Jaarrekening GR 2020
Tekst van het document
Gemeenschappelijke Regeling Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR IW4) Jaarrapport 2020
19 maart 2021
Jaarrapport GR IW4 2020 p.0
Inhoudsopgave A.
Jaarverslag 2020
Voorwoord Hoofdstuk 1
3 Bestuur
4
Inleiding Organisatie en structuur Samenstelling bestuur Bestuursvergaderingen Verbonden partijen
4 4 5 5 6
Hoofdstuk 2 Doelstelling, beleid en uitvoering Wsw
7
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
Beleid Participatiewet Doelstelling Wsw Doelstelling GR IW4 Beheer NV Cliëntenraad Werk & Inkomen
Hoofdstuk 3 Organisatie 3.1 3.2 3.3. Hoofdstuk 4 4.1 4.2
4.3 4.4 4.5
7 7 8 8 8 9
Organisatieontwikkeling Informatievoorziening Resultaten
9 9 9
Financiële positie en resultaten
11
Financiële resultaten Treasury-paragraaf 4.2.1 Kasgeldlimiet 4.2.2 Renterisiconorm 4.2.3 Schatkistbankieren Financiering Weerstandsvermogen en risicobeheersing Risico´s
11 11 11 12 13 13 13 13
Jaarrapport GR IW4 2020 p.1
B. Jaarrekening 2020
Jaarrekening 2020 Balans per 31 december 2020 Overzicht van baten en lasten 2020 Toelichting algemeen Toelichting op de balans Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen Wet Normering Topinkomens Toelichting op het Overzicht van baten en lasten Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
16 17 18 23 26 26 27 29
Bijlagen (niet behorende bij de jaarrekening) 1. 2. 3.
Verantwoording indicatoren 2020 WSW Jaarovereenkomst GR - NV Verdeling gemeentelijke bijdrage
Vaststellingsbesluit Algemeen Bestuur
32 33 35 36
Jaarrapport GR IW4 2020 p.2
Voorwoord In een jaarverslag kijken we terug op de ontwikkelingen van het afgelopen jaar en presenteren we de financiële cijfers. Zo ook over het jaar 2020. Dit jaar was in alle opzichten een bijzonder jaar. Het laat zien hoe kwetsbaar de gezondheid van mensen, de arbeidsmarkt en de samenleving is. Bijna iedereen in Nederland heeft zelf kunnen ervaren wat het belang van werk is, ook voor je eigen welbevinden. Dat wat normaal lijkt, was dat niet. Onder aangepaste werkomstandigheden is in Nederland doorgewerkt. Dat wat tijdens de coronacrisis voor Nederland geldt, is eigenlijk de basisopdracht voor IW4. Zorgen dat kwetsbare personen in een aangepaste veilige omgeving werk kunnen verrichten. Werk dat naast een economische waarde ook houvast biedt en bijdraagt aan het welzijn van de werknemers. IW4 heeft de afgelopen jaren laten zien dat zij hierin slaagt. In 2020 stond zij voor een extra uitdaging. Met extra inspanning van alle medewerkers, in samenspraak met de GGD en met de nodige aanpassingen is IW4 ook tijdens de pandemie open gebleven. Bovendien heeft IW4 (met coronacompensatie van het rijk) een positief resultaat geboekt van € 11.000. Een knappe prestatie! Tegelijkertijd heeft IW4 verder uitvoering gegeven aan het transitieplan. Een plan dat toewerkt naar een toekomstbestendig sociaal werkbedrijf. Al eerder is geconstateerd dat uitvoering van dit plan op streek lag.
In 2020 zijn door het bestuur van de GR verdere besluiten genomen over de nieuwe huisvesting van IW4. Ondertussen wordt ook doorgebouwd aan het versterken van de samenwerking met de deelnemende gemeenten van de GR. In 2020 heeft IW4 meerjarige contracten gesloten met de deelnemende gemeenten op het gebied van schoonmaak en re-integratie. Ook de samenwerking en straks gezamenlijke huisvesting van IW4 en Wijkservice van de gemeente Veenendaal is een duurzame investering. Zo maakt IW4 zich op voor de toekomst. Landelijk zien we dat de herwaardering van sociale werkbedrijven nieuwe stijl groeit. Deze ontwikkeling en waardering was binnen onze gemeenten al aanwezig. In 2020 heeft IW4 onder moeilijke omstandigheden laten zien dat zij deze waardering verdient.
De voorzitter, C.M. Verloop
Jaarrapport GR IW4 2020 p.3
1
BESTUUR
1.1
Inleiding
Voor u ligt de jaarverantwoording van het Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht, de gemeenschappelijke regeling (GR) voor de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) van de gemeenten Rhenen, Renswoude en Veenendaal. Dit document bestaat uit een beknopt jaarverslag en de jaarrekening over 2020. In de jaarrekening wordt verslag gedaan van de gerealiseerde resultaten. De uitkomsten worden vergeleken met de vastgestelde begroting over 2020 en belangrijke afwijkingen worden toegelicht. In een jaarverslag worden onder meer de beleidsmatige ontwikkelingen en de personele resultaten opgenomen. Hierop wordt in het algemene jaarverslag van IW4 Beheer NV uitvoerig ingegaan. Voor een toelichting op de bedrijfsmatige gang van zaken wordt verwezen naar het algemene jaarverslag van IW4 Beheer NV over 2020. Dit jaarverslag wordt, evenals het jaarverslag van IW4 Beheer NV, alleen in digitale vorm uitgebracht. 1.2
Organisatie en structuur
De GR IW4 voert namens de deelnemende gemeenten de Participatiewet onderdeel Wet sociale werkvoorziening uit. Alle bedrijfsactiviteiten van de GR zijn per 1 januari 1997 overgenomen door de op 22 januari 1998 opgerichte onderneming IW4 Beheer NV. De uitvoering van de Wsw is door middel van een aanwijzingsbesluit overgedragen aan IW4 Beheer NV. De GR treedt op als formeel werkgever van het Wsw-personeel. In een Sociaal Economisch Contract en een daarop gebaseerde jaarovereenkomst wordt vervolgens de detachering en de taakstelling van de GR van het Wsw-personeel bij de NV geregeld. Binnen IW4 is voor de GR (Wsw) een aparte financiële, personeels- en loonadministratie ingericht, welke door de NV wordt uitgevoerd. De uitgangspunten voor het sociale beleid worden bepaald door het Algemeen Bestuur van de GR, terwijl de verantwoordelijkheid voor het bedrijfseconomisch handelen in handen ligt van de directie en de Raad van Commissarissen van IW4 Beheer NV. De leden van de Raad van Commissarissen worden door de Algemene Vergadering benoemd op voordracht van de Raad van Commissarissen, waarvan één op voordracht van de OR. De directie en de Raad van Commissarissen van IW4 Beheer NV zijn verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en de uitvoering van het geformuleerde sociaal en economisch beleid.
