CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raadscommissie 12 oktober 2021

Raadscommissie 16 november 2021, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Vaststelling verslag en besluitenlijst van de openbare vergadering op 7 september 20218.185 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag Raadscommissie Datum vergadering

12 oktober 2021

Djuma: 573704/ 543712

Aanwezig

voorzitter:

de heer J. Pronk

secretaris:

de heer M.H.T. Jansen

de leden:

ChristenUnie: mevrouw C.M. Veldhuizen en de heer J.H. Verdam VVD: de heren A.J. Hoek en H.E. Krastel SGP: de heren H. Hardeman en H.H. van der Schoor Dorpsbelang Renswoude: de heren J.A.M. Dirven, C.E. Eskes, G.W. van Ginkel en J.B. Stutvoet CDA: de heren T. Schimmel en J.G. Verbeek

tevens aanwezig:

P. Doornenbal-van der Vlist (burgemeester), mevrouw M.C. TeunissenWillemsen (wethouder) en A. Wijs (wethouder) alsmede de dames F. Merkx en M. Jonker (gemeente Veenendaal), Grudzinska en Mulder en de heren Bosma en Vega

notulist:

de heer J.B. Kammeraad

1. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. 2. Vaststelling agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Vaststelling verslag en besluitenlijst van de openbare vergadering op 7 september 2021 Het verslag en de besluitenlijst worden ongewijzigd vastgesteld. 4. Ingekomen stukken en mededelingen Toezeggingenlijst De heer Schimmel is van mening dat punt 2 Evaluatie onderhoudswerkzaamheden N224 nog niet is afgehandeld want het stuk is niet bij de antwoorden gevonden. De voorzitter zegt toe dat dit wordt nagegaan. Verdere ingekomen stukken De heer Verdam vraagt met betrekking tot de memo evaluatie functieveranderingsbeleid hoeveel ondernemers die nu in het buitengebied zitten naar het industrieterrein zouden moeten gaan. De heer Eskes heeft begrepen uit de evaluatie van de 6 Gelderse gemeenten dat dit beleid ook zou kunnen worden doorgezet naar de 3 Utrechtse gemeenten en de vraag is wat daarvan het gevolg zou kunnen zijn. Hoe verhoudt zich dit tot de omgevingsvisie die is vastgesteld voor Renswoude? Daarin zijn namelijk specifieke kaders gesteld voor vrijkomende agrarische bebouwing en het ziet er niet naar uit dat dit op één lijn ligt. Komt er nog een vervolg op dit stuk met een aanpassing van de omgevingsvisie enzovoort? De burgemeester meldt dat dit een stuk is dat met name geldt voor het Gelderse gebied van de regio Foodvalley.

Dit is niet van toepassing voor het Utrechtse deel.

Pagina 1 van 13

De heer Verdam verduidelijkt dat er ondernemers zitten in het buitengebied die eigenlijk op het bedrijventerrein thuishoren. Er staat in het stuk dat het college die graag naar het bedrijventerrein wil hebben. De burgemeester legt uit dat dit stuk gaat over het Gelderse gedeelte. Er zal wel van worden geprofiteerd om er de goede punten uit te halen voor het eigen beleid ter zake. De heer Jansen zegt dat morgen een overleg is over het VAB-programma. Er is ook interesse vanuit de provincie Utrecht hoe het nu verder gaat met de vrijkomende agrarische bebouwing wat steeds meer zal worden. Niet alleen de 3 Utrechtse gemeenten binnen Foodvalley maar ook de regio Amersfoort heeft belangstelling om hierin samen te werken. De stuurgroep VAB gaat morgen praten over de evaluatie wat betreft de 6 Gelderse gemeenten. De Gelderse gemeenten gaan door op de huidige voet. Die hebben de evaluatie gehouden dat de sloopmeterbank en het sloopregistratiesysteem goed functioneren. Dat laatste bestaat nog niet in Utrecht maar in het kader van maatwerk zijn er best dingen mogelijk. Het is echter mooi om een gezamenlijk gebied te hebben waarvoor de uitgangspunten worden geformuleerd en dat is de vervolgstap voor de 2 regio’s.

Natuurlijk zijn er bedrijven in het buitengebied die het college het liefst naar het bedrijventerrein zou willen hebben maar ze moeten ook willen en als ze daar legaal gevestigd zijn heeft de gemeente geen middelen om dat voor elkaar te krijgen. Bij de uitgifte van het nieuwe bedrijventerrein zal blijken of bedrijven uit het buitengebied zich hiervoor aanmelden en of de gelegenheid zich voordoet om die bedrijven ook hierin te faciliteren. Als er uitgangspunten zijn voor het nieuwe gezamenlijke beleid is dat het ijkpunt om dat de vertalen in het eigen ruimtelijke beleid. Dat zou kunnen betekenen dat dit wordt opgenomen in het omgevingsplan. 7. Voorstel tot vaststelling vernieuwde Algemene Subsidieverordening Wethouder Wijs zegt dat er een zeer gedegen stuk ligt waardoor verenigingen, burgers et cetera weten waar ze zich aan moeten houden als ze een subsidie willen aanvragen. De heer Hardeman merkt op dat in 2014 al aan de raad is toegezegd dat het subsidiebeleid zou worden geëvalueerd. In 2018 was er een evaluatie en nu ligt de nieuwe verordening voor maar de SGP had al eerder aangedrongen op een nieuwe subsidieverordening. Een subsidie is een financiële stimulans die ervoor kan zorgen dat een vereniging of stichting met haar activiteiten op een gezonde financiële manier kan voortbestaan. Een subsidie dient niet structureel te zijn.

Daarbij is het belangrijk om ernaar te kijken wat de instelling aan maatschappelijke meerwaarde heeft. Een goed florerend verenigingsleven is ook goed voor Renswoude. Het valt op dat de toe te kennen bedragen niet echt zijn gewijzigd ten opzichte van vorige jaren. Betreft het hier vooral een procesmatige verandering met de nieuwe verordening? Is er ook een staffel voor wat betreft ledenaantallen of de activiteiten die worden ontplooid? Op welke gronden wordt bepaald of een nieuwe vereniging subsidie krijgt toegekend? De heer Hoek constateert dat in het voorstel wordt verwezen naar beleid maar dat kon niet helemaal worden teruggevonden in de verordening. Als een instantie een subsidie aanvraagt, wat zijn dan de kaders voor het toekennen van een subsidie? In het stuk wordt ook gemist met welk doel subsidies worden gegeven. Is er op dit moment een subsidieplafond en hoe hoog is die? Is het al eens voorgekomen dat de raad een subsidie heeft gewijzigd of een subsidieplafond heeft vastgesteld? De raad zou er over moeten nadenken hoeveel geld de gemeente aan subsidie wil uitgeven, bijvoorbeeld een bepaald percentage van de begroting.

