CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2020 incl controleverklaring

Gemeenteraad 11 mei 2021, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Jaarstukken 2020, eerste begrotingswijziging 2021 en Ontwerpbegroting 2022-2025 Omgevingsdienst Regio Utrecht25.893 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Dit komt neer op een mobiliteit van 2%. De KPI hebben wij daarmee niet gehaald. Generatie-index conform landelijk gemiddelde: 1,1 De gehanteerde definitie luidt als volgt: ‘de verhouding van het aantal 50- tot 60-jarigen in de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van het aantal 30- tot 40-jarigen’. Als de verhouding in evenwicht is, is deze 1. Is deze groter dan 1, dan is het aantal 50- tot 60-jarigen in de meerderheid.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

67

Jaarstukken 2020

De generatie-index van de ODRU komt uit op 1,65 in 2020 en dat is hoger dan de streefwaarde van 1,1. Voor de generatie-index hanteren wij twee HRM-instrumenten: 1. Regeling Generatiepact De ODRU heeft een Regeling Generatiepact. Deze regeling vervangen wij in 2021 door een nieuwe, namelijk de Regeling Vitaliteitspact. Hoe deze regeling wordt, is mede afhankelijk van de norm voor vitaliteitsbeleid in de nieuwe Cao SGO 2021. Eind 2020 maakten veertien medewerkers gebruik van de generatiepactregeling. Het aantal fte’s is door deze regeling gedaald. 2. Young Professionalsprogramma In 2020 zijn wij gestart met een tweede Young Professionalsprogramma, waarvoor wij vijf nieuwe medewerkers hebben aangetrokken. Zij zijn ondergebracht in de afdelingen ITH (Integraal Toezicht en Handhaving) en E&A (Expertise & Advies). Dit draagt bij aan de generatie-index. Daarnaast hebben wij een apart kengetal opgesteld voor het aantal Young Professionals dat wij jaarlijks gemiddeld in dienst moeten nemen (zie hieronder). Jaarlijks gemiddeld twee tot drie trainees/Young Professionals in dienst nemen De gehanteerde definitie luidt als volgt: ‘aantal trainees of Young Professionals (jonger dan 30 jaar) in dienst op een functie, in vaste dienst of op basis van een tijdelijk contract’. Het aantal Young Professionals is gedaald van zeven in 2019 naar vijf in 2020.

In 2018 en 2019 hebben wij geen nieuwe Young Professionals geworven. Op basis van de resultaten uit 2017 hebben wij in 2020 vijf Young Professionals aangenomen. Daarmee hebben wij de KPI in 2020 gehaald. Aantal medewerkers dat een opleiding/cursus heeft gevolgd 70-75% (deskundigheid) De gehanteerde definitie luidt als volgt: ‘de verhouding tussen het aantal medewerkers dat een opleiding of cursus heeft gevolgd en het totaal aantal medewerkers (uitgedrukt in procenten)’. In 2020 volgde 100% van de medewerkers een cursus of opleiding. Elke medewerker heeft de basisopleiding Omgevingswet gevolgd. Arbeidsverzuim Het arbeidsverzuim in 2020 was 4,58% (2019: 6,14%). Hiervan is 1,7% kortdurend en middellang verzuim en 2,86% lang en extra lang verzuim. Historisch gezien is het kortdurend verzuim laag. Dit positieve effect komt door het thuiswerken in coronatijd. Het middellang en lang verzuim zijn relatief hoog, maar lager dan in 2019. Bij het middellang en lang verzuim besteden wij veel aandacht aan verzuimbegeleiding. Het verzuim wordt veroorzaakt door werk- en nietwerkgerelateerde oorzaken en betreft steeds wisselende personen. Ook ligt de nadruk op preventieve inzet om - in coronatijd - ziekteverzuim te voorkomen.

Denk aan een enquête onder medewerkers over wat zij in coronatijd nodig hebben, de inzet van vitaliteitsactiviteiten (stoelyoga, workshop omgaan met stress, middelen voor een ergonomische werkplek, coaching) en het formeren van een zorgteam in coronatijd. Het totale verzuim ligt in 2020 onder de norm (5,0%), waarmee wij in de begroting rekening hebben gehouden. Kengetal

Waarde

Verzuimpercentage totaal cumulatief

4,58%

Verzuimuren kort (<8 dagen)

0,58%

Verzuimuren middellang (8-42 dagen)

1,13%

Verzuimuren lang (> 42 dagen)

2,41%

Verzuimuren extra lang (> 1 jaar)

0,45%

Tabel 8: Arbeidsverzuim

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

68

Jaarstukken 2020

Arbo / BHV In 2020 hebben wij verder invulling gegeven aan het oplossen van zaken uit de risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) uit 2017. Ook hebben wij een aantal thema’s opgepakt rond het thuiswerken door de coronacrisis. Het gaat om deze zaken: - In maart 2020 hebben wij een Coronazorgteam ingesteld. Dit team zorgt ervoor dat medewerkers handelen volgens de coronarichtlijnen en dat medewerkers thuis en volgens de Arborichtlijnen kunnen werken. - Wij hebben aandacht besteed aan mogelijke psychische druk door het thuiswerken, onder andere door online-groepsbijeenkomsten te organiseren. Daarin kunnen collega’s hun ervaringen uitwisselen. - Wij hebben stoelyoga geïntroduceerd. - Wij hebben diepgang gegeven aan het werkdrukonderzoek in relatie tot werkstress. - Wij hebben instructies gegeven over het gebruik van bedrijfskleding en persoonlijke beschermingsmiddelen. De arbeidsomstandigheden blijven onder onze aandacht. Volgens de afspraak met de Ondernemingsraad zouden wij in 2021 de RI&E actualiseren. Maar gezien de coronacrisis is het de vraag of dit het juiste moment is om de RI&E 2021 op te starten. Hierover vindt afstemming plaats met de arbodienst. In het provinciehuis is een aantal BHV-voorzieningen centraal geregeld. Zo is elke etage voorzien van brandblussers, verbandmiddelen, een AED en een Evac-chair.

Verder hebben wij een ontruimingsplan en maken wij onderdeel uit van een gezamenlijke BHV-ploeg. Op de verschillende NDC-locaties zorgen we voor voldoende opgeleide BHV’ers om de veiligheid te waarborgen. Door de vele bezoekers is dit van groot belang. Ondanks de coronacrisis hebben alle BHV’ers in 2020 deelgenomen aan de BHV-herhaling. Bij de NDC-locaties hebben veiligheid, arbo en milieu prioriteit. In 2020 hebben wij extra aandacht besteed aan instructie en veiligheid van het (tuin) gereedschap.

8.6

Overige paragrafen Planning- & Control-producten

Afgelopen jaar hebben wij veel aandacht besteed aan verbetering van financieel beheer en de kwaliteit van de interne en externe Planning- & Control-producten Daarnaast hebben wij geïnvesteerd in de advisering aan het managementteam en de bespreking van de afdelingsrapportages. In 2020 hebben we in het programma SMV veel tijd besteed aan onder meer het opzetten van een verantwoording naar product (zie h 4.5). De eerste resultaten daarvan zijn inmiddels zichtbaar. Verbonden partijen Wij hebben geen bestuurlijke en/of financiële belangen in andere gemeenschappelijke regelingen of vennootschappen en lopen dus geen risico’s. Grondbeleid Wij zijn een dienstverlenende instelling die geen activiteiten heeft in het kader van grondaankoop of -verkoop. Wij lopen dan ook geen risico.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

69

Jaarstukken 2020

Lokale heffingen Wij zijn dienstverlenend aan de deelnemende gemeenten en innen zelf geen lokale heffingen. Eventuele heffingen worden door de gemeenten geïnd. Gemeenten kunnen de opbrengsten van de lokale heffingen gebruiken om de kosten voor de ODRU te dekken. Onderhoud kapitaalgoederen Wij zijn een dienstverlenende instelling die geen activiteiten uitvoert in het kader van onderhoud aan kapitaalgoederen. Wij lopen dan ook geen risico.

