D6. Bijlage 4A Statenbrief Voortgang realisatie vitaal landelijk gebied Gelderland
Tekst van het document
Statenbrief Informatie
Datum
24 september 2024 Zaaknummer
2022-014990 Inlichtingen bij
Onderwerp
Voortgang realisatie vitaal landelijk gebied Gelderland Beleidsprogramma
Provincieloket 026 359 99 99 post@gelderland.nl Blad
1 van 5
Ambitie
•
Ambitie 2 Vitaal platteland
Portefeuillehouder
Harold Zoet
1
Kern van deze Statenbrief
In deze brief informeren wij u over de voorlopige betekenis van het Regeerprogramma voor de voortgang van de realisatie van een vitaal landelijk gebied Gelderland (VLGG). Ook informeren wij u over de acties die wij ondernemen om te kunnen komen tot afspraken met het Kabinet op basis van het Hoofdlijnenakkoord en het Regeerprogramma.
2
Waarom ontvangt u deze Statenbrief?
U heeft ons opdracht gegeven om de vitalisering van het landelijk gebied aan te pakken en hiervoor een programma op te stellen. Het Regeerprogramma maakt dat wij met de kennis van nu uw opdracht slechts in zeer beperkte mate kunnen uitvoeren.
3
Hoe bent u eerder betrokken?
U heeft vertrekpunten vastgesteld voor het VLGG (PS2023-649). De uitwerking daarvan hebben wij met onze partners opgesteld: het concept ontwerp VLGG (PS2024-291). In het kader van het VLGG heeft u de motie 23M32 (communicatie) aangenomen en wij hebben toezeggingen gedaan: 23T31 (participatie) en 23T43 (om geen onomkeerbare besluiten te nemen). Met deze brief geven wij invulling aan toezegging 24T115 (stand van zaken VLGG).
4
Samenvatting
Wij werken samen met gemeenten, waterschappen, natuur- en landbouworganisaties aan een vitaal landelijk gebied in Gelderland, met toekomst voor de land- en tuinbouw, voldoende en schoon water en gezonde natuurgebieden. Waarin (rekening houdend met het principe van water en bodem sturend) ook ruimte is voor wonen, werken, recreëren, transport en opwek van duurzame energie. Deze samenwerking heeft geresulteerd in het concept ontwerp programma VLGG, waarmee de wettelijke opgaven voor natuur, stikstof, water en klimaat gebiedsgericht, integraal en met ruimte voor voedselzekerheid kunnen worden gerealiseerd. Voor de realisatie hiervan is goede samenwerking met het Rijk noodzakelijk, zowel op inhoud als financieel.
Datum
24 september 2024 Zaaknummer
2022-014990 Blad
2 van 5
De nu beschikbare middelen (€ 877 miljoen) zijn nog geen 10% van wat wij voor de uitvoering van het VLGG hebben berekend. Inmiddels heeft het Kabinet in het Regeerprogramma andere keuzes gemaakt: het laten vervallen van het Transitiefonds, het aankondigen van een uitvoeringsgerichte en gebiedsspecifieke aanpak (voedselzekerheid en innovatie staan hierbij centraal) en een beëindigingsregeling voor veehouderijbedrijven; het maakt niet helder hoe het Kabinet ons kan helpen met de vitalisering van ons landelijk gebied, de wettelijke opgaven en de doorontwikkeling van de landbouw. Hierdoor is een nieuwe realiteit ontstaan. We willen (gebiedsgericht) blijven werken aan een vitaal landelijk gebied en het vlottrekken van vergunningverlening, zoals van een betrouwbare overheid verwacht mag worden. We ‘doen gewoon’ wat kan: we komen al gemaakte afspraken met het Rijk na en leggen de prioriteit bij die gebieden waar de opgaven het grootst zijn. Dit zijn de Veluwe (inclusief omliggende gebieden Gelderse Vallei, Randmeerkust, IJsselvallei en Veluwezoom) en de omgeving van Winterswijk. Daarnaast willen we – al dan niet in interprovinciaal verband - met het Kabinet gezamenlijk de mogelijkheden verkennen voor de inzet van aanvullende rijksmiddelen die in het Regeerprogramma zijn aangekondigd.