Is het op dit moment oneindig en kan iedereen die daarvoor in aanmerking komt subsidie krijgen? Komt het wel eens voor dat na de definitieve vaststelling van de subsidie geld teruggaat naar de gemeente? De heer Dirven begrijpt dat subsidies onder de € 2500 ambtelijk worden afgehandeld maar waar is dan de controle? Wordt de jaarlijkse subsidie aan de muziekvereniging Ons Genoegen gecontroleerd? Er is een zangvereniging die bestond uit 30 personen maar die heeft nu nog maar 10 leden. Toch staan daarvoor dezelfde bedragen. Voor hoeveel mensen geldt zo’n subsidie? Het gaat financieel niet zo goed met de gemeente maar er wordt jaarlijks

Pagina 2 van 13

ongeveer € 250.000 aan subsidie gegeven. Als de raad een subsidieplafond vaststelt, hoe werkt dat dan in de praktijk? Mevrouw Veldhuizen zegt dat het juist ingewikkelder lijkt te worden omdat de Wat wordt het lijst langer is geworden. Het is een goede zaak dat de aanvragen voor subsidies minder dan € 2500 efficiënter kunnen worden afgehandeld. Is de nieuwe verordening besproken met de subsidieaanvragers? De verordening lijkt een soort samenvatting van wat er de afgelopen jaren is gebeurd maar er is nog niet sprake van beleid. In 2007 heeft de rekenkamer een onderzoek gedaan naar de effectiviteit van het subsidiebeleid maar in het stuk wordt een visie gemist op zaken als is het gericht op het op de lange termijn gezond houden van de sociale partners als verenigingen, scholen en bibliotheken. De heer Verbeek vraagt of rekening is gehouden met de vraag van het CDA om verlaging van de ozb voor de verenigingen et cetera. Heeft de intrekking van de subsidie aan de muziekvereniging Ons Genoegen gevolgen voor de subsidiebedragen die nu worden genoemd? De heer Stutvoet constateert dat een van de weigeringsgronden is dat het niet past binnen het beleid of de prioriteit van de gemeente. De vraag is dan wel wat het beleid is waarop zo’n subsidieaanvraag zou worden geweigerd.

De vraag is of de lijst van subsidieontvangers wel volledig is want een paar jaar geleden is toegezegd aan het kasteel dat een euro per inwoner per jaar zou worden ontvangen en zo worden nog een aantal instellingen gemist. Wethouder Wijs bevestigt dat dit inderdaad een stimulans moet zijn voor het verenigingsleven. Er is een verordening nodig voor het doen van een subsidieaanvraag. Vervolgens kijkt het college of een subsidie wel of niet wordt gegeven. Het afwegingskader wordt door het college vastgesteld. Alle bedragen die worden uitgegeven passen in de begroting. Er is één keer een subsidie aangevraagd door de padvinderij en daarvoor is toen apart naar de raad gegaan. Het college ziet alle subsidieaanvragen, ook de subsidieaanvragen onder de € 2500 die ambtelijk worden afgehandeld. Er wordt met alle verenigingen overlegd. Daarbij wordt gekeken wat het afgelopen jaar is gedaan. Ook naar de zangvereniging wordt kritisch gekeken. De bijdrage aan het kasteel valt onder het beheer van een monument en dat was ook de intentie van de raad destijds. De raad heeft besloten dat 2022 het laatste jaar is dat nog de subsidie voor oud papier aan de muziekvereniging wordt toegekend. Daarna doet die vereniging mee met de normale subsidieronde.

De heer Hoek vraagt of het zo moet worden gezien dat op 1 mei bekend is welke subsidieaanvragen er zijn en dat dit vervolgens wordt opgenomen in de begroting. Dat is een rare situatie want dan moet de rest van de begroting sluitend worden gemaakt op basis van een post die er al is terwijl de gemeente bijvoorbeeld meer wil uitgeven aan duurzaamheid. De heer Hardeman begrijpt dat het college na de vaststelling van de verordening de gronden gaat vaststellen waarop een subsidie kan worden gegeven. Wordt bij een vereniging gekeken naar het uitgavenbeleid waarvoor een bepaald bedrag nodig is of krijgt een vereniging een bepaald bedrag waarmee ze de activiteiten moet doen? Hoe zit het met het vaststellen van een subsidieplafond? Wethouder Wijs geeft aan dat wanneer het college een hogere subsidie wil toekennen dan staat in de begroting daarvoor apart naar de raad wordt gegaan. De subsidies staan dus in de begroting. De vraag over de ozb wordt meegenomen. Mevrouw Mulder legt uit dat het nu zo is dat de subsidie voor 1 mei wordt aangevraagd. Dat wordt beoordeeld en vervolgens naar het college gebracht. Dan wordt het subsidiebedrag voorlopig toegekend. Het wordt dan opgenomen in de begroting. Op het moment dat de raad de begroting heeft goedgekeurd wordt de subsidie uitbetaald via een beschikking. Het jaar daarop wordt de subsidie definitief vastgesteld.

Als een subsidie niet gebruikt is volgens de afspraken of onvolledig is gebruikt kan het zijn dat er subsidie terugbetaald moet worden aan de gemeente. Dat gebeurt bijvoorbeeld als het aantal leden lager is dan verwacht. De ozb wordt opgenomen in de nadere subsidieregels. In de nadere subsidieregels wordt ook

Pagina 3 van 13

vastgesteld op basis van hoeveel leden meer subsidie wordt gegeven. In de voorgestelde verordening staan alleen de procedureregels. Conclusie: De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad gaat. 5. Presentatie inzake inburgering Wethouder Wijs geeft aan dat de Wet inburgering per 1 januari 2022 wordt ingevoerd. Vervolgens wordt een filmpje getoond waarin uitleg wordt gegeven over het nieuwe inburgeringstelsel. Het nieuwe stelsel kent 5 kernprincipes: tijdig starten en aandacht voor het snel doorlopen van het inburgeringstraject, het bieden van maatwerk staat centraal, aan alle inburgeringsplichtigen wordt een passend inburgeringsaanbod gedaan. Zij kunnen ook het leren van de taal en participatie combineren en gedurende het hele inburgeringstraject is er aandacht voor kwaliteit en de bewaking hiervan. Er is onderscheid tussen asielstatushouders en gezins- en overige migranten. Beiden zijn inburgeringsplichtig. DUO stelt na het verlenen van de verblijfsstatus door de IND de inburgeringsplicht vast. In het asielzoekerscentrum wordt in de meeste gevallen gestart met taalles en met het programma Voorbereiding op de inburgering. Gemeenten kunnen ervoor kiezen om de voorinburgering op een andere manier aan te bieden.