De controle van de jaarrekening van de NV en de GR wordt uitgevoerd door HZW accountants & belastingadviseurs.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.4
1.3
Samenstelling bestuur
In 2019 hebben het algemeen bestuur (AB) en het dagelijks bestuur (DB) niet afzonderlijk vergaderd. Leden dagelijks bestuur GR: Namens de gemeente Veenendaal
dhr. C.M. Verloop, voorzitter
Namens de gemeente Rhenen
mw. J. de Heer, plv. voorzitter
Namens de gemeente Renswoude
dhr. A. Wijs, secretaris
Leden algemeen bestuur GR: Namens de gemeente Veenendaal
dhr. C.M. Verloop, voorzitter dhr. D. Lochtenberg, lid dhr. M.R. Beek, lid
Namens de gemeente Rhenen
mw. J. de Heer, plv. voorzitter dhr. H. Boerkamp, lid dhr. B. van Eeten, lid
Namens de gemeente Renswoude
dhr. A. Wijs, secretaris Mw. M.C. Teunissen-Willemsen, lid
Ambtelijk secretaris
1.4
dhr. F. Dieleman
Bestuursvergaderingen
Het bestuur is in 2020 vier keer in reguliere vergaderingen bijeen gekomen. In deze bestuursvergaderingen zijn o.a. volgende onderwerpen aan de orde geweest: -
MTO Brief provincie Utrecht (inzake repressief toezicht) Jaarstukken GR 2019 Jaarstukken NV 2019 Begroting GR 2021 Meerjarenraming Vergaderschema AVG Marap Transitieplan IW4 Governance Huisvestingsplan Samenwerking tussen IW4 en EW Jaarovereenkomst Wsw 2020
Jaarrapport GR IW4 2020 p.5
Er is in het verslagjaar tussen het algemeen bestuur en de Raad van Commissarissen van de NV twee keer overleg gevoerd, eenmaal in de Algemene Vergadering en eenmaal in de gecombineerde vergadering bestuur GR – RvC. Er heeft periodiek informeel overleg plaatsgevonden tijdens ontbijten lunchbijeenkomsten tussen de voorzitter van het bestuur, de voorzitter van de RvC en de algemeen directeur. De voorzitter van het bestuur had tevens regelmatig contact over diverse onderwerpen met de algemeen directeur. De rol van de ambtelijk secretaris wordt structureel vervuld door een ambtenaar in dienst van de gemeente Veenendaal. De ambtelijk secretaris voert overleg met de algemeen directeur en indien gewenst met de controller en andere MT-leden van IW4. De vergaderingen van het bestuur van de GR worden voorbereid door de ambtelijk secretaris, in overleg met het bestuur en in samenwerking met de algemeen directeur van IW4.
1.5
Verbonden partijen
Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee de Gemeenschappelijke Regeling van IW4 een bestuurlijke en financiële band heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie of het hebben van stemrecht. Van financieel belang is sprake wanneer de GR middelen ter beschikking heeft gesteld en die kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij en/of als schulden van de verbonden partij verhaald kunnen worden op de GR. De Gemeenschappelijke Regeling Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht - GR IW4 - te Veenendaal heeft slechts één verbonden partij, te weten IW4 Beheer NV, gevestigd te Veenendaal aan de Transformatorstraat 1. IW4 Beheer NV geeft een eigen jaarverslag en jaarrekening uit. De Gemeenschappelijke Regeling van IW4 heeft een deelneming van € 5.342.000 in IW4 Beheer NV. De omvang van het Eigen Vermogen van IW4 Beheer NV bedraagt per 31 december 2020: € 6.022.000 (1 januari 2020: € 6.011.000). Het Vreemd Vermogen van IW4 Beheer NV bestaat uit kortlopende schulden en overlopende passiva en bedraagt per 31 december 2020: € 847.000 (1 januari 2019: € 819.000). IW4 Beheer NV heeft over 2020 een positief resultaat behaald van afgerond € 11.000.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.6
2
DOELSTELLING, BELEID EN UITVOERING WSW
2.1
Participatiewet
In januari 2015 is de Participatiewet in werking getreden. De Participatiewet heeft de Wsw (Wet Sociale Werkvoorziening), de WWB (Wet Werk en Bijstand) en een groot deel van de Wajong (Wet Arbeidsongeschiktheidsvoorziening Jongeren) vervangen. Het doel van de Participatiewet is dat meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een baan vinden. De gemeente biedt ondersteuning om aan het werk te gaan. Als dat niet lukt, kan een beroep worden gedaan op een uitkering vanuit de Participatiewet. Voor IW4, die tot januari 2015 automatisch verzekerd was van instroom vanuit de Wsw, had deze wetswijziging grote gevolgen: de nieuwe instroom stopte. Als er niets zou gebeuren dan zou IW4 krimpen. Tegelijkertijd beschikt IW4 juist over kennis en infrastructuur om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt naar werk te begeleiden. En kan het bedrijf een verlengstuk zijn voor de gemeente om hen te ondersteunen bij de uitvoering van de Participatiewet. In het najaar van 2018 hebben de gemeenten Veenendaal, Rhenen en Renswoude een besluit genomen om deze infrastructuur te benutten en IW4 door te ontwikkelen naar een werkleerbedrijf voor de brede doelgroep van de Participatiewet: variant 1+. Op basis van dit besluit van onze drie gemeenten is een transitieplan opgesteld.
De transitie waar IW4 voor staat is een verschuiving van uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening naar professioneel werkleerbedrijf om iedereen met een afstand tot de arbeidsmarkt duurzaam naar betaald werk te begeleiden. Instroom, doorstroom en uitstroom van (kandidaat)werknemers staan centraal. Bij deze aangepaste focus hoort een verdere uitbouw van dienstverlening op het gebied van arbeidsontwikkeling en een lichte infrastructuur voor beschut werk en werkleerplekken. De kernactiviteiten van IW4 zijn: 1.
Het deels zelf en deels in samenwerking met ondernemers invullen van beschutte werkplekken (op basis van de Wsw zolang als nodig en op basis van Nieuw Beschut volgens de Participatiewet);
2.
Het ontwikkelen en bemiddelen van kandidaat-werknemers met een afstand tot de arbeidsmarktnaar betaald werk bij reguliere werkgevers;
3.
Het (mede) vormgeven van de inclusieve arbeidsmarkt in de arbeidsmarktregio.
Deze drie pijlers vormen uitgangspunt van al onze activiteiten en maatregelen die we nemen om onze organisatie optimaal in te richten om onze doelstelling te behalen.