DEEL 3: JAARREKENING 9.

Overzicht van baten en lasten 2020 totaal

Tabel 9 geeft het totaaloverzicht van de baten en lasten 2020. De gegevens hebben wij volgens BBV-voorschrift begroot en verantwoord op programmaniveau en in hoofdstuk 11 is dit uitgewerkt.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

70

Jaarstukken 2020

10.

Toelichting op overzicht van baten en lasten 2020

Lasten

(in euro's)

Totaal Bijgestelde Realisatie begroting 2020 2020

Begroting 2020

Verschil

Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel

11.476.000

11.645.000

9.738.182

1.906.818

340.000

3.061.000

5.454.734

-2.393.734

-

300.000

414.774

-114.774

Indirecte personeelskosten

759.500

794.500

708.051

86.449

Bestuurskosten

88.000

190.000

272.417

-82.417

Algemene beheer- & administratiekosten

910.000

1.249.000

1.100.380

148.620

Huisvestingskosten

670.000

640.000

605.106

34.894

Kapitaallasten

361.000

281.000

222.711

58.289

-

-

79.512

-79.512

193.900

520.870

301.883

218.987

- Personeel van derden - Uitbesteding

Milieutaak uitvoering Omgevingswet en PFAS Diversen

Totaal lasten Baten

(in euro's)

85.000

85.000

135.661

-50.661

14.883.400

18.766.370

19.033.411

-267.041

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Verschil

Directe personele baten

105.000

105.000

45.682

-59.318

Gemeentelijke bijdragen

14.481.500

17.020.000

17.389.300

369.300

- Aanvullende uren eigenaar gemeenten

-

860.250

972.115

111.865

- Aanvullende uren overige

-

157.250

330.424

173.174

- Overige

110.000

110.000

35.324

-74.676

Huisvestingsbaten

1.000

1.000

245

-755

Kapitaalbaten

-

-

-

-

Milieutaak uitvoering

-

-

79.512

79.512

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Overige goederen en diensten:

Diversen

Totaal Baten Vennootschapsbelasting

Saldo van baten en lasten Onttrekking uit bestemmingsreserve Uitvoering Koers OGW en PFAS Vrijval Algemene Reserve Dotatie bestemmingsreserve Uitvoering Koers OGW Dotatie bestemmingsreserve PFAS

Gerealiseerd resultaat

-

-

4.692

4.692

14.697.500

18.253.500

18.857.293

603.793

-

-

-

-

-185.900

-512.870

-176.118

336.752

193.900

520.870

301.883 -347.548

-218.987 -347.548

297.140 50.408

297.140 50.408

125.764

117.764

8.000

8.000

Tabel 9: Baten- en lastenoverzicht 2020, verschil is realisatie ten opzichte van bijgestelde begroting

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

71

Jaarstukken 2020

In tabel 10 staan de belangrijkste afwijkingen ten opzichte van de bijgestelde begroting. Deze verklaren het verschil tussen het begrote en het gerealiseerde resultaat. Verklaring resultaat (in euro's)

Verschil

Totaal

Resultaat volgens bijgestelde begroting 2020 (excl. Onttrekking reserve uitvoering koers)

-512.870

Financieel voordeel lagere salarislasten (lagere formatiebezetting) lagere indirecte personele kosten lagere algemene kosten lagere huisvestingskosten (lagere servicekosten) structureel lagere kapitaallasten (deels door afloop afschrijvingstermijn) lagere kosten Omgevingswet en PFas hogere gemeentelijke bijdragen extra aanvullende uren eigenaar gemeenten extra aanvullende uren overige opdrachtgevers diverse (hogere kapitaalbaten betreft rente) Totaal voordeel

1.906.818 86.449 148.620 34.894 58.289 218.987 369.300 111.865 173.174 4.692

Financieel nadeel hogere inhuur en uitbesteding (extra taken, lagere formatiebezetting) bestuurskosten (hogere advieskosten) hogere diversen (voorziening boventalligen) lagere directe personele baten lagere overige goederen en diensten lagere huisvestingsbaten Totaal nadelig

2.508.508 82.417 50.661 59.318 74.676 755

3.113.087

2.776.336

Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten Onttrekking uit bestemmingsreserve OGW en PFAS Vrijval Algemene Reserve Dotatie bestemmingsreserve Uitvoering Koers OGW Dotatie bestemmingsreserve PFAS Gerealiseerd resultaat

-176.118 301.883 -347.548 297.140 50.408 125.764

Tabel 10: verklaring van het resultaat

Tabel 11 toont de analyse van de incidentele baten en lasten (het niet-structurele gedeelte). Het blijkt dat in 2020 de incidentele posten een grote invloed hadden op de omzet. De incidentele lasten zijn circa € 4.253.000, terwijl de incidentele baten circa € 4.177.000 zijn. In de bijgestelde begroting staan de meeste incidentele posten, maar vooral aan de lastenkant kwamen enkele posten hoger uit dan de bijgestelde begroting.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

72

Jaarstukken 2020

Incidentele baten (in euro's)

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Verschil

Baten eigenaar gemeenten UVP

-

748.526

Aanvullende uren eigenaar gemeenten

-

860.250

972.115

111.865

Aanvullende uren overige opdrachtgevers

-

157.250

330.424

173.174

Milieutaak uitvoering

-

-

79.512

79.512

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

-

1.766.026

Totaal Incidentele lasten (in euro's)

Personeel van derden inzet extra taken, niet zijnde inzet vacatureruimte

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020 -

2.795.227 2.046.701

4.177.277 2.411.251 Realisatie 2020

Verschil

2.896.350

3.622.690

-726.340

80.000

-

80.000

-

67.500

12.463

55.037

-

100.000

26.692

73.308

-

85.000

135.480

-50.480

Werving en selectie nieuw personeel

-

-

39.086

-39.086

Deel Arbo kosten t.b.v. corona

-

-

35.406

-35.406

Buitengewone lasten

-

-

-

-

-

79.512

-79.512

ICT reguliere ondersteuning Extra opleidingskosten Begeleiding- en opleiding Young Professionals Deel externe advieskosten (inkoopprofessionalisering)

Milieu taakuitvoering Omgevingswet en PFAS Totaal

193.900

520.870

301.883

218.987

193.900

3.749.720

4.253.212

-503.492

Tabel 11: Overzicht van incidentele baten en lasten, verschil is realisatie ten opzichte van bijgestelde begroting

Toelichting incidentele baten en lasten Alle in de begroting opgenomen baten en lasten zijn structureel, met uitzondering van de projecten Omgevingswet en PFAS. De milieutaakuitvoering en Omgevingswet en PFAS zijn budgettair neutraal en komen bij de baten en de lasten voor. De hogere kosten van personeel van derden worden gecompenseerd door de hogere baten, doordat wij extra taken hebben uitgevoerd. Daarnaast hadden wij extra inzet nodig bij managementteam, staf en bedrijfsbureau. De externe advieskosten in 2020 hebben wij deels besteed aan incidentele inzet voor met name het programma SMV. Denk aan kosten voor het verbeteren van sturings- en verantwoordingsinformatie (zoals kengetallen) en het onderzoek naar de financieringssystematiek. Daarnaast hebben wij kosten gemaakt voor de ondersteuning bij een aantal EUaanbestedingstrajecten voor onder andere een zaaksysteem, een DAS-dienstverlener, kantoorautomatisering en een accountant. De kosten voor de accountant zijn ook deels incidenteel. De opleidingskosten zijn incidenteel hoger, doordat enkele teams en clusters een meer uitgebreide training hebben ontvangen. Aan de begeleiding en opleiding van Young Professionals hebben wij minder besteed dan opgenomen in de bijgestelde begroting. Het programma hebben wij in de loop van 2020 opgestart en daardoor hebben wij niet het volledige budget voor opleiding en begeleiding

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

73

Jaarstukken 2020

ingezet. De kosten van werving en selectie zijn hoger door een grotere inzet door de krapte op de arbeidsmarkt en ons beleid om meer vacatures in te vullen. De Arbokosten zijn hoger door het faciliteren van de thuiswerkplekken bij een groot aantal medewerkers. Tot slot kwamen de incidentele kosten voor Omgevingswet en PFAS lager uit dan begroot. In paragraaf 10.1 tonen wij - voor de lasten per begrote kostensoort - de oorzaken van de afwijking en in paragraaf 10.2 komen de baten aan bod. In beide paragrafen gaat het om de verschillen tussen de realisatie en de bijgestelde begroting. Daarnaast geven wij een toelichting op afwijkingen die groter zijn dan € 10.000, bij kleinere afwijkingen staat een korte beschrijving van de activiteiten.

