F2. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio 2025-2029
Tekst van het document
2025
REGIONAAL ACTIEPLAN DAKLOOSHEID VALLEIREGIO 2025-2029
VALLEIREGIO EDE, VEENENDAAL, WAGENINGEN, BARNEVELD, RHENEN, SCHERPENZEEL, RENSWOUDE
Inhoudsopgave 1
Samenvatting ........................................................................................................................................2
2
Inleiding ................................................................................................................................................3
2.1
Aanleiding.........................................................................................................................................4
2.2
Doelgroep .........................................................................................................................................4
2.3
Ambitie .............................................................................................................................................4
2.4
Hoe is dit actieplan tot stand gekomen............................................................................................6
3
Achtergrond ..........................................................................................................................................7
3.1
Dakloosheid in de Valleiregio: een groeiend en veranderd vraagstuk .............................................7
3.2
Hoe hebben we het nu georganiseerd? ...........................................................................................8
3.3
Hoe gaan we te werk ........................................................................................................................8
4
Wat gaan we het doen; doelstellingen .................................................................................................9
4.1
Doel 1: Meer zicht op dakloosheid ...................................................................................................9
4.2
Doel 2: Dakloosheid voorkomen door eerder in te grijpen ..............................................................9
4.3
Doel 3: Wonen als uitgangspunt ....................................................................................................10
4.4
Doel 4: Een toegankelijke opvangstructuur ...................................................................................11
4.5
Doel 5: Woonstabiliteit en waar nodig passende ondersteuning ..................................................11
5
Wat maakt het uitdagend? .................................................................................................................13
5.1
Kunnen we dak - en thuisloosheid terugdringen naar 0? ..............................................................13
5.2
Ombuigingen ..................................................................................................................................14
6
Concrete acties en tijdlijn ...................................................................................................................15
6.1
Wat gaan we doen?........................................................................................................................15
Acties doel 1
Meer zicht op dakloosheid ................................................................................................15
Acties doel 2
Dakloosheid voorkomen door eerder in te grijpen ...........................................................16
Acties doel 3
Wonen als uitgangspunt....................................................................................................16
Acties doel 4
Een toegankelijke opvangstructuur...................................................................................17
Acties doel 5
Woonstabiliteit en waar nodig passende ondersteuning .................................................17
7
Financiële dekking & begroting ..........................................................................................................19
Financiële dekking .......................................................................................................................................19 Begroting .....................................................................................................................................................20 Bijlage 1 Begrippenlijst ................................................................................................................................22 Bijlage 2 ETHOS -telling onderzoeksverslag .................................................................................................24
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
1
1
Samenvatting
Waarom dit actieplan? Het Nationaal Actieplan Dakloosheid Eerst een Thuis vraagt regio’s om de landelijke ambitie, dakloosheid structureel en duurzaam te beëindigen en te vertalen naar een regionale aanpak. In de Valleiregio koppelen we deze opdracht aan onze Regiovisie Maatschappelijke Opvang (2021), waarin zelfstandig wonen het uitgangspunt is. Uit de ETHOS-telling 2025 blijkt dat dak- en thuisloosheid in de regio in veel gevallen een woonprobleem is, dat vaker voorkomt én diverser is dan voorheen. Dit actieplan vertaalt deze inzichten naar concrete acties. Waar werken we naartoe? Onze ambitie is een regio zonder dakloosheid, waarin wonen het vertrekpunt is. We zetten in op: • Vroegtijdige signalering en preventie. • Snelle, tijdelijke opvang waar nodig. • Duurzame uitstroom naar zoveel mogelijk zelfstandig wonen met passende ondersteuning. • Een toegankelijk, mensgericht vangnet waarin niemand buiten slaapt. • Samenwerking lokaal doen we wat lokaal kan, regionaal trekken we op waar dat nodig is. Wanneer gaan we aan de slag? De uitvoering start in 2025 en loopt meerjarig door tot en met 2029. In deze periode ligt de focus op het versterken van preventie, het borgen van bestaande opvangstructuren, het uitbreiden van Wonen Eerst, en het uitwerken van nieuwe woon- en opvangvormen. Jaarlijkse monitoring en regelmatige evaluaties zorgen voor bijsturing.
Welk bestaand aanbod willen we bestendigen? • Nachtopvang jaarrond op een vaste locatie. • Dagopvang 7 dagen per week. • Tijdelijke verblijfplekken voor jongeren. • Sociaal pension voor alleenstaanden en gezinnen. • Bemoeizorg en outreachend veldwerk voor signalering en toeleiding. Wat gaan we doen? Actielijnen en kernacties 1. Meer zicht op dakloosheid ➢ ETHOS-telling resultaten geven duiding aan onder andere omvang doelgroep, diverse categorieën, vindplaatsen etc. ➢ Registratie en data-uitwisseling verbeteren. ➢ Bewustwordingscampagne tegen stigma en om vroeg signalering te bevorderen, koppeling met inclusiebeleid. 2. Dakloosheid voorkomen ➢ Preventie opnemen in afspraken huisvesting aandachtsgroepen. ➢ Vroegsignalering via ketenpartners versterken. ➢ Particuliere verhuurders en werkgevers betrekken. ➢ Ervaringsdeskundigheid structureel in beleid verankeren. 3. Wonen als uitgangspunt ➢ Wonen Eerst uitbreiden naar alle gemeenten of ‘in de regio’. ➢ Alternatieve woonvormen ontwikkelen, zoals flexwoningen. 4. Toegankelijke opvangstructuur ➢ Structurele nachtopvang en dagopvang behouden. ➢ Tijdelijke verblijfplekken voor jongeren versterken. ➢ Creatieve woonoplossingen realiseren om doorstroom te bevorderen. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
2
5. Woonstabiliteit en passende ondersteuning ➢ Samenwerking gemeenten, zorg, woningcorporaties en ervaringsdeskundigen intensiveren. ➢ Uitstroomplannen maken bij instroom in opvang. ➢ Nieuwe woonvormen zoals Anders Wonen realiseren voor mensen met complexe problematiek. Met deze integrale aanpak willen we dakloosheid in de Valleiregio niet alleen verminderen, maar duurzaam oplossen, met een eigen thuis als uitgangspunt.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
3
2
Inleiding
2.1 Aanleiding Eind 2022 hebben het Rijk, de VNG, woningbouwcorporaties, zorgaanbieders, cliëntorganisaties en andere belanghebbende partijen het Nationaal Actieplan Dakloosheid: Eerst een Thuis gelanceerd. Het Nationaal Actieplan Dakloosheid is opgesteld vanuit de ambitie van de rijksoverheid om dakloosheid in Nederland op een structurele en duurzame manier aan te pakken. De opdracht is voortgekomen uit de Europese verplichting en de noodzaak om de problematiek van dakloosheid effectief te bestrijden, met als doel dakloosheid in Nederland te verminderen en uiteindelijk te beëindigen. De opdracht aan regio’s maatschappelijke opvang is om dit nationale actieplan, conform de onderliggende bestuurlijke afspraken, om te zetten naar een regionaal plan van aanpak. Ook pakken we dit op om als Valleiregio concrete invulling te geven aan de Regiovisie op de Maatschappelijke Opvang die de gemeenteraden in 2021 hebben vastgesteld. Daarin uiten we de ambitie om mensen zo zelfstandig mogelijk te laten wonen. In dit actieplan leggen we daarom geregeld de koppeling naar deze visie.