2.2
Doelstelling Wsw
IW4 Beheer NV voert namens de in de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten het onderdeel Wsw van de Participatiewet uit. Door deze wet kunnen mensen met een arbeidshandicap werk doen dat past bij hun mogelijkheden en beperkingen, bij voorkeur in een zo regulier mogelijke omgeving. Onder arbeidshandicap wordt verstaan dat men vanwege een lichamelijke, psychische of verstandelijke beperking, of een combinatie hiervan, niet zelfstandig in een gewone baan kan werken Jaarrapport GR IW4 2020 p.7
en/of een volwaardige arbeidsprestatie kan leveren. Een baan in het kader van de sociale werkvoorziening is aangepast aan de mogelijkheden en beperkingen van de Wsw-medewerkers. Men ontvangt op basis van de CAO Wsw een gewoon salaris (functieloon) en ook anderszins gelden normale arbeidsvoorwaarden. In de sociale werkvoorziening werken is alleen mogelijk met een indicatie Wsw. Vanaf 2015 worden geen nieuwe indicaties meer uitgevoerd. Wsw-medewerkers die na 1998 een indicatie hebben gekregen worden wel periodiek ge-herindiceerd. Personen die per 1 januari 2015 een indicatie hadden, maar op de wachtlijst stonden, zijn opgenomen in het doelgroepenregister en vallen onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten. Een deel van hen is inmiddels in een extern dienstverband geplaatst, met ondersteuning van loonkostensubsidie.
2.3
Doelstelling GR
Het doel van de gemeenschappelijke regeling IW4 i.c. het Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht is ‘het handhaven, vergroten of herstellen van de arbeidsgeschiktheid van personen die tot arbeid in staat zijn, maar voor wie, in belangrijke mate, ten gevolge van bij hen gelegen factoren, gelegenheid om onder normale omstandigheden arbeid te verrichten niet of nu niet aanwezig is’ (art. 3.1 GR). Het Instituut heeft tevens tot doel ‘het handhaven van en zorgdragen voor voorzieningen die sociale activering en een zelfstandige bestaansvoorziening bevorderen van in het rechtsgebied als bedoeld in artikel 2 woonachtige langdurige werklozen, uitkeringsgerechtigden en jongeren’ (art. 3.2 GR). Het Instituut kan de in de lid 1 en 2 van artikel 3 genoemde delen uitbesteden op contractbasis. Ter uitvoering van het in artikel 3 genoemde, dragen de deelnemende gemeenten hun bevoegdheden en verplichtingen uit de Wsw over aan het Instituut. Het Instituut heeft daartoe als feitelijk met de uitvoering belast orgaan aangewezen: IW4 Beheer NV (art. 4 GR).
2.4
IW4 Beheer NV
Het statutaire doel van IW4 Beheer NV luidt als volgt (gewijzigde statuten d.d. 28 november 2011; artikel 2): “De vennootschap heeft ten doel het voeren van ondernemingen door de vennootschap dan wel dochtervennootschap van de vennootschap met het oog op de ontwikkeling van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, waaronder personen die geïndiceerd zijn voor de Wet sociale werkvoorziening, waardoor zij beter in staat zijn een al dan niet aangepaste functie op de arbeidsmarkt te vervullen, en de plaatsing van deze personen in een functie in een beschutte of reguliere omgeving….” De bedoeling was zoveel mogelijk mensen met een Wsw-indicatie een dienstverband aan te bieden, mits dit bezien vanuit de bedrijfsvoering verantwoord is. Door de invoering van de Participatiewet heeft er vanaf 1 januari 2015 geen instroom van nieuwe Wsw-medewerkers meer plaatsgevonden. Wel zijn enkele Wsw-medewerkers vanuit andere gemeenten wegens verhuizing bij IW4 in dienst gekomen.
2.5
Cliëntenraad Werk & Inkomen
Vanaf 2015 vormen de Wsw-geïndiceerden een onderdeel van het brede aandachtsgebied van de Cliëntenraad Werk & Inkomen. De Cliëntenraad vervult haar rol nu voor de gemeenten Veenendaal, Rhenen en Renswoude. Eenmaal per jaar voert de Cliëntenraad overleg met de algemeen directeur van IW4.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.8
3
ORGANISATIE
3.1
Organisatieontwikkeling
In 2019 is het Transitieplan vertaald naar concrete maatregelen. Een onafhankelijk bureau heeft beoordeeld of door deze maatregelen daadwerkelijk de beoogde doelen van de transitie zullen worden bereikt en of IW4 door deze maatregelen ook binnen de gestelde financiële kaders zou blijven. De conclusie is dat de maatregelen aan beide punten voldoen. IW4 is in 2020 dan ook verder gegaan met de uitvoering van de onderstaande maatregelen: •
Het aanpassen van de organisatiestructuur waarbij de basis wordt gevormd door onze twee hoofdprocessen: werk en arbeidsontwikkeling
•
Het implementeren van een methodiek op het gebied van arbeidsontwikkeling
•
Het versterken van de samenwerking met de afdeling Economie & Werk van de gemeente Veenendaal
•
Het door-ontwikkelen van ons automatiseringssysteem om de ondersteunende processen op basis van workflow zo veel als mogelijk geautomatiseerd te laten verlopen
•
Het vertalen van de transitie in de aanpassing van de bestaande kaderformatie, zowel kwantitatief als kwalitatief
•
Het ontwikkelen van nieuwe dienstverlening
•
Het aanpassen van de huisvesting op de nieuwe koers en op de krimp van de SW-populatie
•
Het verder doorvoeren van efficiency maatregelen in de bedrijfsvoering
In 2021 gaan we op volle kracht door met de verdere uitvoering van deze maatregelen om ons bedrijf verder te professionaliseren tot werkleerbedrijf voor de brede doelgroep.
3.2
Informatievoorziening
In 2019 heeft de implementatie van het HRM en salarissysteem van AFAS plaatsgevonden, wat op 1 januari 2020 in gebruik is genomen. Hiermee is een belangrijke efficiencyslag gemaakt. Voorheen had IW4 een salarissysteem, een personeelsinformatiesysteem en werd de verzuimadministratie apart bijgehouden. In AFAS zijn de verschillende systemen met elkaar geïntegreerd. Hierdoor hoeven data nu slechts één maal te worden ingevoerd. Dit is efficiënter en er is minder kans op fouten. Daarnaast is het voor leidinggevenden meer inzichtelijk. Alle gegevens van een medewerker staan bij elkaar. Het systeem biedt ook de mogelijkheid om eenvoudig de eigen gegevens, zoals verlof en salarisspecificaties in te zien.