10.1 Lasten Lasten

(in euro's)

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Verschil

Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Last vast personeel - Personeel van derden - Uitbesteding

Indirecte personeelskosten Bestuurskosten Algemene beheer- & administratiekosten Huisvestingskosten Kapitaallasten Milieutaak uitvoering Omgevingswet en PFAS Diversen

11.476.000 340.000 759.500 88.000 910.000 670.000 361.000 193.900 85.000

11.645.000 3.061.000 300.000 794.500 190.000 1.249.000 640.000 281.000 520.870 85.000

9.738.182 5.454.734 414.774 708.051 272.417 1.100.380 605.106 222.711 79.512 301.883 135.661

1.906.818 -2.393.734 -114.774 86.449 -82.417 148.620 34.894 58.289 -79.512 218.987 -50.661

Tabel 12: Lasten overzicht, verschil >10K ten opzichte van bijgestelde begroting

Directe personeelskosten De post Directe personeelskosten bestaat uit drie onderdelen: salaris- en sociale lasten vast personeel, kosten van personeel van derden (inhuur van medewerkers) en uitbesteding (uitbesteden van werk aan derden). De laatste twee hangen nauw samen met de omvang van de activiteiten en zijn incidenteel. Salarislasten Door het niet invullen van vacatures zijn de salaris- en sociale lasten bijna € 1.907.000 lager dan begroot. Het aantal openstaande vacatures tot en met juni 2020 liep door het grotere verloop verder op. In de tweede helft hebben wij het beleid aangescherpt om vacatures in te vullen. In 2020 was de gemiddelde bezetting 125,6 fte, terwijl het formatieplan uitgaat van 147,7 fte. Inhuur derden en uitbesteding De post personeel van derden is € 2.394.000 hoger dan begroot, terwijl wij aan de post uitbesteding bijna € 115.000 meer hebben uitgegeven dan geraamd. De overschrijding komt vooral door niet-ingevulde formatieplaatsen en extra (aanvullende) opdrachten. De verhouding tussen overhead en uitvoering in de kosten van personeel van derden is 28,4% om 71,6%. Dit percentage is hoger dan bij de vaste formatie. De overhead bestaat vooral uit ondersteuning bij het bedrijfsbureau (Documentaire Informatievoorziening (DIV), secretariaat en

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

74

Jaarstukken 2020

ICT), bij staf (bestuursondersteuning en HRM) en management (directeur en afdeling management). Bij DIV was meer inhuur nodig door extra taken en vacatures. WNT De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT4), en de daarop gebaseerde regelgeving, stellen maxima aan bezoldigingen en uitkeringen door beëindiging van het dienstverband van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. Het WNT algemeen maximum over 2020 is € 201.000. De WNT stelt het verplicht dat de bezoldigingen en de uitkeringen door beëindiging van het dienstverband van alle topfunctionarissen, en niet-topfunctionarissen, worden bekendgemaakt, als deze hoger zijn dan het wettelijke bezoldigingsmaximum. Op basis van de voorschriften uit de WNT hebben wij de tabelspecificatie WNT 2020 en 2019 ter vergelijking opgenomen. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking

A. van Vuuren

J. Post

Gegevens 2020 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020 Deeltijdfactor in fte (Fictieve) dienstbetrekking?

directeur 1/1-31/12 1,0 ja

-

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal

€118.242 €20.304 €138.547

-

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€201.000

-

-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging

€€138.547

-

n.v.t.

-

-

1/1-31/8 1,0 €76.419 €13.023 €194.000 €89.442

Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Gegevens 2019 Aanvang en einde functievervulling in 2019 Deeltijdfactor 2019 in fte Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Totale bezoldiging 2019 Tabel 13: Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking

4

WNT is bekrachtigd in het Besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties van 26 februari 2014, nr. 20140000106049 en de Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 26 februari 2014, nr. 2014-0000 104920.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

75

Jaarstukken 2020

Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking Kalenderjaar Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2019 Aantal kalendermaanden

M. Heerkens

M. Heerkens

2020

2019 -

directeur 1/9-31/12 4

-

€187 €103.600

-

€103.600

Bezoldiging Werkelijk uurtarief lager dan het (gemiddeld) maximum uurtarief? Bezoldiging in de betreffende periode Totale bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12

-

Ja €78.435 €78.435

-/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging, exclusief BTW

-

n.v.t. €78.435

Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

-

n.v.t.

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar Maxima op basis van de normbedragen per maand Individueel toepasselijk maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12

Tabel 14: Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking

Topfunctionarissen zonder bezoldiging Instelling 2020 Algemeen bestuur Gemeente Bunnik Gemeente De Bilt Gemeente De Ronde Venen Gemeente IJsselstein Gemeente Montfoort Gemeente Oudewater Gemeente Rhenen Gemeente Renswoude Gemeente Stichtse Vecht Gemeente Utrechtse Heuvelrug Gemeente Veenendaal Gemeente Vijfheerenlanden Gemeente Wijk bij Duurstede Gemeente Woerden Gemeente Zeist

Naam

Functie

H.M. Spil P. Heijmerink A.E. Brommersma K.B. Hagen P.J. Bekker I.A.M. ten Hagen B.C. Lont P. de Rooij P. Doornenbal J.W. Klomps R. Jorg E. Stroobosscher H. Zevenhuizen H. Marchal T. de Weger A. Bolderdijk W. Catsburg

lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

76

Jaarstukken 2020

Dagelijks bestuur Gemeente Montfoort Gemeente Renswoude Gemeente Stichtse Vecht Gemeente Utrechtse Heuvelrug Gemeente Zeist

I.A.M. ten Hagen P. Doornenbal J.W. Klomps G.F. Naafs (voorzitter) W. Catsburg

lid dagelijks bestuur lid dagelijks bestuur lid algemeen bestuur lid dagelijks bestuur lid dagelijks bestuur

2019 Algemeen bestuur Gemeente Bunnik Gemeente De Bilt Gemeente De Ronde Venen Gemeente IJsselstein Gemeente Montfoort Gemeente Oudewater Gemeente Rhenen Gemeente Renswoude Gemeente Stichtse Vecht Gemeente Utrechtse Heuvelrug Gemeente Veenendaal Gemeente Vijfheerenlanden Gemeente Wijk bij Duurstede Gemeente Woerden Gemeente Zeist

H.M. Spil A.E. Brommersma K.B. Hagen P.J. Bekker I.A.M. ten Hagen B.C. Lont P. de Rooij P. Doornenbal J.W. Klomps R. Jorg E. Stroobosscher H. Zevenhuizen H. Marchal T. de Weger W. Catsburg

lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur lid algemeen bestuur

Dagelijks bestuur Gemeente Montfoort Gemeente Renswoude Gemeente Stichtse Vecht Gemeente Utrechtse Heuvelrug Gemeente Woerden Gemeente Zeist

I.A.M. ten Hagen P. Doornenbal J.W. Klomps G.F. Naafs (voorzitter) T. de Weger W. Catsburg

lid dagelijks bestuur lid dagelijks bestuur lid algemeen bestuur lid dagelijks bestuur lid dagelijks bestuur lid dagelijks bestuur

