CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

G2. Rekenkameronderzoek aanpak ondermijning gemeente Barneveld

Gemeenteraad 13 februari 2024, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Ingekomen stuk G: Rekenkamer Vallei en Veluwerand, persbericht en rekenkameronderzoek naar aanpak van ondermijning gemeente Barneveld30.249 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

17 alinea's met “politiek”: 6 55 374 377 558 560 561 627 628 629 664 672 720 721 723 725 862

De agenda wordt verzorgd door de projectleider. Op basis van beschikbare informatie is een lijst gemaakt van zaken. Tijdens het veldwerk gaat het om 23 casus. De projectleider ondermijning bundelt alle signalen in een Excel-lijst. Hij verrijkt de zaken vervolgens met open bronnen die hij intern verzamelt (o.a. BRP), bij het kadaster, bij de Kamer van Koophandel, met een zoekslag via Google en met behulp van data van Graydon. Voor zover signalen binnenkomen via Meld Misdaad Anoniem worden deze (eerst) met de politie besproken. Er kwamen altijd al signalen binnen van Burgerzaken en de Omgevingsdienst, maar vandaag de dag ook van boa’s en van professionals die (ook) op de vakantieparken komen. Ook uitgevoerde controles leveren (nieuwe) signalen op. Telkens wordt gezocht naar maatwerk; wat is passende actie in dit geval? Er worden controles opgezet vanwege risico’s, bijvoorbeeld op een vakantiepark of in de autobranche (risico-gestuurd). Ook concrete signalen kunnen een reden zijn om een controle op te zetten (signaal-gestuurd). Er is ook een lijst gemaakt van ongeveer zeventig panden waar arbeidsmigranten worden gehuisvest. Op basis van deze lijst wordt een shortlist gemaakt en worden controles uitgevoerd. In deze Stuurgroep krijgt de beschreven actietheorie gestalte en wordt deze doorontwikkeld.

Per casus wordt een informatierapport ingevuld, met algemene gegevens, een omschrijving van de kwestie en nadere informatie over objecten of betrokken (rechts)personen. De voortgang wordt bewaakt. Als de politie een zogenoemde bestuurlijke rapportage opstelt - bijvoorbeeld over een drugsvondst, de

-45-

vondst van illegaal vuurwerk of drugshandel - wordt dit naar de projectleider gestuurd en naar de VVT-jurist. De jurist neemt de bestuursrechtelijke afhandeling ter hand. Zie tabel 4.1 voor relevante bestuursrechtelijke sancties van 2018 tot en met 20 maart 2023. De projectleider beziet of er omtrent de in de politierapportage genoemde (rechts)personen of panden meer informatie bekend is die mogelijk noopt tot aanvullende actie. 2) Het Signalenoverleg. Dit bestaat in deze vorm sinds januari 2023, al is het een doorstart van een al langer bestaand gemeentelijk overleg. Er wordt maandelijks overlegd door de harde kern van de ondermijningsaanpak (de projectleider, de boacoördinator, de VVT-jurist en Burgerzaken), plus een medewerker van de Omgevingsdienst, een Toezichthouder van het Sociaal Domein en een medewerker van Team Belastingen. Dit is een overleg om de gemeentelijke integraliteit van de ondermijningsaanpak te bevorderen. Dit gebeurt gedoseerd, want het ligt voor de hand dat er in de toekomst meer ambtenaren / afdelingen aansluiten; vast of op afroep. De huidige deelnemers zijn vaste deelnemers; de projectleider beschouwt ze als ambassadeurs van de ondermijningsaanpak in het ambtelijk apparaat. In de oude overlegvorm kon een afdeling kiezen wie ze stuurde, hetgeen resulteerde in personele wisselingen en afwezigheid.

De projectleider heeft mensen gezocht en benaderd, waardoor er inhoudelijke betrokkenheid bestaat. Deze organisatorische positionering is in deze (pioniers)fase belangrijker dan de prestaties die reeds worden geboekt. Interne steun gaat vooraf aan externe prestaties. De acht interne trainingen passen bij de interne netwerkvorming ten behoeve van de ondermijningsaanpak. 3) De Regiegroep Ondermijning. Dit is een tweemaandelijks overleg tussen OOVambtenaren (met ondermijning in de portefeuille) van de gemeenten Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel, het RIEC en de Operationeel Expert Ondermijning van de politie. Hier worden gemeentegrensoverschrijdende acties of casus besproken en wordt de aanpak afgestemd. Ook wordt bezien of er casuïstiek is die zwaar genoeg en geschikt is ten behoeve van een RIEC-aanpak. Indien een casus vanuit RIECverband wordt opgepakt, wordt relevante (ook vertrouwelijke) informatie verzameld onder RIEC-partners. Ook wordt een analyse gemaakt en worden interventievoorstellen gedaan. Er zijn tot op heden echter weinig RIEC-casus opgezet en afgerond met een interventie: “Ik denk dat je ze op één hand kan tellen”. Bij een casus lukte het om op te treden tegen een Outlaw Motorcycle Gang (OMG), waarna die uit de gemeente Barneveld vertrok. Verder wordt afgetast wat geschikte RIECcasus kunnen zijn. Respondenten opperen mogelijke RIEC-casus.

Deze overlegvormen zijn de ambtelijke voorportalen en uitvoeringsnetwerken ten behoeve van het driehoeksoverleg (het overleg tussen politiechef, gebiedsofficier van justitie en drie burgemeesters (Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel), aangevuld met het RIEC. Mede op

-46-

basis van het Ondermijningsbeeld van het RIEC geeft de driehoek prioriteit aan de gezamenlijke aanpak van ondermijning. De politie beschikt daartoe, in het basisteam, over lokale recherche (10 fte in het basisteam; het betreft basispolitiemensen) en stelt daarnaast specialisten beschikbaar ten behoeve van onder meer de gemeentelijke stuurgroep ondermijning. Bestuurlijke rapportages die de politie aanlevert - bijvoorbeeld over drugsproductie, drugshandel, een drugsvondst of het aantreffen van illegaal vuurwerk - worden in het gemeentelijke ondermijningsoverleg besproken. De werkwijze die de gemeente Barneveld hanteert is - in maart 2021 - door de driehoek omarmd, als model voor de drie gemeenten in het basisteam. Die werkwijze telt vijf stappen, namelijk: 1.) Constatering van een overtreding; 2.) Bestuurlijke rapportage van de politie en/of omgevingsdienst; 3.) Eigenaar/verhuurder wordt aangeschreven en kan een zienswijze indienen; 4.) Uitvoering van een bestuurlijke maatregel (waarschuwing of sluiting); en 5.) Na beëindiging wordt het pand/woning weer vrijgegeven. Pandeigenaren of verhuurders worden uitgenodigd voor een ‘zienswijze gesprek’ en worden tevens gewezen op mogelijkheden om oneigenlijk gebruik van een pand/woning te voorkomen. Tabel 4.1 geeft een overzicht van bestuursrechtelijke sancties tussen 2018 en 20 maart 2023.

Het betreft in totaal 90 sancties, met inbrekerswerktuigen (35) en drugshandel en -productie (26) als meest voorkomende fenomenen. Tabel 4.1: Overzicht (belangrijkste) bestuursrechtelijke sancties 2018 tot en met 20 maart 2023 2018

2019

2020

2021

2022

2023 tot 20/3

Totaal

LOD handel hard en softdrugs

-

3

1

1

3

2

10

Hennep Sluiting

5

3

2

2

-

-

12

LOD

1

1

1

-

-

-

3

Waarschuwing

-

-

-

-

-

1

1

Prostitutie

-

2

1

-

-

-

3

Inbrekerswerktuigen LOD

9

7

10

4

3

2

35

2

-

2

Waarschuwing Opiumwet overig (voorbereidingshandelingen/harddrugs) LOD

-

2

-

1

-

-

3

Idem waarschuwing

-

1

-

-

1

-

2

Geen opkopersregister waarschuwing

-

-

-

-

1

-

1

Bestuurlijke Boete (horeca)

4

4

1

-

1

-

10

Illegaal vuurwerk waarschuwing en aanschrijving

-

-

-

1

5

2

8

Totaal

19

23

16

9

16

7

90

-47-

Grenzen aan de integrale aanpak Langs de lijnen van de ontwikkelde actietheorie en via de interne en externe netwerken worden prestaties geboekt, al loopt de ondermijningsaanpak ook tegen grenzen en kwetsbaarheden aan. Het betreft: ▪

Sleutelfiguren die wegvallen en de bredere taak om het VVT-team te laten groeien. Er zijn en worden werkwijzen opgebouwd, al neemt dat niet weg dat bij de ondermijningsaanpak veel staat of valt met het handelen van twee of drie ervaren ambtenaren, in het bijzonder de projectleider ondermijning die bijna met pensioen gaat. Binnen afzienbare tijd zal de aanpak bij andere sleutelfiguren in het VVT-team moeten worden ondergebracht. Dat valt niet mee omdat de ambtelijke veiligheidsorganisatie een stevige kwantitatieve en kwalitatieve groei door zal moeten maken vanwege de schaalsprong van de gemeente en door de toenemende omvang en complexiteit van gemeentelijke veiligheidstaak. Dit laatste laat zich bij uitstek voelen op het ondermijningsdossier.

