CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota inspraak en overleg -Buursteeg 2

Raadscommissie 15 november 2022, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Voorstel inzake ontwerpbestemmingsplan Buursteeg 25.249 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

550139/563339

Nota inspraak en overleg Voorontwerp bestemmingsplan Buursteeg 2 Inleiding Het voorontwerpbestemmingsplan “Buursteeg 2” heeft voor een periode van 6 weken vanaf 5 mei tot en met 15 juni voor iedereen ter inzage gelegen. Op vrijdag 13 mei was er ook een inloopbijeenkomst over het bestemmingsplan. Hier hebben 12 personen gebruik van gemaakt. Tijdens deze periode zijn 2 inspraakreacties ingediend. Na afloop zijn nog 3 overlegreacties ontvangen van de Rijksdienst voor Cultuurhistorie en Erfgoed, de Provincie Utrecht en het Waterschap Vallei en Veluwe. De reacties zijn in deze nota samengevat en van een antwoord voorzien. Inhoud van het voorontwerpbestemmingsplan In het voorontwerp bestemmingsplan is opgenomen dat de begane grond van het bezoekerscentrum voor horeca (categorie 2) gebruikt mag worden. Daarnaast wordt met het bestemmingsplan beoogd om een deel van de terrassen, de plaatsing en het gebruik van zeecontainers en stretchtenten over de terassen te legaliseren. Op de redoute in het noordwesten van het terrein wordt de bouw van een semi-permanente tent mogelijk gemaakt. Ten slotte is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen om de herbouw van een kruitmagazijn (tbv opslag) mogelijk te maken.

Het bestaand gebruik tbv dagrecreatie, evenementen, feesten en partijen wordt voortgezet zoals in de eerder afgegeven vergunning, het geldende bestemmingsplan en de mogelijkheden binnen de APV. Reacties Inspraakreactie 1 - Gemachtigde namens zeven omwonenden Nr 1

Verkorte weergave van de reactie De insprekers schetsen dat de voorbereidingen tot het voorontwerpbestemmingsplan erg lang hebben geduurd (1,5 jaar)

Beantwoording Het klopt dat de voorbereidingen voor het bestemmingsplan 1,5 jaar hebben geduurd. Dit is langer dan gebruikelijk en mede ingegeven door ziekte, beperkte beschikbaarheid van arbeidskrachten, intensief overleg en de nagestreefde zorgvuldigheid. Denk daarbij aan het informeel overleg met provincie, de monumentencommissie en een informatiebijeenkomst die door de exploitant is georganiseerd. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.

550139/563339 2

Er worden veel meer mogelijkheden voor de horeca opgenomen in het bestemmingsplan ten opzichte van de Omgevingsvergunning die zes jaar oud is. Insprekers verwachten dat de vergunning uit 2016 naar het bestemmingsplan zou worden vertaald. Dit is echter niet het geval.

Ten opzichte van de omgevingsvergunning uit 2016 is het aantal m2 horeca uitgebreid tot de begane grond. Daarnaast is ook een aantal nieuwe zaken opgenomen. Deze nieuwe zaken (zoals hierboven beschreven onder het kopje “inhoud van het voorontwerpbestemmingsplan”) betreffen overigens geen wijzigen waardoor de aard en omvang van het huidige gebruik tov de bestaande rechten wezenlijk veranderen. Bovendien is omwille van de transparantie beschreven dat de exploitant voornemens is om de outdooractiviteiten binnen de bestaande rechten uit te breiden. Dat de omgevingsvergunning in 2016 is afgegeven hoeft niet te betekenen dat hier geen nieuwe mogelijkheden aan kan worden toegevoegd. Belangrijk is dat de nieuwe mogelijkheden goed worden onderbouwd.

3

Het doel van het bestemmingsplan is het overeind houden van het bezoekerscentrum terwijl er geen sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Dit blijkt oa uit het voorbeeld dat op ambtelijk niveau twijfels bestonden over het gebruik van de zeecontainers en de stretchtenten. Hiervoor worden citaten uit het Wob-besluit aangehaald. Insprekers vragen zich af hoe het kan zijn dat, gelet op het vorenstaande inclusief de aangehaalde citaten, onder andere de zeecontainers en de stretchtenten tóch zijn meegenomen in het voorontwerp?