Tabel 15: Topfunctionarissen en gewezen topfunctionarissen zonder bezoldiging

Indirecte personeelskosten Indirecte personeelskosten bestaan onder andere uit opleiding, reiskosten woon-werkverkeer, verzekering personeel, personeelsadministratie, OR en overige kosten. In totaal hebben wij aan indirecte personeelskosten bijna € 86.500 minder uitgegeven dan begroot. Ondanks de coronacrisis hebben wij toch nog voor ruim € 196.000 aan opleidingen besteed, maar dat is wel circa € 53.000 lager dan begroot. De kosten voor dienstreizen en reiskosten woon-werkverkeer zijn lager dan begroot. Bij de dienstreizen komt dat door de coronacrisis en bij het woon-werkverkeer komt het door het niet volledig invullen van de formatie. Hiertegenover staan overschrijdingen op enkele posten. De kosten voor voorziening in vacatures zijn ruim € 14.500 hoger dan begroot, door de werving van nieuwe medewerkers. In 2020 hebben wij ruim € 20.000 meer besteed aan Arbokosten. Dit heeft te maken met het inrichten van thuiswerkplekken door corona en de extra

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

77

Jaarstukken 2020

verzuimbegeleiding. Voor de werkkostenregeling (WKR) blijven wij binnen de wettelijke bandbreedte van 3% over de eerste € 400.000 en 1,2% over het resterende deel. Over deze vrije ruimte van de loonsom hoeven wij geen eindheffing te betalen. Bestuurskosten De bestuurskosten waren ruim € 82.000 hoger dan begroot. De overschrijding van de post bestuurskosten komt door de bijdrage aan kennisnet en de contributie voor Omgevingsdienst NL. De accountantskosten, die ook onder deze post vallen, waren in 2020 hoger door een hogere eindafrekening van 2019 en extra werkzaamheden in 2020. De externe advieskosten zijn vooral hoger door de ondersteuning van meerdere EU-aanbestedingen. Algemene kosten De algemene kosten zijn in 2020 circa € 149.000 lager dan begroot. De kosten voor ICTondersteuning, telecom, printers, archief en Natuur- en Duurzaamheid Communicatie NDClesmaterialen en -activiteiten kwamen lager uit dan begroot. Bij de printers en NDC-lesmaterialen en -activiteiten wordt dit veroorzaakt door de coronacrisis. Bij de ICT-ondersteuning heeft dit te maken met contractaanpassingen. De kosten voor licenties zijn hoger door groei van het aantal applicaties. De kosten voor kantoorbenodigdheden en drukwerk zijn hoger door de opmaak en verwerking van het jaarverslag. Huisvestingskosten De huisvestingskosten zijn in 2020 bijna € 35.000 lager dan begroot.

De oorzaak is de verrekening van de servicekosten over 2019. Kapitaallasten De kapitaallasten zijn ruim € 58.000 lager dan begroot, doordat het investeringsniveau de afgelopen jaren lager ligt dan begroot. Bij met name software worden vaker jaarlijkse licentiekosten in rekening gebracht dan aanschafkosten. Wij hebben geïnvesteerd in onder andere software en kantoorautomatisering. Zie bijlage 3 voor het volledige investeringsoverzicht. Milieutaakuitvoering Onder deze post vallen projecten, waarvoor wij een bijdrage hebben ontvangen van een eigenaargemeente of subsidieverstrekker. Denk aan de werkbudgetten voor het NDC of subsidies als geluidssanering of energie in handhaving. Deze post is niet begroot, omdat wij vooraf niet kunnen inschatten hoe hoog de lasten worden. Het risico voor ons is beperkt, omdat de realisatie budgettair neutraal is. Omgevingswet en PFAS De kosten voor deze projecten zijn lager dan begroot, doordat wij op deze gebieden minder actief zijn door de coronacrisis. De inhoudelijke verantwoording is uitgewerkt in hoofdstuk 4 en de financiële verantwoording hiervan staat in bijlage 2. Diversen Onder het kopje ‘Diversen’ was in de begroting een post opgenomen van € 85.000 als overige bedrijfsvoeringkosten. Deze post had betrekking op een trekkingsrecht van gemeente De Ronde Venen voor de openstelling van vacatures die voortkomt uit de taakoverdracht.

Het trekkingsrecht is niet uitgeoefend. Daarnaast hebben wij een dotatie gedaan van € 97.000 aan de voorziening

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

78

Jaarstukken 2020

boventalligen, omdat wij een medewerker op non-actief hebben gesteld. Hierdoor zijn toekomstige salarisrechten ontstaan die wij uit de voorziening moeten opvangen. Daarnaast is door taakoverdracht naar twee gemeenten een medewerker begeleid bij een ‘Van werk naar werktraject’. Uiteindelijk komen de kosten € 51.000 hoger uit dan begroot.

10.2 Baten Baten

(in euro's)

Gemeentelijke bijdragen Overige goederen en diensten: - Aanvullende uren eigenaar gemeenten - Aanvullende uren overige - Overige Milieutaak uitvoering

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

14.481.500

17.020.000

17.389.300

369.300

110.000 -

860.250 157.250 110.000 -

972.115 330.424 35.324 79.512

111.865 173.174 -74.676 79.512

Verschil

Tabel 16: Batenoverzicht 2020, verschil > 10K ten opzichte van bijgestelde begroting

Gemeentelijke bijdragen eigenaar-gemeenten De gemeentelijke bijdragen bestaan uit de gerealiseerde omzet vanuit de vastgestelde UVP’s. Dit zijn de standaard DVO-uren plus de tijdelijke uren en de projecturen. De gemeentelijke bijdragen zijn ruim € 369.000 hoger dan begroot. Een uitgebreid urenoverzicht staat in bijlage 1. Overige goederen en diensten In 2020 hebben we in totaal ruim € 210.000 meer ontvangen als opbrengst van overige goederen en diensten. Het grootste deel hiervan, € 173.000, valt onder de post aanvullende werkzaamheden overige afnemers. Voor het merendeel gaat het om werkzaamheden voor de provincie Utrecht, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de gemeenten Woudenberg en Nieuwegein en – in mindere mate - voor de RUD Utrecht en ProRail. Denk hierbij aan uiteenlopende taken, van Externe Veiligheid, Geluidsaneringen, Asbestdaken tot archeologische ondersteuning. Daarnaast gaven enkele gemeenten ons in de loop van 2020 aanvullende opdrachten. Bij de overige baten zijn met name de overige projectinkomsten lager dan geraamd. Dit zijn vaak gesubsidieerde projecten. De opbrengsten hiervan waren ruim € 74.000 lager dan begroot. Onder deze post worden doorgaans opbrengsten opgenomen van afgeronde projecten. In 2020 was dat minder van toepassing.

Onder de post Milieu-taakuitvoering vallen projecten, waarvoor we een bijdrage hebben ontvangen van een eigenaar-gemeente of subsidieverstrekker. Denk aan de werkbudgetten voor het NDC of subsidies als geluidsanering of energie in handhaving. Deze post is niet begroot, omdat we vooraf niet kunnen inschatten hoe hoog de lasten worden. Het risico voor ons is beperkt, omdat de realisatie budgettair neutraal is.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

79

Jaarstukken 2020

11.