▪

Pragmatische actie: nuttig, maar los van analyse en beleid. Thans bevindt de ondermijningsaanpak zich in een pioniersfase en wordt geleund op pragmatische actie, gebaseerd op verzamelde straatinformatie (signalen). Voor nu helpt dit uitstekend om de aanpak los te trekken, intern (verder) te agenderen en praktische werkwijzen neer te zetten. In de komende jaren zal – binnen de gemeente – meer behoefte zijn aan analyse; om signalen te analyseren, bij meer diepgravende Bibobtoetsing (zie verderop) en ter voorbereiding op controleacties.

▪

Tweesnijdend zwaard: informatie ‘halen’ legt claim op ambtelijke capaciteit. Bij de huidige ondermijningsaanpak wordt meer en meer informatie opgehaald; bij ambtenaren, bij controles en in direct contact met burgers en ondernemers. Dit is een pluspunt, want menig gemeente wacht met actie totdat informatie naar ze toe wordt gebracht. Het resulteert in lijsten met signalen/casus, met geprioriteerde vakantieparken en van panden waar arbeidsmigranten wonen. Dit legt een claim op de ambtelijke capaciteit en de ambtelijk (veiligheids-)organisatie is nog niet klaar voor een flinke hoeveelheid extra en complex werk. Dit is de informatie-paradox: meer informatie is gewenst en nodig, maar informatiestromen laten zich lastig begrenzen en verwerken. Juist bij ondermijning, omdat veel misdaad thans waarschijnlijk is afgeschermd en informatie naar boven komt bij de in gang gezette actie.

▪

Agendering van ondermijning: deels schoorvoetend. De intra-gemeentelijke agendering van ondermijning krijgt gestalte en met diverse teams of afdelingen wordt samengewerkt. Toch is de agendering pril en nog in volle gang. Tot voor kort zag de ‘harde sector’ geen noodzaak om alert te zijn op mogelijk ondermijnende

-48-

intenties van private partijen en om achtergrond-onderzoek te doen (zo mogelijk met Bibob-toetsing). Casuïstiek heeft laten zien dat verdachte of criminele invloeden of praktijken wel degelijk voorkomen, ook in de gemeente Barneveld. Dit heeft ambtelijke ogen geopend, maar daarmee is de ondernemersgerichte ambtelijke stijl niet meteen gecorrigeerd. ▪

Vakantieparken: een permanente opdracht. De ondermijningsaanpak van vakantieparken zal een permanente opdracht blijken te zijn: door het hoge aantal, door een behoorlijk aantal parken in verval (zonder recreatiefunctie) en omdat het risico op ondermijning (bijvoorbeeld witwassen) niet beperkt blijft tot het onderste segment van de branche. Dit is een forse werklast en dat zal andere beleidsinspanningen – ook bij de ondermijningsaanpak – onder druk zetten.

▪

Bibob-beleid en -toetsing: een wereld te winnen. Het Bibob-beleid wordt tijdens ons veldwerk geherformuleerd; volgens respondenten valt er een wereld te winnen. De toepassing van Bibob-toetsen blijft in de praktijk vrijwel volledig beperkt tot de geijkte risicobranches waar altijd wordt getoetst, zoals de horeca, speelgelegenheden en de seksbranche. In de praktijk wordt voornamelijk getoetst in de horecasector; het betreft enkele tientallen toetsen per jaar. Er is binnen het VVT-team (of elders in de organisatie) geen Bibob-coördinator beschikbaar. Bibob-toetsing is mogelijk op andere terreinen en respondenten pleiten voor aanstelling van een Bibobcoördinator. Ook wordt geopperd om, waar mogelijk, Bibob-toetsen uit te voeren in de zorgsector. Er is een lange weg te gaan om gestalte te geven aan (en effecten te bereiken met) Bibob-toetsing buiten de horecasector.

▪

Ondermijning: blinde vlekken. Er zijn blinde vlekken wat betreft de informatie en aanpak van ondermijning. Er is geen scherp zicht op de jeugdproblematiek, inclusief drugsgebruik en de drugsverkoop door en aan jongeren. Het jongerenwerk en het sociaal domein staan op afstand van de ondermijningsaanpak. Er is zicht op de ‘onderkant’ van de vakantieparken, terwijl de signalering en aanpak van mogelijke verdachte of criminele investeringen in andere parken in de kinderschoenen staat. Dit geldt in zekere zin ook voor zorgfraude, al wordt dat wel gesignaleerd.

4.5 De lokale politiek: steun voor veiligheidsbeleid De zes raadsleden, van vijf fracties, waarmee we een (groeps-)gesprek hebben gevoerd constateren dat al sinds het begin van deze eeuw de burgemeesters oog hebben voor onveiligheid en veiligheidsbeleid. Dat geldt ook voor de onlangs (in februari 2023) benoemde burgemeester. Aanvankelijk ging het vooral om zaken als overlast en aangiftedelicten, maar sinds een klein decennium staat ook de georganiseerde misdaad op het politiek-bestuurlijke netvlies en in de veiligheidsplannen. Vandaag de dag wordt daartoe de term ondermijning

-49-

gebruikt. Er bestaat politieke steun voor de manier waarop de burgemeester gestalte geeft aan het veiligheidsbeleid. Dit stemt overeen met het gangbare beeld in de literatuur (Zie Van der Torre-Eilert e.a., 2010), net als de constatering – in het gesprek – dat de raad op hoofdlijnen steun verleent aan plannen die zijn opgesteld, in de gemeentelijke lijn of in samenspel tussen gemeente, buurgemeenten, politie en justitie. Het gaat om om politieke legitimering voor de beleidslijnen die worden ingezet of doorgezet (vgl. Van der Torre e.a., 2015). Dit geldt bijvoorbeeld voor het belangrijkste document, namelijk het Integraal Veiligheidsbeleid 2019-2022. Er bestaat politieke steun voor de prioriteiten, waaronder ondermijning. Dit plan werd behandeld en kreeg politieke steun in de commissievergadering d.d. 19 februari 2019. Die steun wordt, zo blijkt uit het gesprek, niet alleen of zozeer verleend aan het papieren plan. Er bestaat namelijk vertrouwen in burgemeester, politie én de ambtenaren die de kar trekken. De energieke houding wordt gezien en gewaardeerd. De steun voor dit en andere plannen wordt niet verdiend in het politieke debat, maar op andere momenten. In Presidium-vergaderingen worden raadsleden op de hoogte gesteld van gebeurtenissen en de politie geeft jaarlijks een presentatie in de raad, waarbij ook wordt ingegaan op ondermijning.

De raad heeft al met al het gevoel te worden geïnformeerd en dat ze zo nodig wordt bijgepraat. Al doende hebben raadsleden gemerkt dat het ambtelijke team, met de huidige projectleider ondermijning als sleutelfiguur, de wind er onder heeft. De raad heeft oog voor de belasting door de gemeentelijke schaalsprong en voor de taakuitbreiding van ambtenaren op het veiligheidsdomein en op het snijvlak tussen zorg en veiligheid. Ze wijzen onder meer op drugsgebruik, drugshandel, drugsproductie, rijden onder invloed, huisvesting van arbeidsmigranten en illegale bewoning of verval op vakantieparken. Die inschatting ligt ten grondslag aan de politieke steun, kort na de vorming van de huidige coalitie (in 2022), voor de uitbreiding van de VVT-formatie met drie fte, waaronder twee formatieplaatsen specifiek voor de ondermijningsaanpak: de projectleider ondermijning (OOV-formatie) en een boa. Daarnaast werd een formatieplaats gefinancierd voor Zorg & Veiligheid. Recent, en in feite nadat onze dataverzameling was gestopt, is op 12 september 2023 een informatieve raadsbijeenkomst belegd over het Integraal Veiligheidsplan 2024-2027. Het is de bedoeling dat dit plan wordt vastgesteld in december 2023.