2.2 Doelgroep Als we het hebben over de doelgroep die onder de Maatschappelijke Opvang valt, dak - en thuislozen, gaat het over personen die door een of meer problemen de thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn op eigen kracht te handhaven in de samenleving (Wmo art.1 lid 1c), vervolgens geldt dat: • De persoon is 18 jaar of ouder en, ▪ De persoon heeft de Nederlandse nationaliteit of verblijft legaal in Nederland en, ▪ Bij opvang houden we rekening met hetgeen gesteld is in de beleidsregels landelijke toegankelijkheid maatschappelijke opvang Ede. Hoewel dit actieplan voortkomt uit de verantwoordelijkheid voor de doelgroep van de Maatschappelijke Opvang, richten we ons breder: op iedereen in de Valleiregio die dak- of thuisloos is of dreigt te worden. Zowel preventie, ondersteuning, tijdelijke opvang en huisvesting spelen hierin een rol. Voorbeeld uit de praktijk D. vrouw 61 jaar. D. heeft een vaste baan in de Valleiregio. Ze werd dakloos doordat de woning die zij huurde werd verkocht door haar huurbaas. D. staat ingeschreven als woningzoekende, maar komt nog niet in aanmerking voor een huurwoning. Zij woont alweer aantal jaren tijdelijk op een vakantiepark in de regio en ervaart dagelijks spanningen door de angst voor handhaving op de camping waar zij verblijft. Het lukt D. nog steeds om dagelijks naar haar werk te gaan. 2.3 Ambitie Onze ambitie: Eerst een thuis.
In de Valleiregio vinden we dat iedereen recht heeft op een eigen thuis. Dak- en thuisloosheid is in de kern een woonprobleem, geen opvangprobleem. Daarom zetten we in op wonen met de juiste ondersteuning in plaats van langdurig verblijf in tijdelijke opvang of zorginstellingen. Dit actieplan sluit aan op de visie op Maatschappelijke Opvang die we in 2021 hebben vastgesteld. Dakloosheid: meer dan geen dak boven je hoofd Dakloosheid is niet alleen het ontbreken van een woning. Het betekent vaak ook het verlies van veiligheid, stabiliteit en waardigheid. Mensen die dakloos raken, verliezen niet enkel een fysieke plek om te wonen, maar ook een basis voor hun gezondheid, sociale relaties en toekomstperspectief. Dakloosheid versterkt vaak bestaande problemen en maakt het oplossen ervan moeilijker. Iemand met schulden, psychische klachten of een verslaving komt zonder stabiele woonplek nauwelijks toe aan herstel. Dit creëert een vicieuze cirkel waarin problemen zich opstapelen en kansen op herstel steeds kleiner worden. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
4
Achter elke vorm van dakloosheid schuilt een menselijk verhaal: iemand die zijn baan verloor, een jongere die thuis onveilig was, een oudere die de huur niet meer kon betalen, of een EU-burger zonder vangnet. Het raakt aan onze kernwaarden als samenleving: bestaanszekerheid, veiligheid en menswaardigheid. Dakloosheid kent vaak meerdere oorzaken die samenhangen met iemands persoonlijke situatie, zoals achtergrond, opvoeding, opleiding, ingrijpende life-events, fysieke of mentale gezondheid, weerbaarheid en gemaakte keuzes. De huidige krapte op de woningmarkt versterkt deze problematiek. Met Wonen Eerst willen we doorbreken dat mensen pas na een verblijf in de opvang kans maken op een eigen woning, door huisvesting juist als startpunt te nemen. We bouwen daarom voor onze inwoners zonder dak-of thuis samen aan een stevig vangnet dat werkt op preventie, snelle opvang waar nodig en duurzame uitstroom naar zelfstandige woonvormen. Daarbij houden we oog voor regiobinding, maar erkennen we ook de landelijke toegankelijkheid van voorzieningen – dit vraagt om heldere afspraken en sturing. We gaan uit van mensen stabiliteit te bieden en hun eigen regie te laten behouden, ook als het even tegenzit. Tijdelijke zorg en begeleiding moeten gericht zijn op herstel en zo kort mogelijk duren. Want hoe eerder iemand weer zelfstandig woont, hoe sneller diegene weer mee kan doen in de samenleving.
Dat is menselijker, duurzamer en voorkomt onnodige inzet van dure zorg. Onze inzet is een breed, kwalitatief sterk en mensgericht zorg- en woonlandschap, waarin niemand buiten de boot valt. Een regio waarin mensen die tijdelijk dakloos zijn, snel weer perspectief krijgen op een plek waar ze zich thuis kunnen voelen. We kunnen dakloosheid voorkomen, door eerder en vaker dan we nu doen op alarmsignalen te reageren. Dit gaan we doen binnen onze eigen organisatie, woningcorporaties, met partners uit het onderwijs, sociale en particuliere huursector, welzijns- gezondheidszorg en werkgevers of uitzendbureaus. We willen scherper zijn op het oppikken van signalen rond ingrijpende problemen van onze inwoners. We weten immers wanneer dreigende dakloosheid op de loer ligt: • Bij het plots verliezen van je baan • Het ontbreken van een netwerk na een vechtscheiding of relatiebreuk • Na ontslag uit jeugdzorg of detentie • Toenemende psychische problematiek en/of een verslaving • Zware schulden, etc. Dakloosheid is niet altijd te voorkomen. Daarom werken we aan een sterk stelsel van preventie, passende opvang en duurzame uitstroom. Niet de opvang, maar een thuis staat centraal. De Maatschappelijke Opvang is er voor mensen die tijdelijk niet zelfstandig kunnen wonen, maar opvang op zichzelf is nooit het einddoel. Niet de opvang, maar een eigen thuis staat centraal.
Ook Beschermd Wonen speelt hierbij een belangrijke rol voor mensen die (tijdelijk) niet zelfstandig kunnen wonen vanwege psychische problematiek. De samenwerking tussen Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang is cruciaal: het maakt een samenhangend aanbod mogelijk waarbij zorg, ondersteuning en huisvesting op elkaar aansluiten. Zo zorgen we voor maatwerk en vergroten we de kans op duurzame uitstroom naar een stabiele woonsituatie – met de juiste begeleiding waar nodig. We bouwen dit zorglandschap samen – lokaal waar het kan, regionaal waar nodig. Centrumgemeente Ede heeft hierin de trekkersrol. In dit actieplan maken we scherpe keuzes: we kunnen niet alles, maar wat we doen, doen we goed – met het belang van de mens voorop. Kortom: in de Valleiregio zien we dakloosheid als een woonprobleem, geen opvangprobleem. We zetten in op preventie, snelle opvang waar nodig en vooral op duurzaam wonen met de juiste ondersteuning. Samen bouwen we aan een mensgericht woon- en zorglandschap waarin iedereen perspectief heeft op een eigen thuis. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
5
2.4 Hoe is dit actieplan tot stand gekomen Dit actieplan is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met gemeenten en partijen binnen de Valleiregio. Het is ambtelijk intensief besproken, onder andere tijdens diverse heisessies en bestuurlijk afgestemd met de regiogemeenten Renswoude, Scherpenzeel, Barneveld, Veenendaal, Wageningen, Rhenen en Ede. Gedurende het proces is met verschillende (opvang)organisaties, woningcorporaties en ervaringsdeskundigen gesproken en is waardevolle input opgehaald. Deze input heeft bijgedragen aan een breed gedragen aanpak, waarbij we continu hebben overlegd met betrokken partijen. Er is bewust gekozen om ook ervaringsdeskundigheid een plek te geven in dit proces. Dit hebben we gedaan door ervaringsdeskundigen mee te laten denken en lezen gedurende het opstellen van dit actieplan. Ook heeft de ETHOS-telling, waar de Valleiregio in 2025 aan mee heeft gedaan, laten zien dat dak- en thuisloosheid voorkomt in alle gemeenten binnen de Valleiregio. De resultaten zijn te vinden in bijlage 2 van dit actieplan. Wat de ETHOS- telling daarnaast inzichtelijk maakt is dat dak- en thuisloosheid in de meeste gevallen gaat om een woonprobleem.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
6
3
Achtergrond
3.1 Dakloosheid in de Valleiregio: een groeiend en veranderd vraagstuk In het straatbeeld van de Valleiregio zien we steeds vaker mensen zonder een dak boven hun hoofd. Zij slapen in auto’s, verblijven op camping of als tijdelijke noodoplossing in vakantieparken. We noemen dit ook wel niet-conventionele woonvormen. Deze zichtbare vormen van dakloosheid laten echter maar een deel van het probleem zien. In werkelijkheid is de groep mensen zonder stabiele woonplek groter én diverser: van mensen die tijdelijk bij familie of vrienden verblijven tot inwoners die met zwaardere problemen te maken hebben. Niet iedereen heeft complexe zorg nodig, maar zonder een vaste woonplek staat het dagelijks leven hoe dan ook onder druk. De cijfers laten een duidelijke toename zien. Waar in 2022 nog 221 mensen werden gescreend door consulenten Maatschappelijke Opvang, liep dit aantal in 2024 op tot 331. Het aantal mensen dat daadwerkelijk in de maatschappelijke opvang terechtkwam, steeg van 102 in 2020 naar 130 in 2024. Dit zijn mensen die vaak te maken hebben met complexe problemen, zoals psychische klachten, verslaving, schulden of een gebrek aan netwerk. Ook zien we vaker jonge mensen en jonge gezinnen in de opvang. Tien jaar geleden was de groep dak- en thuislozen relatief overzichtelijk. Inmiddels zien we een groeiende diversiteit binnen deze groep.
