G2. Rekenkameronderzoek aanpak ondermijning gemeente Barneveld
Tekst van het document
11
Bron: De Gelderlander, Jaren de cel in wegens bouwen van drugsketels, 3 september 2022. Bron: De Stentor, Burgemeester Barneveld sluit bedrijfspand Hanzeweg na vondst 598 hennepplanten en 550 potten, 16 juli 2021. 13 Bron: Algemeen Dagblad, Hennep in Barneveld, 6 november 2020. 14 Bron: Algemeen Dagblad, “Zeer groot drugslab” in oude fabriek opgerold, 26 juli 2019. 15 Bron: De Stentor, Alarmerend rapport provincie: “Pillen in uitgaanscircuit Amsterdam komen uit Gelderse drugslabs”, 14 januari 2020. 16 Bron: Algemeen Dagblad, “Hardere aanpak drugscriminelen”, 15 maart 2018. 17 Bron: Algemeen Dagblad, Drugspendel met Stena Line, 30 november 2016. 12
-23-
Barneveld zijn groepjes actief in de hennepteelt, waarbij de geslotenheid en anonimiteit worden benut. Uit casus blijkt, getuige arrestanten ‘van buiten’, dat in Barneveld ook bovenlokale netwerken actief zijn met hennepteelt (zie tabel 3.3 en 3.4). Tabel 3.4: Casus met hennepteelt ▪ Februari 2020: De burgemeester sluit, vanwege de vondst van goederen en materiaal die horen bij een hennepkwekerij, een woning in Barneveld, aan de Lange Voren. 18 ▪ November 2018: In een bedrijfspand op bedrijventerrein de Harselaar, aan de Mercuriusweg, wordt een hennepkwekerij opgerold. De politie arresteert mannen uit Ede, Hilversum en Bussum. 19 ▪ Oktober 2018: In een loods aan de Anthonie Fokkerstraat in Barneveld worden tien mannen (drie Nederlanders en zeven polen) betrapt en aangehouden tijdens het demonteren van een hennepkwekerij.20
▪
Productie van synthetische drugs. Er worden in de gemeente Barneveld, tussen 2018 en medio april 2023, vier drugslabs aangetroffen en negen keer een partij drugsafval. De vondst van een “zeer groot drugslab”, in een voormalige vleesfabriek in Terschuur, liet zien dat het gaat om professionele criminaliteit met hoge financiële belangen. Als in 2021 in korte tijd verschillende keren drugsafval wordt gevonden in de gemeente Barneveld, ziet een politie-expert dit als een indicatie voor drugslabs die onder de radar weten te blijven.
3.2 Vastgoed De vastgoedwereld - met als bijzondere niche (woningen op) vakantieparken - is witwasgevoelig, aldus het Landelijk Ondermijningsbeeld (LIEC, 2019). In Nederland is veel contant (misdaad)geld beschikbaar dat in de illegale drugswereld is verdiend. Drugscriminaliteit resulteert in witwassen en in criminele investeringen in vastgoed of bedrijven (Noordanus e.a., 2020). Bij doorverkoop of verbouwingen van vastgoed wordt bijvoorbeeld deels contant betaald, waarbij wordt witgewassen. Voor de gemeente Barneveld geldt, zo blijkt uit data in het kader van het project ‘Zicht op Ondermijning’, dat 3,9 procent van de vastgoedeigenaren – natuurlijke personen – in tien jaar tijd (peiljaar: 2020) werd veroordeeld. Dat is meer dan het gemiddelde in Gelderland (2,7 procent) en in Nederland (3,1 procent). De score is in de gemeente Barneveld het hoogst (ongunstig) in Kootwijkerbroek, met 6,3 procent. Bovendien telt de gemeente Barneveld relatief veel eigenaren (natuurlijke personen) met een bezit van drie tot vijf, of meer dan vijf, verblijfsobjecten: respectievelijk 7,4 en 9 procent. Het Nederlands
18
Bron: De Stentor, Burgemeester van Barneveld sluit woning na vondst ontmantelde hennepkwekerij, 21 februari 2020. 19 Bron: Algemeen Dagblad, Drie aanhoudingen bij inval in wietkwekerij, 7 november 2018. 20 Bron: Algemeen Dagblad, Drie aanhoudingen bij inval in wietkwekerij, 7 november 2018.
-24-
gemiddelde ligt op 6,1 en 6,8 procent. Zie verder tabel 3.5. Tabel 3.5 Aantal verblijfsobjecten van natuurlijke personen in de gemeente Barneveld (als percentage en in absolute aantallen), uitgesplitst per wijk, met 2020 als peiljaar.* 3-5 verblijfsobjecten
> 5 verblijfsobjecten
Kootwijk **
18,7% (70)
22,1% (80)
Kootwijkerbroek **
11,5% (190)
2,8% (50)
Garderen
9,5% (110)
15,4% (170)
Voorthuizen
7,4% (370)
11,2% (550)
Stroe
6,5% (50)
26,8% (210)
Barneveld
6,3% (640)
7,2% (730)
Terschuur
6,3% (30)
2,7% (10)
Zwartebroek
5,1% (20)
2,2% (10)
Totaal
7,4% (Nederland = 6,1%)
9% (Nederland = 6,8%)
* Verblijfsobjecten in het bezit van een eigenaar die in totaal drie tot vijf of meer dan vijf verblijfsobjecten bezit, ten opzichte van alle verblijfsobjecten in eigendom van natuurlijke personen. ** Dunbevolkt, dus eerder een hoge percentuele score
Als wordt gekeken naar vastgoed in eigendom van rechtspersonen, scoort de gemeente Barneveld gunstiger dan gemiddeld. In de gemeente Barneveld is namelijk 10,6 procent veroordeeld in tien jaar tijd (peiljaar 2020), tegenover 17,4 in Gelderland en 15,6 in Nederland. De score valt in Kootwijkerbroek wel ongunstiger uit dan het Gelderse of Nederlandse gemiddelde, met een score van 23,5 procent. In aanvulling op het bovenstaande, komen de volgende patronen in beeld: ▪
Woningen om arbeidsmigranten te huisvesten. Er wordt geïnvesteerd in (reguliere) woningen om arbeidsmigranten te huisvesten. Volgens een inventarisatie van de gemeente gaat het om tenminste zeventig panden. Er zal worden gecontroleerd wat de stand van zaken is en of die in overeenstemming is met wet- en regelgeving.
▪
Investeringen in vakantiewoningen. Personen of rechtspersonen investeren in vakantiewoningen op een vakantiepark in de gemeente Barneveld en verhuren deze (voor long stay, dus meer dan vier maanden), onder meer aan arbeidsmigranten. Dit is illegale bewoning.
3.3 Vakantieparken Vakantieparken zijn geen publieke ruimten. Dat betekent dat de toegankelijkheid beperkt is, waardoor het toezicht door publieke organisaties lastiger is dan op publiek domein. Dit biedt kansen om illegale activiteiten af te schermen, zoals: illegale bewoning, het huisvesten van mensen die het slachtoffer zijn van prostitutie of arbeidsuitbuiting, hennepteelt, criminele
-25-
ontmoetingen en witwassen. Het is zo bezien een zware last voor de gemeente Barneveld dat er maar liefst 57 vakantieparken zijn gevestigd. We typeren de gang van zaken op de vakantieparken op basis van vier vormen van ondermijning die in de literatuur21 worden beschreven: 1. Het vakantiepark als vluchtheuvel: sobere huisvesting van kwetsbare personen – zoals arbeidsmigranten – op vakantieparken, onder meer omdat het (vooralsnog) lastig of onmogelijk is om elders woonruimte te vinden. Over de gemeente Barneveld: Er zijn ruim twintig vakantieparken waar de recreatieve functie wordt verdrongen of, in ongeveer zes gevallen, nagenoeg is verdwenen. Dit resulteert in illegale praktijken, in het bijzonder illegale bewoning. Doordat veel kwetsbare mensen dicht op elkaar wonen - zoals arbeidsmigranten en mensen met sociale, medische en/of financiële problemen – is dat een voedingsbodem voor criminele praktijken (zie punt 2). 2. Criminele praktijken (bijvoorbeeld drugshandel, hennepteelt of mensenhandel) die zijn ontstaan door beperkte sociale controle en beperkt overheidstoezicht op een vakantiepark. Over de gemeente Barneveld: Dit wordt geconstateerd door respondenten, al komt dit minder vaak voor dan parken die als vluchtheuvel dienen (punt 1). Criminele praktijken komen van lieverlee beter in beeld doordat de gemeente het toezicht en de controle aanscherpt. 3.