Vanwege de grote bijdrage die Gelderland kan leveren aan het realiseren van landelijke doelstellingen – met de Veluwe als sleutel – zetten we in op een substantieel deel van de nieuwe rijksmiddelen. We nodigen het Kabinet uit om gezamenlijk de mogelijkheden hiertoe te verkennen. Ook vragen we aandacht voor het perspectief op continuïteit en middelen die nodig zijn om gebiedsprocessen te kunnen ondersteunen. Immers, gebiedsprocessen zijn de motor voor (draagvlak voor) toekomstige resultaten. In de gebiedsprocessen waarvoor we rijksmiddelen kunnen inzetten werken we aan het opstellen van realistische (pré)verkenningen. Daarmee bereiden we ons voor om maatregelen te kunnen uitvoeren zodra dat mogelijk is.
5
Informatie
De afgelopen tijd hebben we hard gewerkt om invulling te geven aan uw opdracht om te werken aan een vitale toekomst van ons landelijk gebied en ruimte te geven aan maatschappelijke en economische ontwikkelingen, binnen de context van het Ruimtelijk voorstel. Ook het Kabinet verzocht provincies om een integraal plan voor het landelijk gebied op te stellen ten behoeve van de realisering van de wettelijke opgaven voor natuur, water, stikstof en klimaat. Daarop hebben we ons voorbereid. Gelderland was de eerste provincie met een dergelijk integraal plan (het concept ontwerp VLGG; PS2024-291). Voor dit plan hebben de partners in de regio’s (gemeenten en waterschappen) en de sectoren landbouw en natuur zich ingespannen. In de Gelderse aanpak past het dat het realiseren van het plan opgepakt wordt in samenspraak met onze partners in de gebieden. Zodat ieder zich gehoord kan voelen. Ook als we pijnlijke keuzes moeten maken over voedselzekerheid, klimaat, waterbeschikbaarheid, natuurherstel, wonen, energie en andere belangrijke levensvoorwaarden. In de regioarrangementen en ons ruimtelijk voorstel hebben we deze keuzes geagendeerd. De uitwerking daarvan en de daadwerkelijke keuzes maken we in gebiedsprocessen. Daarmee doen we recht aan de inspanningen van onze partners.
Met hen constateren wij dat het een brede verantwoordelijkheid van álle sectoren en overheden is om te werken aan de wettelijke opgaven, met oog voor de leefbaarheid, economie en de sociaaleconomische vitaliteit van het landelijk gebied. Maar juist op dit moment verschuiven de panelen en moeten we opnieuw kijken wat nodig en mogelijk is. Dit in het belang van een vitaal landelijk gebied en het vlottrekken van vergunningverlening voor nieuwe maatschappelijke en economische ontwikkelingen.
Datum
24 september 2024 Zaaknummer
2022-014990 Blad
3 van 5
Het Kabinet maakt andere keuzes Inmiddels maakt het Kabinet in het Regeerprogramma andere keuzes. Het laten vervallen van het Transitiefonds en het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) roept onzekerheid op over de realisering van wettelijke opgaven voor natuur, water, stikstof en klimaat via de gebiedsgerichte aanpak en de toekomst van de landbouw. Dit raakt ook direct de kaders die u heeft meegegeven voor het opstellen van het VLGG en het behalen van de Gelderse doelstellingen voor natuur (gezonde natuurgebieden, behoud en verbetering van de biodiversiteit), schoon en voldoende (drink)water en klimaat. De nu beschikbare middelen (€ 877 miljoen) zijn nog geen 10% van de € 10,5 miljard die wij voor de uitvoering van het VLGG hebben berekend. Zonder toereikende middelen en maatregelen van het Rijk kan uw opdracht over vitalisering van ons landelijk gebied slechts in zeer beperkte mate worden uitgevoerd. Dit biedt voor ons onvoldoende basis voor het opstellen van een realistisch en uitvoerbaar programma VLGG. Wij herkennen dit ook in de reactie vanuit het IPO. De gevolgen van de andere keuzes door het Rijk als systeemverantwoordelijke merken onze partners bij de vergunningverlening: zonder de garantie van natuurherstel zijn vergunningen voor nieuwe maatschappelijke en economische ontwikkelingen onzeker.