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Insprekers wijzen op de ambtelijke correspondentie met de exploitant. Hierin werden twijfels uitgesproken over de plaatsing van de zeecontainers en het gebruik van de stretchtenten. Naar aanleiding van deze correspondentie is besloten om de monumentencommissie in te schakelen. Bij de monumentencommissie is benoemd dat er ambtelijk werd getwijfeld aan de plaatsing van de containers maar is ook het functionele aspect van de containers benoemd. Alles overwegende heeft de commissie geoordeeld dat het gebruik en positionering van zowel de zeecontainers als de stretchtenten niet op bezwaren stuit. Bij welk voorstel dan ook beoordeelt de commissie in samenhang de functie, het gebruik en de vormgeving in relatie tot de bestaande monumentale waarden. In het onderhavige geval is de commissie (na het horen van de verschillende aspecten die door de leden naar voren werden gebracht) van mening dat de voorstellen geen overwegend bezwaar vormen om deze te realiseren. Vanwege het niet permanente karakter (reversibel1) zijn de voorstellen van geringere betekenis op de monumentale waarden als geheel ten opzichte van het eerder gerealiseerde nieuwe bezoekerscentrum zelf. Alles overwegende heeft de commissie geoordeeld dat het gebruik en positionering van zowel de zeecontainers als

Een veelgebruikte term in de erfgoedzorg is reversibiliteit. Dit houdt in dat een toevoeging aan een monument ongedaan kan worden gemaakt zonder dat daarbij waardevol materiaal verloren gaat. 1

550139/563339 de stretchtenten niet op bezwaren stuit. Het college heeft het advies van de monumentencommissie laten prevaleren.

4

Insprekers schetsen het verloop van het handhavingsdossier op basis van de stukken die beschikbaar uit het Wob-verzoek en stellen dat meerdere beloften niet zijn nagekomen. Ze concluderen dat de gemeente het “redden van het bezoekerscentrum” voor op hebben gezet en geven aan dat het vertrouwen in het openbaar bestuur daarmee ernstig is geschaad.

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Het betreurt het college om te lezen dat insprekers teleurgesteld zijn en door dit verloop het vertrouwen in de gemeente zijn verloren. Het is de intentie geweest om zorgvuldig te handelen en daarbij alle belangen bij de besluiten te betrekken. Met het voorliggende voorontwerpbestemmingsplan wil de gemeente een helder kader scheppen voor de ruimtelijke bouw- en gebruiksmogelijkheden op het terrein. Daarnaast geldt uiteraard ook de APV. Deze kaders vormen de basis voor de handhaving. De gemeente roept de insprekers op om klachten te melden bij de milieuklachtentelefoon van de omgevingsdienst. Deze voert, namens de gemeente, de handhavingstaken uit op het gebied van milieu. • Tijdens kantooruren (maandag t/m vrijdag van 8.30 – 17.00 uur): 088 – 022 50 00. • Buiten kantooruren: provinciale milieuklachtentelefoon: 0800 – 02 25 510. (Bron: https://www.odru.nl/milieuklachten/)

Het verloop van het dossier heeft echter geen gevolgen voor de inhoud van het bestemmingsplan.

5

Door het nalatig handelen van het college is wrijving ontstaan tussen de exploitant en de omwonenden. De laatsten ervaren het niet anders dan dat hun belangen niet of nauwelijks worden beschermd. Ondanks het feit dat in het recente verleden door de gemeente Renswoude beleidsplannen zijn vastgesteld die het doel dit wel te doen.

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Zoals eerder gesteld heeft de gemeente het voorontwerp-bestemmingsplan zorgvuldig voorbereid en daarin ook de belangen van omwonenden meegenomen. Dat hierdoor wrijving is ontstaan is ongewenst. Graag zien we dat bewoners en gebruikers van een gebied prettig kunnen samenleven en ondernemen en dat problemen onderling in goed overleg kunnen worden opgelost. In deze situatie draagt de gemeente bij door heldere kaders op te stellen in het voorontwerpbestemmingsplan. Ook zal ze waar nodig handhavend moeten optreden. De gemeente hoopt dat de kaders en de naleving ervan bijdragen aan het verbeteren van de onderlinge verstandhouding.

550139/563339

6

De voorgenomen bestemmingsplanwijziging was niet nodig geweest als naar andere financiële dragers was gezocht. Er is bijvoorbeeld niet gekeken naar een andere huurder voor het kantoordeel.