Vrijplaatsen of enclavevorming: criminelen zijn op (delen van) een vakantiepark dominant. Over de gemeente Barneveld: Deze classificatie gaat volgens respondenten te ver als hierbij wordt gedacht aan de situatie zoals die ooit ontstond op Fort Oranje, al zijn er op enkele parken aanwijzingen voor ‘territoriaal geweld’: personen die met bedreiging en intimidatie (lijken te) bepalen wat er gebeurt. De signalen hierover worden uitgezocht, om vast te stellen wat er precies speelt en als opmaat tot interventies. 4. Criminele of verdachte investeringen in (vakantiewoningen op) een park. Over de gemeente Barneveld: In het kader van het Ariadne-project wordt er vanuit gegaan dat vakantieparken die een goed recreatief product bieden, of die daartoe investeren, een laag risico kennen voor ondermijnende activiteiten. Dat is een onvolledig beeld (Van der Torre & Spoorendonk, 2020). Er worden door respondenten puur op winst gerichte praktijken gesignaleerd op parken met een recreatiefunctie. Er worden bijvoorbeeld zoveel mogelijk caravans of vakantiewoningen gerealiseerd en (tegen een stevige prijs) verkocht, terwijl de levensvatbaarheid van de gedeelde voorzieningen ongewis is. Dit gaat soms samen met vermoedens van overtredingen of criminele praktijken, maar het blijft voor 21
Zie voor een overzichtsartikel: Torre E.J. van der & Spoorendonk, J. (2020). Recreatieparken: ondermijning Vooruitgang en nieuwe (corona)risico’s, ook in het midden- en topsegment. Geraadpleegd via: https://lokalezaken.com/wp/wp-content/uploads/2022/02/Recreatieparken-ondermijning-1.pdf
-26-
respondenten onduidelijk hoe het zit, dus moeten we nadrukkelijk een slag om de arm houden.
3.4 Tussen mensenhandel en misstanden Bij het strafrechtelijke begrip mensenhandel staat centraal dat dwang wordt uitgeoefend op personen. Het betreft niet alleen seksuele uitbuiting, maar ook gedwongen arbeids- of dienstverlening zonder seksuele component, zoals arbeidsuitbuiting. Dat laatste is uitbuiting op het domein van werk en inkomen. De afhankelijkheidsrelatie van slachtoffers resulteert in een strafrechtelijk dilemma. Juist bij effectieve dwang is het namelijk uitermate lastig om mensenhandel vast te stellen, want slachtoffers leggen dan bepaald niet snel verklaringen af (LIEC, 2019). Dat komt door geweldsdreiging of door risico’s om elementaire zaken kwijt te raken, zoals inkomen en/of huisvesting. De consequentie is dat strafrechtelijke vervolging ingewikkeld is. Naast het strafrecht bestaat een eenvoudiger perspectief op uitbuiting. In die opvatting gaat het om personen die onder druk staan en die vanwege misstanden in een penibele situatie verkeren. Die misstanden gaan gepaard met signalen of harde informatie over overtredingen en/of slechte leef- of werkomstandigheden. Vanuit die ruimere invalshoek constateren of vermoeden respondenten het volgende in de gemeente Barneveld: ▪
▪ ▪ ▪ ▪
Uitzendbureaus die tientallen arbeidsmigranten huisvesten (in enkele woningen), terwijl geen enkele arbeidsmigrant in de BRP is ingeschreven en het idee bestaat dat dit wel zou moeten omdat de migranten hoogstwaarschijnlijk langer dan vier maanden in Nederland verblijven. Arbeidsmigranten die de instructie lijken te krijgen zich niet in te schrijven bij de gemeente. Arbeidsmigranten verhuizen van de ene sobere woning of kamer naar de andere. Er zijn diverse casus waarbij (gedwongen) illegale prostitutie is geconstateerd (zie tabel 3.5). Bij controle op vijf verschillende locaties in Barneveld wordt in februari 2023 geconstateerd dat werknemers onder “mensonterende omstandigheden” worden gehuisvest. Er worden drie arrestanten gemaakt.22
De frequentie (omvang) van dit soort praktijken en omstandigheden is onduidelijk.
22
Bron: Algemeen Dagblad, Vijf invallen wegens mensenhandel, 24 februari 2023.
-27-
Tabel 3.5: Mediaberichten over illegale prostitutie ▪ Februari 2022: De politie pakt drie verdachten van mensenhandel op, onder wie een 26-jarige Barnevelder. Met twee mannen uit Veenendaal van 21 en 26 jaar zou hij zich schuldig hebben gemaakt aan seksuele uitbuiting van een meerderjarig slachtoffer. 23 ▪ Maart 2021: Vier mannen worden verdacht van seksuele uitbuiting van twee Hongaarse vrouwen die verbleven in Barneveld, Voorthuizen en Arnhem. 24
3.5 Overige fenomenen Naast de hierboven beschreven ondermijnende praktijken worden (in mindere mate) andere zaken benoemd. Het betreft: ▪
Vuurwerkhandel. Uit landelijk onderzoek blijkt dat de illegale vuurwerkmarkt omvangrijk is en dat er verschillende soorten handelaren actief zijn (Van Essen, 2014). Op deze markt opereren georganiseerde criminelen (grote partijen, vervoer en opslag) en criminele profiteurs (op en neer rijden en losse verkoop). Uiteraard zijn tussenvormen mogelijk. De illegale vuurwerkmarkt doet denken aan hennepteelt: instappen is eenvoudig, de criminele handel wordt (in bepaalde kringen) gerechtvaardigd door het idee dat het ‘moet kunnen’ en er is motivatie door de beperkte pakkans en aantrekkelijke (snelle) opbrengsten (Van der Torre e.a., 2017). Er bestaat overlap tussen hennepcriminaliteit en vuurwerkcriminaliteit, in die zin dat de infrastructuur die is opgebouwd met hennepteelt kan worden benut bij georganiseerde illegale vuurwerkhandel (Van der Torre e.a., 2017). Er bestaat in de gemeente Barneveld een markt voor illegale vuurwerkhandel, zo blijkt uit de vondsten. De onderstaande tabel geeft voorbeelden.
Tabel 3.6: Mediaberichten over illegaal vuurwerk in de gemeente Barneveld. ▪
▪
▪
December 2022. De politie treft op een zolderkamer tien kilo zwaar, illegaal vuurwerk aangetroffen in een woning in de Barneveldse wijk Burght. De politie had meldingen van vuurwerkoverlast ontvangen van bewoners uit Burght.25 Oktober 2021. Een 28-jarige man uit Barneveld wordt opgepakt als hij in de avonduren met 1.100 kilo illegaal vuurwerk over de A12 rijdt. De vondst werd gedaan op een carpoolplaats langs de A12 ter hoogte van Arnhem. Agenten hadden het busje als ‘verdacht’ bestempeld en gaven de bestuurder een volgteken.26 November 2019. De politie treft in Barneveld, tijdens een controle, in een bestelbus 423 kilo illegaal vuurwerk van de zwaarste categorie aan. De inzittenden worden aangehouden. De automatische kentekenscanner van de politie registreerde het voertuig omdat het in het politiesysteem voorkwam. Bij doorzoeking werd het vuurwerk aangetroffen.27
23
Bron: Algemeen Dagblad, Drie verdachten seksuele uitbuiting opgepakt, 16 februari 2022. Bron: De Stentor, Hongaarse vrouwen gevonden in sekspand: Justitie wil vermeende “mensenhandelaar” Ronnie (29) uit Apeldoorn plukken, 9 maart 2021. 25 Bron: De Stentor, Tien kilo illegaal vuurwerk aangetroffen in woning Barneveld, 13 december 2022. 26 Bron: Algemeen Dagblad, Barnevelder (28) rijdt met 1100 kilo illegaal vuurwerk over de A12 en wordt gepakt, 22 oktober 2021. 27 Bron: Algemeen Dagblad, 423 kilo vuurwerk ontdekt in busje, 29 november 2019. 24
-28-
▪
Oktober 2016. Bij de rechtbank is een zitting naar aanleiding van een opsporingsonderzoek met de codenaam 'Luipaard'. Dat omvatte de inzet van een undercoveragent. De politie had er veel voor over om de vuurwerkbende rond de 60-jarige Willem H. volledig te ontmaskeren. En dat lukte, want toen verdachten kregen een celstraf. Het begon met een tip, in november 2014. In een schuur in Barneveld zou een grote partij vuurwerk liggen. Agenten vonden ruim 60.000 kilo aan lawinepijlen, Chinese rollen en nitraatbommen. De vondst was het startsein voor een groot onderzoek. De politie plaatste peilbakens en afluisterapparatuur in auto's. Twee weken later was het weer raak: in een zeecontainer op een erf in Lunteren bleek 8.000 kilo illegaal vuurwerk te liggen, verstopt onder zaagsel en stro. Honderdduizend klappers, flowerbeds, allemaal illegaal.28
▪
Frauderende bedrijven. De gemeente Barneveld telt veel bedrijven. Dit resulteert zo nu en dan in (vermoedens wat betreft) overtredingen of strafbare feiten die verband houden met de hoofdactiviteiten. Bijvoorbeeld het gebruik van een illegaal en schadelijk middel (fipronil) bij het bestrijden van bladluis in stallen, kwarteleieren uit Franse legbatterijen verkopen als Nederlandse scharreleieren, grootschalige fraude met handel in zuiveringsslib, mestfraude of “vermoedelijke gesjoemel met grond.”29
▪
Digitale criminaliteit. Bij het veldwerk zijn we niet of nauwelijks gestuit op informatie over lokaal gesitueerde criminelen of criminele netwerken die digitale delicten plegen. Dit is overigens niet erg ingewikkeld, want er kunnen op het darkweb softwarepakketten worden gekocht waarmee tamelijk eenvoudig slachtoffers kunnen worden gemaakt. Bijvoorbeeld door met misleidende sms-berichten, e-mails en/of telefoongesprekken toegang te krijgen tot de bankrekening van slachtoffers. Daderinformatie troffen we niet aan in de gemeente Barneveld. Slachtoffers en risico’s op slachtofferschap zijn er wel, mede getuige enkele mediaberichten over slachtoffers in de gemeente Barneveld. Zie bijvoorbeeld de onderstaande casus.