Ondermijnende criminaliteit is prioriteit 1, met aandacht voor vier thema’s: drugshandel en -productie; preventie van ondermijning in het buitengebied; mensenhandel (“uitbuiting”); en preventie van zorgfraude. Andere prioriteiten zijn digitale weerbaarheid en zorg en veiligheid, inclusief het terugdringen van middelengebruik. Wat ondermijning betreft betekent dit dat in de kern wordt doorgegaan op de ingeslagen weg. In het groepsgesprek met de raadsleden werd een aandachtspunt benoemd. De actiegerichtheid bij de ondermijningsaanpak wordt door raadsleden gewaardeerd en leunt thans op sterke persoonlijkheden. Dat wijst op het belang van teamontwikkeling en personeelsbeleid, zodat de uitvoering van ondermijning als prioriteit in de toekomst wordt ingebed (geborgd) in de gemeentelijke organisatie. De gerealiseerde formatie-uitbreiding is

-50-

wat dat betreft vooruitgang, al dient alleen al vanwege de schaalsprong de vinger aan de pols te worden gehouden.

4.6 Afsluiting De bestuurskundige onderzoeksbevindingen die in dit hoofdstuk zijn gepresenteerd, worden – op basis van de onderzoeksvragen - samengevat in het volgende hoofdstuk. In bijlage 1 worden de bevindingen beknopt geordend op basis van de zes pijlers van het normenkader.

-51-

5. In antwoord op de onderzoeksvragen Dit hoofdstuk geeft antwoord op de onderzoeksvragen. Daartoe worden eerst twee criminologische vragen beantwoord en vervolgens tien bestuurskundige vragen. Met de beantwoording van de vragen wordt inzicht verschaft in de doeltreffend van de ondermijningsaanpak door de gemeente Barneveld, in samenwerking met partners.37

5.1 Criminologische vragen Deze paragraaf beantwoordt de criminologische vragen: -

Wat zijn belangrijke criminele gelegenheidsstructuren in de gemeente Barneveld? Welke vormen van ondermijnende criminele praktijken doen zich voor in de gemeente Barneveld? Wat kan worden gezegd over de maatschappelijke effecten en over de locaties en branches die het betreft?

Over de criminele gelegenheidsstructuren trekken we de volgende bevindingen: ▪

▪

▪

37

Situationele factoren. De centrale ligging, langs de A1 en A28 en als het ware op de Veluwe, is economisch en sociaal aantrekkelijk, al plaatst het de gemeente ook in de omgeving (en invloedssfeer) van criminele drugsmarkten en -netwerken in de gemeenten Amersfoort en Nijkerk, in Veenendaal, Ede en Arnhem en in het gebied in en rondom Harderwijk, Ermelo en Zeewolde. De goede bereikbaarheid en de economische infrastructuur met bedrijven en bedrijventerreinen (kunnen) worden gebruikt bij drugscriminaliteit. Er verblijven - vanwege toerisme en arbeidsmigratie veel meer mensen in de uitgestrekte gemeente (een oppervlakte van 177 km2) met 57 vakantieparken dan het inwonertal doet vermoeden; toch zijn de politiesterkte en de gemeentebegroting in belangrijke mate gebaseerd op het aantal inwoners. Sociaaleconomische factoren. De lokale economie is vitaal. Dit is enerzijds een rem op criminaliteit (volop legale kansen), maar levert anderzijds criminele kansen op: er is veel vraag naar goedkope arbeid en daardoor een behoefte om arbeidsmigranten te huisvesten; er is een hoge vestigingsgraad van verschillende risicobranches (o.a. bouwnijverheid, goederenvervoer over de weg en handel in en verhuur van onroerend goed); en de 57 vakantieparken leveren risico’s op wat betreft verval, illegale bewoning of verdachte investeringen. Culturele factoren.

In vriendengroepen (met tieners) wordt alcoholgebruik gecombineerd met drugsgebruik. Sociale media brengen drugs en drugsdealers dichtbij. Door het drugsgebruik en door het besteedbare geld van (werkende) jongeren en jongvolwassenen is de drugsmarkt in de gemeente Barneveld interessant voor dealers. Wie hard werkt, heeft status. Bedrijven en burgers dienen bij voorkeur geen ‘last’ te hebben van de overheid. De consequentie van deze gedachte is dat niet

Bijlage 1 ordent de onderzoeksbevindingen op basis van het gehanteerde normenkader.

-52-

snel tips worden verstrekt over overtredingen of strafbare feiten. Tot slot bestaat er een waardenconflict, in die zin dat veel bewoners (zeker agrariërs) de overheid niet vertrouwen. Dit kan een rechtvaardiging worden voor regelovertreding of strafbare feiten. Over ondermijnende praktijken constateren we het volgende: ▪

▪

▪

▪

▪

▪ ▪

Drugshandel. Drugshandelaren werken klantgericht (bezorging) en verkopen populaire drugssoorten, waarbij respondenten met name wijzen op het gebruik van designerdrugs, naast meer traditionele drugs als cocaïne. Dealers profiteren van de lage pakkans en het beschikbare contante geld in de gemeente Barneveld. Respondenten denken dat dealers vaker van buitenaf komen dan uit de gemeente; er wordt onder andere gewezen op dealers uit de gemeente Nijkerk. Rijden onder invloed (van drugs/geneesmiddelen). Dit komt veel voor (314 politieregistraties tussen 2018 en 2022) en is daarmee een belangrijk maatschappelijk verkeers-, gedrag- en drugsprobleem. Drugsproductie. De professionaliteit en know how zijn aanwezig binnen lokale en regionale criminele netwerken; vooral voor hennepteelt en in mindere mate voor de productie van synthetische drugs. Er zijn door de jaren heen de nodige hennepkwekerijen en drugslabs aangetroffen; ook is drugsafval gedumpt. Er komen bovenlokale netwerken in beeld. Ook liften criminelen bij productie e.o. handel mee op de legale economie; het wegvervoer, bedrijfspanden, het buitengebied en bedrijfsprocessen wordt benut. Vastgoed: De gemeente telt relatief veel vastgoedeigenaren (natuurlijke personen) met drie tot vijf, of meer dan vijf, verblijfsobjecten.

Ook zijn in de gemeente Barneveld meer vastgoedeigenaren (natuurlijke personen) in tien jaar tijd veroordeeld (namelijk 3,9 procent) dan gemiddeld in Gelderland (2,7 procent) of Nederland (3.1 procent). Bronnen wijzen op een relatief hoog risico op verdachte transacties van personen met minimaal twee woningen naast de hoofdwoning. Er wordt onder meer geïnvesteerd in woningen die worden verhuurd, terwijl er illegaal wordt gewoond, onder meer door arbeidsmigranten. Misstanden of uitbuiting: Er zijn casus waarbij illegale prostitutie is geconstateerd en bij een controle werden werknemers aangetroffen onder erbarmelijke omstandigheden. Onze interviewronde levert de nodige informatie op over overtredingen wat betreft de woonsituatie van arbeidsmigranten (continu verplaatsen, sobere woningen en niet inschrijven in het BRP); over de werksituatie is weinig bekend. Illegaal vuurwerk: Dit is een terugkerend (seizoensgebonden) handelspatroon. Zorgfraude. Respondenten constateren dat ze steeds meer signalen van vermoedelijke zorgfraude zien, nadat aanvankelijk werd gedacht dat het een Randstedelijk fenomeen was.

-53-

5.2 Bestuurskundige vragen 5.2.1 Beleidstheorie Deze paragraaf beantwoordt bestuurskundige vragen. Daartoe wordt in de eerste plaats een antwoord geformuleerd op de vraag over het idee of de gedachte achter de ondermijningsaanpak, dus de beleidstheorie: Wat is de beleidstheorie bij de gemeentelijke en integrale aanpak van ondermijning? Welke doelen zijn geformuleerd en op welke verschijningsvormen van ondermijning is dit gericht? ▪

▪

▪

Het coalitieakkoord 2022-2026 agendeert ondermijning en de schaalsprong van de gemeente; gecombineerd resulteert dit in budget voor capaciteitsuitbreiding ten behoeve van veiligheidsbeleid, inclusief de gemeentelijke ondermijningsaanpak. Het aanjagen van die aanpak wordt een voltijdstaak van een (ervaren) projectleider. Het IVP en het daarop gebaseerde uitvoeringsprogramma bevatten een opstelsom van tamelijke losse activiteiten. Een beleidstheorie valt op papier niet te ontdekken. Er is dus geen door de gemeenteraad vastgesteld beleidsdocument. Er komt een beleidstheorie van de grond die in de kern een actietheorie is, gericht op het boeken van bevredigende resultaten en op het lostrekken van actie, informatie en een leerproces van onderop. Beleidsdocumenten en de daarin opgenomen doelen en activiteiten spelen nauwelijks een rol. De actie is innovatief en loopt vooruit op de (vierjaarlijkse) beleidscyclus. De belangrijkste elementen van de actietheorie zijn ontstaan in de praktijk en komen dus niet uit theorieboeken of beleidsplannen.