Er zijn steeds meer jongeren zonder woonplek, maar ook zogenoemde ‘economisch daklozen’ – mensen of gezinnen die hun huis zijn kwijtgeraakt door bijvoorbeeld een scheiding of baanverlies en geen beroep kunnen doen op familie of vrienden voor een tijdelijk onderkomen. Ook het aantal dakloze arbeidsmigranten stijgt vanwege het verlies van werk, uitzendbureau die niet ondersteunen en het niet machtig zijn van de taal of niet thuis zijn in de sociaal structuur in Nederland. Wat opvalt: de zorgvraag wordt zwaarder, de achterliggende problematiek complexer. Dakloosheid is niet alleen het ontbreken van een woning. Het betekent vaak ook het verlies van veiligheid, stabiliteit en waardigheid. Mensen die dakloos raken, verliezen niet enkel een fysieke plek om te wonen, maar ook een basis voor hun gezondheid, sociale relaties en toekomstperspectief. Tegelijkertijd blijft een groot deel van de dakloosheid onzichtbaar. Veel mensen bivakkeren tijdelijk bij familie of vrienden, wonen in onzekere situaties of hebben geen formeel adres. Om meer inzicht te krijgen in de werkelijke omvang en aard van dak- en thuisloosheid, heeft de Valleiregio in 2025 deelgenomen aan de ETHOS-telling. Deze Europese methodiek kijkt breder dan alleen de zichtbare dakloosheid en neemt ook vormen als tijdelijk of onveilig wonen mee.
De resultaten van deze telling geven ons waardevolle informatie en vormen een belangrijke basis voor dit actieplan. Ze helpen ons om beleid te maken dat past bij de werkelijkheid achter de cijfers. Ook helpt het ons om de omvang van het woonprobleem op diverse plekken te agenderen en dit onderwerp aan te jagen. In bijlage 2 is het ETHOS-telling onderzoeksverslag toegevoegd. Het zorglandschap voor dak- en thuislozen in de regio is de afgelopen jaren vooral reactief gegroeid, steeds inspelend op de directe behoeften die ontstonden. Daarmee werd belangrijke eerste ondersteuning geboden, maar het aanbod was nog niet toereikend voor de brede en veranderende groep dak- en thuislozen die we inmiddels zien. Zo draaide de dagopvang enkele dagdelen per week, was de nachtopvang vaak tijdelijk en seizoensgebonden, en liep Housing First nog als pilot. De snelle ontwikkelingen in de omvang en diversiteit van de doelgroep maken duidelijk dat een meer structureel en samenhangend aanbod nodig is. Voorbeeld uit de praktijk Mijn naam is Fons, 59 jaar, gevormd door een leven vol strijd. Mijn jeugd was getekend door armoede en geweld. Op twaalfjarige leeftijd werd mijn wereld op zijn kop gezet toen mijn vader voor lange tijd in de gevangenis verdween.
De verantwoordelijkheid voor mijn moeder en jongere broers kwam op mijn schouders terecht, en zonder keuze moest ik op jonge leeftijd volwassen worden. Op mijn zestiende koos ik voor de grote vaart om geld te verdienen, maar raakte verstrikt in de harde werkelijkheid van de onderwereld. Het leven nam veel van mij af en dierbaren, waaronder mijn dochter, ontvielen mij. Tijdens mijn laatste detentie vond ik de kracht om mijn trauma’s onder ogen te komen en opnieuw de zin van het leven te ontdekken. Alles kwijt, maar niet verslagen. Met de hulp van God kijk ik vooruit, vastberaden om een nieuwe start te maken en mijn toekomst opnieuw vorm te geven. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
7
3.2 Hoe hebben we het nu georganiseerd? Inmiddels bouwen we nu steeds meer aan een samenhangend en structureel aanbod (zorglandschap). Ook zetten we in op het vroeg in beeld krijgen van mensen in een kwetsbare positie en het bieden van passende ondersteuning om te voorkomen dat zij dakloos raken. Een groot deel helpen we met ambulante begeleiding in hun eigen woonomgeving. Daarnaast werken we samen met woningcorporaties om huurachterstanden vroegtijdig te signaleren en stimuleren we het gebruik van inkomensondersteuning. Daarbij combineren we lokale inzet, gericht op vroeg signalering en ondersteuning in de eigen leefomgeving, met regionale voorzieningen die opvang en herstel mogelijk maken. Regionaal zetten we voorzieningen in die gericht zijn op het voorkomen én opvangen van dakloosheid, zoals veldwerkers die mensen op straat in beeld hebben, bemoeizorg die dichtbij en actief ondersteunt, de dagopvang die sinds 2025 zeven dagen per week open is, en een nachtopvang waarbij de bestuurlijke ambitie er is om deze te verankeren op een vaste plek, het hele jaar door. Deze basis biedt structuur en rust, en vergroot de kans dat mensen stap voor stap hun leven weer op kunnen bouwen. Niet iedereen vindt zelfstandig zijn weg. Juist voor hen is een betrouwbaar vangnet cruciaal – één dat ruimte biedt voor herstel, vertrouwen geeft en perspectief biedt op een eigen thuis.
We geloven in het principe van Wonen Eerst, maar erkennen ook de realiteit: de huidige woningmarkt biedt hiervoor nog onvoldoende ruimte. Daarom zullen we dit principe gefaseerd in moeten voeren. Tot die tijd blijven opvangvoorzieningen onmisbaar als tijdelijke, maar menswaardige tussenstap op weg naar een eigen thuis. 3.3 Hoe gaan we te werk In dit regionaal actieplan dakloosheid Valleiregio werken we onze ambities uit. We besteden aandacht aan hoe we dit verder gaan uitwerken aan de hand van doelstellingen en in concrete vervolgstappen (acties) gaan gieten, hoe we dit gezamenlijk doen als gemeenten in de Valleiregio en met onze bekende en minder bekende partners. Om dit actieplan tot stand te brengen hebben we, met de ambitie in de hand, onder de loep genomen wat we al doen en of we dit lokaal en/of regionaal hebben georganiseerd, welk effect hetgeen dat we doen heeft en hebben we inzichtelijk gemaakt wat nog ontbreekt of beter kan. Vervolgens zijn de actielijnen vanuit het Nationaal Actieplan Dakloosheid in dit plan geïntegreerd om tot een totale en inclusieve aanpak te komen. In het gehele proces hebben we ervaringsdeskundigheid aangehaakt.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
8
4
Wat gaan we het doen; doelstellingen
We vertalen onze ambitie “in de Valleiregio zien we dakloosheid als een woonprobleem, geen opvangprobleem. We zetten in op preventie, snelle opvang waar nodig en vooral op duurzaam wonen met de juiste ondersteuning. Samen bouwen we aan een mensgericht woon- en zorglandschap waarin iedereen perspectief heeft op een eigen thuis, naar doelstellingen zodat we hiernaartoe kunnen werken: • • • • •
Meer zicht op dakloosheid – ook het onzichtbare deel: alleen als we weten wie het betreft, kunnen we effectief en gericht handelen. Meer focus op voorkomen dat mensen dakloos raken: dakloosheid voorkomen is menselijker, effectiever en goedkoper dan herstellen. Wonen als uitgangspunt: ‘Eerst een thuis’: een stabiele woning in de wijk is de basis voor herstel. Tijdelijke opvang moet de uitzondering zijn, niet de norm. Een toegankelijke opvangstructuur: niemand hoeft buiten te slapen. Stabiliteit begint bij een veilige plek om te verblijven. Woonstabiliteit en waar nodig passende ondersteuning: we willen voorkomen dat mensen vastlopen in tijdelijke opvang of steeds opnieuw in dakloosheid belanden. Daarom investeren we in een samenhangend regionaal vangnet dat mensen ondersteunt richting een stabiele woonsituatie, met passende begeleiding zolang dat nodig is. Uitgangspunt is duurzame zelfstandigheid.
