C3 REN - Reactie op zienswijze tweede BGW 2022 en Begroting 2023 def-INT20.1011-1827
Tekst van het document
Bezoekadres: Archimedeslaan 6 3584 BA Utrecht
Gemeente Renswoude Aan de gemeenteraad, ter attentie van het College van B&W Postbus 8 3927 ZL RENSWOUDE
Postadres: Postbus 13101 3507 LC Utrecht 088 – 0225000 info@odru.nl www.odru.nl kvk 55523544 btw NL85 1750 126 B01 iban NL35 BNGH 0285 1555 71
Utrecht, 15 juli 2022
DIGITAAL VERZONDEN 15-7-2022
Uw kenmerk: Ons kenmerk: Behandeld door:
INT20.1011/1827 A.E. van Vuuren
Onderwerp:
Tweede begrotingswijziging 2022 en begroting 2023 ODRU
Geacht college, Op 8 april jl. hebben wij u gevraagd uw zienswijze kenbaar te maken op de tweede (ontwerp) begrotingswijziging 2022 en de (ontwerp) begroting 2023 van de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU). U heeft hiervan geen gebruik gemaakt. Enkele gemeenten hebben wel een zienswijze kenbaar gemaakt. Deze zijn meegenomen in de besluitvorming van het algemeen bestuur van de ODRU over deze stukken. Onderstaand geven wij onze reactie op de ingediende zienswijzen weer.
Vaststelling in het Algemeen Bestuur (AB) In de vergadering van 7 juli 2022 zijn de tweede begrotingswijziging 2022 en de begroting 2023 unaniem en zonder wijzigingen vastgesteld door het algemeen bestuur van de ODRU. Het algemeen bestuur heeft bij de besluitvorming de ingediende zienswijzen door zeven gemeenteraden betrokken. Deze waren geen aanleiding tot aanpassing van de stukken. Het algemeen bestuur heeft in haar vergadering van 7 juli jl. besloten om de belangrijkste aandachtspunten uit de ontvangen reacties in deze brief op een rij te zetten en te beantwoorden. De vastgestelde stukken treft u in de bijlagen aan.
Zienswijzen op tweede (ontwerp) begrotingswijziging 2022 en reactie ODRU Kostenbesparingen gerealiseerd De gemeenten Oudewater en Woerden geven aan dat het positief is om te lezen dat de ODRU in samenwerking met de gemeenten de voorgenomen kostenbesparing en het ophogen van de Dienstverleningsovereenkomsten (DVO) heeft gerealiseerd.
Uurtarief 2022 e.v. in verband met de gedeeltelijke uittreding van Montfoort De gemeente Veenendaal geeft aan dat, omdat de afronding van het proces van het terugnemen van de bouwtaken bij het opstellen van de tweede (ontwerp) Begrotingswijziging 2022 nog niet waren afgerond, de financiële effecten niet zijn opgenomen. De gemeente Veenendaal gaat ervan uit dat er bij de afronding geen financiële gevolgen zijn voor Veenendaal en andere gemeenten en het uurtarief in de derde Begrotingswijziging 2022. Reactie ODRU: Er zullen inderdaad geen financiële gevolgen zijn voor de andere gemeenten van het terugnemen van de bouwtaken door Montfoort.
Effecten begrotingswijzigingen per eigenaar-gemeente in beeld brengen De gemeente Zeist vraagt om in toekomstige begrotingswijzigingen de financiële impact per deelnemer in beeld te brengen. Dat verhoogt de informatiewaarde voor het gemeentebestuur en de inwoners en vergroot de transparantie. Reactie ODRU: De ODRU zal nagaan of het met acceptabele administratieve lasten mogelijk is om in de toekomstige begrotingswijzigingen de financiële impact per deelnemer weer te geven.
Zienswijzen op de (ontwerp)begroting 2023 en reactie ODRU Onzekerheid impact invoering Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen De gemeente IJsselstein geeft aan dat in de begroting geen rekening is gehouden met grote wijzigingen die door invoering van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen op 1 januari 2023 een feit zullen zijn. Reactie ODRU: De ODRU gaat er vanuit dat in geval van verschuiving van taken en verwachte toename van de totale ureninzet door opdrachten van gemeenten worden gedekt. Door de invoering van de Omgevingswet komen ook nieuwe taken bij de gemeente te liggen die door de ODRU uitgevoerd moeten worden. Met name de onduidelijkheid van de financieringssystematiek voor de bodemtaken vraagt om aandacht. Wanneer deze financiering niet via gemeenten gaat lopen, zal een begrotingswijziging noodzakelijk zijn. Wij willen benadrukken dat bij een eventuele begrotingswijziging het uitgangspunt blijft dat nieuwe taken budgetneutraal worden verwerkt. De gemeenten Oudewater en Woerden geven aan dat de belangrijkste onzekere factor voor volgend jaar de inwerkingtreding van de Omgevingswet is. Daarom verzoeken zij, met de vaststelling van de begroting 2023, rekening te houden met het volgende: a.