Baten en lasten 2020 naar taakveld en programma

Volgens de BBV-voorschriften geven wij in deze jaarstukken een verantwoording per taakveld en programma. Deze sluiten daarmee aan op de begroting 2020 en de begrotingswijziging 2020. Wij verdelen de baten en lasten over vier taakvelden volgens het BBV:  Taakveld 7.4 Milieubeheer: alle taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu en de adviestaken.  Taakveld 8.3 Wonen en bouwen: alle bouwtaken en advisering op het gebied van Ruimtelijke Ordening.  Taakveld 4.1 Openbaar Onderwijs: de taken op het gebied van Natuur- en Duurzaamheidscommunicatie (NDC)  Taakveld 0.4 Overhead: de werkzaamheden en lasten voor de overhead. Hieronder vallen de kosten die wij niet aan één van de andere programma’s kunnen toerekenen.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

80

Jaarstukken 2020

Tabel 17A: Overzicht baten en lasten naar taakveld en programma

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

81

Jaarstukken 2020

De indeling van de verplichte taakvelden sluit aan bij de door de ODRU gehanteerde programma indeling. In onderstaand overzicht staan de resultaten per programma. Overzicht van Baten en Lasten 2020

Baten

Lasten

Saldo

V&M (Milieu taken)

14.406.867

9.753.244

4.653.623

VHROSV (Bouwen en RO)

3.505.366

2.075.052

1.430.314

Onderwijs (Natuur- en Milieu Educatie)

917.699

790.441

127.258

Overhead

27.361

6.279.013

-6.251.653

-

-

-

(per programma in euro's)

Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

-

135.661

-135.661

18.857.293

19.033.411

-176.119

Onttrekking bestemmingsreserve Uitvoering Koers OGW

301.883

Vrijval Algemene Reserve

-347.548

Dotatie bestemmingsreserve Uitvoering Koers OGW Dotatie bestemmingsreserve PFAS

297.140 50.408

Gerealiseerd resultaat

125.764

Tabel 17B: Overzicht baten en lasten per programma

In de volgende paragrafen geven wij per programma een overzicht van de begroting en realisatie van de diverse posten en verklaren wij de verschillen.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

82

Jaarstukken 2020

11.1 Programma Milieutaken (V&M) Het programma Milieutaken behaalde een positief resultaat van € 4.654.000, zie tabel 18 op de volgende pagina. De kosten blijken € 669.000 hoger te zijn en de opbrengsten € 2.000 hoger. Het resultaat is € 666.000 lager dan begroot. Dit wordt vooral veroorzaakt door de hogere inhuurkosten. Deze taakuitvoering is ook de grootste van de ODRU. De voornaamste oorzaak is de lagere gemeentelijke bijdrage door de achterblijvende productie. In onderstaande tabellen(tabel 18 t/m 21) zijn alleen de onttrekkingen uit de bestemmingsreserve weergegeven. De overige mutaties in de reserves zijn terug te vinden in tabel 17a en 17b. V&M (Milieu taken) Lasten

(in euro's)

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Verschil

Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel

6.867.000

6.957.000

5.982.658

974.342

-

1.480.500

3.180.978

-1.700.478

300.000

369.162

-69.162

330.200

347.200

217.630

129.570

Bestuurskosten

-

-

-

-

Algemene beheer- & administratiekosten

-

-

-

-

Huisvestingskosten

-

-

-

-

Kapitaallasten

-

-

-

-

Milieutaak uitvoering

-

-

2.816

-2.816

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Diversen

-

-

-

-

7.197.200

9.084.700

9.753.244

-668.544

Realisatie 2020

Verschil

- Personeel van derden - Uitbesteding Indirecte personeelskosten

Totaal lasten Baten

(in euro's)

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020

Directe personele baten

105.000

105.000

23.013

-81.987

Gemeentelijke bijdragen

11.899.000

13.259.315

13.424.796

165.481

- Aanvullende uren eigenaar gemeenten

-

823.250

618.975

-204.275

- Aanvullende uren overige

-

157.250

329.406

172.156

60.000

60.000

7.862

-52.138

Huisvestingsbaten

-

-

-

-

Kapitaalbaten

-

-

-

-

Milieutaak uitvoering

-

-

2.816

2.816

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Overige goederen en diensten:

- Overige

Diversen

Totaal Baten Saldo van baten en lasten Onttrekking uit reserve Uitvoering Koers OGW en PFAS

Gerealiseerd resultaat

-

-

-

-

12.064.000 4.866.800

14.404.815 5.320.115

14.406.867 4.653.623

2.052 -666.492

-

-

-

-

4.866.800

5.320.115

4.653.623

-666.492

Tabel 18: Baten en lasten programma V&M (Milieutaken)

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

83

Jaarstukken 2020

11.2 Programma Bouwen & Ruimtelijke Ordening (VHROSV) VHROSV (Bouwen & RO) Lasten

(in euro's)

Begroting 2020

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Verschil

Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel

1.529.500

1.536.000

1.221.292

314.708

- Personeel van derden

-

800.000

775.446

24.554

- Uitbesteding

-

-

42.441

-42.441

71.500

75.000

35.873

39.127

Bestuurskosten

-

-

-

-

Algemene beheer- & administratiekosten

-

-

-

-

Huisvestingskosten

-

-

-

-

Kapitaallasten

-

-

-

-

Milieutaak uitvoering

-

-

-

-

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Diversen

-

-

-

-

1.601.000

2.411.000

2.075.052

335.948

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Indirecte personeelskosten

Totaal lasten Baten

(in euro's)

Begroting 2020

Verschil

Directe personele baten

-

-

-

-

Gemeentelijke bijdragen

1.922.500

3.007.499

3.177.926

170.427

- Aanvullende uren eigenaar gemeenten

-

-

327.440

327.440

- Aanvullende uren overige

-

-

-

-

- Overige

-

-

-

-

Huisvestingsbaten

-

-

-

Kapitaalbaten

-

-

-

-

Milieutaak uitvoering

-

-

-

-

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Diversen

-

-

-

-

1.922.500

3.007.499

3.505.366

497.867

321.500

596.499

1.430.314

833.815

Overige goederen en diensten:

Totaal Baten Saldo van baten en lasten Onttrekking uit reserve Uitvoering Koers OGW en PFAS

Gerealiseerd resultaat

-

-

-

-

321.500

596.499

1.430.314

833.815

Tabel 19: Baten en lasten programma VHROSV (Bouwen en Ruimtelijke Ordening)

Het programma Bouwen en Ruimtelijke Ordening behaalde een positief resultaat van € 1.430.000. Dit programma omvat alle bouwtaken en advisering op het gebied van Ruimtelijke Ordening. Het resultaat is € 834.000 hoger dan begroot. In totaal hebben wij € 336.000 minder uitgegeven, terwijl

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

84

Jaarstukken 2020

wij - door extra opdrachten - € 498.000 aan extra baten hebben ontvangen, vooral door extra bouwaanvragen.

11.3 Programma Natuur- en Duurzaamheidscommunicatie (onderwijs) Onderwijs (NDC) Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

438.500

447.500

428.660

18.840

- Personeel van derden

-

100.000

143.785

-43.785

- Uitbesteding

-

-

3.171

-3.171

30.300

34.300

20.837

13.463

-

-

-

-

Algemene beheer- & administratiekosten

75.000

75.000

51.264

23.736

Huisvestingskosten

58.500

58.500

61.029

-2.529

Kapitaallasten

5.000

5.000

5.000

-

Milieutaak uitvoering

-

-

76.696

-76.696

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Diversen

-

-

-

-

607.300

720.300

790.441

-70.141

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Lasten

(in euro's)

Begroting 2020

Verschil

Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel

Indirecte personeelskosten Bestuurskosten

Totaal lasten Baten

(in euro's)

Begroting 2020

Verschil

Directe personele baten

-

-

-

-

Gemeentelijke bijdragen

660.000

753.186

786.578

33.392

- Aanvullende uren eigenaar gemeenten

-

37.000

25.699

-11.301

- Aanvullende uren overige

-

-

1.018

1.018

- Overige

50.000

50.000

27.462

-22.538

Huisvestingsbaten

1.000

1.000

245

-755

Kapitaalbaten

-

-

-

-

Milieutaak uitvoering

-

-

76.696

76.696

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Diversen

-

-

-

-

711.000 103.700

841.186 120.886

917.699 127.258

76.513 6.372

-

-

-

-

103.700

120.886

127.258

6.372

Overige goederen en diensten:

Totaal Baten Saldo van baten en lasten Onttrekking uit reserve Uitvoering Koers OGW en PFAS

Gerealiseerd resultaat Tabel 20: Baten en lasten programma onderwijs (NDC)

Het programma Onderwijs, waarin onze taken vallen vanuit Natuur- en Duurzaamheidscommunicatie (NDC), behaalde een resultaat van € 127.000. Dit is € 6.000 hoger dan begroot. NDC is een kleine stabiele tak binnen de ODRU en werkt bijna uitsluitend met vaste medewerkers. Dit programma kent weinig aanvullende opdrachten, maar 2020 leverde wel extra

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

85

Jaarstukken 2020

opdrachten op voor afval en zwerfvuil. De extra kosten waren nodig door de extra opdrachten en vervanging wegens ziekte. Doordat sprake is van nevenvestigingen zijn er ook algemene beheer& administratiekosten en huisvestingskosten. Daarnaast hebben wij aan de baten- en lastenkant de milieutaakuitvoering opgenomen. Dit gaat voor een belangrijk deel om de werkbudgetten voor de nevenlocaties, de aanschaf van lesmaterialen en de organisatie van activiteiten. Deze budgetten worden gevoed uit de bijdrage van gemeenten en van scholen.