3.3
Resultaten
Het resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling bedraagt nihil, zoals begroot. De winst van de 100% deelneming IW4 Beheer NV bedraagt afgerond € 11.000 (begroot € 49.000). Het samengevoegd resultaat bedraagt een winst van € 11.000.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.9
Aan het Algemeen Bestuur van het Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht is voorgesteld om het exploitatieresultaat als volgt in de jaarrekening 2020 te verwerken: een toename van de Algemene reserve NV van € 11.000. Dit voorstel is al in de jaarrekening GR verwerkt.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.10
4
FINANCIELE POSITIE EN RESULTATEN
4.1
Financiële resultaten
Het financiële resultaat van de GR over 2020 was afgerond nihil. Het financiële resultaat van IW4 Beheer NV is € 11.000 voordelig. De raad van commissarissen heeft voorgesteld dit aan de algemene reserves van IW4 Beheer NV toe te voegen.
4.2
Treasury-paragraaf
In 2000 is door het algemeen bestuur van de GR een treasury-statuut vastgesteld, dat is opgemaakt volgens de voorschriften van de provincie Utrecht en de door het Ministerie opgestelde ‘Handreiking Treasury’, rekening houdend met de wettelijke kaders. Dit statuut is in 2010 geactualiseerd. Hierin worden organisatorische randvoorwaarden van de treasury-functie weergegeven, met het accent op de helderheid over de verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. De diverse risico’s worden gecomprimeerd in beeld gebracht middels drie rapportagemodellen: het overzicht kasgeldlimiet, in het overzicht renterisiconorm en het kredietrisico op verstrekte gelden. Vanaf 2009 is de wettelijke verplichting voor het verstrekken van een kwartaalrapportage over de liquiditeit aan de Provincie Utrecht afgeschaft. De bewaking rust nu bij de gemeenten / het bestuur. (bedragen x € 1.000)
4.2.1 Kasgeldlimiet 2020 IW4 Beheer NV en Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR) 1e 2e 3e 4e kw.2020 kw.2020 kw.2020 kw.2020
(stand per begin van ieder kwartaal) Omvang van de kostenbegroting per 1 januari 2019
9.637
9.637
9.637
9.637
Toegestane % kasgeldlimiet
8,20%
8,20%
8,20%
8,20%
Toegestane kasgeldlimiet in €
790
790
790
790
A. Vlottende schulden
0
0
0
0
B. Vlottende middelen
692
911
1.167
1.111
Saldo A minus B: vlottend kwartaalgemiddelde
-692
-911
-1.167
-1.111
Toets kasgeldlimiet Saldo vlottend kwartaalgemiddelde
-692
-911
-1.167
-1.111
Toegestane kasgeldlimiet
790
790
790
790
1.482
1.701
1.957
1.901
Ruimte (overschot)
Jaarrapport GR IW4 2020 p.11
Toelichting Toetsing geschiedt op basis van de wettelijke norm volgens de wet FIDO. Het percentage is bij ministeriële regeling vastgesteld op 8,2%. De omvang van de begroting betreft uitsluitend de GR-begroting (totaal der kosten). De vordering NV op GR is met € 435.000 toegenomen door boekingen via rekening-courant. Onder vlottende vorderingen is opgenomen BNG r/c rentecompensabele rekening en Schatkistbankieren.
4.2.2 Renterisiconorm 2020 (bedragen x € 1.000)
IW4 Beheer NV en Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR)
Berekening renterisico op vaste schuld Renteherziening op vaste schuld o/g Renteherziening op vaste schuld u/g 1. Netto renteherziening op vaste schuld
0
Nieuw aangetrokken vaste schuld Nieuw verstrekte lange lening
0 0
2. Netto nieuw aangetrokken vaste schuld
0
3. Betaalde aflossingen
0
4. Herfinanciering (laagste van 2 en 3)
0
A. Renterisico op vaste schuld (1 + 4)
0
Berekening renterisiconorm 1. Omvang van de kostenbegroting per 1 januari = grondslag 2. Bij ministeriële regeling vastgesteld percentage
9.637 20%
B. Renterisiconorm
1.987
Toets renterisiconorm
Renterisiconorm (B) Renterisico op vaste schuld (A)
1.927 0
Ruimte (+) / overschrijding (-)
1.927
Jaarrapport GR IW4 2020 p.12
Een nieuwe aflossingsvrije lening met een looptijd van vijf jaar, hoofdsom € 2.650.000 en een vaste rente van -/- 0,10% is afgesloten met lening nummer 40.113677 en ingegaan op 12 maart 2020. Deze lening vervangt de per deze datum afgeloste lening voor hetzelfde bedrag.
4.2.3 Schatkistbankieren Vanaf 2014 geldt de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden. Voor de GR betekent dit dat alle liquide middelen die in een kwartaal gemiddeld het drempelbedrag van € 250.000 overstijgen, afgeroomd moeten worden naar een daartoe geopende werkrekening Schatkistbankieren (SKB), waarna de Bank Nederlandse Gemeente (BNG) het doorstort naar ’s Rijks schatkist.
4.3
Financiering
De GR maakt gebruik van kredietfaciliteiten bij de Bank Nederlandse Gemeenten. IW4 Beheer NV heeft geen eigen bankkrediet en maakt hierom gebruik van de kredietfaciliteiten van de GR. De onderlinge geldstromen lopen via een rekening-courantverhouding GR/NV, waarover een rentevergoeding berekend wordt.
4.4
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
De weerstandscapaciteit binnen de GR bestaat uit een vrij aanwendbaar deel van de algemene reserve, de egalisatiereserve. Met de gemeenten en de provincie zijn afspraken gemaakt om het weerstandsvermogen op peil te houden. De egalisatiereserve bedraagt ultimo 2020 € 1.195.000 (na resultaatverdeling). De bestemmingsreserve, groot € 1.032.000, is ontstaan door vrijval van de arbeidsgerelateerde voorzieningen voor de Wsw-doelgroep. Kengetallen netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
4.5
2020 -23,7% -23,7% 33,1 0,0
2019 -22,8% -22,8% 35,0 0,0
Risico’s
Risico’s zijn de effecten van onzekerheden op het behalen van de doelstellingen. Aan de hand van onderstaande categorieën worden de voornaamste risico’s en de wijze waarop deze worden beheerst toegelicht. Economische ontwikkeling Het is niet eenvoudig te voorspellen wat de gevolgen van de economische ontwikkeling in de nabije toekomst voor IW4 zijn, zeker nu het covid-19 virus ons nog in zijn greep houdt. Dit zal zeker nog van
Jaarrapport GR IW4 2020 p.13
invloed zijn op de resultaten van IW4. In de begroting van IW4 voor het jaar 2021 is hier ook rekening mee gehouden. Regeringsbeleid Een korting op het totale participatiebudget van de gemeenten kan indirect ook negatieve gevolgen hebben voor IW4, zeker als zou blijken dat bij gemeenten grote tekorten ontstaan bij de uitvoering van de Participatiewet. Door de nieuwe financiële afspraken over de SW (oktober 2018) is het risico van een toenemend subsidietekort voor IW4 begrensd, wat zeer belangrijk is voor de continuïteit. Rijksbijdrage De rijksbijdrage (subsidie loonkosten Wsw-doelgroep) van de deelnemende gemeenten Veenendaal, Rhenen en Renswoude wordt jaarlijks door het ministerie van SZW vastgesteld volgens vastgestelde normen. Ook hier geldt dat door de nieuwe financiële afspraken met de gemeenten dit risico nu beperkt is. Mogelijke CAO nieuw beschut / Participatiewet Het is de verwachting dat er een cao voor de groep nieuw beschut / participatiewet komt; mede omdat deze doelgroep arbeidsvoorwaarden heeft die geheel gebaseerd zijn op het wettelijk minimum (o.a. geen pensioen, geen reiskostenvergoeding, Wettelijk Minimum Loon etc.). Dit kan tot een extra kostenpost leiden. Zodra deze cao definitief is, zullen gesprekken met de gemeenten moeten plaatsvinden over de financiering hiervan.