Het gaat om de volgende elementen: 1.) de projectleider bouwt een intern netwerk op met ambassadeurs op alle belangrijke afdelingen (die deelnemen aan periodiek overleg); 2.) in dit interne en externe netwerk wordt gezocht naar straatinformatie over ondermijning, als opstap naar actie (zoals controles); 3.) actie levert meer informatie, casus en dossiers op, waarmee (intern) een urgentiegevoel wordt gecreëerd; 4.) al doende wordt het netwerk uitgebouwd; 5.) op basis van casuïstiek wordt een interventietactiek ontwikkeld, bijvoorbeeld ten aanzien van vakantieparken.

5.2.2 Beleid, uitvoeringsorganisatie en effectiviteit Er zijn ook vragen geformuleerd over beleid, uitvoeringsorganisatie en effectiviteit. Het betreft de volgende drie vragen: -

In welke mate heeft de ondermijningsaanpak geresulteerd in (ambtelijke en bestuurlijke) weerbaarheid tegen ondermijning? Wat kan worden gezegd over de effecten van de ondermijningsaanpak? Welke instrumenten benut de gemeente (met partners) in het kader van de ondermijningsaanpak en hoe is de bestuurlijke en ambtelijke organisatie daartoe ingericht?

-54-

Bij de beantwoording van deze vragen over deze thema’s gaan we in op kansen, knelpunten en dilemma’s. In het zogenoemde Integraal Veiligheidsplan 2019-2022 kreeg de ondermijningsaanpak voor het eerst prioriteit. Ondermijning is de hoofdtaak van één (zeer) ervaren OOV-ambtenaar die sinds 1 januari 2023 is aangesteld als projectleider ondermijning; tot die tijd had hij, als teamleider Veiligheid, Vergunningen en Toezicht, ondermijning in portefeuille als deeltijdtaak. De projectleider jaagt de ondermijningsaanpak aan met en vanuit een harde kern, namelijk de boa-voorman, een toezichthouder verblijfsrecreatie, medewerkers van burgerzaken, een juriste en enkele politiemensen. Met een energieke en - op concrete informatie gebaseerde - actiegerichte stijl zijn op belangrijke afdelingen contacten opgebouwd met ambtenaren die fungeren als ambassadeur van de ondermijningsaanpak. Er wordt in een eenvoudige taal over concrete casuïstiek gesproken. Dit is overtuigend, wijst op concrete ondermijning en opent ambtelijke ogen, ook in de ambtelijke top en bij activiteiten waarbij de alertheid op ondermijning tot voor kort ontbrak. Andere of meer concrete bevindingen wat deze vragen betreft zijn: ▪

▪

▪

▪

▪

Verschillende van gemeentelijke ondermijnings-ambassadeurs nemen deel aan het zogenoemde maandelijkse Signalenoverleg, waar concrete signalen en casus over (mogelijke) ondermijning worden besproken. De ambassadeurs verzamelen signalen en kunnen die inbrengen. Concrete casus worden besproken in de wekelijke Stuurgroep Ondermijning. Er is in het eerste kwartaal van 2023 een serie van acht trainingen verzorgd over ondermijning, op verschillende teams en er is ook een training gegeven aan het college van burgemeester en wethouders. Dit was geen doel op zich, want het was steeds de bedoeling teams aan te laten haken bij de aanpak, zo het interne netwerk uit te breiden en om in simpele en concrete taal urgentiebesef te kweken. Op basis van verzamelde signalen worden, ongeveer vanaf 2019, controles opgezet. Er wordt onder andere gecontroleerd op vakantieparken (in samenwerking met het project Ariadne), in panden met mogelijke illegale bewoning en op bedrijventerreinen of op bedrijfslocaties (o.a. in de autobranche). Dit wordt met behulp van de harde kern georganiseerd. Vanuit diezelfde kern worden al jaren bestuursrechtelijke sancties opgelegd, zoals een Last Onder Dwangsom en tijdelijke sluitingen van panden op grond van de Opiumwet.

De agendering van ondermijning in de ambtelijke organisatie is vooralsnog beperkt; casuïstiek heeft ogen geopend, maar daarmee is de eenzijdige en ondernemersgerichte ambtelijke stijl nog niet gecorrigeerd. Dit blijkt uit de toepassing van Bibob-toetsen, want dat blijft vrijwel beperkt tot enkele geijkte risicobranches, zoals de horeca. De gemeente beschikt niet over een Bibobcoördinator. Er moet intern (b.v. afdeling Financiën) en extern (RIEC) naar steun

-55-

▪

▪

▪

▪

▪

worden gezocht om voldoende expertise te hebben ten behoeve van een Bibobtoets. Dat is inherent lastig omdat malafide praktijken en geldstromen nu eenmaal zoveel mogelijk worden afgeschermd. De ondermijningsaanpak leunt sterk op een sleutelfiguur; de projectleider. Het pionierswerk werpt vruchten af, maar valt lastig over te dragen als hij (op korte termijn) met pensioen gaat. De ambtelijke kwetsbaarheid betreft niet alleen de ondermijningsaanpak, maar de hele gemeentelijke OOV-taak. Exclusief de OOV-ambtenaren die zich toeleggen op crisisbeheersing en ondermijning is er slechts 1,5 fte beschikbaar voor de OOVfunctie. Tijdens ons veldwerk vertrok de ingehuurde teamleider en ontstond dus een vacature. Er is nog een lange weg te gaan om de OOV-functie kwantitatief en kwalitatief mee te laten groeien met de schaalsprong van de gemeente (naar circa 80.000 tot 85.000 inwoners in 2040) en de voortschrijdende taakuitbreiding enverzwaring wat betreft Openbare Orde en Veiligheid. Het gevaar van controles en concrete casuïstiek is dat dit veel ambtelijk werk met zich meebrengt, terwijl het externe effect tegenvalt. Informatie over (mogelijke) strafbare feiten en/of over overtredingen worden benut om (rechts)personen aan te spreken op hun verantwoordelijkheid.

Dit gebeurt bijvoorbeeld met eigenaren van vakantieparken waar misstanden zijn aangetroffen of met uitzendbureaus die bijvoorbeeld (lijken te) verhinderen dat arbeidsmigranten zich inschrijven in de BRP. Er bestaat een gestroomlijnde werkwijze om de stap te zetten van bestuurlijke rapportages van de politie - bijvoorbeeld over drugsproductie, drugshandel, een drugsvondst of het aantreffen van illegaal vuurwerk – naar bestuursrechtelijke sancties. De ondermijningsaanpak is te pril om uitspraken te kunnen doen over de effectiviteit. Bij die aanpak is intern vooruitgang geboekt, is informatie verzameld en zijn interventies uitgevoerd, van controles tot bestuursrechtelijke maatregelen. Het bovenstaande punt laat zien dat de gemeente zoekt naar effectvolle tactieken. Dat past bij de professionele inhoud én eenvoud die de ondermijningsaanpak (vandaag de dag) heeft.

5.2.3 Samenwerking Drie onderzoeksvragen hadden betrekking op de externe (integrale) samenwerking bij de ondermijningsaanpak: -

-

Hoe verloopt de samenwerking tussen de gemeente en de belangrijkste partners bij de ondermijningsaanpak? Bestaat er duidelijkheid over de taken of rollen en in hoeverre is dit geformaliseerd? Hoe wordt samengewerkt in de driehoek van burgemeester, officier van justitie en lokale politiechef? Hoe is dit ingebed in de gemeentelijke organisatie?

-56-

-

Hoe verloopt het contact, de samenwerking en informatieverstrekking aan en door inwoners, ondernemers en lokale organisaties?