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Sinds de zomer van 2020 heeft de provincie met de partijen in het gebied (de Stichting Bezoekerscentrum Grebbelinie, Staatsbosbeheer en de Grebbelounge gekeken naar de duurzame instandhouding van het bezoekerscentrum. Vanuit het doel om de Grebbelinie beter beleefbaar te maken. Een provinciaal Erfgoed Expert Team heeft daarbij een advies uitgebracht over hoe het businessmodel van het fort en het bezoekerscentrum kan worden verbeterd, waarbij ook is onderzocht of het nodig is commerciële ruimte aan het bestaande gebouw toe te voegen om te komen tot een sluitende business case. De belangrijkste uitkomsten van dit advies waren dat een uitbreiding van het fort zich in de huidige markt niet terugverdient. Wel liggen kansen in de optimalisatie van het gebruik van het bestaande vloeroppervlak en in de verbetering van de samenwerking tussen partijen betrokken bij het fort. Dit heeft ertoe geleid dat partijen hebben afgesproken de horecaruimte op het fort te vergroten door de vrijgekomen ruimte van O-gen toe te voegen aan de bestaande horecaruimte en te kiezen voor een omzetafhankelijke huur. Ook zal de Stichting Bezoekerscentrum Grebbelinie inzetten op het vergroten van het aantal betalende bezoekers.

Op deze wijze is een oplossing gevonden om de continuiteit van het bezoekerscentrum te waarborgen en de grebbelinie beter beleefbaar te maken.

7

Er is op geen enkele manier inzicht gegeven in de financiële situatie van het bezoekerscentrum en de mogelijkheden om met overheidssteun voort te bestaan.

Deze argumenten kwamen nog onvoldoende naar voren in de toelichting van het bestemmingsplan. De inspraakreactie leidt op dit punt tot een aanpassing van de toelichting. Verwezen wordt naar de beantwoording onder 6. In het kader van de ruimtelijke ordening moet een globale toets op de uitvoerbaarheid van het plan plaatsvinden. In dat kader is in paragraaf 4.5 van de toelichting beschreven dat de kosten voor het plan voor rekening van de initiatiefnemer komen en ook eventuele planschade wordt verhaald. Bovendien worden met het plan geen kapitaalintensieve investeringen mogelijk gemaakt. Het gaat om de ingebruikname van een bestaand gedeelte van een gebouw tbv horeca en legalisatie van terrassen en opslagruimte. In dat kader worden geen problemen tav de uitvoerbaarheid verwacht.

550139/563339

8

Actueel en representatief akoestisch onderzoek ontbreekt.

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. In paragraaf 4.1.3. is onderbouwd dat er met de voorgenomen ontwikkelingen sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Daarvoor zijn de (algemeen aanvaarde richtafstanden uit de VNG-brochure Bedrijven en milieuzonering gehanteerd. Aan die richtafstanden wordt ruimschoots voldaan. Aanvullend is verwezen naar het akoestisch onderzoek. Uit het onderzoek komt naar voren dat aan de voorkeursgrenswaarden uit de APV/Activiteitenbesluit kan worden voldaan zolang de ramen en deuren gesloten blijven. Naar aanleiding van de inspraakreactie is besloten om het akoestisch onderzoek te actualiseren. Uit dit onderzoek blijkt dat er sprake blijft van een goed woon- en leefklimaat. Er vindt nog overleg plaats tussen de omgevingsdienst, gemeente en initiatiefnemer of het n.a.v. het onderzoek gewenst is om aanvullende voorwaarden te verbinden aan de bedrijfsvoering van de Grebbelounge. Indien dit tijdig bekend is wordt dit nog aan het ontwerp-bestemmingsplan toegevoegd .Anders wordt het in de volgende fase van de procedure (bij de vaststelling) in het plan opgenomen.

9

De extra m2 horeca zijn al bij de bestaande horeca betrokken. Hierover is de exploitant meerdere keren aangesproken ivm overlast en is een verzoek tot handhaving ingediend.

10

Insprekers stellen dat het westelijk terras niet is vergund in de omgevingsvergunning van 2016. Omdat het terras straks ten

Deze inspraakreactie leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Het akoestisch onderzoek wordt als bijlage toegevoegd en paragraaf 4.1.3. wordt aangevuld met de resultaten van het onderzoek. Insprekers stellen terecht dat de exploitant de extra m2 horeca al bij de bestaande horeca heeft betrokken. Dit is op dit moment niet in overeenstemming met de omgevingsvergunning en het geldende bestemmingsplan. Om dit te legaliseren heeft de gemeente het voorliggende bestemmingsplan in voorbereiding. Het handhavingsverzoek wordt aangehouden in afwachting van bestemmingsplanprocedure. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Uit de tekening behorende bij de vergunning is het westelijk terras opgenomen in de vergunning. Insprekers stellen terecht vast dat met de bestemmingsplanwijziging naast

550139/563339 behoeve van de horeca wordt gebruikt verandert de aard van het gebruik. Hiervoor ontbreekt de ruimtelijke onderbouwing. Insprekers vragen in dit kader naar de onderbouwing in het voorontwerpbestemmingsplan.

de omvang ook de aard van het gebruik van dit terras wijzigt. Dit is ook als zodanig beschreven in paragraaf 1.1. De onderbouwing voor deze aanpassing volgt uit de hoofdstukken 2 tot en met 4. Samengevat wordt voor dit terras gesteld dat de aanpassing niet leidt tot een aantasting van de cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden. In het kader van milieuzoneringen is de horecafunctie als totaal beoordeeld in het bestemmingsplan, inclusief de functiewijziging van het terras. Dit is ook als zodanig meegenomen in het geactualiseerde akoestisch onderzoek.