Tabel 3.7: Mediabericht over (slachtoffer van) digitale criminaliteit.30 Een Barneveldse dame van 73 jaar wordt in februari 2023 beroofd van haar pinpas, sieraden, iPad en contant geld. Ze dacht haar spullen af te geven aan iemand van de ‘beveiligingsdienst van de Rabobank’, maar in werkelijkheid gaf ze haar spullen mee aan een oplichter. De politie start een onderzoek naar de verdachte die met haar pas pinde; van de jongeman is een foto beschikbaar. De vrouw had een uur met de ‘beveiligingsdienst’ aan de telefoon gehangen en stemde ermee in dat haar waardevolle spullen thuis werden opgehaald, zo is te horen in Plaats Delict, het regionale opsporingsprogramma van Omroep Gelderland.
▪
Zorgfraude. De kansenstructuur voor zorgfraude is in het hele land riant, los van lokale verschillen, want: het is eenvoudig om actief te worden als zorgaanbieder, er is
28
Bron: Brabants Dagblad, Alle pijlen op grote vuurwerkbendes, 29 oktober 2016. Bronnen: Algemeen Dagblad, Celstraf voor eigenaren Chickfriend na fipronilcrisis: Willens en wetens schadelijk middel gebruikt, 12 april 2021; Leeuwarder Courant, Fraude kwarteleieren wordt bestraft, 16 maart 2018; Het Financiële Dagblad, Zes aanhoudingen na illegale handel in slib, 11 april 2007; Algemeen Dagblad, Mogelijke mestfraude leidt tot onderzoek in Barneveld, 17 november 2016; BN De Stem, Inval bij Gelderse afvalverwerker wegens fraude met vervuilde grond, 14 mei 2019. 30 Bron: De Gelderlander, Dame (73) trapt in bankmedewerkertruc: pinpas, 1150 euro, iPad én sieraden kwijt, 24 februari 2023. 29
-29-
weinig formatie beschikbaar binnen gemeenten voor rechtmatigheidstoezicht op fraude met Wmo-zorg of jeugdhulp, de kans op een strafrechtelijk onderzoek is klein en met eenvoudige tactieken (b.v. bezuinigen op personele inzet of cliënten werven c.q. ronselen die zorgtekorten accepteren) kunnen forse bedragen worden verdiend met ontoereikende zorg (Van der Torre & Heijkoop, 2020). Respondenten constateren dat ze meer signalen van vermoedelijke zorgfraude zien in de gemeente Barneveld, nadat aanvankelijk door respondenten werd gedacht dat het een Randstedelijk fenomeen was. ▪
Witwassen. Witwassen is een delict dat als het ware ligt besloten in de wereld van drugshandel en drugsproductie, omdat daarbij (veel) contant wordt verdiend (Noordanus e.a., 2020). Drugscriminaliteit en witwassen zijn een twee-eenheid. Er wordt in de interviewronde gewezen op windhappen (als indicatie voor witwassen): winkels met klaarblijkelijk te weinig klandizie en omzet om de bedrijfskosten te kunnen betalen. Investeringen in (recreatie)vastgoed zijn witwasgevoelig, maar of daadwerkelijk wordt witgewassen ligt buiten het blikveld van (onze respondenten bij) de gemeente. Open bronnen wijzen op witwas-casuïstiek. Dit heeft plaats in een schemerwereld van contant geld, wapens en louche handel; dat hoeft niet per se drugs te zijn, want ook handel in nepartikelen is bijvoorbeeld een optie. Eén casus gebaseerd op onderzoek door de FIOD - onderstreept dat witwaspraktijken een bovenlokaal (en internationaal) karakter kunnen hebben (zie onderstaande tabel).
Tabel 3.8: Mediaberichten over witwassen. ▪
▪
▪
Mei 2021. De politie houdt in de avonduren in Voorthuizen een man aan met duizenden euro's contant geld op zak. De 34-jarige man uit Beverwijk wordt verdacht van witwassen. De politie kwam de verdachte op het spoor doordat zijn kenteken geregistreerd stond en werd opgepikt door een camera op de Zeumerseweg in Voorthuizen. De man wordt er van verdacht valse merkartikelen te verkopen. De politie legde al eerder beslag op zijn goederen.31 April 2021. Op verdenking van fraude met buitenlandse debetkaarten heeft, in het kader van een onderzoek door de FIOD, op 15 april 2021 een doorzoeking plaats in de woning van een 34-jarige man in de gemeente Barneveld. De man wordt verdacht van witwassen en valsheid in geschrifte. Onderzoek toont aan dat de man vermeende valse identiteitsbewijzen gebruikte om in het buitenland debetkaarten aan te schaffen waarmee hij in Nederland grote bedragen aan contant geld opnam. Uit onderzoek van de Belastingdienst is naar voren gekomen dat dit bedrag niet overeenkomt met de opgegeven inkomsten van de verdachte. In de woning zijn digitale gegevens veiliggesteld. Ook werden telefoons en administratie in beslag genomen en is er beslag gelegd op bankrekeningen en onroerend goed.32 Juni 2020. Een 46-jarige man uit Voorthuizen is samen met drie anderen - op een parkeerplaats betrapt op het witwassen van crimineel geld.
Hij werd gepakt toen hij in Breukelen in een auto zat van waaruit een tas met 145.000 euro werd overhandigd aan een 49-jarige man uit Breukelen. De andere verdachten komen uit Utrecht (38) en Hoef en Haag (28). Bij doorzoeking van een woning
31
Bron: De Stentor, Man in Voorthuizen opgepakt met duizenden euro’s op zak op verdenking van witwassen, 29 mei 2021. 32 Bron: FIOD Belastingdienst, Fraude met debetkaarten, doorzoeking in gemeente Barneveld, 15 april 2021, te raadplegen via: https://www.fiod.nl/fraude-met-debetkaarten-doorzoeking-in-gemeente-barneveld/
-30-
worden onder meer een geladen vuurwapen, pepperspray, 4.700 euro cash en vier dure horloges gevonden.33
▪
Gemeenteambtenaren over risicobranches. Professionals van de gemeente beoordelen signalen over mogelijke ondermijnende activiteiten te hebben. Daarbij komen branches in beeld, zoals telefoonwinkels, kapperszaken, de autobranche, horecabranche en zorgbranche. Een categorie bedrijven binnen deze branches heeft weinig tot geen klandizie. Respondenten vragen zich in die gevallen af of het kan gaan om een witwasconstructie. Bepaalde bedrijven dienen als verzamellocatie voor groepen mensen die geen gebruik van de bedrijfsactiviteiten. Respondenten hebben vraagtekens bij wat er dan wel gebeurt. Overigens wijzen respondenten op een informatietekort of -opdracht; er zijn signalen en vermoedens maar een goed of voldoende zicht op genoemde risicobranches ontbreekt.