Gezinsmigranten nemen geen deel aan het programma Voorbereiding op de inburgering maar zij leggen, voordat ze naar Nederland komen, een basisexamen Inburgering af in het land van herkomst. De inburgeringsplichtige gaat in de gemeente wonen en de gemeente is verantwoordelijk voor het financieel ontzorgen van de asielstatushouders. Gemeenten willen inzicht krijgen in de mogelijkheden van iedere inburgeringsplichtige door het afnemen van een brede intake. Aan de hand hiervan wordt een Persoonlijk plan Inburgering en Participatie opgesteld. Daaruit volgt een advies voor de te volgen leerroute en er worden alle andere onderdelen in opgenomen om aan de inburgeringsplicht te voldoen zoals de modules maar ook afspraken rondom de ondersteuning van de inburgeringsplichtige. Gemeenten gaan hen gedurende het gehele inburgeringstraject begeleiden. Voor asielstatushouders verzorgen zij de inkoop van het cursusaanbod. Gezins- en overige migranten verzorgen dit zelf. Gemeenten handhaven op de inspanningsverplichting. Het advies bevat 3 modules en een van de leerroutes. In de 3 modules wordt kennis opgedaan over de Nederlandse maatschappij, de arbeidsmarkt en wordt er een participatieverklaringstraject gevolgd. De 3 leerroutes zijn de B1 route om de beste kansen te creëren. In deze leerroute is specifiek aandacht voor het behalen van tenminste het taalniveau B1.

Daarbij is het van belang dat het leren van de taal wordt gecombineerd met werk of vrijwilligerswerk. De Onderwijs route is gericht op het behalen van een erkend diploma voor een goede startpositie op de arbeidsmarkt. Na een taalschakeltraject, waarbij voorbereiding op instroom op mbo, hbo of wo-niveau, worden zij zo snel mogelijk doorgeleid naar een opleiding. De Zelfredzaamheid route is gericht op zelfredzaamheid in de Nederlandse maatschappij en is bedoeld voor degenen waarvoor de andere 2 routes buiten bereik liggen. Duo stelt vast of aan de inburgeringsplicht, bestaande uit het afronden van modules, een leerroute en alle andere afspraken uit het PIP is voldaan. Daarna volgt certificering en dat wordt onder andere vastgesteld aan de hand van het inburgeringsexamen. Degenen die de leerroute B1 of Onderwijs hebben gevolgd ontvangen een inburgeringsdiploma. Zij die de leerroute Zelfredzaamheid hebben gevolgd ontvangen een inburgeringscertificaat. Gemeenten krijgen in het nieuwe inburgeringstelsel de regierol. VNG en Divosa zorgen samen met de andere betrokken partijen voor de ondersteuning bij de voorbereiding van deze belangrijke rol. Mevrouw Merkx vult aan dat een handreiking is geschreven voor raadsleden over wat zij kunnen betekenen in het kader van de Wet inburgering. Het motto van de wet is iedereen

Pagina 4 van 13

doet mee en het liefst via betaald werk. Het belangrijkste beleidsdoel is dat iedereen de taal spreekt en bij voorkeur op B1 niveau (ongeveer mbo-niveau). Dat betekent dat redelijk eenvoudige zinnen goed zijn te volgen. Mensen die het B1 niveau niet halen volgen een zelfredzaamheid route. Dan doen ze geen examen maar wel een eindgesprek. Dat kan een wat lager niveau zijn als A1 (basisschoolniveau). De Wet inburgering is onderdeel van het sociaal domein. De mensen worden welkom geheten in de gemeente. Er wordt snel gestart met de intake, het liefst in het AZC. Er wordt een passend aanbod gedaan. Bij mensen die bijvoorbeeld wel goed kunnen leren maar nog allerlei obstakels te verwerken hebben wordt gekeken wat daaraan kan worden gedaan maar inburgering betekent ook de maatschappij leren kennen en een netwerk opbouwen. Er wordt direct gestart met werken en leren waar dat natuurlijk mogelijk is. Onder het huidige stelsel voldoet de wet niet helemaal omdat inburgeraars alles zelf moeten inkopen en daar gaat een stukje mis. De verbinding met de Participatiewet is er niet en de kwaliteiten van de taalscholen is onvoldoende. Nu is het zo dat een heleboel partijen te maken hebben met de statushouders en de bedoeling is dat dat allemaal samenkomt in de brede intake en het persoonlijk inburgeringsplan. De gemeente wordt de spin in het web.

De gemeente gaat de taallessen zelf inkopen en op de kwaliteit letten. Daarnaast een stukje ontzorgen door de financiële verplichting van de inburgeraars de eerste zes maanden over te nemen. Er wordt samen met de inburgeraars gewerkt aan financiële zelfredzaamheid. Op dit moment wordt een multidisciplinair team opgezet en wordt gewerkt aan het inrichten van het inburgeringsproces. De modules worden ingekocht, deels doen Renswoude, Veenendaal en Rhenen dat zelf. Dat proces wordt oktober/november afgerond. Vervolgens de werkafspraken en de convenanten. Mevrouw Jonker zegt dat het belangrijk is dat de samenwerking wordt aangegaan met de verschillende partners in de gemeente. Op basisniveau wordt een multidisciplinair team ingericht en een op een meer tactisch/strategisch niveau. Na het inwinnen van zoveel mogelijk informatie komt er een tafel waar alle partijen bij betrokken zijn. Dan kan worden gedacht aan een taskforce, maatschappelijke begeleiding etc. Die gaan met elkaar kijken hoe het persoonlijk programma voor een inburgeraar eruit gaat zien, welke leerroute gaat er gevolgd worden, wat voor taalniveau. Kan er al gewerkt worden of is er eerst ruimte nodig om andere dingen op een rijtje te zetten naar aanleiding van de geschiedenis van de persoon. Dat wordt met elkaar afgestemd en dan komt een PIP.

Op het basisniveau wordt informatie opgehaald over hoe gaat het met een persoon, wat is extra nodig of wordt genoeg geboden? Als er iets aan de hand is met een persoon en zwaardere hulp nodig is kan worden opgeschaald naar het dorpsteam of een andere partij die daarvoor nodig is. Als extra hulp niet nodig is kan worden afgeschaald. Het tactisch overleg is bedoeld om te kijken of het aanbod dat wordt geboden voldoende is, worden er dingen gedaan die elkaar versterken of worden meer dezelfde dingen gedaan? Zo wordt een zo goed mogelijk netwerk om de inburgeraar gebouwd en goed moet bekend zijn welke partij wat doet. Er wordt een koppeling gemaakt met het COA naar welke gemeente iemand toegaat. Zodra de koppeling binnenkomt wordt een afspraak gemaakt voor een kennismaking. Dat wordt een heel informeel gesprek van wat verwacht de inburgeraar van ons en wat verwachten wij van de inburgeraar. Voorts is het gesprek bedoeld om iemand te motiveren om deel te nemen aan het voorinburgeringprogramma van het COA en er wordt gekeken of al in de buurt van het AZC iets kan worden opgepakt zodat iemand actief aan de inburgering kan gaan werken. Wanneer de huisvesting dichterbij komt wordt gestart met de brede intake. De inburgeringsconsulent gaat dan samen met de maatschappelijk begeleider het gesprek aan.