11

Insprekers wensen dat de omgevingsvergunning uit 2016 en de huidige DHW- en exploitatievergunning in stand blijven.

12

Door de uitbreiding van de horeca verschuift het accent van bezoekerscentrum naar horeca terwijl dit nooit de bedoeling is geweest.

Deze inspraakreactie leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Het akoestisch onderzoek wordt als bijlage toegevoegd en paragraaf 4.1.3. wordt aangevuld met de resultaten van het onderzoek. Het college waardeert dat insprekers hun wens uitspreken en menen te beluisteren dat omwonenden zich steeds meer zorgen maken over een toenemende overlast. De voorgenomen bestemmingsplanwijziging is echter van beperkte aard. De toename van het aantal m2 horeca en de legalisatie van zeecontainers en stretchtenten zullen ten opzichte van de vergunde situatie in 2016 nauwelijks iets wijzigen in de aard van het gebruik. Er blijft sprake van horeca categorie 2. Zoals gesteld in de toelichting. Het is en blijft een restaurant. Dat restaurant krijgt in de beoogde situatie alleen meer ruimte voor haar al bestaande aanbod. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Gezien de toekomstige oppervlakte voor horeca kan inderdaad niet meer gesproken worden van ondergeschikte horeca. In het nieuwe bestemmingsplan wordt dit onderscheid ook niet meer gemaakt omdat er nieuwe omstandigheden zijn (vertrek Ogen en niet invullen van het proeflokaal). Dat in het verleden een ander uitgangspunt is gehanteerd, maakt niet dat hier later van kan worden afgeweken.

Binnen de nieuwe omstandigheden is volgens het college sprake van een passende invulling van het bezoekerscentrum, die eraan bijdraagt dat het bezoekerscentrum zijn rol, als ‘verteller’ van het verhaal van de Grebbelinie, kan blijven vervullen. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.

550139/563339 13

14

15

De verhuur van e-choppers kan niet gerekend worden tot een outdoor-activiteit op het fort.

De ruimtelijke onderbouwing voor het legaliseren van de zeecontainers gaat volledig mank en wordt beschouwd als een doelredenering. De zeecontainer kent geen architectuur en heeft ook geen verbinding met het verleden van het fort. Door de m2 horeca uit te breiden is ook een gebrek aan opslagruimte gecreëerd. Ook voor de opslag tbv het restaurant is geen goede onderbouwing. Dat de m2 van de oorspronkelijke fietsenstalling hiervoor worden ingewisseld is volgens insprekers absurd.

De e-choppers helpen om de Grebbelinie beter beleefbaar te maken. Het fort is nu bestemd voor ‘dagrecreatieve voorzieningen’. Onder dagrecreatie vallen, samengevat, vormen van recreatie die in principe plaatsvinden als de zon op is. Het aanbieden van e-choppers valt hieronder. Het is een vorm van dagrecreatie en de verhuurfaciliteit daarvoor, bij het restaurant, is daarmee een dagrecreatieve voorziening. Dat de echoppers het fort verlaten (en dat doorgaans ook doen) maakt daarvoor geen verschil. In welke mate de e-choppers daarbuiten gebruikt kunnen worden, wordt bepaald door de regelgeving die aldaar geldt (de APV). Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Voor de beantwoording van deze inspraakreactie wordt verwezen naar de beantwoording onder nr. 3 Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Om de kosten in toom te houden, is het bezoekerscentrum vanaf het begin zonder een voor opslag geschikte ruimte gerealiseerd. Het gevolg is dat het aanwezige restaurant niet goed uit te voeten kan in het gebouw van het bezoekerscentrum alleen. Dat is geen nieuw gegeven. Dat was al het geval voordat een uitbreiding aan de orde was. Hierom houdt het plan ook in dat een deel van de vrijgekomen ruimte in het bezoekerscentrum aangewend wordt voor het verbeteren c.q. vergroten van de opslagmogelijkheden. Dit betreft ca 15 m2.