In dit actieplan maken we onderscheid tussen wat lokaal en wat regionaal georganiseerd moet worden. Gemeenten hebben de verantwoordelijkheid voor hun eigen inwoners: signaleren, preventie, bemoeizorg en het versterken van lokale netwerken en voorzieningen. Tegelijk zijn er voorzieningen die niet overal afzonderlijk georganiseerd kunnen worden, zoals outreachende bemoeizorg voor mensen die dak-of thuisloos zijn, nachtopvang, specialistische zorg of Housing First. Deze organiseren we regionaal, vanuit de gezamenlijke verantwoordelijkheid in de Valleiregio. Lokaal en regionaal moeten daarbij goed op elkaar aansluiten. Dit leggen we vast in de regionale samenwerkingsafspraken, zodat helder is wie waarvoor verantwoordelijk is In onderstaande alinea’s werken we deze doelen uit. 4.1 Doel 1: Meer zicht op dakloosheid Meer zicht op dakloosheid – ook het onzichtbare deel: alleen als we weten wie het betreft, kunnen we effectief en gericht handelen. Wat willen we bereiken? • Dakloosheid in de Valleiregio beter in kaart brengen, inclusief verborgen vormen zoals bankslapers, economisch daklozen en arbeidsmigranten zonder woonplek. • Meer aandacht voor de beeldvorming en bewustwording van dak-en thuisloosheid. Hoe pakken we dit aan? • Deelname aan de ETHOS-telling, een Europese, gestandaardiseerde methode om dak- en thuisloosheid systematisch te meten.
• Betere informatieverstrekking voor bijvoorbeeld betrokken partijen, denk aan woningcorporaties etc. zodat ze weten wat de signalen zijn en waar ze met deze signalen naartoe kunnen. • Verbeterde registratie en gegevensuitwisseling met partners zoals woningcorporaties, welzijns- en zorgorganisaties. Deze aanpak helpt ons om gerichte, effectieve maatregelen te ontwikkelen, zodat we de juiste ondersteuning kunnen bieden aan degenen die dat het hardst nodig hebben. 4.2 Doel 2: Dakloosheid voorkomen door eerder in te grijpen Dakloosheid voorkomen door problemen vroeg in beeld te hebben en samen oplossingen te vinden: voorkomen is menselijker, effectiever en goedkoper dan herstellen. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
9
Wat willen we bereiken? • Dakloosheid voorkomen door tijdig te signaleren en passende ondersteuning te bieden. • Mensen helpen voordat zij vastlopen, met aandacht voor schuldhulp, arbeidsbegeleiding en mentale gezondheid. • Na opvang zorgen voor een soepele doorstroming naar zelfstandige woonvormen met lokaal maatwerk. • Ervoor zorgen dat mensen een zinvolle doelstelling hebben die aansluit bij hun mogelijkheden, om gevoelens van doelloosheid te voorkomen. Denk hierbij aan laagdrempelig deelnemen in de maatschappij, en door te werken ook weer wat terug te doen voor de maatschappij. Hoe pakken we dit aan? • Door vroeg signalering via samenwerkingspartners zoals huisartsen, hulpverlening, wijkteams, woningcorporaties en schuldhulpverlening. Afspraken maken met elkaar over hoe je signalen van (dreigende) dak- en thuisloosheid kunt herkennen en wat je daarmee kunt doen. • Door bemoeizorg lokaler, binnen iedere gemeente, in te zetten bij dreigende dakloosheid (mensen met nog een huis), met focus op het versterken van het sociale netwerk en het zoeken naar duurzame oplossingen. Outreachende bemoeizorg zetten we regionaal in voor de mensen die geen dak-of thuis hebben. • Door lokale regie: elke gemeente is verantwoordelijk voor haar eigen inwoners en het realiseren van passende ondersteuning en uitstroom.
• Door een duurzaam, samenhangend zorglandschap te bouwen waarin preventie, maatwerkvoorzieningen en uitstroom goed zijn geborgd. Hierbij oog te hebben voor maatschappelijke initiatieven die ervoor zorgen dat mensen zonder dak-of thuis zich nuttig voelen en onderdeel uitmaken van de maatschappij. Deze aanpak sluit aan bij de regionale visie “Zo zelfstandig mogelijk wonen” (2021), waarin wordt benadrukt dat preventie en lokale regie essentieel zijn om dakloosheid effectief te voorkomen. Daarnaast geven verschillende ervaringsdeskundigen aan dat het essentieel is om mensen een doel te geven, iets dat past bij hun mogelijkheden. Als men een doel en perspectief krijgt, raak je minder snel verbitterd en heb je minder kans af te glijden in bijvoorbeeld verslavingen. Daarom besteden we expliciet aandacht aan het voorkomen van doelloosheid, als onderdeel van een mensgerichte en herstelgerichte aanpak. 4.3 Doel 3: Wonen als uitgangspunt Wonen als uitgangspunt: Een stabiele woning in de wijk is de basis voor herstel. ‘Eerst een thuis’ betekent dat wonen het uitgangspunt is, en tijdelijke opvang de uitzondering. Wat willen we bereiken? • Rechtstreekse huisvesting met begeleiding, zoals Wonen Eerst en Housing First. • Alternatieve woonvormen, zoals flexwoningen, studio’s en spoedwoningen beschikbaar maken.
• Een kwalitatief hoogwaardig vangnet met voldoende woon- en opvangplekken én passende zorg en begeleiding. Hoe pakken we dit aan? • Samenwerking met woningcorporaties en aanbieders om flexibele woonoplossingen te ontwikkelen. • Lokale regie: gemeenten zijn verantwoordelijk voor hun eigen inwoners en zorgen voor opvang en begeleiding dichtbij. • We maken duidelijke afspraken over wie gebruik kan maken van de maatschappelijke opvang en hoe we omgaan met mensen die daar niet thuishoren. Gemeenten zorgen zoveel mogelijk lokaal voor opvang en begeleiding. Voor inwoners met complexere problematiek organiseren we regionaal passende opvang en ondersteuning (zie hiervoor doel 4). • Versterking van de samenwerking tussen gemeenten, zorginstellingen, woningcorporaties en maatschappelijke organisaties om de juiste hulp op het juiste moment te bieden. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
10
•
Stimuleren van preventie en het bevorderen van duurzame uitstroom door een lokaal netwerk dat snel en dichtbij kan inspelen op de behoeften van dak- en thuisloze mensen die herstellen.
Deze gezamenlijke aanpak zorgt ervoor dat dakloosheid in de regio niet alleen bestreden wordt, maar ook duurzaam wordt opgelost. Voorbeeld uit de praktijk E. vrouw 46 jaar. Woont via Housing First in de Valleiregio. Woont inmiddels alweer 6 jaar in een woning. Voor Housing First sliep zij regelmatig op straat, bijvoorbeeld in “boedelbak”. Ze vertelde dat ze er schaamtevol uitvluchtte als deze op zaterdagochtend door iemand gehuurd bleek. Het is E. niet eerder gelukt om langere tijd in een woning te leven. E. heeft een bewogen leven gehad met verlies van naasten en haar kwetsbaarheid voor middelengebruik. Dankzij Housing First heeft zij nu een stabiele basis. 4.4 Doel 4: Een toegankelijke opvangstructuur Een toegankelijke opvangstructuur: niemand hoeft buiten te slapen. Stabiliteit begint met een veilige plek om te verblijven. Wat willen we bereiken? • Meer divers aanbod: voldoende en passende opvangplekken voor diverse doelgroepen: jongeren, gezinnen, mensen met complexe problematiek en economisch daklozen. Hierbij gaat het om mensen die binnen de MO doelgroep vallen. • Alleen noodzakelijke opvang verzorgen die nodig is om iemand weer op weg te helpen. Hoe dit eruit ziet kan verschillen per doelgroep, denk aan opvang voor individuen, meer persoons gezinnen. • Het is tijdelijk: streven naar uitstroom binnen 3 maanden naar passende woonvormen.
