K3. Bijlage bij brief aan Prov Utrecht gedep M Sterk reactie concept UPLG 1 0
Tekst van het document
REACTIE CONCEPT UTRECHTS PROGRAMMA LANDELIJK GEBIED 1.0 12 september 2023
Beste betrokkene bij het Utrechts landelijk gebied, De komende jaren werken wij aan het vormgeven van de opgaven uit het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG). Dit willen wij graag samen (blijven) doen met onze gebiedspartners, op een manier die recht doet aan het landelijk gebied van Utrecht en aan alle mensen die er wonen, werken en recreëren. We nodigen u daarom van harte uit uw reactie op het concept-UPLG (versie 1.0) te geven. Participatie over het concept van het UPLG 1.0 Voor de zomervakantie, op 5 juli 2023, heeft de provincie Utrecht op verzoek van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedsel de eerste conceptversie van haar provinciaal gebiedsprogramma ingediend: het concept-UPLG 1.0 (zie: https://www.provincieutrecht.nl/onderwerpen/toekomst-landelijk-gebied/utrechts-programma-landelijk-gebied). U heeft als het goed is hierover bericht ontvangen. In de aanloop naar de indiening van dit eerste concept is in de eerste helft van dit jaar een tal van bijeenkomsten georganiseerd: bestuurlijke en ambtelijke overleggen, hackathons en webinars. Het algemene gevoel is echter dat de participatie nog onvoldoende is geweest gezien het belang van dit programma voor het Utrechts landelijk gebied. Daarom hebben we in mei/juni afgesproken dat we in het najaar hiervoor meer tijd willen nemen.
Omdat de opgaven (het ‘wat’) met name vanuit het Rijk zijn bepaald, gaat het hierbij vooral om het ‘hoe’ en ‘waar’. Wij zijn benieuwd naar uw schriftelijke reactie We gaan de participatie komende maanden op verschillende manier aanpakken, bijvoorbeeld via gesprekken met de gebiedspartners in de verschillende Utrechtse landschappen. Naast gesprekken ontvangen we ook graag voor 15 november 2023 uw reactie op papier via dit reactieformulier. U bent zo in de gelegenheid in uw eigen woorden uw reactie aan ons te formuleren. Bovendien geeft het ons als provincie
een waardevol overzicht en inzicht hoe de verschillende betrokkenen aankijken tegen het concept-UPLG versie 1.0. De schriftelijke reacties betrekken we, net als de reacties tijdens de gesprekken en de reactie van het ministerie van LNV, bij de definitieve versie van het UPLG 1.0. Hoe kunt u uw reactie geven? We zouden het erg prettig vinden als u uw reactie wilt geven door de vragen in de bijlage te beantwoorden. We zijn ook benieuwd naar uw toelichting bij de antwoorden. Mocht u nog aanvullende opmerkingen of vragen hebben, zijn deze natuurlijk eveneens welkom. Let er goed op dat u op uw reactie uw contactgegevens en de datum zet en aangeeft namens welke organisatie u reageert (indien van toepassing). We ontvangen uw reactie graag uiterlijk 15 november 2023. U kunt uw reactie mailen naar: landelijkgebied@provincie-utrecht.nl. Mocht het voor u bezwaarlijk of lastig zijn schriftelijk te reageren, kunt u contact met ons opnemen om uw reactie mondeling aan ons toe te lichten.
We zijn benieuwd naar uw reactie op het concept-UPLG 1.0 en vertrouwen erop samen met u verder te werken aan een duurzaam en vitaal Utrechts landelijk gebied!
Met vriendelijke groet, Mirjam Sterk Gedeputeerde Transitie Landelijk Gebied, Natuur & Landbouw, Groen Groeit Mee, Europa Provincie Utrecht
BIJLAGE Reactieformulier concept Utrechts Programma Landelijk Gebied 1.0 Datum: Betreft: Van:
[dag-maand-jaar] Ingezonden reactie op Utrechts Programma Landelijk Gebied Regio Foodvalley (zie brief voor verdere gegevens)
1. In hoeverre heeft u algemene opmerkingen op de conceptversie van het UPLG? Het gaat hierbij vooral om de hoofdlijnen van het ‘hoe’ en ‘waar’. De opgaven (het ‘wat’, zie hoofdstuk 2.2 uit het UPLG) zijn met name vanuit het Rijk bepaald. Hiervoor verwijzen wij u naar onze brief met kenmerk XXXX d.d. XXXX
2. Wat zijn uw grootste zorgpunten en aandachtspunten voor deze conceptversie van het UPLG en het vervolg? Hiervoor verwijzen wij u naar onze brief met kenmerk XXXX d.d. XXXX
3. Waar liggen volgens u de grootste kansen voor deze conceptversie van het UPLG en het vervolg? Hiervoor verwijzen wij u naar onze brief met kenmerk XXXX d.d. XXXX
4. In hoeverre heeft u specifieke opmerkingen op de conceptversie van het UPLG? Hiervoor verwijzen wij u naar onze brief met kenmerk XXXX d.d. XXXX Onderstaand beperken wij ons tot aanvullende technische opmerkingen. Hoofdstuk en pagina
Alinea en zin
Inhoudelijke opmerking
Opmerking 1
5.4 p. 70
Deze alinea geldt alleen voor de Gelderse Vallei. Kanttekening hierbij is dat regio Foodvalley meer beslaat dan alleen de Gelderse vallei, maar ook de Rijntakken en Utrechtse Heuvelrug.