Ondermijning en de aanpak daarvan is mede geagendeerd door het Ondermijningsbeeld van het RIEC, alsook door de Weerbaarheidsscan. De rapporten vielen in goede aarde, want ook in 2018 en 2019 zag (de leider van) het VVT-team de relevantie van een gemeentelijke ondermijningsaanpak. De gemeente werkte dan ook enthousiast mee aan het opstellen van het ondermijningsbeeld. Het driehoeksoverleg – het overleg tussen politiechef, gebiedsofficier van justitie en drie burgemeesters (Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel) – schaart zich achter deze RIEC-analyse(s) en moedigt de gemeentelijke en integrale aanpak van ondermijning aan, gebaseerd op de grondgedachte dat de ondermijningsaanpak een combinatie is van strafrechtelijke en gemeentelijke inspanningen. De politie beschikt over lokale recherche (10 fte in het basisteam) en stelde specialisten beschikbaar voor de ondermijningsaanpak. De politiespecialisten en de ambtelijke kern in de gemeente Barneveld werken goed samen. De samenwerking, bij de stap van politierapportage naar bestuursrechtelijke interventies, in Barneveld werd door de driehoek benoemd als kader voor het gehele werkgebied.

Het voordeel van deze actiegerichte coalitie tussen specialisten bij politie en gemeente is dat in twee belangrijke overlegvormen informatie wordt gedeeld en dat actie wordt ondernomen; op gemeentelijk niveau in de Stuurgroep ondermijning (wekelijks) en op basisteam-niveau (de Regiegroep Ondermijning). Concrete casus worden besproken, controles worden uitgevoerd en de gemeente verbindt bestuursrechtelijke maatregelen aan de bestuurlijke rapportages die ze van de politie ontvangt over bijvoorbeeld drugshandel of drugsproductie. Andere of meer concrete constateringen zijn: ▪

▪

▪

De externe samenwerking heeft bij de ondermijningsaanpak een impuls gekregen door de mobilisatiekracht en het netwerk van de gemeente projectleider. Daarmee is die aanpak pril, persoonsgebonden en daardoor kwetsbaar. Het IVP - opgesteld in driehoeks-verband - is statisch en resulteert in veel geprogrammeerde activiteiten. Het werkaanbod is echter onvoorspelbaar. Dit maakt dat de acties van professionals niet altijd de beleidsverplichtingen uit het IVP raken en dat de professionals flexibel moeten zijn. Dat is tekenend voor het werk dat politie- en OOV-ambtenaren uitvoeren en verdient meer aandacht in het IVP. Er gaat geen praktische sturing uit van het IVP; dat komt wat betreft de ondermijningsaanpak tot stand in de vitale coalitie tussen enkele sleutelfiguren bij gemeente en politie. Het externe uitvoeringsnetwerk groeit al doende. Naast politie en RIEC is de omgevingsdienst een partner (bij controles), al wordt vandaag de dag ook samengewerkt met het provinciale project (Ariadne) en zijn recent contacten gelegd

-57-

▪

met de Arbeidsinspectie (bij de aanpak van mogelijke arbeidsuitbuiting of overtredingen van arbeidswetgeving). De gemeentelijke trekkers benutten bestaande contacten met inwoners en ondernemers en dat levert de nodige signalen op vanwege de laagdrempeligheid. Op enkele uitgekozen momenten - zoals een bijeenkomst met ondernemers - waarop ondermijning is besproken, is de aanwezigheid van de burgemeester en politiechef benut om de relevantie en strategische ruggensteun van de ondermijningsaanpak te onderstrepen.

Er zijn tot op heden sinds 2019 weinig RIEC-casus opgezet en afgerond met een interventie: die zijn “op één hand te tellen”. De casusgerichte aanpak in RIEC-verband heeft weinig waarde op gemeenteniveau.

5.3 Gemeenteraad Er zijn, tot slot, twee vragen gesteld over de gemeenteraad, namelijk: -

Hoe wordt de raad geïnformeerd over de resultaten en effecten van het uitgevoerde beleid? In hoeverre is er bij de raadsfracties aandacht voor integriteit en ondermijning?

Raadsleden zijn al ongeveer twee decennia te spreken over de wijze waarop de burgemeesters gestalte geven aan het veiligheidsbeleid (IVP). Aanvankelijk ging het vooral om zaken als overlast en aangiftedelicten, maar sinds een klein decennium staat ook de georganiseerde misdaad op het politiek-bestuurlijke netvlies en in de veiligheidsplannen. Vandaag de dag wordt daartoe de term ondermijning gebruikt. Er bestaat politieke steun voor het veiligheidsbeleid en voor de ondermijningsaanpak. Het gaat het in feite om politieke legitimering voor de beleidslijnen die worden ingezet of doorgezet. Het Integraal Veiligheidsbeleid 2019-2022 kreeg politieke steun in de commissievergadering d.d. 19 februari 2019. Die steun wordt niet alleen of zozeer verleend aan het papieren plan, want er bestaat namelijk vertrouwen in burgemeester, politie én de ambtenaren die de kar trekken bij de ondermijningsaanpak. De energieke houding van de ambtelijk trekker wordt gezien en gewaardeerd, net als de informatieverstrekking – op gezette momenten (b.v. door de politie in een besloten raadsvergadering of door de burgemeester in een Presidiumvergadering). Daarom is er steun voor de ondermijningsaanpak (tijdens ons veldwerk), ook zonder plan van aanpak.

De raad heeft oog voor de belasting door de gemeentelijke schaalsprong en voor de taakuitbreiding van ambtenaren op het veiligheidsdomein en op het snijvlak tussen zorg en veiligheid. Die inschatting ligt ten grondslag aan de politieke steun, kort na de vorming van de huidige coalitie (in 2022), voor de uitbreiding van de VVT-formatie met drie fte, waaronder twee formatieplaatsen specifiek voor de ondermijningsaanpak: de projectleider ondermijning (OOV-formatie) en een boa. Daarnaast werd een formatieplaats gefinancierd voor Zorg & Veiligheid. Recent, en in feite nadat onze dataverzameling was -58-

gestopt, is op 12 september 2023 politieke het Integraal Veiligheidsplan 2024-2027 besproken met raadsleden; het is de bedoeling dat het in december 2023 wordt vastgesteld. Ondermijnende criminaliteit is prioriteit 1, met aandacht voor vier thema’s: drugshandel en productie; preventie van ondermijning in het buitengebied; mensenhandel (“uitbuiting”); en preventie van zorgfraude. Raadsleden wijzen op het belang van teamontwikkeling en personeelsbeleid, zodat de uitvoering van ondermijning-als-prioriteit in de toekomst wordt ingebed (geborgd) in de gemeentelijke organisatie. Ondermijning staat dus op het netvlies van raadsleden. Op basis van een groepsinterview met een deel van de raadsleden valt niet te achterhalen hoe het is gesteld met de aandacht van de raadsfracties voor integriteit. Dat vergt namelijk een (anders opgezet) onderzoek op zich.

-59-

6. Bestuurlijke reactie van het college en nawoord rekenkamer

6.1 Bestuurlijke reactie Zie vanaf pagina 61.

-60-

Raadhuisplein 2 Postbus 63 3770 AB Barneveld Telefoon 14 0342 Internet www.barneveld.nl Whatsapp +3161445927

Datum: 17 januari 2024 Ons kenmerk:

Uw brief van:

Organisatieonderdeel: Team Veiligheid, Vergunningen en Toezicht Behandeld door: M. Eskens Doorkiesnummer

Onderwerp: Bestuurlijke reactie op het rapport "actiegericht pionieren"

Aan de leden van de Rekenkamer

Aan de leden van de Rekenkamercommissie Uw Rekenkamer1, heeft in de maanden april tot en met september 2023 onderzoek gedaan naar ‘ondermijning’ en de gemeentelijke aanpak daarvan in de gemeente Barneveld. Ondermijning is een belangrijk maatschappelijk thema dat onze aandacht verdient. We hebben uw rapport ‘Actiegericht pionieren’ met waardering gelezen. Temeer omdat ondermijning en de daarmee samenhangende criminaliteit een ontwrichtend effect heeft op onze lokale samenleving en we als gemeente het onwenselijk vinden dat de ondermijnende criminaliteit zich nestelt in (de haarvaten van) onze samenleving. We willen als gemeente blijvend investeren in én werken aan een veilige gemeente. Vanuit een gedeeld urgentiebesef delen we u onze zienswijze en gaan in op de aanbevelingen die u ons heeft gegeven. Algemeen beeld: stappen gezet & strategisch handelen vergroten Het rapport ‘Actiegericht pionieren’ schetst dat de gemeente Barneveld recent adequate stappen heeft gezet in de aanpak van de ondermijnende criminaliteit. De bewustwording hierover in de gemeentelijke organisatie, alsmede de samenwerking met partners in de (veiligheids)keten is vergroot én verbeterd. De ‘signalering’ van ondermijning is cruciaal om effectieve interventies te kunnen doen als (overheids)partners.