Externe plaatsingen De taakstelling voor externe plaatsingen in de vorm van detacheringen (en begeleid werken) is fors. IW4 heeft, mede door de goede relatie met de werkgevers in de regio, het beëindigen van detacheringen, zoals bij collega Sw-bedrijven gebeurt, tot nu toe redelijk kunnen beperken, maar dat blijkt in de praktijk veel inspanning te kosten. Daarnaast is natuurlijk medewerking van medewerkers vereist om deze voor hen vaak spannende stap te maken. In het kader van het meerjarenbeleid zijn instrumenten geïntroduceerd om deze mobiliteit te bevorderen en de betreffende managers beter in staat te stellen om te gaan met de tegenstrijdige doelstellingen van het stimuleren van uitstroom van de eigen (vaak productievere) medewerkers enerzijds en het behalen van de eigen omzettaakstelling. Productiviteit medewerkers De grenzen van de productiviteitsgroei zijn nadrukkelijk in zicht en mogelijk voor een deel al bereikt. Enerzijds doordat verdere productiviteitswinst nauwelijks te realiseren is zonder inzet van reguliere medewerkers, anderzijds door de ontwikkelingen binnen de groep Wsw-medewerkers. Door vergrijzing stromen ervaren vakmensen uit, terwijl er geen nieuwe instroom van Wsw-medewerkers is. Ook de toename van de arbeidsbeperking groeit doordat deze medewerkers ouder worden.
Daarnaast leidt het beleid ‘van binnen naar buiten’ er toe dat juist medewerkers met een meer dan gemiddelde productiviteit extern geplaatst worden. Een succesvol mobiliteitsbeleid ondergraaft derhalve wel het productiepotentieel van de eigen afdelingen. Bij verschillende afdelingen is de afgelopen jaren zoveel aandacht besteed aan het verhogen van de productiviteit dat de rek daar nu echt uit is. Getracht wordt om de bovenstaande effecten te zo veel mogelijk compenseren door de instroom van medewerkers uit andere doelgroepen.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.14
Gemeenschappelijk Regeling Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht Jaarrekening 2020
Opmaakdatum 19 maart 2021
Jaarrapport GR IW4 2020 p.15
Balans per 31 december 2020 Activa
(bedragen x € 1.000)
Vaste activa Financiële vaste activa Deelneming
31/12/2020
31/12/2019
5.342
5.342
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar: Schatkistbankieren Te vorderen Lage-inkomensvoordeel (LIV) Vordering op deelnemende gemeenten Vordering op niet-deelnemende gemeenten Vordering op Pensioenuitvoerder Te vorderen netto loon
100 128 0 0 0 0
Liquide middelen Banksaldi Totaal activa
0 147 8 0 0 0 228
155
1.235
995
6.804
6.492
31/12/2020
31/12/2019
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Egalisatiereserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat
1.195 1.031 0
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Onderhandse lening binnenlandse bank
1.137 1.138 2.226
2.275
2.650
2.650
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter < 1 jaar Schatkistbankieren Deelnemende gemeenten Niet-deelnemende gemeenten Overlopende passiva Totaal passiva
Jaarrapport GR IW4 2020 p.16
0 0 0
0 40 0 0 1.928
40 1.527
6.804
6.492
Overzicht van baten en lasten over 2020 (bedragen x € 1.000)
Opbrengsten
Realisatie
Begroting
Realisatie
2020
2020
2019
(apr.19)
Gemeentelijke bijdrage Totaal opbrengsten
751
1.008
852
751
1.008
852
0
0
0
Kosten Afschrijvingskosten Rente lening o/g Betaalde rente r/c Overige kosten GR Overige personeelskosten Bijdrage aan NV inz. Subsidietekort Totaal kosten
4
4
4
-12
0
0
-40
-56
-56
0
0
0
-751
-1.008
-852
-799
-1.060
-904
-48
-52
-52
-8.767
-8.629
-9.106
8.887
7.754
8.382
8.767
8.629
9.106
-8.887
-7.754
-8.382
0
0
0
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten
-48
-52
-58
Onttrekking Bestemmingsreserve Onttrekking Egalisatiereserve
48
52
52
0
0
0
Gerealiseerd resultaat
0
0
0
Totaal saldo van baten en lasten Loonkosten Wsw-personeel Rijksbijdrage Inleenvergoeding NV Subsidiebijdrage NV Subsidieresultaat
Jaarrapport GR IW4 2020 p.17
TOELICHTING ALGEMEEN Algemeen Deze jaarrekening heeft betrekking op de periode 1 januari tot en met 31 december 2020. De jaarrekening is opgesteld conform het Besluit Begroting en Verantwoording. Wsw-kosten Het Wsw-personeel is in dienst van de Gemeenschappelijke Regeling (GR). Alle loonkosten van het Wsw-personeel komen ten laste van de GR. De in de GR deelnemende gemeenten ontvangen van het ministerie SZW rijkssubsidie. Deze subsidie wordt doorgeschoven naar de GR. Loonkosten en subsidie worden vanaf 2008 vervolgens doorgeschoven naar IW4 Beheer NV. Het nadelig subsidieresultaat, het verschil tussen subsidie en Wsw-loonkosten, evenals de overige Wsw-kosten komen derhalve vanaf 2008 ten laste van de NV. Deze afspraak zorgt ervoor, dat de GR geen invloed ondervindt van subsidieschommelingen als gevolg van niet te beïnvloeden externe factoren, zoals wetgeving en regeringsbeleid. Hiertegenover staat, dat op bestuurlijk niveau een gemeentelijke bijdrage is afgesproken ter dekking van het subsidietekort. De financiering van loonkosten en activiteiten, evenals de gemeentelijke bijdrage is geregeld in het Sociaal Economisch Contract tussen de Gemeenschappelijke Regeling en de NV en de daarop gebaseerde jaarovereenkomsten.