▪
Stroperij. In het buitengebied komt stroperij voor. Dit lijkt een patroon, al dienen we een slag om de arm te houden. Het is een delict dat plaatsheeft op locaties (buitengebied) en tijden (ook de avonduren of nacht) met een lage pakkans. Een casus in Kootwijkerbroek laat zien dat het Openbaar Ministerie vindt dat stropen verweven kan zijn met illegaal wapenbezit, ingebed in een criminele organisatie (zie onderstaande casus).
Tabel 3.9: Mediabericht over stroperij34 Het Openbaar Ministerie eist in december 2020, in hoger beroep, twee jaar cel tegen Mark B. uit Kootwijkerbroek, die als hoofdverdachte wordt gezien in een strafzaak tegen stroperij en illegaal wapenbezit op de Veluwe. Er staan ook nog acht andere mannen terecht in de zaak. Het is dezelfde eis die B. in 2018 tegen zich hoorde. Hij werd destijds ook veroordeeld tot twee jaar cel, waarvan een half jaar voorwaardelijk, maar ging in hoger beroep. B. wordt verdacht van stroperij, illegaal wapenbezit en lidmaatschap van een criminele organisatie. Hij zou vooral in natuurgebied Kootwijk-Loobos illegaal hebben gejaagd. Zonder een geldige jachtakte schoot hij in vier maanden tijd minstens zestig ganzen en andere vogels, wilde zwijnen en een big. Ook werden katten, een roofvogel en een hond slachtoffer. De zaak kwam in 2014 aan het licht toen er een anonieme brief binnenkwam waarin B. beschuldigd werd van stropen. Hij zou het vlees gebruiken bij een jaarlijkse wildbarbecue. B. wordt gezien als de spil in de zaak omdat hij zich ook bezighield met het verwerken van wild dat door anderen illegaal was geschoten. Ook organiseerde hij jachtpartijen voor jachtaktehouders waarin hij zelf mee schoot. Om de strooppartijen te kunnen uitvoeren handelde hij op grote schaal in wapens en had hij zelf ook illegale wapens voor handen. Daarnaast is B.
al meerdere keren in aanraking geweest met politie en justitie. Een forse straf is volgens het OM daarom op zijn plaats. De andere acht verdachten in de zaak hoorden voornamelijk taakstraffen tegen zich eisen.
33
Bron: RTV Utrecht, Mislukte witwasdeal: 145.000 euro cash, dure horloges en een geladen vuurwapen, 11 juni 202. 34 Bron: Algemeen Dagblad, Stroper in hoger beroep ook cel in, 1 december 2020.
-31-
3.6 Afsluiting Dit hoofdstuk bracht ondermijnende praktijken in kaart. Het volgende hoofdstuk beschrijft vanuit een bestuurskundig perspectief hoe ondermijnende praktijken worden aangepakt.
-32-
4. De (gemeentelijke) aanpak van ondermijning Dit hoofdstuk gaat over de gemeentelijke aanpak van ondermijning. Paragraaf 4.1 presenteert het coalitieakkoord en beschrijft hoe in 2022 en 2023 de gemeentelijke ondermijningsaanpak in een stroomversnelling is gekomen. Paragraaf 4.2 presenteert en analyseert het Integraal Veiligheidsplan 2019-2022. Dat plan blijft van kracht in 2023. Paragraaf 4.3 analyseert de gemeentelijke uitvoeringsorganisatie. Vervolgens behandelt paragraaf 4.4 specifiek de ondermijningsaanpak, met aandacht voor de interne en externe afstemming die dat vergt. Paragraaf 4.5 gaat over de gemeenteraad.
4.1 De gemeentelijke schaalsprong: politiek-bestuurlijke opgaven (inclusief veiligheid) 4.1.1 Het coalitieakkoord (2022-2026): oog voor veiligheid Het coalitieakkoord van de gemeente Barneveld (2022-2026) ‘Ondernemend, betrouwbaar en zorgzaam’ onderstreept dat de gemeentelijke groei gepaard gaat met politiekbestuurlijke opdrachten. Per 1 januari 2023 telt de gemeente ruim 61.000 inwoners, maar dit zal groeien tot naar verwachting 80.000 tot 85.000 inwoners in 2040. De gemeentelijke groei vraagt veel van de twee klassieke pijlers van het lokaal bestuur: ruimtelijke ordening en het sociale domein. Toch wordt ook veiligheid in het voorwoord genoemd als één van de uitdagingen, naast de financiën, bestaanszekerheid en armoede, klimaat, volksgezondheid en perspectief voor het buitengebied. Over veiligheid vermeldt het voorwoord: “We zien negatieve gevolgen van (overmatig) alcohol- en drugsgebruik en willen dit aanpakken. Speciale aandacht verdient de aanpak van ondermijning, digitale criminaliteit én rijden onder invloed.” De schaalsprong is al enige tijd aan de gang. Het akkoord constateert dat de gemeentelijke organisatie daarmee “geen gelijke tred” heeft gehouden.
Dit formuleert een stevige opdracht voor de ambtelijke organisatie: “Bij de geformuleerde visie en ambities voor de gemeente Barneveld hoort een gemeentelijke organisatie, die daar uitvoering aan kan geven, in kwantitatieve en kwalitatieve zin. Wij beseffen dat het nodig is zodanig te investeren dat daardoor de organisatie de komende jaren de bijpassende omslag kan maken.” Wat in algemene zin geldt, gaat ook op voor de ambtelijke veiligheidsorganisatie: de groei van het aantal inwoners vergt kwantitatieve en kwalitatieve groei. Onze respondenten zijn zich hiervan bewust. Het is een ontwikkel- en zoekproces om veiligheid een plaats te geven in een groeigemeente. 4.1.2 De ondermijningsaanpak: een impuls in 2022 Op 20 mei 2022 wordt het coalitieakkoord ondertekend. In de maanden erna wordt geconcludeerd dat de gemeentelijke ondermijningsaanpak een impuls vergt, omdat er een aanzienlijk gat bestaat tussen aan de ene kant de beschikbare slagkracht en aan de andere
-33-
kant de problematiek (zie hoofdstuk 2 en 3) en de politiek-bestuurlijke ambities. Op 27 mei 2022 wordt, in het kader van de uitwerking van het coalitieakkoord, ambtelijk voorgesteld om – als “budgetbijstelling” in de programmabegroting – de ambtelijke capaciteit voor de ondermijningsaanpak uit te breiden. Tot dat moment is de ondermijningsaanpak een neventaak van de teamleider Veiligheid, Vergunningen en Toezicht (verder: VVT), terwijl deze ambtenaar veel andere taken heeft. Er wordt voorgesteld om de ambtelijke capaciteit met drie fte uit te breiden. Het is belangrijk dat een ambtenaar voltijds de ruimte krijgt om de ondermijningsaanpak gestalte te geven en intern en extern aan te jagen, zo wordt geconcludeerd. Daarnaast wordt bepleit om een gespecialiseerde Buitengewone opsporingsambtenaar (verder: boa) aan te stellen met het taakaccent ondermijning. Tot slot wordt voorgesteld om een procesregisseur zorg en veiligheid te positioneren. In het overleg waar signalen over mogelijke ondermijning worden besproken, komen namelijk personen in beeld waarvoor geldt dat een casus- en persoonsgerichte aanpak noodzakelijk is. Het komt doorgaans neer op een koppeling van straffen en helpen, waarbij sociale interventies een lange adem vergen én alertheid op een mogelijk terugval naar overtredingen of strafbare feiten. Dit vergt professionalisme op het snijvlak van zorg en veiligheid.
Deze gevraagde personele uitbreiding is deels gerealiseerd. Er wordt tijdens ons veldwerk nog een ambtenaar Zorg & Veiligheid gezocht. De ervaren VVT-teamleider, die ondermijning reeds als neventaak had, is per 1 januari 2023 projectleider ondermijning geworden. Actie staat centraal: beleid volgt Ongeveer een half jaar na het verschijnen van het Coalitieakkoord start de projectleider ondermijning. Inwerken is niet nodig, want deze professional werkt op 1 januari 2023 namelijk al ongeveer negentien jaar bij de gemeente Barneveld. Hij startte bij de politie: eerst in Amsterdam en later in Barneveld, Wageningen en Ede. Hij kent met andere woorden twee sleutel-organisaties (gemeente en politie), de lokale gewoontes, bedrijven en omstandigheden (in de bovenwereld) en de criminele wereld goed. Het RIEC constateerde in 2021 dat de gemeente Barneveld de ondermijningsaanpak in de “actiestand” had gezet. Hoe kan dat? De coördinatie van die aanpak was immers slechts een ‘neventaak van de chef’. Dat noopte tot pragmatisme, zo benadrukken respondenten. Twee vragen werden van meet af aan centraal gesteld. Wat gaan we doen en waarom? Problemen en professionals werden aan elkaar gekoppeld, om te komen tot operationele inzet. Het gemeentelijk beleid kon wachten, dat wordt later wel geschreven, was de gedachte.