De medewerker van het COA doet de warme overdracht van dat is wat wij hebben gezien van deze persoon. Op alle leefgebieden wordt een intakelijst afgenomen. De maatschappelijk begeleider gaat ervoor zorgen dat de huisvesting goed gaat lopen. Als iemand eenmaal gehuisvest is wordt er een weerbaarheidstoets afgenomen en wordt gekeken hoe het

Pagina 5 van 13

programma zo goed mogelijk om iemand heen kan worden gelegd. Als de inburgeringsconsulent en betrokkene het eens zijn wordt een PIP getekend. Financieel ontzorgen is een traject van 6 maanden waarbij de vaste lasten worden overgenomen door de gemeente. Het is de bedoeling dat iemand in die periode financieel zelfredzaam wordt. Betrokkene krijgt hiervoor een training. Dit is niet voor iedereen haalbaar en daarom is er een optie om voor het financieel ontzorgen een langere termijn aan te houden. Als het toch niet gaat lukken wordt bekeken welke persoon betrokkene daarbij kan helpen. Voortgangsgesprekken en monitoring. Dan kijkt de inburgeringsconsulent of er meer of minder nodig is om iemand uiteindelijk toe te laten om in te burgeren. Iedere inburgeraar moet een arbeids- en participatieproject volgen. Het participatietraject het liefst via betaald werk. Binnen 3 jaar zou iemand ingeburgerd moeten zijn via een toets of een inspanningsverplichting. Daarna volgt na een half jaar een nazorggesprek voor mensen die helemaal uit beeld zijn omdat ze bijvoorbeeld geen uitkering meer krijgen. De heer Verbeek vraagt of de gemeente al een aantal wooneenheden heeft vrijgemaakt voor huisvesting en of er een tijdspad is voor inburgering.

Hoe wordt er omgegaan met mensen die niet welwillend zijn om zo’n traject te volgen? Mevrouw Veldhuizen vraagt hoe de gemeente gaat handhaven dat het inburgeringstraject wordt gevolgd. In een pilot in de gemeente Renswoude wordt aangegeven dat de mensen daar 3 jaar mogen wonen. Als mensen na 3 jaar de inburgering hebben gehaald moeten ze naar een andere woning. Wordt dan ook geholpen met het zoeken naar andere huisvesting? De heer Van der Schoor begrijpt dat de gemeente de mensen een bepaalde periode financieel ontzorgt. Staat het geld hiervoor in de begroting of wordt dit ergens anders van betaald? Gaat de begeleiding naar werk via het UWV of via andere instanties? De mensen hebben dan ook mobiliteit nodig om naar hun werk te kunnen komen. Wat zijn de ervaringen met de nazorg? In hoeverre is er na de periode van 3 jaar sprake van een terugval? De heer Eskes is verheugd over de integrale aanpak omdat de mensen anders snel de weg kwijt zijn. Vallen de mensen die voor 1 januari 2022 in Nederland zijn onder een andere wet? Is de gehele begeleiding van inburgeraars geregeld in het uitbestedingscontract met Veenendaal? De heer Hoek vraagt hoe de geldstroom loopt voor alle activiteiten die nu gedaan moeten gaan worden.

Welke aantallen inburgeraars kunnen worden verwacht in relatie tot de budgetten die beschikbaar zijn? De heer Stutvoet merkt op dat deze mensen vaak een mooie woning krijgen met een voor- en achtertuin maar soms ziet de tuin er niet uit. Daarom is het verstandig om ze een cursus tuinieren te geven. Dat vergroot het draagvlak. Wethouder Wijs memoreert dat wat betreft de huisvesting een plan is gedeeld met de raad. Inmiddels is dat ook aan alle buurtbewoners gestuurd en op 21 oktober wordt daarover een bijeenkomst belegd met alle omwonenden die een brief hebben gehad en voorlopig gaat het om 10 statushouders. Op dit moment is er een enorme toestroom en daarom is een zoektocht gaande voor plaatsen voor asielzoekers. De burgemeester doet mee aan allerlei overleggen in U10, U16-verband et cetera om te kijken hoe met elkaar deze problematiek moet worden opgelost. Utrechtse Heuvelrug doet een belangrijke stap maar van Renswoude wordt ook wat gevraagd. Dat zou betekenen dat in 2023 Renswoude 1 extra statushouder zou moeten opnemen en in 2024 ook nog 1. Draagvlak is heel belangrijk en toezicht en handhaving, daar wordt op gelet. De mensen moeten na 3 jaar het inburgeringstraject gehaald hebben en dat betekent een extra uitdaging. Er zijn wel 4 instanties die de mensen aan werk zouden kunnen helpen.

IW4 zou een goede zijn en die is daar ook toe bereid maar het werkservicepunt in de regio Foodvalley is daar ook toe bereid en ook in staat om voor deze mensen iets te betekenen, al is het maar dat het vrijwillig wordt gedaan of een stageplek.

Pagina 6 van 13

Mevrouw Merkx legt uit dat voor volgend jaar de gemeente Renswoude € 32.000 vraagt. Voor de uitvoering krijgt de gemeente € 16.000. De insteek van Veenendaal, Rhenen en Renswoude is dat het binnen het budget wordt georganiseerd. Het hangt elk jaar van de taakstelling af hoeveel mensen er moeten worden gehuisvest en dan komt er ook zoveel geld voor voorzieningen. In principe wordt de inkoop binnen het budget gedaan. Er wordt van alles in de krant geschreven maar vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat het binnen het budget kan worden uitgevoerd. De uitvoeringsmiddelen van Veenendaal, Rhenen en Renswoude zijn samengevoegd en daarmee is een formatie berekend voor 2 consulenten en een procesregisseur. Hopelijk wordt door het team Inburgering samen te voegen met het team Werk en inkomen slim en efficiënter gewerkt. Mensen die nu al de handhaving doen in het kader van de Participatiewet zouden dat ook kunnen doen in het kader van de Wet inburgering en dat is efficiënter omdat er een overlap zal plaatsvinden. Aan het eind van het jaar zal worden bepaald hoe de handhaving op operationeel niveau gaat worden uitgevoerd. Dat betekent ook dat er regels gaan komen. De gemeente zou een verordening inburgering kunnen vaststellen maar dat hoeft niet want in principe voorziet de Wet inburgering in alles en zou daarom kunnen worden volstaan met beleidsregels.

Eventueel moet de reintegratieverordening worden aangepast. De mensen die nu inburgeringsplichtig zijn tot en met 31 december 2021 vallen onder het oude stelsel. De gemeente wil die tussengroep wel graag bedienen. Daarvoor zijn ook de consulenten inburgering. Die groep zal zoveel mogelijk worden gestimuleerd om examen te doen. Het financieel ontzorgen wordt gedaan vanuit de regeling van de Participatiewet. Dat wordt 6 maanden gedaan. Als mensen na 4 maanden een baan vinden wordt hiermee gestopt. Daarvoor hoeven dus geen extra middelen te worden toegevoegd. Er zal ook een cursus Financiële zelfredzaamheid worden ingekocht. Daarvoor zijn middelen binnen het budget Schuldhulpverlening. In principe is het een traject van 3 jaar maar mensen kunnen binnen een jaar het B1 niveau halen en er zijn mensen die het niet binnen 3 jaar halen of tussentijds ziek worden. Dan bestaat de mogelijkheid om bij DUO een verlenging aan te vragen maar daar moeten wel gegronde redenen voor zijn. Als iemand niet meewerkt aan het traject heeft de gemeente middelen om een sanctie op te leggen maar als aan het eind van het traject iemand niet is ingeburgerd en daar geen goede redenen voor heeft kan DUO daar een sanctie voor uitschrijven. Natuurlijk moet de gemeente wel heel goed kijken wat het doel is om een sanctie op te leggen.

