Evaluatie minimaregelingen 2020-2023
Tekst van het document
Evaluatie minimaregelingen 2020-2023 Veenendaal/ Rhenen/ Renswoude
september 2023
Inhoudsopgave 1
Inleiding ............................................................................................................................................3
2
landelijke en lokale ontwikkelingen 2020-2023 ................................................................................4
3
2.1
Landelijke ontwikkelingen ........................................................................................................4
2.2
Relevante onderzoeken van 2020-2023 ..................................................................................4
2.3
Voorbeelden van andere gemeenten ......................................................................................6
2.4
Lokale ontwikkelingen..............................................................................................................7
2.4.1
Ontwikkelingen minimaregelingen .......................................................................................7
2.4.2
Coalitieakkoord 2022-2026 ..................................................................................................9
Cijfermatige evaluatie .....................................................................................................................11 3.1
Aantallen ................................................................................................................................11
3.2
Gebruik van de minimaregelingen .........................................................................................12
3.3
Gebruik per regeling ..............................................................................................................13
3.3.1
Sportbudget volwassenen .................................................................................................13
3.3.2
Regelingen middelbare school ..........................................................................................13
3.3.3
Regeling meerkosten chronisch zieken en verzekering eigen risico (Veenendaal)...........13
3.4 4
5
6
7
Aantal aanbieders ..................................................................................................................14
Evaluatie onder pashouders...........................................................................................................15 4.1
Ervaringen en suggesties ......................................................................................................15
4.2
Wensen voor aanvullende vergoedingen ..............................................................................15
Evaluatie onder maatschappelijke partners ...................................................................................16 5.1
Ervaringen en suggesties ......................................................................................................16
5.2
Wensen voor aanvullende vergoedingen ..............................................................................16
Financiën ........................................................................................................................................17 6.1
Uitgaven totale minimaregelingen .........................................................................................17
6.2
Kosten versus begroting ........................................................................................................17
6.2.1
Veenendaal........................................................................................................................17
6.2.2
Rhenen ..............................................................................................................................17
6.2.3
Renswoude ........................................................................................................................18
Conclusies ......................................................................................................................................19 7.1
Conclusies evaluatie ..............................................................................................................19
7.2
Scenario’s aanpassingen minimaregelingen .........................................................................20
7.2.1
Scenario 1a........................................................................................................................21
7.2.2
Scenario 1b........................................................................................................................21
7.2.3
Scenario 2a........................................................................................................................22
7.2.4
Scenario 2b........................................................................................................................23
2
INLEIDING In Veenendaal, Rhenen en Renswoude willen we dat iedereen mee kan doen. Ook inwoners met een laag inkomen. Daarvoor hebben we onze minimaregelingen. Door deze regelingen kunnen inwoners met weinig geld, kosten voor bijvoorbeeld sport, culturele activiteiten of schoolspullen vergoed krijgen. De uitvoering was in 2020 en 2021 middels een webshop en declaratie van bonnetjes. Vanaf 1 december 2021 zijn de webshop en declaratieregeling vervangen door de Veenendaalpas (voor inwoners uit Veenendaal), de Cunerapas (voor inwoners uit Rhenen) en de Grebbepas (voor inwoners uit Renswoude). De Veenendaalpas/ Cunerapas/ Grebbepas is van Veenendaal/ Rhenen/ Renswoude. Niet alleen van de gemeente, maar van de plaats. We zien in de ontwikkeling van de drie passen kansen om een gebruiksvriendelijk kanaal te ontwikkelen voor communicatie en transacties tussen de gemeenten, aanbieders van voorzieningen en producten en inwoners in de plaats. Met een Veenendaalpas/ Cunerapas/ Grebbepas zijn er mogelijkheden om bedrijvigheid, betrokkenheid en gebruik van voorzieningen van aanbieders en gemeente in de plaats extra te faciliteren en te stimuleren. De drie passen helpen inwoners, gemeenten en aanbieders in de plaatsen om elkaar te vinden. Met de pas doen mensen meer mee aan (recreatieve) activiteiten in de plaats (bijvoorbeeld cultuur, natuur, sport, winkelen).
Voor bedrijven en organisaties in de gemeente betekenen de passen een kanaal om inwoners te bereiken en hun afzetmarkt te vergroten. Met de ontwikkeling van het Integraal Beleidskader 2024-2027 Veenendaal, de ontwikkeling van de Visie Sociaal Domein Rhenen en het vervolg op het Rekenkameronderzoek in Renswoude, was het wenselijk om de huidige minimaregelingen te evalueren. Vanwege het feit dat de Veenendaalpas, Cunerapas en Grebbepas als uitvoeringsmethode nog maar zo kort bestaan, is besloten de evaluatie te richten op de inhoud van de regelingen. De evaluatie bevat de volgende onderdelen: 1. Landelijke en lokale ontwikkelingen 2020-2023 2. Cijfermatige evaluatie 3. Evaluatie onder pashouders 4. Evaluatie onder maatschappelijke partners 5. Conclusies & voorstel aanpassingen minimaregelingen Voor de leesbaarheid van het document wordt er gesproken over de Veenendaalpas. Hier kunt u ook Grebbepas of Cunerapas lezen.
3
1
LANDELIJKE EN LOKALE ONTWIKKELINGEN 2020-2023
In dit hoofdstuk bekijken we welke lokale en landelijke ontwikkelingen er zijn geweest met betrekking tot minimaregelingen en armoede in de jaren 2020 tot en met halverwege 2023.
1.1
Landelijke ontwikkelingen
De ontwikkeling van armoede en daarmee ook het gebruik van lokale minimaregelingen is voor een groot deel afhankelijk van landelijke en wereldwijde ontwikkelingen. Vanaf 2020 hebben we hier duidelijke voorbeelden van gezien met de coronacrisis en de energiecrisis. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) spreekt van armoede wanneer mensen gedurende langere tijd niet de middelen hebben voor goederen en voorzieningen die in hun samenleving als minimaal noodzakelijk gelden. De SCP-armoedegrens is gebaseerd op twee referentiebudgetten. Zo’n budget geeft aan hoeveel geld iemand nodig heeft om een zelfstandig huishouden te kunnen voeren. Het basisbehoeftenbudget betreft de minimale uitgaven van een huishouden aan onvermijdbare, basale zaken zoals huisvesting, voeding en kleding. Ook bepaalde verzekeringen en persoonlijke verzorging behoren tot de basisuitgaven. Het niet-veel-maar-toereikend-budget is iets ruimer en houdt rekening met uitgaven aan sociale participatie en ontspanning, zoals lidmaatschap van een sport- of hobbyclub, het kunnen ontvangen van bezoek of een (kleine) reservering voor een jaarlijkse vakantie van een week1. In 2019 bedroeg het niet-veel-maar-toereikend-budget voor een alleenstaande € 1.215,- een jaar later was dit € 1.245,-.