Er wordt operationele actie georganiseerd, zonder Plan van Aanpak Ondermijning, al wordt daaraan gewerkt. Zie paragraaf 4.4 over de manier waarop de operatie gestalte krijgt.
4.2 Het Integraal Veiligheidsplan 2019-2022: veel prioriteiten en activiteiten Het zogenoemde Integraal Veiligheidsplan 2019-2022 (verder: IVP 2019-2022) is opgesteld door politie, justitie en drie gemeenten: Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel. Dit plan loopt -34-
door tot en met 2023. Het geldende plan benoemt ondermijning voor het eerst als prioriteit. In het Integraal Gemeentelijk Veiligheidsplan Barneveld (2015-2018) was dat dat nog niet het geval. Het voorkomen en bestrijden van (overlast vanwege) drank- en drugsgebruik was wel reeds een speerpunt. In dat kader werd melding gemaakt van de aanpak van hennepteelt. Voorts werd werk gemaakt van de (bovenlokale) aanpak van mensenhandel, waarbij wordt gewezen op prostitutie. Het IVP 2019-2022 benoemt vier prioriteiten plus ‘specifieke aandachtspunten’ voor de gemeente Barneveld, namelijk: 1. High Impact Crimes. Dit zijn aangiftedelicten waarbij directe slachtoffers worden gemaakt, zoals woninginbraak. Die delicten daalden in de periode van 2014 tot en met 2018. Toch blijft het voorkomen van woninginbraken een prioriteit, mede omdat de daling achterblijft op die in omliggende gemeenten. Dat komt omdat mobiele daders de A1, A30 en A28 gebruiken om op uitgekozen momenten naar Barneveld te komen, om (met een buit) weer snel te vertrekken. Ook zijn er lokale (groepen van) dieven actief. Bewoners worden betrokken bij preventieve actie, onder meer met zogenoemde WhatsApp-preventiegroepen. Opmerkingen op basis van ons veldwerk Tussen 2014 en 2018 daalden de aangiftedelicten, zoals woninginbraken, dus lag een verschuiving richting ondermijning voor de hand.
Die verschuiving valt te begrijpen omdat bij drugscriminaliteit (sociale) schade wordt aangericht, onder meer verslaving, milieuschade, de opkomst van criminelen en risico’s in het verkeer. De groepen of netwerken die georganiseerd vermogensdelicten plegen, zijn overigens een vorm van georganiseerde misdaad. 2. Ondermijning. Ondermijning wordt in het IVP 2019-2022 opgevat als georganiseerde misdaad. De volgende dossiers worden genoemd: hennepteelt, drugshandel witwassen, mensenhandel, vastgoedfraude en bedreiging en intimidatie. De lokale betekenis van hennepteelt en drugshandel wordt onderstreept. Zo wordt gememoreerd dat er in 2018 in Barneveld tien hennepkwekerijen en twee drugslabs zijn aangetroffen, plus twee afvaldumpingen van synthetische drugs. Voorts krijgt de politie “vaker signalen van drugshandel in ons gebied”. De zogenoemde ondermijningsbeelden, opgesteld door het RIEC, wijzen op hennepteelt, productie van synthetische drugs en drugshandel. Die rapporten benoemen ook zorgfraude, uitbuiting van arbeidsmigranten, witwassen en milieucriminaliteit, zoals mestfraude en afvalcriminaliteit.
Het IVP 2019-2022 zet in op drie pijlers: 1.) het versterken van de weerbaarheid van burgers en van ambtenaren; 2.) het versterken van de alertheid onder ambtenaren en bestuurders op mogelijke ondermijnende praktijken (‘weerbare overheid’); en 3.) de aanpak van ondermijnende activiteiten. Ten behoeve
-35-
van het Uitvoeringsprogramma IVP 2019-2022 worden zeventien min of meer concrete activiteiten genoemd (zie bijlage 5 voor een overzicht). Opmerkingen op basis van ons veldwerk Ondermijning is, net als georganiseerde misdaad, een ‘breed’ verschijnsel, want het omvat tal van fenomenen. Het resulteert in een lange activiteitenlijst. Ambtelijk wordt dit – door de projectleider en zijn belangrijkste interne partners – niet gezien als een verplichtende uitvoeringsopdracht, maar als een kansenstructuur om beleid te koppelen aan lokale problemen die échte prioriteit verdienen en om daartoe capaciteit te organiseren. Binnen de kaders en activiteitenlijst zoeken actiegerichte ambtenaren naar manieren om, op basis van eigen inzicht, maatwerk te leveren. Als één van de zeventien activiteiten wordt genoemd in het IVP 2019-2022: “meer aandacht” voor de veiligheid van bedrijventerreinen en van vakantieparken. De risico’s op de 57 vakantieparken krijgen in de uitvoeringspraktijk een hogere status, namelijk als een kernpunt in de gemeentelijke en integrale ondermijningsaanpak. Mede omdat op een categorie parken signalen in beeld komen van illegale huisvesting van arbeidsmigranten, met een risico op arbeidsuitbuiting. 3. Aanpak overlast in wijken en buurten.
De subtitel van deze derde prioriteit luidt: “Met een accent op kwetsbare personen (mensen met verward gedrag en risicojongeren), voertuigcriminaliteit en radicalisering.” De toelichting op deze prioriteit heeft vervolgens louter betrekking op twee categorieën kwetsbare personen, namelijk “mensen met verward gedrag” en zogenoemde risico-jongeren, waaronder “(…) jongeren die doorgroeien naar zware, bovenlokale criminele netwerken”. De focus op deze twee categorieën wordt als volgt verantwoord: “Veel incidenten in de woon- en leefomgeving zijn – direct of indirect – gerelateerd aan kwetsbare personen, zoals bijvoorbeeld huiselijk geweld en kindermishandeling”. Opmerkingen op basis van ons veldwerk De derde prioriteit is onduidelijk beschreven. Voertuigcriminaliteit en radicalisering staan bijvoorbeeld wel in de subtitel, maar verdwijnen uit beeld bij de verdere toelichting. De beleidsstatus van deze dossiers is onduidelijk. Bovendien zou georganiseerde voertuigcriminaliteit net zo goed een onderdeel kunnen zijn van de ondermijningsaanpak. Sterker, dat is het geval, want integrale controles worden mede gericht op deze branche.35 Voorts plaatst de bovenstaande omschrijving van risico-jongeren voor een groot deel in het kader van de ondermijningsaanpak.
Het gaat immers om jongeren en jongvolwassenen die aanhaken (of dreigen aan te haken) bij criminele netwerken in het ‘zware’ segment.
35
Zie voor een toelichting van Barneveldse burgemeester: https://www.youtube.com/watch?v=RcBsk_Szbho
-36-
4. Cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit. Er wordt geconstateerd dat cybercrime sterk is toegenomen. Het betreft ‘alle’ criminaliteit met ICT als doel en/of middel. Er wordt ingezet op bewustwording van het risico hiervan het slachtoffer te worden: onder burgers (inwoners en ondernemers) en binnen de gemeente. Opmerkingen op basis van ons veldwerk Bij het veldwerk zijn we niet of nauwelijks gestuit op informatie over daders die in de gemeente Barneveld wonen, al worden er wel slachtoffers gemaakt. De digitale misdaad neemt toe, dus is het verstandig om de alertheid van burgers hiervoor te versterken. 5. ‘Specifieke aandachtspunten’ voor de gemeente Barneveld. De vier prioriteiten gelden voor de drie gemeenten in de Veluwe Vallei-Noord. Daarnaast telt het IVP 2019-2022 een gemeente-specifiek hoofdstuk, met lokale thema’s. Het gaat wat de gemeente Barneveld betreft om zestien thema’s: ▪ De inzet van boa’s. De boa’s voeren talrijke taken uit, zoals wettelijke taken, parkeertoezicht, controles en handhaving in het kader van de APV, horecatoezicht in de nachtelijke uren en – in het kader van de ondermijningsaanpak – controles van het Digitaal Opkoop Register (verder: DOR). Deze taakgerichtheid wordt gekoppeld aan een gebiedsgerichte inzet van boa’s. ▪ Veiligheidsmonitor: projectmatige aanpak van drie grootste ergernissen.
