CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

E2. Adviesnotitie eerste aanvraagperiode RDFVII

Gemeenteraad 24 februari 2026, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Foodvalley - Raadsinformatiebrief Projectselectie Regio Deal II3.508 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

vaak gewerkt wordt met vereiste minimum scores en ‘knock-out’ criteria, maar die liggen doorgaans substantieel lager.1 Slechts 18 van de 34 projecten behalen een score van 44 of 48 punten op criterium 4. Op basis van een minimale vereiste score van 44 punten op dit criterium, leidt het advies van de commissie tot het afwijzen van bijna de helft van de ingediende aanvragen. De commissie heeft geconstateerd dat aanvragen die een score van 40 punten halen op criterium 4 prima projectvoorstellen zijn, die vertrouwen geven voor een succesvolle uitvoering. Dit, in combinatie met de kennis van andere subsidieregelingen, maakt dat de commissie van mening is dat de lat te hoog gelegd is. Een minimale vereiste score van 40 punten – 83% – lijkt passender. Wanneer uitgegaan wordt van 40 punten als minimale vereiste score, kunnen op basis van de beoordeling door de commissie nog eens negen aanvragen een positief advies ontvangen en voor subsidie in aanmerking komen. Deze aanvragen zijn in de ogen van de commissie niet alleen van voldoende kwaliteit, zij dragen ook substantieel bij aan de bedoeling en het gewenste palet aan projecten dat nodig is om de doelen, aanpak en beoogde resultaten van de Regio Deal te realiseren.

De commissie adviseert het Algemeen Bestuur om de subsidiecriteria op dit punt bij te stellen naar een minimale vereiste score van 40 punten op criterium 4, indien mogelijk nog voor deze lopende subsidieronde. Wanneer dat nu niet tot de mogelijkheden behoort, adviseert de commissie de subsidieregeling voor een volgende openstelling bij te stellen naar 40 punten. Om inzicht te geven in de gevolgen van de keuze voor minimaal 44 punten op criterium 4 en de kansen die een keuze voor 40 punten met zich meebrengt, heeft de commissie in onderstaande paragrafen, per spoor, beide varianten uitgewerkt. 4. Spoor 1: Verantwoord Groeien Spoor 1 bestaat uit drie aanvragen. In totaal vragen de aanvragers een Rijksbijdrage van € 5.586.697, een overschrijding van het subsidieplafond van € 3.831.500. Deze overschrijding maakt dat niet alle voorstellen binnen het beschikbare budget kunnen worden gehonoreerd en maakt ranking van de ingediende aanvragen – mits positief beoordeeld – noodzakelijk. Alle drie de aanvragen hebben geleid tot intensieve gesprekken en discussie tussen de commissieleden. Met name de aandachtspunten onder criterium 2 – impact van het project – en criterium 3 – de mate waarin de Regio Deal het project versnelt, versterkt of verbindt waren daarbij onderwerp van gesprek.

De commissie is tot de conclusie gekomen dat het project Toekomstbestendige Bedrijventerreinen niet correct kan worden beoordeeld langs de voorgeschreven criteria. Een nadere toelichting hierop is opgenomen in bijlage 1 aan het eind van dit document.

Voor de subsidieregeling MKB-Innovatiestimulering Regio en Topsectoren wordt 50% gehanteerd en voor het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling 70%.

1

3

Ten aanzien van de andere twee projecten, heeft de commissie nadrukkelijk stilgestaan bij de definitie van een Community of Practice en of deze benaming passend is bij de activiteiten die ondernomen worden. De commissie wil meegeven aan de indieners om de beide projecten in spoor 1 en zeker alle stakeholders (de praktijkhouders van de Community of Practice) nog meer structureel met elkaar te verbinden en ook meer frequent te betrekken in opzet en uitvoering, dan nu is opgenomen in het projectplan. Bij het handhaven van de minimale vereiste score van 44 punten op criterium 4, komt alleen het project Energiesysteem van de Toekomst in aanmerking voor subsidie. Het totale te honoreren subsidiebedrag komt dan op € 1.400.000.