In de periode 2021 tot en met 2023 gaan de bedragen van de armoedegrens verder omhoog: in 2023 zal hij naar verwachting zijn gestegen tot € 1.533,-. Dit is iets minder dan 130% van de toepasselijke bijstandsnorm. Ondanks de coronacrisis is het risico op armoede volgens het CBS in 2020 en 2021 gedaald ten opzichte van 20192. Het CBS heeft nog geen cijfers over 2022 gepubliceerd maar naar verwachting is het risico op armoede in 2022 een heel stuk hoger dan 2021 vanwege de hoge energieprijzen en hoge inflatie. Vanuit de landelijke overheid zijn er meerdere (tijdelijke) maatregelen ingevoerd om het risico op armoede te verkleinen zoals: - Energietoeslag; - Prijsplafond voor gas en energie; - Verhoging van het minimumloon; - Verhoging van de bijstand en de pensioenen; - Versoepeling subsidieaanvraag isolerende maatregelen; - Tijdelijk Noodfonds Energie (met ondersteuning bij de aanvraag door SchuldHulpMaatje); - Verhoging van de zorg- en huurtoeslag; - Energiebespaarlening Warmtefonds. Er zijn nog geen kwantitatieve cijfers beschikbaar over de effecten van deze maatregelen op het risico op armoede. 1.2
Relevante onderzoeken van 2020-2023
Bron: Wat werkt bij de aanpak van armoede en schulden – Movisie – maart 2020 Leven in armoede gaat samen met depressies, chronische aandoeningen, minder tevredenheid en een kortere levensduur. Kinderen die opgroeien in armoede blijken op school slechter te presteren, Hoff et al. 2019 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2022/48/1-op-de-4-mensen-met-armoederisico-is-eenkind#:~:text=370%20duizend%20mensen%20leefden,procent%20naar%202%2C9%20procent. 1 2
4
overtreden vaker de regels en zijn onzeker door de schaamte die armoede met zich meebrengt. Ondertussen is de armoede sinds de crisis met ruim een derde gegroeid. Maar armoedebestrijding is verre van eenvoudig. Het vraagt om een effectief samenspel van onder meer overheden, professionals, werkgevers, maatschappelijk middenveld, armen zelf en hun netwerken. Ook is een combinatie van interventies op verschillende niveaus nodig. Gelet op de verscheidenheid aan oorzaken en doelgroepen zijn er bovendien verschillende oplossingen nodig. Armoede onder vluchtelingen en illegalen heeft bijvoorbeeld andere oorzaken dan bij mensen die structureel een bijstandsuitkering ontvangen. Binnen de demografische risicogroepen is het armoederisico onder eenoudergezinnen met minderjarige kinderen het grootst (Wildeboer Schut & Hoff, 2016). Met name wanneer de alleenstaande ouder een vrouw is. Dit komt doordat vrouwen in de meeste gevallen voor hetzelfde werk nog altijd slechter betaald worden dan mannen (Portegijs & van den Brakel, 2018). Alleenstaande moeders hebben het dus moeilijker dan alleenstaande vaders (Van Geuns, 2013; Engbersen, Vrooman & Snel, 2000). 22% van alle eenoudergezinnen met (minderjarige) kinderen leefde in 2017 van een laag inkomen. Maar dit percentage daalt, in tegenstelling tot percentages bij andere risicogroepen.
In 2013 bereikte de crisis haar hoogtepunt, en was het percentage eenoudergezinnen met een laag inkomen bijna 30%. Sindsdien zien we per jaar een geleidelijke afname. Een verklaring hiervoor is het veranderde beleid voor kindregelingen, zoals het verhoogde kinderbudget, dat per 2015 werd ingevoerd, waardoor alleenstaande ouders vaker boven de kritische grens uitkomen. Desalniettemin blijft deze groep kwetsbaar (CBS, 2019). Op de tweede plek staat de groep alleenstaanden onder de AOW-leeftijd. Zij beslaan in 2017 21% van de huishoudens met een laag inkomen. In datzelfde jaar meldt het CBS (2019) dat ruim een op de tien alleenstaanden onder de AOW-leeftijd gebukt gaat onder langdurige armoedeproblematiek. Dit betekent dat deze groep vooropgaat als we het over langdurige armoedeproblematiek hebben. Ook deze groep piekt in omvang tijdens (en na) de economische crisis. De kans op een langdurig laag inkomen onder alleenstaanden onder de AOW-leeftijd, neemt sinds 2014 en nog altijd toe. Het merendeel van hen moet namelijk van een bijstandsuitkering leven. Ook het politiek-maatschappelijk niveau vraagt om investering. Die zou erop gericht moeten zijn bij de doelgroep zelf de macht te vergroten om veranderingen door te voeren die verder reiken dan hun eigen leven.
Denk aan het veranderen en beïnvloeden van vooroordelen en processen van uitsluiting via lokale campagnes, betere toegankelijkheid van (buurt)voorzieningen en het beïnvloeden van sociale wet- en regelgeving.
Bron: Gemeentelijk Armoedebeleid – SGBO en Stimulansz Bron: Handreiking Omgaan met kinderarmoede in het sociaal domein – Divosa – juni 2021 Sociale omgeving versterken Schaamte en een beperkte mobiliteit van kinderen, jongeren en ouders in armoede kunnen leiden tot isolement en tot een slechte toegang tot ondersteuning. Dat geldt vooral als het netwerk van de gezinnen klein is en zich beperkt tot mensen die eveneens in armoede leven. Een divers netwerk in de wijk biedt gezinnen in armoede juist de gelegenheid anderen te ontmoeten, zich te ontspannen en contact te krijgen met zowel lotgenoten als mensen met een andere achtergrond en met organisaties die hen kunnen ondersteunen. Omdat formele ondersteuning vaak een hogere drempel heeft en deze veelal kort duurt, is een goed (semi-)informeel netwerk vanuit maatschappelijke en welzijnsorganisaties toegankelijker en vertrouwder voor gezinnen. Dit netwerk vormt een startpunt voor het signaleren van armoede, biedt een duurzaam contact en is daarmee van blijvende waarde voor kinderen, jongeren en ouders. Ook biedt het kinderen, jongeren en ouders de gelegenheid niet alleen hulpvrager te zijn, maar ook zelf bij te dragen aan de lokale gemeenschap. 5
Gezonde leefstijl Hoe kan het dat de sociaaleconomische status zo van invloed kan zijn op de gezondheid? Een paar voorbeelden: • Mensen met een smalle beurs wonen meestal in slechtere huizen: deze zijn minder goed geïsoleerd en daardoor is er meer last van tocht. Ze wonen bovendien vaker in buurten met (verkeers)lawaai, meer uitlaatgassen, minder groen en weinig mogelijkheden voor kinderen om buiten te spelen. • Ongeschoold of laag opgeleid werk is vaker fysiek zwaar werk. • Gezonde voeding is meestal duurder. Dat geldt niet alleen voor biologische producten, maar ook bijvoorbeeld voor een mager runderlapje in vergelijking met een speklapje. • Ook allerlei mentale of psychische factoren spelen een rol: wie niet bij elk dubbeltje dat wordt uitgegeven hoeft te piekeren, heeft een meer ontspannen en gezonder leven. Maar ook het gevoel buitengesloten te worden, komt de gezondheid niet ten goede. Sociale contacten, een sportclub (bewegen) of hobby kosten geld. • Stress (als gevolg van armoede) brengt niet zelden ongezonde gewoonten met zich mee, zoals roken en drinken. • Men kan niet altijd de zorg inkopen die nodig is. Veel minima zijn bijvoorbeeld niet aanvullend verzekerd voor o.a. tandheelkunde of fysiotherapie. Aanvullend leren Het is niet altijd eenvoudig voor ouders om hun kind te stimuleren in de ontwikkeling.
Zeker als ouders gestrest en/of laagopgeleid zijn, kunnen zij onzeker zijn over hun rol en minder zicht hebben op opleidings- en beroepsmogelijkheden. Een extra stimulans op het gebied van taalvaardigheid, begeleiding bij leren, de sociaal-emotionele ontwikkeling, het verbreden van de horizon en talent- en schoolloopbaanontwikkeling vergroot de toekomstkansen van kinderen en jongeren. Kinderen zijn vaak enthousiast over aanvullende programma’s en wat zij daar zowel cognitief als sociaal van leren.