Het betreft: hondenpoep, parkeerproblemen en te hard rijden. ▪ Terrorismebestrijding/radicalisering. Dit wordt hier genoemd en is dus kennelijk toch geen onderdeel van de derde prioriteit: aanpak overlast in wijken en buurten. ▪ Overvallen. Het gaat met name om nazorg bij een (schaarse) overval. ▪ Huiselijk geweld en kindermishandeling. Het IVP geeft een omschrijving van dit verschijnsel. ▪ Prostitutiebeleid. Bij handhaving van het prostitutiebeleid werkt de gemeente samen met het RIEC en met (het team mensenhandel van) de politie. ▪ De Wet Bestuurlijke Informatie Justitiabelen. Het gaat om de terugkeer van ex-gedetineerden die ernstige gewelds- en/of zedendelicten hebben gepleegd. ▪ Alcoholwet. Toezicht en naleving van de Alcoholwet ligt – in het kader van het project FrisValley 3.0 – in handen van opgeleide en door justitie aangewezen boa’s. ▪ Keurmerken Veilig Ondernemen Winkelgebieden, Bedrijventerrein en Buitengebieden. Via publiek-private samenwerking wordt de schade die het bedrijfsleven lijdt door criminaliteit, sociale onveiligheid en brand teruggedrongen.
-37-
▪ ▪ ▪ ▪
▪ ▪ ▪
Evenementenbeleid. Een belangrijke werkwijze bestaat uit vroegtijdig overleg met organisatoren. Horecaconvenant. Dit gaat om de openbare orde en veiligheid bij het uitgaan. Verkeersveiligheid. Het gaat hierbij onder meer om preventie van rijden onder invloed. Toezicht op de (drie) treinstations van de Valleilijn. Toezicht heeft, zo leert de praktijk, “grote toegevoegde waarde” voor het veiligheidsgevoel op de drie stations. Gecoördineerde graffitiaanpak. Dit bleek succesvol en wordt voortgezet. Een veilige jaarwisseling. Er wordt veel vernield en dit vergt een integrale aanpak. Recreatiegebied Zeumeren. Dit is een drukbezochte toeristische trekpleister en dat vergt toezicht en handhaving.
Opmerkingen op basis van ons veldwerk De lokale aandachtspunten in de gemeente Barneveld leveren dus een optelsom van activiteiten op, verdeeld over zestien thema’s. Hier komen er nog veel meer bij, als wordt gekeken naar de operationalisatie van de vier prioriteiten in het zogenoemde Uitvoeringsprogramma voor het jaar 2023. Dat levert maar liefst 77 activiteiten (zie de tabel in bijlage 5) op voor (onder meer) de gemeente Barneveld die als volgt zijn verdeeld: prioriteit 1a, High Impact Crimes: elf activiteiten; prioriteit 1b, tegengaan van geweld: elf activiteiten; prioriteit 2, Ondermijning: 21 activiteiten; prioriteit 3, Aanpak overlast in wijken en buurten: 26 activiteiten; prioriteit 4, Cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit: acht activiteiten. In totaal worden dus 93 verplichtende activiteiten of concrete activiteiten opgesomd. Het is, mede door gedeeltelijke overlap, onmogelijk om door de bomen het bos te zien.
4.3 De ambtelijke veiligheidsorganisatie 4.3.1 Het VVT-team: in ontwikkeling Het gemeentelijke team Veiligheid, Vergunningen en Toezicht is ondergebracht bij het concern Samenleving. Er is één teamleider (tijdens ons veldwerk een ingehuurde professional), met daarnaast een formatie van 2,89 fte voor openbare orde en veiligheid (verder: OOV). Dit ligt in handen van de zogenoemde beleidsmedewerkers Integrale Veiligheid: we noemen hen verder in dit rapport de OOV-ambtenaren. Er is ook 2,08 fte beschikbaar voor vergunningverlening. Dit is verdeeld over één coördinerend vergunningverleners APV/Evenementen, een vergunningverleners APV/Evenementen en een vergunningverlener Horeca. Het VVT-team beschikt ook over een ervaren (breed inzetbare) jurist (0,6 fte) en over twee procesregisseurs zorg en veiligheid (1,77 fte). Voorts is er binnen
-38-
de gemeente Barneveld negen fte beschikbaar voor boa’s op domein 1.36 Dat zijn de geüniformeerde boa’s ten behoeve van de aanpak van overlast, verloedering en onveiligheid. Op hoofdlijnen: taakverdeling Er zijn thans drie OOV-ambtenaren (2,89 fte) beschikbaar voor openbare orde en veiligheid. Eén ambtenaar betreft de projectleider ondermijning. De tweede OOV-ambtenaar richt zich, naast enkele organisatorische taken, met name op digitale criminaliteit en crisisbeheersing. Crisisbeheersing is dus een neventaak van één OOV-ambtenaar. Tot slot omvat de portefeuille van de derde OOV-ambtenaar met name de zogenoemde High Impact Crimes (een prioriteit in het IVP 2019-2022), het beleid ten aanzien van de ongeveer dertig zogenoemde ‘drankketen’ en beleid wat betreft alcohol- en drugsgebruik. Deze ambtenaar heeft ook een stevig aandeel in het herschrijven van het IVP, inclusief het beleid wat betreft de ondermijningsaanpak. Er wordt tijdens ons veldwerk gewerkt aan een gemeentelijk beleidsstuk over die aanpak. Grote en kleine veiligheidskwesties die zich als het ware opdringen, zeg maar de ‘waan van de dag’, wordt over drie OOV-ambtenaren verdeeld. Bijvoorbeeld de boerenprotesten en de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne. Zodra een OOV-ambtenaar (inclusief de projectleider ondermijning) stuit op een juridische vraag, is een ervaren juriste beschikbaar binnen het VVT-team.
De vergunningverleners zijn belast met een groot aantal (verschillende) concrete vergunningaanvragen, zoals horecavergunningen, evenementen-vergunningen, standplaatsvergunningen en collectes. De gemeente beschikt niet over een Bibobcoördinator, waardoor het organiseren van de toetsing rust op de schouders van een vergunning-medewerker. Er wordt altijd een Bibob-toets uitgevoerd bij een alcoholwetvergunning, exploitatie van een openbare inrichting en bij een vergunningaanvraag in twee geijkte risicobranches, namelijk speelgelegenheden en een seksinrichting of escortbedrijf. Er kan een toets worden uitgevoerd op andere gebieden, zoals een omgevingsvergunning, bij evenementen, bij een bijschrijving van een leidinggevende op een drank- en horecavergunning of bij een vergunningaanvraag voor een para-commerciële instelling. Tussentijds wordt een Bibob-toets gedaan naar een horecabedrijf bij een overname of wisseling van een leidinggevende. Naast de bovenstaande taken is 1,77 fte beschikbaar voor twee procesregisseurs. Zij vervullen taken op het terrein van zorg en veiligheid, waarbij zij onder meer zijn belast met ‘verwarde personen’ en met het jeugddossier. Indien op vakantieparken personen worden aangetroffen die in de knel zitten (bijvoorbeeld vanwege schulden en sociale of psychische problemen), pakken deze procesregisseurs zo’n persoonsgerichte casus op.
36
Deze boa’s werken in de openbare ruimte, d.w.z. een publieke ruimte die voor iedereen toegankelijk is, met actief toezicht en handhaving. Boa’s openbare ruimte hebben een breed pakket aan bevoegdheden om overlast en kleine ergernissen binnen de openbare ruimte aan te pakken. De oude functies APV controleur, parkeercontroleur, brandweercommandant, gemeentelijke opsporingsambtenaar en controleur openbare ruimte vallen onder het domein Openbare ruimte.