Opmerking 2
2.6 p. 17
“De Regio Foodvalley vervult een voortrekkersrol op het gebied van landbouwverduurzaming, waar agrariërs samenwerken met natuurorganisaties, overheden en onderzoeksinstellingen om innovatieve methoden te ontwikkelen die ecosystemen beschermen en tegelijkertijd duurzame voedselproductie mogelijk maken.” Denklijnen
Opmerking 3
Samenvatti ng P. 6
“Vaak zijn de opgaven met elkaar te combineren.”
Combineren van opgaves. Het een hoeft het ander niet uit te sluiten. Landbouw kan bijdragen aan de biodiversiteit, water- en klimaatopgaven.
p. 7
“De Gelderse Vallei is in 2050 een gevarieerd landschap waar landbouw, natuur en wonen samengaan.” Doelsturing
Opmerking 4
4.3.2. p. 49
Denklijnen UPLG (zie pag. 17) komen redelijk overeen met uitgangspunten RPLG
Positief over doelsturing in plaats van middelsturing. Hierbij maken we nadrukkelijk de kanttekening dat er ook maatregelen zijn opgenomen die echt gericht zijn op middelsturing. Denk hierbij aan de uitbreiding van het N2000-gebied. Hierdoor kunnen de maatregelen niet
Opmerking 5
Samenvatti ng p. 7
“De provincie Utrecht wil in gebiedsprocessen met agrariërs in gesprek om via gebiedsgericht maatwerk de ondernemers de ruimte te geven om hun eigen weg te kiezen binnen de gestelde doelen.”
6.3 p. 78
“Maatwerk is voor Utrecht ook dat er ruimte is om vanuit de gebiedseigen kenmerken nieuwe oplossingen te vinden, zodat ondernemerschap wordt beloond.” “.. en het zoeken naar kansen via gebiedsprocessen.”
Opmerking 6
Samenvatti ng p. 7
Opmerking 7
Samenvatti ng p. 7
Opmerking 8
Samenvatti ng p. 8
“Al deze thema’s gaan we uitwerken via de gebiedsgerichte aanpak met de mensen in de gebiedsprocessen. Omdat wij ons in het UPLG ook richten op de lange termijn schetst het UPLG per landschap een ontwikkelrichting voor 2050 op basis van de analyse en structurerende principes. Vanuit die lange termijn kijken we naar welke stappen er nú nodig zijn voor de korte termijn.” “Gebiedsprocessen staan centraal in de uitvoering, waarbij het draait om vertrouwen, gezamenlijkheid en integrale oplossingen. Grond is de motor in gebiedsprocessen, dit creëert ruimte. De provincie heeft een provinciale grondbank
consistent zijn met middelsturing. Graag hier uw aandacht voor bij de verdere ontwikkeling van het UPLG. Positief over maatwerk voor individuele boeren
Wij doen een beroep op u om uit te gaan van doelsturing i.p.v. middelsturing en vanuit gebiedseigen kenmerken de maatregelen bottum-up te laten ontstaan. Deze ontwikkelrichting kleuren we bottum-up in de gebiedsprocessen.
Hier zijn wij erkentelijk voor met de kanttekening dat wij nadrukkelijk de voorkeur geven aan een regionale grondbank (over de provinciegrens heen). Zie ook onze reactiebrief.
opgericht, stelt een Grondstrategieplan op en werkt met een stikstofdepositiebank.” “De vrijgekomen gronden door het natuurlijk verloop van stopper, bijvoorbeeld via de LBV+ en LBV-regelingen, is onder andere benut voor de extensivering.”
Opmerking 9
5.4 p. 69
Opmerking 10
10.1 p. 94
“De provincie Utrecht stelt het realiseren van een toekomstbestendig en vitaal platteland, met blijvend ruimte voor een duurzame, economisch rendabele en maatschappelijk gewaardeerde landbouw, expliciet als belangrijke voorwaarde om het UPLG te kunnen realiseren.”
Opmerking 11
Samenvatti ng p. 8
“Verder is het bieden van een geloofwaardig perspectief voor de individuele ondernemer van belang.