De Omgevingswet is een grote onzekere factor voor de werkzaamheden van de ODRU De gemeenten Oudewater en Woerden overwegen om in de gemeentelijke Kadernota 2023 budget op te nemen om extra werkzaamheden ten gevolge van de Omgevingswet door de ODRU te kunnen laten uitvoeren. Zij verzoeken de ODRU om de kosten voor de Omgevingswet zo laag mogelijk te houden. Het wordt steeds duidelijker dat onder de Omgevingswet voor veel milieuonderwerpen de regelgeving
2 van 5
b.
verandert. De focus van de gemeente is; zorgen dat de uitvoering doorloopt. Zij pleiten daarom voor het langer in stand houden van een gecoördineerde sturing op de uitvoering binnen de ODRU om het werk voor de gemeenten zo efficiënt mogelijk te kunnen organiseren. Het is belangrijk dat de ODRU zoveel mogelijk uniform werkt voor alle ODRU-gemeenten. Zij verzoeken de ODRU om in overleg met de gemeenten de prioritering af te stemmen om de uitvoering onder de Omgevingswet te stroomlijnen. De gemeenten beseffen dat de ODRU voor het uitvoeren van hun werkzaamheden ook sterk afhankelijk is van de gemeenten en het tempo waarmee de gemeenten de Omgevingswet implementeren in de eigen organisatie. Daarom vragen zij aan de ODRU om hen tijdig te attenderen op ‘hick-ups’ in de uitvoering. Tevens vragen Oudewater en Woerden ook aandacht voor het feit dat de ODRU voldoende capaciteit en kennis in huis heeft om extra vragen vanuit de gemeenten op te kunnen pakken. Maak duidelijke afspraken over monitoring Oudewater en Woerden verzoeken de ODRU om in overleg met de gemeenten tijdig afspraken te maken over monitoring van de uitvoering onder de Omgevingswet. Hieronder valt o.a. de uitvoering van de nieuwe bodemtaken die onder de Omgevingswet van de provincie overgaan naar de gemeente. Uitgangspunt is dat de financiële middelen hiervoor afdoende moeten zijn om de nieuwe bodemtaken uit te voeren.
De gemeente Utrechtse Heuvelrug geeft aan dat, alhoewel de (financiële) impact op de gemeenten groot is, in de begroting 2023 nog geen rekening is gehouden met de structurele effecten van de inwerkingtreding van deze wet en dat maakt deze begroting minder zeker. De financiële gevolgen op de begroting worden pas verwerkt in de begrotingswijziging 2023. Zij benadrukken dat voor overdracht van taken en verhoging van de budgetten de gemeente afhankelijk is van voldoende financiële middelen vanuit het Rijk en de provincie. Ook ziet de gemeente graag meer duidelijkheid over de financiering van bodemtaken, die verandert vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De gemeente Veenendaal vraagt aandacht voor de financiële impact van de Omgevingswet waartoe de ODRU al meerdere kostenramingen heeft gemaakt. De meest recente kostenraming (stijging van 13%) is niet verwerkt in de begroting 2023. Zij hadden graag een financiële doorkijk willen zien. Verder geeft zij aan dat de ODRU samen met de projectleiders Omgevingswet en financiële experts van de gemeenten wil inzetten op zo min mogelijk (onnodige) kostenstijgingen. Zij waarderen dit zeer en ervaren deze samenwerking als goed en constructief. Deze goede samenwerking biedt vertrouwen in de onzekere toekomst.
De gemeente De Bilt benoemt, dat de ODRU aangeeft, dat in het eerste jaar van de invoering van de Omgevingswet deze onzekerheid geeft voor wat betreft de hoeveelheid werk en de daarvoor benodigde uren. In de begroting van de ODRU is dan ook geen rekening gehouden met de structurele gevolgen hiervan. In plaats daarvan is afgesproken om, in beginsel, de hieruit voortvloeiende extra werkzaamheden te bekostigen door middel van aanvullende opdrachten tegen het normale uurtarief. De Bilt is zich er van bewust dat de Omgevingswet een stijging van de kosten met zich mee zal brengen en hoopt dat, na een ‘gewenningsperiode’, de hoeveelheid werk en kosten weer normaliseert. De gemeente vraagt om de extra kosten zoveel mogelijk te minimaliseren. Daarnaast vraagt zij om de voortgang in 2023 scherp te monitoren en eventuele afwijkingen en/of extra werkzaamheden duidelijk naar haar te communiceren. Reactie ODRU: De wijziging als gevolg van de Omgevingswet wordt door de gemeenten niet in 2023 in de gegarandeerde uren van de dienstverleningsovereenkomst (DVO) ondergebracht. Omdat de (basis)begroting wordt gebaseerd op deze gegarandeerde uren, kan er in de begroting 2023 geen rekening mee worden gehouden. De extra benodigde dekking in 2023 kan worden gerealiseerd door middel van tijdelijke uren die in het op te stellen uitvoeringsprogramma 2023 worden opgenomen.