Hoe pakken we dit aan? • Realiseren van nachtopvang het gehele jaar door, op een vaste locatie. • Continueren van de dagopvang, time-outplekken, 24-uurs opvang en meer lokale opvangvoorzieningen. • Lokaal waar het kan, regionaal waar het moet: mensen zonder complexe problematiek blijven in hun gemeente, cliënten met verslaving of psychiatrische problemen krijgen opvang in Centrumgemeente Ede. • Lokale regie: elke gemeente is verantwoordelijk voor haar eigen inwoners en zorgt dat cliënten vanuit opvang terugkeren naar hun gemeente van herkomst. We maken regionale afspraken over de terugkeer van inwoners vanuit de opvang naar hun gemeente van herkomst. Elke gemeente draagt zorg voor passende woonruimte en begeleiding, zodat inwoners op een goede manier kunnen terugkeren. • Outreachende bemoeizorg inzetten om mensen die toch op straat belanden snel in beeld te brengen en door te leiden. • Ontwikkelen van creatieve en flexibele woonoplossingen in samenwerking met woningcorporaties, zoals nieuwe woonvormen, tijdelijke woningen en betere benutting van bestaande woningen, om uitstroom naar stabiele huisvesting mogelijk te maken. Deze aanpak zorgt ervoor dat mensen niet onnodig lang in opvang verblijven en daadwerkelijk kunnen doorstromen naar een stabiel thuis, wat essentieel is voor herstel en een duurzame oplossing van dakloosheid.
4.5 Doel 5: Woonstabiliteit en waar nodig passende ondersteuning Woonstabiliteit en waar nodig passende ondersteuning: we willen voorkomen dat mensen vastlopen in tijdelijke opvang of telkens opnieuw dakloos worden. Daarom investeren we in een samenhangend regionaal vangnet dat mensen ondersteunt richting duurzame zelfstandigheid, met passende begeleiding zolang nodig. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
11
Wat willen we bereiken? • Een goed functionerend netwerk van begeleiding, dagbesteding, zorg en nazorg, dat herhaling van dakloosheid voorkomt. • Tijdelijke en flexibele woonoplossingen en tussenvoorzieningen die aansluiten op de behoeften van mensen in verschillende fasen. Hoe pakken we dit aan? • Al bij instroom in opvang beginnen met plannen voor uitstroom: een integrale aanpak waarin vertrek en duurzame huisvesting vanaf het begin mee worden gedacht. • Intensieve samenwerking tussen gemeenten, zorgpartijen, werk & inkomen, woningcorporaties, particuliere partijen en ervaringsdeskundigen om maatwerk te bieden. • Bieden van specialistische woonvormen en passende begeleiding organiseren, zoals Anders Wonen voor mensen met complexe problematiek. • Lokale regie: iedere gemeente is verantwoordelijk voor haar eigen inwoners en zorgt voor een goede overgang van opvang naar wonen in de eigen gemeente. Deze aanpak zorgt ervoor dat mensen niet blijven hangen in tijdelijke opvang, maar op weg worden geholpen naar een stabiel en zo zelfstandig mogelijk bestaan.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
12
5
Wat maakt het uitdagend?
Er zijn twee hoofdonderwerpen te noemen die het uitdagend maakt voor de Valleiregio om onze ambities waar te maken. Enerzijds een aantal punten rondom de haalbaarheid om dak- en thuisloosheid terug te dringen naar 0, vooral vanwege het bekende woningen tekort en anderzijds ombuigingen waarbij onze creativiteit op de proef wordt gesteld. 5.1 Kunnen we dak - en thuisloosheid terugdringen naar 0? De ambitie om in 2030 geen dak- of thuisloosheid meer te kennen in de Valleiregio is stevig – en terecht. Tegelijk brengt dit flinke uitdagingen met zich mee. We lichten de belangrijkste hieronder toe: 1) Dakloosheid is niet één verhaal De doelgroep is heel divers: van jongeren en gezinnen tot mensen met psychische problemen of een verslaving. Sommigen slapen op straat, anderen logeren tijdelijk bij familie of verblijven in opvang. Er is dus geen standaardoplossing – we moeten maatwerk bieden. 2) We doen dit niet alleen Gemeenten kunnen dit niet zonder partners. Woningcorporaties, zorgorganisaties, politie, onderwijs, vrijwilligers, allemaal spelen ze een belangrijke rol. Maar samenwerken is niet altijd eenvoudig, zeker als prioriteiten of opgaven verschillen. 3) Woningen zijn schaars Zonder voldoende betaalbare woonruimte kunnen mensen niet doorstromen uit de opvang. Het woningtekort in de regio maakt dit extra lastig.
Ook vanwege de beweging op diverse terreinen van minder naar een instelling, naar meer in de wijk: ouderen langer thuis, GGZ in de wijk, daklozen in de wijk, opvang van Oekraïners. We moeten dus creatief zijn: denken aan tijdelijke woningen, flexibele woonvormen en betere afstemming met woningcorporaties. Hierbij is het van belang dat gemeenten investeren in het realiseren van betaalbare woningen. 4) Geld en mensen zijn beperkt Deze opgave vraagt om langdurige inzet én voldoende middelen. Maar geld en capaciteit zijn niet onbeperkt. We moeten dus slimme keuzes maken en goed afwegen waar we op inzetten. We kunnen hierbij bijvoorbeeld denken aan wonen met als tegenprestatie werkzaamheden naar mogelijkheid verrichten die geld opbrengen, dus huurovereenkomsten op andere manieren inrichten. Een ander voorbeeld: uit Maatschappelijke Kosten Baten Analyse blijkt dat elke euro geïnvesteerd in Housing First 2,5 euro aan maatschappelijke baten oplevert. 5) Voorkomen is beter dan genezen We willen eerder in beeld hebben wie risico loopt op dakloosheid – bijvoorbeeld na een scheiding, baanverlies of na jeugdzorg. Daarvoor is goede signalering nodig, samen met scholen, zorg, huurdersorganisaties en andere betrokkenen. Maar dat opzetten en goed laten werken kost tijd en inzet.
6) Stigma kan ons tegenwerken Veel mensen die dakloos zijn (geweest), krijgen te maken met wantrouwen of uitsluiting. Daardoor is het lastig om weer écht mee te doen in de samenleving. We moeten dus ook werken aan bewustwording, acceptatie en de mens en hun potentieel écht zien. 7) Tijdelijke hulp is niet genoeg We willen structurele oplossingen. Denk hierbij aan dat we focussen op voor huisvesting, stabiele werkgelegenheid, sociale netwerken en toegang tot zorg. Alleen zo voorkomen we dat mensen opnieuw in de problemen komen.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
13
8) We moeten blijven leren en bijsturen Wat werkt wel, wat niet? Door bijvoorbeeld mee te doen aan de ETHOS-telling, krijgen we beter zicht op wie dakloos is en waarom. Maar het gaat erom wat we met die inzichten doen. Beleid moet flexibel genoeg zijn om bij te sturen waar nodig. Ook moeten we realistisch kijken naar welke impact we kunnen maken. We zullen dit woonprobleem met elkaar op moeten pakken. Kortom: de Valleiregio zal met verschillende uitdagingen geconfronteerd worden bij het uitvoeren van een effectief regionaal actieplan om dakloosheid terug te dringen naar 0. De sleutel tot succes ligt in het uitbouwen van sterke samenwerkingsverbanden, het creëren van structurele oplossingen, het in elke gemeente investeren in preventie, en het waarborgen van voldoende middelen om een lange termijn impact te realiseren. 5.2 Ombuigingen Ook brengen de ombuigingen met het oog op het zogenaamde “ravijnjaar” 2026 extra uitdagingen met zich mee voor het realiseren van ambitieuze doelen zoals het terugdringen van dakloosheid. Dit heeft impact op zowel de financiële ruimte, als de beleidskeuzes die gemaakt moeten worden, als de mate van uitvoerbaarheid van het Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio, 2025-209. Hier zijn enkele specifieke manieren waarop het ravijnjaar en de bijbehorende ombuigingen invloed kunnen hebben: 1.