1.3
Voorbeelden van andere gemeenten
Sponsors ‘Quiet Roosendaal’ De gemeente Roosendaal startte een armoedenetwerk onder de naam Quiet Roosendaal. Doel is op lokaal niveau solidariteit en saamhorigheid te stimuleren bij de aanpak van armoede. Sponsors, zoals lokale ondernemers, leveren een kleine inspanning of bijdrage in de vorm van geld of goederen. Dit als ‘signaal’ dat mensen gezien worden en dat er begrip is voor hun problemen. Een sponsor geeft aan een ander zonder tegenprestatie bijvoorbeeld een gratis fietsreparatie, een kinderfeestje, kaarten voor een evenement of voorstelling, of een etentje. Groningen slaat armoedebrug Ook in Groningen startte een platform tegen armoede: Omarm Groningen. Dit is een initiatief van de gemeente in samenwerking met lokale ondernemers en organisaties. Armoedebestrijders worden met elkaar verbonden en aan de behoeften van inwoners gekoppeld, de gemeente fungeert als bruggenbouwer. Meedoen kan bijvoorbeeld door het schenken van goederen, diensten of kennis. Of door het beschikbaar stellen van een eigen netwerk. Den Haag: Startpakket voor minima De gemeente Den Haag geeft ouders een startpakket van € 500 als hun kinderen naar het voortgezet onderwijs gaan. Op dat moment krijgen ouders te maken met extra kosten voor de aanschaf van bijvoorbeeld (verplichte) sportkleding, fiets, computer of bureau.
De schoolkosten die vergoed worden, moeten daadwerkelijk gemaakt zijn en de aanvrager moet dit kunnen aantonen. 6
Duurzame-Uitleen-Service in Rotterdam De sociale dienst van Rotterdam subsidieert de Duurzame-Uitleen-Service (DUS). Via deze uitleenservice kunnen mensen met een laag inkomen spullen lenen die (te) duur zijn in de aanschaf en/of hooguit een paar keer per jaar nodig zijn. Voorbeelden van artikelen zijn naaimachines, tapijtreinigers, aanhangers, gereedschap en seizoensgebonden artikelen zoals kampeerspullen en barbecues. Deze spullen kan men lenen via een aantal LETS-Ruilwinkels, verspreid over Rotterdam. Dubbele winst In navolging van Rotterdam hebben ook Enschede en Hengelo het voornemen om een supermarkt te openen die alleen toegankelijk is voor mensen met een minimum aan inkomsten. Tegen een beduidend lagere prijs moeten zij in die winkels hun dagelijkse boodschappen kunnen halen. De minimawinkel is een initiatief van de gemeenten Enschede en Hengelo, de GGD en werkontwikkelingsorganisatie Surplus. Volgens de initiatiefnemers snijdt het mes bij dit nieuwe project aan twee kanten. Naast de supermarktfunctie voor mensen rond de armoedegrens, is de winkel ook geschikt voor het scheppen van werkervaringsplaatsen. Goederen die verkocht worden in de minimawinkel voldoen kwalitatief aan alle eisen. Het gaat om goederen die om wat voor reden dan ook zijn afgekeurd voor de gewone supermarkt. Dit is vergelijkbaar met ‘Onze Winkel’ in Veenendaal.
1.4 1.4.1
Lokale ontwikkelingen Ontwikkelingen minimaregelingen
1.4.1.1 Veenendaal Begin 2020 is de Integrale verordening Sociaal domein vastgesteld met daarin de volgende minimaregelingen: • Doe mee-budget • Kledingbudget kinderen • Budget voor Sport en bewegen volwassenen • Computer middelbare school • Computer lagere school • Mobiele telefoon middelbare school • Fiets middelbare school • Schoolbenodigdheden middelbare school • Vergoeding ID kaart • Collectieve ziektekostenverzekering Tussen 2020 en 2023 hebben hier de volgende wijzigingen in plaatsgevonden: • Tijdelijk toevoegen van een extra regeling voor vergoeding van mondkapjes eind 2020. • Verhoging van budget dat besteed kan worden aan een computer voor de middelbare school, zodat ook reparaties vergoed kunnen worden en kinderen hun gehele middelbare schoolperiode de beschikking hebben tot een computer die voldoet aan de eisen van de school per 1-1-2022. • Verlagen van de leeftijd van het kledingpakket van 4 naar 0 jaar per 22 april 2021. • Verlagen van de leeftijd voor de vergoeding van de ID kaart van 14 naar 0 jaar per 22 april 2021. • In verband met een wetswijziging wordt de ouderbijdrage niet meer vergoed vanaf het schooljaar 2021-2022. • Toevoegen van het verzekeren van het eigen risico aan de collectieve ziektekostenverzekering per 1-1-2023. 7
• •
Herinvoeren van de regeling meerkosten chronisch zieken per 1-1-2023 + tijdelijk ophogen van het bedrag van € 200,- naar € 500,-. Wijzigen van periode dat het budget van de Veenendaalpas aangevraagd kan worden van kalenderjaar naar schooljaar/ sportjaar/ cultureeljaar per 1-7-2023. Hierdoor was er een verlengd aanvraagjaar dat liep van 1-12-2021 tot 1-7-2023.
1.4.1.2 Rhenen Begin 2020 is Verordening minimaregelingen Rhenen vastgesteld met daarin de volgende minimaregelingen: • Doe mee-budget • Kledingbudget kinderen • Budget voor Sport en bewegen volwassenen • Computer middelbare school • Computer lagere school • Mobiele telefoon middelbare school • Fiets middelbare school • Schoolbenodigdheden middelbare school • Vergoeding ID kaart • Regeling meerkosten chronisch zieken • Collectieve ziektekostenverzekering Tussen 2020 en 2023 hebben hier de volgende wijzigingen in plaatsgevonden: • Tijdelijk toevoegen van een extra regeling voor vergoeding van mondkapjes eind 2020. • Verhoging van budget dat besteed kan worden aan een computer voor de middelbare school, zodat ook reparaties vergoed kunne worden en kinderen hun gehele middelbare schoolperiode de beschikking hebben tot een computer die voldoet aan de eisen van de school per 1-1-2022. • Verlagen van de leeftijd van het kledingpakket van 4 naar 0 jaar per 1 januari 2022. • Verlagen van de leeftijd voor de vergoeding van de ID kaart van 14 naar 0 jaar per 1 januari 2022. • In verband met een wetswijziging wordt de ouderbijdrage niet meer vergoed vanaf het schooljaar 2021-2022. • Wijzigen van periode dat het budget van de Cunerapas aangevraagd kan worden van kalenderjaar naar schooljaar/ sportjaar/ cultureeljaar per 1-7-2023.