U geeft aan dat elk signaal hieromtrent multidisciplinair is geanalyseerd en dat er is afgewogen welke actie passend zou kunnen zijn. U tekent hierbij wel aan dat de ambtelijke uitvoering kwetsbaar is en dat er in het verleden een onderbouwde beleidsvisie over de wijze waarop de gemeente wil omgaan met ondermijnende criminaliteit ontbreekt. Het College erkent dat een beleidsvisie in het verleden ontbrak. Om die reden is in 2023 ‘ondermijning’ één van de prioritaire thema’s geworden in het nieuwe Integraal Veiligheidsplan (hierna: IVP) 2024-2027. Hierdoor is er ook een beleidsmatige basis gecreëerd en het College is content met het feit dat de gemeenteraad van de gemeente Barneveld op 13 december 2023 het IVP unaniem heeft vastgesteld. Het IVP is ook van belang vanwege de prioriteitstelling voor de inzet van politie en Openbaar Ministerie op dit thema. Voor wat betreft de kwaliteit en kwantiteit van de ambtelijke organisatie onderkent het College ook dat de basis moest worden verstevigd. In de programmabegroting 2024 is een extra formatieve versterking voor het domein Veiligheid, Toezicht en Vergunningen geeffectueerd. Desalniettemin zal het College nader bezien of een nadere versterking wenselijk is op basis van hoe het veiligheidsbeeld zich zal ontwikkelen. Graag gaan we ook in op de afzonderlijke conclusies en aanbevelingen.

1 Het onderzoek is uitgevoerd door de Rekenkamercommissie Vallei & Veluwerand, maar gezien

organisatiewijziging per september 2023 spreken wij van ‘Rekenkamer’.

Conclusies vanuit het rapport – reactie College per conclusie

1. Ondermijnende criminele praktijken doen zich veelvuldig voor De rekenkamer geeft aan dat uit politieregistraties blijkt dat ondermijnende criminele praktijken – vanuit een brede definitie van ondermijning – zich veelvuldig voordoet in de gemeente Barneveld, zoals: drugshandel, misstanden met arbeidsmigranten, illegale vuurwerkhandel en in toenemende mate zorgfraude, etc. Daarnaast stelt de Rekenkamer dat er vanuit de gemeente onvoldoende zicht is op ondermijnende criminaliteit. Ook het toezicht door de gemeente op de vakantieparken is beperkt, waardoor mogelijk opportuniteiten ontstaan voor criminele activiteiten. Reactie College:

Pagina 2 van 5

We herkennen deze constateringen van de Rekenkamer. In het veiligheidsbeeld - dat we sinds 2023 elk halfjaar aan de gemeenteraad presenteren – beogen we duiding van het beeld op basis van kwalitatieve en kwantitatieve (data)analyse te geven t.a.v. de reguliere werkzaamheden in het veiligheidsdomein alsmede voor de geprioriteerde IVP-thema’s, waar ondermijning er één van is. Dat ondermijnende praktijken zich veelvuldig voordoen, blijkt ook uit de stijging van het aantal bestuurlijke maatregelen die opgelegd zijn in het kader van drugshandel in hard en/of softdrugs. In 2023 hebben we 13 last onder dwangsommen opgelegd (in 2021: 1, in 2022: 3). Door ons de komende jaren te focussen en extra in te zetten op ondermijning, kunnen we onze informatiepositie verbeteren, alsmede onze interventies verder aanscherpen. Eén van de projecten die we in 2024 een vervolg geven is het zogenoemde ‘Ariadne project’, dat een hernieuwd beeld moet geven van de ontwikkelingen op de vakantieparken in de gemeente Barneveld. Om onze informatiepositie voor de lokale prioriteit ondermijning te versterken zal in het uitvoeringsprogramma (hierna: UPV) van het IVP worden opgenomen dat er een gelegenheidskaart van het buitengebied op basis van gemeentelijke informatie en openbare bronnen wordt opgesteld.

2. Het gemeentelijk beleid bevat weinig ‘beleidstheorie’ en is vooral actiegericht In het IVP 2019-2022 (verlengd tot en met 2023) en het coalitieakkoord 2022-2026 is ondermijning als beleidsdomein benoemd. Het ontbreekt naar inzicht van de Rekenkamer echter aan een zogenoemde ‘beleidstheorie’, dat wil zeggen de samenhang tussen doelen, middelen en beoogde effecten. Gezien het toenemend aantal taken, de groei van het aantal inwoners en de aanwezigheid van relatief veel toeristen, recreanten en arbeidsmigranten, blijft de ambtelijke capaciteit een punt van zorg (zie ook conclusie 3). Er is door de gemeente Barneveld een pragmatische en actiegerichte werkwijze opgezet die vooral gericht is op het verzamelen van informatie (signalen uit ‘het veld’), het uitvoeren van acties en interventies en het leren in de praktijk aan de hand van casuïstiek. Van een gestructureerde verzameling en monitoring van informatiestromen is geen sprake. Beleidsdocumenten en de daarin opgenomen doelen en activiteiten spelen nauwelijks een rol. De huidige ondermijningsaanpak is dan ook niet aantoonbaar gebaseerd op inhoudelijke analyses en gemeentelijke beleidskaders. De huidige, recente ondermijningsaanpak uit 2023 in de gemeente Barneveld is nog te pril om uitspraken te kunnen doen over de effectiviteit.

Reactie College: Gezien de onderzoeksperiode acht het College het begrijpelijk dat het thema ‘ondermijning’ beleidsmatig versterkt kan worden. In die zin wijst het College op het actuele IVP 2024-2027.

Hoewel het College de conclusie van de Rekenkamer deelt dat in de onderzoeksperiode de beleidsmatige uitwerking (onderliggende beleidsuitgangspunten en samenhang in doelen-acties-middelen) aandacht verdient, was de inzet van de gemeente niet geheel beleidsarm. In dit kader wijst het College op: 1) het IVP 20192022 (verlengd tot en met 2023), 2) het coalitieakkoord 2022-2026. De gemeenteraad stelde vervolgens, met ook het oog op de groei van de gemeente Barneveld, budget beschikbaar voor extra formatieplaatsen, waaronder twee formatieplaatsen specifiek voor de ondermijningsaanpak. Ook in de programmabegroting 2024 is er opnieuw formatieve ruimte gecreëerd in het Veiligheid, Toezicht en Vergunningen domein. Gezien het toenemend aantal taken, de groei van het aantal inwoners en de aanwezigheid van relatief veel toeristen, recreanten en arbeidsmigranten, blijft de ambtelijke capaciteit een aandachtspunt en wordt bezien op basis van het veiligheidsbeeld of toekomstige versterking wel of niet noodzakelijk is.

Pagina 3 van 5

In de voorliggende periode – waar het onderzoek op ziet – is een pragmatische en actiegerichte werkwijze ontstaan die vooral gericht is op het verzamelen van informatie (signalen uit ‘het veld’), het uitvoeren van acties en interventies en het leren in de praktijk aan de hand van casuïstiek. Van een gestructureerde verzameling en monitoring van informatiestromen en realisatie van beleidsdoelen was toen inderdaad geen sprake. In 2023 zijn met de ontwikkeling van het veiligheidsbeeld, nieuw IVP 2023-2027, formatieve versterking van de ambtelijke organisatie stappen gezet in het versterken van de gestructureerde én beleidsaanpak ondermijning, waarbij de pragmatische uitvoering geborgd is. Hoewel de huidige ondermijningsaanpak van de gemeente Barneveld nog te pril is om uitspraken te kunnen doen over de effectiviteit, is het College van mening dat de eerste indruk is, dat er een betere samenhang is tussen beleid en uitvoering en ook de multidisciplinaire structuur aan kracht heeft gewonnen. Ook de acties ‘in het veld’ (o.a. de vijf integrale controles in de gemeente) bevestigen dit.