De burgemeester legt uit dat de gemeente vanuit het gemeentefonds geld krijgt om deze taak over te nemen en dan gaat het budget mee vanuit het rijk. De heer Eskes vraagt wat nu de rol is van de welzijnsorganisaties die zich actief bemoeien met mensen die bijvoorbeeld schulden hebben. Mevrouw Jonker zegt dat wordt geprobeerd om de partijen die nu al werken voor statushouders bij elkaar te brengen. Bekeken wordt wie wat doet en hoe dat loopt. Er gaat voor gezorgd worden dat de partijen elkaar goed aanvullen en dat wat wordt neergezet de statushouders ook echt verder helpt. De heer Van der Schoor vraagt hoe de communicatie wordt gedaan naar de andere burgers van Renswoude, naar de omgeving, naar de kerk et cetera om het draagvlak te verhogen. Mevrouw Veldhuizen vindt het het beste als de statushouders leren schoffelen van de buurman. Wethouder Wijs zegt dat er vanuit de gemeente extra aandacht is voor het draagvlak. Een begin daarvan is de brief die is gestuurd naar omwonenden van het plan. Mevrouw Grudzinska geeft aan dat het thema draagvlak uitgebreid is besproken in het hometeam (daarin zitten Huiswaarts, dorpsteam, GGD en nog een aantal organisaties die met het onderwerp actief zijn). Daarnaast wordt het onderwerp zeker besproken in het brede

Pagina 7 van 13

overleg dat 1 of 2 keer per jaar in Renswoude wordt georganiseerd. Ook zal dit met de adviesraad Sociaal Domein worden besproken om met hun ideeën dit proces te ondersteunen. 6. Voorstel tot vaststelling van het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) De heer Van de Bor vindt het een positieve ontwikkeling dat de eerste stapjes worden gezet wat betreft klimaatadaptatie en biodiversiteit. Er moeten echter grotere stappen worden gezet om zaken als zeespiegelstijging, vermindering van insecten et cetera beheersbaar te houden. De gemeente zou meer kunnen investeren in voorlichting aan de burgers om ze bewust te maken van waarom bepaald beleid wordt gevoerd. De gemeente kan hier een voorbeeldfunctie in nemen. Meerdere malen wordt in het rapport benoemd dat de omgeving er mogelijk slordiger uit gaat zien en dat mensen hier moeite mee zouden kunnen hebben maar de groep mensen die beseft dat dit noodzakelijk is wordt steeds groter maar die groep wordt niet benoemd in het rapport. De gemeente zou burgers meer moeten stimuleren om hun percelen en tuinen aan te passen, bijvoorbeeld door het planten van inheemse soorten, een regenton plaatsen et cetera. Hiervoor zijn diverse landelijke actieplannen beschikbaar en kijkt naar wat omliggende gemeenten op dit vlak doen.

De gemeente zou ook particuliere initiatieven kunnen steunen zoals voedselbosjes, tiny forest, groene schoolpleinen, plannen bij agrariërs et cetera. Welke stappen denkt de gemeente te maken wat betreft de vermindering van fijnstof in regionaal verband? De burgemeester zegt dat de raad al lang om dit plan heeft gevraagd maar nu ligt er een plan voor dat duidelijk leesbaar is en waar de gemeente de komende 4 jaar mee vooruit kan als het gaat om het onderhoud in de buitenruimte, de kwaliteit van de buitenruimte en van alle kunstwerken et cetera. De heer en mevrouw Van de Bor geven al het goede voorbeeld. De gemeente doet wat ze kan binnen de mogelijkheden die er zijn en wordt zeker geïnspireerd door een aantal ideeën die net gegeven zijn. Straks zal zij op een paar suggesties van de heer Van de Bor ingaan. Het college denkt dat een plan wordt voorgelegd dat financieel haalbaar is en wat zeker acceptabel is in hoe ziet het eruit ziet, ook qua biodiversiteit. De heer Verdam memoreert dat wat betreft het scenario Conserverend op 14 juni 2020 aan de raad werd aangegeven dat dit een verhoging van € 150.000 per jaar betekende, achterstanden worden dan binnen 10 jaar weggewerkt en de beeldkwaliteit blijft ongeveer gelijk aan de huidige kwaliteit. In het huidige voorstel wordt door het college aangegeven dat het scenario Conserverend budget neutraal kan.

Kan dat worden onderbouwd? Bij de uitwerking van het scenario Conserverend wordt gezien dat de kwaliteit minder wordt ten opzichte van de huidige beeldkwaliteit maar daar was eerst geen sprake van. Als het scenario Conserverend binnen het huidige budget blijft, is er ook een overschot van € 17.000. Duidelijk is dat de beeldkwaliteit van het groen en de verharding in de woonwijken en op A locaties terugloopt van A naar A/B of van A/B naar B. Wat zijn de kosten om de beeldkwaliteit te behouden op A niveau voor het groen en de A locaties en voor het behoud van het niveau A/B in de woonwijken? Er is eerder een presentatie gehouden waaruit bleek dat het maar enkele duizenden euro’s zou schelen om het oude beeldkwaliteitsniveau te behouden. Wat betreft het groot onderhoud van de voetbalvelden wordt in het MJOP gesproken over het aantrekken van vreemd vermogen maar daarin zijn de sporthalkosten niet meegenomen en dat is ook openbare ruimte. In 2016 heeft de raad vastgesteld dat er ledverlichting zou worden aangebracht. Elk jaar worden 10-15 palen gedaan en in 2025 wordt gezeten op 50% ledverlichting in het dorp maar als de gemeente echt duurzaam wil zijn zou dat wat sneller moeten. De afschrijving van een gewone lamp is 20 jaar maar dat zou wat sneller kunnen worden afgeschreven. Op pagina 45 staat een investering van 1,2 miljoen en in 2023 is er geen investering.