11.4 Programma Overhead Overhead Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

2.641.000

2.704.500

2.105.572

598.928

340.000

680.500

1.354.526

-674.026

-

-

-

-

Indirecte personeelskosten

327.500

338.000

433.712

-95.712

Bestuurskosten

88.000

190.000

272.417

-82.417

Algemene beheer- & administratiekosten

835.000

1.174.000

1.049.116

124.884

Huisvestingskosten

611.500

581.500

544.077

37.423

Kapitaallasten

356.000

276.000

217.711

58.289

-

-

-

-

Omgevingswet en PFAS

193.900

520.870

301.883

218.987

Diversen

85.000

85.000

135.661

-50.661

5.477.900

6.550.370

6.414.674

135.696

Bijgestelde begroting 2020

Realisatie 2020

Lasten

(in euro's)

Begroting 2020

Verschil

Directe personeelskosten: - Sal. en Soc. Lasten vast personeel - Personeel van derden - Uitbesteding

Milieutaak uitvoering

Totaal lasten Baten

(in euro's)

Begroting 2020

Verschil

Directe personele baten

-

-

22.669

22.669

Gemeentelijke bijdragen

-

-

-

-

- Aanvullende uren eigenaar gemeenten

-

-

-

-

- Aanvullende uren overige

-

-

-

-

- Overige

-

-

-

-

Huisvestingsbaten

-

-

-

-

Kapitaalbaten

-

-

-

-

Milieutaak uitvoering

-

-

-

-

Omgevingswet en PFAS

-

-

-

-

Diversen

-

-

4.692

4.692

Overige goederen en diensten:

Totaal Baten Saldo van baten en lasten Onttrekking uit reserve Uitvoering Koers en PFAS

Gerealiseerd resultaat

-

-

27.361

27.361

-5.477.900

-6.550.370

-6.387.313

163.056

193.900

520.870

301.883

-218.987

-5.284.000

-6.029.500

-6.085.431

-55.931

Tabel 21 Baten en lasten programma Overhead

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

86

Jaarstukken 2020

Het programma Overhead omvat de werkzaamheden en lasten voor de overhead. Hieronder vallen de kosten die niet aan één van de andere programma’s zijn toe te rekenen. Het programma behaalde een negatief resultaat van € 6.085.000, dit is € 56.000 hoger (slechter) dan begroot. De salarissen voor vaste medewerkers zijn € 599.000 lager dan begroot, maar wij hebben voor € 674.000 extra personeel ingehuurd. Dit was nodig door het grote aantal openstaande vacatures en het hogere verzuim. De indirecte personele lasten zijn € 96.000 hoger dan begroot, vooral door opleidingen voor onder andere de Omgevingswet. Bij de bestuurskosten, algemene beheer- & administratiekosten, huisvestingskosten en kapitaallasten is de afwijking vergelijkbaar met de kosten op totaalniveau. De kosten voor Uitvoering Koers (Omgevingswet en PFAS) zijn € 219.000 lager dan begroot. Een uitgebreide toelichting staat in bijlage 2.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

87

Jaarstukken 2020

12.

Balans per 31 december 2020 Balans – Activa (voor resultaat bestemming) (in euro's)

Balans 31-12-2019

Balans 31-12-2020

Vaste activa

Materiële vaste activa - Investeringen met een economisch nut: - Bedrijfsgebouwen (verbouwing)

22.500

17.500

- Apparaten / installaties

527.765

431.720

550.265

449.220

3.340.288

4.052.015

12.026

29.020

5.207.743

4.127.899

8.560.057

8.208.935

- Kassaldi

527

825

- Banksaldi

251.190

250.557

251.717

251.382

87.703

111.814

9.449.742

9.021.351

Vlottende activa

Uitzetting met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Vorderingen op openbare lichamen - Overige vorderingen - Uitzetting in 's Rijks schatkist

Liquide middelen

Overlopende activa - Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

Totaal Activa Tabel 22-A: Balans per 31 december 2020: Activa

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

88

Jaarstukken 2020

Balans – Passiva (voor resultaat bestemming) (in euro's)

Balans 31-12-2019

Balans 31-12-2020

Vaste Passiva

Eigen vermogen Reserves - Algemene reserve

1.321.684

703.429

61.738

314.617

-

13.980

- Gerealiseerd resultaat

221.193

125.764

- Nog te bestemmen resultaat 2018

145.156

-

1.749.771

1.157.790

578.996

476.535

578.996

476.535

-

-

1.177.420

908.015

906.091

1.203.575

2.083.511

2.111.590

262.723

363.783

4.678.836

4.837.062

95.904

74.591

5.037.464

5.275.436

9.449.742

9.021.351

- Bestemmingsreserve 'Uitvoering Koers' (programma Omgevingswet) - Bestemmingsreserve 'PFAS' Saldo rekening

Voorzieningen - Voorziening boventalligen

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Banksaldi - Overige schulden (crediteuren) - Overige schulden (belastingen (btw) en premies) Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten en gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. - De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel voor de dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. - Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen.

Totaal Passiva Tabel 22-B: Balans per 31 december 2020: Passiva

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

89

Jaarstukken 2020

13.

Waarderingsgrondslagen

13.1 Algemeen Bij het samenstellen van de jaarrekening hebben wij de voorschriften conform het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) toegepast en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet. Daarin hebben wij de uitgangspunten voor het financiële beleid, de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie vastgelegd.

13.2 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Voor zover niet anders vermeld hebben wij de activa en passiva gewaardeerd tegen de nominale waarde. De grondslag voor de waardering van de gepresenteerde jaarrekening is de waarde gezien vanuit het perspectief van continuering van de werkzaamheden. Investeringen Investeringen waarderen wij tegen de werkelijke verkrijgingprijs. Dit is de aanschafwaarde (exclusief btw), eventueel verminderd met ontvangen bijdragen van derden, verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen op basis van de te verwachten economische en/of technische levensduur en met inachtneming van de bepalingen uit de financiële verordening van de ODRU, zoals vastgesteld door het algemeen bestuur d.d. 28 september 2017. Op grond van het bovenstaande en op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten schrijven wij de materiële vaste activa lineair af in: 15 jaar Technische installaties in bedrijfsgebouwen; 10 jaar Verbouwingen, kantoormeubilair; 3 – 5 jaar Software, automatiseringsapparatuur, telefooninstallaties. Activa met een aanschafprijs van minder dan € 5.000 activeren wij niet afzonderlijk. Activa schrijven wij voor 50% van de werkelijke jaarafschrijving af in het jaar van aanschaf en/of technische/economische ingebruikname.

Vorderingen De vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde, onder aftrek van een voorziening voor mogelijke oninbaarheid. Schatkistbankieren In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Er is echter een aantal uitzonderingen. Eén daarvan is het drempelbedrag. Dat is een minimumbedrag dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden. Voor de ODRU is dat voor 2020 € 250.000. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Eigen vermogen Het eigen vermogen betreft het vermogensbestanddelen die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van de reserves is een zaak van het Algemeen Bestuur(AB). Zodra het AB een bestemming geeft aan een reserve is er

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

90

Jaarstukken 2020

sprake van een bestemmingsreserve. Mutaties in de reserves zijn alleen mogelijk na een bestuursbesluit van het AB. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorzieningen Voorzieningen waarderen wij op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Resultaatbepaling Baten verantwoorden wij in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd, lasten verantwoorden wij in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd en/of voorzienbaar zijn. Het resultaat bepalen wij op basis van de hiervoor vermelde waarderingsgrondslagen. Resultaat De jaarrekening 2020 toont een positief saldo van € 125.764. Het algemeen bestuur neemt een besluit over de bestemming van dit resultaat, conform artikel 32 uit de Gemeenschappelijke regeling.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

91

Jaarstukken 2020

14.