Relevant gegeven voor het vergroten van de opslagmogelijkheden is dat het op basis van de bestaande vergunning voor het bezoekerscentrum nog mogelijk is om een fietsenstalling van 55 m² te realiseren. Na realisatie zou die relatief eenvoudig en al dan niet deels als opslagruimte dienst kunnen doen. De voorkeur heeft het echter, zoals nu ook gebeurt, om dichter bij het gebouw van het bezoekerscentrum in aanvullende opslagruimtes voor het restaurant te voorzien.

16

Het legaliseren van de zeecontainers strookt niet met de Omgevingsvisie waarin staat dat verrommeling van het buitengebied te allen tijden dient worden tegengegaan.

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Omdat de gemeente de verrommeling wil tegengaan en de zeecontainers nabij een monument zijn geplaatst is er advies ingewonnen bij de monumentencommissie. De commissie geeft aan geen bezwaar te hebben tegen de positie en verzoekt de

550139/563339 containers in legergroen of camouflagekleuren uit te voeren. In het inrichtingsplan is nog een haag voorzien. Door de containers te omzomen is wat de gemeente betreft geen sprake van verrommeling.

17

18

De ruimtelijke onderbouwing over het gebruik van de stretchtenten is onvoldoende gemotiveerd gezien de discussie bij de monumentencommissie en eerdere ambtelijke uitspraken.

Hoewel op papier de horeca-categorie 2 mogelijk wordt gemaakt, is in de praktijk sprake van categorie 3 omdat: - De exploitant een partymanager heeft aangenomen - Op de website van de Grebbelounge ook wordt geadverteerd met een feestzaal voor feesten en partijen - Door de enorme toename van het m2 - De sluitingstijd is verruimd naar 1u ’s nachts - In de ruimtelijke onderbouwing van 2016 wordt gesproken over incidenteel gebruik tbv feesten en partijen. Dit wijzigt nu naar structureel gebruik. Deze beoogde activiteiten stroken niet met een goede ruimtelijke ordening en de Omgevingsvisie waarin wordt gesteld dat alle ontwikkelingen in het buitengebied altijd gepaard gaan met het nodige onderzoek en aandacht voor de belangen van agrariërs, landschap, natuur en een gezonde leefomgeving. Insprekers wijzen in dit kader ook op een geluidsopname.

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Het college hecht aan het deskundigen oordeel van de monumentencommissie. Zij hebben geoordeeld dat er geen bezwaar is tegen het gebruik van de stretchtenten mits er geen felle kleuren worden gebruikt. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Uitgangspunt van het voorliggende bestemmingsplan is dat de aard van het huidige gebruik niet wijzigt. In de geldende omgevingsvergunning is categorie 2 toegekend. Bij horeca categorie 2 is het regulier gebruik voor feesten en muziek-/dansevenementen niet toegestaan. Dit komt overeen met de toegekende categorie uit de huidige omgevingsvergunning en de daarbij behorende ruimtelijke onderbouwing waarin het volgende is opgenomen. “Incidenteel kunnen de faciliteiten van het bezoekerscentrum en de horeca worden

gebruikt voor bijeenkomsten door de zakelijke markt (vergaderbijeenkomsten, mini conferenties en dergelijke) en voor particuliere feesten en partijen. Idee is de gemeente te verzoeken het fort als trouwlocatie te bestempelen. In het proeflokaal vinden wijnproeverijen voor publiek plaats. De horeca en het proeflokaal hebben hun eigen terras/buitenruimte. In de avonduren kunnen de activiteiten worden voortgezet, uiteraard binnen de gemeentelijke regelgeving en de APV. Ten aanzien van particuliere en zakelijke commerciële activiteiten wordt opgemerkt dat de voorziene (horeca)ruimte onvoldoende geschikt is voor grote feesten of partijen. Binnen de ruimte van het gebouw, geldende regels van de APV en de horecavergunning zijn uiteraard wel feesten mogelijk. Verder kan de ruimte worden gebruikt voor bedrijfsdiners en lunches en kunnen er personeelsuitjes en managementtrainingen worden georganiseerd” We begrijpen dat met de reclame-uitingen en website de indruk gewekt is dat er meer feesten en partijen worden gehouden. In de praktijk zal de Grebbelounge zich echter

550139/563339 aan de regels van het bestemmingsplan moeten houden die zijn gebaseerd op de nu geldende omgevingsvergunning. In het bestemmingsplan is de mogelijkheid dus beperkt tot het niet-regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek/dansevenementen. De Grebbelounge is in hoofdzaak een restaurant met ondergeschikte zaalverhuur waar incidenteel feesten en muziek-dansevenementen zijn toegestaan. Geluidsopnamen van omwonenden en/of exploitant kunnen beiden niet beoordeeld worden of betrokken bij de belangenafweging. Als omwonenden menen dat de geluidsniveaus worden overschreden kan een klacht worden ingediend bij de omgevingsdienst (voor de contactgegevens verwijzen we naar de beantwoording van reactie nr. 4)