-39-
4.3.2 Gemeentelijke veiligheidsorganisatie: prestaties, grenzen en uitdagingen Het VVT-team levert prestaties, op beleidsdossiers of als de omstandigheden daar om vragen, zoals bij de boerenprotesten, bij piekdrukte in het toeristenseizoen, als er ‘stakkers’ (b.v. verwarde personen of schuldenaars) worden aangetroffen op een vakantiepark of bij het organiseren van de opvang van Oekraïners. Toch zijn achterstanden ontstaan door de groei van de veiligheidstaak en door de toename van het aantal inwoners en bezoekers. De gemeentelijke veiligheidsorganisatie loopt tegen grenzen aan: ▪
De vierdubbele groei van de veiligheidstaak: meer inwoners, meer (politie)taken en complexer. De gemeentelijke veiligheidsorganisatie is kwetsbaar door een vierdubbele groei van het takenpakket door: 1.) de (doorlopende) taakverschuiving van politie naar gemeente, hetgeen met name voelbaar is binnen de boa-organisatie; 2.) meer gemeentelijke veiligheidstaken ; 3.) meer en meer inwoners en bezoekers, inclusief illegale en niet-geregistreerde bewoners; en 4.) meer complexe problematiek, zoals criminele invloed en praktijken op vakantieparken, georganiseerde drugsproductie, criminele investeringen, meer drugsgebruik (ook in het verkeer) en meer verwarde personen die in de knel raken. Dit is voor vrijwel elke gemeente een uitdaging, maar bij uitstek in Barneveld vanwege de schaalsprong: de forse groei van het aantal inwoners.
▪
De lastige positionering van veiligheid in de ambtelijke organisatie. De positionering van de veiligheidstaak in de ambtelijke organisatie, naast de van oudsher sterke sociale en fysieke pijlers, is een lastige uitdaging. Die positionering vergt een antwoord op de volgende kwetsbaarheden of uitdagingen: - De OOV-ambtenaren zijn in de afgelopen jaren fors belast, onder meer door de coronacrisis, door de opvang van vluchtelingen en door de zware taak die de ondermijningsaanpak blijkt te zijn. Er zijn veel meer taken en activiteiten dan OOV-ambtenaren. - Veel veiligheidsinspanningen zijn aspect-beleid; dat zijn beleidsinspanningen waarbij op onderdelen medewerking nodig is van interne (en externe) partijen. Deze afstemming vergt tijd en energie, maar ook kwaliteiten, kennis van de ambtelijke organisatie en het vermogen om als het ware ‘in te breken’ op werkprocessen op andere afdelingen. Inclusief afdelingen die een meer traditionele status hebben dan veiligheid, zoals ruimtelijke ordening of het sociaal domein. Op het ondermijningsdossier lukt het redelijk (goed) om een intern netwerk te benutten. De ambtenaren die dat dossier trekken zijn ervaren krachten die hun weg weten te vinden in het ambtelijk apparaat.
Zie echter het volgende punt - Op concrete (en belangrijke) dossiers is veiligheid geen sleutelfunctie, ingebed in de ambtelijke organisatie, maar een kwestie die staat of valt bij het
-40-
functioneren van sleutelfiguren. Goede prestaties (afgezet tegen de geringe capaciteit) worden geboekt als op spilposities sterke ambtenaren zitten. Thans is dat het geval bij de ondermijningsaanpak, al leunt die aanpak sterk op de schouders van de huidige projectleider. Een AOV-ambtenaar heeft ten behoeve van de ondermijningsaanpak sinds de zomer van 2023, in afstemming met de projectleider, overlegvormen en werkprocessen in kaart gebracht. Het is de uitdaging om de op gang gebrachte actiegerichtheid vast te houden en bij voorkeur verder te ontwikkelen. ▪
De boa-organisatie: een krappe bezetting. De negen boa’s dienen continu te kiezen wat ze doen en laten. Dit komt door het aantal inwoners (ruim 61.000), het grote aantal bezoekers, de groei van het inwonertal en het grote oppervlak (176,7 km²), met tien kernen, 57 vakantieparken en vijf bedrijventerreinen. Het werkaanbod van de boa’s groeit, onder meer door de toename van de meldingen en omdat de politie steeds meer taken overlaat aan boa’s; het is reeds lange tijd de trend dat de politie – door het hele land heen – zich meer richt op kerntaken (Van der Torre e.a., 2007; Bervoets, 2013); wel werken politie en boa’s (in Barneveld) samen. De negen boa’s hebben grofweg vier hoofdopdrachten: 1.) het afhandelen van meldingen; 2.) gebiedsgerichte inspanningen en aanwezigheid; 3.) taakspecialisatie (b.v. horeca of ondermijning); en 4.) algemeen toezicht en handhaving. Dit is een breed en zwaar takenpakket, mede omdat boa’s ook werken buiten kantooruren, in de weekenden en op de avonden. Bovendien werken boa’s vaak in koppels en dienen zij hun beroepsvaardigheden op peil te houden met trainingen en examens. Dit ‘drukt’ de beschikbare capaciteit en maakt het lastig om voor alle taken en locaties een boa of boa-koppel in te roosteren.
De brede boa-taak mondt uit in een lange lijst van meer concrete taken, zoals controle op afval, parkeertoezicht, toezicht bij evenementen en gericht toezicht op tijden en locaties met drukte of overlast. Boa’s voeren horecacontroles uit en hebben een aandeel in integrale controles op onder meer vakantieparken of in risicobranches. Boa’s krijgen instructies om bepaalde adressen in de gaten te houden, bijvoorbeeld vanwege overlast of illegale bewoning. Als de ogen en oren op straat, hebben boa’s een signalerende functie. Die signaalfunctie omvat ondermijning. Eén boa, de “voorman”, is aangewezen als ondermijningsspecialist. De boa-organisatie wordt geconfronteerd met de uitbreiding van het takenpakket en met de groei van de gemeente. Op dit punt valt de situatie te vergelijken met die in de gemeente Ede. Begin 2022 telt die groeigemeente exact 119.986 inwoners, met een boa-organisatie met 30,5 fte (waarvan 27 fte operationeel). Per januari 2023 telt de gemeente Barneveld 61.769 inwoners en een boa-formatie van 9 fte. Per 10.000 inwoners komt dit voor de gemeente Ede neer op 2,5 boa en voor de gemeente Barneveld op 1,5 boa.
-41-
4.4 De ondermijningsaanpak: al doende leren 4.4.1 De beleidsbenadering: actie als basis De ondermijningsaanpak is thans een voltijdsfunctie van een projectleider ondermijning. Hij beschikt over materiekennis en over een uitgebreid intern en extern netwerk. Dit netwerk hoeft niet te worden opgebouwd ten behoeve van de ondermijningsaanpak; het kan worden benut en geactiveerd. De ondermijningsaanpak wordt gekenmerkt door pragmatiek en actiegerichtheid. Dit past – zo vertellen de sleutelfiguren bij de ambtelijke ondermijningsaanpak - bij de pioniersfase waarin deze aanpak zich bevindt. Er dient volgens hen te worden gewaakt voor twee valkuilen: 1.) mooie plannen en veel overleg, maar weinig actie en te weinig kennis van wat zich buiten afspeelt; 2.) alleen maar hard rennen en reageren op gebeurtenissen en signalen, zonder beleidsvorming en opbouw van een informatiepositie. De projectleider zoekt een middenweg. Daartoe heeft hij binnen de ambtelijke organisatie een harde kern geformeerd t.b.v. de ondermijningsaanpak. Het betreft, naast de projectleider, een ervaren boa (de “voorman”) met veel lokale kennis en de even ervaren VVT-jurist. Voorts beschikt de gemeente over een voltijds toezichthouder voor de verblijfsrecreatie.
Er wordt, mede vanwege de risico’s op illegale bewoning en adresfraude, nauw samengewerkt met enkele ambtenaren van Burgerzaken die alertheid tonen bij het signaleren van mogelijke ondermijnende praktijken. Bij die ambtenaren zit kennis en ervaring, opgedaan bij Burgerzaken en deels (bij een ingehuurde professional) bij de politie. Hier komen dan nog eens de goede contacten bij van de projectleider bij politie, RIEC en (ook strategisch) binnen de ambtelijke organisatie. De consequentie van het bovenstaande is dat de projectleider werkt te midden van een professionele coalitie. Het bestaande beleid (het IVP 2019-2022) biedt weinig houvast bij de ondermijningsaanpak. Er is al doende een beleidstheorie gevormd die in de kern een actietheorie is. Die is niet gericht op ‘beleidsoptimalisatie’ of op het behalen (afvinken) van in plannen bedachte doelen en inspanningen, maar op bevredigende resultaten en op een leerproces van onderop. Die actietheorie bestaat, zo volgt uit de gespreksronde (de actietheorie is in de praktijk gegroeid), uit de volgende acht elementen: 1. Interne ambassadeurs. De projectleider heeft op belangrijke afdelingen contacten opgebouwd met ambtenaren die fungeren als ambassadeur van de ondermijningsaanpak.