Scherper aan de wind staan Door de bezuinigingen die samenhangen met het ravijnjaar 2026 hebben gemeenten te maken met een afname van hun budgetten ook voor het sociaal domein, waaronder de ondersteuning van dak- en thuislozen. Dit kan leiden tot bezuinigingen op opvangplekken, begeleiding, en preventieve maatregelen. Minder financiële middelen zal het moeilijker of wellicht onmogelijk maken om de beoogde doelen te realiseren, zoals het bieden van passende huisvesting en ondersteuning aan daklozen, of het verder versterken van preventieve maatregelen om te voorkomen dat mensen dakloos raken. 2. Kritisch wegen en tegelijkertijd doen wat nodig is Een belangrijk doel van het actieplan is het voorkomen van dakloosheid door vroegtijdige signalering en preventieve maatregelen. Dit vraagt om een integrale aanpak waarbij naast huisvesting ook zorg en begeleiding (bijvoorbeeld psychische zorg, verslavingszorg, of schuldhulpverlening) geboden wordt. Door de ombuigingen kunnen gemeenten genoodzaakt zijn om keuzes te maken over welke vormen van zorg en ondersteuning prioriteit krijgen. Dit kan betekenen dat sommige preventieve programma’s of begeleidingstrajecten voor kwetsbare groepen minder aandacht en middelen krijgen, wat het risico op dakloosheid vergroot. 3.
Uitdagingen in beleidsruimte en flexibiliteit Door de afname van de gemeentelijke middelen kan de beleidsruimte voor lokale overheden sterk verminderen. Dit betekent dat gemeenten minder flexibel zullen zijn in het aanpassen van hun aanpak of het experimenteren met nieuwe, innovatieve vormen van zorg en huisvesting voor daklozen. Het kan bijvoorbeeld moeilijker worden om samenwerkingen op te zetten met maatschappelijke organisaties of private partners die extra middelen en expertise zouden kunnen leveren. 4. Mogelijke vertragingen in de uitvoering van het actieplan Gezien de financiële onzekerheid en de noodzaak om budgetten te herverdelen, kan de uitvoering van het regionaal actieplan dakloosheid vertraging oplopen en onder druk komen te staan. Dit vereist dat de Valleiregio in hun planning flexibel is en bereid is om prioriteiten te stellen, zelfs als het gaat om essentiële onderdelen van het actieplan.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
14
6
Concrete acties en tijdlijn
6.1 Wat gaan we doen? We gaan meer investeren in preventie om dakloosheid te voorkomen en zorgen voor betere verbindingen tussen zorg, huisvesting en maatschappelijke ondersteuning. Ook gaan we ons inzetten voor een verschuiving van opvang naar wonen. Gezien de huidige woningmarkt en de huidige stevige basis aan opvangvoorzieningen die er is, zullen we dit gefaseerd en over een meerjarenperspectief moeten gaan uitsmeren. Hieronder is te zien hoe we dit concreet per doel vorm gaan geven. We koppelen acties aan onze doelstellingen, waarbij we ook de resultaten vanuit de ETHOS-telling in acties gieten. Voorbeeld uit de praktijk Mijn naam is Zofia, 46 jaar oud. Een toekomst in Polen was er voor mij niet. Mijn vader was al verdwenen voordat ik geboren werd en mijn moeder deed haar best maar je weet hoe het gaat met alcohol. De gouden bergen lonkten in Nederland. We gingen daar waar werk was. Dan weer in de kassen in het Westland, nieuwbouwprojecten schoonmaken in de Achterhoek en productiewerk in een vleesfabriek in Brabant. Als het werk stopte ben je ook je onderdak kwijt. Zo gaat dat! Je hebt altijd het gevoel dat je op het punt staat alles te verliezen. Vaak werden overuren niet uitbetaald en wat hield je eigenlijk over nadat je de huur betaalde en de reiskosten? De baas erop aan spreken kon je baan kosten. Terug naar Polen, wordt gezegd.
Wat en wie heb ik daar eigenlijk? Een veldwerker raapte me op van straat met een acute blindedarmontsteking. Gelukkig voelde de gemeente zich verantwoordelijk voor de zorg. Ik mocht in een hotel verblijven om aan te sterken na de operatie. Nu leef ik op straat en ga soms naar de nachtopvang. Mijn lichaam geeft het een beetje op. Wat is mijn toekomst?
Acties doel 1 Meer zicht op dakloosheid Actie 1: Dakloosheid in kaart brengen met behulp van de ETHOS-telling • Wat: Dakloosheid in de regio volledig in beeld brengen, inclusief verborgen vormen zoals bankslapers, economisch daklozen en arbeidsmigranten zonder vaste woonplek. • Hoe: Deelname aan de ETHOS-telling, een gestandaardiseerde Europese meetmethode. • Wanneer: Voorbereiding in 2025, uitvoering telling Q3–Q4 2025, resultaten Q4 2025 actie gedeeltelijk gereed, resultaten zijn bekend en hebben een plek gekregen in dit stuk. Uitwerking in beleidsaanpassingen in 2026 en verder, koppeling met onder andere bestaanszekerheid, wonen. Actie 2: Beter beeld vormen van andere aandachtsgroepen (denk aan zorgbehoevende oudere daklozen, LHBTIQ+ personen, EU-burgers) • Wat: Onderzoek naar omvang en behoeften van onder andere oudere dakloze mensen met zorgvraag, mensen die onder de categorie LHBTIQ+ vallen, EU burgers. • Hoe: Standaardrapportages vanuit toegang per gemeente (leeftijd, achtergrond, problematiek, binnengekomen meldingen via Veilig Thuis), gesprekken met woningcorporaties; regionaal politieke keuzes verkennen, rapport ETHOS-telling Valleiregio 2025. • Wanneer: Eerste rapportage uiterlijk Q4 2026; verkenning eventuele vervolgstappen in 2027.
Actie 3: Bewustwordingscampagne voor zowel inwoners als professionals en gemeenten met als doel gericht communiceren over de signalen van dreigende dak-en thuislozen en waar mensen naar kunnen verwijzen. • Wat: Bewustwording vergroten over wie dak- en thuisloze mensen zijn, en het doorbreken van stigma’s. • Hoe: Regionale campagne op basis van VNG-toolkit, met lokale verhalen en communicatie via online/offline media en koppeling maken met inclusiebeleid • Wanneer: Ontwikkeling vanaf Q3 2026, uitvoering in 2027. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
15
Acties doel 2 Dakloosheid voorkomen door eerder in te grijpen Actie 1: Koppeling leggen met het afsprakenkader huisvesting aandachtsgroepen en de Wet versterking regie op de volkshuisvesting. • Wat: Borgen dat voorkomen van dakloosheid structureel is opgenomen in afspraken over huisvesting. Het begint bij Eerst een thuis. • Hoe: Acties als “huisuitzetting leidt niet tot dakloosheid” en “passend woningaanbod” expliciet opnemen in het kader. Daarnaast gaat de Wet versterking regie op de volkshuisvesting het aantal wettelijke urgentie categorieën drastisch uitbreiden, waaronder ook de uitstroom MO. • Wanneer: Actualisatie afsprakenkader in 2026, monitoring effect Wet versterking regie op de volkshuisvesting 2026. Actie 2: Vroegsignalering versterken via ketenpartners • Wat: Risico op dakloosheid tijdig signaleren via o.a. wijkteams, Werk & Inkomen, Economie, bemoeizorg, huisartsen, woningcorporaties, schuldhulpverlening. • Hoe: Verstevigen van de werkafspraken, checklist voor netwerkverkenning, signaleringscriteria en signalen registreren en opvolgen met maatwerk. • Wanneer: Regionale afspraken opstellen in Q2 2026, implementatie vanaf medio 2026. Actie 3: Meer particuliere partijen aanhaken • Wat: Betrekken van o.a. particuliere verhuurders, diaconieën, werkgevers en welzijnsinitiatieven in de preventieaanpak. Dit om de maatschappelijke betrokkenheid te vergroten.