GRONDSLAGEN VAN WAARDERING Inleiding Onderstaande samenvatting van de grondslagen, waarop de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling is gebaseerd, is bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzichten. De jaarrekening voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV 2004). BBV 2004 Met ingang van 1 januari 2004 is het ‘Besluit Begroting en Verantwoording Gemeenten’ (BBV 2004) in werking getreden. Het BBV kent een gemodificeerd stelsel van baten en lasten. Dit betekent onder meer, dat er voorschriften gelden voor wat betreft rubricering en verslaggeving. Algemeen De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Immateriële vaste activa Deze worden gewaardeerd tegen verkrijgingprijs, verminderd met de jaarlijkse afschrijvingen. De afschrijvingsduur voor het activeren van de kosten van het (over)sluiten van geldleningen en disagio is maximaal gelijk aan de looptijd van de lening.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.18
Financiële vaste activa Deelnemingen De deelneming wordt gewaardeerd tegen verkrijgingprijs of lagere marktwaarde. Het resultaat uit de deelneming wordt verantwoord onder Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening van het Overzicht van baten en lasten.
Vlottende activa Uitzettingen en overlopende activa De uitzettingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor oninbaarheid van uitzettingen, met name vorderingen, wordt zo nodig een voorziening getroffen. Het begrip uitzettingen is overgenomen van de Wet FIDO en heeft betrekking op vorderingen en rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen. Het betreft de volgende onderdelen: − vorderingen op deelnemende en niet-deelnemende gemeenten − rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen − overige vorderingen − overige uitzettingen. Liquide middelen De liquide middelen zijn tegen nominale waarde opgenomen en omvatten, indien van toepassing, bank-, giro- en kassaldi. Schatkistbankieren Op 11 december 2013 is het wetsvoorstel aangenomen door de Tweede Kamer om schatkistbankieren mogelijk te maken. Voor de GR betekent dit dat alle liquide middelen die in een kwartaal gemiddeld het drempelbedrag van € 250.000 overstijgen, afgeroomd moeten worden naar een daartoe geopende werkrekening Schatkistbankieren (SKB), waarna de Bank Nederlandse Gemeente (BNG) het doorstort naar ’s Rijks schatkist. Buiten 's Rijks schatkist werden de volgende bedragen aangehouden: kwartaal 1 kwartaal 2 kwartaal 3 kwartaal 4 Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen
€ 311.615
€ 319.621
€ 296.565
€ 342.732
Drempelbedrag
€ 250.000
€ 250.000
€ 250.000
€ 250.000
Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
€ 61.615 € 69.621 € 46.565 € 92.732
De overschrijding van het drempelbedrag wordt veroorzaakt door het “opbouwen” van voldoende saldo om de maandelijkse betaling van sociale lasten, belastingen en salarissen te kunnen doen, welke tezamen bijna 1 miljoen euro bedragen. In mei (vakantiegeld) en december (eindejaarsuitkering) zijn deze bedragen nog fors hoger.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.19
Vaste passiva Eigen Vermogen Het eigen vermogen bestaat uit: Egalisatiereserve en bestemmingsreserve De Egalisatiereserve dient als algemene bufferfunctie voor calamiteiten en onvoorziene incidentele uitgaven en risico’s binnen de sociale werkvoorziening. Het gehele bedrag van het eigen vermogen dient onderbouwd te zijn met bestuursbesluiten van het algemeen bestuur dan wel opgenomen te zijn in het voorliggende voorstel tot resultaatbestemming. Het eigen vermogen van de GR heeft een tweeledig doel, te weten 1e Egalisatiereserve voor algemene bufferfunctie en onverwachte tekorten. 2e Bestemmingsreserve voor personeelsgerelateerde verplichtingen. De verplichting aan het personeel wordt elk jaar geactualiseerd. De reserve kan door een besluit van het algemeen bestuur ook worden aangewend voor andere doeleinden. De bestemming van de reserves wordt vastgelegd in de Nota Reserves en Voorzieningen. Zie ook onder ‘Niet uit de balans blijkende verplichtingen’. Gerealiseerde resultaat Het gerealiseerde resultaat is het resterende resultaat na reeds bestemde mutaties in de reserves. Het gerealiseerde resultaat wordt toegevoegd aan de Egalisatiereserve. Vaste schulden De vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de reeds gedane aflossingen. Het betreft schulden met een looptijd van één jaar of langer.
Netto vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Deze verplichtingen omvatten de binnen een jaar vervallende schulden.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.20
GRONDSLAGEN VAN RESULTAATBEPALING Algemeen Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Lonen en sociale lasten Wsw-personeel Hieronder zijn begrepen de aan Wsw-medewerk(st)ers uitbetaalde brutolonen, vakantiegeld en eindejaarsuitkering, vermeerderd met sociale lasten en pensioenpremie.
Bijdragen Rijksbijdrage Het betreft de Rijksbijdrage van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, conform de meicirculaire van het Gemeentefonds. Overige bedrijfskosten Alle kosten zijn in het resultaat opgenomen voor de historische aanschafprijs. Algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen bestaan in hoofdzaak uit het saldo van de financiële baten en lasten en het resultaat uit deelnemingen. De rentebaten betreffen onder meer de opbrengsten uit deposito’s en andere uitzettingen, indien van toepassing. De rentelasten bestaan uit de rentelast van de bank bij debetsaldi. Financieringspositie De financiering van vervangingsinvesteringen van de NV geschiedt uit eigen middelen van de NV, dat wil zeggen er wordt hiervoor geen extra krediet aan de GR onttrokken. Indien de NV toch behoefte heeft aan geldmiddelen van de GR dan loopt dit bij voldoende saldo via de rekening-courant verhouding GR/NV, waarover geen renteverrekening plaatsvindt.
Winstbestemming deelneming Door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van IW4 Beheer NV is volgens staand beleid besloten het negatieve resultaat van de NV over het jaar 2019 ten bedrage van € 172.000 volledig ten laste van het eigen vermogen van de NV te brengen. Dit voorstel is al in de jaarrekening verwerkt.