3. De ambtelijke uitvoering is kwetsbaar De Rekenkamer geeft aan dat de aandacht voor ondermijning binnen de ambtelijke organisatie de ogen van diverse ambtenaren geopend heeft, maar dat betekent nog niet dat dit in de praktijk voldoende is. Daarnaast ziet de Rekenkamer dat de capaciteit van het team Veiligheid, Toezicht en Vergunningen beperkt is. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de toepassing van Bibob toetsen. Deze toetsing blijft vrijwel beperkt tot enkele risicobranches. De gemeente Barneveld heeft geen Bibob-coördinator. Ook ontbreekt een goed werkend werkproces voor hoe om te gaan met rapportages over drugscriminaliteit die de politie aanlevert. Reactie College: Het College kan zich vinden in de conclusie dat er een gestandaardiseerd werkproces ontbreekt wat betreft de bestuurlijke rapportages. De afwikkeling kan aan effectiviteit winnen door dit wel te doen, hetgeen ook ter hand wordt genomen. Temeer acht het College dit nodig vanwege de mate waarin bestuurlijk handelen benodigd is toegenomen. Ditzelfde geldt voor de ‘Bibob-toetsing’ bij de relevante beleidsdomeinen (denk b.v. ook aan het zorgdomein). Beide onderdelen worden in het UPV opgenomen. Dit betekent dat er formeel werkproces en een organisatie breed alsmede voor de relevante beleidsterreinen een projectplan voor de wet Bibob wordt opgesteld.

Een kanttekening die hierbij gemaakt moet worden is dat er wel degelijk krachtig bestuurlijk opgetreden wordt middels een informeel werkproces.

Dit blijkt ook uit de eerder genoemde cijfers van de bestuurlijke maatregelen omtrent drugshandel in hard en/of softdrugs. In 2023 hebben we 13 last onder dwangsommen opgelegd (in 2021: 1, in 2022: 3). Wel delen we de zorg van de Rekenkamer ten aanzien van de ambtelijke capaciteit. De gemeenteraad heeft in november 2023 (bij vaststelling van de programmabegroting 2024) besloten extra middelen vrij te maken voor extra capaciteit in het Veiligheid, Toezicht en Vergunningen domein. Echter, is het werken aan veiligheid nooit af en blijven we meebewegen met ontwikkelingen die we zien en blijven we zoeken naar samenhang met andere beleidsterreinen en externe partners. Het College weegt dit af t.o.v. de ontwikkeling van het veiligheidsbeeld. Aanbevelingen vanuit het rapport – reactie per aanbeveling door College

Pagina 4 van 5

1. Verzoek het College om op een zo kort mogelijke termijn een goed onderbouwde beleidsvisie voor te laten leggen aan de raad, waarin tevens een duidelijke relatie met het IVP wordt aangegeven. Hierdoor ontstaat continuïteit en kunnen duidelijke kaders worden aangebracht en prioritieten gesteld. Een goede informatievoorziening en een bijbehorende monitoring zijn hiervoor essentieel. Reactie College: Aan deze aanbeveling is reeds voldaan door de ontwikkeling en vaststelling van het Integraal Veiligheidsplan 2024-2027. 2. Verzoek het college om de informatieverzameling over ondermijning te verbeteren en te verbreden zodat bestaande blinde vlekken worden vermeden. Betrek daarbij het jongerenwerk en medewerkers sociaal domein en zorg voor uitgebreidere informatie over vakantieparken. Reactie college: Binnen de gemeente Barneveld is een multidisciplinair ‘signaaloverleg’ ingericht in 2023. In dat overleg worden signalen geanalyseerd en interventies bezien. De bekendheid van dit overleg bij veiligheidspartners en andere beleidsterreinen binnen de gemeentelijke organisatie is verbeterd, maar er zal vanuit Veiligheid, Toezicht en Vergunningen blijvend worden gewerkt aan de bekendheid.

Specifieke aandacht zal in 2024 (via het UVP) krijgen: 1) borgen van de aansluiting komt bij het Platform Jeugd en aansluiting bij de zorgketen en dat we signalen verder verbinden met andere bestaande (preventieve) voorzieningen vanuit andere beleidsvelden, 2) we hernieuwen het inzicht t.a.v. de vakantieparken door een doorstart van het ‘Ariadne project’, in samenwerkingen met het project Vitale Vakantieparken, 3) Uitrol Bibob-toetsing in het licht van preventie (zie verder bij aanbeveling 4).

3. Verzoek het college om ervoor te zorgen dat de kwetsbaarheid van de ambtelijke organisatie vermindert ten aanzien van de aanpak van ondermijning. Gezien de huidige beperkte capaciteit en het feit dat alleen maar meer taken aan gemeenten worden gedelegeerd moeten prioriteiten worden gesteld, zodat de beschikbare capaciteit zo effectief mogelijk kan worden ingezet. Reactie College: Met de gemaakte keuzes in de programmabegroting 2024 is een goede stap gezet om de kwetsbaarheid van de ambtelijke organisatie te verminderen in het gehele veiligheidsdomein. Voor dit jaar zal er naar de toekomst van het team gekeken moeten worden om deze ontwikkelingen bij te houden. De resultaten van dit onderzoek – aan de hand van veiligheidsbeeld - zullen meegenomen worden voor de programmabegroting 2025. Pagina 5 van 5

4. Vraag het college om te zorgen voor expertise ten aanzien van Bibob toetsing, zodat deze toetsing breder toegepast kan worden, dus op alle beleidsterreinen en niet uitsluitend bij risicobranches. Reactie college: In het UVP zal worden opgenomen dat er een organisatie breed projectplan op de wet Bibob komt waarin aandacht is voor de bovenstaande aanbeveling. Eén van de mogelijke uitkomsten van dit projectplan zou het werven van Bibob-coördinator kunnen zijn. Verdere procedure Wij gaan over de inhoud van dit rapport en onze reactie graag in gesprek met de gemeenteraad. In de jaarrekening en de programmabegroting zullen we in programma 3 verslag doen over de voortgang van uw aanbevelingen. Tot slot We hopen op deze wijze uw onderzoek, conclusies en aanbevelingen te hebben voorzien van een bestuurlijke reactie. We hebben dit gedaan met het oog op een noodzakelijke en effectieve aanpak van ondermijning in de gemeente Barneveld. Elke dag hopen we, samen met onze partners, een stap voorwaarts te zetten in de aanpak van de ondermijnende criminaliteit. Met vriendelijke groet, namens burgemeester en wethouders,

6.2 Nawoord rekenkamer De rekenkamer dankt het college voor de positieve reactie op de conclusies en aanbevelingen in het rapport “Actiegericht pionieren”. Wij zijn verheugd dat het college waardering heeft voor het onderzoek, de conclusies deelt en de aanbevelingen wil opvolgen. Als de raad de aanbevelingen overneemt, wordt hij over de opvolging geïnformeerd door het college. Dit conform een nieuw artikel in de Gemeentewet (185a) dat toeziet op de opvolging van aanbevelingen door het college. Dit artikel luidt: “Het college zendt de raad jaarlijks een overzicht van de aan het college gedane voorstellen van de rekenkamer, vergezeld van zijn standpunt daaromtrent en van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven.” De rekenkamer zal, op basis van de uitvoering van dit wetsartikel door het college, en in afstemming met de auditcommissie, te zijner tijd bepalen of een doorwerkingsonderzoek van de rekenkamer na een aantal jaar gewenst is. Tot slot danken wij het college, betrokken medewerkers van de gemeente, politie en het RIEC voor de medewerking aan dit onderzoek.

-66-

Literatuur

Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten (2020). Geen tweederangsburgers. Aanbevelingen om misstanden bij arbeidsmigranten in Nederland tegen te gaan. Bervoets, E. (2013). Het dagelijks werk van gemeentelijke handhavers in beeld. Amsterdam: Reed Business. Essen, B. van (2014). Illegale handel in professioneel vuurwerk. Een onderzoek naar de logistieke keten, modus operandi, afscherming en verwevenheid binnen de illegale vuurwerkhandel. Masterscriptie. Apeldoorn: Politieacademie. Functioneel Parket Afpakken (2016). Wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij bij binnenteelt onder kunstlicht. Functioneel Parket. Kruisbergen, E.W., Kleemans, E.R. & Kouwenberg, R.F. (2015). Wat doen daders met hun geld? Uitkomsten van de Monitor Georganiseerde Criminaliteit. Justitiële verkenningen 2015/01, 81-99. LIEC (2019). Landelijk beeld van ondermijnende criminaliteit. Den Haag. Noordanus, P., Tops, P. & Torre, E.J. van der (2020). Een Pact voor de Rechtsstaat. Een sterke terugdringing van drugscriminaliteit in tien jaar. Den Haag: Aanjaagteam Ondermijning. Torre-Eilert, T.B.W.M. van der, Bergsma, H., Duin, M.J. van, Eilert, R. (2010). Lokale politiek over de politie (Politie & Wetenschap). Amsterdam: Reed Business. Torre, E.J. van der, Kuppens, J., Ferwerda, H.B. & Bolhuis, V.J. van (2007). De kerntakendiscussie: verloop, opbrengsten en barrières. Den Haag/Arnhem: COT/Bureau Beke.