• Hoe: Oproep doen via bijeenkomsten/netwerken, organiseren van matches of samenwerkingen. De ETHOS-telling heeft gezorgd voor veel betrokkenheid van organisaties, deze connecties willen we warm houden. • Wanneer: Start met verkenning en uitnodiging Q4 2025, partnerschappen structureel maken vanaf 2026. Actie 4: Integratie van ervaringskennis in beleid en uitvoering • Wat: Ervaringskennis- en deskundigheid structureel gebruiken bij beleidsvorming, inkoopprocessen en adviesstructuren. • Hoe: Inzet van ervaringsdeskundigen uit de regio, opzetten formats voor participatie bij aanbestedingen. • Wanneer: Format voor integratie ontwikkelen in Q2 2026, structurele borging in 2026. Acties doel 3 Wonen als uitgangspunt Actie 1: Meer Wonen Eerst trajecten in de gehele regio, óók preventief • Wat: Structurele inzet van Wonen Eerst: eerst een woning, dan begeleiding. • Hoe: Blijvend samenwerken met woningcorporaties en zorgaanbieders; richting meerjarenperspectief uitbreiden aantal Wonen Eerst plekken in de gehele regio. Regionaal bespreekpunt met Maatschappelijke Opvang en Wonen: onderzoeken of dakloosheid (afgebakend) als aandachtsgroep urgentie opgenomen kan worden. Daarbij een koppeling maken met de regionale werkgroep woonruimteverdeling en monitoring van de nieuwe huisvestingswet.
Wens hierbij: zoek naar allerlei alternatieve woonoplossingen (zie bijvoorbeeld het project ‘Grijs Wonen’ in Venlo met name gericht op jonge daklozen). • Wanneer: monitoring 2026, structureel programma vanaf januari 2027. Actie 2: Aanpak onconventionele, tijdelijke plaatsingen • Wat: uit de ETHOS-telling komt een hoog percentage mensen dat in een niet conventionele ruimte verblijft naar voren. • Hoe: verkennen hoe onze aanpak voor wonen met zorg en huisvesten aandachtgroepen meer mogelijkheden kunnen bieden voor tijdelijk verblijf, doorstroomwoningen en kleine wooneenheden.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
16
Actie 3: Aanbesteding Maatschappelijke Opvang Deelactie 3a: Aanbesteding nachtopvang en outreachend veldwerk • Wat: In mei 2026 is de aanbesteding voor de nachtopvang en outreachende bemoeizorg afgerond. Hiermee wordt geborgd dat er vanaf 2026 structurele, kwalitatief goede en doelmatige voorzieningen beschikbaar zijn voor de meest acute opvang en de toeleiding naar zorg en ondersteuning. • Hoe: Na de gunning, begin 2026, wordt gestart met de implementatie van de nieuwe contracten en afspraken met aanbieders. Dit betreft het inregelen van nachtopvangvoorzieningen en het borgen van een sluitende aanpak voor outreachend veldwerk in de regio. Deelactie 3b: Aanbesteding overige MO-voorzieningen • Wat: In januari 2027 is de aanbesteding voor de overige voorzieningen van de maatschappelijke opvang afgerond, waaronder het sociaal pension voor individuen, het sociaal pension voor meerpersoonshuishoudens, en lokale bemoeizorg. Met deze aanbesteding wordt uitvoering gegeven aan het beleidskader Maatschappelijke Opvang en wordt geborgd dat er vanaf 2027 structurele, kwalitatief goede en doelmatige opvang beschikbaar is. Ook wordt meegenomen dat de regio inzet op de verschuiving van opvang naar wonen. • Hoe: Na de gunning, midden 2026, wordt gestart met de implementatie van de nieuwe contracten en afspraken met aanbieders.
Dit houdt in: het inregelen van de opvangvoorzieningen, het versterken van de samenwerking in de keten en het met aanbieders brainstormen van de overgang naar meer woonoplossingen. Acties doel 4 Een toegankelijke opvangstructuur Actie 1: Verder voortzetten van sociaal pension, 1 persoon en gezinnen en lokale voorziening voor stabiliteit, dagopvang (7 dagen per week), tijdelijke verblijfplekken voor jongeren en nachtopvang op een structurele locatie (jaarrond beschikbaar) • Wat: Veilige en begeleide woonomgeving voor mensen die (nog) niet zelfstandig kunnen wonen. • Wanneer: Al bestaande structurele voorzieningen, parallel daaraan vanaf 2027 gefaseerd afbouwen zodat de focus verlegd kan worden naar Wonen Eerst. Acties doel 5 Woonstabiliteit en waar nodig passende ondersteuning Actie 1: Versterken samenwerking tussen gemeenten, zorg, werk & inkomen, woningcorporaties en ervaringsdeskundigen • Wat: Een nog beter functionerend netwerk voor maatwerkondersteuning, gericht op duurzame zelfstandigheid en passende ondersteuning en nazorg bieden aan mensen die uit opvang of tijdelijke woonvormen naar zelfstandigheid gaan. • Hoe: Opzetten van structurele samenwerkingsafspraken, gezamenlijke casusoverleggen en kennisdeling; betrekken van ervaringsdeskundigen in trajecten. • Wanneer: Start intensievere samenwerking Q4 2025; vanaf dan structurele overleggen 2 keer per jaar.
Actie 2: Start plannen voor uitstroom bij instroom opvang • Wat: In kaart brengen op welke manieren iemand uit kan stromen. Direct bij instroom in opvang wordt gestart door zorgaanbieders en betrokkenen met een integraal plan voor uitstroom naar duurzame huisvesting. • Hoe: Opstellen van individuele uitstroomplannen samen met cliënten, begeleiders, en relevante partners (zorg, werk & inkomen, woningcorporaties). Regelmatig overleg voor bijsturing, vooral over de mogelijke passende uitstroommogelijkheden. • Wanneer: Implementatie vanaf Q2 2026; evaluatie halfjaarlijks. Actie 3: Organiseer meer woonvormen voor mensen met complexe problematiek, zoals Anders Wonen • Wat: Ontwikkelen van rustige, prikkelarme woonvormen buiten reguliere opvang. • Hoe: Projectleider zoekt geschikte locaties om deze voorziening een plek te bieden. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
17
•
Wanneer: medio 2026 locatie gevonden en vervolg van invulling van de voorziening. Pas nadat een locatie is gekozen kan een verder tijdspad worden bepaald.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
18
7
Financiële dekking & begroting
Financiële dekking Vanuit het rijk ontvangt de centrumgemeente Ede middelen om de taken uit te voeren. Deze worden nu besteed conform de bijgevoegde begroting in onderstaande tabel. Het Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio is hiermee een kaderstellend document waarmee een eerste uitwerking is gemaakt van de vertaling van het Nationaal Actieplan Dakloosheid naar regionale doelstellingen. Het komende jaar maken we in gezamenlijkheid een verder vertaling van deze doelen naar concretere acties en de financiële consequenties daarvan. We streven ernaar de ambities uit het Regionaal Actieplan Dakloosheid uit te voeren binnen de decentralisatie uitkering die we hiervoor beschikbaar hebben. Wanneer middelen onvoldoende zouden blijken te zijn, door bijvoorbeeld het realiseren van een permanente locatie voor de nachtopvang, dan vindt bestuurlijk overleg plaats over extra middelen dan wel het bijstellen van ambities. Daarbij is er bijvoorbeeld een optie om de financiële prijscompensatie op te halen. Daarbij staat het Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio en de middelen die daarvoor beschikbaar zijn niet op zichzelf. Wanneer het bijvoorbeeld lukt de woningbouwopgave te versnellen in de Valleiregio heeft dat een direct effect op de opgave uit het Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio.