Toelichting op de balans

14.1 Activa Materiële vaste activa (met economisch nut) Bedrijfsgebouwen (verbouwingen)

Machines, apparaten en installaties

Boekwaarde 1 jan 2020 Investeringen Des- investeringen Afschrijvingen Bijdrage van derden Afwaarderingen

22.500 0 0 -5.000 0 0

527.765 119.753 0 -215.798 0 0

550.265 119.753 0 -220.798 0 0

Boekwaarde 31 december 2020

17.500

431.720

449.220

Investeringen met economisch nut

Totaal

Tabel 23: Mutatie overzicht materiële activa

In 2020 hebben wij geïnvesteerd in software en kantoorautomatisering. In bijlage 3 staat een overzicht van de vaste activa. Vlottende activa Vorderingen op openbare lichamen Deze post betreft de reguliere vorderingen op gemeenten. In totaal stond op 31 december 2020 een bedrag open van ruim € 4.052.000. Het bedrag is een saldo van openstaande posten en nog te verrekenen eindafrekeningen met de deelnemende gemeenten(zie ook overlopende passiva). Het totaalbedrag is hoger dan in 2019, doordat in dat jaar een aantal gemeenten in december al de voorschotfacturen over het eerste kwartaal 2020 heeft betaald. Het algemeen betalingsgedrag van de deelnemende gemeenten is goed. De verwachting is dat alle vorderingen volledig binnenkomen. Overige vorderingen Dit zijn vorderingen bij niet-gemeenten, zoals scholen, stichtingen en natuur- en milieuorganisaties. In de overige vorderingen is een bedrag opgenomen van € 7.590 waarvan wordt verwacht dat dit bedrag niet binnenkomt. Het bedrag is opgenomen als voorziening. Uitzetting in ‘s Rijks schatkist Vanaf 2014 zijn overheidsinstellingen verplicht deel te nemen aan het schatkistbankieren. Dit betekent dat het saldo automatisch wordt afgeroomd boven het drempelbedrag. Het drempelbedrag voor de ODRU is € 250.000. De vordering is, zo nodig, direct opeisbaar. Het bedrag op deze post is € 1.080.000 lager dan in 2019, toen dit € 5.208.000 bedroeg.

Reden is dat gemeenten in 2019 al een aantal voorschotfacturen voor het eerste kwartaal 2020 hebben betaald, waardoor het geld eerder op de rekening stond. Uit onderstaande tabel blijkt dat de verplichte drempelbedragen in 2020 niet zijn overschreden.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

92

Jaarstukken 2020

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar: (1)

2020 Drempelbedrag Kwartaal 1 Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

(2)

(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag (3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag

250 Kwartaal Kwartaal 2 3

Kwartaal 4

92

76

115

95

158

174

135

155

0

0

0

0

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

8.339

6.885

10.601

8.770

91

91

92

92

92

76

115

95

(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

Drempelbedrag (=minimum bedrag) (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

(5a)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

(5b)

Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist (2) - (5a) / (5b) aangehouden middelen

18.700 18.700 0 250

Tabel 24: Mutatie overzicht materiële

Liquide middelen Deze middelen bestaan uit de kasgelden bij de vestigingen in Utrecht en de kassaldi van de NDCcentra. Voor de beschikbaarheid van geldmiddelen bestaan geen beperkingen, ze zijn vrij beschikbaar. De uitsplitsing van de liquide middelen staat in tabel 25. Liquide middelen (in euro's)

- Kas - Rabobank - BNG Bank Totaal

Totaal 825 669 249.889 251.382

Tabel 25:Liquide middelen

Overlopende activa Het totaal van de post ‘Overlopende activa’ die ten laste van volgende begrotingsjaren komen’ omvat twee onderdelen, namelijk overige vorderingen en vooruitbetaalde kosten.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

93

Jaarstukken 2020

Overlopende activa

Totaal

(in euro's)

Overige vorderingen Vooruitbetaalde kosten: - Licenties - Huur - Overige Totaal

37.264 74.549 111.814

Tabel 26: Overlopende activa

Deze kosten, onder andere licentiekosten, kosten voor leaseauto’s en abonnementen, hebben wij in 2020 voor het jaar 2021 betaald. Het bedrag van de overige vooruitbetaalde kosten is hoger dan 2019 door een nieuw abonnement.

14.2 Passiva Eigen vermogen Ons eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserve en het gerealiseerde resultaat 2020. Het verloop van de posten binnen het eigen vermogen is als volgt: Reserves

Totaal

(in euro's)

- Algemene reserve - beginbalans - bestemming nagekomen baat 2018 - uitkering premieteruggave - dotatie bestemmingsreserve Uitvoering Koers omgevingswet - dotatie bestemmingsreserve PFAS Totaal

1.321.684 145.156 -415.863 -297.140 -50.408 703.429

Tabel 27: Mutatie overzicht algemene reserve

De Algemene reserve is verlaagd door de uitkering aan de deelnemende gemeenten van de onterecht afgedragen WW-premie die wij van de Belastingdienst hebben terugontvangen. Bestemmingsreserve Uitvoering Koers (in euro's)

Beginbalans - dotatie (bestemd resultaat 2019) - dotatie algemene reserve - gemaakte kosten Omgevingswet 2020 Stand bestemming per 31 december 2020

Totaal 61.738 191.601 297.140 -235.863 314.617

Tabel 28: Mutatie overzicht bestemmingsreserve Uitvoering Koers

Voor de bestemmingsreserve Uitvoering Koers stond op de beginbalans een bedrag van € 61.738. In 2020 hebben wij vanuit het resultaat € 191.601 aan deze bestemmingsreserve toegevoegd. Daarnaast hebben wij ruim € 297.000 toegevoegd vanuit een bestuursbesluit. Dit betreft een dotatie uit de algemene reserve. Na de bestedingen over 2020 is er nog een bedrag van ruim €

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

94

Jaarstukken 2020

314.000 beschikbaar om de voorbereidingen voor de omgevingswet te voltooien. Het programma Uitvoering Koers bestaat per 2020 uitsluitend uit de kosten ter voorbereiding op de Omgevingswet. Bestemmingsreserve PFAS (in euro's)

Beginbalans - dotatie (bestemd resultaat 2019) - dotatie algemene reserve - gemaakte kosten PFAS 2020 Stand bestemming per 31 december 2020

Totaal 29.592 50.408 -66.020 13.980

Tabel 29: Mutatie overzicht bestemmingsreserve PFAS

Vanuit het resultaat hebben wij € 29.592 aan deze bestemmingsreserve toegevoegd. Daarnaast hebben wij ruim € 50.000 toegevoegd vanuit een bestuursbesluit. Dit betreft een dotatie uit de algemene reserve. Na de bestedingen hebben wij nog een bedrag van bijna € 14.000 beschikbaar om de werkzaamheden af te ronden. Saldo rekening (in euro's)

Beginbalans Nog te bestemmen resultaat 2018 Totaal te bestemmen - bestemd resultaat 2019 Uitvoering Koers Omgevingswet - bestemd resultaat PFAS - toegevoegd aan de algemene reserve - gerealiseerde resultaat 2020 Totaal