Klopt dat? De heer Van der Schoor is blij dat is gekozen voor Conserverend. Dat is geen achteruitgang. Met dit budget kunnen ook achterstanden in onderhoud worden weggewerkt. Het woord

Pagina 8 van 13

‘slordig’ is verschillend interpreteerbaar want iets kan in de natuur als slordig worden gezien maar dan is het nuttig voor de biodiversiteit. Een grasveld hoort groen te zijn en het straatbeeld hoort niet groen te zijn. Nu wordt gezien dat er in sommige wijken meer onderhoud wordt gedaan dan in andere wijken maar er moet meer aandacht zijn voor gelijkheid daarin. De gemeente is sterk in het aanleggen van nieuwe wijken maar daar komt een onderhoudstraject achteraan en dan wordt gemerkt dat wordt gewerkt met beperkte onderhoudscapaciteit. Op pagina 46 van de IBOR 2 rapportage definitief staat dat het budget voor 2021 bijna 1,2 miljoen is. De totale kosten komen op ruim 8 ton en is het gat van ruim 2 ton daar tussen wat wordt overhouden of wat niet wordt gebruikt? Hopelijk wordt de komende jaren dit bedrag niet naar beneden bijgesteld want dit bedrag is nodig, zeker met de uitbreiding van het dorp. Als dit budget toch is begroot moet het worden ingezet voor het sneller inhalen van achterstanden die er op dit moment zijn of voor extra investeringen in bepaalde zaken die ook de heer Van de Bor noemde. De heer Van Ginkel constateert dat het in principe meevalt wat betreft financiën en dat er zelfs geld over wordt gehouden. Wat betreft het scenario Conserverend.

Vorig jaar stond er bij de A locatie niveau A maar in het huidige voorstel staat A/B terwijl niveau B is gegaan naar niveau B/C. Hoe is dit binnen een jaar mogelijk? Bij de uitwerking dienen biodiversiteit en klimaatadaptatie concreet te worden uitgewerkt zodat dit op een hoger niveau wordt getild. Dorpsbelang Renswoude heeft laten zien dat dit helemaal niet zoveel geld hoeft te kosten. Je moet er gewoon mee beginnen. De beheerkosten blijven gelijk en worden niet jaarlijks geïndiceerd. Is daar een bepaalde reden voor? De wegen in het buitengebied zijn toe aan groot onderhoud en vervanging maar door de toename van zwaar transport krijgen de wegen meer te verduren. Er moet worden voorkomen dat na groot onderhoud die wegen weer kapot worden gereden. De boerderijen moeten bereikbaar blijven maar het gaat meer om sluipverkeer van zware vrachtwagens die eigenlijk niet op die wegen horen. Welke mogelijkheden zijn er om het zware verkeer op de buitenwegen te beperken? Onder de inwoners speelt dat er een verschil is in beeldkwaliteit tussen Beekweide en Zuid Renswoude. Graag hier aandacht voor. Er zijn stukjes snippergroen in Zuid Renswoude die al jaren kaal zijn. Dat moet ook worden aangepast. De heer Krastel is verheugd dat de aanpak van de Barneveldsestraat nu eindelijk van de grond komt.

Er wordt gezien dat vooral bij de beken de hoeveelheid water soms enorm toeneemt en gelukkig gaat daar ook wat aan gedaan worden in het kader van de klimaatadaptatie. Er wordt nu gesproken over kosten neutraal maar de raad kan natuurlijk altijd tijdens het proces bijsturen middels vragen en rapportages die zullen komen waar ruimte is in het budget. De heer Schimmel vindt het een goede zaak dat het betaalbaar blijft maar het dorp moet er ook groen blijven uitzien. Het lijkt erop dat hier en daar met de niveaus geschoven wordt ten opzichte van wat eerder is voorgespiegeld. De vaste lasten zijn 2,5 ton op de 1,2 miljoen. Is dat niet erg veel in verhouding tot wat er werkelijk gebeurd? De burgemeester geeft aan dat in het voorliggende plan de prijs/kwaliteitsverhouding het beste is. De raad heeft duidelijk gezegd dat ze het scenario Conserverend wil en geen achteruitgang. Het verschil van 1,5 ton tussen de vorige keer en nu heeft te maken met de pragmatische insteek die het laatste jaar is ingezet. Het deskundigenrapport is dubbel gecheckt en toen is het gelukt om er nog heel wat lucht uit te persen. Daarnaast is het rioleringsplan kritisch bekeken en daar zijn over wat financiën verschoven. In Beekweide is al heel wat gerealiseerd op het gebied van klimaatadaptatie zoals de wadi’s en de meanderende beek.

Wethouder Teunissen zit vol ideeën over meer maatregelen op het gebied van klimaatadaptatie maar daar wordt nog budget voor gezocht. Via Operatie Steenbreek wordt verzocht aan inwoners om tegels uit hun tuin te halen en daar plantmateriaal in te zetten en natuurlijk zijn er de regentonnen maar er wordt nog volop over nagedacht en hier wordt werk van gemaakt zodra er budget voor is gevonden.

Pagina 9 van 13

Niet wordt door het college beoogd dat het slordiger wordt. Het college wil geen achteruitgang maar er moeten wel keuzes worden gemaakt. Als de raad van mening is dat toch iets teveel achteruitgaat moet zij het college aan het jasje trekken maar de inzet is om het Renswoude-waardig te houden. In het zuidelijke gedeelte van Renswoude zijn er inderdaad plekken die minder mooi zijn maar er zijn ook plekken die juist erg mooi zijn. Er zijn wel wat verschillen maar geprobeerd wordt om het toch zo mooi mogelijk te doen. Renswoude is aangesloten bij Leader. Dat is een traject waar initiatiefnemers met een mooi initiatief komen en dan gaat daar geld van de gemeente en een verdubbeling van dat bedrag door de provincie heen. De gemeente zit echter wel te wachten op initiatieven voor dit soort voedselbosjes of wat dan ook. De sporthalkosten vallen onder gebouwen en niet onder buitenruimte. De raad heeft eerder een besluit genomen in 2016 dat stapsgewijs naar de ledverlichting zou worden gegaan. Daar wordt uitvoering aan gegeven. Er is een verschil tussen niveau A en niveau A/B en tussen B en B/C maar dat is niet bijster groot en wel acceptabel. Dit is een alleszins acceptabel niveau wanneer wordt gekeken naar de buitenruimte in andere gemeenten en daardoor kunnen de budgetten toch neutraal worden gehouden.

Zowel wat betreft biodiversiteit en klimaatadaptatie wordt met dit plan een integrale benadering aangegaan. Het is zeker geen sluitstuk. Een voorbeeld daarvan is de deze zomer doorgevoerde aanpassing in het maaibeleid. Dat komt echt ten gunste van de insectenpopulatie en de soortenrijkdom van planten. Op de vraag waarom de beheerkosten jaarlijks niet worden geïndexeerd wordt later teruggekomen. Er zijn flink wat grote bedrijven in het buitengebied en er zit een groot transportbedrijf. Dat betekent wel dat de wegen daaronder moeten leiden. Ook de landbouwers hebben behoefte aan zwaar transport. Hopelijk worden het meest de hoofdwegen gebruikt en niemand gaat voor zijn lol met zwaar transport een beetje toeren op smalle wegen. Het duurt nog wel even maar de Barneveldsestraat staat in de planning en daar wordt een budget voor gereserveerd. De heer Vega legt uit dat een grote post op de beheerkosten is de kunstgrasvelden van de voetbalvereniging. Die zijn ongeveer 12 jaar geleden aangelegd. Voor volgend jaar wordt voorgesteld om 2 nieuwe kunstgrasvelden aan te leggen. In de eerste periode zit de gemeente nog met de afschrijvingskosten van de investering van 12 jaar geleden want dat wordt over 15 jaar afgeschreven.

