CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

Uitgaande brief zienswijze wijziging Gemeenschappelijke Regeling GGD regio Utrecht 585921 585921

Gemeenteraad 19 maart 2024, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake indienen zienswijze op het Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke Regeling GGD regio Utrecht en zienswijze1.045 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

College

Nummer 585917/585921 Datum 20 maart 2024 Behandeld door

Aan: GGD regio Utrecht T.a.v. Dr. M.J.W. Sprenger Postbus 51 3700 AB ZEIST

M. Gort Telefoonnummer 0318 578 150 E-mail m.gort@renswoude.nl

Onderwerp Zienswijze wijziging Gemeenschappelijke Regeling GGD regio Utrecht Geachte heer Sprenger, Op 19 maart 2024 heeft onze raad besloten u zijn zienswijze te geven op uw Ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling GGDrU van 11 december 2023. Zienswijze De raad adviseert het college om bij de GGDrU de volgende wijzigingen in te brengen over het ontwerp wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling: 1. De actieve informatieplicht (artikel 17 Wet gemeenschappelijke regelingen), op te nemen. In artikel 17 lid 2 en 3 Wgr is opgenomen dat het bestuur van het openbaar lichaam de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen geeft die de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken en de wijze waarop die inlichtingen worden verstrekt. In het ontwerp wijzigingsbesluit is echter de actieve informatieplicht van het bestuur (algemeen bestuur, dagelijks bestuur en voorzitter) en de wijze waarop deze wordt verstrekt, niet opgenomen. Dit kan worden toegevoegd aan de artikelen 14, 30 en 32 van de GR. De raad vindt het belangrijk om vaker, kort en krachtig op hoofdlijnen te worden geïnformeerd door het bestuur. 2. Een bepaling op te nemen dat raden ook zienswijzen kunnen indienen op conceptbeleidsplannen. In de GR is in artikel 43 lid 2 opgenomen dat raden een zienswijze op de algemene financiële en beleidsmatige kaders (kaderbrief) kunnen indienen.

De raad vindt het wenselijk dat de raad ook een zienswijze kan indienen op beleidsplannen. Met het indienen van zienswijzen op de kaderbrief en beleidsplannen wordt het voor gemeenteraden mogelijk om vroegtijdig te sturen op de beleidscyclus. 3. Een bepaling op te nemen over de wijze waarop de zienswijzen van raden worden betrokken bij de besluitvorming van het AB. Een gemotiveerde reactie van het dagelijks bestuur is een voorwaarde Gemeente Renswoude om het algemeen bestuur de zienswijzen mee te laten nemen in de Postadres Postbus 8, 3927 ZL Renswoude besluitvorming. Daartoe wenst de raad dat bijvoorbeeld een volgende Bezoekadres Dorpsstraat 4 bepaling wordt opgenomen: het dagelijks bestuur voegt de 3927 BD Renswoude commentaren waarin de zienswijzen zijn vervat bij het te nemen besluit Telefoon 0318 - 578 150 van het AB.

Pagina 1 van 3

E-mail Website

info@renswoude.nl renswoude.nl

KvK BTW IBAN

32163726 001104512B01 NL77 BNGH 0285 0070 84

4. Op te nemen dat raden zienswijzen kunnen indienen op een ontwerpbesluit, en vervolgens toestemming moeten geven, bij het wijzigen van, toetreden tot en uittreden uit een regeling. Deze zienswijze procedure en toestemming van de raden is beschreven in artikel 1 lid 5 van de Wgr in combinatie met de leden 2, 3 en 4 van lid 1. De raad vindt het wenselijk dat voor artikel 48 daar een algemene bepaling over wordt opgenomen: Artikel Zienswijzen en toestemming bij toetreding, uittreding, wijziging en opheffing 1. Deelnemers zenden het ontwerp van een besluit tot toetreding toe, uittreding uit, wijziging van of opheffing van de regeling toe aan hun raden, die binnen acht weken na ontvangst van het ontwerp een zienswijze over het ontwerp naar voren kunnen brengen bij hun colleges, overeenkomstig artikel 1, tweede en derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 2. (Toetredende) deelnemers nemen niet eerder een besluit tot toetreding toe, uittreding uit, wijziging van of opheffing van de regeling, dan na verkregen toestemming van hun raden overeenkomstig artikel 1, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 5.

Op te nemen dat er geen inspraak voor inwoners en belanghebbenden komt, maar dat de inspraak geregeld blijft via de gemeenteraden Volgens de nieuwe Wgr moet er in de GR vermeld worden hoe inwoners en belanghebbenden worden betrokken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid (Wgr art. 10 lid 7 en 8). Het is mogelijk om ook te bepalen dat niet wordt voorzien in deze inspraakmogelijkheid. Dit moet echter wel vermeld worden in de GR. De raad vindt het belangrijk dat in de GR een bepaling over inspraak wordt opgenomen waarbij wordt bepaald dat deze via de gemeenteraden loopt bij het indienen van zienswijzen. Dit sluit goed aan bij het concept verlengd lokaal bestuur, waar de gemeenteraden de inwoners vertegenwoordigen. 6. De evaluatie van de gemeenschappelijke regeling aan het eind van elke bestuursperiode te laten plaats vinden in plaats van tenminste om de bestuursperiode. In de gewijzigde GR wordt in artikel 52a voorgesteld de regeling periodiek, ten minste om de bestuursperiode, halverwege een bestuursperiode, te evalueren. De VNG adviseert om een evaluatie in het laatste jaar van een bestuursperiode te houden. De evaluatie kan dan nog worden uitgevoerd met de colleges en raden met kennis over de gang van zaken. Het advies kan dan aan het begin van de nieuwe raads- en collegeperiode gebruikt worden bij eventuele nieuwe beleidskeuzes.

Dat maakt sturing door de nieuwe raad gemakkelijker. De raad vindt het daarom wenselijk dat het evalueren van de gemeenschappelijke regeling aan het eind van elke bestuursperiode plaatsvindt opdat het voor de nieuwe raden gemakkelijker is eventuele nieuwe beleidskeuzes te maken. 7. De voorwaarden en gevolgen van het uittreden van een deelnemende gemeente op te nemen. In artikel 9 lid 1 van de Wgr staat dat bij uittreding een aantal zaken in ieder geval moet worden geregeld. Het gaat om de voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden en om de gevolgen voor het vermogen van de GR en de gevolgen voor het vermogen van de deelnemende gemeenten, zowel van de uittreder als de overblijvende gemeenten. In artikel 50 van de Wgr zijn deze voorwaarden en gevolgen niet opgenomen. De raad vindt het wenselijk dat alsnog de voorwaarden en de gevolgen van het uittreden voor het vermogen van de GR en de deelnemende gemeenten, worden opgenomen.

Pagina 2 van 3

Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze zienswijze, neemt u dan contact op met Martijn Gort op 0318- 578 150 of m.gort@renswoude.nl. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Renswoude, de secretaris {{esl:Signer1:SigningDate:size(200,20)}} {{esl:Signer1:capture:size(200,50)}} {{esl:Signer1:signature:size(200,50)}}

E.J. Jansonius de burgemeester {{esl:Signer2:SigningDate:size(200,20)}} {{esl:Signer2:capture:size(200,50)}} {{esl:Signer2:signature:size(200,50)}}

P. Doornenbal-van der Vlist

Bijlage(n):

Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13794081/1