Veel van die ambassadeurs nemen deel aan het zogenoemde maandelijkse Signalenoverleg (zie verderop), waar concrete signalen en casus over (mogelijke) ondermijning worden besproken. Het betreft de coördinator van de boa’s, een medewerker van de Omgevingsdienst, de VVT-jurist, een BRP-medewerker (omschreven als “straatcontroleur”), de toezichthouder Sociaal Domein, een medewerker van Team Belastingen en een politiemedewerker (gespecialiseerd in ondermijning). De genoemde gemeenteambtenaren zijn op de hoogte van casus en van relevante fenomenen. Ze kunnen daarover in heldere taal speken, ook met anderen op hun afdeling. Ze verzamelen signalen en kunnen die inbrengen. De
-42-
overtuigingskracht schuilt in een eenvoudige taal waarin over concrete casuïstiek wordt gesproken. De projectleider houdt van inhoudelijke gemotiveerde actie; niet van ingewikkelde taal of vage termen en begrippen, zoals ‘weerbaarheid’. 2. Straatinformatie zoeken en benutten. De projectleider zoekt continu naar straatinformatie over mogelijke ondermijning. De vraag naar dit soort informatie wordt uitgezet onder ambtenaren die op locatie en/of in direct contact met burgers op dergelijke informatie stuiten. Het betreft ambtenaren die op de vakantieparken komen, die panden controleren (vanwege mogelijke illegale bewoning), die burgers inschrijven of uitschrijven in de BRP en die op straat komen: door hun functie (o.a. boa’s) of simpelweg doordat ze in de gemeente wonen. In veel gemeenten worden beleidsstukken of onderzoeksrapporten gemaakt over ‘maatschappelijke weerbaarheid’ en over ‘meldingsbereidheid’, met als rode draad dat burgers (inclusief ondernemers) signalen over (mogelijke) ondermijning melden en dat ze criminele verleidingen moeten weerstaan. De projectleider kiest voor een directe benadering, zowel intern (zie punt 1) als extern. Bij een bijeenkomst voor het Keurmerk Veilig Buitengebied werd bijvoorbeeld afgezien van een algemene presentatie over (weerbaarheid tegen) ondermijning.
Er werd een ontbijtsessie georganiseerd, in aanwezigheid van de burgemeester en de politiechef, waarbij in concrete taal werd gesproken. De gemeente is ook in gesprek getreden met makelaars. Die directe bejegening zet zoden aan de dijk: door betrokkenheid van autoriteiten als de burgemeester en/of politiechef; dit onderstreept dat het menens is. Of juist low profile, als een toezichthouder of boa op locatie gesprekken aanknoopt, bijvoorbeeld met de eigenaar van een vakantiehuisje. De projectleider geeft invulling aan termen waar hij niet zo van houdt (zoals interne weerbaarheid), want in de gemeentelijke organisatie is bekend geraakt dat hij graag straatinformatie (over mogelijke ondermijning) ontvangt. 3. Van straatinformatie naar actie. Op basis van verzamelde signalen worden, ongeveer vanaf 2019, controles opgezet. Er wordt onder andere gecontroleerd op vakantieparken (in samenwerking met het project Ariadne), in panden met mogelijke illegale bewoning en op bedrijventerreinen of op bedrijfslocaties (o.a. in de autobranche). Dit wordt met behulp van de harde kern georganiseerd. De projectleider “organiseert de mensen”, de VVT-jurist maakt duidelijk welke bevoegdheden benut kunnen worden en de projectleider stuurt de ambtelijke en mogelijk juridische nasleep aan.
Bij het opzetten van controles is gebruikgemaakt van steun en advies van het districtelijk ondermijningsprogramma Samen Weerbaar. 4. Actie en casuïstiek creëren urgentiegevoel. Er is binnen de gemeentelijke organisatie (in de ambtelijke top en bestuurlijk) van lieverlee een urgentiegevoel ontstaan omtrent de aanpak van ondermijning. Dit kwam door de zwaarte van de signalen,
-43-
maar ook doordat bij controles daadwerkelijk misstanden werden aangetroffen. Bijvoorbeeld illegale bewoning, illegale prostitutie, drugsafval of verloedering en criminalisering van verschillende vakantieparken. Verschillende concrete casus bleken een eyeopener te zijn, namelijk: een grondaankoop (bij de gemeente) door een man die elders in het land bleek te zijn aangehouden op verdenking van witwassen; seksuele uitbuiting (van twee meisjes uit Hongarije); een grote partij drugsafval op een terrein dat door de gemeente werd verhuurd; en erbarmelijke huisvesting van migranten die onder andere in de horeca werkten en waarschijnlijk werden uitgebuit. 5. Actie levert informatie op. De gedachte is dat actie leidt tot een informatiepositie die langzaam maar gestaag beter wordt. Controles en directe contacten (met bewoners en ondernemers) laten zien wat er speelt in de gemeente. De actie die wordt ondernomen levert intern een goed verhaal op waarom ambtenaren moeten melden en waarop ze dienen te letten. De motivatie om intern zaken te melden neemt bovendien toe als duidelijk wordt dat daadwerkelijk actie wordt ondernomen. 6. Het netwerk al doende uitbouwen. De projectleider bouwt al doende een netwerk op. Hij startte met het intensiever benutten van bestaande interne en externe contacten, maar dit wordt uitgebreid.
Bij de controle van vakantieparken wordt samengewerkt met (toezichthouders van) het project Ariadne. Naar aanleiding van (berichtgeving over) een controle waarbij vermoedelijk arbeidsuitbuiting werd aangetroffen, zocht de Arbeidsinspectie contact met de gemeente Barneveld. De (harde kern rondom de) projectleider benut bestaande contacten met inwoners en ondernemers. Dit levert de nodige signalen op. Op enkele uitgekozen momenten (zoals een bijeenkomst met ondernemers) waarop ondermijning is besproken, is de aanwezigheid van de burgemeester benut om de relevantie te onderstrepen. 7. Van casus en controles naar interventietactiek. Het gevaar van controles en concrete casuïstiek is dat dit veel ambtelijk werk met zich meebrengt, terwijl het externe effect tegenvalt. Informatie over (mogelijke) strafbare feiten en/of over overtredingen worden benut om (rechts)personen aan te spreken op hun verantwoordelijkheid. Dit gebeurt bijvoorbeeld met eigenaren van vakantieparken waar misstanden zijn aangetroffen of met uitzendbureaus die bijvoorbeeld (lijken te) verhinderen dat arbeidsmigranten zich inschrijven in de BRP. 8. Interne trainingen: geen doel op zich. Er is in het eerste kwartaal van 2023 een serie van acht trainingen verzorgd over (het herkennen, melden aan aanpakken van) ondermijning.
Het betrof trainingen voor het Team Belastingen, buitendienstmedewerkers, Burgerzaken, Team Communicatie, Team Participatie, het VVT-team en de boa’s. Tot slot is er ook een training gegeven aan het college van burgemeester
-44-
en wethouders. Dit was geen doel op zich, want het was steeds de bedoeling teams of afdelingen aan te laten haken bij de aanpak, het intern netwerk uit te breiden, in simpele taal duidelijk te maken waar het om gaat en om urgentiebesef te kweken. Bovendien werd duidelijk bij wie eventuele meldingen terechtkomen. Dat werkt beter dan (alleen) een mailadres of meldpunt ondermijning, al werden de trainingen benut om zo’n (recent ingericht) meldpunt te introduceren. Er worden ten behoeve van de gemeentelijke aanpak van ondermijning verschillende overlegvormen benut. Daarin gaat het om de vraag hoe acties verlopen en tot welke actie kan worden overgegaan. Het overleg wordt benut om het interne en externe netwerk te onderhouden en om de aanpak aan te jagen (zie sub-paragraaf 4.4.2). 4.4.2 Vanuit netwerken: werken aan gedoseerde integraliteit De ondermijningsaanpak vergt intern-gemeentelijke en externe integraliteit. Daarbij bestaat het gevaar dat te veel tijd wordt gestopt in samenwerking (integraliteit) en overleg, al wordt in Barneveld gewaakt over de actiegerichtheid. Voor de ondermijningsaanpak zijn drie integrale overlegvormen belangrijk: 1) De Stuurgroep Ondermijning. Dit is een wekelijks overleg op gemeenteniveau, met als deelnemers de projectleider ondermijning, de boa-coördinator, een medewerker van Burgerzaken en de Operationeel Expert Ondermijning van de politie.