Raadsvoorstel tweede wijziging GR ODRU
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Nummer: 572343/581863 Behandeld door: M.H.T. Jansen Datum: 21 november 2023
Onderwerp: Tweede wijziging GR ODRU
Geachte raad, Samenvatting: In juni 2023 is de voorgestelde wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Regio Utrecht (GR-ODRU) in uw raad aan de orde geweest. Naar aanleiding van zienswijzen van andere gemeenten dient een voorgestelde wijziging van het AB opnieuw aan uw raad te worden voorgelegd. Voorgesteld wordt om het college wederom toestemming te verlenen voor het wijzigen van de GR-ODRU.
Voorgeschiedenis/proces Op 6 april 2023 heeft het algemeen bestuur van de ODRU de ontwerp-wijziging Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst regio Utrecht (verder ook te noemen: Gemeenschappelijke regeling ODRU) vastgesteld. Het dagelijks bestuur heeft dit ontwerp op 11 april 2023 aan de colleges van de deelnemende gemeenten gezonden. Conform het nieuwe vereiste in de Wet gemeenschappelijke regelingen (verder: Wgr) hebben de colleges hun gemeenteraden om zienswijzen op dit ontwerp gevraagd. Inmiddels hebben alle raden zienswijzen gegeven en zijn deze beoordeeld door het bestuur van de ODRU. Het algemeen bestuur van de ODRU heeft vervolgens een aangepast voorstel vastgesteld, teneinde de Gemeenschappelijke regeling ODRU te wijzigen. Het dagelijks bestuur heeft dit aangepaste voorstel nu wederom voorgelegd aan de colleges ter vaststelling. Wij kunnen ons vinden in de aangepaste concept-wijziging Gemeenschappelijke regeling ODRU en stellen uw raad voor wederom toestemming te verlenen voor de wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst regio Utrecht, conform dat tekstvoorstel. Inhoudelijke toelichting Uit de zienswijzen blijkt dat er brede steun is voor de voorgestelde wijzigingen. Alleen voor artikel 34 lid 2 nieuw heeft heroverweging plaatsgevonden. Daarop gaan wij hieronder verder in.
De concept-wijziging Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst regio Utrecht is op dat punt aangepast.
Pagina 1 van 3
Van alle gemeenten is schriftelijk bericht ontvangen. Alle gemeenten kunnen zich vinden in het voorstel. De gemeenten Rhenen, Renswoude en Bunnik hadden aangegeven dat de gemeenteraad geen zienswijze wenst in te dienen. De ontvangen zienswijzen geven blijk van brede steun voor de ontwerp-wijziging van de Gemeenschappelijke regeling ODRU. Meerdere zienswijzen besteedden aandacht aan de (bovenwettelijke) gebleven mogelijkheid een reactie op de kadernota te geven. De gemeenten Utrechtse Heuvelrug en Wijk bij Duurstede hebben een voorstel voor aanpassing van artikel 34 lid 2 gedaan. De gemeenten Woerden en Oudewater hebben opgemerkt het van belang te vinden dat hun gemeente op een vergelijkbare wijze omgaat met de verschillende gemeenschappelijke regelingen en verzoekt de ODRU om bij het vervolg de afstemming die nu reeds plaatsvindt met andere gemeenschappelijke regelingen voort te zetten. Reactie op zienswijzen Het bestuur van de ODRU is blij met de brede steun van de gemeenten, alsmede de getoonde betrokkenheid. Oproep afstemming De ODRU zet de afstemming met andere gemeenschappelijke regelingen (VRU, GGD, AVU, RUDU) bij het vervolg voort. Voorstel aanpassing artikel 34 lid 2 (nieuw) De Wet gemeenschappelijke regelingen schrijft sedert 1 juli 2022 een gewijzigde procedure rondom de vaststelling van de begroting (en bijgestelde begrotingen) voor.
Het dagelijks bestuur (DB) dient voor vaststelling van de begroting (door het algemeen bestuur) aan de raad zijn oordeel over de zienswijze van de raad en de eventuele conclusie die het DB daaraan verbindt, te sturen. Het voorstel in de zienswijzen van de gemeenten Wijk bij Duurstede en Utrechtse Heuvelrug tot wijziging van artikel 34 lid 2 nieuw sluit aan bij de nieuwe rol van het dagelijks bestuur. Het algemeen bestuur heeft de suggestie uit de zienswijzen ten aanzien van artikel 34 lid 2 (nieuw) onverkort overgenomen. Artikel 34, tweede lid (nieuw) van de ontwerp-wijziging gemeenschappelijke regeling ODRU luidt in de concept-wijziging als volgt: Artikel 32 lid 2 oud Indien enig exploitatiejaar een nadelig saldo oplevert en het weerstandsvermogen ontoereikend is om dit nadelige saldo te dekken, stelt het algemeen bestuur een plan vast dat is gericht op het afbouwen en/of dekken van het nadelig exploitatiesaldo, het algemeen bestuur bepaalt tevens of en zo ja, tot welk bedrag de gemeenten zullen bijdragen in het nadelig exploitatiesaldo. Het bedoelde plan wordt niet eerder vastgesteld dan nadat de raden gedurende een termijn van acht weken in de gelegenheid zijn gesteld om hun mening ten aanzien van het plan naar voren te brengen.
Pagina 2 van 3
Artikel 34 lid 2 nieuw Indien enig exploitatiejaar een nadelig saldo oplevert en het weerstandsvermogen ontoereikend is om dit nadelige saldo te dekken, stelt het dagelijks bestuur een plan op dat is gericht op het afbouwen en/of dekken van het nadelig exploitatiesaldo, en bepaalt tevens of en zo ja, tot welk bedrag de gemeenten zullen bijdragen in het nadelig exploitatiesaldo. Het bedoelde plan wordt niet eerder door het algemeen bestuur vastgesteld dan nadat de raden gedurende een termijn van acht weken in de gelegenheid zijn gesteld om hun mening ten aanzien van het plan naar voren te brengen.
Daarmee komt het artikel in lijn met de nieuwe verdeling van bevoegdheden tussen het algemeen en dagelijks bestuur. Het in artikel 34 lid 2 genoemde plan kan ook onderdeel zijn van een begrotingsstuk en dan gaat het integraal in die procedure voor zienswijzen mee. Benodigde besluitvorming Het college is volgens de GR-ODRU en de Wgr bevoegd een besluit te nemen over wijziging van de regeling. Het college heeft hiervoor op grond van artikel 1, vierde en vijfde lid, Wgr de voorgaande toestemming van uw raad nodig. Volgens de Wgr kan de raad deze toestemming overigens slechts weigeren op grond van strijd met het recht of strijd met het algemeen belang. Voorgesteld wordt het college deze toestemming te verlenen. Aangezien deze wijziging zeer beperkt van aard is en in lijn met de rolverdeling tussen AB en DB zoals bedoeld in de onlangs gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen, wordt dit voorstel rechtstreeks aan uw raad voorgelegd, zonder voorafgaande commissiebehandeling.
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Renswoude,
de secretaris, E.J. Jansonius
de burgemeester, P. Doornenbal-van der Vlist
Bijlage(n): - Raadsbesluit - Conceptwijziging GR-ODRU
Pagina 3 van 3