Ook blijft de onzekerheid over de toekomst onder PAS-melders en andere (agrarische) bedrijven. Vanwege de onduidelijkheid die is ontstaan over de financiering en realisering van wettelijke opgaven voor natuur, water, stikstof en klimaat laten wij het Kabinet weten dat wij ons genoodzaakt zien om ons nu te beperken tot de inzet van toegekende en in het vooruitzicht gestelde rijksmiddelen. Het Kabinet is nu aan zet. Urgentie: doelen en middelen zijn niet in evenwicht Voorop staat dat wij doorwerken aan een vitaal landelijk gebied, binnen de mogelijkheden die we hebben. Dat doen we door de afspraken na te komen die we met het Rijk hebben gemaakt over natuur, water en bodem, klimaat en stikstof. De toegekende (rijks)middelen zijn door het Rijk geoormerkt en zijn deels al verplicht of ingezet. Het doelbereik is beperkt: • Een groot deel van de middelen is bedoeld voor natuurherstel binnen Natura2000-gebieden. De in het VLGG opgenomen doelen in het kader van de Omgevingswet en de Europese Vogel en Habitatrichtlijn (VHR) zijn hiermee voor zo’n 50% financieel gedekt. • Robuust systeemherstel en het vlottrekken van vergunningverlening vergen maatregelen op het vlak van reductie van drukfactoren rond natuurgebieden. Voor de vermindering van de stikstofbelasting beperkt het Rijk zich nu tot de landelijke beëindigingsregelingen voor veehouderijbedrijven.
Dit kan in Gelderland oplopen tot een investeringsvolume van circa € 1 miljard (i.c. 18% van de middelen die we voor de doorontwikkeling van de Gelderse landbouw berekend hebben). • Van de € 877 miljoen is een zeer beperkt deel beschikbaar voor hydrologische maatregelen en verbeteren biodiversiteit rond Natura2000-gebieden. Er is geen duidelijkheid over financiële middelen voor vraagstukken van waterkwaliteit in beekdalen (KRW) en voor kwantitatief waterbeheer voor perioden van droogte of juist waterovervloed (zoetwaterbeschikbaarheid). Voor de korte termijn zijn er middelen voor natuur, waarmee we aan de slag zijn en blijven gaan. De beschikbare middelen voor stikstofreductie, de doorontwikkeling van de landbouw (met regelingen voor verplaatsing en innovatie – meten is weten -), de diverse wateropgaven en het gebiedsgericht oppakken van de opgaven zijn echter zeer beperkt. De tussenstand geeft de urgentie aan om ons (al dan niet interprovinciaal) te blijven inspannen voor inzet van aanvullende middelen en maatregelen van het Rijk in Gelderland.
Datum
24 september 2024 Zaaknummer
2022-014990 Blad
4 van 5
Gebiedsprocessen: grootste opgave bij de Veluwe Wij zien het als onze verantwoordelijkheid om de middelen die ons nu ter beschikking staan, te vertalen in concrete uitvoeringsprojecten en in de gebiedsgerichte aanpak. Met alles wat we nu overzien focussen we ons zoveel mogelijk op de gebieden waarvan de opgaven het meest samenvallen en de oplossingen naar verwachting het meeste bijdragen aan de doelstellingen en het vlottrekken van de vergunningverlening: de Veluwe (met omliggende gebieden) voorop, maar ook in de omgeving van Winterswijk. Dat sluit aan op de bestaande (financiële) afspraken met het Rijk. Circa 85-95% van de € 877 miljoen is hierop gericht; een klein deel is gelabeld voor andere stikstofgevoelige Natura2000-gebieden, bosrevitalisering en gebiedsprocessen. Kansen pakken die zich voordoen Wij realiseren ons dat we op dit moment weinig financiële middelen kunnen inzetten voor de overige gebiedsprocessen en voor individuele agrariërs (waaronder de PAS-melders). Wij zijn ons ervan bewust dat het perspectief, dat zij nodig hebben om goede plannen te kunnen maken, uit zicht raakt zolang het Kabinet geen helderheid biedt over de toekomst van het landelijk gebied en de realisering van de wettelijke opgaven. Daarmee wordt geen recht gedaan aan de inspanningen die onze partners en particulieren tot dusver hebben verricht.