Wanneer de lat op 40 punten gelegd wordt, wordt het mogelijk om ook het project Community of Practice te honoreren, dat overigens een hogere totaalscore behaalt dan Energiesysteem van de Toekomst. Het volgen van dit advies van de commissie leidt tot een toe te kennen bedrag van € 1.8744.497, wat (ook) ruim onder het subsidieplafond blijft.

5. Spoor 2: Regionaal Ontmoeten Spoor 2 bestaat uit 19 aanvragen. In overeenstemming met artikel 10.6 van de subsidieregeling, hebben de aanvragers binnen deze programmalijn verklaard tot overeenstemming te zijn gekomen over de beschikbare subsidiemiddelen voor deze programmalijn. In lijn met de subsidieregeling, heeft de commissie deze aanvragen daarom uitsluitend gescoord op criterium 4 van het beoordelingskader. Dit met uitzondering van de projecten Fietsveilig en Groen Uitloopgebied Binnenveld, Groen Uitloopgebied Doesburgerbuurt en Toeristische ontwikkeling en merkversterking Grebbelinie. Deze drie projecten richten zich op multifunctioneel landelijk buitengebied en moeten daarom wel op alle criteria beoordeeld worden. Bovendien moeten zij een minimaal puntenaantal van 168 punten halen om gehonoreerd te worden. Gezien de overeenstemming die bestaat, zullen de aanvragen niet gerangschikt worden op puntenaantal.

4

De commissie vindt het, in het kader van een Regio Deal, heel passend dat een aantal projecten zich specifiek richt op toerisme, recreatie en groene uitloop in het agrarisch buitengebied, ter ontlasting van de Veluwe. Daarmee ontstaat een spreiding van drukfactoren op kwetsbare natuur. Dit lukt alleen in regionaal verband. Ook valt het de commissie op dat de ingediende projecten in spoor 2 over het algemeen beter scoren op criterium 3D dan projecten in andere sporen. De inzet op het vergroten van de betrokkenheid en begrip van de omgeving krijgt hier goed aandacht. Ten aanzien van de inhoud van de projecten, merkt de commissie op dat de cultuurcentra en sportvoorzieningen veelal lokaal zijn ingestoken. De titel ‘Regionaal ontmoeten’ komt daarmee niet altijd volledig uit de verf. Hoewel de commissie de projecten niet gescoord heeft op deze criteria, is haar wel opgevallen dat de samenwerking met en tussen de triple helix partijen over het algemeen zwak is, evenals de relatie tussen stad en land. Een uitzondering hierop wordt gevormd door de projecten die zich richten op multifunctioneel landelijk buitengebied. De multifunctionele centra (MFC’s) Renswoude, Scherpenzeel en Hoevelaken lijken kennis met elkaar te delen en van elkaars ervaringen te willen leren. In andere initiatieven wordt ook gerefereerd aan opschalen en het toepassen van geleerde lessen.

Er is echter geen overkoepelende voorziening om dit te organiseren. Als algemeen advies geeft de commissie daarom mee dat een Community of Practice-aanpak heel passend kan zijn om regionaal kennisdelen en het voortbouwen op elkaars ervaringen, zowel positief als negatief, te bevorderen. Wellicht kan de aanpak van het ingediende project Community of Practice (spoor 1) hierin van betekenis zijn. De commissie heeft na bespreking besloten om voor een drietal projecten (Vitale leefgemeenschap Sint Jozef Nijkerk, Toekomstbestendige Sportinfrastructuur en Verkenning versterken sport- en onderwijscluster Ede-zuid incl nieuw zwembad) een negatief advies af te geven. Deze projecten zijn qua scores op de verschillende criteria helaas onder de maat. Op basis van een te hanteren minimale score van 44 punten komen nog eens vijf projecten niet in aanmerking voor subsidie. Slechts 11 van de 19 projecten in dit spoor krijgen dan een positief advies mee. De totaal te honoreren subsidie blijft daarmee onder het subsidieplafond van € 8.611.000. In de onderstaande tabel zijn de individuele scores per project weergegeven, waarbij alleen projecten Fietsveilig en Groen Uitloopgebied Binnenveld, Groen Uitloopgebied Doesburgerbuurt en Toeristische ontwikkeling en merkversterking Grebbelinie op alle criteria zijn beoordeeld met respectievelijk 200, 190 en 196 punten.