Hierdoor was er een verlengd aanvraagjaar dat liep van 1-12-2021 tot 1-7-2023. 1.4.1.3 Renswoude Renswoude had in 2020 de volgende minimaregelingen: • Geld-Terug-Regeling • Geld-Terug-Regeling extra • Computerregeling • Compensatie meerkosten chronisch zieken Eind 2020 is de Verordening Minimaregelingen Renswoude vastgesteld waardoor deze regelingen begin 2020 zijn vervangen door: • Doe mee-budget • Kledingbudget kinderen • Budget voor Sport en bewegen volwassenen • Computer middelbare school • Computer lagere school • Mobiele telefoon middelbare school • Fiets middelbare school • Schoolbenodigdheden middelbare school 8
• • •
Vergoeding ID kaart Regeling meerkosten chronisch zieken Collectieve ziektekostenverzekering
Tussen 2020 en 2023 hebben hier de volgende wijzigingen in plaatsgevonden: • Tijdelijk toevoegen van een extra regeling voor vergoeding van mondkapjes eind 2020. • Verhoging van budget dat besteed kan worden aan een computer voor de middelbare school, zodat ook reparaties vergoed kunne worden en kinderen hun gehele middelbare schoolperiode de beschikking hebben tot een computer die voldoet aan de eisen van de school per 1-1-2022. • Verlagen van de leeftijd van het kledingpakket van 4 naar 0 jaar per 1 januari 2022. • Verlagen van de leeftijd voor de vergoeding van de ID kaart van 14 naar 0 jaar per 1 januari 2022. • Wijzigen van periode dat het budget van de Grebbepas aangevraagd kan worden van kalenderjaar naar schooljaar/ sportjaar/ cultureeljaar per 1-7-2023. Hierdoor was er een verlengd aanvraagjaar dat liep van 1-12-2021 tot 1-7-2023. 1.4.2 Coalitieakkoord 2022-2026 Hieronder benoemen we de relevante ambities, aandachtspunten en knelpunten in de huidige raadsakkoorden van de drie gemeenten. 1.4.2.1 Veenendaal Thema Zorg en Welzijn Het sociaal domein maakt de laatste jaren een aanzienlijke transformatie door. In 2015 is een groot aantal taken (Wmo, jeugd en participatie) overgedragen van het Rijk naar de gemeente. In de afgelopen jaren hebben we ervaren dat het daarvoor beschikbare budget achterbleef bij hetgeen benodigd is.
Dat vraagt om scherp te blijven op de kwaliteit, de organisatie en de financiën van de zorg. Welzijn en sport dragen bij aan de mentale en fysieke gezondheid van onze inwoners. Ambities • We gaan uit van wat mensen wel kunnen, kijken naar hoe de inwoners elkaar kunnen ondersteunen en helpen degenen die zorg nodig hebben. • We werken vanuit de principes van Model Veenendaal, waaronder het versterken van de sociale basis en het uitwerken van een uniforme toegang. • We streven naar een inclusieve samenleving waaraan eenieder naar vermogen meedoet en waarbij mensen naar elkaar omkijken. • We proberen te voorkomen dat problemen en zwaardere hulpvragen ontstaan of sporen ze op als ze nog niet al te groot zijn om zo grotere problemen te voorkomen. • We stellen de menselijke maat bij maatschappelijke ondersteuning en hulp voorop. • We bevorderen (buiten) sporten en bewegen, wat zorgt voor een gezonde leefstijl en voor sociale contacten. • We zetten in op een goede inburgering van nieuwkomers. Aandachtspunten • Tegengaan administratieve lasten (red tape) in processen en procedures. • De toegankelijkheid voor eenieder en kwaliteit van (sport)voorzieningen is op orde. • Gezien de huidige ontwikkelingen qua inflatie en energiecrisis is er aandacht nodig voor mensen in een kwetsbare financiële situatie.
9
Knelpunten • Wet- en regelgeving beperkt ons in het toepassen van innovatieve oplossingen en het maken van lokale beleidskeuzes. • Er zijn diverse openeinderegelingen. • Er is een groeiend tekort aan zorgpersoneel en vrijwilligers. 1.4.2.2 Rhenen Iedereen is anders. Inwoners van Rhenen, Elst en Achterberg hebben andere behoeften en wensen. Die wensen en behoeften verschillen per kern, per buurt en per mens. Los van iemands leeftijd, achtergrond of de situatie waar je mee te maken hebt; iedereen verdient gelijke kansen. Of het nu gaat om gezinnen en kinderen die opgroeien in armoede, inwoners met een beperking, inwoners met een migratieachtergrond of ouderen die een extra steuntje in de rug nodig hebben. Wij vinden het belangrijk dat iedere inwoner echt mee kan doen in de samenleving. Inclusie is een belangrijk onderdeel van onze visie op het sociaal domein. We gaan uit van de eigen kracht van mensen, de samenredzaamheid van de samenleving en de saamhorigheid in de wijken en kernen. Daar waar (tijdelijk) hulp of ondersteuning nodig is, is de gemeente er als vangnet. De economie stijgt, maar de mensen met een laag inkomen hebben het steeds zwaarder. Dat komt door de waardevermindering (van geld) en stijgende energieprijzen. Het risico op schulden ligt op de loer, en dat zorgt voor stress en gezondheidsproblemen.
Hier gaan we mee aan de slag: • We herijken de visie op het sociaal domein, daarin hebben we aandacht voor de verschillende levensfasen. De toenemende armoede is een belangrijk onderwerp in deze visie. • We stimuleren en faciliteren een stevige sociale basis in alle kernen. Dat betekent dat er voor iedereen toegankelijke voorzieningen zijn gericht op bewegen, welzijn, (vrije)tijdsbesteding, ontmoeten en (digitaal) meedoen (Zoals Talenthouse en werkplaats de Steiger). • We verlagen drempels en vergroten de vindbaarheid van regelingen en sociale voorzieningen. 1.4.2.3 Renswoude In Renswoude zorgen we voor elkaar. We willen de kracht van de kleine gemeenschap en de korte lijnen tussen gemeente en gemeenschap optimaal benutten. Het Dorpsteam vervult daarin een belangrijke rol. Daar waar nodig ondersteunt de gemeente de inwoners, zodat iedereen de zorg krijgt die nodig is. Het minimabeleid is een essentieel onderdeel van het sociaal domein. De armoedebestrijding vraagt om een actieve rol van de gemeente, zowel in preventie als bij schuldhulpverlening.
10
2
CIJFERMATIGE EVALUATIE
In dit hoofdstuk kijken we cijfermatig terug op de afgelopen jaren; hoe is de ontwikkeling van het aantal huishoudens in armoede, hoe ontwikkeld het gebruik van de minimaregelingen zich en zien we ontwikkelingen in het gebruik van de regelingen. In enkele paragrafen splitsen we de aantallen per gemeente. Waar we dit niet doen, wijken de percentages niet veel af per gemeente en spreken we over een gemiddelde.
2.1
Aantallen
Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) spreekt van armoede wanneer mensen gedurende langere tijd niet de middelen hebben voor goederen en voorzieningen die in hun samenleving als minimaal noodzakelijk gelden. De SCP-armoedegrens is gebaseerd op twee referentiebudgetten. Zo’n budget geeft aan hoeveel geld iemand nodig heeft om een zelfstandig huishouden te kunnen voeren. Het basisbehoeftenbudget betreft de minimale uitgaven van een huishouden aan onvermijdbare, basale zaken zoals huisvesting, voeding en kleding. Ook bepaalde verzekeringen en persoonlijke verzorging behoren tot de basisuitgaven. Het niet-veel-maar-toereikend-budget is iets ruimer en houdt rekening met uitgaven aan sociale participatie en ontspanning, zoals lidmaatschap van een sport- of hobbyclub, het kunnen ontvangen van bezoek of een (kleine) reservering voor een jaarlijkse vakantie van een week (Hoff et al. 2019). In 2019 bedroeg het niet-veel-maar-toereikend-budget voor een alleenstaande € 1.215,- een jaar later was dit € 1.245,-. In de periode 2021 tot en met 2023 gaan de bedragen van de armoedegrens verder omhoog: in 2023 zal hij naar verwachting zijn gestegen tot € 1.533,-. Dit is iets minder dan 130% van de toepasselijke bijstandsnorm.