Resultaat Gemeenschappelijke Regeling Het resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling bedraagt afgerond nihil. De Egalisatiereserve is gevormd om schommelingen in het exploitatieresultaat te kunnen opvangen. Hiermee wordt voorkomen, dat bij tegenvallende exploitatieresultaten een (niet voorzien) beroep op de deelnemende gemeenten moet worden gedaan. Jaarrapport GR IW4 2020 p.21
De uitvoering van de Wsw is geheel overgedragen aan de NV en het nadelig subsidieresultaat (loonkosten minus rijkssubsidie) en overige Wsw-kosten vallen in de NV, in plaats van in de GR. Tussen raad van commissarissen en bestuur van de GR is afgesproken om eventuele winst van de NV te benutten voor het vormen van een algemene reserve binnen de NV. De opbouw van weerstandsvermogen binnen de NV, tot een nog nader vast te stellen maximum, is slechts mogelijk indien het resultaat van de GR ca € 0 bedraagt en derhalve geen substantieel beroep gedaan hoeft te worden op de egalisatiereserve GR. In het resultaat 2020 van de GR is de subsidie opgenomen op basis van de septembercirculaire van het Gemeentefonds 2020, tegen het gemiddelde subsidiebedrag van € 27.016. Zie ook het vaststellingsbesluit van het Algemeen Bestuur, wat als bijlage is opgenomen bij dit jaarverslag.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.22
Toelichting op de balans Activa
(bedragen x € 1.000)
Vaste activa Financiële vaste activa Deelneming ( 100% ) in IW4 Beheer NV Saldo op 1 januari en 31 december
31/12/2020
31/12/2019
5.342
5.342
De waardering van de deelneming is tegen verkrijgingsprijs en deze blijft ongewijzigd. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Schatkistbankieren Uitzetting in Rijks Schatkist
100
0
Te vorderen Lage-inkomensvoordeel (LIV) Te vorderen Lage-inkomensvoordeel (LIV)
128
147
Vordering op deelnemende gemeenten Vordering op deelnemende gemeenten
0
8
Vorderingen op deelnemende gemeenten Inzake terug te vorderen btw Vordering op alle deelnemende gemeenten
0
Totaal vorderingen op deelnemende gemeenten
0
Jaarrapport GR IW4 2020 p.23
Toelichting op de balans Activa
(bedragen x € 1.000)
31/12/2020
31/12/2019
Saldo op 1 januari
0
0
Bij: mutatie lopend boekjaar inzake subsidie
0
0
Af: mutatie / ontvangen
0
0
Saldo op 31 december
0
0
Totaal uitzettingen
0
0
1235
995
Vordering op niet-deelnemende gemeenten
Liquide middelen BNG bank r/c
De liquide middelen staan ter vrije beschikking van IW4. Betreft twee bankrekeningen van de BNG. De kredietlimiet voor de twee rentecompensabele rekeningen-courant bedraagt € 2.268.901.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.24
Toelichting op de balans Passiva
(bedragen x € 1.000) 31/12/2020
31/12/2019
1.195
1.137
1.031
1.138
Eigen vermogen Egalisatiereserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat Totaal Eigen vermogen
0
0
2.226
2.275
Langlopende schulden Langlopende Lening
2.650
2.650
0
40
0
0
0
0
0
40
238
265
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Deelnemende gemeenten Niet-deelnemende gemeenten Schatkistbankieren
Overlopende passiva Loonheffing, pensioenpremie en sociale verzekeringspremies Rente langlopende leningen o/g BNG Rekening courant NV Overige Schulden
0
0
1.678
1.250
12
12
1.928
1.527
Totaal vlottende schulden
1.928
1.567
Overige schulden Nog te betalen Totaal overige schulden
12
12
12
12
Jaarrapport GR IW4 2020 p.25
NIET IN DE BALANS OPGENOMEN ACTIVA EN VERPLICHTINGEN Vakantiegeld Per balansdatum bedroeg het totaalbedrag aan opgebouwd vakantiegeld voor Wsw-personeel in dienst van de GR, inclusief sociale lasten € 334.402 (ultimo 2019 € 344.615) Verloftegoeden Per balansdatum bedroeg het totaalbedrag aan opgebouwde verlofdagen voor Wsw-personeel in dienst van de GR, inclusief sociale lasten € 410.940 (ultimo 2019 € 395.285)
Publicatie in het kader van de Wet normering Topinkomens Naam Topfunctionaris
Functie
dhr. C.M. Verloop
voorzitter
dhr. D. Lochtenberg
lid
mw. J. de Heer
plv. voorzitter
dhr. H. Boerkamp
lid
dhr. A. Wijs
secretaris
dhr. F. Dieleman
Ambtelijk secretaris
Op grond van de WNT mag in 2019 het inkomen van topfunctionarissen in de (semi) publieke sector maximaal 100% van het ministersalaris zijn. Dat komt in 2020 neer op € 201.000, inclusief belaste kostenvergoeding en pensioenbijdrage werkgever.
GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM Er is geen sprake van gebeurtenissen na balansdatum met een materiële impact op de jaarrekening.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.26
Toelichting op het Overzicht van baten en lasten (bedragen x € 1.000)
KOSTEN Realisatie 2020
Begroting 2020
Realisatie 2019
0
0
0
0
16
22
40
40
40
12
-4
-10
52
52
52
7.058
6.783
7.272
1.229
1.247
1.352
-128
-129
-147
608
599
629
8.767
8.500
9.106
Gemeentebijdrage inzake rijkssubsidie Wsw Rijksbijdrage Wsw (incl. corona-compensatie)
8.887
7.754
8.421
Nadelig subsidieresultaat (excl. overige wsw-kosten)
-120
-746
-685
Afschrijvingskosten Afschrijving immateriële vaste activa
Overige kosten Gemeenschappelijke Regeling Advies- en controlekosten Kosten ambtelijk secretariaat gemeente Overige kosten
Subsidieresultaat Lonen en sociale lasten Wsw personeel Brutoloon Sociale lasten Lage-inkomensvoordeel (LIV) Pensioenpremie
Bij de berekening is de corona-compensatie buiten beschouwing gelaten
Jaarrapport GR IW4 2020 p.27
Toelichting op het Overzicht van baten en lasten (bedragen x € 1.000)
Rente Ontvangen rente Betaalde rente over rekening-courant met NV
Realisatie 2020
Begroting 2020
Realisatie 2019
4
4
10
12
0
0
8
-4
-10
De rente beteft o.a. -0,1% rente over de aflossingsvrije lening van € 2.650.000.