19

20

Met de bestemming tot evenemententerrein (artikel 3.1 onder c en d) en het mogelijk maken van outdoor-activiteiten wordt het begrip recreatie oneigenlijk opgerekt. Ook gezien de hoge cultuurhistorische waarde. Verwezen wordt in dat kader ook naar de regeling in de ruimtelijke onderbouwing van 2016 waarin een grote evenementen zijn uitgesloten en enkel grebbelinie-gerelateerde evenementen zijn toegestaan. Het terrein maakt onderdeel uit van het Natuur Netwerk Nederland (NNN) De insprekers hebben de volgende vragen hierover: a) Wat zijn de waarden en kenmerken van het NNN in het plangebied en worden deze al dan niet aangetast door de beoogde bestemmingswijziging. b) Door de beoogde nieuwe bebouwingen wordt er NNN ruimte opgeslokt. Hoeveel compensatie is er nodig en waar is die te vinden? c) Wat heeft de beoogde uitbreiding van de activiteiten gevolgen voor de parkeerruimte? De huidige

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De regeling voor evenementen is overgenomen uit de geldende omgevingsvergunning. De verdeling tussen kleinschalig en Grebbelinie-gerelateerde evenementen is gehandhaafd. Er worden ten opzichte van de vergunning geen extra mogelijkheden gecreëerd. Grote evenementen zijn nog steeds uitgesloten. Bovendien blijft de APV het beoordelingskader voor de nadere invulling van deze mogelijkheden. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het voorontwerpbestemmingsplan. a) T.b.v. het bestemmingsplan is een natuurtoets uitgevoerd. Deze zal als bijlage bij het ontwerpbestemmingsplan worden gevoegd. Uit de toetst volgt dat de wezenlijke kenmerken en waarden van het fort vooral bestaan uit de (buiten)grachten en de oude vestingwallen met kruidenrijk grasland, boombeplanting, hagen en struiken. Omdat de buitenste vestingwallen en grachten niet worden aangetast en ecologisch beheer wordt toegepast door Staatsbosbeheer zijn de negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden nihil. b) In de natuurtoets is ook aandacht besteed aan de benodgide compensatie. Deze is alleen nodig als gebruik wordt gemaakt van de afwijkingsbevoegdheid

550139/563339

21

parkeerplaatsen zouden net voldoende voor de gasten uit het bestemmingsplan voor de herbouw van het kruitmagazijn. In dat geval van het bezoekerscentrum zijn en de horeca. De zal een vleermuizenhotel worden gerealiseerd voor minimaal 30 vleermuizen. deelnemers aan de outdoor activiteiten op het terrein c) De outdooractiviteiten zijn op dit moment ook al mogelijk op basis van het zelf moeten ook hun auto, fiets of scooter kwijt. Uit de geldende bestemmingsplan en omgevingsvergunning. Bezoekers voor deze ruimtelijke onderbouwing blijkt uit niets dat daarmee activiteiten kunnen gebruik maken van de beschikbare parkeerplaatsen. rekening is gehouden. Sterker nog er wordt met geen d) De outdoor-activiteiten passen binnen de huidige bestemming. Omdat de woord gerept over het aantal beschikbare outdoor-activiteiten vanuit Grebbelounge worden georganiseerd behoren ze parkeerplaatsen ook niet die nodig zijn voor andere tot dezelfde inrichting. (dag)recreanten. Op dat onderdeel alleen al is er dan e) Het college ziet geen verband tussen het bedrijfsmatig aanbieden van ook geen sprake van een goede ruimtelijke ordening; outdooractiviteiten en een verplichte bijdrage als je anderszins wilt recreëren d) Wat houdt dit in voor de mogelijkheden van op het terrein. Dit is ook niet aan de orde.

dagrecreatie? Die wordt beperkt nu een deel van het terrein wordt ingenomen door het bedrijfsmatig Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. aanbieden van outdoor-activiteiten op het terrein van het fort? Leidt dit niet tot een extra Wet milieubeheer inrichting op het fort en zo ja wat zijn daarvan de gevolgen voor de direct omwonenden? e) Het gestelde onder d. leidt er toe dat je verplicht bent te gaan betalen als je op een bepaald deel van het terrein wil gaan (dag)recreëren. Dat laatste kan nooit de bedoeling zijn. Hoe ziet het college dit? Insprekers adviseren om de planregels nog eens goed te - Ten aanzien van artikel 3.4 onder b: we vullen de regel aan dat het bestuderen. Over artikel 3.4 wordt het volgende gevraagd: horecabedrijf alleen is toegestaan op de begane grond ter plekke van de Onder b. Waarom is daar niet opgenomen dat dit uitsluitend van aanduiding het bouwvlak. Daarmee wordt voorkomen dat het horecabedrijf toepassing is op het bezoekerscentrum? zich later in de semi-permanente tent en/of kruitmagazijn kan vestigen. Onder d. Op welke manier denkt het college dit aantal te kunnen - Ten aanzien van artikel 3.4 onder d. Beoogd was om aan te sluiten bij de APV.