Percentage particuliere huishoudens met een inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm 14,0% 12,0% 10,0% 8,0% 6,0% 4,0% 2,0% 0,0%
12,7%
12,2%
12,2%
10,1%
11,7%
9,7%
9,4%
8,9%
6,8%
6,6%
6,2%
2018
2019
2020
Renswoude
Rhenen
5,4%
2021
Veenendaal
Het percentage huishoudens en personen dat rond moet komen van een inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm is gedaald in de afgelopen jaren. Door de hoge inflatie is de armoedegrens echter gestegen van 110% naar 130% van de toepasselijke bijstandsnorm. Hierdoor is het percentage huishoudens in armoede gestegen.
11
Percentage huishoudens, personen en minderjarige kinderen dat in 2021 rond moest komen van een inkomen tot 120% en 130% van de toepasselijke bijstandsnorm.
Percentage huishoudens Percentage personen Percentage minderjarige kinderen 120% 130% 120% 130% 120% 130% Renswoude 5,4% 6,7% 3,5% 4,3% 2,7% 3,5% Rhenen 8,9% 11,5% 5,9% 7,8% 5,3% 6,9% Veenendaal 11,7% 14,2% 8,1% 9,9% 7,8% 9,1% Ook bij minderjarige kinderen zien we een daling van het aantal kinderen dat opgroeit met een inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm maar vanwege de inflatie zal ook het aantal kinderen dat opgroeit in armoede in 2023 groter zijn dan in 2021. Percentage kinderen dat opgroeit in een gezin dat rond moet komen van maximaal 120% van de toepasselijke bijstandsnorm 10,0% 8,0%
8,5%
8,1%
6,1%
5,9%
7,9% 6,5%
5,3%
6,0% 3,6%
4,0%
7,8%
3,3%
2,5%
2,7%
2,0% 0,0%
2018
2019 Renswoude
2.2
2020 Rhenen
2021
Veenendaal
Gebruik van de minimaregelingen
Het aantal inwoners dat gebruik maakt van de minimaregelingen is gestegen in de afgelopen jaren:
Veenendaal Rhenen Renswoude
Stijging van het aantal personen dat gebruik maakt van minimaregelingen ten opzichte van 2020 in 2021 2022 tot 1 juli 2023 +14% +51% +83% +29% +80% +156% +138% +234% +307%
Opvallend is dat het aantal volwassenen sterker is toegenomen dan het aantal kinderen. Mogelijke verklaring hiervoor is de energietoeslag van 2022 die onder andere aangevraagd kon worden met de Veenendaalpas. Hierdoor zijn mensen de pas ook voor andere regelingen gaan gebruiken. Het recht op de Veenendaalpas voor het pasjaar 2022-2023 is voor een groot deel van de mensen gebaseerd op het inkomen van halverwege 2021. De verwachting is dat ongeveer 20% van deze mensen in 2023 een te hoog inkomen of vermogen zullen hebben om opnieuw recht te hebben op de Veenendaalpas in 2023-2024. Daarnaast zien we een afvlakking van het aantal nieuwe pashouders in de laatste maanden van het pasjaar 2022-2023. Om deze redenen verwachten we dan ook dat het aantal pashouders voor het pasjaar 2023-2024 met ongeveer 20% zal dalen.
12
2.3
Gebruik per regeling
Van het grootste deel van de doelgroep weten we dat ze recht hebben omdat ze een bijstandsuitkering hebben of omdat hun inkomen bij het Inlichtingenbureau is getoetst. Deze mensen krijgen automatisch de regelingen toegekend maar ze maken er niet allemaal gebruik van. We zien dat het percentage rechthebbenden dat ook daadwerkelijk gebruik maakt van de regelingen is gestegen sinds 2020 met gemiddeld 20 procent punt. Op 1 juli 2023 had 81% van de pashouders gebruik gemaakt van het Doe mee-budget en zelfs 97% maakt gebruik van het Kledingpakket voor kinderen. Ook de uitputting van de regelingen is gestegen. De uitputting van het sportbudget is zelfs verdubbeld sinds 2021 van gemiddeld 20% naar 62%. 2.3.1 Sportbudget volwassenen Uit de evaluatie blijkt dat het percentage volwassen pashouders dat tijdens het pasjaar 2022-2023 gebruik maakte van het Sportbudget maar 62% is. Deze mensen benutten het budget wel (bijna) volledig. Daarnaast wordt ongeveer 30% van het Doe mee-budget aan sport uitgegeven.
Belangrijkste redenen van het lage gebruik: - Te weinig aangesloten aanbieders - Budget is te laag voor de gehele contributie Het is moeilijk om voldoende aanbieders aan te sluiten omdat: - Het budget te laag is voor de volledige contributie - Het innen van resterende contributies is te complex voor kleinere verenigingen Bovenstaand probleem is op te lossen door aansluiting bij het Volwassenfonds Sport. Er wordt dan per rechthebbende een budget beschikbaar gesteld van max € 250,-, waardoor de volledige contributie vergoed wordt. Het Doe mee-budget voor volwassenen zou dan verlaagd kunnen worden. De extra kosten hiervoor bedragen ongeveer jaarlijks respectievelijk € 300.000,- (Veenendaal), € 50.000,- (Rhenen) en € 7.500,- (Renswoude). 2.3.2 Regelingen middelbare school De regelingen Schoolbenodigdheden, Mobiele telefoon en Fiets hebben een relatief laag bereik binnen de pashouders tussen 12 en 18 jaar: - Schoolbenodigdheden gemiddeld 81% - Mobiele telefoon gemiddeld 79% - Fiets gemiddeld 60% Onder pashouders die gebruik maken van de regelingen is de uitputting wel hoog. Dit geeft aan dat de behoefte voor deze vergoeding er wel is maar niet bij iedere rechthebbende.
2.3.3 Regeling meerkosten chronisch zieken en verzekering eigen risico (Veenendaal) Per 1 januari 2023 is de regeling meerkosten chronisch zieken en de verzekering van het eigen risico bij de collectieve ziektekostenverzekering in GarantVerzorgd3, in Veenendaal opnieuw ingevoerd. In de programmabegroting is hiervoor structureel extra budget toegekend. Het aantal pashouders dat recht heeft op de Regeling meerkosten chronisch zieken ligt vanwege de stijging van het aantal pashouders hoger dan de prognose. Ook het aantal mensen met GarantVerzorgd3 is meer toegenomen dan verwacht. Om deze reden zijn de kosten van deze regeling naar verwachting dan ook hoger dan het beschikbaar gestelde budget.
13
Pasjaar 1-12-2021 tot 1 juli 2023 Prognose in 2022 Realisatie Aantal toegekende aanvragen regeling meerkosten chronisch zieken Aantal volwassen met GarantVerzorgd 3
2.4
900
1638
Pasjaar 1 juli 2023 tot 1 juli 2024 Prognose in Prognose in juni 2022 2023 900 1350
455
696
455
696
Aantal aanbieders
Het aantal aanbieder dat is aangesloten bij de Veenendaalpas op 1 juli 2023 is vertienvoudigd ten opzichte van het aantal aangesloten aanbieders bij de webshop op 1 januari 2020: 250
198
200
235
151
150 100 50 0
22 1-1-2020 Declaratie en webshop
40
1-1-2021
53
30-11-2021
1-12-2021 Veenendaalpas
1-1-2023
1-6-2023
14
3
EVALUATIE ONDER PASHOUDERS
Om te onderzoeken of de huidige regelingen aansluiten bij de behoeften van de pashouders hebben we een bijeenkomst georganiseerd voor pashouders en is er een enquête verstuurd naar alle pashouders. 3.1 Ervaringen en suggesties Onderstaande ervaringen en suggesties zijn opgehaald: - Betutteling: voor iedereen is de behoefte anders, dus laat de verschillende budgetten/ voorwaarden (wat mag je wel aanschaffen en wat niet) zoveel als mogelijk los. Uit de enquêtes blijkt ook dat 73% van de pashouders het een goed idee lijkt om de regelingen van de middelbare school samen te voegen. - Budget voor volwassen binnen één gezin samenvoegen of overdraagbaar maken - Budgetten niet laten vervallen en wel kunnen opsparen voor een volgend pasjaar; nu wordt nog snel het budget opgemaakt aan relatief minder noodzakelijke zaken.