De projecten zijn gerangschikt op volgorde van behandeling, er is geen ranking op scores in de tabel opgenomen.

5

Wanneer de lat op 40 punten gelegd wordt, kunnen 16 van de 19 projecten van een positief advies voorzien worden en in aanmerking komen voor subsidie. In onderstaande tabel zijn de respectievelijke scores weergegeven.

*In lijn met de subsidieregeling mag het totaalbedrag van deze afgestemde aanpak niet hoger zijn dat het vastgestelde subsidieplafond. De commissie rekent met de bij haar bekende bedragen. Het is aan de kassier om hier de juiste bedragen en verrekeningen aan te koppelen.

6

6. Spoor 3: Innovatief Ondernemen Spoor 3 bestaat uit 13 aanvragen. De aanvraag ‘Scaling Experts Vouchers’ is door de commissie niet beoordeeld (zie paragraaf 2). In totaal vragen de aanvragers (12 projecten) een Rijksbijdrage van € 11.728.645,73, een overschrijding van het subsidieplafond van € 6.715.000. Deze overschrijding maakt dat niet alle voorstellen binnen het beschikbare budget kunnen worden gehonoreerd en maakt ranking van de ingediende aanvragen noodzakelijk. De commissie heeft drie projecten (Versterken Foodecosysteem, Vervolg versnelling mono mestvergisting binnen Regio Foodvalley en Innovatieprojecten EU cloud) van een negatief advies voorzien. Deze projecten scoren over het geheel op de verschillende criteria wisselend en soms zelfs goed, maar op criterium 4 scoren deze projecten helaas onder de maat en dan kan alleen een negatief advies de uitkomst zijn. Op basis van een minimale vereiste score van 44 punten op criterium 4, blijven er slechts zes aanvragen over die voor een positief advies in aanmerking komen. Het totaal van deze aanvragen blijft binnen het subsidieplafond van € 6.715.000.

Bij een lat van 40 punten verandert het overzicht. De commissie geeft dan negen van de twaalf aanvragen een positief advies mee. Door de hoge totaalscores van de projecten Versterking en opschaling Landbouwnetwerk Regio Foodvalley, Energyfixers en Lerend Netwerk Transitie-talent Regio Foodvalley, ten opzichte van het project Circulair Terreinbeheer – dat weliswaar 44 punten scoort op criterium 4, maar overall slechts 130 punten behaalt – verandert ook de ranking.

7

Op basis van bovenstaande ranking, constateert de commissie dat een zestal positief beoordeelde projecten zonder problemen binnen de budgettaire ruimte kunnen worden toegekend. De projecten zeven en acht in de ranking scoren beiden 184 punten. Het project Bodem en Water Meet- en Leernetwerk scoort op criteria 2 en 3 in totaal 92 punten en het project Lerend Netwerk Transitie-talent Regio Foodvalley scoort in totaal 84 punten. Conform artikel 10.4 van de subsidieregeling komt het project Bodem en Water Meet- en Leernetwerk daarmee hoger in de ranking. De commissie constateert ook dat in de ranking het zevende project (Bodem en Water Meet- en Leernetwerk) net niet meer (volledig) gehonoreerd kan worden binnen het vastgestelde subsidieplafond voor spoor 3. Daarbij is onbekend of eventuele btwcorrecties of anderszins financiële correcties van de eerste zes projecten hierop nog positieve invloed hebben, waardoor het project mogelijk wel volledig gehonoreerd kan worden. De commissie vindt het een gemiste kans als dit project, gezien de urgentie om de kwaliteit van het oppervlaktewater te verbeteren, het potentieel voor de regio en de toegevoegde waarde binnen het geheel aan Regio Deal projecten, nu zou worden afgewezen c.q in de wacht wordt gezet tot een volgende ronde.