3 van 5
De gemeente kan de nieuwe taken onderbrengen bij de ODRU waarbij eerder is aangegeven welke taken door ODRU uitgevoerd kunnen worden en welke taken basistaken, koerstaken en menutaken zijn. Het klopt dat de financieringssystematiek van de nieuwe taken (bodem) om aandacht vraagt. Het op dit moment meest te verwachten scenario is dat gemeenten, provincies en rijk afspreken dat de bodemtaken tijdelijk gefinancierd worden door de provincie Utrecht. Dat geld komt dan via een nader te bepalen weg bij de ODRU voor de uitvoering van de nieuwe bodemtaken. Onafhankelijk van de te kiezen route is het tijdelijke financiering. De uren hiervoor zijn niet in de DVO opgenomen en zijn dus nu geen onderdeel van de begroting 2023. Wel moeten deze taken worden meegenomen in de dit najaar op te stellen uitvoeringsprogramma’s als tijdelijke uren en financiering. Daarmee worden zij meegenomen in de jaarlijkse begrotingswijziging voor het volgende jaar, waarvoor het UVP elk najaar de grootste aanleiding is. Met ingang van 2023 zullen de structurele kosten van de Omgevingswet worden gemonitord. De ODRU zal in haar voorbereiding hierop de gemeenten betrekken. Dit moet leiden tot een notitie met uitgangspunten en plan van aanpak die dit najaar aan het algemeen bestuur wordt voorgelegd.
Ook zal de ODRU dit najaar een voorstel in het algemeen bestuur agenderen dat ziet op de coördinatie van de uitvoering van taken vanaf 1 januari die Omgevingswet-proof is. Tevens zal de ODRU, in samenwerking met de gemeenten, de extra kosten van de Omgevingswet waar mogelijk minimaliseren.
Stijgende structurele kosten De gemeente Zeist steunt de inzet van de ODRU om de stijging van de kosten van ICT, o.a. voor meer data gedreven werken, als structurele last binnen gegarandeerde structurele baten te dekken. Reactie ODRU: De toegenomen kosten, die van structurele aard zijn, zullen in het voorstel voor de kadernota 2024 worden verwerkt. Dit is ook conform de afspraak die de ODRU hierover heeft gemaakt met de provincie en met het algemeen bestuur (AB notitie ‘(ontwerp) Begroting 2023’ van 7 april jl.).
Efficiency en financiële situatie gemeenten De gemeente Utrechtse Heuvelrug vindt dat er een goede stap is gezet met het verdergaand efficiënter maken van de taken van de ODRU. Tegelijkertijd is het een uitdaging om voldoende gekwalificeerd personeel in de organisatie te krijgen en te houden. Met de diverse kostenstijgingen en de bezuinigingsopgaven voor gemeenten voorziet zij dat er keuzes gemaakt moeten worden, die zij graag samen wil gaan onderzoeken. Ze moedigen de samenwerking met de RUD Utrecht aan omdat ook dit kan zorgen voor een efficiëntieslag naast andere voordelen. De financiële positie van de gemeenten Oudewater en Woerden kan het noodzakelijk maken om nadere keuzes te maken. Aangezien de werkzaamheden die de ODRU voor de gemeenten uitvoert grotendeels wettelijke en vraag gestuurde taken zijn, beseffen zij dat het lastig is om hierin keuzes te maken. Reactie ODRU: De ODRU zal samen met de gemeenten deze actuele vraagstukken verder oppakken. De samenwerking met de RUD Utrecht wordt verder vormgegeven in lijn met de intentieovereenkomst welke door beide besturen van de RUD Utrecht en de ODRU is ondertekend. Deze is gericht op het gezamenlijk versterken van dienstverlening van beide diensten en daarmee op het worden van meer robuuste organisaties.
4 van 5
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer A.E. van Vuuren, directeur, via telefoonnummer 088 – 0220 50 00 of via het e-mailadres bestuurssecretariaat@odru.nl. Met vriendelijke groet, het algemeen bestuur Omgevingsdienst regio Utrecht,
namens deze, Sjors Fröhlich voorzitter
bijlagen:
de tweede begrotingswijziging 2022 begroting 2023
c.c.
Regievoerder(s)
5 van 5