Op dit moment kunnen wij alleen van start gaan met de (pré)verkenningen van de (16) gebieden waarvoor wij binnenkort rijksmiddelen toegekend krijgen. Daarmee kunnen we zien welke concrete stappen en resultaten we door samenwerking kunnen doen. Gezien de nu beperkt beschikbare middelen willen we geen verkeerde verwachtingen wekken en zetten we dus geen verdere stappen voor alle regionale plannen buiten die (16) gebieden. Ook al liggen er plannen klaar. Vanuit onze rol als gebiedsregisseur en partner hebben wij bij het Kabinet om aandacht gevraagd voor het perspectief dat voor de gebiedsprocessen essentieel is om te kunnen komen tot op draagvlak gebaseerde resultaten in de toekomst. Mochten zich kansen voordoen dan willen we graag met onze partners klaar staan. Daarom roepen wij hen op om zich met ons voor te bereiden op de situatie dat zich nieuwe kansen voordoen. Mooier kunnen we het nu niet maken. Samenwerking met het Kabinet Nieuwe kansen kunnen zich voordoen als het Kabinet zijn plannen ontvouwt over het realiseren van de in het Hoofdlijnenakkoord aangekondigde incidentele en structurele middelen voor het landelijk gebied en over de realisering van wettelijke opgaven. Wij hebben belangstelling voor de plannen van het Kabinet over het realiseren van de wettelijke opgaven voor natuur, water, stikstof en klimaat en voor de doorontwikkeling van de landbouw.
We verwachten dat de keuzes van het Kabinet doorwerken in het maken van afspraken met partijen (bijvoorbeeld in de regioarrangementen), in de integraliteit van de uitvoering van maatregelen, in het vertrouwen dat partijen in de overheid hebben, in de voortdurende onzekerheid onder (agrarische) ondernemers over hun toekomst en onder bedrijven, PAS-melders en anderen die op een vergunning wachten. Wij zetten maximaal in op het verkrijgen van aanvullende (rijks)middelen en willen deze zoveel mogelijk inzetten in gebieden met de grootste opgaven (i.c. Veluwe en omliggende gebieden en de omgeving van Winterswijk)m met prioriteit voor de meest noodzakelijke maatregelen om de wettelijke doelen te kunnen realiseren. Hiervoor willen wij, mede in interprovinciaal verband, inhoud geven aan de samenwerking met het Kabinet, bij voorkeur door langjarige, wederkerige samenwerkingsafspraken met het Rijk. Dit omdat het Regeerprogramma ook kansen biedt:
Datum
24 september 2024 Zaaknummer
2022-014990 Blad
5 van 5
•
•
De € 5 miljard voor innovatie, bedrijfsbeëindiging en mestbeleid biedt goede kansen voor brongerichte maatregelen voor reductie van stikstof en broeikasgassen; meer dan 20% van de landelijke stikstofdoelstelling (35 kton) dient in Gelderland (7,5 kton) gerealiseerd te worden; De € 500 miljoen per jaar voor agrarisch natuurbeheer en ecosysteemdiensten biedt goede kansen voor extensiveren, verhogen biodiversiteit nabij natuurgebieden, voor maatregelen in KRW-beekdalen en ook voor de droogteaanpak in de gebieden met ‘gestapelde doelen’ die zijn uitgewerkt in het concept-VLGG. Onze inzet richt zich op minimaal 10% van dit landelijk budget. Wij willen dit inzetten voor 25.000 ha agrarisch natuur- en landschapsbeheer en natuurinclusieve landbouw, inclusief 20.000 ha hydrologische maatregelen.
Wij kunnen ons voorstellen dat het Kabinet een substantieel deel van de aangekondigde middelen inzet in Gelderland. Dit vanwege de belangrijke positie van Gelderland - en vooral de Veluwe - in de realisering van de wettelijke opgaven.
6
Duurzaamheid
Onze maatregelen hebben als doel om de vitalisering van het landelijk gebied te versnellen en daarbij duurzaamheid te bevorderen.
7
Planning en control
Via de reguliere planning- en controldocumenten informeren wij u over de inzet van middelen en de voortgang van de uitvoering van het beleid. Bij de Tussenbalans 2025 bekijken we hoe ver de doelen uit het Coalitieakkoord zijn gevorderd en welke nieuwe ontwikkelingen leiden tot een andere integrale afweging over onze inzet en middelen.
8
Participatie en communicatie
Wij informeren onze partners in de sectoren en regio’s via een brief over de betekenis van ons besluit voor een vitaal landelijk gebied in onze provincie.
9
Vervolg
We gaan aan de slag met de middelen die nu al wel beschikbaar zijn. Rond de jaarwisseling komen we met een voorstel voor de vervolgaanpak van de wettelijke opgaven voor stikstof, natuur, water en klimaat in het landelijk gebied en de doorontwikkeling van de landbouw zoals ook aangekondigd in aansluiting op de voortgangsrapportage GMS (PS2024-750). Gedeputeerde Staten van Gelderland Henri Lenferink - Commissaris van de Koning Frederik van Ardenne - Secretaris Bijlage(n)
1
Notitie We zijn onderweg naar een vitaal landelijk gebied Gelderland