Daarom adviseert de commissie het Algemeen Bestuur om te overwegen of hetzij een klein stukje extra budget (€ 59.548,80, mogelijk minder als gevolg van BTW- of andere financiële correcties in de hoger gerankte projecten) naar voren gehaald kan worden in dit spoor om voldoende ruimte te hebben voor toekenning, hetzij het project een maximale subsidie toe te kennen passend binnen de nog (netto na correcties) beschikbare budgettaire ruimte. Het project ontvangt dan weliswaar (mogelijk) een klein stukje minder subsidie dan gevraagd, maar kan doorgang vinden. Het achtste project – Lerend Netwerk Transitie-talent Regio Foodvalley – past, ook gezien de aanzienlijke gevraagde Rijksbijdrage, volstrekt niet binnen de nu beschikbare budgettaire ruimte. De commissie wil de aanvragers adviseren om het project bij een volgende openstelling van de subsidieregeling zeker weer in te dienen, waarbij dan ook op basis van de feedback verbeteringen aan de aanvraag kunnen worden gedaan. 8

7. Passendheid van het palet Het behoort tot de opdracht van de commissie om het totaal aan ingediende aanvragen te toetsen op de passendheid bij de opgaven, doelen, aanpak en beoogde resultaten van de Regio Deal. De commissie heeft de ingediende aanvragen uitgebreid besproken en in bovenstaande paragrafen toegelicht hoe de keuze voor 44 of 40 punten als knock-out criterium 4 van invloed is op de te honoreren aanvragen en subsidie. Uitgaande van haar eigen advies om de lat voor criterium 4 bij te stellen naar 40 punten, heeft de commissie de volgende reflecties ten aanzien van de passendheid van het totaalpalet van 25 projecten bij de ambitie en bedoeling van de Regio Deal. Het spreekt voor zich, dat met een palet van 18 projecten (o.b.v. 44 punten), er meer werk aan de winkel is om in volgende rondes een passend totaalpalet te realiseren. Het Regio Deal convenant benoemt een viertal opgaven, waaraan met de Regio Deal gewerkt wordt, te weten: 1. De verstedelijkingsopgave voorbereiden; 2. De gevolgen van bevolkingsgroei opvangen; 3. Ondersteunen van agrarische ondernemers in het maken van keuzes passend bij het gebied; en 4. Behouden en ontwikkelen van vakmensen. Het voorbereiden van de verstedelijkingsopgave landt in de projecten zoals ingediend in spoor 1. Stikstof wordt hier weliswaar benoemd, maar komt nog weinig uit de verf in het portfolio.

Samenhang en samenwerking kan, zoals eerder benoemd, versterkt wordt door goede inzet van een Community of Practice aanpak. Ten aanzien van het opvangen van de gevolgen van bevolkingsgroei, ziet de commissie dat hier met de projecten in spoor 2 ruim aandacht aan geschonken wordt. Wel valt op dat de investeringen veelal in stenen gedaan worden. Aandacht voor sociale cohesie is onderbelicht, hier zou in de uitvoering meer accent op gelegd mogen worden. De opgave om agrarische ondernemers te ondersteunen in het maken van keuzes passend bij het gebied, wordt goed bediend met verschillende projecten in zowel spoor 2 als spoor 3. De opgave gericht op het behouden en ontwikkelen van vakmensen komt het minst goed aan bod in het huidige totaal van de projecten. Gezien het belang hiervan voor de regio, had de commissie graag meer projecten gezien gericht op het ontwikkelen en behouden van talent. Het is daarom extra van belang dat het project Lerend Netwerk Transitie-talent Regio Foodvalley (of vergelijkbare projecten) in een volgende indienperiode terugkomt. De commissie geeft deze reflecties graag mee, zodat hier op ingespeeld kan worden bij een volgende openstelling. Wanneer het totale palet aan projecten bekend is en beoordeeld is, gaat de commissie graag uitgebreider in op de passendheid van het geheel bij de opgaven, doelen, aanpak en beoogde resultaten van de Regio Deal. 8.