Totaal 221.193 145.156 366.349 -191.601 -29.592 -145.156 125.764 125.764

Tabel 30:Mutatie overzicht saldo rekening

Op de beginbalans van 2020 zijn twee bedragen opgenomen, namelijk het rekeningresultaat van 2019 en het nog te bestemmen resultaat uit 2018 van € 145.156. In de vergadering van april 2020 heeft het algemeen bestuur, conform artikel 32 uit de Gemeenschappelijke regeling, een besluit genomen over de bestemming. Het algemeen bestuur stelt in de vergadering van april 2021 de bestemming van het resultaat over 2020 à € 125.764 vast, conform artikel 32 uit de Gemeenschappelijke regeling. Voorzieningen Voorziening boventalligen De voorziening boventalligen hebben wij geactualiseerd. De berekening hiervoor is als volgt: de maximale salarislasten minus eventueel te verdienen vergoedingen (door uitleen aan derden), vermeerderd met de maximale wettelijke WW plus aanvullende plus na-wettelijke verplichtingen. De som van deze maximale kosten is vermenigvuldigd met de kans dat deze zich voordoet. De berekening hebben wij op dezelfde wijze uitgevoerd als in eerdere jaren. Wij hebben in totaal € 199.500 onttrokken aan deze voorziening. Door nieuwe instroom van een op non-actief gestelde medewerker hebben wij extra gedoteerd om toekomstige lasten op te vangen.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

95

Jaarstukken 2020

Voorzieningen

Totaal

(in euro's)

Beginbalans - onttrekking - dotatie - vrijval Benodigde voorziening per 31-12-2020

578.996 -199.531 170.000 -72.930 476.535

Tabel 31: Mutatie overzicht voorziening boventalligen

Vlottende passiva Overige schulden (crediteuren) De post ‘crediteuren’ betreft de openstaande posten crediteuren en de aangegane verplichtingen die nog niet zijn opgenomen in de sub-administratie crediteuren. Daarnaast hebben wij nog te betalen belastingen en premies opgenomen onder de overige schulden. Dit zijn btw over het vierde kwartaal van € 515.000, loonheffing over december van € 651.000 en pensioenpremie van € 140.000. Overlopende passiva Overlopende passiva De ‘overlopende passiva’ bestaan uit verplichtingen die we in het komende begrotingsjaar moeten betalen, vooruit ontvangen bedragen in het kader van subsidietrajecten en overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate komen van volgende begrotingsjaren. Tabel 32 toont de uitsplitsing van voorschotbedragen (ontvangen van Europese en Nederlandse overheidslichamen) voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die de lasten van volgende begrotingsjaren moeten dekken. Voor twee zekergestelde subsidies zijn wij verplicht om een SiSabijlage op te nemen. In 2020 hebben hiervoor nog geen bestedingen plaatsgevonden. Deze staat in bijlage 4. Uitkeringen specifiek bestedingsdoel Europese overheidslichamen het Rijk Overige Nederlands overheidslichamen: - Provincie - Gemeente Totaal

Saldo 31-12-2019

Ontvangen bedragen

391.791

42.000

83.884

-

-

18.178 4.268.867 4.678.836

191.250 17.909.678 18.142.928

142.000 17.387.925 17.613.809

370.893 370.893

-

Besteed

terug betaald

Vrijval

Saldo 31-122020 349.907 67.428 4.419.727 4.837.062

Tabel 32: Uitsplitsing ontvangen voorschotbedragen met specifiek bestedingsdoel

De totale overlopende passiva zijn op de eindbalans hoger dan eind 2019. Dat komt door de vooruit ontvangen voorschotnota’s en door de in rekening gebrachte uren in 2020 die wij in 2021 leveren (balansprojecten). Bij de balansprojecten gaat het op de eindbalans om een bedrag van € 522.000 (2019 € 675.000). Dit zijn taken die nog niet in 2020 zijn uitgevoerd, maar door de gemeenten al wel zijn betaald. Diverse gemeenten hebben bij de eindafrekening van 2020 aangegeven dat zij deze uren willen doorschuiven naar 2021 om de taken alsnog uit te voeren. Het terug te betalen bedrag heeft betrekking niet geleverde uren die wel zijn gefactureerd via de voorschotfacturen. Voor een deel zijn deze uren opgenomen als balansproject en voor een deel zullen deze worden terugbetaald aan de gemeente. Bij de eindafrekening is dit met de gemeente besproken.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

96

Jaarstukken 2020

Niet uit de balans blijkende verplichtingen Verplichtingen die niet zijn opgenomen op de balans zijn meerjarige contracten, waarvan de exploitatielasten zijn opgenomen in de meerjarenbegroting. Het gaat om de volgende verplichtingen: a) De huur van het kantoorpand in Utrecht tot 1 juli 2024. De tweede etage kost aan huur en servicekosten € 155.000 per jaar en de negende etage kost aan servicekosten circa € 168.000 per jaar en huur circa € 225.000 per jaar. b) De huur van het pand bij De Boswerf in Zeist, gehuurd van Stichting Het Utrechts Landschap (tot 1 mei 2021 met de jaarlijkse waarde van € 9.500). c) De huur van het pand bij MEC-Maarssen in Maarssen, gehuurd van Stichting Milieu Educatief Centrum Maarssen (tot 31 december 2024 met de jaarlijkse waarde à € 18.000). d) Voor de huur van het pand van De Woudreus in Wilnis zijn we op 1 januari 2015 een huurovereenkomst aangegaan voor onbepaalde tijd met een huur van € 16.000 per jaar (CPI prijsindex 2015=100). Het contract voor de leaseauto’s loopt nog door tot 1 januari 2022 (€ 2.985 per maand) en het contract voor de multifunctionals (printers totaal € 4.000 per maand) loopt nog tot augustus 2021. Wij hebben een contract voor de glasvezelverbinding voor de komende jaren (circa € 1.181 per maand). In 2019 hebben wij een extra glasvezelcontract afgesloten van € 775 per maand, met een looptijd tot en met 2022.

Voor de buitenlocaties hebben wij in 2019 een internetcontract afgesloten voor € 140 per maand, met een looptijd van drie jaar. In 2020 is een contract aangegaan voor het gebruik van Webgis. Het contract heeft een looptijd van 3 jaar en loopt tot 1009-2023 de jaarlijkse kosten bedragen € 26.500. Wij hebben enkele langlopende financiële verplichtingen waarbij wij een Europees aanbestedingstraject hebben gevolgd en de contracten in 2020 hebben afgesloten: - DAS Dienstverlener - Kantoorautomatisering - Uitzendkrachten Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen belangrijke gebeurtenissen te melden na balansdatum.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

97

Jaarstukken 2020

Coronacrisis Bij de opmaak van deze stukken is nog steeds sprake van een coronacrisis. Over 2020 hebben wij een inschatting gemaakt van de effecten. Financiële gevolgen coronacrisis

Bedrag

Totaal

materiële effecten extra kosten Arbo

18.000

extra overige personele uitgaven

20.500

besparing overige personele uitgaven

-10.000

besparing dienstreizen

-12.500

subtotaal effecten in productiviteit

16.000 uren

extra niet-productieve uren

2.770

besparing op interne uren

-1.300

subtotaal

1.470

totale schade

tarief

92,50

135.975 151.975

Tabel 33: Financiële gevolgen coronacrisis

Hoewel wij ondanks de coronacrisis de taken voor de gemeenten grotendeels konden uitvoeren, zien wij wel effecten. De controlewerkzaamheden bij bedrijven zijn deels uitgevoerd op aangepaste wijze waardoor de schade beperkt is gebleven. De extra Arbokosten omvatten onder andere bureaustoelen, handgel, reinigingsmiddelen en thuiscoaching. De hogere, overige personele uitgaven zijn onder andere voor inrichting van de thuiswerkplek, ingediend door 81 medewerkers. De besparing op overige personele uitgaven wordt veroorzaakt door de lagere vergader- en cateringkosten. De extra niet-productieve uren betreffen zorgtaken, problemen met thuiswerken en niet kunnen werken aan productieve opdrachten. Door de coronacrisis is minder tijd besteed aan interne projecten, studie en ontwikkeling. Naar schatting gaat het om circa 1.300 uur. De conclusie is dat de financiële gevolgen beperkt zijn, maar dat de organisatie wel een achterstand heeft opgelopen in kennisontwikkeling, opleiding, mindere sociale contacten en interne projecten.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20.1014/38989

98

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10084079/1