Uit de enquêtes blijkt dat 94% van de pashouders het hier mee eens is - Inflatiecorrectie toepassen (dus budgetten verhogen) - Budget voor fiets (middelbare school) is te laag en er is te weinig aanbod - Opsparen budget voor middelbare schoolkosten is wenselijk, maar daar hebben kinderen die nèt naar de middelbare school gaan niet veel aan, want die hebben wél meteen de uitgaven, maar kunnen dus niet sparen - Doe mee-budget en kledingbudget samenvoegen voor kinderen - Doe mee budget is te beperkt voor volwassenen - Sporten voor gehandicapten zijn duurder en vallen dus buiten het budget - Sportkleding in het Doe mee-budget houden, want ouderen zijn blij met goede sportschoenen Quote: “Ik ben er erg blij mee. Ik heb nu boeken kunnen aanschaffen en mezelf kunnen ontwikkelen.
Ook is mijn gezondheid verbeterd nu ik meer beweeg doordat ik sportschoenen en sportkleding heb kunnen kopen.” 3.2 Wensen voor aanvullende vergoedingen Uit de enquête blijkt dat voor 62% van de pashouders de regelingen aansluiten bij hun wensen. In totaal geeft 48% aan nog regelingen te missen. Dit sluit aan bij wat er ook genoemd is tijdens de pashouders bijeenkomst. De volgende vergoedingen werden gemist: - Kledingbudget voor volwassenen - Zwempakketten voor volwassenen - PC/ Tablet/ mobiele telefoon voor volwassenen - Fiets voor volwassenen en kinderen jonger dan 12 jaar - Budget voor witgoed/ huishoudelijke apparatuur - Bouwmarkten aansluiten met budget (bijv. opknappen huis) - Budget voor treinkaartje/ OV
Quote: “Ik vind de Veenendaal pas superfijn! En ik hoop dat het mogelijk is dat je het budget wat over
is kan opsparen”
Overige opmerkingen: - Er wordt door scholen nog steeds druk uitgeoefend voor betaling van de vrijwillige bijdrage. Dit mag wettelijk niet. - Regelingen zijn vooral gericht op gezinnen (kinderen) en te weinig voor ouderen. - Veel opmerkingen over het aansluiten van meer ondernemers en grotere winkelketens. Dit wordt opgepakt met de aanbodmanager van de Veenendaalpas. 15
4
EVALUATIE ONDER MAATSCHAPPELIJKE PARTNERS
Om de ervaringen van de maatschappelijke partners te onderzoeken hebben we een bijeenkomst georganiseerd en een enquête uitgezet. 4.1 -
-
-
-
-
-
-
-
Ervaringen en suggesties Vluchtelingenwerk geeft aan dat zij hun cliënten stimuleren om deel te nemen aan sport en dat vrijwel iedereen hiervan gebruikmaakt. De cliënten zijn veelal in afwachting van de start van het inburgeringstraject, waardoor sporten een goede dagbesteding is. Ook na de start van het inburgeringstraject blijft men sporten, aldus Vluchtelingenwerk. Er is voor jongeren behoefte aan een fiets, maar is te weinig passend aanbod. Als gemeente/ samenleving wil je enerzijds dat we de “goede” dingen stimuleren zoals sporten en gezonde voeding en het is begrijpelijk dat we hierdoor enigszins huiverig zijn om de verschillende budgetten voor verschillende doeleinden los te laten. Een voordeel om dit los te laten is dat de inwoner zelf zeggenschap krijgt over hoe hij het budget besteedt en de ervaring is juist dat deze doelgroep hier heel zorgvuldig mee omgaat en prima in staat is om weloverwogen keuzes te maken. Desondanks zijn met name kinderen afhankelijk van de keuzes van hun ouders en het risico bestaat dat deze niet (altijd) in het voordeel van het kind uitvallen. Een andere kanttekening is dat het juist als betuttelend ervaren kan worden als wij voor onze inwoners bepalen wat voor hen al dan niet de juiste keuzes zijn.
Hoe zorg je dat je een gezonde leefstijl stimuleert? Op deze vraag wordt aangegeven dat we moeten oppassen voor betutteling omdat ieders persoonlijke situatie is anders: waar de één naar een culturele of sportieve activiteit gaat voor sociale contacten, is voor de ander het bezoekje aan de snackbar de manier om in contact te komen met anderen. Men kan zich schamen voor het gebruik van de passen, wat een reden kan zijn om deze niet te gebruiken. Centrum voor Jeugd en Gezin geeft aan dat hun cliënten gebaat zouden zijn met een uitstapje voor de ouders. Het gaat dan voornamelijk om een oppas voor de kinderen, zodat de ouders samen iets kunnen ondernemen. Doorschuiven van het budget, wanneer dit nog niet volledig opgemaakt is, naar een volgend pasjaar, wordt als goede suggestie ervaren. Men heeft dan niet het gevoel het budget per se op te moeten maken, maar kan men doorsparen voor een grotere -mogelijk meer noodzakelijke- aankoop. Mogelijk hieraan wel een maximum stellen van bijvoorbeeld 3 jaar. Regelingen voor jongeren samenvoegen heeft voor- en nadelen. Enerzijds kan dit meer ruimte geven voor bijvoorbeeld de aankoop van een duurdere fiets, maar anderzijds bestaat hierdoor het risico dat er bijvoorbeeld geen geld meer is voor de aanschaf van schoolbenodigdheden, wat voor problemen gaat zorgen voor de jongere.
Is OV gebruik via de pas een optie? Eventueel alleen binnen de gemeentegrenzen? Mogelijk maken dat het computerbudget voor de basisschool in meerdere keren uitgegeven kan worden voor bijvoorbeeld 2 tablets. Verhoog het bereik door gerichte acties onder doelgroepen die geen gebruik maken van de pas. De klantmanager kan in zijn (periodieke) klantgesprekken de inwoners nog eens extra wijzen op de regelingen. Het is zinvol om de bekendheid te vergroten onder maatschappelijke partners door hen periodiek een nieuwsbrief te mailen.
4.2 Wensen voor aanvullende vergoedingen De volgende vergoedingen werden gemist: - Sluit voor het stimuleren van gezonde voeding niet enkel groenteboeren aan, maar juist ook de grotere winkels, zodat de inwoner zelf kan bepalen waar hij zijn budget aan uitgeeft. - Mobiele telefoon voor volwassenen
16
5
FINANCIËN
5.1 Uitgaven totale minimaregelingen De totale uitgaven van de minimaregelingen zijn voor alle drie de gemeenten gestegen in de afgelopen jaren. Voor Rhenen en Renswoude verwachten we dat deze stijging vanaf 2023 stabiliseert.
