een forse plus. Moet de gemeente voortaan strakker begroten of is dit onoverkomelijk? Hoe kijkt de accountant aan tegen een auditcommissie? In ieder geval heeft de gemeente wel een rekeningcommissie. De heer Bisschop zegt dat het erom gaat wat de gemeenteraad wil. Nu krijgt de raad onvoldoende informatie en daarom heeft hij de vraag gesteld wat de raad ervan vindt om zo’n auditcommissie in te stellen. De heer Van ’t Foort is benieuwd wat voor extra informatie dit oplevert die relevant zou kunnen zijn. Wellicht is de behandeling van de managementletter voor de raad te gedetailleerd want die moet geen boekhouder gaan spelen of in de rol van de wethouder gaan zitten. In ieder geval heeft de ChristenUnie zijn mening hierover nog niet gevormd. Nederland heeft te maken met een wooncrisis.
De DNB heeft aangegeven dat richting een recessie wordt gegaan. Dat is een reden om nu vooral geen actief grondbeleid te gaan voeren en terughoudend te zijn met het bouwen van woningen vanuit financieel perspectief. In het verleden zijn gemeenten immers hiermee aardig in de problemen gekomen bij een economische crisis. De heer Gosselink geeft aan dat wanneer het resultaat over 2021 wordt geanalyseerd er sprake is van 2 pakketjes, namelijk een pakketje van 4 ton op de grondexploitatie en 4 ton op de algemene uitkering wat heel laat bekend werd. Bij een begroting ga je uit van wat je weet. Dan mag niet worden vooruitgelopen op resultaten van grondexploitaties of op mogelijke verhogingen van de algemene uitkering. Een auditcommissie heeft de rol dat die namens de raad toeziet op het handelen van het college. Dan kunnen allerlei vragen worden gesteld aan de accountant zonder dat het politiek wordt. Het gaat dus om toezicht houden en controle en de raad zit er wat dichter op.
Pagina 11 van 12
De wooncrisis en actief grondbeleid is een gevaarlijke combinatie financieel gezien. Als er sprake is geweest van fraude worden de volgende keer allerlei maatregelen genomen. Het risico van een actieve grondpolitiek is een stuk groter en het is belangrijk om risico’s te minimaliseren als er een crisis aankomt. Het is aan het college om risicomanagement uit te voeren. Op dit moment wordt heel veel grond door gemeenten in Nederland verkocht waar niet gebouwd wordt. De heer Don verwacht dat er wel raadsleden zijn die het gesprek willen aangaan met de accountant over de behandeling van de managementletter en de invoering van een auditcommissie maar zijn persoonlijke mening is dat het op dit moment wel goed gaat. De heer Verkerk sluit zich aan bij vorige spreker. Als er behoefte is bij fracties is het prima als dat georganiseerd gaat worden maar persoonlijk heeft hij geen behoefte aan. De heer Eskes vindt het prima als er raadsleden zijn die zich hierin willen vastbijten en dan moet dat mogelijk zijn. Wethouder Van der Schoor zegt dat hij hierover nog geen mening heeft. De heer Jansen stelt voor om hierover een keer in het presidium te spreken. De heer Bisschop vult aan dat als toch een keer het reglement van orde wordt besproken dit kan worden meegenomen. Daarnaast kan dan ook worden gehoord hoe het college hier in staat. 6.
Rondvraag De heer Bisschop memoreert dat de gemeente Renswoude negatief in het nieuws kwam in de Volkskrant met betrekking tot de prullenbakken. De fractie heeft contact gehad met het Utrechts Landschap maar dat was niet de eigenaar van de grond. Toen is begrepen dat de gemeente ook had gebeld. Wie is nu eigenaar van de grond en gaat de gemeente hier nog mee aan de gang? Gehoord is dat dit jaar verlichting komt bij het pad bij de voetbal. Daar zouden 4 lantaarnpalen komen. Wanneer worden die geplaatst? Bij de behandeling van de begroting is gezegd dat op de Oude Holleweg het vrachtverkeer geweerd zou worden. Toen werd er ook gezegd dat er wegmaatregelen moesten worden genomen. Komen die nog of is er alleen een bord geplaatst? Wethouder Van der Schoor zegt dat aan het routepunt wordt gewerkt. Uit het hoofd kan niet worden gezegd wie nu de eigenaar van de grond is. De mensen moeten even hun werk doen met de eigenaren en zodra daar iets over bekend is wordt de raad hierover geïnformeerd. De vraag over wanneer de lantaarnpalen bij de voetbal komen wordt schriftelijk beantwoord. Dat geldt eveneens voor de vraag over de maatregelen die genomen worden op de Oude Holleweg. 7. Sluiting De voorzitter bedankt iedereen voor zijn aanwezigheid en inbreng en sluit de vergadering om 21.50 uur.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raadscommissie der gemeente Renswoude, gehouden op 6 september 2022. de secretaris,
de voorzitter,
Pagina 12 van 12