In de afgelopen jaren hebben we al mooie stappen kunnen maken voor deze kwetsbare doelgroep. Dit heeft wel geleid tot extra uitgaven en uitputting van de reserve. Zo hebben we naast de nachtopvang ook dagopvang gerealiseerd waardoor we ook deze doelgroep beter konden ondersteunen. Het niet voorhanden zijn van een permanente locatie voor nachtopvang heeft meerjarig veel kosten veroorzaakt. Een van de redenen dat hard wordt gewerkt aan een permanente locatie. De financiële consequenties van het realiseren van deze permanente locatie zijn begin oktober 2025 concreet en zijn daarom nog niet opgenomen in de begroting. Om de ambities uit het Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio waar te kunnen maken kijken we de komende tijd nadrukkelijk of er mogelijkheden zijn binnen de extra middelen die het Rijk beschikbaar heeft gesteld voor kwetsbare doelgroepen. Al eerder hebben we hier succesvol een beroep op kunnen doen. Daarnaast verkennen we in 2025 en 2026 of bepaalde activiteiten eventueel beter door de individuele gemeenten kunnen worden uitgevoerd en welke financiële gevolgen dat heeft. Hiervoor zijn onder andere een goede borging informatievoorziening en duidelijke financiële afspraken belangrijk. Deze consequenties kunnen wijzigingen betekenen voor de begroting op de posten ‘Woonbegeleiding Housing First’ en de drie budgetten voor ‘Bemoeizorg’.
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
19
Begroting MAATSCHAPPELIJKE OPVANG Preventieve opvang KOPP/KOVV Ambulante verslavingszorg (nog wel in 2025 begroot) Overige preventieve initiatieven Woonbegeleiding Housing first Bemoeizorg: Outreachend veldwerk Bemoeizorg - Ede (via gws) Bemoeizorg - Overige regiogemeenten Bemoeizorg - Veenendaal Opvangvoorzieningen Sociaal pension - alleenstaanden Sociaal pension - gezinnen Sociaal pension - gemeente Wageningen Dagopvang Tijdelijk verblijf - Veenendaal (m.i.v. 2026 naar BW) Tijdelijk verblijf - jongeren Onconventionele opvang Nachtopvang Nachtopvang - investering Sterrenberg Nachtopvang - nieuwe locatie Anders wonen (in 2025 locatieonderzoek) Ethos-telling
Prognose 2025 €
106.000
Begroting 2026
Begroting 2027
€
87.500
€
75.000
€
-
€
-
€
-
€
24.000
€
25.000
€
26.000
€
283.000
€
283.000
€
291.000
€ €
163.000 130.000
€ €
163.000 83.000
€ €
168.000 85.000
€
74.000
€
74.000
€
76.000
€
171.000
€
171.000
€
176.000
€ €
1.109.000 605.000
€ €
1.163.000 633.000
€ €
1.198.000 652.000
€
100.000
€
100.000
€
103.000
€
327.000
€
310.000
€
319.000
€
43.000
€
€ € €
100.000 1.200.000
€ € €
€
300.000
€
-
€
200.000 75.000 1.200.000 -
p.m.
€ € € €
206.000 77.000 1.236.000 -
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
€
20.000
€
25.000
Bedrijfsvoering Beleid, uitvoering en overhead
€
661.000
€
541.000
€
557.000
Totaal uitgaven
€
5.441.000
€
5.108.500
€
5.245.000
€
3.748.000
€
3.748.000
€
3.748.000
€
530.000
€
530.000
€
530.000
€
130.000
€
130.000
€
130.000
€
33.000
€
38.000
€
38.000
Inkomsten Decentralisatie-uitkering MO Decentralisatie-uitkering MO - brede aanpak - nationaal actieplan Eigen bijdrage Vastgoed - exploitatie sociaal pension
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
20
Bijdrage regio gemeenten prijscompensatie (vanuit lokaal accres)
€
600.000
€
600.000
€
600.000
Totaal inkomsten
€
5.041.000
€
5.046.000
€
5.046.000
Exploitatieresultaat
€
-400.000
€
-62.500
€
-199.000
Reservepositie regionale MO Reserve MO op 1 januari Exploitatieresultaat Reserve MO op 31 december
€ € €
Progn 2025 1.226.000 -400.000 826.000
€ € €
Progn 2026 826.000 -62.500 763.500
€ € €
Progn 2027 763.500 -199.000 564.500
Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio
21
Bijlage 1 Begrippenlijst Maatschappelijke Opvang (MO) Wettelijke voorziening vanuit de Wmo voor mensen die (tijdelijk) niet zelfstandig kunnen wonen door problemen zoals verlies van woning, psychische klachten, schulden of verslaving. MO biedt opvang, begeleiding en toeleiding naar wonen. Dakloosheid en thuisloosheid Dakloosheid betekent letterlijk geen eigen woning of verblijfplaats hebben (bijvoorbeeld op straat slapen of in de auto). Thuisloosheid gaat ook over mensen die wel onderdak hebben, maar geen stabiele of veilige woonplek (bijvoorbeeld tijdelijk bij familie, op een camping of in een opvang). De groep is divers: jongeren, gezinnen, economisch daklozen, arbeidsmigranten en mensen met complexe zorgvragen. ETHOS-telling Een Europese onderzoeksmethodiek die breder kijkt dan alleen straatdakloosheid. ETHOS telt ook verborgen vormen zoals bankslapers (tijdelijk bij anderen logeren), wonen in onveilige situaties of in niet-geschikte verblijven (zoals vakantieparken). Zorglandschap Het geheel van voorzieningen, ondersteuning en begeleiding dat beschikbaar is voor dak- en thuislozen: van preventie en bemoeizorg tot opvang, dagbesteding en doorstroom naar zelfstandig wonen. Nachtopvang Een voorziening waar mensen ’s nachts kunnen slapen en basisvoorzieningen krijgen (zoals bed, douche, maaltijd).
Nachtopvang is sober, doelmatig en tijdelijk, maar voorkomt dat mensen buiten moeten slapen. Dagopvang Een plek waar dak- en thuisloze mensen overdag terechtkunnen voor basisvoorzieningen, rust en begeleiding. Vaak ook een vindplaats voor bemoeizorg en toeleiding naar hulp. Wonen Eerst Wonen Eerst hanteert een breed principe: huisvesting vormt het startpunt om andere problemen aan te pakken. Het kan worden ingezet voor verschillende groepen dak- en thuislozen, waarbij de begeleiding varieert in intensiteit afhankelijk van de situatie. Housing First Housing First is een specifieke methodiek, bedoeld voor mensen met langdurige dakloosheid en complexe problematiek. Daarbij krijgen mensen direct een woning, gecombineerd met intensieve, langdurige en multidisciplinaire begeleiding. Het behoud van de woning staat altijd centraal, ook bij terugval. Vroegsignalering Het tijdig in beeld krijgen van inwoners met risico op dak- of thuisloosheid. Bijvoorbeeld door signalen van betalingsachterstanden bij woningcorporaties, schulden, scheiding of uitstroom uit zorg of detentie. Onconventioneel wonen Tijdelijke of niet-reguliere woonoplossingen, zoals verblijf op een vakantiepark of in een hotel. Vaak noodgedwongen en onzeker, niet bedoeld als duurzame woonplek.
Lokale bemoeizorg Een vorm van hulpverlening voor mensen met een huis die zelf geen hulp vragen, maar wel ernstige problemen hebben of dreigen te krijgen. Denk aan mensen met psychische problemen, verslaving of schulden die zorg mijden. Bemoeizorg zoekt deze mensen actief op, bouwt vertrouwen op en probeert hen stap voor stap toe te leiden naar passende ondersteuning of opvang. Regionaal Actieplan Dakloosheid Valleiregio