Rhenen
Renswoude €200.000,00
€50.000,00 €40.000,00 €30.000,00 €20.000,00 €10.000,00 €-
€150.000,00
€50.000,00
20 2
3
22
€-
2020
pr
og
no
se
20
21 20
20
20
€100.000,00
2021
2022
prognose 2023
Voor Veenendaal verwachten we dat de stijging in uitgaven pas in 2024 stabiliseert vanwege het hogere bereik van de regeling meerkosten chronisch zieken en GarantVerzorgd3 van de Menzis
Veenendaal €1.600.000,00 €1.400.000,00 €1.200.000,00 €1.000.000,00 €800.000,00 €600.000,00 €400.000,00 €200.000,00 €-
5.2
2020
2021
2022
prognose 2023
Kosten versus begroting
5.2.1 Veenendaal In de gemeente Veenendaal was de stijging van de kosten de afgelopen jaren te dekken binnen het taakveld. In 2023 zijn de extra kosten te dekken vanwege extra incidente middelen van het Rijk en de 1 miljoen die tijdens de programmabegroting beschikbaar is gesteld door de Raad voor de bestrijding van energiearmoede. Voor 2024 en verder verwachten we echter structureel minimaal ongeveer € 270.000 tekort te komen, afhankelijk van het gekozen scenario in paragraaf 6.2. 5.2.2 Rhenen In de gemeente Rhenen was de stijging van de kosten de afgelopen jaren te dekken binnen het taakveld. In 2023 worden er extra incidentele middelen gevraagd aan de raad, boven op de extra incidente middelen van het Rijk. Voor 2024 en verder verwachten we echter structureel minimaal ongeveer € 80.000 tekort te komen, afhankelijk van het gekozen scenario in paragraaf 6.2. Hiervoor worden extra structurele middelen aangevraagd bij de programmabegroting.
17
5.2.3 Renswoude In de gemeente Renswoude was de stijging van de kosten de afgelopen jaren te dekken binnen het taakveld en er is met de P&C cyclus extra budget toegekend door de raad. In 2023 komen er extra incidente middelen van het Rijk, maar het is nog onduidelijk of deze voldoende zijn. Voor 2024 en verder verwachten we echter structureel minimaal ongeveer € 6.000 tekort te komen, afhankelijk van het gekozen scenario in paragraaf 6.2.
18
6
CONCLUSIES
6.1
Conclusies evaluatie •
•
• •
•
•
•
•
6.2
Het aantal mensen dat rond moet komen van een inkomen tot 120% is gedaald ten opzichte van 2020. Vanwege de gestegen inflatie is de armoedegrens gestegen van 110% naar 130% van de toepasselijke bijstandsnorm, waardoor het aantal mensen in armoede is gestegen. Het aantal inwoners dat gebruik maakt van de minimaregelingen is sterk gestegen ten opzichte van 2020: voor Veenendaal met 83%, in Rhenen met 156% en in Renswoude met 307%. Verwachting is dat deze met 20% afnemen voor het pasjaar 2023-2024. Ook het gebruik van de regelingen door rechthebbenden en de uitputting van de regelingen is gestegen. Het gebruik van het Sportbudget volwassenen blijft relatief laag op 62%. Het is moeilijk om aanbieders aan te sluiten omdat het budget te laag is voor de volledige contributie. Alternatief is aansluiting bij het Volwassenfonds Sport. Dit kost extra budget. Vanwege de gestegen inflatie is het bereik van de regeling meerkosten chronisch zieken in Veenendaal bijna 2x zo hoog als verwacht en is het aantal mensen met GarantVerzorgd3 in Veenendaal met ongeveer 50% gestegen. Uit de evaluatie onder pashouders en maatschappelijke partners blijkt dat: • Ga betutteling tegen: voor iedereen is de behoefte anders, dus laat de verschillende budgetten en voorwaarden zoveel als mogelijk los.
• Zoek naar de juiste balans tussen zeggenschap geven aan inwoners over de besteding van het budget en voorkomen dat er geen budget over is voor noodzakelijke (school)producten voor kinderen. • Budgetten niet laten vervallen en wel kunnen opsparen voor een volgend pasjaar; nu wordt nog snel het budget opgemaakt aan relatief minder noodzakelijke zaken • Inflatiecorrectie toepassen (dus budgetten verhogen) • Opsparen budget voor middelbare schoolkosten is wenselijk, maar daar hebben kinderen die nèt naar de middelbare school gaan niet veel aan, want die hebben wél meteen de uitgaven, maar kunnen dus niet sparen • De Veenendaalpas wordt door veel statushouders succesvol gebruikt om mee te sporten, wat positief is voor hun inburgeringstraject. • De volgende vergoedingen werden gemist: ▪ Kledingbudget voor volwassenen; ▪ Zwempakketten voor volwassenen; ▪ PC/ Tablet/ mobiele telefoon voor volwassenen; ▪ Fiets voor volwassenen en kinderen jonger dan 12 jaar; ▪ Budget voor witgoed/ huishoudelijke apparatuur/ bouwmarkten; ▪ Gezonde voeding. De uitgaven voor de minimaregelingen zijn gestegen in de afgelopen jaren. Voor Rhenen en Renswoude verwachten we een stabilisatie vanaf 2023. Voor Veenendaal verwachten we deze pas vanaf 2024. In alle drie de gemeenten verwachten we structureel budget tekort te komen, als we de totale hoogte van de regelingen gelijk houden
Scenario’s aanpassingen minimaregelingen
Voorgesteld wordt om onderstaande wijzigingen toe te passen binnen de regelingen op de Veenendaalpas: 1. Budgetten samenvoegen waardoor je de volgende regelingen overhoudt: 19
1. Volwassenen: a. Doe mee-budget (samenvoeging Doe mee-budget en Sportbudget) van een jaarlijks budget dat mag besteed worden aan: • Sport • Hobby/ vrije tijd • Horeca • Cultuur • Kleding (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) • Witgoed/ elektronica (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) • Fiets (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) • Bouwmarkten (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) • Gezonde voeding (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) • Rijbewijs (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) b. Vergoeding ID kaart/ paspoort 2. Gezinnen met kinderen op de basisschool: a. 1 budget te besteden aan een tablet of laptop. Dit budget mag in meerdere keren worden besteed in 4 jaar tijd (wijziging t.o.v. oude regeling is dat het budget omlaaggaat van € 500,- naar € 400,- en de frequentie van 5 naar 4 jaar) 3. Kinderen 0 tot 12 jaar a. Doe mee-budget (samenvoeging Doe mee-budget en Kledingbudget) een jaarlijks budget dat mag besteed worden aan: • Kleding • Hobby/ vrije tijd • Horeca • Cultuur • Fiets (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) • Gezonde voeding (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) b. Vergoeding ID kaart/ paspoort 4. Kinderen 12 tot 18 jaar a.