Het is een enorme investering om 2 nieuwe kunstgrasvelden aan te leggen maar gezien het maatschappelijke belang van de voetbalvereniging met 500 leden is daarvoor gekozen. De heer Bosma zegt wat betreft de indexering dat de gehele gemeentebegroting niet wordt geïndexeerd. Bij alle investeringen die worden gedaan dient de gemeente vreemd vermogen aan te trekken omdat het anders niet lukt. Voor de sportvelden zijn in het verleden bedragen gereserveerd maar door de prijsstijgingen is dat niet voldoende om de sportvelden in één keer te kunnen betalen en voor het stukje dat echt wordt aangepakt wordt vreemd vermogen aangetrokken. De heer Van der Schoor merkt op dat het zware verkeer van de landbouw natuurlijk niet kan worden geweerd uit het buitengebied. Er zou best wat gedaan kunnen worden aan extra toezicht op het werk van derden. Er is bijvoorbeeld straatwerk verricht in zijn wijk maar het ligt er nu een stuk slechter bij dan voorheen. Het idee van de regentonnen is aardig maar dan moet wel worden gekeken hoe dat per woningsoort moet worden ingericht want er zijn tuinen die al vol staan met 4 kliko’s. De heer Van Ginkel complimenteert het college en de ambtelijke organisatie met dit rapport omdat in principe de beeldkwaliteit kan worden gehandhaafd en toch kan worden bespaard.

Sommige mensen zien de bevordering van biodiversiteit als slordiger maar daar kan aan worden gewerkt via communicatie. Overigens is er ook sprake van zwaar verkeer, niet van de landbouw zijnde, dat niet in het buitengebied thuishoort.

Pagina 10 van 13

De heer Schimmel zegt wat betreft de voetbalvelden dat er ook de volgende keer zou kunnen worden gekeken naar een combinatie van kunstgras met gewoon gras. Dat werkt namelijk soms beter en het blijft langer zitten. De burgemeester zal de complimenten overbrengen aan de organisatie. De suggesties worden meegenomen. De heer Bosma legt uit dat de gemeente in 2023 niet investeert en daarom worden voor dat jaar geen bedragen genoemd. Op de vraag over het staatje op pagina 46 wordt schriftelijk teruggekomen. De heer Verschoor geeft aan dat het antwoord ook tijdens de raadsvergadering kan worden gegeven. De heer Verdam vraagt waarom de investering van 1,2 miljoen niet over 2022 en 2023 kan worden uitgesmeerd. De voorzitter zegt dat ook die vraag in de raadsvergadering wordt meegenomen. Conclusie: De voorzitter concludeert dat het voorstel als debatstuk naar de raad gaat. 8. Stand van zaken projecten Wethouder Teunissen meldt ten aanzien van Groot Overeem II dat 11 zienswijzen zijn ontvangen op het ontwerpbestemmingsplan. Er zijn zorgen over de mogelijke overlast van het bedrijventerrein, met betrekking tot de natuur, de behoefte aan bedrijventerreinen. Het was oorspronkelijk de bedoeling om de beantwoording van deze vragen te behandelen in de raadscommissie van november 2021 maar het aantal vragen en de inhoud van deze vragen maakt dat het beantwoorden hiervan veel tijd kost.

Daarom zal de behandeling van de zienswijzennota plaatsvinden in de raadscommissie van december 2021. Dan wordt aan de indieners van de zienswijzen ook de gelegenheid gegeven om hun zienswijze toe te lichten. Na de bespreking in de raadscommissie wordt de beantwoording zo nodig aangevuld en kunnen wijzigingen in het bestemmingsplan worden aangebracht. Het bestemmingsplan inclusief de zienswijzennota zullen dan ter vaststelling worden aangeboden met behandeling in de raadscommissie van januari en vaststelling in de raadsvergadering van februari 2022. Dan zal ook het uitgiftebeleid en het duurzaamheidskader worden besproken. Door het voorlopig niet realiseren van de windmolens in Renswoude zal op een andere manier invulling moeten worden gegeven aan de bijdrage van de gemeente in de RES. Op dit moment wordt gekeken naar mogelijkheden om de te realiseren daken die niet worden benut voor de eigen energiebehoefte in te zetten voor deze bijdrage. Deze mogelijkheden moeten goed worden verwerkt in het duurzaamheidskader en het uitgiftebeleid. Op dit moment wordt het ontwerp voor de inrichting van de Lunterse beek ter hoogte van het nieuw te realiseren bedrijventerrein geoptimaliseerd.

Mede naar aanleiding van recente informatie over de inrichting van het gedeelte van de Lunterse beek dat reeds natuurvriendelijk is ingericht is het wenselijk dat er wijzigingen op het ontwerp worden doorgevoerd. Dit ontwerp wordt als bijlage toegevoegd aan het vast te stellen bestemmingsplan. Met de eigenaren van Landgoed Wittenoord worden constructieve gesprekken gevoerd over de wijze waarop deze zone wordt gerealiseerd maar ook straks onderhouden kan worden. Na vaststelling van het bestemmingsplan vindt publicatie in de Heraut plaats. Als er geen beroep wordt ingesteld zou het bestemmingsplan eind maart 2022 onherroepelijk kunnen zijn en dat is het moment dat kan worden gestart met de verkoop van de kavels en het bouwrijp maken et cetera. Vanochtend heeft het college het bestemmingsplan Beekweide II vrijgegeven voor publicatie en de inspraaknota vastgesteld. Eveneens zijn het beeldkwaliteitsplan en het stedenbouwkundig plan gewijzigd vastgesteld. Het ontwerpbestemmingsplan ligt vanaf 20 oktober voor 6 weken ter inzage. Er zijn met name wijzigingen doorgevoerd in het woongebied in het noordwesten en midden van het plangebied. De kavelinvulling is daardoor

Pagina 11 van 13

geoptimaliseerd zonder dat afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige uitgangspunten. Zo zijn goot- en nokhoogtes aangepast op het gewenste woningtype en zijn er in lijn met de wens van de raad in het middengebied kleinere woningtypes toegevoegd om het goedkope segment beter te bedienen. De wijzigingen zijn in overleg met de ontwikkelende partijen en met de stedenbouwkundige tot stand gekomen. Tevens zijn ze akkoord bevonden door MooiSticht. Het plangebied is verruimd naar 194 woningen. De heer Eskes memoreert een tijdje geleden te hebben ontvangen een lijst van kostprijzen van de woningen die worden gerealiseerd in Beekweide II. Daar stonden toen prijzen bij die acceptabel waren maar kan dat prijsniveau nog steeds gehandhaafd worden gezien de overspannen bouwmarkt en woningmarkt die er is? Wethouder Teunissen verwacht dat de gemeente nog redelijk op dat prijsniveau zou kunnen opereren ondanks de overspannen bouwmarkt. 9. Rondvraag De heer Hoek heeft het signaal ontvangen van een ondernemer in het buitengebied dat daar een grondwarmteonderzoek plaatsvindt dat niet was aangekondigd. Hiervoor wordt ook gebruik gemaakt van dynamiet om in de grond trillingen op te wekken. De betreffende boer was erg bang dat zijn kippen daardoor van slag raakten maar hij vraagt zich ook af of dit zomaar kan.