Torre, E.J. van der, Gieling, M., Holvast. R, Vlek, G.C.K. & Lanza, R. (2015). De lokale positie van de nationale politie. Een verkenning. Apeldoorn: Politieacademie. Torre, E.J. van der & Valkenhoef, J.M. van (2017). De lokale betekenis van basisteams. Over het werk van geüniformeerde agenten en het gebrek aan rechercheurs. Apeldoorn: Politieacademie. Torre, E.J. van der, Valkenhoef, J., Esman, C. & Greven, H. (2017). Veiligheid bij jaarwisselingen. Apeldoorn: Politieacademie. Torre, E.J. van der & Spoorendonk, J. (2020). Recreatieparken: ondermijning Vooruitgang en nieuwe (corona)risico’s, ook in het midden- en topsegment. Rotterdam/’s-Hertogenbosch: LokaleZaken/Provincie Noord-Brabant.

-67-

Torre, E. J. van der, & Heijkoop, M. M. (2020). Zorgfraude. Een wereld te winnen. Rotterdam: LokaleZaken. Tops, P., & Torre, E.J. van der (2015). Wijkenaanpak en ondermijnende criminaliteit. Den Haag: Boom Lemma. Tops, P., & Tromp, J. (2017). De achterkant van Nederland. Hoe boven- en onderwereld verstrengeld raken. Amsterdam: Uitgeverij Balans. Tops, P & Torre, E.J. van der (te verschijnen). Ondermijning. Over de praktische betekenis van een analytisch begrip. Wiegant, B.(2017). Vanaf de zijlijn bekeken. Commissarissen van de Koning over de Politiewet 2012. Lelystad: provincie Flevoland.

-68-

Bijlage 1 Normenkader 1.

Het Normenkader

Normenkader (Of: ontwikkel-kader) 1. Beleidstheorie Een beleidstheorie t.a.v. de gemeentelijke en integrale aanpak van ondermijning. Met een visie op: de combinatie van repressieve en preventieve interventies; de rol van gemeentelijke afdelingen; kwetsbare interne processen en functies; externe publieke en private partners; en de rol van inwoners. 2. Informatie: inzicht, signalen, overzicht en analyse 2a. Een (groeiend) inzicht in (de kansen voor) lokale ondermijning – informatie over daders en slachtoffers 2b. Een werkend meldpunt, plus interpretatie en analyse van signalen 2c. Overzicht en analyse van de opbrengsten van bestuursrechtelijke interventies en controles 2d. De formatie en kwaliteit voor: a.) Bibob-toetsing; en b.) analyse van een fenomeen of casus en ter voorbereiding van gerichte vormen van toezicht en controle 2e. Een grondslag voor uitwisseling van informatie 3. Ondermijningsaanpak: de (kern van de) ambtelijke uitvoeringsorganisatie 3a. Formatie, functies en kwaliteit van ondermijnings-specialisten 3b. Beschikbare formatie handhaving en toezicht 3c. Interne overlegvorm(en) t.b.v. aansturen en monitoren van de ondermijningsaanpak 3d. Inzet bestuursrechtelijke instrumenten 3e. Persoons- en groepsgerichte aanpak (daders e.o. slachtoffers): preventief, corrigerend of zorg 4. Gemeentelijke integraliteit 4a.

Afstemming tussen drie pijlers van lokaal bestuur: harde sector (‘fysiek’), sociaal en veiligheid 4b. Inzicht in en bewustzijn van kwetsbare interne processen en functies, zoals vergunningverlening, gronden vastgoedtransacties, projectontwikkeling, subsidies, diensten van Burgerzaken (o.a. inschrijvingen en reisdocumenten), en afgeven zorgindicaties 4c. De integrale samenwerking bij toepassing van de Wet Bibob 4d. Overlegvormen (die worden benut) t.b.v. van gemeentelijke integraliteit bij ondermijningsaanpak 5. Externe netwerkvorming: publiek en privaat 5a. Samenwerking met politie, justitie en RIEC(-partners) 5b. Vormen van publiek-private samenwerking, met bijzondere aandacht voor de rol van ondernemers 5c. Stimuleren en benutten van betrokkenheid van burgers (o.a. signalen) 6. Politieke verantwoording en sturing 6a. Politieke kaderstelling 6b. Verantwoording aan gemeenteraad over prestaties, mate van doelbereiking en inzicht in ondermijning.

-69-

2.

Het Normenkader: samenvattende bevindingen gemeente Barneveld

1. Beleidstheorie -

Het coalitieakkoord 2022-2026 agendeert ondermijning en de schaalsprong van de gemeente; gecombineerd resulteert dit in budget voor capaciteitsuitbreiding ten behoeve van veiligheidsbeleid, inclusief de gemeentelijke ondermijningsaanpak. Het aanjagen van die aanpak wordt een voltijdstaak van een (ervaren) projectleider.

-

Er komt een beleidstheorie van de grond (zonder dat er een vastgesteld Plan van Aanpak Ondermijning is) die in de kern een actietheorie is, gericht op het boeken van bevredigende resultaten en op het lostrekken van actie, informatie en een leerproces van onderop. De belangrijkste elementen zijn: 1.) de projectleider bouwt een intern netwerk op met ambassadeurs op alle belangrijke afdelingen (die deelnemen aan periodiek overleg); 2.) in dit interne en externe netwerk wordt gezicht naar straatinformatie over ondermijning, als opstap naar actie (zoals controles); 3.) actie levert meer informatie, casus en dossiers op, waarmee (intern) een urgentiegevoel wordt gecreëerd; 4.) al doende wordt het netwerk uitgebouwd; 5.) op basis van casuïstiek wordt een interventietactiek ontwikkeld, bijvoorbeeld ten aanzien van vakantieparken.

2. Informatie: inzicht, signalen, overzicht en analyse -

De ondermijningsaanpak ligt in handen van een harde kern rondom de projectleider ondermijning (zie verder onder punt 3). Op basis van verzamelde signalen (straatinformatie) worden controles opgezet, onder meer op vakantieparken en bij signalen van illegale bewoning

-

Actie en controles, alsook direct contact met bewoners en ondernemers, leiden tot meer informatie en inzicht. De stap van informatie naar actie levert intern, tegenover ambtenaren en afdelingen, een ‘goed verhaal’ op om signalen over mogelijke ondermijning te melden.

-

Er is (recent) een meldpunt ingericht binnen de gemeente voor signalen over mogelijke ondermijning; dit is bekend gemaakt bij trainingen en krijgt follow up in ingestelde overlegvormen. Zie onder punt 4.

-

Er is informatie beschikbaar over (mogelijke) misstanden op vakantieparken, over locaties waar illegaal wordt gewoond en over misstanden met arbeidsmigranten; er is minder informatie over drugshandel en over de gang van zaken op bedrijventerreinen en in het buitengebied.

3. Ondermijningsaanpak: de (kern van de) ambtelijke uitvoeringsorganisatie -

De capaciteit van de ambtenaren met taken in de sfeer van openbare orde en veiligheid (OOV) ligt op 2,89 fte, waarbij 1 fte is gereserveerd voor de projectleider ondermijning. Voor de openbare orde-taak, exclusief ondermijning, resteert dus 1,89 fte, terwijl er geen Bibob-coördinator beschikbaar is. Dit knelt, temeer omdat de OOV-taken in een vierdubbel opzicht groeien: meer (burgemeesters)taken, meer politietaken die bij de gemeente komen te liggen, meer bezoekers en inwoners (de schaalsprong) en complexer werk (zoals de ondermijningsaanpak). Op basis van geldende beleidsprogramma’s en -plannen dienen de OOV-ambtenaren tezamen - naast incidenten of gebeurtenissen die zich aandienen (‘de waan van de dag’) - invulling te geven aan 93 activiteiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13772173/1