Doe mee-budget (samenvoeging Doe mee-budget, Kledingbudget, regeling Fiets, mobiele telefoon en schoolbenodigdheden) van een jaarlijks budget dat mag besteed worden aan: • Kleding • Hobby • Horeca • Cultuur • Gezonde voeding (dit zit nu niet in het Doe mee-budget) • Fiets • Mobiele telefoon • Schoolbenodigdheden b. Laptop middelbare school. Een laptop die voldoet aan de eisen van de middelbare school. c. Vergoeding ID kaart/ paspoort 2. Het Doe mee-budget vervalt pas na 3 jaar. Elk nieuw jaar wel nieuw tegoed. Dit biedt de mogelijkheid om te sparen. 3. Om de armoedeval te verminderen vervalt het budget ook niet direct bij uitstroom. Dus als iemand per 1 juli een te hoog inkomen heeft om recht te hebben op nieuw budget per 1 juli, dan vervalt eventueel overbleven budget pas na 3 jaar. 4. De omstandigheden van inwoners die -ondanks de landelijke maatregelen- financiële problemen hebben door de gestegen energiekosten lijken zeer divers. Dit vereist maatwerk. De enige overeenkomst bij een deel van de doelgroep is een chronische ziekte of beperking. Om deze
20
reden verhogen we de inkomensgrens voor de regeling meerkosten chronisch zieken in Rhenen en Renswoude van 110% naar 120%. Voor Veenendaal stond deze al op 120%. 5. In verband met het aangepaste ‘niet-veel-maar-toereikend-criterium van 110% naar 130% van de toepasselijke bijstandsnorm, kunnen we de doelgroep uitbreiden naar 130% (scenario 2a en 2b). Onderstaand verschillende scenario’s op basis van bovengenoemde punten, waarbij de hoogte van de budgetten afhankelijk is van het feit of we structureel extra budget aanvragen. 6.2.1 Scenario 1a Hoogte van het totale budget per doelgroep ten opzichte van huidige regelingen Maximaal inkomen Benodigd structureel extra budget
Blijft gelijk 120% Veenendaal: € 270.000,Rhenen: € 0,Renswoude: € 0,-
Budgetten per doelgroep worden dan als volgt: Doelgroep Nieuwe regeling 100% 110% 120% Oud Nieuw Oud Nieuw Oud Nieuw Volwassenen Doe mee-budget € 200 € 200 € 150 € 150 € 100 € 100 Kinderen tot Doe mee-budget € 300 € 300 € 225 € 225 € 150 € 150 12 jaar Laptop/ tablet PO € 500 € 500 € 500 € 500 € 500 € 500 Kinderen 12Doe mee-budget € 500 € 500 € 387 € 387 € 275 € 275 18 jaar Laptop VO** € 750 € 750 € 750 € 750 € 750 € 750 Chronisch Meerkosten € 200 € 200 € 200 € 200 ** € 200 zieken chronisch zieken GarantVerzorgd3 € 143,76*** + Eigen risico van maximaal € 385,- per jaar *Betreft een maximaal bedrag. De eisen van de school zijn hierin leidend. Het is ook mogelijk om een deel van het budget later in te zetten voor bijvoorbeeld reparaties. **€ 200,- voor Veenendaal en € 0,- voor Rhenen en Renswoude. ***Dit is de bijdrage van 2023. De bijdrage van 2024 is nog niet bekend.
6.2.2 Scenario 1b Aantal regelingen Hoogte van het totale budget per doelgroep ten opzichte van huidige regelingen Maximaal inkomen Benodigd structureel extra budget
Budgetten samenvoegen tot 1 of 2 budgetten per doelgroep Gaat omlaag 120% Veenendaal: € 0,Rhenen: € 0,Renswoude: € 0,-
Budgetten per doelgroep worden dan als volgt: Doelgroep Nieuwe regeling 100% Oud Nieuw Volwassenen Doe mee-budget € 200 € 150 Kinderen tot 12 Doe mee-budget € 300 € 250 jaar Laptop/ tablet PO € 500 € 500 Kinderen 12Doe mee-budget € 500 € 325 18 jaar Laptop VO* € 750 € 750 Chronisch Meerkosten € 200 € 200 zieken chronisch zieken
110% Oud Nieuw € 150 € 110 € 225 € 190 € 500 € 400 € 387 € 240 € 750 € 750 € 200 € 200
120% Oud Nieuw € 100 € 75 € 125 € 150 € 500 € 400 € 275 € 160 € 750 € 750 ** € 200
21
GarantVerzorgd3
€ 143,76*** + Eigen risico van maximaal € 385,- per jaar
*Betreft een maximaal bedrag. De eisen van de school zijn hierin leidend. Het is ook mogelijk om een deel van het budget later in te zetten voor bijvoorbeeld reparaties. **€ 200,- voor Veenendaal en € 0,- voor Rhenen en Renswoude. ***Dit is de bijdrage van 2023. De bijdrage van 2024 is nog niet bekend.
6.2.3
Scenario 2a
Aantal regelingen
Budgetten samenvoegen tot 1 of 2 budgetten per doelgroep Blijft gelijk voor de doelgroep tot 120%.
Hoogte van het totale budget per doelgroep ten opzichte van huidige regelingen Maximaal inkomen Benodigd structureel extra budget
Budgetten per doelgroep worden dan als volgt: Doelgroep Nieuwe 100% regeling Oud Nieuw Volwassenen Doe mee€ 200 € 200 budget Kinderen tot Doe mee€ 300 € 300 12 jaar budget Laptop/ € 500 € 500
130% Veenendaal: € 400.000,Rhenen: € 25.000,Renswoude: € 10.000,-
110% Oud Nieuw € 150 € 150
120% Oud Nieuw € 100 € 100
130% Oud Nieuw €0 € 100
€ 225
€ 225
€ 150
€ 150
€0
€ 125
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€0
€ 500
tablet PO
Kinderen 1218 jaar Chronisch zieken
Doe meebudget Laptop* Meerkosten chronisch zieken GarantVerz orgd3
€ 500
€ 500
€ 387
€ 387
€ 275
€ 275
€0
€ 200
€ 750 € 200
€ 750 € 200
€ 750 € 200
€ 750 € 200
€ 750 **
€ 750 € 200
€0 €0
€ 750 € 200
€ 143,76*** + Eigen risico van maximaal € 385,- per jaar
*Betreft een maximaal bedrag. De eisen van de school zijn hierin leidend. Het is ook mogelijk om een deel van het budget later in te zetten voor bijvoorbeeld reparaties. **€ 200,- voor Veenendaal en € 0,- voor Rhenen en Renswoude. ***Dit is de bijdrage van 2023. De bijdrage van 2024 is nog niet bekend.
6.2.4
Scenario 2b
Aantal regelingen Hoogte van het totale budget per doelgroep ten opzichte van huidige regelingen Maximaal inkomen Benodigd structureel extra budget
Budgetten samenvoegen tot 1 of 2 budgetten per doelgroep Daalt 130% Veenendaal: € 0,Rhenen: € 0,Renswoude: € 0,-
Budgetten per doelgroep worden dan als volgt:
22
Doelgroep Volwassenen Kinderen tot 12 jaar
Kinderen 1218 jaar
Chronisch zieken
Nieuwe regeling Doe meebudget Doe meebudget
100% Oud Nieuw € 200 € 125
110% Oud Nieuw € 150 € 100
120% Oud Nieuw € 100 € 75
130% Oud Nieuw €0 € 50
€ 300
€ 150
€ 225
€ 125
€ 150
€ 100
€0
€ 75
Laptop/ tablet PO
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€0
€ 500
Doe meebudget Laptop VO** Meerkosten chronisch zieken GarantVer zorgd3
€ 500
€ 275
€ 387
€ 225
€ 275
€ 175
€0
€ 125
€ 750
€ 750
€ 750
€ 750
€ 750
€ 750
€0
€ 750
€ 200
€ 200
€ 200
€ 200
***
€ 200
€0
€ 200
€ 143,76**** + Eigen risico van maximaal € 385,- per jaar
*Betreft een maximaal bedrag. De eisen van de school zijn hierin leidend. Het is ook mogelijk om een deel van het budget later in te zetten voor bijvoorbeeld reparaties. **€ 200,- voor Veenendaal en € 0,- voor Rhenen en Renswoude. ***Dit is de bijdrage van 2023. De bijdrage van 2024 is nog niet bekend.
23