Opmerking 12
9.3 p. 90
‘no-regret’
Onze inschatting is dat de bereidheid om gronden te verkopen aan overheden heel beperkt is. In beginsel alleen als dit ten goede komt aan de landbouw. In lokale gebiedsprocessen kan bereidheid ontstaan om grond voor andere doelen in te zetten. Dit vergt een zorgvuldigere formulering. Wij verwachten dat de formulering “onder andere” het draagvlak ondermijnt. Dit onderschrijven wij en het betekent dat een sociaaleconomische impactanalyse van de opgenomen doelen, uitgangspunten en maatregelen op gebiedsniveau nodig is.. En dat de uitkomsten daarvan belangrijke input moeten zijn voor de manier waarop aan het UPLG uitvoering wordt gegeven. Mogelijk zal zelfs bijstelling van doelen of uitgangspunten nodig zijn. Door de stapeling van maatregelen, met vooral ook de 1 kilometer-zone rond N2000 en een door u genoemde uitbreiding van N2000, hebben wij zorgen over de geloofwaardig van dit perspectief voor bepaalde gebieden, zoals Foodvalley
Wij roepen u op de no-regret maatregelen vooraf goed te onderzoeken en te overwegen. Wij willen namelijk voorkomen dat er nu maatregelen worden genomen met grote sociaaleconomische impact, waar we achteraf spijt van hebben. Deze voorzichtigheid komt voort uit het feit dat het ministerie van LNV pas in 2024 haar advies geeft.
Wij willen u dan ook vragen om eerst dit advies af te wachten. Opmerking 13 Opmerking 14
Samenvatti ng p. 7 4.3.3 p. 50
Gelderse Vallei “De landbouw heeft duurzaamheid omarmd met innovatie en verbreding.” ”Aansluiten bij natuurlijk verloop stoppers”
Opmerking 17 Opmerking 18
4.3.2 p. 49 5.4 p. 71
“de inzet van het instrument landschapsgrond of betaling voor ecosysteemdiensten.” “Natuurherstel Natura-2000 gebied Binnenveld De natuurdoelanalyse van dit gebied zal, na het bindend advies van de Ecologische Autoriteit, aangeven welke maatregelen nodig zijn voor natuurherstel. Deze maatregelen dienen met grote urgentie uitgevoerd moeten worden.”
6.7 p. 80
“…zullen de NDA’s binnen gebiedsprocessen dan ook als bindend kader worden gehanteerd.”
Wij zijn zeer positief over de focus op innovatie en verbreding. Dat is ook 1 van de uitgangspunten van het RPLG De Regio Foodvalley staat hier achter. Door het natuurlijke verloop worden doelen “sneller” gehaald en is de reductiedoelstelling voor blijvende boeren minder groot. We ondersteunen instrumenten voor goede betaling voor ecosysteemdiensten. Deze analyse is opgesteld vanuit ecologisch oogpunt. Zonder integraal de uitvoerbaarheid van de maatregelen te toetsen. Daarbij komt dat veel benodigde onderzoeksgegevens niet beschikbaar waren om een volledige analyse te kunnen doen. Resultaat is dat verslechtering niet uit te sluiten is en men maatregelen moet nemen die, na nader onderzoek, sociaal-economisch onnodig belastend kunnen blijken te zijn op gebiedsniveau. NDA’s zijn bindend volgens de genoemde alinea’s. Terwijl op p. 6 wordt gezegd dat NDA uitgangspunt is en op basis waarvan wij (p. 46) gezamenlijk een plan gaan maken met een set maatregelen. Daarbij, p. 6, “We kijken daarom bij alle keuzes naar de lange termijn zodat de maatregelen die we nu nemen echt no-regret zijn en passen bij de toekomstige ontwikkelrichting van de gebieden.”
Tijdens een bijeenkomst omtrent het NDA Binnenveld is expliciet door [de Programmamanager aangegeven dat de NDA’s uitgangspunt zijn, waarbij de maatregelen op gebiedsniveau worden bepaald. Ons dringende verzoek is dus om dit niet vooraf bindend te verklaren, maar aan te geven dat dit in de gebieden integraal wordt uitgewerkt, met inachtneming van eventuele alternatieven (doelsturing) Opmerking 19
Bijlage 3B p. 38
“Het gebied [omschrijving] moet toegevoegd worden aan het Natura 2000-gebied”
Onduidelijk blijft om welk gebied het exact gaat. Tijdens de bijeenkomst van de Natuurdoelanalyse Binnenveld is aangegeven dat het gaat om het gebied tussen de Blauwe hel en de Achterbergse Hooilanden. Tijdens diezelfde bijeenkomst is door de ecoloog die de analyse heeft opgesteld, aangegeven dat uitbreiding N2000 geen must is om het doel te bereiken. Ook Michiel Houtzagers heeft daarbij aangegeven dat dit niet meer terugkwam in het UPLG omdat de maatregelen niet 1 op 1 over genomen zouden worden. Gezamenlijk kijken naar de beste maatregelen in gebiedsprocessen en niet alleen vanuit ecologisch standpunt, maar vanuit alle belangen. Gericht op uitvoerbaarheid/haalbaarheid. De stapeling van uitbreiding N2000 en de overgangszones rondom de N2000-gebieden zijn onuitvoerbaar voor een gebied als het Binnenveld en hebben een enorme sociaaleconomische impact.