Incidentele baten en lasten Er zijn geen incidentele baten en lasten
Jaarrapport GR IW4 2020 p.28
CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT
Jaarrapport GR IW4 2020 p.29
Jaarrapport GR IW4 2020 p.30
Gemeenschappelijke Regeling Bijlagen (niet behorende bij de jaarrekening 2020)
Jaarrapport GR IW4 2020 p.31
Bijlage 1 Verantwoording indicatoren 2020 Wsw Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht te Veenendaal Verantwoordingsinformatie Wet sociale werkvoorziening (Wsw) 2020 Totaal aantal gerealiseerde arbeidsplaatsen voor geïndiceerde inwoners in 2020 uitgedrukt in arbeidsjaren Indicator C 6050 6050 6050
339 340 345
Renswoude Rhenen Veenendaal
Matig 8,24 44,20 189,79
Ernstig 0,00 6,47 53,12
8,24 50,67 242,91
Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht te Veenendaal Verantwoordingsinformatie Wet sociale werkvoorziening (Wsw) 2020 Totaal aantal gerealiseerde begeleidwerkenplekken voor geïndiceerde inwoners in 2020 uitgedrukt in arbeidsjaren Indicator D 6050 6050 6050
339 340 345
Renswoude Rhenen Veenendaal
Jaarrapport GR IW4 2020 p.32
Matig 0,00 3,72 15,32
Ernstig 0,00 0,00 2,50
0,00 3,72 17,82
Bijlage 2 Jaarovereenkomst WSW 2020 Kengetallen behorend bij Jaarovereenkomst WSW 2020 in het kader van sociaaleconomisch contract tussen GR IW4 en IW4 Beheer NV
Deze bijlage bij de jaarovereenkomst 2020 geeft de uitwerking weer in getalsmatige prestaties van de afspraken tussen de GR IW4 en IW4 Beheer NV. IW4 Beheer NV is in het Aanwijzingsbesluit van 26 augustus 1998 (en de gewijzigde GR-regeling van 1 januari 2018) aangewezen als rechtspersoon ten behoeve van de uitvoering van de Wsw in de regio Zuid Oost Utrecht. Naast de in de Jaarovereenkomst en in deze bijlage beschreven prestaties, zijn er nog andere afspraken tussen de partijen gemaakt in het kader van het realiseren van de begroting en de afspraken vastgelegd in het besluit over statuten, de financiële verhoudingen en de verhouding ambtelijk secretariaat GR en directeur NV. Deze worden in de jaarovereenkomst en in deze bijlage niet herhaald. Onderstaand worden onder A verplichtingen beschreven en onder B worden prestaties weergegeven die in kengetallen kunnen worden uitgedrukt. A. Verplichtingen NV 1. maken Sociaal Jaarverslag i.c. MVO-jaarverslag; 2. realiseren van verbreding aanbod naar andere doelgroepen; 3. periodiek verzorgen van rapportage: • algemene managementrapportage – marap • stand van zaken op de prestatievelden 4. te hanteren sociale kaders: • de ontwikkeling van de medewerker staat voorop, waarbij de werkladder als leidraad geldt; • hierbij geldt individueel maatwerk om tot zo goed mogelijk passende arbeid 5.
twee keer per jaar verzorgen van de WSW-statistiek voor Research voor Beleid, De in deze bijlage opgenomen taakstellingen voor 2020 betreffen een voorlopige opstelling voor zover deelnemende gemeenten nog afzonderlijk beleid moeten formuleren met betrekking tot de inzet en bekostiging van andere doelgroepen.
Jaarrapport GR IW4 2020 p.33
Bijlage bij de Jaarovereenkomst WSW 2020 tussen GR IW4 en IW4 Beheer NV
nr. Prestaties NV 1 Subsidie genererend aantal AJ 2 Plaatsing intern - max. 3 Werken op locatie 4 Detachering 5 Begeleid werken 6 Ziekteverzuim 7 Uitstroom regulier werk buiten SW 8 Aantal herindicaties op tijd 9 Bijeenkomst raden gemeenten 10 Ambtelijke bijeenkomst 11 Mensontwikkeling: a. BOF gesprekken* b. inzetbaarheids- en signaleringsmatrix**
eenheid gemiddelde AJ % SW % SW % SW % SW % personen % aantal aantal %
gemiddelde AJ gemiddelde AJ
12 Begeleid werken Wsw*** 13 AJ in loondienst
realisatie realisatie realisatie prognose begroot 2016 2017 2018 2019 2020 373,04
354,05
334,72
323,57
313,93
41% 12% 44% 3% 8,5% 0 100% 1 2 95%
37% 12% 48% 3% 11,0% 0 100% 1 2 95%
33% 10% 53% 4% 11,0% 0 100% 1 2 95%
33% 10% 53% 4% 11,0% 0 100% 1 2 95%
28,80% 7,50% 59,40% 4,30% 12,0% 0 100% 1 2 95%
25%
25%
30%
30%
30%
9,9
11,14
12,22
13,5
21,9
363,14
342,91
322,5
303,72
292,03
*Met medewerkers worden in het kader van de jaarlijkse BOF-gesprekken ontwikkelafspraken gemaakt. In verband met langdurig zieken is een BOF-gesprek met 100% van de medewerkers niet haalbaar. ** De inzetbaarheids- en signaleringsmatrix wordt alleen voor de relevante doelgroep opgesteld. *** Er moeten nog afspraken gemaakt worden over de financiering van Begeleid Werken
nr. Prestaties GR 1 Wsw-subsidie 100% ontvangen 2 Subsidie in exploitatietekort Vaste bijdrage aan de GR van 3 Gemeenten 4 Inleenvergoeding NV Wsw personeel
eenheid € 1.000 € 1.000
realisatie realisatie realisatie prognose begroot 2016 2017 2018 2019 2020 9.811 9.058 8.742 8.382 7.939 0 0 0 669 879
€ 1.000
428
428
411
0
0
€ 1.000
10.421
9.762
9.556
9.325
9.008
Jaarrapport GR IW4 2020 p.34
Bijlage 3 Gemeentelijke bijdrage 2020 Met ingang van 2019 is de gemeentelijke bijdrage niet langer een vast bedrag, maar wordt berekend o.b.v. het subsidie-tekort en een bedrag per AJ wat hierop in mindering wordt gebracht. De berekening voor 2020 is als volgt (in 1.000€, tenzij anders vermeld): Ontvangen Wsw-subsidie: Af: Inleenvergoeding Wsw-personeel 8.768 Kosten Begeleid werken 155 Overige Wsw-kosten 316 Kosten Wsw-personeel Subsidietekort
8.294
9.239 945
Kosten reeds vergoed via Transitie- en/of Coronabijdrage: Door IW4 zelf te verdienen: Gemiddeld aantal AJ’s over 2020 x € 1.200 302,01 x € 1.200 =
-131
Totaal gemeentelijke bijdrage (C-D)
451
Verdeling o.b.v. AJ-stand per 31-12-2020 Renswoude Rhenen Veenendaal (excl. Utrechtse Heuvelrug)
-363
AJ Aandeel 8,24 2,81% 50,66 17,29% 234,06 79,89% 292,96 100,00%
Jaarrapport GR IW4 2020 p.35
Bedrag 12.685 77.989 360.326 451.000
Vaststellingsbesluit Algemeen Bestuur
Jaarrapport GR IW4 2020 p.36