Conclusies en aanbevelingen Op basis van het beoordelingstraject en uitgebreide onderlinge bespreking van de ingediende aanvragen, concludeert de commissie dat in deze eerste ronde van openstelling een aantal mooie en passende initiatieven voor de regio voorbij zijn 9

gekomen, die een positief advies hebben meegekregen. Helaas heeft de commissie ook een aantal projecten als onvoldoende beoordeeld en van een negatief advies moeten voorzien. De commissie betreurt het als op criterium 4 de norm van 44+ gehandhaafd moet blijven, wat leidt tot het moeten afwijzen van een extra 9-tal projecten die bovendien substantieel bijdragen aan de ambitie en bedoeling van de Regio Deal. De kwaliteit van de aanvragen is voor de commissie leidend geweest bij de beoordeling. Dat wil niet zeggen dat de projecten met een negatief advies niet passend en belangrijk voor de regio zouden kunnen zijn. Met de individuele feedback die deze projecten meekrijgen, kunnen zij besluiten hun aanvraag aan te scherpen en in een eventuele tweede openstelling opnieuw in te dienen. In het bijzonder ten aanzien van het project Toekomstbestendige Bedrijventerreinen in spoor 1 denkt de commissie dat een groot aantal onderdelen van dit project positief beoordeeld kan worden bij een herindiening (zie hiervoor ook de toelichting in bijlage 1). Samengevat luidt het advies van de commissie aan het Algemeen Bestuur van de regio: • Honoreer de voorgestelde projecten in spoor 1, 2 en 3, met een positief advies en een score van 44+ op criterium 4.

• Onderzoek de mogelijkheden om de minimale vereiste score voor criterium 4 bij te stellen naar 40 punten, waarmee de negen projecten die naar oordeel van de commissie 40 punten scoren alsnog van een positief advies kunnen worden voorzien. Mocht dit niet haalbaar zijn, tracht dan snel te komen tot een bijstelling van de subsidieregeling, gevolgd door een snelle tweede openstelling. • Geef het programmamanagement van de Regio Deal en de projecten in spoor 1 voor de uitvoering mee dat het aan te raden is de relationele basis voor onderlinge uitwisseling tussen projecten vanaf het begin stevig te leggen en ervoor te zorgen dat de te ontwikkelen producten inzetbaar blijven. Daarbij verdient het de aanbeveling er scherp op te zijn dat de verbindingen met de NOVEXontwikkellocaties daadwerkelijk gelegd worden en dat stikstofproblematiek niet uit het oog verloren moet worden. • Geef het programmamanagement van de Regio Deal en de projecten in spoor 2 voor de uitvoering mee dat naast de investeringen in fysieke plekken om samen te komen, aandacht voor sociale cohesie en hoe deze te versterken in een situatie van bevolkingsgroei, van essentieel belang is. Daarnaast is, ook in dit spoor, een vorm van uitwisseling wenselijk om van de projecten met een veelal lokale focus een regionaal succes te maken.

• Geef het programmamanagement van de Regio Deal en de projecten in spoor 3, maar eigenlijk ook in de andere sporen, mee dat, gezien het feit dat het hier grotendeels besteding van publieke middelen betreft, de commissie borging van de resultaten erg belangrijk vindt. De commissie adviseert uitvoerders om hier vanaf het begin op te wijzen en waar mogelijk te ondersteunen in het goed borgen c.q. zorgdragen voor continuïteit, impact en doorwerking, maar ook opschaling, hergebruik en uitrol op langere termijn. • Onderzoek de wenselijkheid van jaarlijkse monitoring door mogelijk de adviescommissie of een ander in te stellen onafhankelijk orgaan, aanvullend op de jaarlijkse voortgangsrapportages, om inzicht in de voortgang van projecten en de Regio Deal als geheel te monitoren en bij te kunnen sturen of aan te kunnen scherpen wanneer nodig. 10

Bijlage 1

Toelichting project 1.3 – Toekomstbestendige Bedrijventerreinen Betreft: Datum:

Conclusie van de Adviescommissie 4 februari 2026

Binnen spoor 1 van de Regio Deal Regio Foodvalley – Verantwoord Groeien – is ingediend het project met nummer 1.3 “Toekomstbestendige Bedrijventerreinen”. De commissie heeft de aanvraag als één project, met daaronder negen deelprojecten, ontvangen en werd geacht dit ook als zodanig te beoordelen. De commissie is echter van mening dat op basis van de ontvangen informatie en onderliggende stukken deze aanvraag niet correct kan worden beoordeeld langs de opgelegde criteria van de Regio Deal en geeft deze dan ook terug zonder een inhoudelijk oordeel en score. De commissie stelt voor deze aanvraag door de diverse indieners, met een goede coördinatie door de huidige hoofdindiener, in gewijzigde vorm opnieuw in te dienen in een (eventuele) volgende openstelling van de regeling. De afwegingen van de adviescommissie zijn als volgt: •

• •

•

•

• •

•

De commissie heeft een overkoepelende oplegger, projectfiche en begroting ontvangen, als ware het één project. In de overkoepelende stukken wordt echter herhaaldelijk verwezen naar onderliggende documenten, projectfiches en deelbegrotingen van de betreffende deelprojecten. De overkoepelende stukken bevatten bovendien slechts op hoofdlijnen (samenvattende) informatie over de onderliggende deelprojecten. Bovenstaande maakt dat de commissie het geheel, inclusief de onderliggende stukken, moet meenemen om te komen tot een goede oordeelsvorming en zich niet kan beperken tot alleen de overkoepelende stukken. De onderliggende stukken zijn echter uiteenlopend van aard en diepgang, wat het onmogelijk maakt om voor het geheel te komen tot een totaalscore die recht doet aan alle onderdelen. De mooie onderdelen en deelprojecten worden dan tekortgedaan en/of de minder goede onderdelen worden onterecht positief beoordeeld (en ontvangen mogelijk onterecht subsidie). De onderliggende stukken sluiten op onderdelen en details (cijfers, begroting en inhoud) niet consistent aan op elkaar en op de overkoepelende stukken, schema en begroting. Dit is voor de commissie een verwarrende puzzel. Ook ontbreken delen van de onderliggende stukken van deelprojecten, waardoor de commissie hier helemaal geen oordeel over kan geven.

Op basis van bovenstaande kan het project op criterium 4D en 4F naar oordeel van de commissie niet anders gescoord worden dan met 0 punten, waardoor het project een maximale score van 32 punten zou kunnen halen en hoe dan ook niet voor subsidie in aanmerking komt. Samengevat is een overkoepelend totaaloordeel (positief of negatief) naar mening van de commissie niet verantwoord. 11

De adviescommissie adviseert aan het Algemeen Bestuur c.q. aan de indieners van deze aanvraag en de deelprojecten het volgende: •

•

De gezamenlijke indieners doen zichzelf tekort door de negen deelprojecten als een gezamenlijk overkoepelend project (te beoordelen als een geheel), in te dienen. De commissie kan dan alleen een positief advies geven als onderliggend ook alle delen een positief advies rechtvaardigen. Wanneer onderdelen niet goed of niet goed genoeg zijn, is de commissie gedwongen een minder positief dan wel negatief advies te geven. Dat is spijtig voor de goede delen van het geheel, die dan ook moeten worden afgewezen en dat beslist niet verdienen. Het advies is om de deelprojecten als afzonderlijke projecten in te dienen in een tweede openstelling van spoor 1 en separaat door de commissie te laten beoordelen. Dat laat onverlet dat bij iedere aanvraag de verbinding kan worden gelegd naar een of meer van de andere projecten, het onderling versterkende effect te beschrijven en het onderlinge leereffect en relevante kennisdeling te benadrukken. Temeer daar de commissie van mening is dat een aantal deelprojecten passend en belangrijk is voor de regio en in de basis prima kwalificeert voor een positief advies en toekenning van de subsidie uit de Regio Deal.

De commissie vindt het spijtig dat zij nu niet tot een andere conclusie kan komen. Erop vertrouwende u voldoende mee te hebben genomen in onze afwegingen, Namens de onafhankelijke adviescommissie Regio Deal Regio Foodvalley, W.E.J.M. Bens MSc RTTP Voorzitter

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16617250/1