gaan handhaven? Hoe weet men wanneer het moment het In de nieuwste versie van de APV wordt bij kleine evenementen ook gesproken drukste van de dag is? Moet dit niet maximaal 100 bezoekers over 100 personen zonder toevoeging het drukst vd dag. We nemen deze per dag zijn? suggestie ook over. Deze inspraakreactie leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De regels worden aangepast zoals hierboven beschreven.

550139/563339 22

De quickscan ecologie ontbreekt

Zoals aangekondigd in de voorontwerp-versie is de natuurtoets als bijlage toegevoegd aan de volgende versie van het bestemmingsplan. De toelichting wordt hier ook op aangevuld. Deze inspraakreactie leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De natuurtoets wordt toegevoegd en de bevindingen hieruit worden in de toelichting opgenomen.

Inspraakreactie Natuur en milieufederatie Utrecht Nr 23

Verkorte weergave inspraakreactie Het voorontwerpbestemmingsplan geeft ruimbaan aan recreatie (inclusief horeca). De NMU vindt dat de natuurfunctie en cultuurhistorische functie van het plangebied en de directe omgeving beter gewaarborgd kunnen worden en geeft daarover het volgende aan:

24

In het voorontwerpbestemmingsplan ontbreekt de onderbouwing dat de beoogde uitbreiding van recreatie niet leidt tot aantasting van het NNN alleen de noodzaak wordt onderbouwd.

Uitgangspunt voor het voorliggend bestemmingsplan is een beperkte aanpassing en maakt met name een uitbreiding van het aantal m2 horeca mogelijk. Binnen de huidige bestemmingsregeling en de verleende omgevingsvergunning zijn recreatie en horeca al mogelijk gemaakt. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Zoals aangekondigd in de voorontwerp-versie is een natuurtoets uitgevoerd. Deze wordt als bijlage toegevoegd aan het ontwerpbestemmingsplan. De toelichting wordt hierop aangevuld. Voor de NNN toets zijn alleen de nieuwe elementen tov de geldende rechten beoordeeld. Het gaat dan om de uitbreiding van het aantal m2 horeca, de aangepaste vorm van de terrassen, de stretchtenten daarboven, de plaatsing van de zeecontainers, het realiseren van een semi-permanente tent en de herbouw van het kruitmagazijn. In de natuurtoets is geconcludeerd dat de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN met deze elementen niet worden aangetast. Deze inspraakreactie leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De natuurtoets wordt toegevoegd en de bevindingen hieruit worden in de toelichting opgenomen.

550139/563339 25

26

27

Het is onduidelijk wat de impact is van de beoogde ontwikkeling op het NNN. Het is de verwachting dat er meer bezoekers en verkeersbewegingen komen. NMU vraagt dit beter in beeld te brengen.

Er wordt gevraagd dat beter onderzocht en onderbouwd wordt wat de effecten zijn van de beoogde ontwikkelingen op de aanwezige natuur en NNN. Ook is het belangrijk om in de regels de aanwezige natuur beter te borgen. Daarom wordt er gepleit voor een zonering van het plangebied waar natuur apart wordt bestemd. Het realiseren van een semi-permanente tent en activiteiten op de redoute zijn vanuit het natuurperspectief een slecht idee.

De uitbreiding van de m2 horeca en te verwachten toename van de parkeerdruk is onderbouwd in paragraaf 3.2 Het huidige aantal parkeerplaatsen op het terrein zelf en in de omgeving worden als voldoende beschouwd om in de parkeerbehoefte voor de toename van de m2 horeca en het bestaande gebruik te voorzien. In de natuurtoets is het bestaand aantal parkeerplaatsen als uitgangspunt genomen. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Het voorliggende bestemmingsplan borduurt voort op de bestaande rechten uit het bestemmingsplan en de eerder verleende vergunning. De gemeente ziet geen mogelijkheden deze rechten zonder planschade in te perken. We beoordelen daarom de effecten van de nieuw toegevoegde elementen. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Verwezen wordt naar de uitgevoerde natuurtoets. Hierin is geconcludeerd dat de semipermanente tent geen afbreuk doet aan de ecologische waarden.