Is dit bekend bij de gemeente en moet daar überhaupt toestemming voor worden gegeven? Als dit ook een verrassing voor de gemeente is en het een verplicht onderzoek vanuit het rijk is, moet de gemeente de burgers dan niet informeren dat dit eraan komt en op welke gronden zij kunnen weigeren om daaraan mee te doen, bijvoorbeeld de angst dat de bedrijfsvoering daardoor schade oploopt. De burgemeester meldt dat de gemeente ervan op de hoogte is gesteld dat deze onderzoeken zouden gaan plaatsvinden. Alle direct omwonenden en mensen die het aanging zouden bezocht worden door degenen die dit zouden gaan uitvoeren. Op de Biesbosserweg zijn bijvoorbeeld de omwonenden per brief geïnformeerd. De heer Krastel heeft opmerkingen gekregen van bewoners in Beekweide over de stroken die zijn ingezaaid. Bepaalde paden zijn hierdoor niet meer goed begaanbaar omdat er zonnebloemen zijn ingezaaid die nu het niveau hebben bereikt dat ze over de paden zijn gevallen. Wat gaat de gemeente hieraan doen? Wellicht kunnen de zonnebloemen iets naar achteren worden ingezaaid. Het bedrijf Lagerweij heeft geen gunning gekregen voor het uitdiepen en de reiniging van sloten en het maaien van oeverplanten. Die gunning is nu toegewezen aan het bedrijf Florijn uit Woudenberg. Echter, het bedrijf Lagerweij doet dit al jaren.

Als de gemeente zich houdt aan de aanbestedingsregels is er toch een bepaalde voorkeur voor Renswoudse bedrijven? De burgemeester heeft ook geconstateerd dat de zonnebloemen omvallen. Het wordt tijd dat er daar gemaaid wordt en daar wordt achteraan gegaan maar het is niet zo erg dat het pad helemaal niet meer begaanbaar is. De vraag over de gunning aan het bedrijf uit Woudenberg zal schriftelijk worden beantwoord maar eigenlijk is deze vraag een beetje op het randje om dit soort informatie in een openbare raadsvergadering te delen. De heer Stutvoet constateert dat een huurwoning aan de Van Reedeweg al bijna 2 jaar leeg staat terwijl er zo’n hoge woningnood is. Dit zou een modelwoning zijn. Is hiervoor een verklaring? Wethouder Wijs zal de vraag schriftelijk beantwoorden. De heer Verbeek meldt dat in de Heraut heeft gestaan dat wat betreft het gemeentehuis in het laatste kwartaal zou worden begonnen met de doorontwikkeling van hetgeen er nu is. Er zijn nu wat piketpaaltjes gezet maar wat is de planning? Wethouder Teunissen zegt dat er zeker meer activiteit komt maar dit heeft alles te maken met leveringsproblemen. Met de bouwer is een einddatum afgesproken en vooralsnog lijkt het erop dat die datum gehaald wordt. Er is sprake van houtskeletbouw voor de nieuwbouw en de houten spanten zijn nog niet te leveren. Er kan wel gestart worden met de restauratie

Pagina 12 van 13

van het monumentale deel. Hopelijk gaat er snel wat gebeuren maar de gemeente gaat niet over de planning van de bouwer. Uiteraard is hier wel contact over. De heer Van der Schoor memoreert dat in diverse media heeft gestaan dat het hoogspanningsnet in de provincie Utrecht nauwelijks nog elektriciteit kan terug leveren en dat er tijdelijk geen mogelijkheden zijn voor de afdracht van nieuwe stroom van zonneparken en windparken of grote zonnedaken. De oplossing hiervoor kan 3-5 jaar duren. Daarnaast geeft de provincie zelf aan dat tot 2030 circa 180 miljoen wordt geïnvesteerd in het verzwaren van de netten. Wat doet dit met de ambitie van de gemeente? Er zijn al verschillende gemeenten in de regio Foodvalley die hebben gezegd dat zij hun ambities niet naar achteren gaan schuiven. Wil het college in contact treden met de gedeputeerde van de provincie Utrecht om te vragen wat nu moet worden gedaan? De gemeente kan niks maar wordt wel verplicht door de provincie. Wethouder Teunissen heeft begrepen dat de contracten die gesloten zijn en de afspraken die vastliggen door kunnen gaan. Dit is natuurlijk heel erg vervelend. Bij Groot Overeem II wordt nu de vraag in hoeverre nog zon op dak kan worden verplicht.

Wellicht is er een tussenweg dat kan worden gevraagd om in ieder geval de constructie alvast geschikt te maken omdat het voor de ondernemers financieel gunstiger is om het mee te nemen met de bouw. Wat betreft zon en wind wordt meer naar west gekeken. De andere kant op was al bekend dat het net te zwaar belast zou worden. Dit is een grote domper maar de provincie is bezig met een onderzoek en als daar meer over bekend is wordt de raad geïnformeerd over welke mogelijkheden er zijn. Mevrouw Veldhuizen heeft van de heer Rozemeijer begrepen dat er nog een inwoner op de Taets op zoek was naar een vervangende woning. Ondertussen is echter van verschillende huishoudens begrepen dat zij ook nog op zoek zijn naar een vervangende woning. Klopt het dat er onder die woningzoekenden gezinnen met kinderen zijn en komen die op straat te staan als zij niet voor 31 december een andere woning hebben? Klopt het dat in een anti-kraakwoning gezinnen met kinderen zijn toegestaan? In 2021 zijn tot nu toe 10 woningen verhuurd door Huiswaarts en als een jaar wordt teruggekeken zijn het er in totaal 26. Opvallend is dat op al die huizen maar 1 reactie is gekomen en dat al die huizen door directe bemiddeling verhuurd zijn.

Hoe kan het dat geen enkele woning verhuurd is door de volgorde van inschrijving of verloting en heeft het dan wel zin dat de gemeente de inwoners oproept om zich in te schrijven bij Huiswaarts? Kunnen mensen alleen maar een huurwoning krijgen als zij de weg via de bemiddeling kennen? Wethouder Wijs meldt dat de vragen schriftelijk zullen worden beantwoord. 10. Sluiting De voorzitter bedankt iedereen voor zijn bijdrage en sluit de vergadering om 22.15 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raadscommissie der gemeente Renswoude, gehouden op 16 november 2021. de secretaris,

de voorzitter,

Pagina 13 van 13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10683836/1