Opmerking 20
5.4 p. 71
“…, in combinatie met het instellen van een grondwateronttrekkingenplafond.”
Opmerking 21
5.4 p. 71
“Voor de Gelderse Vallei betekent dit onder andere het opzetten van pilots duurzame innovatie landbouw in samenwerking met Regio Foodvalley en het onderzoeken naar de mogelijkheden van functieverandering.”
Opmerking 20
Kaart 6 p. 40
Opmerking 21
Kader Gelderse Vallei p. 35 4.1 onder – landbouw P. 43
Opmerking 22
“Het toekomstbeeld is dat het agrarische bedrijf van de toekomst niet alleen zorgt voor voedselproductie, maar ook een belangrijke landschapsbeheerder is.”
Wij verzoeken u daarom om deze uitbreiding van het N2000 uit het programma te halen. Verzoek om dit plafond af te stemmen met bedrijven i.v.m. de haalbaarheid (i.r.t. het toekomstperspectief van de bedrijven in de regio FoodValley en de stapeling van maatregelen). We staan positief tegenover het opzetten van pilots duurzame innovatie landbouw in samenwerking met Regio Foodvalley en het onderzoeken naar de mogelijkheden van functieverandering. Wij gaan graag in overleg over de benodigde subsidies voor pilots en over beleidsruimte voor functieverandering. Er ontbreekt een groene pijl ter plaatse van de verbinding tussen Eemland en Arkemheen. Ter hoogte van Bunschoten Spakenburg en Amersfoort is de verbindende schakel (de zogenaamde wespentaille) van de groene structuur beperkt en bovendien kwetsbaar als gevolg dan de verstedelijkingsdruk vanuit Amersfoort (locatie Bovenduijst) en Bunschoten Spakenburg. Deze schakel mag niet verzwakken of verdwijnen en zien wij daarom graag met een groene pijl op deze kaart aangegeven. De kernkwaliteit “Landbouw” ontbreekt in dit kader.
Dit is niet het toekomstbeeld. Boeren en tuinders beheren meer dan 70% van alle grond in Nederland en zijn daarmee dragers van het landelijk gebied. Boeren zijn al sinds mensenheugenis beheerders van het landschap. Het toekomstbeeld is dat ze daar evenredig naar worden
Opmerking 23
4.3.2 p. 48
“Het lijkt erop dat voor veel van de Utrechtse Natura-2000 gebieden bovengenoemde omgevingswaarden binnen bereik zijn met uitzondering van Botshol, Binnenveld en de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (zie bijlage 3d), en dat de inzet zich met name richt op het terugdringen van de ammoniakdeken.”
Opmerking 24
Onder 14. p. 50
“dit betreft circa 30%, zo’n 20.000 hectare, van de agrarische gronden”
Opmerking 25
Onder 14. P. 50
“Een aantrekkelijk perspectief voor stoppende en omschakelende boeren vergroot de kansen op (snellere) realisatie van de doelen uit het UPLG.”
Opmerking 26
5.4 p. 69
5. Overige vragen en/of opmerkingen Hiervoor verwijzen wij u naar onze brief met kenmerk XXXX d.d. XXXX
beloond zodat er een verdienmodel uit voortkomt en de kwaliteit waar nodig verbeterd kan worden. In deze paragraaf wordt enkel rekening gehouden met de Utrechtse Natura-2000 gebieden. Echter activiteiten zijn grensontkennend. Utrechtse activiteiten hebben invloed op natura 2000-gebieden over de provinciegrens heen en andersom. Wij verzoeken u om ook de Natura 2000gebied buiten de provinciegrenzen te betrekken in deze tekst, zoals de Veluwe. Voor de oostzijde van Utrecht is de Veluwe een zeer belangrijk natuurgebied in het kader van de ammoniak- en stikstofdeken. In deze passage wordt gesproken over 20.000 hectares vrijkomende gronden bij stoppende agrariërs. Het is zeer de vraag of die gronden wel vrijkomen. De gronden zitten nu niet in de LBV(+). Dan moet het ook wel echt aantrekkelijk gemaakt worden en die ervaring is er nu niet bij de uitvoering van de LBV+. Het is van belang om de cultuurhistorische waarde van de Grebbelinie hier toe te voegen.