De quickscan flora en fauna ontbreekt.

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De natuurtoets wordt toegevoegd in de volgende versie van het bestemmingsplan.

29

De NMU vraagt om de parkeerplaatsen niet op het fort te realiseren, maar de bestaande parkeerplaats buiten het plangebied te benutten.

Deze inspraakreactie leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De natuurtoets wordt toegevoegd en de bevindingen hieruit worden in de toelichting opgenomen. De bestaande parkeerplaatsen op het fort zijn vergund in de omgevingsvergunning van 2016 en maken geen onderdeel uit van de voorliggende bestemmingsplanwijziging. De gemeente kan deze rechten niet zonder planschade beperken.

30

De NMU heeft begrip voor de toename aan recreatieve ontwikkelingen om militair erfgoed in stand te houden. Ze vraagt daarbij wel om de balans tussen recreatie, natuur en cultuurhistorie als uitgangspunt te hanteren.

28

Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De gemeente onderschrijft deze balans. Het voorliggende bestemmingsplan heeft deze balans ook nagestreefd. De bestaande rechten waren hiervoor wel het vertrekpunt. Deze inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.

550139/563339

Overlegreacties Overlegreactie RCE De Rijksdienst voor Cultuurhistorie en Erfgoed heeft ons op 20 juni laten weten geen opmerkingen te hebben op het plan. Overlegreactie Waterschap Vallei en Veluwe Het Waterschap Vallei en Veluwe heeft ons op 13 juli laten weten geen opmerkingen te hebben over het plan. Overlegreactie Provincie Utrecht Op 12 juli ontvingen we een vooroverlegreactie van de provincie Utrecht Nr 31

32

Verkorte weergave overlegreactie Vanuit de provincie spelen twee onderwerpen een grote rol. Dit zijn in dit plan met name die van het behoud van het cultureel erfgoed en de bescherming van de waarden van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Ten aanzien van het aspect cultuurhistorie merkt de provincie op dat de bestemmingsregelingen nu voldoende bescherming biedt aan het behoud terwijl er ook ruimte wordt geboden voor een bedrijfseconomisch rendabele exploitatie. Over het aspect NNN constateert de provincie dat de eerdere informele opmerkingen nog niet zijn verwerkt. Dit is ook als zodanig telefonisch aangegeven. De provincie gaat ervanuit dat het ontwerpbestemmingsplan een voldoende onderbouwing geeft van de geplande ontwikkelingen in relatie tot het NNN. De

We nemen kennis van dit deel van de overlegreactie.

Het voorontwerpbestemmingsplan is aangevuld met een natuurtoets ecologie. Uit de natuurtoets komt naar voren dat de wezenlijke waarden en kenmerken van de NNN niet worden aangetast. Deze conclusie wordt ook opgenomen in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan.

550139/563339 provincie doet de handreiking om deze aanvullende onderbouwing eerst nog ambtelijk te bespreken.

Gemeente Ede Het plan is op 5 mei in het kader van het vooroverleg aan de gemeente toegezonden. Er is geen reactie van de buurgemeente ontvangen. Staat van Wijzigingen ten opzichte van het voorontwerpbestemmingsplan Naar aanleiding van de inspraakreactie en overlegreactie wordt het plan op de volgende onderdelen aangevuld/verbeterd: • • • • •

De toelichting wordt aangevuld met een beschrijving van het voortraject (afstemming met provinciaal erfgoed expert team) Het plan wordt aangevuld met de natuurtoets ecologie. In de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan worden de conclusies van de natuurtoets weergegeven. Het akoestisch onderzoek is geactualiseerd. De bevindingen uit het geactualiseerde onderzoek worden in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan weergegeven. De regels worden zo aangepast dat het horecabedrijf alleen in het bouwvlak is toegestaan (en niet op de redoute waar de semipermanente tent is beoogd). De regeling voor kleinschalige evenementen wordt aangepast zodat het beter aansluit bij de APV (maximaal 100 bezoekers)

De volgende aanvullingen/verbeteringen worden naar aanleiding van ambtelijk overleg verwerkt: • •

Om de bouwvorm van het gebouw beter te beschermen wordt een regeling toegevoegd zodat de hoofdvorm van het gebouw alleen onder voorwaarden mag worden aangepast. Correctie van maximaal m2 in het bouwblok. Per abuis waren de onjuiste m2 voor de bebouwing in het bouwblok opgenomen. In plaats van de 975m2 uit het voorontwerpbestemmingsplan zal 770 m2 in het ontwerpbestemmingsplan worden opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11974767/1